Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting gemeente Beesel 2020 (Verordening hondenbelasting gemeente Beesel 2020)De raad van de gemeente Beesel; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 11 november 2019; gelet op artikel 226 van de Gemeentewet; b e s l u i t: vast te stellen de: Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting gemeente Beesel 2020 (Verordening hondenbelasting gemeente Beesel 2020); in te trekken de: Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting Beesel (Verordening hondenbelasting Beesel) en de Verordening tarieven hondenbelasting Beesel, welke beide zijn vastgesteld bij besluit van de raad van 12 december
- Artikel1Belastbaar feit Onder de naam 'hondenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor het houden van een hond binnen de gemeente. Artikel2Belastingplicht De houder van een hond is belastingplichtig. Als houder wordt aangemerkt degene die onder welke titel dan ook een hond onder zich heeft, tenzij blijkt dat een ander de houder is Het houden van een hond door een lid van het huishouden wordt aangemerkt als het houden van een hond door een door de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aan te wijzen lid van dat huishouden. Artikel3Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven voor honden: die zijn opgeleid tot en dienen als blindengeleidehond en in hoofdzaak als zodanig door een blind persoon worden gehouden, waaronder mede begrepen pups die aantoonbaar hiertoe worden opgeleid in een, door een daartoe bevoegde instantie aangewezen puppypleeggezin; die zijn opgeleid tot en dienen als assistentiehond en in hoofdzaak als zodanig door een gehandicapt persoon worden gehouden, waaronder mede begrepen pups die aantoonbaar hiertoe worden opgeleid in een, door een daartoe bevoegde instantie aangewezen puppypleeggezin; die verblijven in een hondenasiel; Onder hondenasiel wordt verstaan: aan één locatie gebonden ruimte(s) die bestemd zijn of gebruikt worden voor het in bewaring houden van honden. Het betreft hier uitsluitend honden die zwervend zijn aangetroffen of honden waarvan de eigenaar permanent afstand heeft gedaan. Tevens moet de locatie zijn aangemeld als inrichting conform het Besluit houders van dieren (artikel 3.7, lid 1). die uitsluitend ten verkoop of aflevering in voorraad worden gehouden in een inrichting als bedoeld in artikel 3.7, eerste lid, van het Besluit houders van dieren. die jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij tezamen met de moederhond worden gehouden. Artikel4Maatstaf van heffing De belasting wordt geheven naar het aantal honden dat wordt gehouden. Artikel5Belastingtarief De belasting bedraagt per belastingjaar: voor een eerste hond € 40,00; voor een tweede hond € 55,00; voor iedere hond boven het aantal van twee € 60,
- In afwijking van lid 1 bedraagt de belasting voor honden, gehouden in een kennel, € 95,00 per belastingjaar, per kennel. Onder kennel wordt verstaan: een inrichting als bedoeld in het Besluit houders van dieren (artikel 3.7, lid 1) die bestemd is en gebruikt wordt voor het fokken van honden voor de verkoop of aflevering van nakomelingen. Artikel6Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel7Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Wanneer de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Ditzelfde geldt wanneer het aantal honden in de loop van het belastingjaar toeneemt. In dat geval is de belastingplichtige de hogere belasting voor het toegenomen aantal honden verschuldigd vanaf het moment van toename van het aantal honden. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven. Ditzelfde geldt wanneer het aantal honden in de loop van het belastingjaar afneemt. In dat geval kan de belastingplichtige aanspraak maken op ontheffing voor de verschuldigde belasting vanaf het moment van de vermindering van het aantal honden. Artikel9Termijnen van betaling In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald: Bij niet automatische incasso: In twee gelijke termijnen, waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede een maand later. Bij automatische incasso: In zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog niet geëindigde maanden in het kalenderjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen tenminste vier en maximaal tien bedraagt. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid onder b geldt dat de aanslagen moeten worden betaald in twee gelijke betaaltermijnen, ingeval het totaalbedrag van de op het aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar een aanslag bevat, het bedrag van deze aanslag hoger is dan € 20.000,
- De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede termijn een maand later. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in dit artikel gestelde termijnen. Artikel10Kwijtschelding Bij de invordering van hondenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel11Overgangsrecht en intrekking oude verordeningen De ‘Verordening hondenbelasting Beesel’ en de Verordening tarieven hondenbelasting Beesel, beide vastgesteld bij raadsbesluit van 12 december 2016, worden ingetrokken met ingang van 1 januari 2020, met dien verstande dat zij van toepassing blijven op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel12Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op 1 januari
- De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Artikel13Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening hondenbelasting gemeente Beesel 2020”. Aldus vastgesteld door de raad van Beesel in zijn openbare vergadering van 16 december
- griffier, P.P. Moorsvoorzitter, drs. W.G.H.M.Rutten