← Nederland

Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Soest houdende regels omtrent evenementen Veilige evenementen in een gastvrij Soest (Soest)

Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Soest houdende regels omtrent evenementen Veilige evenementen in een gastvrij SoestHoofdstuk1Aanleiding, trends en ontwikkelingen 1.1Waarom evenementenbeleid? Onze inwoners maar ook inwoners vanuit de regio en soms zelf vanuit het gehele land, bezoeken jaarlijks de vele en gevarieerde evenementen die in Soest worden georganiseerd. Dit gebeurt op 116 dagen per jaar. Binnen en buiten Soest bekende evenementen zijn: Oude Ambachtenmarkt, de Gildefeesten en de Sylvestercross. Evenementen zijn belangrijk voor inwoners, maar ook voor ondernemers. Zo zorgen evenementen voor een afwisselend cultureel aanbod voor jong en oud, verhogen de betrokkenheid van inwoners en zorgen voor een economische impuls of omzetverhoging voor lokale ondernemers binnen de gemeente. Dat dit wordt gewaardeerd, blijkt uit het feit dat de helft van onze bewoners daadwerkelijk lokale evenementen bezoekt. Alle reden om trots te zijn op dit aanbod waarvoor niet in de laatste plaats een groot aantal vrijwilligers zich keer op keer inzetten. Evenementen zorgen dus op verschillende terreinen voor dynamiek binnen de gemeente. Inwoners kunnen echter ook overlast (geluid, verkeershinder, enz.) ervaren van evenementen. Een transparante en voorspelbare gemeente wil aan alle betrokken partijen: aanvragers, bezoekers en omwonenden, helder maken wat mag en niet mag rondom Soester evenementen. Regels zijn daarbij onontkoombaar. Bij het maken van die regels zijn verschillende belangen betrokken. De laatste jaren hebben ongevallen bij evenementen, zoals het Monstertruckongeval in Haaksbergen, de noodzaak om meer aandacht te besteden aan veiligheid bij evenementen, vergroot. Dat kan leiden tot tegenstrijdige belangen, zoals aan de ene kant de wens en behoefte om als gemeentebestuur zo veel mogelijk ruimte te geven voor evenementen. Aan de andere kant hebben ongevallen en rechterlijke uitspraken over geluid en ruimtegebruik er toe geleid dat van de overheid de laatste jaren steeds meer een sturende en controlerende rol wordt verwacht bij evenementen. Die rol bestaat dan uit met name het bewaken van de belangen van omwonenden van een evenement en het actief controleren op een veilig verloop van een evenement. In dit Beleidsplan ‘Veilige evenementen in een gastvrij Soest’ (hierna: het Beleidsplan) worden die belangen overbrugd en verbonden. Regels op dit gebied zijn dus onontkoombaar. Wij willen echter niet meer regelen dan echt nodig is. In dit evenementenbeleid heeft deregulering 1 Deregulering: afschaffing, terugdringing, stroomlijning of vereenvoudiging van wet- en regelgeving, teneinde de economie te bevorderen en onnodig hoge kosten ten gevolge van ondoelmatige regelgeving te vermijden. Bron: www.juridischwoordenboek.nl en administratieve lastenverlichting bij evenementen, ook een plaats gekregen. In veel gemeenten wordt al jaren gewerkt met een evenementenbeleid. Goede voorbeelden van succesvol beleid in andere gemeenten (zoals Eindhoven en Amersfoort) zijn, voorzover bruikbaar in Soest, overgenomen in deze nota. 1.2Evenementen in vastgesteld beleid Evenementen kunnen een belangrijke rol vervullen bij het versterken van Soest op recreatief, toeristisch en sociaal-economisch terrein. Dit is onderkend en vastgelegd in reeds vastgesteld gemeentelijk beleid. Een samenvatting: Soest wil nu en in de toekomst een groen en levendig dorp zijn. 2 Structuurvisie 2009 – 2030, Groen en levendig Soest, nu en in de toekomst, blz. 49 Soest wil het cultuuraanbod vergroten en het cultuurtoerisme, inclusief verbinding met de horeca bevorderen door onder meer het uitbreiden van festivals en activiteiten. 3 Cultuurvisie 2016-2020, Meedoen is de Soester cultuur, blz. 15 Om meer regionale en landelijke bezoekers naar Soest te krijgen, worden VVV en toeristische ondernemers uitgedaagd meer evenementen organiseren 4 Beleidsplan Recreatie en Toerisme 2012-2020, Toerisme in Soest: kansen en kwaliteiten, blz. 20 . Evenementen ondersteunen de sociale functie van het winkelgebied. 5 Retailbeleid 2016-2026, Concentratie, vernieuwing en versterking, blz. 7 en 27. Soest moet ervoor waken dat ontwikkelingen op toeristisch-recreatief gebied, waaronder evenementen, stranden door planologische belemmeringen en wet- en regelgeving. 6 Beleidsplan Recreatie en Toerisme 2012- 2020, Toerisme in Soest, kansen en kwaliteiten, blz. 10 Soest zet in op zo hoog mogelijke natuurwaarden, geschikt voor extensieve vormen van recreatie gericht op het genieten van de natuur. 7 Bosnota 2013-2022, gemeente Soest, blz. 6. Soest wil de gemeentelijke dienstverlening verbeteren, o.a. door deregulering en digitalisering. 8 Programmabegroting gemeente Soest 2016-2019, programma 9, blz. 95 e.v. Aspecten als het aantal bezoekers, de bereikbaarheid voor bezoekers, de gevolgen voor het (doorgaande) verkeer en het openbaar vervoer, parkeermogelijkheden, het soort evenement, openbare orde- en veiligheidsaspecten, duur van het evenement en geluid zijn bepalend voor de belasting die het evenement heeft op de omwonenden in een gebied. Om een evenement veilig te laten verlopen, aan te laten sluiten bij de ruimtelijke omgeving en de overlast voor de omgeving zoveel mogelijk te beperken, geldt er aan een aantal gemeentelijke regels. Die regels liggen dan ook op het gebied van openbare orde en veiligheid, ruimtelijke ordening, gezondheid, natuur- en milieubescherming. Ook het stellen van grenzen aan evenementen is onderkend en opgenomen in vastgesteld gemeentelijk en regionaal beleid. Een samenvatting: In de afgelopen jaren zijn (inter)nationale incidenten aanleiding geweest om ook in Soest meer aandacht te besteden aan de openbare, constructieve en brandveiligheid van evenementen. 9 Integraal Veiligheidsplan gemeente Soest, Samen werken aan meer veiligheid, blz. 23 Er vindt integraal toezicht plaats op risicovolle evenementen 10 Handhavingsbeleid fysieke leefomgeving 2016-2019, blz. 22 Er is bij het verlenen van tijdelijke ontheffingen aandacht voor het voorkomen van overmatig alcoholgebruik bij evenementen en er vinden gerichte controles plaats 11 Preventie- en handhavingplan Drank- en horecawet gemeente Soest periode 2014-2018, blz. 7 en 16 Er is een regionaal afgestemd proces rondom de advisering en uitvoering van evenementen. Hierin zijn de diverse aanbevelingen van de minister, rijksinspecties en het landelijk Veiligheidsberaad vertaald naar de gemeentelijke uitvoering 12 Vru-Handreiking Evenementenproces, dd. 1 december 2014, versie 1.0. . 1.3Vergunningverlening als veiligheidkritisch proces Een aantal jaren geleden zijn bij een ongeval met een Monstertruck in Haaksbergen 3 personen om het leven gekomen en raakten 28 personen gewond. De aanbevelingen uit het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid over dit ongeval hebben duidelijk gemaakt dat niet alleen de organisator verantwoordelijk is voor zijn of haar evenement. Ook de lokale overheid is medeverantwoordelijk voor een veilig verloop. Het is daarom van belang dat gemeenten de vergunningverlening voor een evenement aanmerken als een veiligheid kritisch proces en daarbij uitdrukkelijk hun rol nemen. 1.4Beleid en bevoegdheden De burgemeester is wettelijk verantwoordelijk voor openbare orde en veiligheid. Tevens is hij coördinerend portefeuillehouder voor evenementen. Hij voert het evenementenbeleid binnen de gestelde kaders zoals omschreven in dit document, uit. Ook het college beschikt over een aantal taken die onderdeel vormen van het evenementenbeleid, bijvoorbeeld de subsidieverlening voor evenementen en het milieubeleid. De gemeenteraad kan voor de uitvoering door de burgemeester en het college kaders vaststellen. Met deze wettelijke splitsing wordt recht gedaan aan de kaderstellende rol van de gemeenteraad enerzijds en de verantwoordelijkheden voor de uitvoering van het beleid door de burgemeester en het college, anderzijds. 1.5Een samenhangende benadering in het evenementenbeleid voor Soest Met dit beleid wordt het aantal kaders met afspraken met organisatoren van evenementen uitgebreid. Die kaders sloten namelijk onvoldoende aan bij de sterkere verantwoordelijkheid van de lokale overheid voor de veiligheid bij evenementen. Verder komt dit beleid tegemoet aan de wens aan meer eenduidigheid en het vinden van een goede balans tussen de verschillende gemeentelijke maatregelen voor evenementen, te weten: het stimuleren, ruimte geven en grenzen stellen aan De gemeenteraad heeft dit onderkend en ingestemd met de bestuursopdracht om een evenementenbeleid op te stellen. 13 Startnotitie evenementenbeleid, zoals vastgesteld door de raad op 4 februari 2016 In dit Beleidsplan is de huidige aanpak op hoofdlijnen beschreven en zijn aanvullende kaders opgenomen. De beleidsregels bevatten de uitvoering van de huidige aanpak en de uitwerking van de aanvullende kaders. Ze zijn opgenomen in het afzonderlijke document ‘Beleidsregels uitvoering Beleidsplan Veilige evenementen in een gastvrij Soest’ (hierna aangeduid als: “beleidsregels”). Het college en de burgemeester zullen dit document vaststellen. Op diverse plaatsen in deze nota wordt verwezen naar deze beleidsregels. Dat is steeds voor de tekst aangegeven met dit teken: Met beide documenten beschikt de gemeente dan ook over een samenhangend en compleet evenementenbeleid. 1.6Consultatie vanuit de samenleving en externe partners Er is met een groot aantal partijen die betrokken zijn bij het organiseren en/of houden van evenementen overleg gevoerd. Gestart is met een overleg met de vertegenwoordigers van Koninklijke Horeca Nederland, afdeling Soest-Baan, op woensdagochtend 8 maart 2017. Dit overleg is samengevat in bijlage A1. Op dinsdagavond 18 april 2017 is er een bijeenkomst georganiseerd waarbij de kernpunten voor het nieuwe beleid aan ongeveer 15 organisatoren van evenementen zijn gepresenteerd. Ook is ingegaan op de rollen van de gemeente bij evenementen: als faciliterende partij en als partij die verantwoordelijk is voor openbare orde en veiligheid en bescherming van het leefklimaat in de gemeente. De deelnemers hebben die avond meegedacht over zaken die zij graag terug willen zien of juist niet willen zien in het beleid en de dienstverlening. De suggesties en ideeën zijn in een uitvoerig overzicht (bijlage A2) opgenomen. In dit overzicht is ook aangegeven of de inbreng is meegenomen in dit beleid. De tweede participatieronde bestond uit één inloopavond die op dinsdag 28 november jl. heeft plaatsgevonden. Tijdens deze avond hadden belangstellende inwoners, organisatoren en omwonenden de gelegenheid met vertegenwoordigers van de gemeente het gesprek aan te gaan over de voorstellen met de aantallen, de soorten evenementen per locatie en de spelregels met betrekking tot de geluidproductie. Deze voorstellen hebben de vorm van leaflets en zijn voorafgaande aan de participatieronde op de website van de gemeente gepubliceerd. Ook via sociale media is veel aandacht besteed aan deze participatieronde. Op deze wijze manier kon men zich vooraf een goed beeld vormen van wat per locatie/gebied mag en niet mag. Tijdens de inloopavond waren slechts 3 organisatoren aanwezig. Naast uitleg over de spelregels per locaties vroeg één organisator om ook het Kerkplein in Soest aan de lijst van evenementenlocaties toe te voegen. Dit, in verband met zijn wens dit plein te betrekken bij de viering van Koningsdag. Verder is de tijdens de inloopavond op verzoek van enkele omwonenden uitleg gegeven over de spelregels voor evenementen op sportvelden. Met het midden- en kleinbedrijf, met name detailhandel en horeca, is op 9 april 2018 en op 9 juli 2018 overlegd over met name de kernpunten van het beleid. Het verslag van het overleg vormt een bijlage bij deze nota (bijlage A3). Tenslotte zijn op 10 september 2018 de hoofdlijnen van het beleid toegelicht aan de vertegenwoordigers van Koninklijke Horeca Nederland, afdeling Soest-Baarn. 1.7Leeswijzer De samenhangende benadering in het evenementenbeleid: het stimuleren, ruimte geven en grenzen stellen aan evenementen, wordt ook gebruikt bij de indeling van de volgende hoofdstukken. In het volgende hoofdstuk wordt de huidige aanpak en de visie op evenementen beschreven waarna in hoofdstuk 3 de visie wordt vertaald naar een aantal aanvullende kaders. De aanpak van de evaluatie van dit beleid wordt in het laatste hoofdstuk 4 beschreven. 1.8Infographic van het beleid Hierna is in een infographic het Beleidsplan samengevat. Hoofdstuk2De huidige aanpak en uitvoering De gemeente wil een voor de aanvrager eenvoudige, eenduidige procedures voor de evenementen. De aanpak voor het aanvraag- en uitvoeringsproces m.b.t. evenementen wordt in dit hoofdstuk in hoofdlijnen beschreven. In de beleidsregels is dit onderdeel verder uitgewerkt. 2.1Subsidie, materialen en grondgebruik Subsidie Organisatoren kunnen voor een culturele activiteit, wat een evenement kan zijn, op grond van het vastgestelde subsidiebeleid een incidentele subsidie bij het college aanvragen. Een aantal partijen die terugkerende evenementen organiseren, ontvangt structureel subsidie. Voor incidentele evenementen is indien de evenementen aan bepaalde eisen voldoen, ook subsidie beschikbaar. Beschikbaar stellen van materialen De gemeente faciliteert op verzoek de organisatie van evenementen. Zo kan een organisator hekwerken huren en zijn op meerdere evenemententerreinen stroomvoorzieningen beschikbaar. De tarieven die hiervoor worden berekend zijn niet kostendekkend. Grotere evenementen vinden nagenoeg nooit op dezelfde dag plaats, zodat aan verzoeken bijna altijd medewerking kan worden verleend. Grondgebruik Voor het gebruik van het evenemententerrein De Eng wordt aan de organisatoren een bedrag in rekening gebracht. Voor de overige locaties rekent de gemeente geen kosten door en wordt er geen afzonderlijke gebruiksovereenkomst met de organisatoren gesloten. Wel geldt er een tarief voor het innemen van een standplaats of het maken van een terras op gemeentegrond. 2.2Organisatie en dienstverlening Organisatie Het team Vergunning en Handhaving van de afdeling Dienstverlening is belast met de coördinatie en de verlening van evenementenvergunningen en acceptatie van meldingen. De vergunningverlening is aan de teamleider Vergunning en Handhaving gemandateerd. Dienstverlening/uitvoering Een digitaal in te vullen aanvraagformulier is beschikbaar. In de praktijk is het indienen van een aanvraag op papier nog steeds mogelijk. Aanvragers kunnen online een afspraak maken voor overleg met de evenementencoördinator. 2.3Externe communicatie De organisator van een evenement is verantwoordelijk voor het huis-aan-huis informeren van omwonenden en bedrijven. Zij worden ingelicht over de aard en duur van het evenement, de (verkeers)maatregelen, de manier waarop de organisator probeert de overlast te beperken en waar men met klachten terecht kan. Bij het invullen van de digitale aanvraag ontvangt de organisator informatie over wat nodig is om een aanvraag voor een evenementenvergunning of -melding in te dienen. Bij het verlenen van de evenementenvergunning staat aangegeven dat de aanvrager, inwoners of andere partijen gedurende 6 weken na de bekendmaking van de vergunning een bezwaarschrift kunnen indienen. Bedacht moet worden dat het tijdstip waarop het evenement plaatsvindt, vaak binnen die periode is gelegen. Van de mogelijkheid tot het indienen van een formeel bezwaarschrift is tot nu toe overigens geen gebruik gemaakt. 2.4Deregulering De regels voor het organiseren van evenementen zijn gebaseerd op de model-APV van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). De VNG heeft de afgelopen jaren regelmatig voorstellen voor het verminderen van het aantal regels in de APV ontwikkeld. Deze voorstellen zijn grotendeels overgenomen in de APV van Soest. 2.5Planologisch en geluidbeleid Naast de bepalingen uit de APV moet bij de organisatie van een evenement worden getoetst aan de regels van het geldende bestemmingsplan. Het bestemmingsplan moet de organisatie van een evenement mogelijk maken. In een bestemmingsplan dient op grond van de actuele jurisprudentie ten behoeve van evenementen het volgende te worden geregeld: soort evenement (ABC-evenementen); aard van de omgeving (centrum, woonwijk, buitengebied, enz.); maximaal aantal evenementen per jaar; tijdsduur evenementen (inclusief opbouwen en afbreken); maximale geluidbelasting. De volgende bestemmingsplannen laten evenementen in beginsel toe: Er is voor een specifieke evenementenlocatie in Soesterberg een onherroepelijk bestemmingsplan: Dorpshart Soesterberg. Dit bestemmingsplan bevat voorwaarden met betrekking tot geluid, het aantal dagen dat evenementen mogen plaatsvinden en de aard van de evenementen. Voor de vliegbasis inclusief het Museum is er een onherroepelijk bestemmingsplan: Vliegbasis Soesterberg. Echter, aard, omvang en aantallen evenementen, zijn niet duidelijk in dit bestemmingsplan opgenomen. In Soest gelden geen locatieprofielen voor evenementenlocaties en overige gebieden: winkelgebieden, woonwijken en het buitengebied. In een profiel staan onder meer de kenmerken van de locatie, een maximering van het aantal evenementen per jaar, de geluidnormen en de eindtijden. In dit beleid wordt hierin voorzien. Geluidnormen Er is een nota geluidbeleid die is vastgesteld op 3 januari 2012 met geluidnormen voor evenementen tot een maximum van 70 dB(A). In bestemmingsplan Dorpshart Soesterberg zijn ook specifieke normen voor de evenementenlocatie opgenomen. In dit beleidsplan zijn voor diverse onderdelen andere geluidnormen opgenomen. 2.6Evenementen en de uitzonderingen Wat we in Soest onder een “evenement” verstaan, staat geformuleerd in de APV: elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak. Hiervan zijn uitgezonderd: Betogingen en demonstraties Betogingen/demonstraties, vergaderingen en samenkomsten tot het belijden van godsdienst of levensbeschouwing (zoals bedoeld in de Grondwet en de Wet openbare manifestaties: de Wom) zijn geen evenementen. Het gaat daarbij om een collectieve activiteit gericht op het uitdragen van een geloofs- of levensovertuiging. De openbare orde, gezondheid en het verkeer kunnen daarbij een rol spelen. Zo’n manifestatie vertoont daarom grote overeenkomsten met een evenement. Voor deze manifestaties is een kennisgeving aan de burgemeester verplicht. Activiteiten binnen de normale bedrijfsvoering, geen evenement Activiteiten die bijvoorbeeld binnen een horecabedrijf worden georganiseerd en die binnen de normale bedrijfsvoering van dat bedrijf vallen, zijn geen evenement als bedoeld in de APV. Er is dan geen evenementenvergunning nodig. Dit geldt bijvoorbeeld voor de reguliere activiteiten in sportkantines, buurthuizen of cafés. Ook een feest voor uitsluitend genodigden (een “besloten” feest) binnen een commerciële horecavoorziening valt onder de normale bedrijfsvoering. Ook dat is dan geen evenement in de zin van de APV. Wanneer een beheerder van een (horeca-)bedrijf verwacht dat hij de wettelijke geluidnormen bij een voorgenomen feest niet kan naleven, informeert de beheerder de gemeente tijdig hierover (kennisgeving incidentele festiviteit). Zo’n afwijking van de toegestane geluidnormen is maximaal 6 keer per jaar toegestaan in de bebouwde kommen en maximaal 3 keer per jaar in het buitengebied. 2.7Indeling naar A-B-C-evenementen Binnen de Veiligheidsregio Utrecht (Vru) is ook evenementenbeleid vastgesteld. In dit beleid wordt onderscheid gemaakt in evenementen volgens de risico-categorieën: A, B en C. Deze indeling is gebaseerd op de landelijke Handreiking Evenementenveiligheid. De afbakening daarbinnen is als volgt: A-evenement (“regulier evenement”): (Zeer) onwaarschijnlijk dat die gebeurtenis leidt tot risico’s voor de openbare orde, veiligheid, de volksgezondheid of het milieu en maatregelen of voorzieningen vergt van het daartoe bevoegde gezag om die dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken. B-evenement (“aandachtsevenement”): Mogelijk dat die gebeurtenis leidt tot risico’s voor de openbare orde, veiligheid, de volksgezondheid of het milieu en maatregelen of voorzieningen vergt van het daartoe bevoegde gezag om die dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken. C-evenement (“risicovol evenement”): (Zeer) waarschijnlijk dat die gebeurtenis leidt tot risico’s voor de openbare orde, veiligheid, de volksgezondheid of het milieu en maatregelen of voorzieningen vergt van het daartoe bevoegde gezag om die dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken. 2.8Voorschriften Aan een evenementenvergunning worden voorschriften en beperkingen verbonden. Deze voorschriften hebben als voornaamste doel om het evenement veilig te laten verlopen en overlast te beperken of te voorkomen. Ook het schoonmaken van het terrein, het informeren van omwonenden op/aan de locatie waar het evenement plaatsvindt, het aanwezig zijn van openbare toiletvoorzieningen, de bevoegdheid tot het geven van aanwijzingen door ambtenaren van politie, brandweer en gemeente en dergelijke kunnen onderdeel zijn van de vergunning. N iet iedere evenement is hetzelfde. Daarom wordt voor iedere vergunning gekeken welke voorschriften van toepassing zijn. 2.9Aanvullende vergunningen, ontheffingen e.d. Afhankelijk van de activiteiten tijdens het evenement zijn aanvullende vergunningen, besluiten of ontheffingen nodig. De meest voorkomende zijn: een gebruiksmelding voor het plaatsen van een tent 14 Artikel 2.1 van de AmvB brandveilig gebruik overige plaatsen ; een ontheffing voor verkoop van alcoholhoudende dranken voor gebruik ter plaatse; een melding of vergunning voor het afsteken van vuurwerk; een ontheffing Zondagswet; tijdelijke verkeersmaatregelen voor het afsluiten van een weg 15 Artikel 18 Wegenverkeerswet; een aanwijzing als incidentele festiviteit 16 Artikel 4.3 van de APV Soest . 2.10Circussen en kermissen De gemeente verleent jaarlijks vergunningen voor circussen en kermissen. Hiervoor zal het college nader beleid ontwikkelen. 2.11Toezicht en handhaving De effectiviteit van regels en normen valt of staat met de naleving ervan. Om overtreding te voorkomen is het van belang dat een organisator van een evenement tijdig bij de aanvraag- of meldingenprocedure wordt gewezen op het naleven van de voorschriften en normen. Het in (evaluatie)gesprekken en contacten met organisatoren aan de orde stellen van geluidnormen, de betekenis ervan en de consequenties van het niet naleven, werkt over het algemeen preventief. Toezicht en handhaving op de naleving van voorschriften blijft hoe dan ook noodzakelijk. Als houder van de evenementenvergunning is de organisatie primair verantwoordelijk voor de orde en de veiligheid van de bezoekers op het evenemententerrein. De organisatie zorgt daarom voor voldoende toezicht, ook buiten de tijden dat het evenement plaatsvindt, bijvoorbeeld voor de bewaking van een tent. Het huidige toezicht- en handhavingsbeleid waarin onder meer de toezichtcapaciteit is opgenomen, geldt tot 2019. In het nieuwe beleid wordt het toezicht en handhaving bij evenementen opnieuw afgewogen en geprioriteerd. Bij die afweging zal ook worden bezien of het nodig is de zogenaamde “voorschouw” voorafgaande aan de start van een evenement door de gemeentelijke toezichthouders uit te breiden. Die voorschouw met inbegrip van de controle van geplaatste constructies zoals tribunes, vindt nu ook al plaats bij de grotere of meer risicovolle evenementen. Tijdens de eerste consultatieavond heeft een aantal evenementenorganisatoren benadrukt dat organisatie en gemeentelijke toezichthouders bij de controle beter moeten samenwerken. Daar waar het de communicatie en afstemming tussen organisatie enerzijds en de medewerkers van toezicht en handhaving en politie anderzijds betreft, zal de gemeente deze kritiek ter harte nemen. Een kanttekening past daarbij wel: In het toezicht hebben organisatie en gemeente verschillende rollen die in de praktijk een zekere spanning met zich mee kan brengen. 2.12Aansprakelijkheid De organisator is in beginsel aansprakelijk voor alle schade die door het gebruik van de vergunning aan eigendommen van de gemeente of van anderen wordt toegebracht. Verder moet de organisator de gemeente vrijwaren voor schadeaanspraken van derden. Voor schade die buiten de invloedsfeer van de organisator ligt, is hij in principe niet aansprakelijk. Voorbeeld: Een groep bezoekers die op weg naar of van een evenement spullen van de gemeente of anderen vernielt. Wel moet de organisator zorgen voor georganiseerde begeleiding en/of toezicht van bezoekers rondom de evenementenlocatie. Hoe groot dat gebied is, is afhankelijk van de omvang en het risicoprofiel van het evenement. Daarnaast geldt er ook een zekere zorgplicht van de organisator voor de bezoekers. Denk hierbij aan het zonder vervoer of begeleiding wegsturen van bezoekers bij plotselinge hevige regenval en als gevolg daarvan onderkoelingsverschijnselen bij de bezoekers. De organisator kan hiervoor een aansprakelijkheidsverzekering afsluiten, die zowel de materiële als de letselschade die voortvloeit uit het evenement dekt. In de vergunning worden locatie en tijdsduur van het evenement afgebakend, waarvoor de aansprakelijkheid geldt. Ook bij een ongeval tijdens een evenement kan de gemeente in beginsel (mede-) aansprakelijk worden gehouden voor de schade. Dit kan aan de orde zijn indien blijkt dat de vergunning voor het evenement achteraf gezien niet had mogen worden verleend op grond van de ingediende aanvraag. Zo bleek dat de burgemeester van Haaksbergen bij de vergunningverlening onvoldoende de risico’s van het Monstertruck-evenement had meegewogen. De Onderzoeksraad voor de Veiligheid heeft het ongeval onderzocht en kwam met een aantal aanbevelingen 17 Rapport Onderzoeksraad voor de Veiligheid, mei 2015 die door het Kabinet zijn onderschreven 18 Brief van de minister van BZK aan de Tweede Kamer, dd. 14 september 2015, kenmerk: 2015-0000490281. . Deze aanbevelingen zijn doorvertaald in het volgende hoofdstuk. Hoofdstuk3Naar visie en aanvullende kaders In dit hoofdstuk worden de visie en de doelstellingen beschreven en uitgewerkt naar kaders. Dit zijn kaders die dus een aanvulling vormen op de huidige aanpak en uitvoering zoals omschreven in het vorige hoofdstuk. 3.1Visie Bij het organiseren en houden van evenementen is een groot aantal partijen en belangen betrokken. Uiteraard zit er overlap in die belangen. Immers, inwoners zijn vaak ook bezoekers van evenementen en ondernemers kunnen bijvoorbeeld ook organisator van een evenement zijn. In de volgende tabel is te zien hoe die belangen verdeeld en beschermd kunnen worden: Partij Belangen Hoe belang te beschermen Omwonenden Zo min mogelijk overlast van evenementen; Rechtszekerheid voor welk evenement, waar en onder welke voorwaarden is toegestaan Heldere regels over wat mag en niet mag in APV, vergunning, beleid, bestemmingsplannen enz. Ondernemers Evenementen kunnen goed zijn voor de lokale economie en voor recreatie en toerisme Ruimte bieden en laten voor een breed aanbod aan evenementen Organisatoren Transparante en zo eenvoudig mogelijke aanvraagprocedures Zo veel creatieve ruimte om te organiseren Alleen datgene voorschrijven wat echt nodig is, geen onnodige gemeentelijke drempels opwerpen en faciliteren waar nodig en gewenst. Inwoners Evenementen kunnen bijdragen aan de sociale cohesie. Evenementen dragen bij aan een goed voorzieningenniveau. Evenementen dragen bij aan de behoefte/de wens inwoner te zijn van een gemeente waar het fijn wonen, werken en recreëren is. Een houding vanuit de gemeente gericht op het waar mogelijk stimuleren en faciliteren van evenementen Bezoekers Veilige en “gezonde” evenementen Evenementen die voor iedereen wat te bieden hebben Heldere regels stellen die goed te handhaven zijn Overheden: politie, VRU, GHOR, GGD en RUD Utrecht19VRU: Veiligheidsregio Utrecht, GHOR: Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen, GGD: Gemeentelijke Gezondheidsdienst, RUD: Regionale Uitvoeringsdienst Evenementen die voldoen aan de eisen van openbare orde, veiligheid, volksgezondheid en milieu Druk om als gevolg van ongevallen en toenemende aansprakelijkheid, risico’s te beperken Druk om vanwege sociaal-culturele redenen het organiseren van evenementen te stimuleren Maatschappelijk draagvlak creëren en behouden voor de regels. Organisatorische en procesmaatregelen treffen om risico’s goed te beheersen Ondanks deze verschillende belangen en de uiteenlopende wijzen waarop partijen hun belangen proberen te beschermen is er een zekere maatschappelijke overtuiging dat evenementen de Soester samenleving in meerdere opzichten aantrekkelijk maken. Het is daarbij de vraag hoe die verschillende belangen het beste met elkaar kunnen worden verbonden. Maar ook hoe de diverse partijen zich het beste gehoord voelen en waar nodig beschermd weten door passende maatregelen. Dit doen we door “evenementen te stimuleren en ruimte te geven waar het kan en grenzen te stellen wanneer dat moet”. Dat vormt de visie achter het evenementenbeleid. 3.2Vertaling visie naar doelstellingen en uitgangspunten Deze visie vraagt om een gemeente die in staat is zich bij evenementen in verschillende rollen te manifesteren: als initiator, als faciliterende partij (door bijv. materialen beschikbaar te stellen, subsidie te verstrekken of goede voorlichting), als toetser van de plannen voor een evenement, als toezichthouder en indien noodzakelijk: als handhaver. Vanuit die uiteenlopende belangen en rollen van de gemeente is de visie vertaald naar de volgende doelstellingen en uitgangspunten. Doelstelling/uitgangspunt Partijen die hierbij een belang hebben Rollen gemeente Het beleid moet helderheid verschaffen over de randvoorwaarden/voorschriften m.b.t de openbare orde en veiligheid, milieu en bescherming van de volksgezondheid. Omwonenden, organisatoren, bezoekers en overheden Toetser, toezichthouder en handhaver Bij het stellen van voorschriften vormt het beschermen van de veiligheid van de deelnemers en omwonenden het belangrijkste uitgangspunt. Het tegengaan van hinder of overlast vormt een secundair uitgangspunt. Omwonenden, organisatoren en bezoekers Toetser, toezichthouder en handhaver Evenementen zijn voor de gemeente geen doel op zich. Het beleid daarvoor wordt altijd in samenhang met ander beleid ontwikkeld en uitgevoerd. Ondernemers, inwoners en overheden Initiator, faciliterende partij Over het beleid, inclusief afspraken over te volgen procedures, verdeling van verantwoordelijkheden en sancties, wordt tijdig, ondubbelzinnig en begrijpelijk gecommuniceerd. Omwonenden, organisatoren, bezoekers en overheden Faciliterende partij, toetser, toezichthouder en handhaver Bij de ontwikkeling en uitvoering van het beleid vormen zo min mogelijk regels en administratieve lasten, het uitgangspunt. Organisatoren, inwoners en bezoekers Initiator, toetser, faciliterende partij Vertrouwen geven aan organisatoren vormt het uitgangspunt. Dit manifesteert zich onder meer in een soepelere houding richting organisatoren voor steeds terugkerende evenementen die goed zijn verlopen20Uitgesproken tijdens vergaderingen van de raad op 28 januari 2016 en 4 februari 2016 tijdens de behandeling van de Startnotitie evenementenbeleid.. Organisatoren Faciliterende partij, toetser, toezichthouder De gemeentelijke organisatie is in staat om een verdergaande professionalisering van de gemeentelijke taken op het gebied van evenementen te realiseren. Omwonenden en overheden Faciliterende partij, toetser 3.3Van doelstellingen en uitgangspunten naar aanvullende kaders In deze paragraaf worden de aanvullende kaders voor het evenementenbeleid omschreven. Vanwege de omvang hebben we de kaders voor het planologisch en geluidbeleid in een afzonderlijke paragraaf opgenomen. 3.3.1Organisatie en dienstverlening Digitaal indienen en behandelen van een aanvraag of melding Sinds april 2017 kan een melding voor een evenement of aanvraag voor een evenementenvergunning digitaal via de website van Soest worden ingediend. De applicatie bevat vragen waarmee de aanvrager naar de juiste vergunning of melding voor zijn of haar evenement wordt geleid. De behandeling en toetsing van de aanvraag c.q. melding kan geheel digitaal worden doorlopen. De verlening van de vergunning door de aanvrager dan wel de acceptatie van de melding vindt ook digitaal plaats. Deze ontwikkeling sluit bij de doelstelling voor het versterken van de digitale dienstverlening 21 Fundament Dienstverlening in de Programmabegroting 2017-2020, blz. 10 en 11 Kostendekkendheid leges: De jaarlijkse legesinkomsten voor beschikkingen op grond van de APV- en bijzondere wetten (zoals Drank- en Horecawet) bedroegen in 2017 € 15.225,00. De inkomsten zullen naar verwachting terug lopen door: méér evenementen onder de meldingsplicht te brengen, zodat geen vergunning meer nodig is; voor een aantal evenementen meerjarige vergunningen te verlenen. Vanwege de huidige relatief geringe opbrengst zijn de financiële consequenties zeer beperkt. Medio 2017 is er onderzoek gedaan naar de kostendekkendheid van de leges. De resultaten daarvan zijn grotendeels verwerkt in de legestarieven voor 2018. Jaarlijks worden de tarieven “herijkt”. De leges voor evenementenvergunningen krijgen daarbij momenteel bijzondere aandacht. In de Kadernota voor 2019 zal het college de gemeenteraad naar verwachting een voorstel doen voor de tarieven in de Legesverordening 2019. In dat kader kan de gemeenteraad afwegen of evenementenvergunningen meer kostendekkend moeten worden of niet. In 2018 is het tarief voor een evenementenvergunning € 39,55 of € 79,60. Hierdoor zijn deze vergunningen verre van kostendekkend. Om kostendekkend te worden zou de gemeenteraad de leges substantieel moeten verhogen. Een dergelijke verhoging kan drempelverhogend werken naar aanvragers van evenementen en past niet binnen dit beleid. Tijdens de eerste consultatieronde hebben bezoekers gevraagd of het mogelijk is de legestarieven te differentiëren in een tarief voor commerciële aanvragers en een tarief voor niet-commerciële aanvragers. Een differentiatie sluit minder goed aan bij de onderdelen van de visie: stimuleren en ruimte geven, in dit beleid. Ook leert de ervaring in andere gemeenten dat de toepasbaarheid van de differentiatie tot veel discussie kan leiden. Immers, wie is een commerciële aanvrager en wie niet? Dat is lang niet altijd duidelijk. Ook is tijdens de eerste consultatieronde verzocht de leges tot € 0 of € 1,- terug te brengen. Aangezien de legestarieven voor evenementen in Soest al relatief laag zijn, zal dit voor de organisatoren naar verwachting weinig effect hebben op het financiële resultaat bij evenementen. Daarom is over deze zaken in dit beleid niets opgenomen. Differentiëren aanvraagtermijnen A-, B- en C-evenementen: Het ene evenement vraagt uiteraard meer betrokkenheid en toetsing van de gemeente dan het andere. Daarom biedt de APV de mogelijkheid verschillende indieningstermijnen voor de A-, B- en C-evenementen te hanteren. Deze termijnen zijn in de beleidsregels nader uitgewerkt. 3.3.2Deregulering Uitgangspunt is om organisatoren niet méér te belasten met administratieve lasten dan voor het organiseren van een evenement strikt noodzakelijk is. Dit uitgangspunt is als volgt vertaald: Minder vergunningen, meer meldingen: In de beleidsregels is een uitwerking opgenomen om een aantal evenementen waarvoor op grond van de huidige tekst in de APV een vergunning nodig is, onder te brengen bij de categorie: meldingplichtige evenementen. Het gaat jaarlijks om ongeveer 15 evenementen waarvoor dan uitsluitend nog maar een melding gedaan hoeft te worden. Voor sommige meldingplichtige evenementen, zoals straatfeesten e.d., is een afsluiting van de weg nodig. Deze evenementen dienen ruim voorafgaande aan het evenement te worden gemeld. Voor de wegafsluiting is namelijk nog een verkeersbesluit van tijdelijke aard nodig. Dit verkeersbesluit wordt bekend gemaakt en omwonenden kunnen er bezwaar tegen maken. Invoering van meerjarige vergunningen In de beleidsregels is een uitwerking opgenomen om evenementen die al tenminste 3 jaar achter elkaar op dezelfde wijze hebben plaatsgevonden en zonder noemenswaardige incidenten zijn verlopen, in aanmerking te laten komen voor een vergunning die 3 jaar geldt. Het gaat naar verwachting om ongeveer 10 evenementen per jaar die voor deze verruiming in aanmerking kunnen komen. Kanttekening: de administratieve lasten Voor de gemeente leidt deze uitwerking niet of nauwelijks tot verminderde administratieve lasten, omdat:bij een melding getoetst moet worden of het daadwerkelijk om een evenement gaat waarvoor geen vergunning nodig is; bij meerjarige vergunningen jaarlijks getoetst moet worden of het evenement gelijk is aan het evenement in het voorgaande jaar; bij meerjarige vergunningen de inzet van toezicht en handhaving gelijk is aan de inzet voor een “gewone” vergunning. 3.3.3Ondermijning Er zijn op nationaal niveau aanwijzingen dat criminelen evenementen gebruiken om crimineel verdiend geld wit te wassen maar ook om via dit soort activiteiten hun maatschappelijke positie te verstevigen. Hoewel er geen signalen zijn dat dit ook in Soest gebeurt, is alertheid geboden. Bij twijfel over de organisatie of de persoon achter een evenementenaanvraag kan de integriteit van die persoon of personen getoetst worden door het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum (RIEC). Deze toets is gebaseerd op de Wet Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur (Wet Bibob). Wanneer de uitslag van die toets daartoe aanleiding geeft, kan de burgemeester de vergunning weigeren. 3.3.4Vergunningvoorschriften De gemeente voert een evenwichtig evenementenbeleid waarbij evenementen in principe altijd kunnen plaatsvinden tenzij er belemmeringen zijn op grond van: deze nota; inhoud van het evenement; evenementenkalender; locatiebeleid; APV en/of bijzondere wetten (volksgezondheid en milieubescherming); openbare orde en veiligheid; natuurbescherming; overig specifiek beleid (bijvoorbeeld t.a.v. circussen en vechtsportgala’s). Een aantal specifieke onderdelen is uitgewerkt in de beleidsregels. Hierbij geldt dat overeenkomstig de doelstellingen en uitgangspunten van de visie primair de bescherming van de veiligheid van deelnemers en omwonenden van evenementen voorop staat. 3.3.5Gebruik gemeentegrond Het gebruik van gemeentelijke gronden voor evenementen, met uitzondering van de locatie De Eng, is gratis. Het in rekening brengen van een al dan niet kostendekkend tarief voor het gebruik vormt enerzijds een nieuwe administratieve last voor zowel de organisator als de gemeente. Zo moet er berekend worden hoe veel grond nodig is voor het evenement, een factuur worden opgemaakt en een invorderingstraject worden doorlopen. Ook zullen de toezichthouders de omvang van de locatie daadwerkelijk moeten controleren en bij afwijkingen (bijv. er is meer grond in gebruik dan is aangevraagd of bij schade aan gemeentelijke eigendommen) corrigerend moeten optreden. Deze werkzaamheden vergen extra capaciteit. Daar staat tegenover dat de gemeente inkomsten voor het gebruik van gemeentelijke gronden misloopt; inkomsten die overigens niet (meerjarig) zijn begroot. Verder kan het in rekening brengen van een reële vergoeding voor het gebruik van de openbare grond een passende drempel vormen voor malafide evenementenorganisaties om in Soest een evenement te organiseren, bijvoorbeeld een braderie. Die drempel is er nu onvoldoende. Voor het gebruik van zalen voor het organiseren van een evenement en die in beheer zijn bij de gemeente worden altijd kosten in rekening gebracht. Voor een evenement buiten (m.u.v. De Eng) gebeurt dat dus niet. Dat kan de organisator als oneerlijk ervaren. Er zitten dus voor- en nadelen aan het in rekening brengen van een vergoeding voor het gebruik van gemeentegrond. Het belang om evenementen met niet meer administratieve lasten te confronteren dan strikt noodzakelijk is, weegt zwaarder dan het gemis aan beperkte gemeentelijke inkomsten. Het in rekening brengen van een vergoeding voor andere gronden dan De Eng, blijft daarom achterwege. Resteert de vraag op welke grondslag de grond tijdelijk aan de organisator van een evenement in gebruik kan worden gegeven. In de vergunning wordt daarvoor bepaald dat de grond onder voorwaarde van oplevering in de oorspronkelijke staat, in gebruik wordt gegeven gedurende de duur van het evenement. Dit vormt dan een overeenkomst op basis waarvan dan in beginsel ook eventuele kosten voor het herstel van schade aan het terrein, verhaald kunnen worden. 3.3.6Gebruik van grond met niet-gesprongen explosieven In de grond van het Park Vliegbasis Soesterberg en de Paltz bevinden zich niet-gesprongen conventionele explosieven. Dit is uit onderzoek komen vast te staan. In de beleidsregels is aangegeven op welke delen en onder welke voorwaarden in principe dan toch evenementen kunnen plaatsvinden. 3.3.7Lessen n.a.v. monstertruckongeval Haaksbergen De Onderzoeksraad voor de Veiligheid geeft naar aanleiding van het monstertruckongeval de volgende aanbevelingen aan alle gemeenten: Positioneer de burgemeester nadrukkelijk als bestuurlijk eigenaar; Professionaliseer de vergunningverlener; Verbeter mogelijkheden voor kennisdeling; Versterk het risicobeheersend vermogen van organisatoren. Dit zijn aanbevelingen die vooral zien op de gemeentelijke bevoegdheden en de uitvoeringspraktijk. Uit het rapport van de Onderzoeksraad blijkt volgens het Kabinet niet dat de regelgeving over evenementen tekort schiet. Het kabinet ziet het rapport dan ook als een oproep aan gemeenten om de aanbevelingen ter harte te nemen en waar mogelijk het proces van vergunningverlening verder te professionaliseren 22 Brief van de minister van BZK aan de Tweede Kamer, dd. 14 september 2015, kenmerk: 2015-0000490281.. Binnen Soest hebben de aanbevelingen geleid tot de volgende maatregelen: Met de burgemeester wordt periodiek overlegd over specifieke en/of omvangrijke risico’s en de te nemen maatregelen bij met name B- en C-evenementen. De evenementencoördinator heeft de cursus Coördinator Evenementenveiligheid gevolgd. De kennisdeling over evenementenveiligheid wordt regionaal georganiseerd. Hiervoor vindt 3 a 4 keer per jaar een overleg plaats waaraan de evenementencoördinator deelneemt. De Veiligheidsregio Utrecht (Vru) organiseert dit. In het contact met organisatoren wordt nu meer dan in het verleden gewezen op het belang van een goede risicobeheersing. Die beheersing wordt ook actief afgedwongen door het verplicht stellen van een veiligheidsplan. De gemeente denkt mee met een organisator en ondersteunt feitelijk door het beschikbaar stellen van hekwerken e.d. Ook is onder voorwaarden soms een subsidie mogelijk. Tegelijkertijd heeft de gemeente ook een voorwaardenstellende en handhavende rol. Het is van belang dat beide rollen in de praktijk steeds goed worden onderscheiden. 3.3.8Communicatie De communicatie tussen alle betrokken partijen is zowel voor, tijdens als na het evenement van groot belang. Vroegtijdige afstemming tussen organisator, betrokken ondernemers en de gemeente draagt bij aan een soepel verloop van een evenement. In de beleidsregels is beschreven wat van de organisator verwacht wordt bij het organiseren van de communicatie. 3.4Planologisch en geluidbeleid 3.4.1Geluid- en planologische normen in bestemmingsplannen Een van de hoofdonderdelen van het evenementenbeleid vormen de planologische en geluidnormen voor de evenementenlocaties en de -gebieden. De regels raken een groot aantal partijen met uiteenlopende belangen: inwoners, organisatoren, ondernemers en bezoekers. De regels gaan dus enerzijds over het beheersen en voorkomen van overlast en hinder bij evenementen. Anderzijds zijn ze ook bedoeld om de locaties en gebieden aan te wijzen waar evenementen mogen plaatsvinden. Dat is nodig omdat als gevolg van jurisprudentie de gemeenteraad het houden van evenementen ook in de relevante bestemmingsplannen moet regelen. RUD Utrecht is hierbij nauw betrokken geweest. Het advies van de RUD Utrecht is verwerkt in deze nota. Het vormt bijlage B bij dit beleidsplan. 3.4.2Uitgangspunten voor het bepalen van de geluidnormen Geluid is van grote invloed op gezondheid. Gewenste geluiden, zoals rustige muziek of natuurgeluiden zijn van positieve invloed. Ongewenst geluid is echter een vaak onderschatte oorzaak van gezondheidsproblemen. Na luchtverontreiniging komt geluidoverlast op de tweede plaats als milieufactor die de gezondheid kan schaden. Ernstige geluidhinder en slaapverstoring kunnen al optreden vanaf lage geluidniveaus. Ernstige geluidhinder kan via aanhoudende stress ook leiden tot lichamelijke klachten. Zo is slaapverstoring van invloed op het herstelmechanisme van het lichaam en op het functioneren overdag. Bij hogere geluidniveaus vergroot lawaai de kans op hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten. Bij het bepalen van de geluidnorm voor een evenementenvergunning hanteren wij de volgende uitgangspunten: De geluidnormen in een evenementenvergunning moeten realistisch zijn. Dit houdt in dat het evenement volgens de beoogde bedrijfsvoering moet kunnen plaatsvinden. De geluidnormen moeten maatschappelijk acceptabel zijn. Dit houdt in dat indien voldaan wordt aan de (verruimde) geluidnormen op voorhand geen onduldbare geluidoverlast te verwachten is. 3.4.3Categoriseren evenementen t.b.v. de geluidbelasting Evenementen worden voor wat betreft de geluidbelasting ingedeeld in drie categorieën. Deze indeling is niet gelijk aan de indeling in risico’s waar de evenementen naar A-,B- en C worden ingedeeld. Het gaat namelijk om andersoortige afwegingen. Geluidcategorie 1 Dit zijn evenementen zonder muziek- en installatiegeluiden, zoals bijvoorbeeld de Opendag Paardenkamp. In de afgelopen drie jaar zijn er op gemiddeld 52 dagen van dit soort evenementen binnen de gemeente gehouden. Geluidcategorie 2 Dit zijn evenementen met muziek- en installatiegeluiden, zoals bijvoorbeeld de Kermis, de Gildefeesten en braderieën met muziekgeluiden. In de afgelopen drie jaar zijn er gemiddeld op 51 dagen van dit soort evenementen in Soest gehouden. Geluidcategorie 3 Dit zijn evenementen met harde muziek- en installatiegeluiden, zoals bijvoorbeeld feestavonden met Dj’s tijdens Koningsnacht. In de afgelopen drie jaar zijn er op gemiddeld 13 dagen van dit soort evenementen in Soest gehouden. 3.4.4Invoering geluidnorm voor bastonen dB(C) Om de hinder vanwege lage tonen te beperken wordt de normeenheid dB(C) naast de dB(A) ingevoerd. Dit heeft te maken met het frequentiespectrum van muziekgeluid en de hinderbeleving van lage frequenties. Tijdens de evenementen in de buitenlucht dempen de midden en hoge tonen sneller en beter dan lage tonen die vaak veroorzaakt worden bij ‘dance’ muziek. Bij dance muziek zitten meer lage tonen in het muziekspectrum en dit geeft in de omgeving meer geluidhinder. Dit soort muziek heeft als effect dat vooral op een wat grotere afstand de lage tonen hoorbaar zijn. Deze lage tonen dringen ook gemakkelijker door in geluidgevoelige gebouwen terwijl hogere tonen daarentegen doorgaans door de muren worden tegengehouden. Lage tonen (bassen) zijn daarom veelal bepalend voor de hinderbeleving in de omgeving. In de APV worden de geluidnormen aangegeven met dB(A) waarden. Deze eenheid wordt structureel gebruikt vanuit de beoordeling van industrielawaai, waarbij de geluidniveaus onder de 50 dB(A) liggen. Voor de beoordeling van dit soort industrie geluid is gebleken dat het A-filter een goede hindermaat is. Bij muziekgeluid tijdens evenementen gaat het echter om hogere geluidniveaus waarbij de lage tonen een grotere rol spelen in de hinderbeleving. Als hindermaat is hiervoor het C-filter geschikter. Daarom zal naast het hanteren van de dB(A) norm, ook de dB(C) norm gebruikt gaan worden. Om de lage tonen in te perken wordt een dB(C) norm in de vergunning opgenomen van maximaal 83 (geluidcategorie 2) en maximaal 93 (geluidcategorie 3) dB(C). Dit is gebaseerd op eerdere ervaringen met geluidmetingen bij evenementen in andere gemeenten die ook een dB(C) norm hanteren. Het verschil tussen dB(A) en dB(C) zorgt ervoor dat het aandeel lage tonen bij veel van de muziekevenementen wordt ingeperkt. Deze inperking is echter niet zodanig dat deze muziekevenementen niet meer tot hun recht komen. De ervaringen met de genoemde dB(C) norm betrekken we bij de latere evaluatie van het beleid. 3.4.5Uitwerking geluidnormen Uit landelijk onderzoek blijkt dat een geluidsniveau in een woning overdag en ’s avonds maximaal 50 dB(A) en ’s nachts maximaal 45 dB(A) als realistisch en maatschappelijk acceptabel wordt ervaren. Uitgaande van een gemiddelde isolatiewaarde van een woning met 20 a 25 dB(A) betekent dit een maximale geluidbelasting van 70 a 75 dB(A) overdag en ‘s avond en 65 a 70 dB(A) ’s nachts op de buitengevel van de woning. De maximaal toegestane geluidbelasting voor de geluidcategorie 1 zijn gelijk aan de standaard geluidnormen vanuit het activiteitenbesluit. Zie de tabel hieronder. Waarop gebaseerd? Tijdsblokken in uren met geluidbelasting op gevels van woningen binnen een straal van 50 meter van de geluidbron 07.00 - 19.00 19.00 – 23.00 23.00 – 07.00 Activiteitenbesluit Wet milieubeheer23Een door het rijk vastgestelde regeling die voor alle gemeenten geldt.: maximaal toegestaan 50 dB(A) 45 dB(A) 40 dB(A) Voor geluidcategorie 2 zoals in de volgende paragraaf omschreven, zijn de standaardnormen verhoogd met 20 dB(A) en is een dB(C) norm toegevoegd. Deze verruiming voldoet aan de genoemde uitgangspunten: realistisch en maatschappelijk acceptabel. Voor geluidcategorie 3 evenementen is een gevelbelasting van 70 a 75 dB(A) in de praktijk ontoereikend, omdat die evenementen vanwege het karakter meer geluid produceren. Om geluidcategorie 3-evenementen te kunnen laten plaatsvinden, moet voor deze categorie evenementen een maximale gevelbelasting in de dag-, avond- en een deel in de nachtperiode, van maximaal 80 dB(A) worden toegestaan. Een gevelgeluidbelasting van 80 dB(A) zal in de woning tussen de 55 á 60 dB(A) aan geluid veroorzaken. Dit wordt daarom in principe gezien als hinderlijke geluidoverlast. Toch wordt deze verruiming bij meerdere gemeenten gehanteerd, waarbij een juiste balans wordt gecreëerd in de tijdsduur van de geluidhinder bij evenementen en het jaarlijks maximum aantal evenementen dat binnen de bebouwde kom gehouden mag worden. De geluidcategorie 3-evenementen inclusief de maximaal toegestane geluidbelasting van 80 dB(A) wil de gemeente Soest beperkt toegestaan en wel voor maximaal 25 geluidcategorie 3 evenementdagen per kalenderjaar. Het maximale aantal van 25 wordt in de beleidsregels onderverdeeld over verschillende locaties en gebieden in de gemeente Soest. Per locatie geldt dat er binnen een straal van 500 meter maximaal 3 geluidcategorie 3 evenementendagen op een locatie mogen plaatsvinden, zolang het maximale aantal geluidcategorie 3 evenementdagen van 25 (binnen het kalenderjaar) nog niet is bereikt. De limitering van 25 categorie 3 evenementdagen per jaar betekent dat er in de komende jaren nog ruimte is (12 extra evenementdagen) voor nieuwe geluidcategorie 3-evenementen in de gemeente. 3.4.6De concrete geluidnormen per categorie bij evenementen Categorie Voorbeeld-evenement Bandbreedte in decibellen: -op gevel dichtstbij zijnde woning -of afstand 50 meter van buitengrens evenementenlocatie Gem. geluid Pieken Bas tonen Cat. 1: Niet-versterkt geluid Vlooienmarkt 50 70 - Cat. 2: Gemiddeld geluid Oude Ambachtenmarkt, Kermis, Circus, Sportevent, Gildefeesten, Braderie, Kerstmarkt 70 90 83 Cat. 3: Live muziek, DJ* Koningsdag, Koningsnacht, Powerweekend 80 95 93 *Er mogen op de locaties waar categorie 3 evenementen plaats vinden max 3 dagen per jaar evenementen van deze categorie worden gehouden (in de hele gemeente max 25 per jaar). Wanneer mogen evenementen (met geluid) plaatsvinden? De dagen/tijden waarop evenementen mogen plaatsvinden zijn elke dag van de week met de volgende begin- en eindtijden: Dagen Begintijd Eindtijd Maandag, dinsdag, woensdag en donderdag 07:00 uur 23:00 uur Vrijdag en zaterdag 09:00 uur 01:00 uur* Zondag 11:00 uur** 23:00 uur*** * Met uitzondering van categorie 3 evenementen waarbij de afstand tussen de buitengrens van de evenementenlocatie en de gevel van de dichtstbijzijnde woning minder is dan 50 meter. Hier geldt een maximale eindtijd van 00.00 uur. **Begintijd mogelijk in combinatie met een ontheffing van de Zondagswet, zonder ontheffing: 13.00 uur. ***Als na de zondag een feestdag volgt kan de verplichte eindtijd op 01.00 uur worden gezet in plaats van 23:00 uur. De eindtijd van 23:00 uur geldt dan voor de dag voorafgaande aan de volgende werkdag. Een eindtijd op vrijdag- en zaterdagavond tot 01.00 uur is verantwoord omdat bij een aantal geluidcategorie 3-evenementen, zoals Powerweekend en Zomerfeest, feitelijk al langere tijd een eindtijd tot 01.00 uur wordt gehanteerd. Op de locaties waar deze evenementen plaatsvinden bevinden zich bovendien geen woningen binnen een afstand van 50 meter van de buitengrens van een evenementenlocatie. Ook zijn er geen klachten over de geluidbelasting. Voor deze en andere evenementen die voldoen aan de omschreven afstandsnorm wordt de eindtijd van 01.00 uur nu als beleidsregel opgenomen. Afwijken van de geluidnormen Tijdens de overleggen met KHN afdeling Soest-Baarn (bijlage A1) en met het MKB (Bijlage A3) is gevraagd een beperkt aantal keren per jaar meer geluid te mogen produceren dan volgens dit beleid maximaal is toegestaan, te weten gemiddeld 95 dB(A) a 100 dB(A) in plaats van gemiddeld 80 dB(A) die geldt voor categorie 3-evenementen. Zoals uit het advies van de RUD blijkt (bijlage B1) wordt gemiddeld 95 dB(A) op de gevel van een woning gezien als onduldbare hinder. Aan dit verzoek verlenen wij daarom geen medewerking. De geluidnormstelling kan in bijzondere situaties lager worden vastgesteld. De geluidnormstelling kan daarentegen nooit hoger dan de normen zoals opgenomen in het Beleidsplan, worden vastgesteld. 3.4.7Collectieve en incidentele festiviteiten in en bij bedrijven Collectieve festiviteiten Burgemeester en wethouders kunnen jaarlijks collectieve festiviteiten aanwijzen die niet specifiek aan één of een aantal (horeca-)bedrijven zijn verbonden, zoals Koningsdag en Bevrijdingsdag. De grondslag daarvoor moet dan zijn opgenomen in de APV. Door deze aanwijzing kunnen (horeca-)bedrijven en organisaties die niet specifiek aan een (horeca-)bedrijf zijn verbonden zowel binnen als in de open lucht festiviteiten ontplooien die afgestemd zijn op de landelijke en plaatselijke festiviteiten. Dit zijn over het algemeen geluidcategorie 3 evenementen. Dit betekent dat bij de aangewezen collectieve festiviteiten het geluidniveau op de gevel(

  1. s)van geluidgevoelige gebouwen die binnen 50 meter van de erfgrens van het (horeca-)bedrijf zijn gelegen, maximaal gemiddeld 80 dB(A en 93 dB(C) mag zijn. Gezien het collectieve karakter tellen deze festiviteiten niet mee in de limitering van 25 dagen per kalenderjaar van categorie 3 evenementen in de gemeente Soest. Bij de eerstvolgende herziening van de APV wordt deze regeling meegenomen. Incidentele festiviteiten In de gemeente Soest mag binnen een (horeca-)bedrijf binnen de bebouwde kom jaarlijks maximaal zes incidentele festiviteiten worden gehouden waarbij de wettelijke geluidnormen voor dat bedrijf niet van toepassing zijn. Voor het buitengebied geldt een maximum van drie keer. Let wel, de regeling voor de aanwijzing van incidentele festiviteiten is gekoppeld aan de locatie van een bedrijf: het pand en de buitenruimte die hoort bij het bedrijf. Dit betekent dat als een festiviteit in de openbare buitenruimte plaatsvindt (dus buiten een terras), er sprake is van een evenement waarvoor de regeling voor het aanwijzen van zes incidentele festiviteiten niet geldt. Als een festiviteit als incidentele festiviteit is aangewezen, zijn de volgende geluidsniveaus toegestaan: Binnen een (horeca-)bedrijf: Geluidnormen dag-, avond-, en een deel van de nachtperiode* 7.00 uur - 19.00 uur 19.00 uur – 23.00 uur 23.00 uur – 01.00 uur Gemiddelde muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting op de gevel(
  2. s)van geluidgevoelige gebouwen of op 50 meter afstand van de erfgrens van inrichting, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is. 70 dB(A) 65 dB(A) 60 dB(A) Gemiddelde muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting in in- en aanpandige gevoelige gebouwen. 55 dB(A) 50 dB(A) 45 dB(A) Piek-muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting op de gevel(
  3. s)van geluidgevoelige gebouwen of op 50 meter afstand van de erfgrens van inrichting, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is. 90 dB(A) 85 dB(A) 80 dB(A) Piek-muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting in in- en aanpandige gevoelige gebouwen. 75 dB(A) 70 dB(A) 65 dB(A) Bas-muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting in in- en aanpandige gevoelige gebouwen. 68 dB(C) 63 dB(C) 58 dB(C) Bas-muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting op de gevel(
  4. s)van geluidgevoelige gebouwen of op 50 meter afstand van de erfgrens van inrichting, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is. 83 dB(C) 78 dB(C) 73 dB(C) *Dit betreft de maximale gevelbelasting die kan worden toegestaan; afhankelijk van de specifieke omgevingskenmerken kan een lagere gevelbelasting worden opgelegd. Op dit moment geldt de regeling voor het aanwijzen van zes incidentele festiviteiten per jaar – zoals hiervoor aangegeven - alleen voor festiviteiten binnen het bedrijf. Het MKB wenst de regeling uit te breiden naar de buitenruimte bij een inrichting. Dat gaat dan om de buitenruimte die in formele zin onderdeel uitmaakt van het bedrijf. In de praktijk zijn dat vooral de terrassen bij horecabedrijven. Het ligt dan voor de hand daarvoor ook de maximale geluidnormen van de regeling voor evenementen te hanteren (paragraaf 3.4.6) 24 Het toestaan van 25 evenementendagen voor de gehele gemeente en maximaal 3 per locatie is niet van toepassing. Immers, de afweging wordt per bedrijf dat voor de incidentele festiviteitenregeling in aanmerking komt, gemaakt en daarbij geldt een maximum van in totaal 6 waarvan maximaal 3 in de buitenruimte bij het bedrijf. . Immers, de geluidproductie is vaak hetzelfde als bij evenementen die in de openbare ruimte plaatsvinden. Om de overlast voor de omgeving te beperken zijn van de in totaal zes incidentele festiviteiten per bedrijf maximaal 3 incidentele festiviteiten in de buitenruimte toegestaan. De tabel met die geluidnormen ziet er dan als volgt uit: Buiten een (horeca-)bedrijf: Geluidnormen dag-, avond-, en een deel van de nachtperiode* 7.00 uur 19.00 uur 19.00 uur 23.00 uur alleen op vrijdag,- en zaterdagavond 23.00 uur -01:00 uur** Gemiddelde muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting op de gevel(
  5. s)van geluidgevoelige gebouwen of op 50 meter afstand van de erfgrens van de inrichting, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is. 80 dB(A). 80 dB(A). 80 dB(A). Piek- muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting op de gevel(
  6. s)van geluidgevoelige gebouwen of op 50 meter afstand van de erfgrens van inrichting, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is. 95 dB(A) 95 dB(A) 95 dB(A) Bas-muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting op de gevel(
  7. s)van geluidgevoelige gebouwen of op 50 meter afstand van de erfgrens van inrichting, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is. 93 dB(C) 93 dB(C) 93 dB(C) *Dit betreft de maximale gevelbelasting die kan worden toegestaan; afhankelijk van de specifieke omgevingskenmerken kan een lagere gevelbelasting worden opgelegd. ** Met uitzondering van collectieve festiviteiten waarbij de afstand tussen de buitengrens van de evenementenlocatie en de gevel van de dichtstbijzijnde woning minder is dan 50 meter. Hier geldt een maximale eindtijd van 00.00 uur. De tabellen laten zien dat de toegestane geluidnormen voor geluid dat binnen het bedrijf wordt geproduceerd lager liggen dan die voor evenementen die in de buitenruimte/open lucht plaats vinden. Dat is ook logisch omdat dat geluid vanuit een afgesloten binnenruimte komt en er ondanks een mogelijk hoog geluidvolume binnen, er in de regel veel minder geluid op de gevels van omliggende woningen (binnen een straal van 50 meter) wordt veroorzaakt. 3.4.8Het geluidbeleid schematisch samengevat De regels voor geluid voor horeca en evenementen zijn hieronder in een infographic opgenomen: 3.4.9Locaties en gebieden voor evenementen in Soest Leaflets per locatie Geen enkele evenementenlocatie of gebied waar een evenement mag plaatsvinden, is hetzelfde. Het is daarom onontkoombaar dat op de ene plek meer of andersoortige evenementen worden toegestaan dan op de andere. In de bijlagen bij de beleidsregels (de “leaflets”) zijn daarom per evenementenlocatie en -gebied de soorten evenementen, de maximale geluidproductie, het aantal evenementendagen en de eindtijden bepaald. Evenementen en bestemmingsplannen Deze beleidsregels worden verankerd in de bestemmingsplannen van de gemeente. Met deze procedure zal het college na de besluitvorming over dit Beleidsplan starten. Die procedure zal dan naar verwachting medio 2019 zijn afgerond. Hierbij zal zo veel mogelijk in lijn met de toekomstige Omgevingswet en rekening houdend met de nieuwe Wet Natuurbescherming (is op 1 januari 2017 in werking getreden) worden gehandeld. Een evenement is planologisch relevant indien het evenement: langer dan 4 uur duurt, of, korter dan 4 uur duurt maar er 4 van dergelijke korte evenementen in een jaar plaatsvinden. De locaties Op de volgende locaties worden herhaaldelijk evenementen georganiseerd die planologisch relevant zijn of waar er concrete aanwijzingen zijn dat op die locatie alsnog op korte termijn een evenement wordt aangevraagd 25 Peildatum: 1 juni 2018. Ook als er uitsluitend sprake is van een bedrijf (“inrichting”) op grond van de Wet milieubeheer kan een locatie planologisch relevant zijn mits er daar maar evenementen plaats vinden. : Vaarderhoogt Sporthal en zwembad De Engh Rademakerstraat Kleine Melm Oude Ambachtenmarkt Gildeterrein Ferdinand Huycklaan Banningstraat en Dorpshart Birkstraat A.P. Hilhorstweg Evenemententerrein De Eng Gildehuis/Artishock Van Weedestraat winkelgebied Soest Zuid winkelgebied Lange Duinen Met het aanwijzen van de: Kleine Melm en Birkstraat wordt geen uitspraak gedaan over de wenselijkheid van horeca op deze locaties. Paraplu-herziening bestemmingsplannen De genoemde locaties en gebieden zullen worden opgenomen in het paraplu- bestemmingsplan. Worden er later nieuwe locaties/gebieden voor het houden van evenementen aangewezen, dan volgt een nieuw paraplu-bestemmingsplan. 3.4.10Evenementen en natuurbescherming Vanzelfsprekend mogen de natuurwaarden bij evenementen niet aangetast worden. De bescherming van die waarden gebeurt op twee manieren: De Wet natuurbescherming: Of dier- en plantensoorten nu wettelijk beschermd zijn of niet, iedereen moet voldoende rekening houden met in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving. De wet erkent daarmee de intrinsieke waarde van in het wild levende soorten. Onder de Wet natuurbescherming geldt een zorgplicht voor alle in het wild levende dieren en planten die geldt voor iedere locatie. De zorgplicht houdt in dat een evenementenorganisator en/of de deelnemers handelingen of activiteiten nalaten en de nodige preventieve maatregelen nemen om schade aan dieren en planten te voorkomen. Om te bepalen of een evenement een schadelijk effect heeft op flora en fauna, is het van belang voor de organisator te weten: welke soorten dieren of planten er op en rond de locatie voorkomen en welke beschermd en kwetsbaar zijn. De organisator neemt hierin het initiatief. Als uit dat onderzoek blijkt dat er beschermde soorten aanwezig zijn, is het van belang het evenement zó in te richten dat de beschadiging en/of verstoring “tot nul” wordt beperkt (gemitigeerd). Voorbeelden van preventieve maatregelen zijn: Het evenement laten plaatsvinden op een ander moment, bijvoorbeeld buiten het broedseizoen. Verplaatsen van het evenement naar een ander terrein. Afschermen van terreindelen met een kwetsbare natuurwaarde. Aanpassen van de evenementtijden. Voorkomen van geluidoverlast door inzet van speciale geluidapparatuur of door overkappingen te plaatsen. Het schrappen van vuurwerk. Lukt het niet met preventieve maatregelen schadelijke effecten te voorkomen, dan kan het evenement niet doorgaan. Ontheffingen zijn namelijk niet mogelijk. Voor vogels geldt dat verstoring niet is verboden indien die verstoring niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort (artikel 3.1 lid 4 en lid 5 Wnb). Ook als er geen beschermde planten- en diersoorten zijn waargenomen, geldt de zorgplicht van de Wet natuurbescherming. Dit houdt in dat de gebruiker altijd respectvol moet omgaan met de natuur en moet streven deze zo min mogelijk te verstoren. Natuurnetwerk Nederland (NNN): De aangewezen evenementenlocatie: Grote Duinen ligt in het gebied dat onderdeel is van het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Het gaat hier om een gebied dat in de lokale bestemmingsplannen is aangewezen als gebied met bijzondere natuurwaarden. Binnen deze bestemming zijn evenementen in beginsel niet toegestaan. Bij een verzoek om het houden van een evenement in dat gebied zal getoetst worden aan het zogenaamde “Nee-tenzij” beginsel van het NNN. In het onderzoek, moet dan worden aangetoond dat “de wezenlijke kenmerken en waarden van het natuurgebied niet significant worden aangetast”. Het resultaat hiervan kan zijn dat binnen het NNN-gebied in één of meerdere delen wel evenementen kunnen plaatsvinden en in andere niet. 3.4.11Evenementen en dierenwelzijn Bij evenementen met dieren valt te denken aan goochelaars met konijnen, het vangen van varkens of ganstrekken. Bij deze evenementen bestaat een groot welzijnsrisico voor het dier, zeker als er sprake is van competitie. Daarnaast is de wijze van omgang met dieren vaak stuitend. Het dier wordt gedegradeerd tot een spelobject. Evenementen met dieren kunnen niet zomaar gehouden worden. In de eerste plaats geldt landelijke wetgeving, namelijk de Wet dieren. Deze wet bepaalt dat de mogelijkheden om dieren bij evenementen te gebruiken beperkt zijn. Zo geldt er sinds 2015 een verbod om wilde zoogdieren te laten optreden in een circus of bij andere optredens. Daarnaast is er voor het houden van dergelijke evenementen vrijwel altijd op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) een vergunning van de gemeente nodig. Huidige situatie circussen Wat dieren in circussen betreft heeft de gemeente Soest een paar jaar geleden (naar aanleiding van brieven van dierenbelangenbehartigers) besloten om circussen met dieren niet te weigeren. Als meerdere circussen op grond van (andere) criteria in aanmerking komen voor een vergunning en de ene werkt met (wilde) dieren en de andere niet, dan zal de voorkeur worden gegeven aan het dierloze circus. Het is dus een keuzecriterium in laatste instantie. Hoofdstuk4Evaluatie van het nieuwe beleid De ontwikkelingen rondom evenementen staan niet stil, zo heeft de ervaring in de afgelopen jaren geleerd. Die dynamiek is blijvend en zal ongetwijfeld weer tot nieuwe inzichten met betrekking tot openbare orde, veiligheid, volksgezondheid, ruimte en milieubescherming voor evenementen leiden. Om als gemeente tijdig op die ontwikkelingen te kunnen inspelen, is met een zekere regelmaat bijstelling van het beleid nodig. Dat maakt regelmatige evaluatie van het geldende beleid noodzakelijk. Daar staat tegenover dat dit nieuwe beleid ook een volwaardige kans moet krijgen zich te bewijzen. Wij stellen daarom voor de uitvoering van dit beleid na twee jaar na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan te evalueren. BijlageA1 Samenvatting overleg met vertegenwoordigers van Koninklijke Horeca Nederland, afdeling Soest-Baarn Op 8 maart 2017 Ten behoeve van het nieuwe beleid dragen de vertegenwoordigers de volgende punten aan: De gemeentelijke informatie over de spelregels bij het aanvragen van evenementen ontbreekt. Ook is er behoefte aan duidelijkheid over de normen voor tribunes, tenten en afzettingen e.d. Gebruik een site van de gemeente of “Uit in Soest” om de informatie over evenementaanvragen te verstrekken. De horeca geeft aan dat zij deze informatie in eerste instantie niet zoeken op de site van “Uit in Soest”. Een hogere norm dan 80 dB(
  8. a)aan de dichtst bij zijnde gevel accepteren indien de rechthebbende/bewoner van die woning hiermee schriftelijk akkoord gaat. Nu ontbreekt die flexibiliteit in de toepassing van de geluidnormen. Maak duidelijk op welke locaties de 80 dB(a)-norm van toepassing is. Gepleit wordt voor een ruimere norm van 100 dB(
  9. a)op grote evenementenlocaties en in de centrumgebieden zoals weergegeven in het Retailbeleid. Met name voor de viering van Koningsdag. Richt het digitale aanvraagproces voor een vergunning/melding zo in dat de aanvrager gemakkelijk kan nagaan wat voor vergunning(
  10. en)hij/zij nodig heeft dan wel dat een melding moet worden gedaan. Gepleit wordt voor de invoering van een meerjarige evenementenvergunning en maak dan duidelijk welke termijn in acht moet worden genomen voor de jaarlijkse toets of het evenement nog wel aan de voorschriften van de verleende meerjarige vergunning voldoet. Zo mogelijk via evenementenkalender. Het gebruik van drugs (pillen) komt ook op de Soester evenementen voor. Daar valt niet op te handhaven, tenzij het gezien wordt. Het doorgeven van alcohol aan 18-minners door 18-plussers is een probleem waarop de organisatie van een evenement niet op kan controleren. De handhaving daarop moet van de gemeentelijk toezichthouders komen. Er dienen betere afspraken gemaakt te worden tussen politie en beveiliging van een evenement. BijlageA2 Inbreng van deelnemers 1e consultatieronde op 18 april 2017 Opbrengst eerste consultatie van evenementenorganisatoren en andere betrokkenen t.b.v. het opstellen van een evenementenbeleid. Inleiding Op dinsdagavond 18 april jl. is de eerste consultatieavond om te komen tot een evenementenbeleid gehouden. Daarvoor had zich ruim 35 belangstellenden aangemeld. Op de avond zelf waren 40 belangstellende aanwezig. Daarnaast waren vanuit de gemeente diverse medewerkers aanwezig. Presentatie Nadat Annemieke Vos, adviseur Openbare orde en Veiligheid van de gemeente, de bijeenkomst had geopend hield Leo Mes, adviseur evenementenbeleid, een presentatie over evenementenbeleid en de uitgangspunten voor het nieuwe beleid. Er waren diverse vragen. De vraag over wat een evenement is en wat niet kon voor de exploitant van restaurant Soesterduinen niet afdoende worden beantwoord. Dit vraagt nog om een vervolg via een afzonderlijk overleg. Inbreng van de deelnemers Na de pauze konden de deelnemers aan de hand van verschillende thema’s op post-its aangeven wat zij belang vonden voor het nieuwe beleid. Aan de hand van de kleur van de post-it konden de deelnemers duidelijk maken wat zij wilden (groen) en wat zij niet wilden (oranje). De resultaten van dat deel van de avond waren de volgende: Thema Wat wilt u wel? Wat wilt u niet? Al opgenomen in concept-beleid? Alsnog opnemen in concept-beleid? Dienstverlening/ Uitvoering/ Toezicht? Reactie gemeente Procedure (behandeling aanvraag) Duidelijke tijdkaders aangeven bij de aanvraag. Minimaal 1 maand voorafgaande aan tijdstip evenement de gemeentelijke reactie Nee Ja Ja Indien de aanvraag volledig en tijdig wordt ingediend, kan de vergunning binnen de indieningsperiode worden verleend. Een adviserende rol van de gemeente: hoe is het evenement wel te organiseren i.p.v. uitsluitend de mededeling dat het niet kan Nee Nee Ja Het uitsluitend mededelen dat iets niet kan, komt niet voor. Meer digitaal beschikbare informatie Ja - - Snellere en betere aanvraagprocedure met snelle ontvangstbevestiging Nee Nee Ja Deze wens wordt ingevuld met de introductie van het digitale aanvraagproces. Tijdbestek tussen aanvraag en vergunning laten afhangen van commercieel of niet-commercieel evenement. Vast tijdsbestek tussen aanvraag en vergunning. Nee Nee Nee Is niet mogelijk: gaat om aard en zwaarte van het evenement De behandeling van de eigen aanvraag digitaal kunnen volgen Nee Nee Ja Is voorlopig niet mogelijk binnen digitaal aanvraagproces Duidelijker aanvraagformulier afgestemd op evenement Een niet zo lang aanvraagformulier omdat de helft niet van toepassing is. Nee Ja Ja In tekst m.b.t. digitaal aanvraagproces vraagboomstructuur benadrukken Alleen relevante informatie bij de aanvraag opvragen Nee Ja Ja In tekst m.b.t. digitaal aanvraagproces benadrukken dat beslist niet meer wordt gevraagd dan voor juiste maar wel volledige beoordeling van aanvraag noodzakelijk is. Meer evaluatie van het beleid door gemeente en “gebruikers” Ja In tekst benadrukken dat evaluatie met “gebruikers” zal gebeuren. Aanvraag voor verkeersregelaar integreren in procedure Nee Ja Ja Goede suggestie, nemen we mee. Overleg met politie voordat Sylvestercross plaatsvindt Nee Nee Ja Een ingewikkeld aanvraag proces Nee Ja Ja In concept-beleid benadrukken dat door digitalisering aanvraagproces overzichtelijker wordt Regels (geluidnormen, veiligheid, parkeren, e.d.) Parkeerfaciliteit uitbreiden langs de Eemweg Parkeerverbod langs Eemweg bij evenementen (VVZ ’49) Nee Nee Ja Het parkeerareaal bij VVZ wordt niet specifiek voor evenementen uitgebreid. Is een bekende kwestie. Het parkeerverbod aan beide zijden van de Eemweg is ingesteld vanwege de doorgang voor het verkeer, waaronder de hulpdiensten. Aansprakelijkheid bij evenementen: Onderscheid tussen interne factoren: het evenement zelf en externe factoren van buiten het evenement, bijv. groep raddraaiers die orde komt verstoren. Nee Ja Nee Passage over aansprakelijkheid in concept-beleid verduidelijken Onderscheid tussen aantallen meldingen binnen en buiten de bebouwde kom Nee Nee Nee Hierbij worden in de geluidnormen bij evenementen geen onderscheid gemaakt Evenementen mogelijk maken in de gehele gemeente Beperking van de locatie mogelijkheden Nee Ja Nee In concept-beleid opnemen dat het aanwijzen van locaties en labelen van gebieden onontkoombaar is omdat het ene gebied anders is dan het andere. Een goed beleid, zodat er geen regels nodig zijn Nee Nee Nee Borgen dat het beleid bestand is tegen personeels wisselingen en maar voor één uitleg vatbaar is Nee Ja Ja Duidelijkheid over de locatie en hoe vast staat de locatie? Ja Dit komt duidelijk naar voren in het evenementenbeleid. Weinig/geen regels Nee Ja Nee In concept-beleid iets zeggen over belang over hoe we in Soest met evenementen willen omgaan. Daarvoor zijn “spelregels” nodig. Makkelijker en compacter format voor het calamiteitenplan: geen 26 pagina’s Nee Nee Ja Het calamiteitenplan kan helaas niet compacter. Ervaring leert wel dat indien de aanvrager het format één keer goed invult, er jaarlijks enkel maar updates te worden doorgevoerd. Wat wordt nagestreefd: verruiming openingstijden of evenement helder maken Nee Nee Nee Verschil festiviteiten bij reguliere bedrijfsvoering horeca en evenement duidelijk maken, bruiloft=reguliere bedrijfsvoering Verschil tussen kosten die voortvloeien uit festiviteiten bij reguliere bedrijfsvoering horeca: € 0,00 en bij evenement: € 1000,00 voor EHBO, beveiliging en leges Ja Ja Nee Passage hierover in concept-beleid verduidelijken/ aanscherpen Schenken van alcohol binnen een vastgesteld aantal dagen maar laten aansluiten bij de duur van een evenement Nee Ja Dat is nu al in de praktijk het geval. De wet gaat uit van maximaal 12 aaneengesloten dagen bij een evenement. Dat maximum wordt in de praktijk niet gehaald omdat in Soest geen evenementen voorkomen die zo lang duren. Dit jaar bij uitzondering wel: Gildenfeest Ondersteuning gemeente: afzettingen, afvalver wijdering e.d. Hulp bij het opstellen van een verkeersplan Nee Nee Ja Nieuwe aanvragen via gemeente of door gemeente gestimuleerde ondersteuningsteam bijstaan in het proces Nee Nee Ja Heeft geen prioriteit Leges max € 1,00 Leges voor vergunning Nee Ja Ja Benadrukken dat leges al laag zijn in Soest en volstrekt niet kostendekkend Leveren van materialen eventueel tegen kostprijs Leges voor niet-commerciële evenementen Nee Ja Ja Idem en benadrukken dat onderscheid niet is toegestaan in Legesverordening Leges bij evenementen van vereniging of club Nee Ja Ja Idem en benadrukken dat onderscheid niet is toegestaan in Legesverordening Verstrekken van advies, meedenken op basis van de ervaring en ondersteuning bieden Nee ? Ja Adviseren en meer coördineren gaat verder dan huidige functie. Gebeurt waar mogelijk. Als daaraan structurele invulling moet worden gegeven, dan is uitbreiding van de functie nodig. Samenwerking met/medewerking van gemeente nu nog te veel afhankelijk van de medewerkers zelf Nee Nee Ja Ondersteuning meer borgen in functie: heeft gevolgen voor omvang functie! Evenementen vermelden op de gemeentepagina /website Ja - Evenementenlocatie die hedendaagse evenementen mogelijk maakt en aan die eisen voldoet Nee Nee - Met deze opmerking wordt gesuggereerd dat de evenementenlocatie(
  11. s)niet aan de wensen voldoet/voldoen. De locaties voldoen wel aan de eisen van deze tijd. Vaste locaties vastleggen met do’s en don’ts Ja Nee - Minder vergunningen, meer meldingsplicht Duidelijkheid over voor welke evenementen je een vergunning nodig hebt en welke uitsluitend gemeld hoeven te worden. Ja Nee - 1 x vergunning en dan uitsluitend nog melding voor zich herhalend evenement: meerjarige vergunning Steeds opnieuw bij terugkerend evenement vergunning moeten aanvragen Ja Nee - Minder vergunningen Ja Nee - Doorlopende toestemming voor winkelgebieden voor kramen en kleine activiteiten Nee Nee - Is in nieuw beleid mogelijk indien meerdere gelijksoortige kleine evenementen voor dezelfde locatie worden gemeld. Meldingsplicht voor winkelgebieden voor kramen en kleine activiteiten Ja - - Bij repeterende evenementen: beperkte aanvraag (zoals Sylvestercross) Ja Nee - Bij repeterende evenementen: vergunning beperken tot datgene wat wijzigt (bijv. bij de kermis) Ja Nee - Evenementen binnen horeca tot max. aantal personen en gelimiteerd aantal keer per jaar: uitsluitend melding Nee Nee - Er is al een meldingstelstel voor overschrijding geluidnormen: max. 12 x per jaar. Ook wordt het meldingstelsel voor evenementen uitgebreid. Zo wordt aan die wens tegemoet gekomen. Vergunningplicht voor gewone feesten op sportcomplex Nee Nee - Niet duidelijk is wat hiermee wordt bedoeld. Toezicht alcohol (en drugs) Meer handhaving bij parkeren door Boa/politie Nee Nee Ja Heeft de aandacht. Eisen dat verantwoordelijke voor het evenement diploma sociale hygiëne heeft Nee Nee Ja Wordt bij aanvraag voor een vergunning op getoetst. Handhaving vormt nog wel een aandachtspunt. Als het niet gebruikelijk is bij een evenement (Sinterklaasintocht) er ook niets over hoeven zeggen Ja Nee Ja Vloeit toch voort uit gebruik nieuw digitaal aanvraagformulier: alleen datgene vragen wat nodig is voor het betreffende evenement Samen met organisatie toezicht uitoefenen en (overmatig) gebruik tegengaan Ja Ja Ja In het beleid benadrukken dat organisatie en toezicht (nog) meer moeten samenwerken. Wat doen als er geen entree wordt geheven? Nee Ja Ja Vormt een verantwoordelijkheid van de organisatie. Bij verstrekking letten op leeftijd en doorschenken. Vormt aandachtspunt. Zorg voor bewaking buiten de activiteiten Nee Ja Ja Duidelijk maken dat dit ook verantwoordelijkheid is voor organisatie en kosten met zich meebrengt. Nagaan of slapen in een evenemententent kan worden toegestaan om zo de tent en het terrein erom heen ’s nachts te bewaken. Nagaan bij de gemeente Amersfoort. Overige onderwerpen Kijk eens naar Amersfoort; een echte evenementenstad! Nee Ja Nee In inleiding benadrukken dat ook naar beleid andere gemeente is gekeken: best practices Vragen Hoe om te gaan met een optocht door Soest in verband met evenementen gebieden? Nee Ja Nee Dan gelden niet de reguliere eisen die gelden voor evenementen die gelden in evenementen gebiedenebieden. BijlageA3 Wensen en aandachtspunten n.a.v. de overleggen met een aantal winkeliers en een horeca-ondernemer over het concept-evenementenbeleid Data: maandagochtend 9 april 2018 en maandagochtend 9 juli 2018 Aanwezig: Diverse vertegenwoordigers van lokale ondernemersnetwerken Mevrouw Puck Brunet de Rochebrune, namens gemeente Soest Mevrouw Nynke Minkema, namens gemeente Soest De heer Leo Mes, namens gemeente Soest Onderwerp Omschrijving Reactie gemeente Evenementenkalender -Schuif de deadline voor het melden van evenementen op van 15 november naar 1 januari. -Maak het mogelijk om met een brief van de winkeliers een aantal data voor evenementen in het betreffende evenementengebied te claimen - Maak helder wat de status is van een evenement op de evenementenkalender, heb je dan voorrang bij het indienen van de evenementenvergunning? -Zorg dat een evenementencoördinator de gemelde evenementen ook echt coördineert en organisatoren wijst op dubbelingen op data of kansen voor samenwerking signaleert - De kalender moet op 1 januari 2018 worden gepubliceerd. Om die reden is het niet mogelijk om de deadline te verschuiven. Het is niet verplicht om een evenement aan te melden. Het voordeel van het aanmelden van het evenement is dat de aanvraagtermijn korter is en men zeker is van de datum. Aanmelden van een evenement later in het jaar geeft geen garantie voor de datum. Overigens is dit vooral van belang bij B en C evenementen. Deze behoeven een langere voorbereidingstijd en waarschijnlijk inzet van de hulpdiensten. - Mee eens. Dit gebeurt binnen de mogelijkheden die de gemeente heeft. Meerjarige vergunningen Helder maken wat nog wel als hetzelfde evenement als het jaar daarvoor wordt gezien en wat niet en dus kan opteren voor een meerjarige vergunning. Een meerjarenvergunning is heel erg gewenst. Met het nieuwe beleid wordt een meerjarenvergunning mogelijk gemaakt. Hierbij wordt jaarlijks getoetst of het evenement hetzelfde is als waarvoor de vergunning is afgegeven. Als er ondergeschikte wijzigingen zijn, dan beschouwt de gemeente dit als passend binnen de meerjarenvergunning. Zie bijgaande tekst Overzicht evenementenlocaties -Alleen de evenementenlocaties aanwijzen, geen inrichtingen (dus niet Vaarderhoogt, Cabrio etc) - Uitbreiden gebied Van Rademakerstraat met dorpshart -Haal de Varenstraat uit het overzicht - De kleine Melm is buitengebied, ook de Birkstraat is opgenomen dat is ook buitengebied, de Sylvester cross staat er juist niet in omdat het buitengebied is. Hoe zit het nu? - Of wijs Smithof en Overhees aan als evenementenlocatie of maak een keuze om de locaties waar slechts 1 keer per jaar een evenement plaatsvindt deze niet op te nemen als evenementenlocatie. Maar maak dan duidelijk hoe dat evenement er dan wel kan plaatsvinden. Dit geldt voor Smitshof en Overhees en waarschijnlijk ook voor de Varenstraat. Wat is het risico om aangewezen te zijn als evenementenlocatie als er maar 1 activiteit per jaar wordt georganiseerd, is de kans dan aanwezig dat juist derden er meer evenementen gaan organiseren? Zie het voorstel voor opnemen locaties/gebieden in bestemmingsplan Tijdstippen voor het houden van evenementen -Stel de begintijd op vrijdag en zaterdag ook op 09.00 uur -Verruim de uitzonderingsmogelijkheid: 00.00 in plaats van 01.00 uur op vrijdag en zaterdag, die geldt nu bij minder dan 50 meter tot omliggende woningen, dat is nagenoeg nergens haalbaar. Maak daar bijvoorbeeld van bij minder dan 5 of 10 meter tot omliggende woningen. - Akkoord. Is in het beleid aangepast. -Hierover volgt op korte termijn een afzonderlijk overleg met de exploitant van Grand café De Lindenhof Grenzen geluidproductie -Verhoog bij categorie 3 het gemiddelde geluid van 80 naar 95 dB(A) en de piekbelasting van 95 naar 100 dB(A) dit sluit meer aan bij de realiteit. In de praktijk praat je nog over 80 dB(A) heen. Lindenhof Van Weedestraat: bepaal het aantal categorie 3-evenementen daar op maximaal 6 of maak het juist mogelijk via een extra ontheffingsmogelijkheid. -De maximaal 25 categorie 3 evenementen per jaar zijn exclusief Cabrio. Dit omdat Cabrio een theater is. -Er is met een deel van het college een geluidsimulatie gehouden waarbij de verschillende muziekgeluidniveaus zijn getest op ware sterkte. Ook de grenzen van de geluidproductie zal onderdeel zijn van het gesprek met de Lindehof. Verdere insteek: Op dit moment zijn er geen ontheffingen mogelijk per jaar. In het nieuwe beleid willen we ruimte maken voor 3 incidentele ontheffingen per jaar (voor binnen en buiten tezamen) en aanvullend daarop 4 mogelijkheden op grond van de ontheffingen voor collectieve festiviteiten: Koningsdag, Bevrijdingsdag, etc. Een voorstel om de APV hierop aan te passen is nog in voorbereiding. Deze toevoeging komt er naar verwachting in het najaar. -Dit klopt. Voor Cabrio komen afzonderlijke geluidnormen. Het onderzoek daarnaar loopt nog. Meldingsplichtige evenementen -Laat braderieën onder de vergunningplichtige evenementen vallen om daarmee ongewenste braderieën te kunnen weren. De geboden versoepeling lijkt juist meer risico’s te geven. -Stuur tekst van meldingsplichtige evenementen mee met dit overzicht -Braderieën zijn en blijven vergunningplichtig. -Zie bijlage. Calamiteitenplan Kan er een standaard-calamiteitenplan komen? -Is er al en is reeds gemaild. BijlageB1 Advies van de RUD Utrecht inzake het geluidbeleid bij evenementen Geluidbeleidsregels bij evenementen gebiedsgericht/locaties gemeente Soest. 1.Inleiding De geluid beleidsregels gaan over het beheersen en voorkomen van geluidhinder bij evenementen. Deze beleidsregels moeten verankerd zijn in de bestemmingsplannen van de gemeente. Tevens dienen de geluidbeleidsregels als handzaam instrument voor vergunningsverleners van evenementenvergunningen op basis van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). De beleidsregels zijn eenvoudig opgezet en deze zijn niet bedoeld voor complexe evenementsituaties. De beleidsregels hebben enkel betrekking op evenementen die in de buitenlucht worden gehouden. Voor muzikale evenementen in bijvoorbeeld sporthallen en horecabedrijven gelden andere regels. Een van de hoofdonderdelen bij de opstelling van het evenementenbeleid vormt het formuleren van planologische en geluidnormen voor de specifieke evenementenlocaties en de gebieden waarbinnen evenementen plaatsvinden. De regels raken een groot aantal partijen met uiteenlopende belangen: inwoners, organisatoren, ondernemers en bezoekers. De geluidnormen in een evenementenvergunning moeten realistisch zijn en tegelijkertijd maatschappelijk acceptabel zijn. Dit houdt in dat indien voldaan wordt aan de (verruimde) geluidnormen op voorhand geen onduldbare geluidoverlast te verwachten is. Om een juiste balans te creëren wordt bij de verruiming van de geluidnormen (het aantal dB’
  12. s)gecompenseerd in de tijdsduur van de geluidhinder bij evenementen en het aantal evenementen dat per jaar binnen de gemeente per locatie gehouden mag worden. In 2017/2018 heeft de gemeente Soest evenementenvergunningen verleend conform de voorgenomen vernieuwde geluidbeleidsregels. In het veld zijn de geluidnormen getoetst door het uitvoeren van geluidmetingen. Conclusie: In principe is het werkbaar voor alle partijen. Gemeente geeft nu duidelijk de kaders aan, de evenement organisaties hebben nu meer duidelijkheid en meer geluidruimte en door invoering van de eindtijden en door de dB(C) norm worden de omwonenden minder blootgesteld aan geluidhinder. Voorstel is om per locatie en per gebied de geluidnormen bij evenementen in de gemeente Soest in 2018 vast te stellen. Voorafgaand zal eerst kort ingegaan worden op de definitie van evenementen. Verder wordt aangeven welke geluidniveaus er globaal te verwachten zijn bij verschillende soorten evenementen en wat een redelijke geluidnormstelling zou kunnen zijn voor een evenementenvergunning. 2. Wat is een evenement? Een evenement kan gedefinieerd worden als een publiekelijke verrichting van vermaak. In iedere gemeente worden wel eens evenementen georganiseerd. Evenementen kunnen het imago van een gemeente versterken en leveren een belangrijke bijdrage aan het maatschappelijke en culturele leven van de inwoners van de gemeente. Evenementen hebben ook een economische betekenis. In Soest houden een aantal bedrijven en organisaties zich bezig met het accommoderen, organiseren en faciliteren van evenementen. Dit levert werkgelegenheid en economische activiteiten op. Evenementen in en om het centrum leveren een bijdrage om extra voetstappen in het winkelgebied te realiseren. Evenementen kunnen echter ook negatieve effecten hebben zoals: het verstoren van de openbare orde; (geluid)overlast voor omwonenden bij het op- en afbouwen; overlast tijdens een evenement (o.a. geluid- en parkeeroverlast, vervuiling/beschadiging van particuliere goederen en de openbare ruimtes). Gezien de negatieve effecten is in artikel 2.25 lid 1 van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van Soest opgenomen dat het verboden is om zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. De burgemeester of het bevoegde bestuursorgaan kan een vergunning of ontheffing weigeren op grond van artikel 1.8 van de APV in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid en de bescherming van het milieu. Op grond van artikel 174 (zie bijlage 2) van de Gemeentewet is de burgemeester belast met het toezicht op het gebied van openbare vermakelijkheden en samenkomsten evenals op de voor het publiek openstaande gebouwen en bijbehorende erven. Daarentegen is de portefeuillehouder van milieu belast met de toezicht op het gebied van festiviteiten die plaatsvinden op locaties waar de Wet milieubeheer van toepassing. De burgemeester en de wethouder hebben dus een zekere mate van vrijheid bij de uitoefening van hun bevoegdheid om de vergunning voor een evenement te verlenen of te weigeren. Met de beleidsregels wordt aangegeven hoe er met die vrijheid wordt omgegaan. Op deze wijze wordt getracht een duidelijk en transparant beeld te schetsen (voor organisatoren, bezoekers, omwonenden en andere belanghebbenden) hoe de belangen bij evenementen worden afgewogen. De beleidsregels hebben enkel betrekking op voor publiek toegankelijke verrichtingen van vermaak die in de openbare ruimte worden gehouden. Evenementen in tijdelijke bouwsels zoals feesttenten en circustenten vallen ook onder dit beleid. 3. Niet onder deze beleidsregels vallen onder meer: kleinere activiteiten, zoals buurt- en straatfeesten, barbecues, verjaardags-en examenfeestjes; de wekelijkse warenmarkt; optochten. Kleinere activiteiten Buurt- en straatfeesten, barbecues verjaardags- en examenfeestjes zonder publieksaantrekkende of te wel “besloten bijeenkomsten”, vallen niet onder dit beleid. Dergelijke activiteiten vallen onder de noemer “overige geluidhinder artikel 4:6” hetgeen in de huidige APV is geregeld. Markten en braderieën Bij markten en braderieën zijn over het algemeen niet veel geluidaspecten te verwachten. In sommige gevallen wordt er muziek voortgebracht, maar dan voornamelijk bedoelt als achtergrondmuziek (bijvoorbeeld bij een Kerstmarkt). Indien er wel sprake is van een groter liveoptreden of weergave van versterkte muziek bijvoorbeeld bij een braderie dan dient er een geluidontheffing bij de gemeente Soest worden aangevraagd. Optochten Bij optochten wordt voornamelijk geluid voortgebracht door mobiele omroepinstallaties of muziek op auto’s. Hierbij worden alleen kleinschalige optochten bedoeld waarbij het ten gehore brengen van muziek niet het hoofddoel is. Bij kleinschalige optochten kan gedacht worden aan lopende manifestaties zoals bij de intocht van Sint-Nicolaas, demonstraties en de herdenkingsoptocht. De geluidbronnen bewegen over het algemeen met de optocht mee waardoor er een variabele afstand is tussen de geluidbron en woningen van derden. Hierdoor is de eventuele geluidhinder (die hiermee wordt veroorzaakt) van zeer korte duur. 4. Locaties Evenementen Soest In de afgelopen jaren zijn er voornamelijk op de volgende locaties herhaaldelijk evenementen georganiseerd: Evenemententerrein de Engh; Winkelcentrum Soest, Soest-zuid en Soesterberg; Gildeterrein; Artishock/Gildehuis/Museum Oud Soest; Cabrio; Birkstraat; Bij het toestaan van evenementen op locaties moeten de belangen van de gemeente, de omwonenden en die van de organisatoren van de evenementen worden meegewogen. Niet elke locatie is geschikt voor een evenement echter moeten er voor organisatoren voldoende locaties overblijven zodat zij niet in onevenredige mate beperkt worden in hun mogelijkheden om een evenement te organiseren. 5. Geluidkarakters muziekgeluiden Het zal duidelijk zijn dat het geluidkarakter van een evenement bepalend kan zijn bij het verlenen van een evenementenvergunning. Zo zal er meer geluid geproduceerd worden bij een popfestival dan bij een rommelmarkt. Hieronder worden een aantal evenementen beschreven waarbij muziekgeluiden een belangrijke rol spelen. Kermissen en ijsbanen Bij kermissen wordt voornamelijk geluid voortgebracht door vast opgestelde omroepinstallaties en versterkte muziek via luidsprekers. Via de omroepinstallaties worden dingen aangeprezen en wordt de aandacht getrokken, waarbij vooral de piekgeluiden voor overlast bij omwonenden kunnen zorgen. Indien meerdere kermisexploitanten verschillende soorten muziek draaien kan het verschijnsel ontstaan dat deze exploitanten “tegen elkaar op gaan draaien” om zo de aandacht van het publiek te trekken. Bij ijsbanen wordt voornamelijk achtergrondmuziek voortgebracht via luidsprekers. Indien er nog speciale activiteiten (feestavonden) worden georganiseerd kan ook versterkte muziek weergegeven worden via luidsprekers. Bij kermissen en ijsbanen kunnen aggregaten en koelmachines ook tot geluidklachten leiden. Hierbij betreft het meestal grote centrale aggregaten voor meerdere kermisattracties. Indien er koelunits voor het koelen van een ijsbaan worden gebruikt (tijdelijke kunstijsbanen) dan zijn deze ook in bedrijf als de ijsbaan voor publiek gesloten is, bijvoorbeeld ’s nachts. Om klachten te voorkomen is het veelal noodzakelijk om een geluid gedempte uitvoering van de aggregaten en koelmachines voor te schrijven. Tevens dient er aandacht te worden besteed aan de opstelling van de aggregaten en koelmachines ten opzichte van de woningen van derden. Concerten Bij live-concerten wordt geluid voortgebracht door een geluidinstallaties waarmee de livemuziek versterkt wordt weergegeven. De hoeveelheid geluid die wordt voortgebracht is in eerste instantie afhankelijk van de hoeveelheid publiek en het karakter van de muziek die wordt voortgebracht (klassiek, pop, hardrock, etc.). Over het algemeen worden bij concerten vrij hoge geluidniveaus geproduceerd. Bij woningen op minder dan 50 meter afstand van het podium kan daarom zeer ernstige geluidoverlast (bastonen) ervaren worden. Feesten in openlucht of in een tent Ook bij feesten in de buitenlucht of in een tent wordt geluid voortgebracht door een geluidinstallatie waarmee de muziek versterkt wordt weergegeven. Net als bij live concerten is ook hier de hoeveelheid geluid die voortgebracht wordt in eerste instantie afhankelijk van de hoeveelheid publiek en de soort muziek. Bij dansfeesten of disco’s zal de muziek beter verspreid weergegeven worden door bijvoorbeeld meerdere luidsprekersystemen. De bastonen in dansmuziek ondervinden echter weinig demping en zijn daardoor op grotere afstand nog hoorbaar (en mogelijk hinderlijk). Ook hier worden over het algemeen vrij hoge geluidniveaus geproduceerd en kan op korte afstand ten opzichte van de geluidinstallaties zeer ernstige geluidoverlast worden ervaren. Bij grootschalige concerten en feesten in de buitenlucht of een tent kan door het toepassen van speciale luidsprekersystemen het geluid gefocusseerd worden op het bedoelde publiek. Hiermee kan de overlast bij omwonenden beperkt worden. De geluidnormstelling bij grootschalige concerten verdient bij voorkeur het toepassen van maatwerk zodat geen onrealistische normwaarden in de evenementen vergunning worden opgenomen. Bij dergelijke evenementen moet de organisator bij de vergunningaanvraag een geluidsplan toevoegen waaruit blijkt dat het geproduceerde geluid aan de opgelegde geluidsnormen kan voldoen. 6. Aantallen evenementen in Soest In de afgelopen jaren waren er gemiddeld 116 dagen waarop er een evenement in de gemeente Soest plaatsvond. Dit zijn bijvoorbeeld evenementen van 1 dag zoals Koningsdag en Bevrijdingsdag of evenementen over een langere periode, bijvoorbeeld 2 weken, zoals de Gildefeesten. Bij elk evenement is het karakter van het evenement van belang als het over geluid gaat. 7. Categoriseren evenementen Voor de gemeente Soest zijn de evenementen te verdelen in 3 geluidscategorieën. Geluidcategorie 1. Dit zijn evenementen zonder muziek- en installatiegeluiden, zoals bijvoorbeeld de Sylvestercross en de Opendag Paardenkamp. In de afgelopen drie jaar zijn er gemiddeld 52 dagen van dit soort evenementen in Soest gehouden. Geluidcategorie 2. Dit zijn evenementen met muziek- en installatiegeluiden, zoals bijvoorbeeld de Kermis, de Gildefeesten en braderieën met muziekgeluiden. In de afgelopen drie jaar zijn er gemiddeld 51 dagen van dit soort evenementen in Soest gehouden. Geluidcategorie 3. Dit zijn evenementen met harde muziek- en installatiegeluiden, zoals bijvoorbeeld feestavonden met Dj’s tijdens Koningsnacht en de zomerfeesten nabij de ambachtsmarkt. In de afgelopen drie jaar zijn er gemiddeld 13 dagen van dit soort evenementen in Soest gehouden. NB: Bovenstaande indeling is afwijkend van de categorie indeling naar de zwaarte van het evenement (A,B en C). 8. Geluidnormen realistisch en maatschappelijk acceptabel Bij het bepalen van de geluidnorm voor een evenementenvergunning speelt het dilemma dat deze realistisch en maatschappelijk acceptabel moet zijn. De geluidnormen zijn daarom toegespitst op de verschillende soorten evenementen die de gemeente Soest kent. De geluidnormen in een evenementenvergunning moeten realistisch zijn. Hetgeen inhoudt dat het evenement volgens de beoogde bedrijfsvoering moet kunnen plaatsvinden. De geluidnormen moeten maatschappelijk acceptabel zijn. Dit houdt in dat indien voldaan wordt aan de (verruimde) geluidnormen op voorhand geen onduldbare geluidoverlast te verwachten is. 9. Onduldbare geluidhinder Meestal wordt aansluiting gezocht bij de 'Nota evenementen met een luidruchtig karakter' van de Inspectie Milieuhygiëne Limburg. In deze Nota staat dat duldbaar wordt bereikt bij een geluidbelasting op de gevel van een woning van maximaal 75 dB(A) en een geluidbelasting binnen in de woning van maximaal 50 dB(A). Daarboven wordt het geluid aangeduid als zijnde onduldbaar. Hoewel het niet verplicht is om deze Nota te hanteren, wordt deze wel vaak gebruikt door bestuurders en rechters omdat het een vrij algemeen geaccepteerde objectieve norm is van wat onduldbare geluidshinder is. Afwijken van de normen in deze Nota, of de Nota niet toepassen, mag wel (het is immers geen algemeen verbindend voorschrift) maar dat zal dan wel goed moeten worden gemotiveerd. Om evenementen in Soest te kunnen laten plaatsvinden geldt (in de dag-, avond- en een klein gedeelte in de nachtperiode) voor geluidcategorie 2 evenementen een geluidnorm van 70 dB(A) en voor geluidcategorie 3 evenementen, een geluidnorm LAeq van 80 dB(A). De geluidnormen zijn van toepassing op de gevel van de dichtstbijzijnde woning ten opzichte van het evenement. De maximale geluidnorm LAeq van 80 dB(A) is een norm die bij meerdere gemeenten wordt gehanteerd. Voor de geluidcategorie 1 en 2 evenementen wordt in principe aan de genoemde basisvoorwaarden voldaan. Voor geluidcategorie 3 evenementen is de geluidruimte van 20 dB(A) (decibel A-gewogen) ontoereikend. Dit betekent dat hiermee niet aan de basisvoorwaarde (onder punt 1) kan worden voldaan. Wanneer de geluidruimte voor geluidcategorie 3 evenementen verruimd wordt van 20 dB(A) naar 30 dB(A) kan wel aan deze basisvoorwaarde worden voldaan echter komt hiermee de basisvoorwaarde onder punt 2 “maatschappelijk acceptabel” in het gedrang. Om geluidcategorie 3 evenementen toch in Soest te kunnen laten plaatsvinden betekent dat er bij dergelijke evenementen een verruiming van 30 dB(A) nodig zal zijn. Dit houdt in dat de geluidnorm voor categorie 3 evenementen op de gevel van derden in de dag-, avond- en een gedeelte in de nachtperiode, 80 dB(A) zou mogen zijn. Een gevelgeluidbelasting van 80 dB(A) zal een binnen niveau veroorzaken tussen de 55 á 60 dB(A) (uitgaande van een isolatiewaarde van 20 á 25 dB). Dit wordt aangemerkt als onduldbare hinder. Toch wordt deze verruiming bij meerdere gemeenten gehanteerd. Om een juiste balans te creëren wordt bij de verruiming gecompenseerd in de tijdsduur van de geluidhinder bij evenementen en het aantal evenementen dat per jaar binnen de bebouwde kom gehouden mag worden. Dergelijke categorie 3 moeten in de gemeente Soest beperk worden toegestaan. De gemeente Soest zal per kalenderjaar maximaal 25 categorie 3 evenementdagen in de gemeente toestaan. Het maximale aantal van 25 is onderverdeeld over verschillende locaties in de gemeente Soest. Per locatie geldt dat er binnen een straal van 500 meter maximaal 3 categorie 3 evenementendagen op een locatie mogen plaatsvinden, zolang het maximale aantal uitgevoerde/verleende categorie 3 evenementdagen van 25 (binnen het kalenderjaar) nog niet is bereikt. De afgelopen jaren zijn er gemiddeld 13 categorie 3 evenementdagen per jaar in de gemeente Soest gebruikt. Met de limitering van 25 categorie 3 evenementdagen per jaar betekent dat er voor de toekomst nog genoeg ruimte (12 evenementdagen) zal zijn voor nieuwe evenementen in de gemeente. Om dit te bereiken dienen de aanvragers, de organisatoren in het veld en de gemeente de beleidsregels met de voorwaarden (o.a. duur van een evenement, eindtijden en het aantal categorie 3 per jaar in Soest) na te leven. Geluid is van grote invloed op gezondheid. Gewenste geluiden, zoals mooie muziek of natuurgeluiden zijn van positieve invloed. Ongewenst geluid is echter een vaak onderschatte oorzaak van gezondheidsproblemen. Na luchtverontreiniging komt geluidoverlast op de tweede plaats als milieufactor die de gezondheid schaadt. Ernstige geluidhinder en slaapverstoring kunnen al optreden vanaf lage geluidniveaus. Ernstige geluidhinder kan via aanhoudende stress ook leiden tot lichamelijke klachten. Slaapverstoring is van invloed op het herstelmechanisme van het lichaam en op functioneren overdag. Bij hogere geluidniveaus vergroot lawaai de kans op hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten die kunnen uitmonden in een hartinfarct. De dagen/tijden waarop evenementen mogen plaatsvinden zijn elke dag van de week echter vanwege de nachtrust voor omwonenden met de volgende begin- en eindtijden. Dagen Begintijd Eindtijd Maandag, dinsdag, woensdag en donderdag 07:00 uur 23:00 uur Vrijdag en zaterdagen ** 07:00 uur **00:00 uur Zondagen *11:00 uur 23:00 uur *Begintijd mogelijk tenzij de Zondagswet van toepassing is; ** De genoemde maximale eindtijden voor vrijdagavond en zaterdagavond gelden voor alle categorie evenementen. Met uitzondering van evenementen waarbij de afstand tussen de erfgrens van de locatie/inrichting en de gevel van de dichtstbijzijnde woning groter of gelijk is aan 50 meter. Voor deze evenementen kan op verzoek van de aanvrager op vrijdag en zaterdagavond de maximale eindtijd van 00:00 uur met één uur worden verlengd (eindtijd 01:00 uur). Wanneer de afstand kleiner is dan 50 meter geldt op vrijdag en zaterdagavond de maximale eindtijd van 00:00 uur. Eindtijd maximaal 00.00 uur op vrijdagen en zaterdagen dit in verband met nachtrust van omwonenden in relatie tot de verhoogde toegestane geluidbelasting van 80 dB(A). Bij omliggende gemeente liggen de eindtijden op vrijdag en zaterdagen tussen 23:00 en maximaal 00:00 uur. De gemeente Amersfoort hanteert op de vrijdagen en zaterdagen een maximale eindtijd van 00:00 uur. Amersfoort heeft de mogelijkheid de eindtijd met een uur te verlengen echter alleen als de totale belasting die het evenement genereerd voor de omwonenden acceptabel is. Als er binnen een straal van 200 meter ten opzichten van het evenement een woning ligt hanteert de gemeente Amersfoort een maximale gevelbelasting van 70 dB(A). Als na de zondag een feestdag volgt kan de verplichte eindtijd op 00.00 uur worden gezet in plaats van 23:00 uur. De eindtijd van 23:00 uur geldt dan voor de dag voorafgaande aan de volgende werkdag. Het op- en afbouwen van evenementen is toegestaan onder de volgende voorwaarden: Per evenement zijn maximaal 2 opbouwdagen en 2 afbouwdagen toegestaan; op- en afbouwdagen mogen uitsluitend in de dagperiode plaatsvinden; tijdens de op- en afbouwdagen mag er geen sprake zijn van versterkte muziek, met uitzondering van de muziek voor het instellen of inregelen van geluidapparatuur (soundcheck) gedurende 60 minuten. 10. Invoering geluidsnorm dB(C) Om de hinder vanwege lage tonen te beperken wordt de normeenheid dB(C) naast de dB(A) ingevoerd. Dit heeft te maken met het frequentiespectrum van muziekgeluid en de hinderbeleving van lage frequenties. Tijdens de evenementen in de buitenlucht dempen de midden en hoge tonen sneller en beter dan lage tonen die vaak veroorzaakt worden bij ‘dance’ muziek. Bij dance muziek zitten meer lage tonen in het muziekspectrum en dit geeft in de omgeving meer geluidhinder. Dit soort muziek heeft als effect dat vooral op een wat grotere afstand de lage tonen hoorbaar zijn. Deze lage tonen dringen ook gemakkelijker door in geluidsgevoelige gebouwen terwijl hogere tonen daarentegen doorgaans door de muren worden tegengehouden. Lage tonen (bassen) zijn daarom veelal bepalend voor de hinderbeleving in de omgeving. In de APV worden de geluidsnormen aangegeven met dB(A) waarden. Deze eenheid wordt structureel gebruikt vanuit de beoordeling van industrielawaai, waarbij de geluidsniveaus onder de 50 dB(A) liggen. Voor de beoordeling van dit soort industrie geluid is gebleken dat het A-filter een goede hindermaat is. Bij muziekgeluid tijdens evenementen gaat het echter om hogere geluidniveaus waarbij de lage tonen een grotere rol spelen in de hinderbeleving. Als hindermaat is hiervoor het C-filter geschikter. Daarom zal naast het hanteren van de dB(A) norm, ook de dB(C) norm gebruikt gaan worden. Om de lage tonen in te perken wordt een dB(C) norm in de vergunning opgenomen van 83 (cat 2) en 93 (cat 3) dB(C) gebaseerd op ervaringen van geluidmetingen bij evenementen en van andere gemeenten die ook een dB(C) norm hanteren. Het verschil tussen dB(A) en dB(C) zorgt ervoor dat het aandeel lage tonen bij veel van de muziekevenementen wordt ingeperkt. Deze inperking is echter niet zodanig dat deze muziekevenementen niet meer tot hun recht komen. In de praktijk zal blijken of de genoemde dB(C) norm realistisch is. Dit zal aan de hand van resultaten van geluidmetingen komend jaar worden meegenomen in de evaluatie. 11. Geluidnormen nieuwe stijl Naar analogie van de Wet Milieubeheer (Wm) en de Algemene plaatselijke verordening (APV) van de gemeente Soest zijn de geluidnormen op de gevel van derden of op 50 meter afstand van de erfgrens van inrichting/locatie, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is, voor de dag-, avond- en nachtperiode vastgesteld (zie tabel 11.1). Tabel 11.1 Reguliere geluidnormen Periode Tijden Geluidnormen gemiddeld (LAeq) Max. geluidbelasting/normen (LAmax) Dag 07:00 - 19:00 uur 50 dB(A) 70 dB(A) Avond 19:00 - 23:00 uur 45 dB(A) 65 dB(A) Nacht 23:00 - 07:00 uur 40 dB(A) 60 dB(A) Op basis van de reguliere geluidnormen kunnen de categorieën als volgt worden ingedeeld. Geluidcategorie 1evenementen hebben gezien het geluidkarakter (er worden geen elektronisch versterkte muziekgeluiden ten gehore gebracht) geen geluidontheffing nodig. De reguliere geluidnormen genoemd in tabel 11.1 zijn van toepassing. Geluidcategorie 2 evenementen hebben gezien het geluidkarakter een geluidontheffing nodig (er worden elektronisch versterkte muziekgeluiden ten gehore gebracht). De bijbehorende geluidruimte van 20 dB(A) ten opzichte van de reguliere geluidnormen voor deze evenementen in principe toereikend. De geluidnormen genoemd tabel 11.2 (geluidruimte van 20 dB(A)) zijn van toepassing. Tabel 11.2 Geluidnormen geluidcategorie 2 evenementen. Periode Tijden Reguliere geluidnormen gemiddeld LAeq en de maximale belasting Lmax Geluidruimte van 20 dB op LAeq en de bijbehorende maximale geluidbelasting + dB (C) (middelingstijd van1 min gemeten in de meterstand Fast). LAeq LAmax LAeq Lceq LAmax Dag 07:00 - 19:00 uur 50 dB(A) 70 dB(A) 70 dB(A) 83 dB(C) 90 dB(A) Avond 19:00 - 23:00 uur 45 dB(A) 65 dB(A) 70 dB(A) 83 dB(C) 90 dB(A) Nacht *23:00 – 00:00 uur 40 dB(A) 60 dB(A) 70 dB(A) 83 dB(C) 90 dB(A) Nacht *00:00 – 07:00 uur 40 dB(A) 60 dB(A) Geen ontheffing mogelijk *Alleen op vrijdagen en zaterdagen een maximale eindtijd van 00:00 uur toegestaan, met uitzondering van evenementen waarbij de afstand tussen de erfgrens van de locatie/inrichting en de gevel van de dichtstbijzijnde woning groter of gelijk is aan 50 meter. Voor deze evenementen kan op verzoek van de aanvrager op vrijdag en zaterdagavond de maximale eindtijd van 00:00 uur met één uur worden verlengd (eindtijd 01:00 uur). Wanneer de afstand kleiner is dan 50 meter geldt op vrijdag en zaterdagavond de maximale eindtijd van 00:00 uur. Geluidcategorie 3 evenementen hebben gezien het geluidkarakter (er worden professionele elektronisch versterkte muziekgeluiden ten gehore gebracht) een geluidontheffing nodig. De bijbehorende geluidruimte van 30 dB(A) ten opzichte van de reguliere geluidnormen voor deze evenementen in principe toereikend. De geluidnormen met de geluidruimte van 30 dB(A), tabel 11.3 zijn van toepassing. Tabel 11.3 Evenementen geluidcategorie 3 evenementen Periode Tijden Reguliere geluidnormen gemiddeld LAeq en de maximale belasting LAmax Geluidruimte van 30 dB op LAeq en de bijbehorende maximale geluidbelasting + dB (C) (middelingstijd van1 min gemeten in de meterstand Fast). LAeq LAmax LAeq Lceq LAmax Dag 07:00 - 19:00 uur 50 dB(A) 70 dB(A) 80 dB(A) 93 dB(C) 95 dB(A) Avond 19:00 - 23:00 uur 45 dB(A) 65 dB(A) 80 dB(A) 93 dB(C) 95 dB(A) Nacht *23:00 - 00:00 uur 40 dB(A) 60 dB(A) 80 dB(A) 93 dB(C) 95 dB(A) Nacht *00:00 - 07:00 uur 40 dB(A) 60 dB(A) Geen ontheffing mogelijk *Alleen op vrijdagen en zaterdagen een maximale eindtijd van 00:00 uur toegestaan, met uitzondering van evenementen waarbij de afstand tussen de erfgrens van de locatie/inrichting en de gevel van de dichtstbijzijnde woning groter of gelijk is aan 50 meter. Voor deze evenementen kan op verzoek van de aanvrager op vrijdag en zaterdagavond de maximale eindtijd van 00:00 uur met één uur worden verlengd (eindtijd 01:00 uur). Wanneer de afstand kleiner is dan 50 meter geldt op vrijdag en zaterdagavond de maximale eindtijd van 00:00 uur 12. Wet milieu plichtige (horeca)bedrijven De portefeuillehouder van milieu is belast met de toezicht op het gebied van festiviteiten die plaatsvinden op locaties daar waar de Wet milieubeheer (Wm) van toepassing. Wm inrichtingen vallen onder wettelijke regelgeving (Activiteitenbesluit en/of milieuvergunning) hierdoor is de mate van de beleidsvrijheid enigszins beperkt. Op basis van het Activiteitenbesluit gelden standaard geluidnormen voor de normale bedrijfsvoering van bedrijven, waaronder horecabedrijven. Er wordt onderscheid gemaakt tussen evenementen die zich in de openbare ruimte afspelen en evenementen die zich afspelen op het terrein van een inrichting (bedrijven zoals een horecagelegenheid). Op basis van het Activiteitenbesluit kan de vrijstellingsmogelijkheid van de geldende geluidnormen voor festiviteiten door (horeca)inrichtingen worden vastgelegd in een verordening. De gemeente Soest heeft de vrijstellingsmogelijkheden vastgelegd in de APV). Daarin wordt onderscheid gemaakt tussen: Incidentele festiviteiten behorend tot de inrichting (artikel 4.3 APV); Collectieve festiviteiten (festiviteiten en activiteiten die aansluiten bij landelijke maatschappelijk belang) (artikel 4.2 APV). 13. Incidentele festiviteiten Voor alle Wm-inrichtingen vanuit het Activiteitenbesluit geldt de 12-dagenregeling. Er mogen maximaal 12 dagen worden toegewezen. Deze ontheffingen vallen onder de noemer “incidentele festiviteiten” en zijn vastgelegd in de huidige APV art. 4.3 Bij deze festiviteiten spelen andere factoren een rol. Het geluid wordt aanvankelijk geproduceerd in het bebouwde deel van de inrichting. Door het Activiteitenbesluit wordt geen onderscheid gemaakt (inzake de 12-dagenregeling) tussen binnen- en buitenactiviteiten in de inrichting. Volgens de wettelijke regelgeving is het mogelijk om bij Wm-inrichtingen buiten muzikale evenementen te ontplooien echter zijn de mogelijkheden enigszins beperkt. In de gemeente Soest mag een Wm inrichting in het buitengebied maximaal 3 incidentele festiviteiten per kalenderjaar houden. Voor een inrichting in het kerngebied, geldt een maximum van 6 incidentele festiviteiten per kalenderjaar. De geluidnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Activiteitenbesluit en artikel 4:5 van de APV zijn voor een aangemeld en door de gemeente geaccepteerd incidentele festiviteit niet van toepassing. Bij incidentele festiviteiten worden deze geluidnormen namelijk met 20 dB(A) verruimd. Voor incidentele festiviteiten op het terras zou een maximale gevelbelasting van 80 dB(A) realistisch zijn. Het totaal aantal toegestane incidentele festiviteiten per inrichting (3/6) verandert dus niet! De houder van een inrichting kan er voor kiezen om maximaal 2 incidentele festiviteiten op eigenterrein (moet wel deel uit maken van de inrichting) in de buitenlucht te houden. Om de geluidoverlast voor de omwonenden te beperken zijn de onderstaande voorwaarden van kracht: Voorwaarden incidentele festiviteiten: Maximaal 2 incidentele festiviteiten per jaar in de buitenlucht op het terrein van een Wm-inrichting toegestaan; maximale gevelbelasting bij de dichtstbijzijnde woning 80 dB(A) en 93 dB(C). Dit betreft de maximale gevelbelasting die kan worden toegestaan. Afhankelijk van de specifieke omgevingskenmerken/karakter van het evenement kan een lagere gevelbelasting worden opgelegd; maximale eindtijd 00:00 uur om langdurige onduldbare hinder te voorkomen. De genoemde maximale eindtijd kan op vrijdag-, en zaterdagen van 00:00 uur met één uur worden verlengd (eindtijd 01:00 uur) onder voorwaarden dat de afstand tussen de erfgrens van de inrichting/locatie en de gevel van de dichtstbijzijnde woning groter of gelijk is aan 50 meter; Geluidnormen incidentele festiviteiten binnen een Wm-inrichting *Geluidnormen dag-, avond-, en een deel van de nachtperiode 7.00 uur - 19.00 uur 19.00 uur – 23.00 uur **23.00 uur – 01.00 uur LAeq met een middelingstijd van 1 min gemeten in de meterstand Fast, muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting op de gevel(
  13. s)van geluidgevoelige gebouwen of op 50 meter afstand van de erfgrens van inrichting, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is. 70 dB(A) 65 dB(A) 60 dB(A) LCeq met een middelingstijd van 1 min gemeten in de meterstand Fast, muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting op de gevel(
  14. s)van geluidgevoelige gebouwen of op 50 meter afstand van de erfgrens van inrichting, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is. 83 dB(C) 78 dB(C) 73 dB(C) LAmax met muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting op de gevel(
  15. s)van geluidgevoelige gebouwen of op 50 meter afstand van de erfgrens van inrichting, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is. 90 dB(A) 85 dB(A) 80 dB(A) LAeq met een middelingstijd van 1 min gemeten in de meterstand Fast, muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting in in- en aanpandige gevoelige gebouwen. 55 dB(A) 50 dB(A) 45 dB(A) LCeq met een middelingstijd van 1 min gemeten in de meterstand Fast, muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting in in- en aanpandige gevoelige gebouwen. 68 dB(C) 63 dB(C) 58 dB(C) LAmax met muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting in in- en aanpandige gevoelige gebouwen. 75 dB(A) 70 dB(A) 65 dB(A) * Dit betreft de maximale gevelbelasting die kan worden toegestaan; afhankelijk van de specifieke omgevingskenmerken kan een lagere gevelbelasting worden opgelegd. Geluidnormen incidentele festiviteiten in de openlucht op het terrein van een Wm inrichting Geluidnormen dag-, avond-, en een deel van de nachtperiode. 7.00 uur 19.00 uur 19.00 uur 23.00 uur ** alleen op vrijdag,- en zaterdagavond 23.00 uur -00:00 uur LAeq met een middelingstijd van 1 min gemeten in de meterstand Fast, muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting op de gevel(
  16. s)van geluidgevoelige gebouwen of op 50 meter afstand van de erfgrens van de inrichting, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is. 70 dB(A) max *80 dB(A). 70 dB(A) max *80 dB(A). 70 dB(A) max *80 dB(A). LCeq met een middelingstijd van 1 min gemeten in de meterstand Fast, muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting op de gevel(
  17. s)van geluidgevoelige gebouwen of op 50 meter afstand van de erfgrens van inrichting, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is. 83 dB(C) max *93 dB(C) 83 dB(C) max *93 dB(C) 83 dB(C) max *93 dB(C) LAmax met muziekgeluiden veroorzaakt door de inrichting op de gevel(
  18. s)van geluidgevoelige gebouwen of op 50 meter afstand van de erfgrens van inrichting, indien er geen woning binnen genoemde afstand aanwezig is. 90 dB(A) max *95 dB(A) 90 dB(A) max *95 dB(A) 90 dB(A) max *95 dB(A) * Dit betreft de maximale gevelbelasting die kan worden toegestaan; afhankelijk van de specifieke omgevingskenmerken kan een lagere gevelbelasting worden opgelegd 14. Collectieve festiviteiten Op grond van de Algemene plaatselijke verordening kan B&W jaarlijks voor Wm-inrichtingen en organisaties die niet specifiek aan een Wm- inrichting zijn verbonden, collectieve festiviteiten aanwijzen. Door deze aanwijzing kunnen horecabedrijven en evenementenorganisaties festiviteiten ontplooien die afgestemd zijn op de landelijke festiviteiten zoals bijvoorbeeld Koningsnacht/dag, Hemelvaartsdag en Bevrijdingsdag. Dit zijn doorgaans geluidcategorie 3 evenementen. Bij de aangewezen collectieve festiviteiten mag het equivalent geluidniveau, met een middelingstijd van 1 min gemeten in de meterstand Fast veroorzaakt door de inrichting, op de gevel(
  19. s)van een woning of andere geluidgevoelige gebouw, maximaal LAeq 80 dB(A), Lceq 93 dB(C) en LAmax van 95 dB(A). Gezien het collectieve karakter, tellen deze festiviteiten niet mee in de limitering van 25 dagen per kalenderjaar van geluidcategorie 3 evenementen in de gemeente Soest. Op dit moment worden de collectieve festiviteiten niet aangewezen. De gemeente Soest is voornemens om artikel 4:2 van de APV “aanwijzing collectieve festiviteiten” te activeren, zodat de collectieve festiviteiten jaarlijks door de burgemeester en wethouders kunnen worden aangewezen. 15. Gevelbelasting LAeq en dB(C) hoger dan 80 dB(A)/93 dB(C). Tijdens de consultatierondes heeft het MKB (Midden- en kleinbedrijf) gevraagd of het mogelijk is om een gevelgeluidbelasting van 95 dB(A) en een 108 dB(C) norm toe te staan. Maximaal geluidplafond is 80 dB(A) met een bijbehorende dB(C) norm van 93 dB(C). Een hogere gevelbelasting dan 80 dB(A)/93 dB(C) kunnen wij vanuit de zorgplicht naar omwonenden en vanuit juridisch oogpunt niet bij een rechter verdedigen (zie toelichting bijlage 3. Maximaal geluidplafond). 16. Overige wetgeving en regelgeving Andere wet-, en regelgeving of beleid binnen de gemeente Soest kunnen de geluidregels bij evenementen overrulen. Wet natuurbescherming Als iemand een evenement wil organiseren, dan kan hij/zij te maken krijgen met de Wet natuurbescherming. Afhankelijk van de locatie en de activiteiten kunnen evenementen nam

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.