gemeenschappelijke regeling Stadsregio Parkstad LimburgBurgemeester en wethouders van L a n d g r a a f ; overwegende dat in het jaar 2014 de raden, de colleges en de burgemeesters van de gemeenten Brunssum, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Nuth, Onderbanken, Simpelveld en Voerendaal respectievelijk ieder voor zover het hun taken en bevoegdheden betrof en gelet op de bepalingen van de Wet gemeenschappelijke regelingen, de Algemene wet bestuursrecht en de Gemeentewet, besloten hebben om: o de Plusregio Stadsregio Parkstad Limburg op te heffen en dit, op grond van artikel 110 juncto artikel 108, tweede lid, Wgr mede te delen aan Gedeputeerde Staten van Limburg en aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; o de “gemeenschappelijke regeling Stadsregio Parkstad Limburg” (vastgesteld op 22 februari 2010) te wijzigen in een regeling die uitsluitend wordt getroffen door colleges van burgemeester en wethouders en die op 23 juni 2014 in werking is getreden; o toestemming te verlenen aan het college van burgemeester en wethouders, op grond van artikel 1, tweede lid, Wgr, tot het treffen van een gewijzigde gemeenschappelijke regeling; o toestemming te verlenen aan het Algemeen Bestuur van de Stadsregio Parkstad Limburg,als bedoeld in artikel 25, tweede lid, Wgr, voor het instellen van bestuurscommissies; overwegende dat naar aanleiding van een wijziging in de Wet gemeenschappelijke regelingen de regeling per 1 januari 2016 is aangepast; overwegende dat met ingang van 1 januari 2019 de gemeenten Nuth en Onderbanken samen met de gemeente Schinnen zijn opgegaan in de nieuwe gemeente Beekdaelen en deze gemeente de rechtsopvolger van deze gemeenten is; overwegende dat de gemeente Beekdaelen in december 2019 besloten heeft om deelnemer aan deze gemeenschappelijke regeling te blijven, hetgeen tot aanpassing van de naamgeving van deze deelnemer leidt; overwegende dat op 1 januari 2020 de “Wet normalisering rechtpositie ambtenaren” in werking is getreden, hetgeen een technische aanpassing van de regeling vereist voor wat betreft de rechtspositie van de medewerkers; overwegende dat de raad ons college op 7 mei 2020 toestemming heeft verleend tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling Stadsregio Parkstad Limburg: gelet op de Wet gemeenschappelijke regelingen, de Algemene wet bestuursrecht en de Gemeentewet; b e s l u i t e n : tot wijziging van de ”gemeenschappelijke regeling Stadsregio Parkstad Limburg” (in werking getreden op 1 januari 2016), door deze te vervangen door de onderstaande regeling en als volgt vast te stellen: HOOFDSTUK1ALGEMENE BEPALINGEN Artikel1Begripsbepalingen 1. In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder: de Wet: de (vigerende) Wet gemeenschappelijke regelingen de Regeling: de gemeenschappelijke regeling “Stadsregio Parkstad Limburg”; de (deelnemende) Gemeente(n): een (of alle) aan de gemeenschappelijke regeling Stadsregio Parkstad Limburg deelnemende gemeente(n); de Kern-agenda: onderwerpen die worden aangewezen door het Algemeen Bestuur, ter zake waarvan de colleges van alle deelnemende gemeenten: bevoegdheden hebben overgedragen dan wel overdragen en hebben bepaald dat deze bevoegdheden behoren tot een onderwerp dat deel dient uit te maken van de Kern-agenda; de Keuze-agenda: onderwerpen die worden aangewezen door het Algemeen Bestuur, nadat de colleges van ten minste twee deelnemende gemeenten hebben verzocht deze aan de Keuze-agenda toe te voegen en indien nodig ter zake bevoegdheden hebben overgedragen dan wel gaan overdragen; het Regiobureau: de organisatie die onder verantwoordelijkheid van de directeur/secretaris werkt; Bestuurscommissie: een commissie als bedoeld in artikel 25, eerste lid van de Wet, ingesteld door het Algemeen Bestuur. Blauwe Schema: schema waarin kernagenda-onderwerpen zijn uitgewerkt. 2. Waar in de Regeling een wet of regeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard, wordt in de plaats van de gemeente, de raad, het college, de burgemeester en de secretaris c.q. griffier onderscheidenlijk gelezen het openbaar lichaam Stadsregio Parkstad Limburg, het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur/de Bestuurscommissie, de voorzitter en de directeur/secretaris van het openbaar lichaam Stadsregio Parkstad Limburg. Artikel2Doelstelling/te behartigen belangen 1. Stadsregio Parkstad Limburg heeft tot doel om op basis van de onderwerpen genoemd in de Kern-agenda en de Keuze-agenda de samenwerking tussen de deelnemende Gemeenten te faciliteren en te komen tot een samenhangend beleid en uitvoering daarvan op de gebieden van ruimte, mobiliteit, economie & toerisme, wonen & herstructurering, energie en duurzaamheid, sociaal domein/participatie, cultuur, onderwijs, arbeidsmarkt, milieu en sport. 2. De vorm van de samenwerking kan verschillen. Aan de onderwerpen die deel uitmaken van de Kern-agenda nemen alle Gemeenten deel. Daarbij is het Regiobureau procesmatig en inhoudelijk verantwoordelijk. Aan de onderwerpen die deel uit maken van de keuze-agenda nemen alleen Gemeenten deel die daarvoor kiezen. Daarbij heeft het Regiobureau ten minste een monitorende en versterkende taak; de procesverantwoordelijkheid kan echter ook buiten de Stadsregio Parkstad Limburg worden gelegd. 3. Tot de onderwerpen van de Kern-agenda behoren in elk geval: ruimte; mobiliteit; economie & toerisme; wonen & herstructurering zoals weergegeven in het Blauwe Schema. Artikel3Deelname aan samenwerkingsvormen 1. Stadsregio Parkstad Limburg kan deelnemen aan gemeenschappelijke regelingen overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 93 tot en met 95 van de Wet. 2. Stadsregio Parkstad Limburg kan deelnemen aan een Europese Groepering voor Territoriale Samenwerking (EGTS), overeenkomstig de Verordening (EG) nr. 1082/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juli 2006 [Publicatieblad L 210 van 31.7.2006]. 3. Stadsregio Parkstad Limburg kan stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, corporaties en onderlinge waarborgmaatschappijen oprichten, eraan deelnemen en/of lid ervan worden overeenkomstig artikel 31a van de wet. 4. Het besluit daartoe wordt door het Algemeen Bestuur genomen. HOOFDSTUK2HET RECHTSPERSOONLIJKHEID BEZITTEND LICHAAM Artikel4Openbaar lichaam 1. Er is een rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam in de zin van artikel 8, eerste lid van de Wet, genaamd: “Stadsregio Parkstad Limburg”. Het is gevestigd te Heerlen. 2. Het rechtsgebied van de Stadsregio Parkstad Limburg omvat het grondgebied van de deelnemende gemeenten. Artikel5Bestuursorganen Het bestuur van de Stadsregio Parkstad Limburg bestaat uit het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur, de Voorzitter en de Bestuurscommissie(s). Artikel6Het Algemeen Bestuur 1. Het Algemeen Bestuur wordt gevormd door de burgemeester en één wethouder per deelnemende Gemeente. 2. De bevoegdheden van het Algemeen Bestuur volgen uit de Wet of de Regeling. Artikel7Besluitvorming door het Algemeen Bestuur 1. Besluitvorming vindt plaats op basis van consensus, behoudens als: een of meerdere leden van het Algemeen Bestuur om stemming verzoeken; geen consensus wordt bereikt. 2. In het geval genoemd in het vorige lid onder a en b, stoppen de beraadslagingen en wordt de besluitvorming over het betreffende onderwerp verdaagd tot de eerstvolgende vergadering van het Algemeen Bestuur. 3. Aan het bepaalde in het vorige lid wordt geen toepassing gegeven als naar het oordeel van de Voorzitter het onderwerp waarover dient te worden besloten uit zijn aard geen uitstel duldt. In dat geval vindt onmiddellijk stemming plaats. 4. Indien er sprake is van verdaging, stelt de Voorzitter na heropening van de beraadslagingen vast of consensus bestaat of dat stemming nodig is. 5. De leden van het Algemeen Bestuur hebben elk een halve stem, alsmede een halve stem voor elke 10.000 inwoners of een gedeelte ervan. Het aantal stemmen per lid van het Algemeen Bestuur bedraagt nooit minder dan ééneneenhalf. 6. Voor de vaststelling van het aantal inwoners van een gemeente wordt uitgegaan van de door het Centraal Bureau voor de Statistiek gepubliceerde cijfers per 1 januari van het jaar, voorafgaande aan het jaar waarin de stemming plaatsvindt. 7. Er vindt stemming/besluitvorming plaats indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden is vertegenwoordigd. 8. Het vorige lid vindt geen toepassing als hetzelfde voorstel, na agendering, in een volgende vergadering wordt behandeld. 9. Het Algemeen Bestuur vergadert jaarlijks tenminste drie keer en voorts zo vaak als de Voorzitter of het Algemeen Bestuur dit nodig acht, of ten minste een vijfde van de leden daarom verzoeken. 10. De vergaderingen zijn openbaar. Datum, tijdstip en plaats van de vergadering worden door de Voorzitter bekend gemaakt. 11. Het Algemeen Bestuur kan besluiten dat een vergadering besloten is, indien tenminste een vijfde gedeelte van de aanwezige leden daarom verzoekt. 12. Het Algemeen Bestuur stelt een reglement van orde voor zijn vergaderingen vast. Artikel8Het Dagelijks Bestuur 1. Het Dagelijks Bestuur bestaat uit de burgemeesters van de Gemeenten, aan te wijzen door en uit het Algemeen Bestuur. 2. De leden van het Dagelijks Bestuur worden zo gekozen dat zij samen nooit de meerderheid van het Algemeen Bestuur uitmaken, noch in het aantal personen, noch in het aantal te vertegenwoordigen stemmen. Artikel9Taken en bevoegdheden van het Dagelijks Bestuur 1. De taken en bevoegdheden van het Dagelijks Bestuur volgen uit de wet, deze Regeling of zijn door de colleges overgedragen. 2. Het Dagelijks Bestuur heeft de navolgende taken en bevoegdheden ter uitvoering van de Kernagenda zoals genoemd in artikel 2, lid 3 en uitgewerkt in het Blauwe Schema: het uitoefenen van een regionale platformfunctie het nemen van besluiten ten aanzien van bovenregionale, bovengemeentelijke afstemmings- vraagstukken alsmede het bepalen op welke manier dergelijke vraagstukken kunnen worden afgewikkeld; het namens de regio, zijnde alle Parkstad-Limburggemeenten, kunnen reageren op van hogere overheden ontvangen documenten, waaronder het geven van inspraakreacties; het voorbereiden van regionaal beleid; het vaststellen van regionaal beleid voor zover dit een collegebevoegdheid betreft; het opstellen en vaststellen van regionale beleidsregels; het toetsen van de toepassing en uitvoering van regionaal beleid; het programmeren en vaststellen van regionale programmeringen en regionale programma’s; het regionaal monitoren; het regionaal ontwikkelen van instrumenten en het verstrekken van financiële middelen/subsidies (voor zover -regionaal- budget voorhanden is.) 3. Door de colleges overgedragen bevoegdheden worden onverwijld door het Algemeen Bestuur, op voorstel van het Dagelijks Bestuur, aan de Bestuurscommissies overgedragen. Het Dagelijks Bestuur heeft hierdoor primair de verantwoordelijkheid voor: de besturing en de verantwoording van de gemeenschappelijke regeling. het bevorderen en invullen van de samenwerking binnen Parkstad. het leggen van dwarsverbanden en initiëren/uitvoeren van overkoepelende activiteiten. Dit via het aanhaken aan (bij voorkeur Parkstadbrede) kansrijke initiatieven (inclusief het verrichten van haalbaarheidsonderzoeken) die zich tijdens de uitvoering van het jaarplan kunnen aandienen/Bestuurscommissies-overstijgende onderwerpen. het vervullen van de werkgeversrol voor de Parkstad Limburg-organisatie de communicatie naar de stakeholders, zoals gemeenteraden, colleges, provincie, maatschappelijke organisaties. de afwikkeling van de overdracht van de taken GBRD aan BsGW en het beheer van de daarvoor bestemde desintegratie- en frictiebudgetten. 4. De bestuursorganen van deze Regeling kunnen bepalen op welke wijze verandering kan worden gebracht in de overgedragen bevoegdheden, met dien verstande dat niet kan worden besloten tot uitbreiding van de overgedragen bevoegdheden. Artikel10Besluitvorming door het Dagelijks Bestuur 1. Besluitvorming vindt plaats op basis van consensus, behoudens als: een of meerdere leden van het Dagelijks Bestuur om stemming verzoeken; geen consensus wordt bereikt. 2. In het geval genoemd in het vorige lid onder a en b, stoppen de beraadslagingen en wordt de besluitvorming over het betreffende onderwerp verdaagd tot de eerstvolgende vergadering van het Dagelijks Bestuur. 3. Aan het bepaalde in het vorige lid wordt geen toepassing gegeven als naar het oordeel van de Voorzitter het onderwerp waarover dient te worden besloten uit zijn aard geen uitstel duldt. In dat geval vindt onmiddellijk stemming plaats. 4. Indien er sprake is van verdaging, stelt de Voorzitter na heropening van de beraadslagingen vast of consensus bestaat of dat stemming nodig is. 5. De leden van het Dagelijks Bestuur hebben elk één stem. 6. Er vindt stemming/besluitvorming plaats indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden is vertegenwoordigd. 7. Het Dagelijks Bestuur vergadert zo vaak als de Voorzitter of tenminste twee leden dit nodig oordelen. 8. Datum, tijdstip en plaats van een vergadering van het Dagelijks Bestuur worden door de Voorzitter aan de leden meegedeeld. De vergaderingen zijn besloten. 9. Het Dagelijks Bestuur kan besluiten dat een vergadering openbaar is. 10. Het Dagelijks Bestuur stelt een reglement van orde voor zijn vergaderingen vast. Artikel11De Voorzitter 1. Het Algemeen Bestuur wijst uit zijn midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter aan, tevens zijnde voorzitter en plaatsvervangend voorzitter van het Dagelijks Bestuur. 2. rzitter vertegenwoordigt de Stadsregio Parkstad Limburg in en buiten rechte. Hij kan deze vertegenwoordiging aan een door hem aan te wijzen gemachtigde opdragen. 3. De voorzitter ondertekent de stukken die van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur uitgaan. HOOFDSTUK3DE DIRECTEUR/SECRETARIS EN HET PERSONEEL Artikel12De directeur/secretaris 1. Stadsregio Parkstad Limburg heeft een ambtelijke organisatie, met aan het hoofd de directeur/secretaris. 2. De directeur/secretaris wordt benoemd en ontslagen door het Dagelijks Bestuur. 3. Het Dagelijks Bestuur wijst een plaatsvervanger voor de directeur/secretaris aan, die de directeur/secretaris is in geval van verhindering of ontstentenis vervangt. 4. Het Dagelijks Bestuur stelt de bezoldiging van de directeur/secretaris vast. 5. Het Dagelijks bestuur stelt een instructie voor de directeur/secretaris vast. Artikel13Taken en bevoegdheden van de directeur/secretaris 1. De directeur/secretaris staat het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur, de Voorzitter en de Bestuurscommissies terzijde. 2. De directeur/secretaris is aanwezig tijdens de vergaderingen van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur en draagt zorg voor de notulering daarvan. 3. Door de directeur/secretaris worden alle stukken die van het Algemeen Bestuur en van het Dagelijks Bestuur uitgaan (mee-) ondertekend. 4. De directeur/secretaris is belast met de algemene bedrijfsvoering, de leiding van het Regiobureau en de leiding van de ambtelijke organisatie. Artikel14Rechtspositie 1. Op het personeel van het openbaar lichaam Stadsregio Parkstad Limburg is de cao ‘samenwerkende gemeentelijke organisaties’ van toepassing alsmede de binnen de organisatie vastgestelde personele regelingen. 2. Het Dagelijks Bestuur draagt zorg voor de uitvoering van de arbeidsvoorwaarden en de personele regelingen en kan daartoe volmacht/machtiging verlenen aan de directeur/secretaris. Artikel15Personeel 1. Het Dagelijks Bestuur stelt regels voor de bezoldiging van het personeel vast. 2. Het Dagelijks Bestuur stelt de formatieomvang vast. 3. Het Dagelijks Bestuur benoemt en ontslaat het personeel, gehoord de directeur/secretaris. HOOFDSTUK4COMMISSIES Artikel16Bestuurscommissies 1. Het Algemeen Bestuur stelt, ter behartiging van de belangen die gemoeid zijn met de onderwerpen die deel uit maken van de Kern-agenda Bestuurscommissies in. In het daartoe strekkende instellingsbesluit regelt het Algemeen Bestuur de bevoegdheden en de samenstelling van een Bestuurscommissie/de Bestuurscommissies. 2. Het Algemeen Bestuur kan ter behartiging van de belangen die gemoeid zijn met onderwerpen die deel uit maken van de Keuze-agenda (een) Bestuurscommissie(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.