Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Voorschoten houdende regels omtrent de verstrekking van subsidies (Algemene Subsidieverordening Voorschoten 2019)De raad der gemeente Voorschoten; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 13 mei 2019; gelet op de artikelen 147, eerste lid en 149 van de Gemeentewet; besluit: Vast te stellen de volgende Algemene subsidieverordening Voorschoten 2019: Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: Aanvrager of organisatie: een rechtspersoon als bedoeld in Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, zonder winstoogmerk. College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Voorschoten. Europees steunkader: een mededeling, richtsnoer, kaderregeling, besluit of vrijstellingsverordening op het gebied van staatssteun die de Europese Commissie of de Raad van de Europese Unie, gelet op artikelen 106, derde lid, 107, 108 en 109 van het Verdrag heeft vastgesteld. Jaarlijkse subsidie: subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt. Raad: de gemeenteraad van de gemeente Voorschoten. Subsidieplan: het door de raad periodiek vastgestelde subsidiebeleid, waarin voor te subsidiëren activiteiten en uitvoerende organisaties algemene en specifieke voorwaarden zijn opgenomen. Wet: Algemene wet bestuursrecht (Awb). Artikel2Reikwijdte 1.Deze verordening is van toepassing op verstrekking van subsidies door het college, met uitzondering van subsidies waarvoor bij afzonderlijke verordening een uitputtende regeling is getroffen en subsidies als bedoeld in artikel 4:23 lid 3 van de wet (subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig is). 2.Ten aanzien van subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig is, kan het college bepalen dat deze verordening geheel of gedeeltelijk van toepassing is. Artikel3Subsidieregelingen Het college kan bij nadere regeling (hierna te noemen: subsidieregeling) voor te subsidiëren activiteiten en uitvoerende organisaties voorwaarden vaststellen welke niet in het door de raad vastgestelde subsidieplan zijn opgenomen. Artikel4Europees steunkader 1.Voor zover dat ten behoeve van het voldoen aan een Europees steunkader noodzakelijk is, kan het college bij subsidieregeling afwijken van deze verordening en deze aanvullen. 2.Bij subsidieregelingen waarbij is bepaald dat toepassing kan worden gegeven aan een Europees steunkader, verwijst de subsidieregeling naar het toepasselijke steunkader. 3.Bij subsidies waar een Europees steunkader op van toepassing is, verwijst de verleningsbeschikking naar de toepasselijke bepalingen van het steunkader. 4.Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is, komen alleen de activiteiten, doelstellingen, resultaten en kosten in aanmerking die voldoen aan de eisen van het toepasselijke steunkader. Artikel5Subsidieplafonds en begrotingsvoorbehoud 1.Het college kan subsidieplafonds vaststellen. In dat geval bepaalt het bij subsidieregeling de wijze van verdeling van de betrokken subsidie. 2.Het college kan een subsidieplafond verlagen als: het wordt vastgesteld voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd; en de subsidieaanvragen waarop het subsidieplafond betrekking heeft, moeten worden ingediend voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd. 3.Bij de bekendmaking van een subsidieplafond dat kan worden verlaagd overeenkomstig het vorige lid, wordt gewezen op de mogelijkheid van verlaging en de gevolgen daarvan voor reeds ingediende aanvragen. 4.Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld. Bij de verleningsbeschikking wordt daarop gewezen. Artikel6Meerjarige subsidies 1.Het tijdvak waarvoor een subsidie wordt verleend is maximaal vier jaar. 2.Een meerjarige subsidie wordt verleend onder het voorbehoud dat jaarlijks voldoende financiële middelen ter beschikking worden gesteld. Artikel7Weigeringsgronden 1.Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de wet weigert het college de subsidie in ieder geval, wanneer: de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende mate zijn gericht op of ten goede komen aan de gemeente Voorschoten of haar ingezetenen; de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen; de te subsidiëren activiteiten en uitvoerende organisaties niet voldoen aan de algemene en specifieke voorwaarden, zoals opgenomen in het door de raad vastgestelde subsidieplan, dan wel door het college vastgestelde (nadere) subsidieregelingen; voor de activiteit al gemeentelijke subsidie is verstrekt; de subsidieaanvraag wordt ingediend na het plaatsvinden van de activiteit c.q. de aanvangsdatum van de periode waarvoor subsidie wordt aangevraagd; het redelijkerwijs te verwachten is dat de subsidieontvanger winst beoogt; de aanvrager niet alle benodigde vergunningen en ontheffingen ten behoeve van de gesubsidieerde activiteit heeft of niet aannemelijk is dat deze zullen worden verkregen; de aanvrager doelen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet en/of het algemeen belang of de openbare orde; de aanvrager een vrij besteedbaar vermogen heeft dat ten minste vier keer zo hoog is als het subsidiebedrag waarvoor hij op grond van een positieve beoordeling in aanmerking zou komen als het eigen vermogen niet meetelt. Subsidies tot en met € 50.000 zijn uitgezonderd van deze weigeringsgrond. 2.Het college kan subsidie weigeren, wanneer: de organisatorische en/of financiële continuïteit van de aanvrager en/of de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd onvoldoende is gewaarborgd; de aanvrager geen sluitende begroting heeft ingediend; er geen evenwichtige verhouding is tussen de verwachte resultaten en de gevraagde bijdrage; al in voldoende mate wordt voorzien in de activiteit en/of het doel dat wordt nagestreefd; 3.Bij nadere subsidieregeling kunnen aanvullende weigeringsgronden worden gesteld. Hoofdstuk2Aanvraagproces Artikel8Aanvraagtermijn 1.Een aanvraag om een subsidie wordt ingediend in de periode van 1 juli tot en met 15 september voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft. 2.Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden gesteld. Artikel9De aanvraag 1.Een aanvraag voor subsidie wordt schriftelijk ingediend bij het college. 2.Het college kan een standaard aanvraagformulier vaststellen. 3.De aanvraag tot € 5.000,- bevat in ieder geval de volgende gegevens: Een beschrijving van de activiteiten waarvoor aanvrager subsidie aanvraagt; Het maatschappelijk doel waaraan wordt bijgedragen; Een overzicht van de geraamde inkomsten en uitgaven, voor zover deze betrekking hebben op de activiteit(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.