← Nederland

Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting (Zederik)

Verordening toeristenbelasting 2012Geconsolideerde tekst van de regeling Onderwerp: Vaststelling van: Verordening onroerende-zaakbelastingen 2012 Verordening rioolheffing 2012 Verordening afvalstoffenheffing 2012 Verordening toeristenbelasting 2012 De raad van de gemeente Zederik; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 november 2011: b e s l u i t :

  1. tot vaststelling van de Verordening onroerende-zaakbelastingen 2012;
  2. tot vaststelling van de Verordening rioolheffing 2012;
  3. tot vaststelling van de Verordening afvalstoffenheffing 2012;
  4. tot vaststelling van de Verordening toeristenbelasting
  5. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zederik,gehouden op 12 december
  6. De griffier, De voorzitter, Artikel1Belastbaar feit Onder de naam 'toeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene zijn opgenomen in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente. Artikel2Belastingplicht 1Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel
  7. 2De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel
  8. 3Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel
  9. Artikel3Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:
  10. van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen;
  11. van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.
  12. van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk verblijf forensenbelasting is verschuldigd;
  13. op vaartuigen voor welk verblijf watertoeristenbelasting is verschuldigd. Artikel4Maatstaf van heffing De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingjaar. Het aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten. Artikel5Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing 1Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder: a. kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto, caravan dan wel enig ander onderkomen of ander voertuig of gewezen voertuig of een gedeelte daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde waarvoor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel a, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is vereist; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf.b. kampeerterrein: terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en volgens die inrichting bestemd, om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen.c. vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld voor de plaatsing van eenzelfde kampeermiddel gedurende een seizoen of een jaar.d. volgtijdige (losse) standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld voor de volgtijdige plaatsing van verschillende kampeermiddelen.e. woning: een huis, een naar aard en inrichting vergelijkbare ander onderkomen of een deel van een huis of een vergelijkbaar onderkomen.f. particulier: een natuurlijk persoon die buiten de uitoefening van een bedrijf of beroep gelegenheid biedt tot verblijf.g. particulier verhuurde woning: een woning die door een particulier ter beschikking wordt gesteld voor het houden van verblijf met overnachting tegen een vergoeding in welke vorm dan ook. 2Voor particulier verhuurde woningen, woningen en voor kampeermiddelen op vaste of volgtijdige standplaatsen kan het aantal overnachtingen op een bij de aangifte gedaan verzoek van de belastingplichtige forfaitair worden vastgesteld. 3Bij de forfaitaire berekening voor woningen en particulier verhuurde woningen wordt per woning:a. het aantal overnachtende personen gesteld op het aantal slaapplaatsenb. het aantal malen dat wordt overnacht wordt bepaald op 60 4Bij de forfaitaire berekening voor kampeermiddelen op vaste standplaatsen wordt per standplaats:a. het aantal overnachtende personen gesteld op 3 personenb. het aantal malen dat wordt overnacht wordt bepaald op 50 5Bij de forfaitaire berekening voor kampeermiddelen op volgtijdige (losse) standplaatsen wordt per standplaats:a. het aantal overnachtende personen gesteld op 2 personen.b. het aantal malen dat wordt overnacht wordt bepaald op
  14. Artikel6Belastingtarief Per overnachting bedraagt het tarief € 0,
  15. Artikel7Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel8Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel9Aanslaggrens Een belastingaanslag wordt niet opgelegd als het aantal overnachtingen, waartoe gelegenheid wordt of is gegeven, tijdens het belastingjaar minder dan tien zal of heeft belopen. Artikel10Termijnen van betaling 1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in één termijn. De termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 2De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. Artikel11Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven voor de heffing en de invordering van de toeristenbelasting. Artikel12Overgangsrecht De 'Verordening toeristenbelasting 1998' van 30 maart 1998, laatstelijk gewijzigd bij raadsbesluit van 13 december 2004, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel13Inwerkingtreding 1Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking. 2De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  16. Artikel14Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als 'Verordening toeristenbelasting
  17. Aldus vastgesteld in de openbare vergade-ring van de raad van de gemeente Zederik,gehouden op 12 december 2011.De griffier, De voorzitter,

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.