Besluit van het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant houdende regels omtrent de taak en bevoegdheid van de directeur (Directiestatuut Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant 2020)Het dagelijks bestuur van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant Gelet op: artikel 26 lid 3 van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant; het Algemeen mandaatbesluit 2020 van het dagelijks bestuur en de voorzitter aan de directeur van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant; Besluit: Vast te stellen: het Directiestatuut 2020 van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant, houdende de vaststelling van nadere regels ten aanzien van de taak en de bevoegdheid van de directeur van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant Artikel1:Begripsbepalingen In dit besluit wordt verstaan onder: bestuur: het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur van de Omgevingsdienst; dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van de Omgevingsdienst; deelnemers: de rechtspersonen achter de deelnemende colleges, zoals bedoeld in artikel 1:1, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, die het besluit hebben genomen om deel te nemen aan de regeling; directeur: de directeur van de Omgevingsdienst, bedoeld in artikel 26 van de regeling; medewerker : een medewerker met een arbeidsovereenkomst bij de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant waarop de CAO Samenwerkende gemeentelijke organisaties van toepassing is; Omgevingsdienst: de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant, bedoeld in artikel 2 van de regeling; regeling: de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant; cao SGO de collectieve arbeidsovereenkomst Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties. Artikel2:Taken en verantwoordelijkheden ter ondersteuning van het bestuur 1.De directeur draagt zorg voor een goede voorbereiding van de vergaderingen van het bestuur. 2.De directeur draagt er gevraagd en ongevraagd zorg voor dat de leden van het bestuur over de informatie kunnen beschikken die zij nodig hebben om hun functie naar behoren uit te kunnen oefenen. 3.De directeur draagt zorg voor een gedegen en tijdige advisering aan het bestuur. De directeur adviseert het bestuur ten behoeve van de door het bestuur te nemen besluiten. 4.De directeur is verantwoordelijk voor een snel en adequaat verloop van voor het proces van besluitvorming noodzakelijke procedures en bevordert een voortvarende uitvoering van de besluiten van het bestuur. 5.De directeur draagt er zorg voor dat de door het bestuur genomen besluiten worden vastgelegd in een besluitenlijst en dat een presentielijst wordt bijgehouden. 6.De directeur is verantwoordelijk voor het onderhouden van een goede relatie met de deelnemers in hun rol van eigenaar van de Omgevingsdienst. 7.De directeur is verantwoordelijk voor het onderhouden van een goede relatie met de deelnemers in hun rol als opdrachtgever van de Omgevingsdienst. 8.De directeur oefent zijn taken, waar nodig, uit in nauwe samenwerking met het managementteam. Artikel3:Overige taken en verantwoordelijkheden van de directeur
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.