Dit artikel bevat enkele definities om te voorkomen dat bepaalde begrippen telkens in hun geheel moeten worden uitgeschreven.
Wanneer gemeenten geen (onafhankelijke) rekenkamer instellen, stellen zij op grond van artikel 81o van de Gemeentewet regels vast voor de uitoefening van de rekenkamerfunctie. Anders dan bij de rekenkamer kunnen naast externen ook raadsleden deel uitmaken van de rekenkamercommissie. In de verordening is uitgegaan van een zittingsduur van de raadsleden en van de externe leden voor een periode gelijk aan de zittingsduur van de raad. De voorzitter wordt uit de externe leden gekozen. De verplichting om de eed of verklaring en belofte af te leggen vloeit voor de rekenkamer rechtstreeks voort uit artikel 81g van de Gemeentewet. Deze bepaling wordt van overeenkomstige toepassing verklaard op de externe leden van de rekenkamercommissie. Om praktische redenen is er voor gekozen dat de externe leden een schriftelijke verklaring en belofte als bedoeld in artikel 81g van de Gemeentewet overleggen.
Dit artikel handelt over het ontslag van de leden en over de mogelijkheid (of soms verplichting) hen op non-activiteit te stellen in bepaalde situaties.
Het past in het duale stelsel om de secretariaatswerkzaamheden onder te brengen bij de raadsgriffie. Het impliceert dat de onderzoeker van de commissie zijn tijd effectief aan onderzoek kan besteden. De rekenkamercommissie dient zelfstandig te functioneren. Daarom is voorzien in een rechtstreekse verantwoordingsrelatie van de raadsgriffier ten opzichte van de rekenkamercommissie.
Om de onafhankelijkheid van de rekenkamercommissie te bevorderen is het van belang dat zij zelfstandig de onderzoeksonderwerpen kan kiezen. De rekenkamercommissie kan op verzoek van de raad een onderzoek instellen maar is niet verplicht het verzoek van de raad in te willigen. Dit verzoek van de raad wordt in artikel 182, tweede lid van de wet expliciet genoemd. Daarom wordt er een bepaald gewicht toegekend aan het verzoek van de raad. Indien de rekenkamercommissie niet voldoet aan een goed gemotiveerd verzoek van de raad zal zij daarvoor goede gronden moeten aanvoeren. Het komt de diversiteit en relevantie van onderwerpen ten goede als ook anderen dan de gemeenteraad zelf onderwerpen kunnen aandragen en verzoeken kunnen indienen. Collegeleden, individuele burgers of belangengroepen.
Om te waarborgen dat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van haar onderzoek over voldoende en relevante gegevens kan beschikken is voorzien in de bevoegdheid om inlichtingen in te winnen van alle leden van het gemeentebestuur en van alle ambtenaren. De rapporten van de rekenkamercommissie zijn in beginsel openbaar maar op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wob kunnen rapporten of gedeelten daarvan als geheim worden aangemerkt.
Uit oogpunt van zorgvuldigheid is het van groot belang dat de onderzochte partij de kans krijgt om te reageren op het (nog niet gepubliceerde) conceptonderzoeksrapport. Er vindt dan wederhoor plaats waarbij de feitelijke bevindingen die uit het onderzoek voortvloeien aan de betreffende ambtenaren en het college worden voorgelegd met de vraag te reageren op eventuele onjuistheden. Het college is ook in de gelegenheid om te reageren op de conclusies en aanbevelingen in het conceptrapport. Tot slot brengt de rekenkamercommissie een definitief rapport naar buiten met bevindingen, conclusies en aanbevelingen.
Dit artikel behoeft geen
De rekenkamercommissie is zelfstandig verantwoordelijk voor de besteding van het budget dat noodzakelijk is voor de uitvoering van haar taak. Ten laste van het budget worden de in het tweede lid genoemde kosten gebracht.
t/m 12 Deze artikelen behoeven geen
.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.