← Nederland

Verordening commissie bezwaarschriften (Oudewater)

Verordening commissie bezwaarschriften De raad, het college en de burgemeester van de gemeente Oudewater; ieder voor zoveel het hun bevoegdheden betreft; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 26 augustus 2003; gelet op de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de Gemeentewet; besluiten: vast te stellen de: Verordening commissie bezwaarschriften Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen; b commissie: vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften. Artikel2Inleidende bepaling commissie 1 Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college en de burgemeester. 2 De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van: a. een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende zaken. b. de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO), de Wet werk en bijstand (WWB) en aanverwante regelingen op het terrein van Sociale Zaken waarvan de beslissingsbevoegdheid is gemandateerd aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Woerden. c. één van de taken genoemd in de bijlage bij de Samenwerkingsovereenkomst gemeente Oudewater – gemeente Woerden op het gebied van het Sociaal Domein van 5 juni 2012, die per 1 juli 2012 zijn overgedragen en gemandateerd aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Woerden. Artikel3Samenstelling van de commissie 1De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden. 2De voorzitter en de leden worden door het college benoemd, geschorst en ontslagen. 3Het college benoemt een aantal plaatsvervangende leden. 4De commissie regelt de vervanging van de voorzitter. 5 De voorzitter en de leden van de commissie kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan van de gemeente Oudewater. Artikel4Secretaris 1 De secretaris van de commissie is een door het college aangewezen ambtenaar. 2 Het college wijst tevens een of meer plaatsvervangers van de secretaris aan. Artikel5Zittingsduur 1 De voorzitter, de leden en de plaatsvervangend leden van de commissie worden benoemd voor een periode van vier jaren en kunnen worden herbenoemd. 2 De voorzitter en de leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. 3De aftredende voorzitter en de aftredende leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. Artikel6Ingediend bezwaarschrift 1Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend. 2Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld. Artikel7Uitoefening bevoegdheden 1 De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de Awb worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie: a artikel 2:1, tweede lid; b artikel 6:6, wat betreft het de indiener stellen van een termijn; c artikel 6:17, voorzover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie; d artikel 7:4, tweede lid; e artikel 7:6, vierde lid. 2De voorzitter is bevoegd de uitoefening van de bevoegdheden te mandateren aan de secretaris van de commissie. Artikel8Vooronderzoek 1De voorzitter van de commissie is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen. 2De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist. Artikel9Hoorzitting 1De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen. 2De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Awb. 3Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan. Artikel10Uitnodiging zitting 1De voorzitter nodigt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten minste twee weken voor de zitting schriftelijk uit. 2Binnen drie dagen na de uitnodiging kunnen de belanghebbenden of het verwerend orgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen. 3De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt uiterlijk één week voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan meegedeeld. 4De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen die genoemd zijn in het eerste tot en met het derde lid. Artikel11Quorum Voor het houden van een zitting is vereist dat de meerderheid van het aantal leden, onder wie in elk geval de voorzitter, of zijn plaatsvervanger, aanwezig is. Artikel12Niet-deelneming aan de behandeling De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Artikel13Openbaarheid zitting 1De zitting van de commissie is openbaar. 2De deuren kunnen worden gesloten indien de voorzitter van de commissie of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet. 3De zitting van de commissie vindt achter gesloten deuren plaats voor wat betreft bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van de Algemene bijstandswet. Artikel14Schriftelijke verslaglegging 1Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de Awb vermeldt de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid. 2Het verslag houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is gezegd en wat verder ter zitting is voorgevallen. 3Indien de zitting geheel of gedeeltelijk met gesloten deuren plaatsvond, of indien belanghebbenden, respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan melding. 4Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnen worden gehecht. 5Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de commissie. Artikel15Nader onderzoek 1Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de andere commissieleden dit onderzoek houden. 2De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden toegezonden. 3De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op zo'n verzoek. 4Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Artikel16Raadkamer en advies 1De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies. 2De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. Indien bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter. Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt indien die minderheid dat verlangt. 3Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift. 4Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de commissie ondertekend. Artikel17Uitbrengen advies en verdaging 1Het advies wordt, onder medezending van het verslag als bedoeld in artikel 14 en eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen. 2Indien naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de termijn van 10 weken, als bedoeld in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het verwerend orgaan tijdig de beslissing te verdagen. 3Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en de belanghebbenden een afschrift. Artikel18Intrekking oude regeling De Verordening inzake de behandeling van bezwaar- en beroepschriften van 26 januari 1995 wordt ingetrokken. Artikel19Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na het verstrijken van een termijn van zes weken na de datum van haar bekendmaking. Artikel20Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening commissie bezwaarschriften. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 september 2003, De voorzitter, De burgemeester,

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.