De raad der gemeente Ouderkerk gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 23 juni 1998; gelet op artikel 222 van de Gemeentewet; b e s 1 u i t: mate van kostenverhaal via baatbelasting de voor rekening van de gemeente blijvende lasten van de door en/of met medewerking van de gemeente aan te leggen voorziening, omvattende de aanleg van een rioleringsstelsel op en/of ten behoeve van het buitendijks gelegen bedrijventerrein aan de IJsseldijk-West te Ouderkerk aid IJssel, thans geraamd op f 741.900, -volgens de bij dit besluit behorende (voorlopige) exploitatie-opzet, doch te zijner tijd definitief vast te stellen, voor maximaal 50 % via de heffing van een Baatbelasting om te slaan over de genothebbenden krachtens eigendom, bezit of beperkt recht van de onroerende zaken, die door deze voorziening gebaat worden en zijn gelegen binnen het hierna aangeduide gebied. heffingsgrondslagen De heffingsgrondslag volgens welke bovengenoemde genothebbenden worden aangeslagen luidt : per perceel waarop een (dienst-)woning is gelegen geldt een basisaanslag van f 5.000,- per perceel waarop een object voor bijzondere doeleinden is gelegen (watertoren), geldt een basisaanslag van f 5.000,- per perceel waarop een bedrijf is gevestigd geldt een basisdeel van de aanslag van f 7.500,vermeerderd met een nader in de baatbelastingsverordening vast te stellen variabel deel. Definitieve besluitvorming over de feitelijke invoering van de baatbelasting alsmede over de hoogte van de belastingaanslagen zullen plaatsvinden bij de behandeling van een daartoe strekkende belastingverordening. het gebied van het buitendijks gelegen bedrijventerrein aan de IJsseldijk-West te Ouderkerk a/d IJssel, waarbinnen de onroerende zaken zijn gelegen die door de te treffen voorziening gebaat worden, is aangegeven op de bij dit bekostigingsbesluit behorende kaart met het nummer TB 7877 blad 19a-7 d.d. 24-09-
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.