Verordening subsidiëring godsdienstonderwijs en levensbesch. vormingsonderwijsGeconsolideerde tekst van de regelingOnderwerp:Verordening subsidiëring godsdienstonderwijs enlevensbeschouwelijk vormingsonderwijsgemeente Zederik.De Raad der gemeente Zederik;gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 16 mei 2001;gelet op de artikelen 50 en 51 van de Wet op het Primair Onderwijs en de artikelen 147en 148van de gemeentewet;gelet op de Algemene Wet Bestuursrecht;b e s l u i t :vast te stellen de navolgende “Verordening regelende de subsidiëring vangodsdienstonderwijs en levensbeschouwelijk vormingsonderwijs op scholen voorbasisonderwijs in de gemeente Zederik”. Artikel1 In deze verordening wordt verstaan onder :Instellingen: kerkelijke gemeenten, plaatselijk kerken, rechtspersonen met volledigerechtsbevoegdheid die zich blijkens hun statuten het geven van godsdienstonderwijs ten doelstellen of organisaties op geestelijke grondslag die volledige rechtsbevoegdheid bezitten;Godsdienstonderwijs: het onderwijs zoals dat wordt gegeven door leraren daartoe aangewezendoor kerkelijke gemeenten, plaatselijke kerken of rechtspersonen met volledigerechtsbevoegdheid die zich blijkens hun statuten het geven van godsdienstonderwijs ten doelstellen;Levensbeschouwelijk vormingsonderwijs: het onderwijs zoals dat wordt gegeven door lerarendaartoe aangewezen door volledige rechtsbevoegdheid bezittende organisaties op geestelijkegrondslag;Scholen: scholen voor basisonderwijs in de gemeente Zederik. Artikel2 Burgemeester en wethouders kunnen aan instellingen een tegemoetkoming verlenen voor hetgeven van godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs, hierna te noemen hetonderwijs, op scholen in de gemeente Zederik. Artikel3 Het onderwijs wordt gedurende de normale schooltijden in het schoolgebouw gegeven. Artikel4 Het onderwijs wordt alleen gegeven aan leerlingen waarvan de ouders, voogden of verzorgerszich daarmee vooraf akkoord hebben verklaard. Artikel5 De verantwoordelijkheid voor de inhoud van het onderwijs alsmede de zorg dat het onderwijspedagogisch en didactisch verantwoord is, berust bij de instelling die dit onderwijs geeft of doetgeven. Artikel6 1.De met het geven van onderwijs belaste leraren onthouden zich van het voeren vanpropaganda voor enige kerkelijke c.q. politieke groepering of richting. 2.Zij gedragen zich naar de aanwijzingen door de directeur van de school te geven enverstrekken hem alle verlangde inlichtingen, teneinde de goede gang van het onderwijs aandie school te waarborgen Artikel7 Indien één van de leerkrachten van de school als leraar in de zin van deze verordening op deeigen school werkzaam is, bestaat geen recht op een tegemoetkoming als bedoeld in artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.