Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Lingewaard houdende regels omtrent de Bouwverordening Lingewaard 2019
- 1 Inleidende bepalingen Artikel1.1Begripsomschrijvingen 1.In deze verordening wordt verstaan onder: bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, met inbegrip van een gedeelte daarvan, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren; NEN: een door de Stichting Nederlands Normalisatie-Instituut uitgegeven norm; 2.In deze verordening wordt verder verstaan onder: bevoegd gezag: dat wat daaronder wordt verstaan in de Woningwet; omgevingsvergunning voor het bouwen: dat wat daaronder wordt verstaan in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Artikel1.2Termijnen (vervallen) Artikel1.3Indeling van het gebied van de gemeente Voor de toepassing van deze verordening geldt als indeling van de gemeente: het gebied binnen de bebouwde kom; het gebied buiten de bebouwde kom[; het gebied dat is uitgesloten van welstandstoezicht. Als gebied binnen de bebouwde kom geldt het gebied, die op de bij deze verordening behorende kaart als zodanig zijn aangegeven. Paragraaf1Gegevens en bescheiden Artikel2.1.1Aanvraag bouwvergunning (vervallen, bij inwerkingtreding Wabo) Artikel2.1.2In de aanvraag op te nemen gegevens (vervallen bij inwerkingtreding Wabo) Artikel2.1.3Bij de aanvraag in te dienen bescheiden (vervallen bij inwerkingtreding Wabo) Artikel2.1.4Gegevens met betrekking tot het coördineren van vergunningaanvragen (vervallen bij inwerkingtreding Wabo) Artikel2.1.5Bodemonderzoek 1.Het onderzoek betreffende de bodemgesteldheid als bedoeld in artikel 8, vierde lid, van de Woningwet bestaat in ieder geval uit de resultaten van een recent milieuhygiënisch bodemonderzoek verricht volgens NEN 5740:2009+A1:2016 nl, in overeenstemming met het onderzoeksprotocol dat volgt uit figuur
- Als op basis van het onderzoek aanleiding bestaat te veronderstellen dat asbest, daaronder mede begrepen asbestvezels, -deeltjes of –stof, in de bodem aanwezig is, vindt het onderzoek mede plaats op de wijze als voorzien in NEN 5707:2015 nl. 2.De plicht tot het indienen van een onderzoeksrapport, bedoeld in artikel 2.4 van de Regeling omgevingsrecht, geldt niet als het bouwen betrekking heeft op een bouwwerk dat naar aard en omvang gelijk is aan een bouwwerk als genoemd in de artikelen 2 of 3 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht. Deze verwijzing geldt niet voor de hoogtebepalingen in de artikelen 2 en 3 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht. 3.Het bevoegd gezag staat een geheel of gedeeltelijk afwijken van de plicht tot het indienen van een onderzoeksrapport, bedoeld in artikel 2.4 van de Regeling omgevingsrecht, toe als voor toepassing van artikel 2.4.1 bij het bevoegd gezag reeds bruikbare recente onderzoeksresultaten beschikbaar zijn. 4.Het bevoegd gezag kan een gedeeltelijk afwijken van de plicht tot het indienen van een onderzoeksrapport, bedoeld in artikel 2.4 van de Regeling omgevingsrecht, toestaan voor een bouwwerk met een beperkte instandhoudingtermijn als bedoeld in artikel 2.23 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en artikel 5.16 van het Besluit omgevingsrecht als uit het in NEN 5725, uitgave 2009, bedoelde vooronderzoek naar het historisch gebruik en de bodemgesteldheid blijkt dat de locatie onverdacht is of dat de gerezen verdenkingen een volledig veldonderzoek volgens NEN 5740:2009+A1:2016 nl niet rechtvaardigen. Artikel2.1.6Overige gegevens en bescheiden behorende bij de aanvraag om bouwvergunning (vervallen bij inwerkingtreding wabo) Artikel2.1.7Bouwregistratie (vervallen bij inwerkingtreding wabo ) Artikel2.1.8Bijzondere bepalingen omtrent de aanvraag om bouwvergunning woonwagens en standplaatsen (vervallen bij inwerkingtreding wabo ) Paragraaf2Behandeling van de aanvraag om bouwvergunning Artikel2.2.1Ontvangst van de aanvraag (vervallen bij inwerkingtreding wabo) Artikel2.2.2Samenloop met vrijstelling ruimtelijke ordening (vervallen bij inwerkingtreding wabo ) Artikel2.2.3Bekendmaking van termijnen (vervallen bij inwerkingtreding wabo ) Artikel2.2.4In behandeling nemen en fasering bouwvergunningverlening (vervallen bij inwerkingtreding wabo) Artikel2.2.5In behandeling nemen en bodemonderzoek (vervallen bij inwerkingtreding wabo) Artikel2.2.6Kennisgeving van rechtswege verleende bouwvergunning (vervallen bij inwerkingtreding wabo). Paragraaf3Welstandstoetsing Artikel2.3.1Welstandscriteria (vervallen bij inwerkingtreding wabo ) Paragraaf4Het tegengaan van bouwen op verontreinigde bodem Artikel2.4.1Verbod tot bouwen op verontreinigde bodem Op een bodem die zodanig is verontreinigd dat schade of gevaar is te verwachten voor de gezondheid van de gebruikers, mag niet worden gebouwd voor zover dat bouwen betrekking heeft op een bouwwerk: waarin voortdurend of nagenoeg voortdurend mensen zullen verblijven; voor het bouwen waarvan een omgevingsvergunning voor het bouwen is vereist; en
- dat de grond raakt, of
- waarvan het bestaande, niet-wederrechtelijke gebruik niet wordt gehandhaafd. Artikel2.4.2Voorwaarden omgevingsvergunning voor het bouwen In afwijking van het bepaalde in artikel 2.4.1 en onverminderd het bepaalde in artikel 2.4, onder d, van de Regeling omgevingsrecht , kan het bevoegd gezag voorwaarden verbinden aan de omgevingsvergunning voor het bouwen, in het geval zij op grond van het in het de Regeling omgevingsrecht bedoelde onderzoeksrapport en/of andere bij hen bekende onderzoeksresultaten dan wel op grond van het overeenkomstig het tweede lid van artikel 39 van de Wet bodembescherming goedgekeurde saneringsplan bedoeld in artikel 39, eerste lid, van die Wet van oordeel zijn, dat de bodem niet geschikt is voor het beoogde doel maar door het stellen van voorwaarden alsnog geschikt kan worden gemaakt. Paragraaf5(vervallen) Paragraaf6Voorschriften inzake brandveiligheidinstallaties en vluchtrouteaanduidingen Artikel2.6.1Beginsel inzake brandmeldinstallaties (vervallen door wijziging wetgeving) Artikel2.6.2Aanwezigheid van brandmeldinstallaties (vervallen door wijziging wetgeving) Artikel2.6.3Omvang van de bewaking door brandmeldinstallaties (vervallen door wijziging wetgeving) Artikel2.6.4Kwaliteit van brandmeldinstallaties (vervallen door wijziging wetgeving) Artikel2.6.5Beginsel inzake ontruimingsalarminstallaties (vervallen door wijziging wetgeving) Artikel2.6.6Aanwezigheid van ontruimingsalarminstallaties (vervallen door wijziging wetgeving) Artikel2.6.7Kwaliteit van ontruimingsalarminstallaties (vervallen door wijziging wetgeving) Artikel2.6.8Beginsel inzake vluchtrouteaanduidingen (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel2.6.9Aanwezigheid van vluchtrouteraanduidingen (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel2.6.10Kwaliteit van vluchtrouteaanduidingen (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel2.6.11Gelijkwaardigheid (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel2.6.12Communicatiesysteem voor publieke hulpverleningsdiensten (Vervallen door wijziging wetgeving) Paragraaf7Aansluitplicht op de nutsvoorzieningen Artikel2.7.1Eis tot aansluiting aan de waterleiding (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel2.7.2Eis tot aansluiting aan het elektriciteitsnet (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel2.7.3Eis tot aansluiting aan het aardgasnet (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel2.7.3A Eis tot aansluiting aan de publieke voorziening voor verwarming (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel2.7.4Eis tot aansluiting aan de openbare riolering (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel2.7.5Aansluiting anders dan aan de openbare riolering (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel2.7.6Kwaliteit en dimensionering van de buitenriolering op erven en terreinen (Vervallen door wijziging wetgeving) . Artikel2.7.7Wijze van meten van de afstand tot de leidingen van het openbare net van de nutsvoorzieningen (Vervallen door wijziging wetgeving). 3De melding Artikel3.1De wijze van melden (Vervallen) Artikel3.2Welstandscriteria (Vervallen door wijziging wetgeving) 4Plichten tijdens en bij voltooiing van de bouw en bij ingebruikneming van een bouwwerk Artikel4.1Intrekking bouwvergunning bij niet-tijdige start of tussentijdse staking van bouwwerkzaamheden (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel4.2Op het bouwterrein verplicht aanwezige bescheiden (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel4.3Wijzigingen in gegevens bouwregistratie. (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel4.4Het uitzetten van de bouw (Vervallen) door wijziging wetgeving. Artikel4.5Kennisgeving aan het bouwtoezicht van start van (onderdelen van) de bouwwerkzaamheden (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel4.6Opmetingen, ontgravingen, opbrekingen en onderzoekingen (Vervallen). Artikel4.7Bemalen van bouwputten (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel4.8Veiligheid op het bouwterrein (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel4.9Afscheiding van het bouwterrein (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel10Veiligheid van hulpmiddelen en het voorkomen van hinder (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel4.11Bouwafval (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel4.12Gereedmelding van (onderdelen van) de bouwwerkzaamheden (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel4.13Melden van werken bij lage temperaturen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel4.14Verbod tot ingebruikneming (Vervallen door wijziging wetgeving). Paragraaf1Staat van open erven en terreinen Artikel5.1.1Staat van onderhoud van open erven en terreinen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel5.1.2Bereikbaarheid van gebouwen voor wegverkeer. Brandblusvoorzieningen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel5.1.3Bereikbaarheid van gebouwen voor gehandicapten (Vervallen door wijziging wetgeving). Paragraaf2Staat van brandveiligheidinstallaties en vluchtrouteaanduidingen Artikel5.2.1Voorschriften inzake brandveiligheidinstallaties en vluchtrouteaanduidingen (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel5.2.2Aanwezigheid van brandveiligheidinstallaties in gebouwen, niet zijnde woningen, woongebouwen, logiesverblijven, logiesgebouwen of kantoorgebouwen (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel5.2.3Aanwezigheid van brandveiligheidinstallaties in woongebouwen van bijzondere aard (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel5.2.4Aanwezigheid van brandveiligheidinstallaties in logiesverblijven en logiesgebouwen (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel5.2.5Aanwezigheid van brandveiligheidinstallaties in kantoorgebouwen (Vervallen door wijziging wetgeving) Paragraaf3Aansluiting op de nutsvoorzieningen Artikel5.3.1Eis tot aansluiting aan de waterleiding (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel5.3.2Eis tot aansluiting aan het elektriciteitsnet (Vervallen) door wijziging wetgeving. Artikel5.3.3Eis tot aansluiting aan het aardgasnet (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel5.3.4Eis tot aansluiting aan de openbare riolering (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel5.3.5Aansluiting anders dan aan de openbare riolering (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel5.3.6Kwaliteit en dimensionering van de buitenriolering op erven en terreinen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel5.3.7Wijze van meten van de afstand tot de leidingen van het openbare net van de nutsvoorzieningen (Vervallen door wijziging wetgeving). Paragraaf4Het weren van schadelijk of hinderlijk gedierte. Reinheid Artikel5.4.1Preventie (Vervallen door wijziging wetgeving). 6Brandveilig gebruik Paragraaf1Gebruiksvergunning Artikel6.1.1Vergunning gebruik bouwwerk (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel6.1.2Aanvraag gebruiksvergunning (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel6.1.3In behandeling nemen (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel6.1.4Termijn van beslissing (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel6.1.5Weigeren gebruiksvergunning (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel6.1.6Intrekken gebruiksvergunning (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel6.1.7Verplicht aanwezige bescheiden (Vervallen door wijziging wetgeving) Paragraaf2Het voorkomen van brand en het beperken van brand en brandgevaar Artikel6.2.1Gebruikseisen van bouwwerken (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel6.2.2Opslag brandgevaarlijke stoffen (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel6.2.3Opslag en verwerking stoffen (Vervallen door wijziging wetgeving) Paragraaf3Het bestrijden van brand en het voorkomen van ongevallen bij brand Artikel6.3.1Gebruiksgereed houden van bluswaterwinplaatsen (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel6.3.2Gebruik middelen en voorzieningen (Vervallen door wijziging wetgeving) Paragraaf4Hinder in verband met brandveiligheid Artikel6.4.1Hinder in verband met de brandveiligheid (Vervallen door wijziging wetgeving) 7Overige gebruiksbepalingen Paragraaf1Overbevolking Artikel7.1.1Overbevolking van woningen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel7.1.2Overbevolking van woonwagens (Vervallen door wijziging wetgeving). Paragraaf2Staken van het gebruik Artikel7.2.1Verbod tot gebruik bij bouwvalligheid (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel7.2.2Staken van gebruik wegens gebrek aan veiligheid en gebrek aan hygiëne (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel7.2.3Staken van het gebruik van een woonwagen (Vervallen door wijziging wetgeving). Paragraaf3Gebruik van bouwwerken, open erven en terreinen Artikel7.3.1Vergunningsplicht nachtverblijf Bepaling aantal personen nachtverblijf In afwijking van het bepaalde in artikel 2.2, eerste lid, van het Besluit omgevingsrecht, wordt het aantal personen bepaald op
- Artikel7.3.2Hinder (Vervallen door wijziging wetgeving). Paragraaf4Het weren van schadelijk of hinderlijk gedierte. Reinheid Artikel7.4.1Preventie (Vervallen door wijziging wetgeving). Paragraaf5Watergebruik Artikel7.5.1Verboden gebruik van water (Vervallen door wijziging wetgeving). Paragraaf6Installaties Artikel7.6.1Gebruiksgereed houden van installaties (Vervallen door wijziging wetgeving). 8Slopen Paragraaf1Omgevingsvergunning voor het slopen Artikel8.1.1Omgevingsvergunning voor het slopen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel8.1.2Aanvraag sloopvergunning (vervallen door wijziging wetgeving). Artikel8.1.3In behandeling nemen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel8.1.4Termijn van beslissing (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel8.1.5Samenloop van slopen en bouwen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel8.1.6Weigeren omgevingsvergunning voor het slopen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel8.1.7Intrekken omgevingsvergunning voor het slopen (Vervallen door wijziging wetgeving). Paragraaf2Uitzonderingen op het vereiste van een omgevingsvergunning voor het slopen Artikel8.2.1Sloopmelding (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel8.2.2Overige uitzonderingen op het vereiste van een omgevingsvergunning voor het slopen (Vervallen door wijziging wetgeving). Paragraaf3Verplichtingen tijdens het slopen Artikel8.3.1Veiligheid op sloopterrein (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel8.3.2Op het sloopterrein verplicht aanwezige bescheiden (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel8.3.3Plichten van de houder van de omgevingsvergunning voor het slopenllen). (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel8.3.4Plichten van degene die sloopt (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel8.3.5Wijze van slopen, verpakken en opslaan van asbest (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel8.3.6Plichten ten aanzien van de sloop van tuinbouwkassen (Vervallen door wijziging wetgeving). Paragraaf4Vrij slopen Artikel8.4.1Sloopafval algemeen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel9.1De advisering door de welstandscommissie [vervallen] 10Overige administratieve bepalingen Artikel10.1De aanvraag om woonvergunning (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel10.2De aanvraag om vergunning tot hergebruik van een ontruimde onbewoonbaar verklaarde woning of woonwagen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel10.3Overdragen vergunningen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel10.4Overdragen mededeling (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel10.5Het kenteken voor onbewoonbaar verklaarde woningen en woonwagens alsmede onbruikbaar verklaarde standplaatsen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel10.6Herziening en vervanging van aangewezen normen en andere voorschriften Het bevoegd gezag is bevoegd om rekening te houden met de herziening en vervanging van de NEN-normen, voornormen, praktijkrichtlijnen en andere voorschriften waarnaar in deze verordening - of in de bij deze verordening behorende bijlagen - wordt verwezen, indien de bevoegde instantie de betrokken norm, voornorm, praktijkrichtlijn of het voorschrift heeft herzien of vervangen en die herziening of vervanging heeft gepubliceerd. 11Handhaving Artikel11.1Stilleggen van de bouw (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel11.2Overtreding van het verbod tot ingebruikneming (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel11.3Stilleggen van het slopen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel11.4Onderzoek naar een gebrek (Vervallen door wijziging wetgeving) 12Straf-, overgangs- en slotbepalingen Artikel12.1Strafbare feiten (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel12.2Overgangsbepaling bodemonderzoek (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel12.3Overgangsbepaling met betrekking tot de staat van open erven en terreinen (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel12.4 (Vervallen door wijziging wetgeving). Artikel12.5Overgangsbepaling sloopmelding (Vervallen door wijziging wetgeving) Artikel12.6Slotbepaling 1.Deze verordening treedt in werking op de derde dag na die waarop zij is afgekondigd. 2.Bij de inwerkingtreding van deze verordening vervalt de bouwverordening, vastgesteld bij raadsbesluit d.d. 13 december 2018 en alle daarin aangebrachte wijzigingen. Toelichting Algemeen De aanpassing van de Woningwet op 29 november 2014 met inwerkingtreding van de Reparatiewet BZK 2014 (Stb. 2014, 458) heeft onder meer tot gevolg dat de stedenbouwkundige bepalingen uit gemeentelijke bouwverordeningen van rechtswege komen te vervallen per 1 juli
- Meer specifiek gaat het om de volgende artikelen: 2.5.2, 2.5.5, 2.5.6, 2.5.7, 2.5.8, 2.5.9, 2.5.10, 2.5.11, 2.5.12, 2.5.13, 2.5.14, 2.5.15, 2.5.16, 2.5.17, 2.5.18, 2.5.19, 2.5.20, 2.5.21, 2.5.22, 2.5.23, 2.5.24, 2.5.25, 2.5.26, 2.5.27, 2.5.28, 2.5.29 en 2.5.
- De artikelen 2.5.1, 2.5.3, 2.5.3A en 2.5.4 waren al eerder vervallen. Deze wijziging van de Bouwverordening Lingewaard 2004 strekt ertoe de hierboven genoemde bepalingen te laten vervallen om misverstanden over de geldigheid daarvan te voorkomen. Daarmee is de gehele paragraaf 5 van hoofdstuk 2 van de verordening komen te vervallen. De wijzigingen worden hieronder, voor zover noodzakelijk, artikelsgewijs nader toegelicht. Artikelsgewijs Artikel I, onderdeel A Doordat onderdeel C de stedenbouwkundige bepalingen, neergelegd in paragraaf 5 van hoofdstuk 2 van de verordening, laat vervallen, worden ook enkele begripsomschrijvingen overbodig omdat die begrippen alleen in de vervallen bepalingen voorkwamen. Het gaat om de begrippen ‘bouwbesluit’, ‘bouwtoezicht’, ‘gebruiksoppervlakte’, ‘hoogte van de weg’, ‘NVN’, ‘straatpeil’ en ‘weg’. Deze komen dan ook te vervallen. In de begripsomschrijving van ‘bouwwerk’ in het eerste lid wordt ingevoegd dat ook een gedeelte daarvan als bouwwerk kwalificeert, zodat het niet meer nodig is dit in het tweede lid te bepalen. Ook vervalt in het tweede lid de begripsomschrijving van ‘gebouw’, omdat dit begrip eveneens overbodig is geworden met het vervallen van de stedenbouwkundige bepalingen. In plaats daarvan worden de begripsomschrijvingen van ‘bevoegd gezag’ en ‘omgevingsvergunning voor het bouwen’, die eerder in het eerste lid waren opgenomen, nu aan het tweede lid toegevoegd. In de begripsomschrijving wordt volstaan met een verwijzing naar de Woningwet onderscheidenlijk de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, waaruit de betekenis van die begrippen voortvloeit. Artikel I, onderdeel B De VNG Model Bouwverordening ging tot voor kort uit van vier varianten voor artikel 1.3 over de indeling van het gebied van de gemeente. Twee van die varianten zijn door het vervallen van paragraaf 5 van hoofdstuk 2 van de verordening niet meer bruikbaar, omdat in die varianten verwezen wordt naar enkele stedenbouwkundige bepalingen die onderdeel C laat vervallen. Dit onderdeel vervangt artikel 1.3 voor een variant die nog wel bruikbaar is, en die regelt dat als indeling van de gemeente het gebied binnen en het gebied buiten de bebouwde kom[ alsmede het gebied dat van welstandstoezicht is uitgesloten] geldt. Als gebied binnen de bebouwde kom of gebieden als hiervoor genoemd geldt het op de bij de Bouwverordening Lingewaard 2004 behorende kaart als zodanig aangewezene. Artikel I, onderdeel C Met dit onderdeel vervalt paragraaf 5 van hoofdstuk 2 van de verordening, waarin de stedenbouwkundige bepalingen waren neergelegd die per 1 juli 2018 van rechtswege zijn vervallen in verband met de door de Reparatiewet BZK 2014 gewijzigde Woningwet. Bijlage 1 gewijzigd bij besluit van 13 december 2018 Reglement welstandscommissie [vervallen]
🔗 Naar officiële bron
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.