‘verbreed’ Gemeentelijk Rioleringsplan 2020-2023 gemeente Veere Samenvatting Inleiding Voor u ligt het ‘verbreed’ Gemeentelijk Rioleringsplan 2020-2023 (vGRP 2020-2023) van de gemeente Veere. Hierin verwoorden we hoe we invulling geven aan de zorgtaken rondom afval-, hemel- en grondwater in de periode 2020 tot en met
(2012)zijn opgenomen. We streven naar een grondwaterstand van 70 cm-mv in openbaar gebied en 50 cm-mv in groenvoorzieningen. We bieden de perceelseigenaar een overnamepunt aan voor de afvoer van overtollig grondwater. Het overnamepunt is normaliter op de perceelsgrens. We kunnen eisen stellen aan de omvang en de aard van het aangeboden grondwater. Bij aanleg of vervanging van hoofdriolering leggen we wanneer noodzakelijk drainage aan. We sluiten drainage aan op inspectieputten. Iedereen heeft eigen verantwoordelijkheden Perceelseigenaren zijn zelf verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van riolering en afwatering op eigen perceel tot en met het ontstoppingsstuk, ook als dit gelegen is op gemeentelijk terrein. Bij verstopping of calamiteiten graaft een perceelseigenaar zelf de erfscheidingsput op. Als blijkt dat de verstopping op gemeentelijk terrein zit dragen wij zorg voor het oplossen ervan. Verstopping op eigen terrein lost de perceelseigenaar zelf op. Wij zijn verantwoordelijk voor riolering op particulier terrein welke een bestanddeel is van het hoofdnetwerk. We streven er naar om deze situaties te voorkomen of op te heffen. De verplichting van de gemeente om schade bij wateroverlast te voorkomen is een inspanningsverplichting en geen resultaatsverplichting. Onderhoud aan huisaansluitingen voeren we alleen uit in het geval van klachten. We reinigen en inspecteren onze rioleringsobjecten periodiek. Een nieuwe of extra rioolaansluiting wordt pas aangelegd na ontvangst van een aansluitvergunning. Elke aansluiting op de gemeentelijke riolering is voorzien van een erfscheidingsput op of bij de perceelsgrens. De erfscheidingsput is eigendom van de perceelseigenaar. Wanneer noodzakelijk legt een perceelseigenaar een ontlastput aan. De kosten voor de aanleg van een nieuwe of extra aansluiting binnen bestaand gebied zijn voor rekening van de initiatiefnemer. Voorwaarden voor aansluitingen staan in onze verordening particuliere rioolaansluitingen (bijlage 8.4). In afwijking op de verordening particuliere rioolaansluitingen gebruiken we voor gemengd- en gescheiden afvalwater bruine buizen en voor hemelwater groene buizen. Bedrijfsafvalwater is geen stedelijk afvalwater. Hier geldt geen zorg voor inzameling- en transport door de gemeente. De gemeente heeft het recht om bestaande en nieuwe aansluitingen van bedrijven te weigeren. Dit geldt met name als dit afvalwater niet gezuiverd kan worden op de RWZI. Bedrijfsafvalwater accepteren we onder voorwaarden. Buiten de afstandscriteria uit het activiteitenbesluit en het Besluit lozingen buiten inrichtingen maken we de afweging voor wel of geen aansluiting op de riolering. Indien we hier niet voor kiezen, zorgt de lozer zelf voor een voorziening. Aanpassingen aan bestaande gemeentelijke rioleringsobjecten als gevolg van een ontwikkeling zijn voor rekening van de initiatiefnemer. Een nieuwe ontwikkeling zorgt zelf voor inzameling, transport en afvoer van hemelwater, grondwater en afvalwater. Afvalwater moet worden aangeboden op gemeentelijk terrein. De gemeente wijst hiervoor een locatie aan. Alle kosten zijn voor rekening van de initiatiefnemer. De rioleringsobjecten, niet gelegen in gemeentelijk terrein, blijven in eigendom, beheer en onderhoud van de initiatiefnemer. Bij uitbreiding of wijziging van een bestaande ontwikkeling schrijven we maatwerk voor. Het maatwerk is namelijk afhankelijk van de gewenste uitbreiding. Als bestaande niet aangesloten bebouwing aan wil sluiten op riolering zijn de kosten voor de initiatiefnemer. Wij nemen de rioleringsobjecten over in eigendom, beheer en onderhoud na goedkeuring. Bij een alternatieve voorziening is de particuliere eigenaar is verantwoordelijk voor aanleg, beheer en onderhoud en betaalt geen rioolheffing. Voor 2027 is iedereen in het buitengebied aangesloten op riolering of een alternatieve voorziening (minimaal IBA klasse 1). We hebben een kostendekkende rioleringszorg Om rioolheffing te innen hebben we een verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing. We bekostigen nieuwe investeringen op basis van afschrijving. 7.Middelen en kostendekking We lichten in dit laatste hoofdstuk toe welke middelen we nodig hebben en op welke wijze we de kosten dekken. 7.1Personele middelen Voor de uitvoering van de gemeentelijke watertaken hebben we personele middelen nodig. De omvang hiervan is afhankelijk van het inwoneraantal, het aantal aanwezige rioolobjecten, het ambitieniveau en de toegankelijkheid van actuele gegevens. De omvang van de noodzakelijke personele middelen is gebaseerd op de handreikingen uit de Leidraad Riolering. De Leidraad Riolering maakt onderscheid in vijf onderdelen van de gemeentelijke watertaken die moeten worden uitgevoerd. Dit zijn planvorming, onderzoek, facilitair, onderhoud en maatregelen. Voor de deeltaken planvorming, onderzoek en facilitair zijn er kentallen beschikbaar op basis van de omvang van het inwoneraantal. De onderhoudsinspanningen kunnen worden bepaald op basis van de lengte riolering en het aantal voorzieningen. De personele inzet voor maatregelen is afhankelijk van het niveau van investeringen. In onderstaande tabel wordt een beknopte samenvatting weergegeven van de totale benodigde inzet van de personele middelen, voor een volledig beeld verwijzen we naar bijlage 8.6 . Tabel 2: Totale benodigde inzet personele middelen op basis van ‘rekentool Stichting RIONED’ Deeltaak Personele inzet (dagen) Personele inzet (fte) Planvorming, onderzoek en facilitair 416 2,4 Onderhoud 112 0,6 Maatregelen 299 1,7 Financiën 56 0,3 Bestemmingsplannen 48 0,3 Totaal 931 5,3 De totaal benodigde personele inzet blijkt groter te zijn dan de huidige beschikbare personele middelen van 4,0 fte (3,5 fte binnendienst en 0,5 fte buitendienst). We gaan niet uit van het uitbreiden van de huidige formatie, maar wel van het minimaal handhaven daarvan. De huidige economische tijden en daarmee beperkte inzet voor bestemmingsplannen leiden ertoe, dat de noodzakelijke gemeentelijke watertaken relatief goed worden uitgevoerd. Indien de huidige formatie in de komende planperiode ontoereikend is, besteden we een deel van deze activiteiten uit. 7.2Lasten Voor het uitvoeren van de gemeentelijke watertaken maken we kosten. Kosten voor het beheer en onderhoud van de voorzieningen, kosten voor aanleg en vervanging van rioleringsobjecten, maar ook kosten voor onderzoek en planvorming. In bijlage 8.7 en 8.8 zijn alle exploitatielasten en investeringen weergegeven. De kosten zijn onderverdeeld in kapitaallasten en exploitatielasten. Door hogere kapitaallasten en exploitatielasten zijn de huidige budgetten niet voldoende. We geven onderstaand weer wat de huidige. Tabel 3: Overzicht huidige en toekomstige lasten (afschrijving start in jaar na investering). 2019 2020 2021 2022 2023 2024 Lasten huidig € 1.704.123 € 1.793.168 € 1.815.730 € 1.822.032 € 1.840.559 € 1.840.559 BTW huidig € 268.555 € 276.317 € 278.905 € 279.167 € 282.001 € 282.001 Lasten hogere exploitatielasten € 137.732 € 139.288 € 139.288 € 139.288 € 139.288 BTW hogere exploitatielasten € 28.924 € 28.924 € 28.924 € 28.924 € 28.924 Hogere rente € 3.730 € 13.910 € 21.269 € 31.199 € 41.126 Hogere afschrijving € 2.728 € 9.033 € 13.947 € 20.375 BTW hogere afschrijving € 573 € 1.897 € 2.929 € 4.279 Stimuleringsmaatregelen € 20.000 € 20.000 € 20.000 € 20.000 2 speerpunten € 30.000 € 30.000 € 30.000 € 30.000 Overhead 78% van de loonkosten € 173.271 € 235.233 € 241.293 € 241.293 € 241.293 € 241.293 Totaal € 2.145.948 € 2.475.104 € 2.571.350 € 2.592.902 € 2.630.139 € 2.647.845 Stijging rioolheffing 109,6% 108,29% 100,85% 101,44% 100,67% Stijging rioolheffing incl. subsidie/ speerpunten 110,43% Eenmalige dekking algemene middelen 5,84% Egalisatievoorziening € 0 € 0 € 0 € 0 € 0 € 0 7.3Baten De dekking van de kosten voor het uitvoeren van de gemeentelijke watertaken vinden we in de rioolheffing. Binnen de verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing maken we onderscheid in een eigenarendeel en een gebruikersdeel. Impliciet wordt het eigenarendeel bestempeld als heffing voor het ontvangen en verwerken van hemelwater en het gebruikersdeel als heffing voor het ontvangen en verwerken van afvalwater. We dekken hiermee het totaal aan gemeentelijke watertaken. We maken nog onderscheid in een heffing voor woningen en een heffing voor niet-woningen. In onderstaande tabellen 4 en 5 hebben we ter illustratie de rioolheffing voor 2019 en 2020 weergegeven. 2020 is gebaseerd op een stijging van de rioolheffing met 9,6%. Tabel SEQ Tabel \* ARABIC 4: Het eigenarendeel van de rioolheffing. Waarde in het economische verkeer van het perceel. Voor percelen die in hoofdzaak tot woning dienen Voor percelen die niet in hoofdzaak tot woning dienen Euro’s (€) 2019 2020 2019 2020 1 tot 100.000 € 53,15 € 58,25 € 80,79 € 88,55 100.000 tot 200.000 € 55,28 € 60,59 € 82,91 € 90,87 200.000 tot 300.000 € 57,40 € 62,91 € 85,04 € 93,20 300.000 tot 400.000 € 59,53 € 65,24 € 87,17 € 95,54 400.000 tot 500.000 € 61,65 € 67,57 € 89,29 € 97,86 500.000 tot 600.000 € 63,78 € 69,90 € 91,42 € 100,20 600.000 tot 700.000 € 65,91 € 72,24 € 93,54 € 102,52 700.000 tot 800.000 € 68,03 € 74,56 € 95,67 € 104,85 800.000 tot 900.000 € 70,16 € 76,90 € 97,80 € 107,19 900.000 tot 1.000.000 € 72,28 € 79,22 € 99,92 € 109,51 1.000.000 tot 2.000.000 € 74,41 € 81,55 € 102,05 € 111,85 2.000.000 of meer € 76,54 € 83,89 € 107,14 € 114,17 Geen waarde € 53,15 € 58,25 € 80,79 € 88,55 Tabel SEQ Tabel \* ARABIC 5: Het gebruikersdeel van de rioolheffing. 2019 2020 Toelichting a. € 56,77 € 62,22 van 0 m³ tot en met 75 m³ water (grondslag 1) b. € 79,64 € 87,29 van 76 m³ tot en met 150 m³ water (grondslag 2) c. € 102,47 € 112,31 van 151 m³ tot en met 300 m³ water (grondslag 3) d. € 201,95 € 221,34 van 301 m³ tot en met 1000 m³ water (grondslag 4) e. € 301,33 € 330,26 voor meer dan 1000 m³ vermeerderd met in 2019 € 0,39 / in 2020 € 0,43 per m³ voor elke m³ waarmee de hoeveelheid afgevoerd water die 1000 m³ te boven gaat. 7.4Kostendekking We voeren een kostendekkend beleid ten aanzien van de rioolheffing. 8.Bijlagen 8.1 Overnamepunten Waterschap 8.2Taken en bevoegdheden Actor Taken en bevoegdheden Europa Op 22 december 2000 is de Kaderrichtlijn Water (KRW) van kracht geworden. De KRW is een Europese richtlijn, die bedoeld is om de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater op goed niveau te krijgen en te houden. Rijk Het Rijk is verantwoordelijk voor het nationale beleidskader en de strategische doelen en maatregelen voor het waterbeheer in Nederland. Het Rijk is opsteller van het Nationaal Waterplan 2009-
- De Minister van Infrastructuur en Milieu is eindverantwoordelijk voor de uitvoering van de Kaderrichtlijn Water (KRW). Provincie Zeeland De provincie is verantwoordelijk voor de vertaling van het rijksbeleid naar een regionaal beleidskader en voor strategische regionale opgaven. De provincie is opsteller van het Provinciaal Omgevingsplan 2012-
- De provincie is tevens bevoegd gezag voor vergunningverlening, het toezicht en handhaving van onderstaande grondwateronttrekkingen en -infiltraties: Industriële onttrekkingen > 150.000 m3 Grondwateronttrekkingen t.b.v. drinkwaterwinning Bodemenergiesystemen Ten aanzien van het vGRP heeft de provincie een adviserende en toetsende rol. De provincie kan een aanwijzing opleggen indien er tegenstrijdigheden zijn tussen het vGRP en de provinciale plannen. Waterschap Scheldestromen Het waterschap is verantwoordelijk voor het operationele regionale waterbeheer. Dit betekent dat zij zorgen voor droge voeten (veiligheid), schoon en voldoende water. De visie hierop en de bijhorende maatregelen zijn beschreven in het Waterbeheerplan 2016-
- Het waterschap heeft ook diverse zorgplichten, zoals: De waterstaatkundige zorg voor het eigen beheergebied (art. 1.1 Waterschapswet); De zorg om schade aan waterstaatwerken door muskus- en beverratten te voorkomen (art. 3.2a Waterwet); De zorgplicht om het stedelijk afvalwater te zuiveren (art 3.4 Waterwet). Handelingen in het oppervlaktewatersysteem reguleren waterschappen o.a. middels algemene regels, verordeningen en een watervergunning. Het waterschap is ook verantwoordelijk voor vergunningverlening, het toezicht en de handhaving van grondwateronttrekkingen en infiltraties in haar beheergebied, met uitzondering van de drie categorieën waarvoor de provincie verantwoordelijk is. Om de waterbelangen bij ruimtelijke ontwikkelingen veilig te stellen doorlopen waterschap en gemeente bij alle ruimtelijke ontwikkelingen de watertoetsprocedure. Hierbij wordt o.a. toegezien op een hydrologisch neutrale inpassing van ontwikkelingen. De resultaten hiervan worden vastgesteld in de waterparagraaf. Ten aanzien van het vGRP heeft het waterschap een adviserende rol. Gemeente Veere De gemeente heeft drie zorgplichten t.a.v. stedelijk waterbeheer: Inzamelen en transporteren van stedelijk afvalwater naar een zuiveringstechnisch werk; Doelmatige inzameling en verwerking van hemelwater dat perceelseigenaren redelijkerwijs niet zelf kunnen verwerken. Eventueel kan de gemeente hiervoor maatwerkvoorschriften of een gebiedsverordening instellen. Treffen van maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Voorwaarde hierbij is dat de maatregelen doelmatig zijn en niet tot de zorg van het waterschap/provincie behoren. De gemeente dient het loket te zijn voor grondwatervraagstukken binnen haar beheersgebied. In tegenstelling tot de resultaatsverplichting die van toepassing is op de invulling van de zorgplicht voor het inzamelen en transporteren van stedelijk afvalwater, geldt voor de hemel- en grondwaterzorgplicht een inspanningsverplichting. Dit betekent dat de gemeente beleidsvrijheid heeft om in te vullen in welke mate men deze zorgplichten uitvoert. Lozingen van (afval)water zijn per doelgroep geregeld via lozingenbesluiten. In de meeste gevallen is de gemeente hiervoor bevoegd gezag. Bij de verwerking van (afval)water houdt de gemeente rekening met de wettelijke voorkeursvolgorde. Volgens de wet hebben gemeenten een belangrijke taak in het voorkomen van graafschade aan kabels en leidingen en het beschikbaar stellen van gegevens over de ondergrond. In het kader van het Besluit op de lijkbezorging hebben gemeenten een toetsende rol in de ontwatering van begraafplaatsen Perceelseigenaar De perceeleigenaar is verantwoordelijk voor de staat van zijn woning en perceel. Dit betekent dat men zelf verantwoordelijk is voor het op eigen perceel treffen van maatregelen om de waterdichtheid van bebouwing te garanderen en voor de inzameling van stedelijk afvalwater en verwerking van hemel- en grondwater. Pas als de perceeleigenaar zich redelijkerwijs niet kan ontdoen van het overtollige water, is er een taak voor de gemeente of waterschap. De perceeleigenaar heeft ook een zorgplicht. Dit betekent dat hij geen handelingen mag verrichten waarvan hij kan verwachten dat deze het doelmatige functioneren van (water)voorzieningen belemmeren. 8.3Reacties instanties Er zijn namens Waterschap Scheldestromen en Provincie Zeeland geen opmerkingen op het vGRP 2020-
- 8.4Verordening particuliere huisaansluitingen 8.5 Hoofdelementen van de visie Zeeuwse waterketen 8.6Personele middelen In deze bijlage wordt een overzicht gegeven van de noodzakelijk personele middelen voor het uitvoeren van de gemeentelijke watertaken. Dit overzicht is gebaseerd op de Leidraad Riolering (module D2000) en de bijbehorende rekentool van stichting RIONED. Daarnaast zijn er personele middelen in beeld gebracht op het gebied van financiën en nieuwbouwprojecten. Deze laatste twee aspecten zijn gebaseerd op ervaringscijfers uit de afgelopen planperiode. De werkzaamheden betreffende de deeltaken planvorming, onderzoek en facilitair zijn gebaseerd op kengetallen. Deze kengetallen zijn gekoppeld aan de gemeentegrootte en het percentage uit te besteden werkzaamheden. Voor de gemeentegrootte is uitgegaan van de categorie tot 20.000 – 50.000 inwoners. Het percentage uitbesteden is gebaseerd op ervaringscijfers uit de afgelopen planperiode. De omvang van de werkzaamheden voor de deeltaak onderhoud is gerelateerd aan de omvang van het beschikbare areaal (lengte leidingen en aantal voorzieningen). Voor de omvang van de noodzakelijke personele middelen betreffende de maatregelen wordt uitgegaan van de voorgenomen investeringen. Naast de voorgenoemde aspecten betreffende de deeltaken dienen er ook personele middelen beschikbaar te zijn ter ondersteuning op het gebied van financiën en voor uit werking van de bestemmingsplannen en nieuwbouwprojecten. De personele capaciteit voor financiën is gebaseerd op budgetgegevens van de afgelopen planperiode. Deeltaak Personele inzet (dagen) Personele inzet (fte) Financiën (gebaseerd op € 36.000 per jaar) 56 0,3 Bestemmingsplannen 48 0,3 Totaal 104 0,6 8.7Exploitatie riolering Exploitatie riolering 2020 2021 2022 2023 2024 Infrastructuur riolering Rentelasten VA € 209.483 € 225.156 € 237.824 € 253.043 € 253.043 Belastingen/recognities € 30.181 € 30.181 € 30.181 € 30.181 € 30.181 Beleidsplannen en gegevensbeheer € 50.000 € 50.000 € 50.000 € 50.000 € 50.000 HKP Kapitaallasten € 446.151 € 461.200 € 468.755 € 487.162 € 487.162 Pachten € -4.290 € -4.290 € -4.290 € -4.290 € -4.290 Subtotaal € 731.525 € 762.247 € 782.470 € 816.096 € 816.096 Dagelijks beheer riolering Stimuleringsmaatregelen € 0 € 30.000 € 30.000 € 30.000 € 30.000 Speerpunten riolering € 0 € 20.000 € 20.000 € 20.000 € 20.000 Energiekosten riolering € 165.000 € 165.000 € 165.000 € 165.000 € 165.000 Verontreinigingsheffing € 146 € 146 € 146 € 146 € 146 Belastingen/recognities eigenaren € 398 € 398 € 398 € 398 € 398 Overige kosten € 5.522 € 5.522 € 5.522 € 5.522 € 5.522 Verzekeringen € 307 € 307 € 307 € 307 € 307 Telecomm.kosten € 35.000 € 35.000 € 35.000 € 35.000 € 35.000 Water € 116 € 116 € 116 € 116 € 116 Onkruidbestrijding € 112.213 € 112.213 € 112.213 € 112.213 € 112.213 Onderhoud gemalen € 175.000 € 175.000 € 175.000 € 175.000 € 175.000 Reiniging en inspectie rioleringssysteem € 125.000 € 125.000 € 125.000 € 125.000 € 125.000 Reparaties riolering € 100.000 € 100.000 € 100.000 € 100.000 € 100.000 Preventief onderh. drukrioolgemalen € 100.000 € 100.000 € 100.000 € 100.000 € 100.000 Overige inkomensoverd. –uitgaven € -1.688 € -1.688 € -1.688 € -1.688 € -1.688 Doorberekende kosten aan derden € -8.669 € -8.626 € -8.626 € -8.626 € -8.626 Subtotaal € 808.345 € 858.388 € 858.388 € 858.388 € 858.388 Overig Rioolaansluitingen € 1.000 € 1.000 € 1.000 € 1.000 € 1.000 Belastingsamenwerking € 97.700 € 97.700 € 97.700 € 97.700 € 97.700 Loonkosten exclusief overhead € 218.694 € 224.494 € 224.494 € 224.494 € 224.494 Veegmachine € 77.364 € 77.826 € 77.570 € 77.314 € 77.314 Toerekening overhead € 235.233 € 241.293 € 241.293 € 241.293 € 241.293 Toerekening btw € 305.242 € 308.402 € 309.989 € 313.854 € 313.854 Subtotaal € 935.233 € 950.715 € 952.046 € 955.655 € 955.655 Totaal € 2.475.103 € 2.571.350 € 2.592.904 € 2.630.139 € 2.630.139 Ivesteringen riolering Termijn 2020 2021 2022 2023 2024 Vervangen bestaande riolering, afkoppeling en knelpunten 70 € 841.020 € 1.243.740 € 1.061.970 € 1.238.290 € 1.224.550 Vergroten persleiding drukriolering 70 € 80.000 € 80.000 € 80.000 € 80.000 € 80.000 Vervangen drainage 20 € 50.000 € 50.000 € 50.000 € 50.000 € 50.000 Vervangen hoofdrioolgemalen 15 € 120.000 € 120.000 € 120.000 € 120.000 € 120.000 Vervanging ROM-reiniger 5 € 0 € 0 € 0 € 0 € 20.000 8.9Knelpunten wateroverlast 8.10Klimaatstresstest wateroverlast