De raad van de gemeente Nijefurd, gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 21 november 2003; gelet op artikel 224 van de Gemeentewet; Besluit vast te stellen de: “Verordening op de heffing en invordering van landtoeristenbelasting 2007” Artikel1Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: vakantie-onderkomens: woningen, woonschepen, appartementen en andere verblijven, niet-zijnde mobiele kampeeronderkomens stacaravans of pensions, in hoofdzaak bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden; mobiele kampeeronderkomens: tenten, vouwwagens, kampeerauto's, toercaravans en soortgelijke onderkomens dan wel soortgelijke voertuigen welke bestemd zijn dan wel gebezigd worden als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden; niet-beroepsmatig verhuurde ruimten: kamerverhuur, gedeelten van woningen, niet zijnde mobiele kampeeronderkomens, stacaravans of vakantie-onderkomens, welke niet in hoofdzaak bestemd zijn als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden, doch wel in bepaalde perioden van het jaar voor die doeleinden worden verhuurd dan wel te huur aangeboden; vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat in hoofdzaak bestemd wordt voor het gedurende een seizoen of een jaar plaatsen van eenzelfde kampeeronderkomen of stacaravan; pensions: beroepsmatig verhuurde ruimten, niet zijnde vakantieonderkomens, mobiele kampeeronderkomens, stacaravans, of accommodaties bestemd en gebezigd voor verblijf in groepsverband. hotel; een gelegenheid waarin, tegen een bepaalde vergoeding, in kamers kan worden overnacht en waarbij naast een keuken ook een voor hotelgasten en publiek toegangkelijke eetzaal (restaurant) aanwezig is. Artikel2Belastbaar feit Ter zake van het houden van verblijf met overnachten binnen de gemeente in hotels, pensions, vakantie-onderkomens, mobiele kampeeronderkomens, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten en op vaste standplaatsen of anderszins tegen vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente zijn opgenomen, wordt onder de naam "toeristenbelasting" een directe belasting geheven. Artikel3Belastingplicht 1.Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 2 in hem ter beschikking staande ruimten dan wel op hem daartoe ter beschikking staande terreinen. 2.De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene, ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt. 3.Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan te wijzen, is belastingplichtig degene die overeenkomstig het bepaalde in artikel 2 verblijf houdt. Artikel4Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf met overnachten door degene, die: als verpleegde of verzorgde in een in deze gemeente gevestigde van overheidswege erkende inrichting tot verpleging of verzorging van zieken, van gebrekkigen, van hulpbehoevenden of van ouden van dagen verblijft; verblijf houdt in een gemeubileerde woning indien hij ter zake van het verblijf in, of het ter beschikking houden van die woning forensenbelasting is verschuldigd; nachtverblijf houdt ingevolge last of bevel van de overheid; als gebruiker van een woonwagen of woonschip als bedoeld in de Woonwagenwet (Stb. 1968, nr. 98) onderscheidenlijk in de Wet op woonwagens en woonschepen (Stb. 1918, nr. 492), daarin overnacht; Artikel5Maatstaf van heffing De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen. Artikel6Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing 1.Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking tot: vakantie-onderkomens bepaald op: -het aantal slaapplaatsen indien dit aantal minder dan 3 bedraagt -3,2 indien het aantal slaapplaatsen 3 of 4 bedraagt; -4,3 indien het aantal slaapplaatsen 5 of 6 bedraagt -5,5 indien het aantal slaapplaatsen 7 tot en met 10 bedraagt. mobiele kampeeronderkomens, stacaravans op vaste standplaatsen of trekkershutten bepaald op: -2,4 indien het aantal slaapplaatsen drie of minder bedraagt; -3,2 indien het aantal slaapplaatsen meer dan drie bedraagt; hotels en pensions bepaald op het aantal slaapplaatsen met dien verstande, dat wanneer het aantal slaapplaatsen in één kamer meer dan 2 bedraagt het aantal personen voor die kamer wordt bepaald op: -2,6 indien het aantal slaapplaatsen in één kamer 3 bedraagt; -3,2 indien het aantal slaapplaatsen in één kamer 4 bedraagt. niet-beroepsmatig verhuurde ruimten bepaald op het aantal slaapplaatsen; mobiele kampeeronderkomens dan wel stacaravans op voorseizoen- dan wel naseizoenplaatsen bepaald op 2,5 personen. 2.Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht wordt: ingeval verblijf wordt gehouden in vakantie-onderkomens welke geschikt zijn voor gebruik of slechts gebruikt mogen worden gedurende: -de periode van 15 mei tot 15 september, bepaald op 60; -de periode van 15 maart tot 31 oktober, bepaald op 80; -meer dan 7,5 maanden in het gehele belastingjaar, bepaald op
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.