Openstellingsbesluit van gedeputeerde staten van Zeeland houdende Openstelling van het Subsidiestelsel Natuur- en Landschapsbeheer Zeeland in 2020Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland van 24 september 2019, nr.19424445, tot vaststelling van de subsidieplafonds, de aanvraagperioden en de tarieven voor het subsidiejaar 2020 ten behoeve van de Subsidieverordening Natuur- en Landschapsbeheer Zeeland (SVNL2010), de Subsidieverordening Natuur- en Landschapsbeheer Zeeland 2016 (SVNL2016) en de Subsidieregeling Kwaliteitsimpuls natuur en landschap Zeeland (SKNL). Gedeputeerde staten van Zeeland gelet op artikel 93 van de Wet inrichting landelijk gebied; gelet op artikel 1.2 van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer Zeeland 2016; gelet op artikel 1.3 van de Subsidieverordening Natuur- en Landschapsbeheer Zeeland
(2010); gelet op artikel 2 van de Subsidieregeling Kwaliteitsimpuls Natuur en Landschap Zeeland; Besluiten vast te stellen: Hoofdstuk1Natuur- en landschapsbeheer binnen natuurterreinen Paragraaf1.1Continuering natuur- en landschapsbeheer (SVNL-N 2016) Artikel1Doelgroep en activiteiten Aan aanvragers als bedoeld in artikel 2.1 van de SVNL2016 kan subsidie worden verstrekt voor de continuering van natuur- en landschapsbeheertypen binnen een natuurterrein, waarvoor door of namens Gedeputeerde Staten subsidie is verstrekt op basis van de Subsidieverordening Natuur- en Landschapsbeheer Zeeland
(2010)en waarbij deze subsidie eindigt op 31 december 2019; door of namens de provincie een subsidie of vergoeding is verstrekt voor inrichting en/of functieverandering SKNL en deze inrichting/functieverandering uiterlijk op 31 december 2019 is afgerond. Artikel2Subsidiabele activiteiten Uitsluitend de volgende activiteiten komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1 in aanmerking: het beheer van een natuurterrein ten behoeve van de natuurbeheertypen van het Natuurbeheerplan Zeeland met de aanduiding N01.02, N01.03, N04.02, N04.03, N04.04, N05.01, N06.01, N06.05, N08.01, N08.02, N08.03, N08.04, N09.01, N10.02, N11.01, N12.01, N12.02, N12.03, N12.04, N12.05, N12.06, N13.01, N14.01, N14.03, N15.01, N15.02, N16.03, N16.04, N17.03, N17.04, N17.06; het beheer van een natuurterrein ten behoeve van de landschapsbeheertypen van het Natuurbeheerplan Zeeland met de aanduiding L01.01, L01.02, L01.03, L01.05, L01.06, L01.07, L01.08, L01.09; monitoring van een natuurbeheertype; het recreatief toegankelijk maken en houden van een natuurterrein; het vervoer per boot van personeel en materieel van en naar een natuurterrein dat alleen varend kan worden bereikt. Artikel3Subsidieplafond continuering natuurbeheer Het subsidieplafond voor activiteiten als bedoeld in artikel 2 bedraagt: € 2.300.000 per jaar voor ten hoogste zes jaar. Paragraaf1.2Nieuw areaal natuur- en landschapsbeheer (SVNL-N 2016) Artikel4Doelgroep en activiteiten Aan aanvragers als bedoeld in artikel 2.1 van de SVNL2016 kan subsidie worden verstrekt voor nieuw areaal voor natuur- en landschapsbeheertypen binnen een natuurterrein. Artikel5Subsidiabele activiteiten Uitsluitend de volgende activiteiten komen voor subsidie als bedoeld in artikel 4 in aanmerking: het beheer van een natuurterrein ten behoeve van de natuurbeheertypen van het Natuurbeheerplan Zeeland met de aanduiding N01.02, N01.03, N04.02, N04.03, N04.04, N05.01, N06.01, N06.05, N08.01, N08.02, N08.03, N08.04, N09.01, N10.02, N11.01, N12.01, N12.02, N12.03, N12.04, N12.05, N12.06, N13.01, N14.01, N14.03, N15.01, N15.02, N16.03, N16.04, N17.03, N17.04, N17.06; het beheer van een natuurterrein ten behoeve van de landschapsbeheertypen van het Natuurbeheerplan Zeeland met de aanduiding L01.01, L01.02, L01.03, L01.05, L01.06, L01.07, L01.08, L01.09; monitoring van een natuurbeheertype; het recreatief toegankelijk maken en houden van een natuurterrein; het vervoer per boot van mens en materieel van en naar een natuurterrein dat alleen varend kan worden bereikt. Artikel6Subsidieplafond nieuw areaal natuurbeheer Het subsidieplafond voor activiteiten als bedoeld in artikel 5 bedraagt: € 190.000 per jaar voor ten hoogste zes jaar. Paragraaf1.3Aanvraagperiode en loket voor indiening subsidies SVNL-N 2016 Artikel7Aanvraagperiode Aanvragen voor subsidies natuur en landschapsbeheer op grond van de SVNL2016 kunnen in de periode van 15 november tot en met 31 december 2019 worden ingediend bij de provincie Zeeland door middel van het door GS vastgestelde Aanvraagformulier 2020 subsidie Natuur- en landschapsbeheer SVNL2016, dat in de vorm van een e formulier beschikbaar wordt gesteld via de provinciale website op: https://www.zeeland.nl/subsidie-aanvragen/natuursubsidie. Hoofdstuk2Agrarisch natuur- en landschapsbeheer (SVNL-A) Paragraaf2.1Collectief beheer agrarische leefgebieden (SVNL-A 2016) (nieuw stelsel) Artikel8Subsidieplafond collectief agrarisch beheer leefgebieden (nieuw stelsel) Het subsidieplafond voor subsidies als bedoeld in artikel 3.13 van de SVNL2016 voor de leefgebieden met de aanduiding Open Akkerland, Open Grasland, Droge Dooradering en Natte Dooradering samen bedraagt: € 221.000 per jaar (€ 442.000 voor de periode 2020 tot en met 2021). Dit plafond is beschikbaar voor uitbreiding agrarisch natuurbeheer onder het nieuwe stelsel ANLB. Artikel9Aanvraagperiode en loket voor indiening Aanvragen voor subsidies voor collectief agrarisch natuur- en landschapsbeheer van leefgebieden op grond van de SVNL2016 (nieuw stelsel), als bedoeld in artikel 9, kunnen in de periode van 29 september tot en met 5 oktober 2019 ingediend worden bij de Provincie Zeeland door middel van het analoge formulier Gebiedsaanvraag uitbreiding subsidie agrarisch natuur- en landschapsbeheer Zeeland dat beschikbaar wordt gesteld via de provinciale website op: https://www.zeeland.nl/subsidie-aanvragen/natuursubsidie. Paragraaf2.2Collectief agrarisch natuurbeheer (SVNL-A 2010) (oud stelsel) Artikel10Subsidieplafond collectief agrarisch natuurbeheer (oud stelsel) Voor het collectief agrarisch natuurbeheer via de Subsidieverordening Natuur- en Landschapsbeheer Zeeland (SVNL) 2010 wordt voor het begrotingsjaar 2020 het volgende subsidieplafond vastgesteld: € 82.000. Dit plafond is bestemd voor subsidies als bedoeld in: artikel 4.1.1.1. SVNL
(2010)ten behoeve van de agrarische beheertypen en beheerpakketten met de aanduiding A01.01, A01.02 en A02.01, welke pakketten op grond van artikel 2.1, vierde lid, SVNL
(2010)zijn aangewezen voor collectief agrarisch natuurbeheer; artikel 5.1.1.1, eerste lid, onderdeel b, SVNL
(2010)ten behoeve van de landschapselementen of beheerpakketten landschap met de aanduiding L01.01, L01.02, L01.03, L01.05, L01.06, L01.07, L01.08, L01.09, L01.13 welke pakketten op grond van artikel 2.1, vierde lid, SVNL
(2010)zijn aangewezen voor collectief landschapsbeheer. Dit subsidieplafond is alleen beschikbaar voor het uitdienen van de in 2020 nog van kracht zijnde subsidiebeschikkingen op grond van de SVNL Zeeland
(2010)voor collectief agrarisch natuur- en landschapsbeheer zoals vermeld in het Collectief agrarisch beheerplan 2019-2021, vastgesteld door GS op 12 maart 2019 (nr 19006476). Voor aanvragen zoals bedoeld in artikel 7.5 van de SVNL
(2010)is geen budget beschikbaar. Hoofdstuk3Kwaliteitsimpuls Natuur en Landschap SKNL Paragraaf3.1Investeringssubsidie Artikel11Subsidiabele activiteiten Subsidie als bedoeld in artikel 8 SKNL kan worden verstrekt voor de percelen, die zijn aangegeven op de Subsidiekaart SKNL Zeeland 2020 (bijlage 7) behorende bij dit besluit. Artikel12Subsidiabele kosten Voor subsidie als bedoeld in artikel 8 SKNL komen uitsluitend kosten in aanmerking die noodzakelijk en adequaat zijn in relatie tot het natuurdoel van de subsidie, zoals genoemd in artikel 8, eerste lid, SKNL: kosten voor realisatie van natuurbeheertypen en landschapsbeheertypen (landschapselementen) op grond die functieverandering heeft ondergaan, voor zover het de realisatie van de natuurbeheertypen ambitie betreft zoals vermeld in het Natuurbeheerplan Zeeland (artikel 8, eerste lid, onder a en b, SKNL; nieuwe natuur); kosten voor kwaliteitsimpuls van een natuurbeheertype of landschapsbeheertype (landschapselement); (artikel 8, eerste lid, onder c-f, SKNL; bestaande natuur). Artikel13Subsidieplafond Het subsidieplafond voor activiteiten als bedoeld in artikel 12 bedraagt: € 200.000 voor subsidies voor realisatie van natuurbeheertypen en landschapsbeheertypen (landschapselementen) in nieuwe natuur. € 1 voor subsidies voor kwaliteitsimpuls natuurbeheertypen en landschapsbeheertypen (nazorg) in bestaande natuur. Paragraaf3.2Subsidie functieverandering Artikel14Subsidiabele activiteiten Subsidie als bedoeld in artikel 15 SKNL kan worden verstrekt voor de percelen, die zijn aangegeven op de Subsidiekaart SKNL Zeeland 2020 (bijlage 7) behorende bij dit besluit. Artikel15Subsidiabele kosten Voor subsidie als bedoeld in artikel 14 komt uitsluitend in aanmerking de waardedaling van de grond ten gevolge van: de omzetting van landbouwgrond in natuurterrein; de omzetting van landbouwgrond ten behoeve van de daaropvolgende aanleg van een landschapsbeheertype (landschapselement). Artikel16Subsidieplafond Het subsidieplafond voor activiteiten als bedoeld in artikel 14 bedraagt: € 1.365.451 Paragraaf3.3Aanvraagperiode en loket voor indiening Artikel17Aanvraagperiode en loket voor indiening Aanvragen voor subsidies SKNL op grond van dit openstellingsbesluit kunnen in de periode vanaf 1 januari tot en met 31 oktober 2020 ingediend worden bij de provincie Zeeland door middel van het door GS vastgestelde Aanvraagformulier 2020 SKNL Zeeland, dat beschikbaar wordt gesteld als e formulier via de provinciale website op: https://www.zeeland.nl/subsidie-aanvragen/natuursubsidie Hoofdstuk4Tarieven Artikel18tarieven begrotingsjaar 2020 De jaarvergoeding voor de natuurbeheertypen als bedoeld in bijlage 2 van de SVNL2016 is opgenomen in bijlage 1 behorende bij dit besluit; De jaarvergoeding voor de landschapsbeheertypen binnen een natuurterrein als bedoeld in bijlage 1 van de SVNL2016 is opgenomen in bijlage 2 behorende bij dit besluit; De jaarvergoeding voor monitoring van natuurbeheertypen binnen een natuurterrein als bedoeld in bijlage 2 van de SVNL2016 is opgenomen in bijlage 3 behorende bij dit besluit; De jaarvergoeding voor de toeslagen als bedoeld in artikel 2.4 van de SVNL2016 is opgenomen in bijlage 1 behorende bij dit besluit. De vaartoeslag is beperkt tot maximaal 100 ha per vaargebied; De jaarvergoeding voor de agrarische beheerpakketten, opgenomen in bijlage 3, onderdelen B.1 en B.2, van de SVNL, worden voor dit begrotingsjaar conform de bij dit besluit gevoegde bijlage 4, in euro’s per eenheid vastgesteld; De jaarvergoeding voor de beheerpakketten landschap buiten natuurterreinen, opgenomen in bijlage 6, onderdelen B.1 en B.2 van de SVNL, worden voor dit begrotingsjaar conform de bij dit besluit gevoegde bijlage 5, in euro’s per eenheid vastgesteld; De maximale subsidie voor aanleg en herstel van een natuurterrein op grond van artikel 14 lid 3 van de SKNL bedraagt € 9.000,- /ha voor de realisatie van een natuurbeheertype en € 11.428,- voor de realisatie van een landschapsbeheertype; Het percentage voor dit begrotingsjaar als bedoeld in artikel 44, vierde lid, van de Subsidieregeling natuurbeheer 2000, zoals die luidde tot 1 oktober 2004, waarmee de subsidie functieverandering voor de subsidies die zijn verleend op grond van aanvragen voor de begrotingsjaren 2000 tot en met 2006 wordt verhoogd, bedraagt 1,72 %; De opslag voor prijsstijging zoals bedoeld in artikel 1.1 sub x van de SVNL2016, waarmee de tarieven in bijlage 1 worden verhoogd, bedraagt 3,20 %. Hoofdstuk5Voorbehouden Artikel19Subsidiabele terreinen De subsidies als opgenomen in hoofdstuk 1 van dit besluit (natuurbeheer) worden uitsluitend verstrekt voor zover het perceel/terrein als subsidiabel is aangemerkt op de Subsidiekaart SVNL Zeeland 2020 behorende bij dit besluit (bijlage 6). De Subsidiekaart SVNL Zeeland 2020 wordt ter inzage gelegd op het Provinciehuis en wordt geplaatst op het portaal Natuur en Landschap (www.portaalnatuurenlandschap.
- nl)en de provinciale website www.zeeland.nl. De subsidies als opgenomen in hoofdstuk 3 van dit besluit (investering en functieverandering) worden uitsluitend verstrekt voor zover het perceel/terrein als subsidiabel is aangemerkt op de Subsidiekaart SKNL Zeeland 2020 behorende bij dit besluit (bijlage 7) De Subsidiekaart SKNL Zeeland 2020 wordt ter inzage gelegd op het Provinciehuis en wordt geplaatst op het portaal Natuur en Landschap (www.portaalnatuurenlandschap.
- nl)en de provinciale website www.zeeland.nl. De subsidieaanvragen als bedoeld in artikel 9 worden getoetst aan het Natuurbeheerplan Zeeland 2010. De subsidieaanvragen als bedoeld in artikel 8 worden getoetst aan het vigerende Natuurbeheerplan Zeeland 2016, laatstelijk gewijzigd op 24 september 2019. Artikel20Voorbehoud goedkeuring Europese Commissie en Minister van LNV De subsidies als opgenomen in dit besluit worden uitsluitend verleend voor die onderdelen die ook door de Europese Commissie en de Minister van LNV zijn of worden goedgekeurd. Artikel21Voorbehoud PS De subsidieplafonds als opgenomen in dit besluit worden vastgesteld onder het voorbehoud van goedkeuring van de begroting 2020 en de beschikbaarstelling van voldoende middelen door Provinciale staten van Zeeland. Hoofdstuk6Slotbepalingen Artikel22Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin het wordt geplaatst. Artikel23Uitwisselbaarheid De plafonds genoemd onder hoofdstuk 1 zijn onderling uitwisselbaar De plafonds genoemd onder hoofdstuk 2 zijn onderling uitwisselbaar De plafonds genoemd onder hoofdstuk 3 zijn onderling uitwisselbaar Artikel24Verdeling subsidiebedrag De verdeling van het in artikel 9 genoemde beschikbare subsidiebedrag vindt plaats op de wijze als bepaald in artikel 3.8 van de SVNL2016. Artikel25Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Openstellingsbesluit SNL Zeeland 2020 Aldus vastgesteld in de vergadering van gedeputeerde staten van 24 september 2019.Drs. J.M.M. Polman, voorzitterA.W. Smit, secretarisUitgegeven 26 september 2019De secretaris, A.W. SmitBijlagen Tarieven natuurbeheertypen en toeslagen SNL Zeeland in 2020 Tarieven landschapsbeheertypen SNL Zeeland in 2020 Tarieven monitoring natuurbeheertypen SNL Zeeland in 2020 Tarieven agrarisch natuurbeheer SNL Zeeland (oud stelsel) in 2020 Tarieven landschapsbeheer buiten natuurterreinen SNL Zeeland (oud stelsel) in 2020 Subsidiekaart SVNL-N Zeeland 2020 Subsidiekaart SKNL Zeeland 2020 Bijlage1Tarieven natuurbeheertypen en toeslagen SNL Zeeland in 2020 Natuurbeheertypen tarief €/ha/j N01.02 Duin- en kwelderlandschap € 60,34 N01.03 Rivier- en moeraslandschap € 101,17 N04.02 Zoete plas € 44,70 N04.03 Brak water € 55,69 N05.01 Moeras € 386,16 N06.01 Veenmosrietland en moerasheide € 896,83 N06.05 Zwakgebufferd ven € 57,34 N08.01 Strand en embryonaal duin € 8,72 N08.02 Open duin € 236,64 N08.03 Vochtige duinvallei € 1.019,38 N08.04 Duinheide € 183,48 N09.01 Schor of kwelder € 113,23 N10.02 Vochtig hooiland € 1.007,00 N11.01 Droog schraalland € 611,82 N12.01 Bloemdijk € 1.697,72 N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland (met IGG) € 182,39 N12.03 Glanshaverhooiland € 385,26 N12.04 Zilt- en overstromingsgrasland € 450,88 N12.05 Kruiden- en faunarijke akker [met IGG] € 673,16 N12.06 Ruigteveld € 88,02 N13.01 Vochtig weidevogelgrasland (met IGG) € 554,64 N14.01 Rivier- en beekbegeleidend bos € 34,61 N14.03 Haagbeuken- en essenbos € 53,76 N15.01 Duinbos € 59,28 N15.02 Dennen-, eiken- en beukenbos € 93,55 N16.03 Droog bos met productie (nieuw) € 26,88 N16.04 Vochtig bos met productie (nieuw) € 46,45 N17.03 Park- en stinzenbos € 259,00 N17.04 Eendenkooi € 2.260,36 N17.06 Vochtig en hellinghakhout € 590,66 Toeslagen Openstellingsbijdrage: voorzieningenbijdrage € 38,31 Toeslag vaarland € 521,15 Bijlage2Tarieven landschapsbeheertypen SNL Zeeland in 2020 Landschapsbeheertypen tarief €/eenheid/j L01.01 Poel en klein historisch water (per stuk) € 133,52 L01.02 Houtwal en houtsingel (per
- ha)€ 3.154,28 L01.03 Elzensingel (per 100
- m)€ 99,84 L01.05 Knip- en scheerheg (per 100
- m)€ 232,97 L01.06 Struweelhaag (per 100
- m)€ 264,31 L01.07 Laan (per rij per 100
- m)€ 271,70 L01.08 Knotboom (per stuk) € 11,62 L01.09 Hoogstamboomgaard (per
- ha)€ 1.771,56 Bijlage3Tarieven monitoring natuurbeheertypen SNL Zeeland in 2020 Monitoring tarief €/ha/j N01.02 Duin- en kwelderlandschap € 17,00 N01.03 Rivier- en moeraslandschap € 10,30 N05.01 Moeras € 24,06 N06.01 Veenmosrietland en moerasheide € 26,79 N06.05 Zwakgebufferd ven € 99,58 N08.01 Strand en embryonaal duin € 8,10 N08.02 Open duin € 21,31 N08.03 Vochtige duinvallei € 27,26 N08.04 Duinheide € 14,73 N09.01 Schor of kwelder € 19,01 N10.02 Vochtig hooiland € 22,47 N11.01 Droog schraalland € 18,41 N12.01 Bloemdijk € 16,40 N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland € 5,17 N12.03 Glanshaverhooiland € 17,03 N12.04 Zilt- en overstromingsgrasland € 19,01 N12.05 Kruiden- en faunarijke akker € 9,24 N12.06 Ruigteveld € 5,22 N13.01 Vochtig weidevogelgrasland € 8,33 N14.01 Rivier- en beekbegeleidend bos € 19,65 N14.03 Haagbeuken- en essenbos € 17,74 N15.01 Duinbos € 7,68 N15.02 Dennen-, eiken- en beukenbos € 7,68 N16.03 Droog bos met productie € 5,15 N16.04 Vochtig bos met productie € 5,15 N17.03 Park- en stinzenbos € 3,12 N17.06 Vochtig en hellinghakhout € 14,52 Bijlage4Tarieven agrarisch natuurbeheer SNL Zeeland (oud stelsel) in 2020 Agrarisch beheertype/beheerpakket €/ha/j A01.01.01 Weidevogelgrasland met een rustperiode A01.01.01a Rustperiode van 1 april tot 1 juni 274,95 A01.01.01b Rustperiode van 1 april tot 8 juni 400,09 A01.01.01c Rustperiode van 1 april tot 15 juni 531,75 A01.01.01d Rustperiode van 1 april tot 22 juni 598,98 A01.01.01e Rustperiode van 1 april tot 1 juli 1028,35 A01.01.01f Rustperiode van 1 april tot 15 juli 1190,39 A01.01.01g Rustperiode van 1 april tot 1 augustus 1375,57 A01.01.02 Weidevogelgrasland met voorweiden A01.01.02a Voorweiden 1 mei tot 15 juni 229,73 A01.01.02b Voorweiden 8 mei tot 22 juni 229,73 A01.01.03 Plas-dras A01.01.03a Inundatieperiode 15 februari tot 15 april 758,50 A01.01.03b Inundatieperiode 15 februari tot 15 mei 1211,05 A01.01.03c Inundatieperiode 15 februari tot 15 juni 1981,43 A01.01.03d Inundatieperiode 15 februari tot 1 augustus 1981,43 Greppel plas-dras A01.01.03e Inundatieperiode 15 februari tot 15 april 758,50 A01.01.03f Inundatieperiode 15 februari tot 15 mei 1211,05 A01.01.03g Inundatieperiode 15 februari tot 15 juni 1981,43 A01.01.03h Inundatieperiode 15 februari tot 1 augustus 1981,43 A01.01.04 Landbouwgrond met legselbeheer A01.01.04a1 Legselbeheer op grasland 35 broedparen 69,17 A01.01.04a1 Legselbeheer op grasland 50 broedparen 87,82 A01.01.04a1 Legselbeheer op grasland 75 broedparen 108,41 A01.01.04a1 Legselbeheer op grasland 100 broedparen 129,84 A01.01.04b Legselbeheer op bouwland en/of grasland 51,66 A01.01.04c1.ut Legselbeheer op grasland 150 broedparen plus maaitrappen 316,31 A01.01.04c2.ut Legselbeheer op grasland 200 broedparen plus maaitrappen 359,11 A01.01.04c3.ut Legselbeheer op grasland 300 broedparen plus maaitrappen 380,90 A01.01.05 Kruidenrijk weidevogelgrasland A01.01.05a Kruidenrijk weidevogelgrasland 1028,35 A01.01.05b Kruidenrijk weidevogelgraslandrand 926,62 A01.01.06 Extensief beweid weidevogelgrasland A01.01.06 Extensief beweid weidevogelgrasland 495,04 A01.02.01 Bouwland met broedende akkervogels A01.02.01a1
(2010)Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel op kleigrond 2138,73 A01.02.01a2
(2010)Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel op zandgrond 1652,31 A01.02.01b1
(2010)Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april te worden geploegd op kleigrond 2138,73 A01.02.01b2
(2010)Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april te worden geploegd op zandgrond 1652,31 A01.02.01c1
(2010)Bouwland met broedende akkervogels: In het derde of vierde jaar dient de gehele beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april te worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel op kleigrond 2138,73 A01.02.01c2
(2010)Bouwland met broedende akkervogels: In het derde of vierde jaar dient de gehele beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april te worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel op zandgrond 1652,31 A01.02.01a1 Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel op kleigrond 2138,73 A01.02.01a2 Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel op zandgrond 1652,31 A01.02.01b1 Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 sept en 15 april te worden geploegd op kleigrond 2138,73 A01.02.01b2 Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 sept en 15 april te worden geploegd op zandgrond 1652,31 A01.02.01c1 Bouwland met broedende akkervogels: In 3e en 4e jaar dient de gehele beheereenheid opnieuw tussen 1 sept en 15 april te worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel… Roulatie mogelijk op klei 2138,73 A01.02.01c2 Bouwland met broedende akkervogels: In 3e en 4e jaar dient de gehele beheereenheid opnieuw tussen 1 sept en 15 april te worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel… Roulatie mogelijk op zand 1652,31 A01.02.01d1 De beheereenheid is minimaal 12 meter breed. Tussen 15 april en 31 aug mag max. 10% van de oppervlakte bedekt zijn met rijsporen …. Roulatie mogelijk op klei 1739,63 A01.02.01d2 De beheereenheid is minimaal 12 meter breed. Tussen 15 april en 31 aug mag max. 10% van de oppervlakte bedekt zijn met rijsporen …. Roulatie mogelijk op zand 1302,33 A01.02.02 Bouwland met doortrekkende en overwinterende akkervogels A01.02.02a Bouwland met doortrekkende en overwinterende akkervogels klei 2028,24 A01.02.02b Bouwland met doortrekkende en overwinterende akkervogels zand 1744,97 A01.02.03 Bouwland voor hamsters A01.02.03a Bouwland voor hamsters, vollevelds 2240,05 A01.02.03b Opvangstrook voor hamsters 2028,24 A01.03.01 Overwinterende ganzen A01.03.01a Ganzen op grasland min 118,00 max 725,81 A01.03.01b Ganzen op bouwland min 73,00 max 756,80 A01.03.01c Ganzen op vroege groenbemester 252,00 A01.03.01d Ganzen op late groenbemester 252,00 A01.03.02 Overzomerende ganzen A01.03.02.Lb Opvang overzomerende grauwe ganzen Maasplassen 940,00 A01.04 Insectenrijke graslanden A01.04.01a.Lb Insectenrijk graslandperceelsbeheer Roerdal: basis 1386,98 A01.04.01b.Lb Insectenrijk graslandperceelsbeheer Roerdal: plus 1991,11 A01.04.02.Lb Insectenrijke graslandranden Roerdal 1991,11 A01.05.01 Foerageerrand Bever A01.05.01.Lb Foerageerrand Bever 0,00 A02.01 Botanisch grasland A02.01.01 Botanisch weiland 1020,09 A02.01.02 Botanisch hooiland 1164,83 A02.01.03 Botanische weide-of hooilandrand A02.01.03a Botanische weiderand 1020,09 A02.01.03b Botanische hooilandrand 1350,02 A02.01.04 Botanisch bronbeheer 1803,98 A02.02 Akker met waardevolle flora A02.02.01a Akker met waardevolle flora: Drie van de zes jaar graan 149,63 A02.02.01b Akker met waardevolle flora: Vier van de zes jaar graan 441,76 A02.02.01c Akker met waardevolle flora: Vijf van de zes jaar graan 521,60 A02.02.02 Chemie en kunstmestvrij land A02.02.02a Chemie en kunstmestvrij land: Drie van de zes jaar graan 663,24 A02.02.02b Chemie en kunstmestvrij land: Vier van de zes jaar graan 725,42 A02.02.02c Chemie en kunstmestvrij land: Vijf van de zes jaar graan 766,50 A02.02.03 Akkerflora randen A02.02.03 Akkerflora randen 1652,31 5Tarieven landschapsbeheer buiten natuur SNL Zeeland (oud stelsel) in 2020 Landschapsbeheertype eenheid €/eenheid/j L01.01 Landschapsbeheertype Poel en klein historisch water L01.01.01b Poel en klein historisch water < 175 m2 per stuk per jaar 65,39 L01.01.01b Poel en klein historisch water > 175 m2 per stuk per jaar 105,89 L01.02 Landschapsbeheertype Houtwal en houtsingel L01.02.01 Houtwal en houtsingel are per jaar 26,66 L01.02.02 Hoge houtwal are per jaar 33,28 L01.02.03 Holle weg en graft are per jaar 31,52 L01.03 Landschapsbeheertype Elzensingel L01.03.01a Elzensingel bedekking 30-50% 100 meter per jaar 44,31 L01.03.01b Elzensingel bedekking >50-75% 100 meter per jaar 69,91 L01.03.01c Elzensingel bedekking >75% 100 meter per jaar 98,47 L01.04 Landschapsbeheertype Bossingel en bosje L01.04.01 Bossingel en bosje are per jaar 19,34 L01.05 Landschapsbeheertype Knip- en scheerheg L01.05.01a Knip- en scheerheg jaarlijkse cyclus 100 meter per jaar 271,68 L01.05.01b Knip- en scheerheg 2-3 jaarlijkse cyclus 100 meter per jaar 173,88 L01.06 Landschapsbeheertype Struweelhaag L01.06.01a Struweelhaag cyclus 5-7 jaar 100 meter per jaar 235,95 L01.06.01b Struweelhaag cyclus >12 jaar 100 meter per jaar 164,26 L01.07 Landschapsbeheertype Laan L01.07.01a Laan stamdiameter < 20 cm 100 meter per jaar 59,99 L01.07.01b Laan stamdiameter 20-60 cm 100 meter per jaar 113,02 L01.07.01c Laan stamdiameter > 60 cm 100 meter per jaar 254,75 L01.08 Landschapsbeheertype Knotboom L01.08.01a Knotboom stamdiameter < 20 cm per stuk per jaar 2,46 L01.08.01b Knotboom stamdiameter 20-60 cm per stuk per jaar 7,61 L01.08.01c Knotboom stamdiameter > 60 cm per stuk per jaar 9,64 L01.09 Landschapsbeheertype Hoogstamboomgaard L01.09.01 Hoogstamboomgaard hectare per jaar 1.618,31 L01.09.02.Z Halfstamboomgaard bij historische boerderijen hectare per jaar 0,00 L01.10 Landschapsbeheertype Struweelrand L01.10.01 Struweelrand are per jaar 9,38 L0.11 Landschapsbeheertype Hakhoutbosje L01.11.01a Hakhoutbosje met langzaamgroeiende soorten are per jaar 6,62 L01.11.01b Hakhoutbosje met snelgroeiende soorten are per jaar 12,27 L01.12 Landschapsbeheertype Griendje L01.12.01 Griendje are per jaar 23,00 L01.13 Landschapsbeheertype Bomenrij en solitaire bomen L01.13.01a Bomenrij gemiddelde stamdiameter < 20 cm 100 meter per jaar 27,37 L01.13.01b Bomenrij gemiddelde stamdiameter 20-60 cm 100 meter per jaar 37,26 L01.13.01c Bomenrij gemiddelde stamdiameter >60 cm 100 meter per jaar 56,38 L01.13.02a Solitaire boom gemiddelde stamdiameter < 20 cm per stuk per jaar 4,38 L01.13.02b Solitaire boom gemiddelde stamdiameter 20-60 cm per stuk per jaar 5,96 L01.13.02c Solitaire boom gemiddelde stamdiameter >60 cm per stuk per jaar 9,02 L01.13.03.Z Leibomen bij historische boerderijen per stuk per jaar 0,00 L01.14 Landschapsbeheertype Rietzoom en klein rietperceel L01.14.01a Rietzoom 2-5 meter 100 meter per jaar 42,50 L01.14.01b Rietzoom > 5 meter en klein rietperceel hectare per jaar 640,67 L01.15 Landschapsbeheertype Natuurvriendelijke oever L01.15.01 Natuurvriendelijke oever 100 meter per jaar 52,31 L03 Aardwerk en groeve L03.01.00 Aardwerk en groeve hectare per jaar 966,27 L03.01.02.ZH Schurvelingen en zandwallen op Goeree hectare per jaar 0,00 L04 Recreatieve landschapselementen L04.01.01 Wandelpad over boerenland 100 meter per jaar 84,32 6Subsidiekaart SVNL-N Zeeland 2020 7Subsidiekaart SKNL Zeeland 2020