Verordening adviescommissie bezwaarschriften gemeenten Noardeast-Fryslân en Dantumadiel
(2019)De raden, de colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeesters van de gemeenten Noardeast-Fryslân en Dantumadiel, ieder voor zover het hun eigen bevoegdheden betreft; gelezen het voorstel van de Stuurgroep Herindeling d.d. 3 juli 2018 en van het college van burgemeester en wethouders van Dantumadiel d.d. 18 december 2018; gelezen het voorstel van het presidium van de gemeente Dantumadiel d.d. 8 januari 2019; gelezen het advies van de Herindelingscommissie d.d. 19 september 2018; gelet op het bepaalde in artikel 84 van de Gemeentewet, in artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht en in de Wet algemene regels herindeling; B E S L U I T E N : Vast te stellen de navolgende Verordening adviescommissie bezwaarschriften gemeenten Noardeast-Fryslân en Dantumadiel. HOOFDSTUK1BEGRIPSBEPALINGEN Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: Awb: de Algemene wet bestuursrecht; bestuursorganen: de raden, de colleges en de burgemeesters van de gemeenten Noardeast-Fryslân en Dantumadiel; verwerend orgaan: het bestuursorgaan dat een bij bezwaarschrift bestreden besluit heeft genomen; commissie: intergemeentelijke adviescommissie ter zake van bezwaarschriften als bedoeld in artikel 7:13 Awb; gemeenten: de gemeenten Noardeast-Fryslân en Dantumadiel. HOOFDSTUK2BEHANDELING VAN DE BEZWAARSCHRIFTEN Paragraaf1de commissie Artikel2Inleidende bepaling Er is een commissie die de bestuursorganen van de gemeenten adviseert bij het nemen van beslissingen op bij hen ingediende bezwaarschriften. De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van een wettelijk voorschrift inzake belastingen en de Wet waardering onroerende zaken. Artikel3Samenstelling van de commissie De commissie is onderverdeeld in drie kamers: Een sociale kamer, met name belast met de advisering over de beslissingen op bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van sociale zekerheidswet- en regelgeving (w.o. Participatiewet, IOAW, IOAZ, Bbz, Wmo, Jeugdwet en op grond van genoemde wetten vastgestelde gemeentelijke verordeningen). Een ambtenarenkamer, belast met de advisering over de beslissingen op bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van rechtspositie- en andere regelingen die van toepassing zijn op ambtenaren in dienst van de gemeenten. Een algemene kamer, belast met de advisering over de beslissingen op bezwaarschriften die zijn ingediend tegen alle andere besluiten, niet vallende onder de sociale kamer of de ambtenarenkamer. Elke kamer heeft een voorzitter en maximaal vijf leden, waarbij de voorzitter of de plaatsvervangend voorzitter bij alle zittingen aanwezig is en twee leden volgens een nader door de colleges van de gemeenten vast te stellen roulatiesysteem zitting hebben en waar nodig elkaar kunnen vervangen. De voorzitter van de algemene kamer is tevens voorzitter van de commissie. De voorzitter en de leden worden door de colleges van de gemeenten benoemd, geschorst en ontslagen. De colleges van de gemeenten wijzen één van de leden aan als plaatsvervangend voorzitter. De voorzitter en de leden kunnen geen deel uitmaken van de besturen van, en niet werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van één van de gemeenten. Bij verhindering van de voorzitter en diens plaatsvervanger regelt de kamer zijn vervanging. De voorzitter en de leden ontvangen een vergoeding voor hun werkzaamheden, die door de colleges van de gemeenten wordt vastgesteld. Artikel4Secretarissen De secretarissen van de kamers zijn door de gemeentesecretarissen van de gemeenten aangewezen ambtenaren. De gemeentesecretarissen wijzen tevens één of meer plaatsvervangers van de secretarissen aan. De secretarissen van de kamers zijn bevoegd deel te nemen aan de beraadslaging als bedoeld in artikel 17, eerste lid en hebben daarbij een adviserende rol. Artikel5Zittingsduur De voorzitter en de leden van de kamers worden benoemd voor een periode van vier jaar en kunnen maximaal één keer voor eenzelfde periode worden herbenoemd. De in lid 1 vermelde zittingstermijn laat onverlet de mogelijkheid tot eventuele tussentijdse schorsing en ontslag, zoals deze mogelijk zijn ingevolge artikel 3, lid 3 van deze verordening. De voorzitter en de leden van de kamers kunnen op ieder moment ontslag nemen. De aftredende voorzitter en aftredende leden van de kamer blijven hun functie vervullen tot in de opvolging is voorzien. Paragraaf2Procedure Artikel6Ingediend bezwaarschrift Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend. Het bezwaarschrift met de daarbij overlegde stukken worden zo spoedig mogelijk in handen van een kamer gesteld. Bij het bericht van ontvangst als bedoeld in artikel 6:14 van de Awb wordt vermeld dat een onafhankelijke kamer van de commissie over de te nemen beslissing op het bezwaarschrift zal adviseren. Artikel7Bemiddeling De kamer onderzoekt of de zaak in der minne kan worden geschikt alvorens de zaak in behandeling wordt genomen. De secretaris verricht daartoe de nodige handelingen. Artikel8Uitoefening bevoegdheden De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de Awb worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de kamer: 2:1, tweede lid; 6:6, wat betreft het aan de indiener stellen van een termijn; 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de kamer; 7:4, tweede lid; 7:6, vierde lid. Artikel9Vooronderzoek De voorzitter van de kamer is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen. De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de kamer bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden is vooraf machtiging van het dagelijks bestuur vereist. Artikel10Hoorzitting De voorzitter van de kamer bepaalt in overleg met de secretaris plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de kamer te laten horen. Bij de bepaling van plaats en tijdstip wordt rekening gehouden met de reguliere tijden, organisatorische en technische aspecten. De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Awb . Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan. Tijdens een hoorzitting worden maximaal 5 bezwaarschriften behandeld. Een hoorzitting vindt niet plaats in geval er geen bezwaarschriften zijn ingediend die voor behandeling in de zitting gereed zijn. Artikel11Uitnodiging zitting De voorzitter deelt de belanghebbende(
- n)en het verwerend orgaan tenminste twee weken voor de zitting schriftelijk mee, dat zij in de gelegenheid worden gesteld te worden gehoord. Binnen drie dagen na de verzending van de uitnodiging kan de belanghebbende of het verwerend orgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen. De beslissing van de voorzitter op het verzoek als bedoeld in het tweede lid wordt zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk een week voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbende(
- n)en het verwerend orgaan meegedeeld. De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen als genoemd in het eerste tot en met het derde lid. Artikel12Quorum De bezetting van een kamer tijdens een vergadering is de voorzitter en 2 leden. De bezetting van een kamer tijdens een hoorzitting is de voorzitter en 2 leden. Voor het houden van een hoorzitting is vereist dat de meerderheid van het aantal leden, als genoemd in lid 2, waaronder in ieder geval de voorzitter dan wel zijn plaatsvervanger, aanwezig is. Artikel13Niet-deelneming aan de behandeling De voorzitter en de leden van de kamer nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift, indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Artikel14Openbaarheid zitting De hoorzittingen van de Algemene Kamer zijn openbaar. De deuren kunnen worden gesloten indien de voorzitter van de kamer of één van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet. Indien de kamer vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de hoorzitting plaats achter gesloten deuren. De hoorzittingen van de Sociale kamer en de Ambtenarenkamer zijn niet openbaar. Artikel15Schriftelijke verslaglegging Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de Awb vermeldt de namen van de aanwezigen, met daarbij een vermelding van hun hoedanigheid. Het verslag bevat een zakelijke weergave van hetgeen over en weer is gezegd en wat verder ter zitting is voorgevallen. Indien de zitting van de Algemene Kamer geheel of gedeeltelijk achter gesloten deuren plaatsvond, of indien belanghebbenden, respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan melding. Het verslag verwijst naar de op de zitting overlegde bescheiden die aan het verslag kunnen worden gehecht. Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de kamer. Artikel16Nader onderzoek Indien na afloop van de zitting, maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de andere kamerleden dit onderzoek houden. De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de kamer, het verwerend orgaan en de belanghebbende(
- n)toegezonden. De leden van de kamer, het verwerend orgaan en de belanghebbende(
- n)kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter van de kamer een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op zo’n verzoek. Op een nieuwe hoorzitting, als bedoeld in het derde lid, zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Artikel17Raadkamer en advies De kamer beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies. De kamer beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt, indien die minderheid dat verlangt. Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift. Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de kamer ondertekend. Artikel18Uitbrengen advies en verdaging Het advies wordt, onder medezending van het verslag als bedoeld in artikel 15 en eventueel door de kamer ontvangen nadere informatie, met inachtneming van het bepaalde in artikel 7:10 Awb, uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen. Indien naar het oordeel van de voorzitter van de kamer de termijn van 12 weken, genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het verwerend orgaan tijdig de beslissing te verdagen. Van een besluit tot verdaging ontvangen de kamer en de belanghebbenden een afschrift. Artikel19Mandaat De voorzitter kan de aan hem bij deze verordening toegekende taken en bevoegdheden, als bedoeld in de artikelen 8, 9, 10, 11, 16 en 18 tweede lid, opdragen aan de secretaris van de kamer. De opdracht van taken en bevoegdheden ingevolge het vorige lid ontslaat de voorzitter niet van zijn verantwoordelijkheid terzake. Hoofdstuk3Slotbepalingen Artikel20Jaarverslag De commissie brengt voor 1 juli ieder jaar schriftelijk verslag uit omtrent de ingediende bezwaarschriften, de door de kamers uitgebrachte adviezen alsmede haar algemene bevindingen met betrekking tot het voorgaande kalenderjaar. In het verslag kunnen tevens aanbevelingen worden gedaan met betrekking tot de in het eerste lid genoemde onderwerpen. Artikel21Intrekking oude verordening De Verordening adviescommissie bezwaarschriften gemeenten Dantumadiel, Dongeradeel, Ferwerderadiel en Kollumerland c.a., vastgesteld door de raden van genoemde gemeenten in december 2014 en in werking getreden op 1 januari 2015, en de daarmee verband houdende instellingsbesluiten van de bestuursorganen van de gemeente Dantumadiel, worden ingetrokken. Artikel22Overgangsrecht Bezwaarschriften die voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze verordening zijn en worden ontvangen en nog niet aan de verwerende organen ter beslissing zijn voorgelegd, worden behandeld volgens de bepalingen in de verordening, genoemd in artikel 21. Artikel22Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening adviescommissie bezwaarschriften Noardeast-Fryslân en Dantumadiel
(2019). Artikel23Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de dag na haar bekendmaking en werkt terug tot 1 januari 2019. Aldus besloten door de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân in zijn openbare vergadering d.d. 7 maart 2019De raad voornoemd,de griffier de voorzittermr. S.K. Dijkstra drs. H.H. ApothekerAldus besloten door de raad van de gemeente Dantumadiel in zijn openbare vergadering d.d. 30 april 2019De raad voornoemd,de griffier, de voorzitter,T. de Jong N.L. Agricola Aldus besloten door het college van burgemeester en wethouders van Noardeast-Fryslân op 12 februari 2019Het college voornoemd,de secretaris, de burgemeester,H.J.C.M. Verbunt MBA drs. H.H. ApothekerAldus besloten door het college van burgemeester en wethouders van Dantumadiel op 18 december 2018Het college voornoemd,de secretaris, de burgemeester,R. Dijksterhuis N.L. AgricolaAldus besloten door de burgemeester van Noardeast-Fryslân op 12 februari 2019de burgemeester,drs. H.H. ApothekerAldus besloten door de burgemeester van Dantumadiel op 18 december 2018de burgemeester,N.L. Agricola