SUBSIDIEVERORDENING 2007 Verordening vastgesteld bij Raadsbesluit d.d. 26 januari 2006, nummer 06/03; deze verordening zal in werking treden met ingang van 1 januari
- Met ingang van 1 januari 2007 wordt de subsidieverordening, vastgesteld bij raadsbesluit van 26 april 1977, sedertdien gewijzigd, ingetrokken. HOOFDSTUKA. ALGEMENE BEPALINGEN ArtikelAl Aan de organisatie, die in beginsel voor een ieder toegankelijk is, gevestigd is in de Gemeente Uitgeest en werkzaam is ten behoeve van het algemeen welzijn, hetzij materieel hetzij ideëel, van inwoners der Gemeente Uitgeest, kan door de Gemeente Uitgeest subsidie verleend worden. Burgemeester en wethouders bepalen, welke activiteiten onder het algemeen welzijn als bedoeld in lid 1 vallen. Burgemeester en Wethouders kunnen aan de organisatie als bedoeld in lid 1, die niet in de Gemeente Uitgeest gevestigd is, subsidie verlenen, indien naar hun oordeel haar activiteiten in voldoende mate onder het algemeen welzijn als bedoeld in lid 1 vallen. ArtikelA2 Ter uitwerking van het bepaalde in deze verordening kan de Gemeenteraad ten aanzien van nader te bepalen beleidsterreinen deelverordeningen vaststellen. Ter uitwerking van het bepaalde in deze verordening en de in lid 1 genoemde deelverordeningen kunnen Burgemeester en Wethouders beleidsregels vaststellen. ArtikelA3 Geen subsidie wordt verleend aan de organisatie die uitsluitend of in hoofdzaak activiteiten ontplooit op staatkundig of godsdienstig terrein; het maken van winst beoogt; ArtikelA4 Burgemeester en Wethouders kunnen, indien zij in een bepaald geval van mening zijn, dat een organisa¬tie in een zodanige financiële toestand verkeert, dat een gemeentelijk subsidie als overbodig moet wor¬den beschouwd, op deze grond de subsidie geheel of gedeeltelijk weigeren. ArtikelA5 De subsidie wordt, voor zoveel in deze verordening niet anders bepaald, door Burgemeester en Wethouders vastgesteld als bijdrage in de werkelijke per subsidiejaar gedane uitgaven op grond van de door hen geaccepteerde rekening ervan, die ten minste moet bevatten een overzicht van de inkomsten en uitgaven. Het bepaalde in lid 1 is niet van toepassing op de subsidies als bedoeld in de artikelen El, E2, E4 en E
- De subsidie kan worden verleend op andere wijze dan in geld. ArtikelA6 De subsidie wordt, voor zoveel in deze verordening niet anders bepaald, slechts vastgesteld in de kosten, die voor een goede taakvervulling van hetgeen de organisatie blijkens haar statuten tot doel heeft noodzakelijk zijn. Het bepaalde in lid 1 is niet van toepassing op de subsidies als bedoeld in de artikelen El, E2, E4 en E
- ArtikelA7 De subsidie wordt slechts vastgesteld voor zover in de begroting hiervoor bedragen zijn opgenomen. ArtikelA8 De Gemeenteraad kan per kalenderjaar op grond van afdeling 4.2.2 van de Algemene wet bestuursrecht een bedrag vaststellen, dat maximaal beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies ter zake van nader te bepalen beleidsgebieden (het zogeheten plafond). De wijze van verdeling van het per beleidsgebied beschikbare bedrag wordt omschreven in het besluit tot vaststelling van het in lid 1 genoemd plafond. ArtikelA9 Het subsidiejaar, het jaar waarvoor de subsidie wordt verzocht respectievelijk wordt vastgesteld, is gelijk aan het kalenderjaar. ArtikelA10 Onder het aantal leden wordt verstaan, het aantal actieve leden op 1 Januari van het jaar, voorafgaande aan het subsidiejaar, dat als contribuerend is ingeschreven en woonachtig is in de Gemeente Uitgeest. Onder het aantal jeugdleden wordt verstaan, het aantal actieve jeugdleden op 1 Januari van het jaar, voorafgaande aan het subsidiejaar, dat als contribuerend is ingeschreven, woonachtig is in de Gemeente Uitgeest en de leeftijd van 21 jaar op genoemde 1 Januari nog niet heeft bereikt. Iemand is in de gemeente Uitgeest woonachtig, indien hij als zodanig is ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie van deze gemeente. ArtikelA11 Onder het aantal producties wordt verstaan het aantal producties en/of voorstellingen, dat een organisatie in het jaar, voorafgaande aan het subsidiejaar heeft verzorgd c.q. gegeven. ArtikelA12 Indien wordt gesubsidieerd op basis van het aantal inwoners, wordt met dit aantal bedoeld het aantal inwoners, dat is ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie op 1 Januari van het jaar, voorafgaande aan het subsidiejaar HOOFDSTUKB. DE PROCEDURE ArtikelB1 Een aanvraag om subsidie wordt voor 1 juni, voorafgaand aan het subsidiejaar, ingediend bij Burgemeester en Wethouders op een door dezen vastgesteld en verstrekt formulier. ArtikelB2 De aanvraag om een subsidie gaat vergezeld van: de bescheiden genoemd in het formulier als bedoeld in artikel B1 een begroting, tenzij deze voor de berekening van het subsidie niet van belang is. ArtikelB3 De begroting bevat een overzicht van de voor het subsidiejaar geraamde inkomst ArtikelB4 Indien voor het jaar, voorafgaande aan het subsidiejaar, geen subsidie werd aangevraagd, wordt naast de in artikel B2 genoemde bescheiden overgelegd: een exemplaar van de geldende statuten en bij gebreke daarvan van de oprichtingsakte; de laatst vastgestelde jaarrekening dan wel de balans en de staat van baten en lasten en bij gebreke daarvan een verslag over de financiële positie van de aanvrager op het moment van de aanvrage. ArtikelB5 Burgemeester en Wethouders kunnen in individuele gevallen ontheffing verlenen van een of meer in de artikelen B2 en B4 gestelde eisen, indien naleving daarvan redelijkerwijs niet kan worden verlangd, of geen aanwijsbaar belang daarmee is gediend. HOOFDSTUKC. DE SUBSIDIEVERLENING ArtikelCl Burgemeester en Wethouders beslissen voor 15 november voorafgaande aan het subsidiejaar, op de subsidieaanvrage (de subsidieverlening). De beschikking tot subsidieverlening bevat: een omschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt verleend; het subsidiebedrag; de eventueel opgelegde verplichtingen. De beschikking met betrekking tot subsidieverlening wordt voor 1 december voorafgaande aan het subsidiejaar verzonden. ArtikelC2 Burgemeester en Wethouders kunnen de subsidie geheel of gedeeltelijk weigeren indien een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat: de activiteiten niet of niet geheel zullen plaatsvinden; de aanvrager niet zal voldoen aan de, aan de subsidie verbonden, verplichtingen; de aanvrager niet op behoorlijke wijze rekening en verantwoording zal afleggen omtrent de verrichte activiteiten en de daaraan verbonden inkomsten en uitgaven; Burgemeester en Wethouders kunnen de subsidie geheel of gedeeltelijk weigeren: indien het aanvraagformulier onvolledig of onjuist is ingevuld; indien de gevraagde gegevens en over te leggen bescheiden niet of niet volledig zijn verstrekt. ArtikelC3 Burgemeester en Wethouders kunnen aan de beschikking tot subsidieverlening verplichtingen opleggen, die strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie. ArtikelC4 Indien op de subsidieaanvrage gunstig is beslist, wordt 80% van het subsidiebedrag als voorschot toegekend. De betaling van het voorschot vindt plaats in twee gelijke termijnen en wel per 1 januari en 1 juli van het subsidiejaar. HOOFDSTUKDDE SUBSIDIEVASTSTELLING ArtikelD1 De organisatie, die een positieve beschikking tot subsidieverlening heeft ontvangen, legt ter vaststelling van de subsidie voor 1 juni van het jaar, volgend op het subsidiejaar, een aanvraag tot vaststelling, vergezeld van de navolgende bescheiden, over: een vanwege het bestuur gewaarmerkt verslag van de verrichte activiteiten in het subsidiejaar; een vanwege het bestuur gewaarmerkte rekening van baten en lasten en een balans met een toelichting daarop. Burgemeester en Wethouders kunnen van een organisatie verlangen, dat een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393 Boek 2, van het Burgerlijk Wetboek wordt overgelegd. Burgemeester en Wethouders kunnen ontheffing verlenen van een of meer van de in lid 1 genoemde eisen, indien naleving daarvan redelijkerwijs niet kan worden verlangd of geen aanwijsbaar belang daarmee is gediend. ArtikelD2 Indien voor de in artikel D1, lid 1, genoemde termijn de aanvraag tot vaststelling niet is ingediend, kunnen Burgemeester en Wethouders de subsidieontvanger een termijn stellen, binnen dewelke de aanvraag moet zijn ingediend. Indien na afloop van deze termijn geen aanvraag is ingediend, kan de subsidie ambtshalve worden vastgesteld. ArtikelD3 Burgemeester en Wethouders beschikken op de aanvraag om subsidievaststelling voor 15 november volgend op 1 juni, genoemd in artikel D1 Burgemeester en Wethouders kunnen de beschikking, genoemd in lid 1, met ten hoogste twee maanden verdagen. Van de verdaging wordt voor de afloop van de in lid 1 genoemde termijn schriftelijk aan de organisatie mededeling gedaan. ArtikelD4 Binnen vier weken na de subsidievaststelling wordt de subsidie uitbetaald onder aftrek van de betaalde voorschotten. ArtikelD5 Voor de subsidies, bedoeld in de artikelen El, E2 en E4 vinden de subsidieverlening en de subsidievaststelling tegelijk in één beschikking plaats. Indien lid 1 toepassing heeft gevonden, wordt het subsidiebedrag uitbetaald per 1 april van het subsidiejaar. HOOFDSTUKE ArtikelE1 De jaarlijkse subsidie voor sportverenigingen bedraagt het jaarlijks te bepalen bedrag per het aantal jeugdleden van de betreffende vereniging. Burgemeester en Wethouders bepalen welke verenigingen voor de toepassing van dit artikel als sportverenigingen in de zin van lid 1 worden aangemerkt. ArtikelE2 De jaarlijkse subsidie voor culturele verenigingen bedraagt: het jaarlijks te bepalen bedrag per het aantal leden van de betreffende vereniging. het jaarlijks te bepalen bedrag per het aantal producties met een maximum van twee per jaar van de betreffende vereniging. Het totaal van de subsidies op grond van het bepaalde onder a bedraagt 1½ van het totaal aan subsi¬dies op grond van het bepaalde onder b. Burgemeester en Wethouders bepalen welke verenigingen voor de toepassing van dit artikel als culturele verenigingen in de zin van lid 1 worden aangemerkt. ArtikelE3 De jaarlijkse subsidie voor organisaties waarmee de Gemeente dan wel samenwerkende gemeenten een overeenkomst heeft c.q. hebben, dan wel zal c.q. zullen hebben, is het bedrag dat op grond van deze overeenkomst - eventueel als maximum - in de begroting is opgenomen. ArtikelE4 De jaarlijkse subsidie voor organisaties, niet vallende onder de artikelen El, E2 en E3, wordt als bedrag per organisatie in de begroting opgenomen. ArtikelE5 Jaarlijks kan in de begroting een bedrag worden opgenomen ten behoeve van subsidiering van organisaties, niet vallende onder de artikelen El, E2, E3 en E
- ArtikelE6 Indien de subsidieverlening en de subsidievaststelling tegelijkertijd in een beschikking plaatsvinden, wordt geen uitvoeringsovereenkomst gesloten en wordt de subsidie per 1 april van het subsidiejaar uitbetaald. HOOFDSTUKFBIJZONDERE VORMEN VAN SUBSIDIE ArtikelF1 Aan de organisatie, niet vallende onder artikel Al, kan in bijzondere omstandigheden subsidie worden verleend in de kosten van haar activiteiten. ArtikelF2 Burgemeester en Wethouders kunnen een organisatie met of zonder rechtspersoonlijkheid een subsidie verstrekken voor een incidentele activiteit. Een incidenteel subsidie is een subsidie, verstrekt voor activiteiten met een eenmalig ofwel experimenteel karakter, dan wel verstrekt bij gelegenheid van jubilea of andere incidentele bijzondere gebeurtenissen. ArtikelF3 Burgemeester en Wethouders kunnen een organisatie met of zonder rechtspersoonlijkheid een exploitatiesubsidie verlenen. Een exploitatiesubsidie is een jaarlijks terugkerend subsidie in bepaalde exploitatiekosten dan wel in het door Burgemeester en Wethouders goedgekeurd exploitatietekort. ArtikelF4 Burgemeester en Wethouders kunnen een waarderingssubsidie verstrekken, waarmee zij willen aangeven bepaalde activiteiten van belang te vinden en waarbij het subsidiebedrag niet gerelateerd is aan de kosten van deze activiteiten. ArtikelF5 Burgemeester en Wethouders hebben, de bevoegdheid om in bijzondere gevallen van de in deze verordening opgenomen voorwaarden en regelen af te wijken, of nadere voorwaarden te stellen, indien naar hun oordeel hiervoor voldoende redenen bestaan. ArtikelF6 Deze verordening kan worden aangehaald als "Subsidieverordening 2007”. ArtikelF7 Deze verordening treedt in werking met ingang van het subsidiejaar 2007”.