← Nederland

Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten 2023 (Westervoort)

Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten 2023De raad besluit Vast te stellen de navolgende middels een amendement aangepaste Verordening reinigingsrechten en afvalstoffenheffing

  1. Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten 2023 Begripsomschrijvingen. Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder ‘gebruik maken’: gebruik maken in de zin van artikel 15.33 Wet milieubeheer. Van een medische indicatie in de zin van deze verordening is sprake, indien in een huishouden extra huishoudelijke afvalstoffen ontstaan vanwege een chronische ziekte of een handicap waarbij gebruik van stoma-, dialyse- of incontinentiemateriaal nodig is. Algemeen Artikel
  2. Krachtens deze verordening worden geheven: een afvalstoffenheffing; reinigingsrechten. Hoofdstuk1Afvalstoffenheffing Artikel2.Aard van de belasting en belastbaar feit. 1.Onder de naam afvalstoffenheffing wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer. 2.De afvalstoffenheffing bedoeld in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Artikel3.Belastingplicht. De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Artikel4.Maatstaf van heffing en belastingtarief. De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Artikel5.Belastingjaar. Met betrekking tot de belasting die per jaar wordt geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel6.Wijze van heffing. De belasting wordt geheven bij wege van aanslag. Artikel7.Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang. 1.De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 4.Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in feitelijk gebruik neemt. Artikel8.Termijnen van betaling. 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet een aanslag worden betaald in één termijn welke vervalt twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet. 2.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn. 3.In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is dan € 125,- doch minder dan € 2.500,- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso van de betaalrekening van de belastingschuldige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens één maand later. 4.Indien de automatische incasso van de betaalrekening van de belastingschuldige als bedoeld in het derde lid driemaal niet kan plaatsvinden dan wordt deze van gemeentewege stopgezet. De aanslagen moeten hierna worden betaald ingevolge het gestelde in het eerste lid. Hoofdstuk2Reinigingsrechten Artikel9.Belastbaar feit. Onder de naam ‘reinigingsrechten’ worden rechten geheven zowel voor het genot van door het gemeentebestuur verstrekte diensten als voor het gebruik van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen, werken of inrichten die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn. Artikel10.Belastingplicht. De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel11.Maatstaf van heffing en belastingtarief. 1.De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de hoofdstukken 2 en 3 van de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2.Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel12.Belastingjaar Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel13.Wijze van heffing 1.De rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel worden geheven bij wege van aanslag met dien verstande dat per belastbaar feit een afzonderlijke aanslag kan worden opgelegd. 2.De rechten bedoeld in hoofdstuk 3 van de tarieventabel worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel14.Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde rechten 1.De rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt zijn de rechten verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3.Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist. Artikel15.Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten. De rechten bedoeld in hoofdstuk 3 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen. Artikel16.Termijnen van betaling. 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet een aanslag worden betaald in één termijn welke vervalt twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet. 2.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn. 3.In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is dan € 125,- doch minder dan € 2.500,- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso van de betaalrekening van de belastingschuldige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens één maand later. 4.Indien de automatische incasso van de betaalrekening van de belastingschuldige als bedoeld in het derde lid driemaal niet kan plaatsvinden dan wordt deze van gemeentewege stopgezet. De aanslagen moeten hierna worden betaald ingevolge het gestelde in het eerste lid. Artikel9.Overgangsrecht. De “Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten 2022”, van 20 december 2021, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 10, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel10.Inwerkingtreding. 1.Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 2.De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  3. Artikel11.Citeertitel. Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten 2023”. de griffier, mr. M. Smits – Jansende voorzitter,drs. A.J. van HoutBijlage1:TARIEVENTABEL 2023 Hoofdstuk 1: Tarieven afvalstoffenheffing
  4. De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar € 161,11
  5. Onverminderd het bepaalde in lid 1 van dit artikel, bedraagt de belasting per lediging van: 2.
  6. een container van 240 liter, bestemd voor de overige huishoudelijke afvalstoffen € 9,48 2.
  7. een container van 140 liter, bestemd voor de overige huishoudelijke afvalstoffen € 7,60 2.3.
  8. Indien er sprake is van een medische indicatie wordt op verzoek van de belastingplichtige het totaal aantal ledigingen van een container verminderd met het aantal ledigingen boven het aantal van 8 voor een container van 240 liter. 2.3.
  9. Indien er sprake is van een medische indicatie wordt op verzoek van de belastingplichtige het totaal aantal ledigingen van een container verminderd met het aantal ledigingen boven het aantal van 6 voor een container van 140 liter. 3.
  10. In afwijking van het bepaalde in lid 1 en lid 2 van dit artikel, bedraagt het belastingtarief voor belastingplichtigen, aan wie een verzamelcontainer beschikbaar is gesteld € 254,28 3.
  11. In afwijking van het bepaalde in lid 3.1 van dit artikel, bedraagt het belastingtarief voor alleenwonenden en aan wie een verzamelcontainer beschikbaar is gesteld: indien zij op 1 januari van enig belastingjaar alleenwonend zijn, 75% van het belastingtarief genoemd in lid 3.1 van dit artikel € 190,71 4.
  12. Het tarief voor het ophalen van grofvuil bedraagt € 26,78 4.
  13. Voor het tarief genoemd in lid 4.
  14. kan voor een ophaaladres één keer per jaar vermindering worden aangevraagd. De vermindering wordt toegekend als er op het betreffende ophaaladres geen auto is geregistreerd en de belastingplichtige wonende op dat ophaaladres in aanmerking komt voor kwijtschelding gemeentelijke belastingen voor het betreffende belastingjaar. De vermindering kan worden aangevraagd bij de heffingsambtenaar.
  15. Bij gebruik van een ondergrondse container gelden de volgende tarieven 5.
  16. De belasting bedraagt per perceel € 161,11 5.2.1 De kosten per storting/vuilniszak bedragen € 1,06 5.2.
  17. Indien er sprake is van een medische indicatie wordt op verzoek van de belastingplichtige het totaal aantal stortingen verminderd met het aantal stortingen boven het aantal van
  18. 5.3 Van een medische indicatie in de zin van de leden 2.3.1., 2.3.
  19. en 5.2.
  20. van deze tarieventabel is sprake, indien in een huishouden extra huishoudelijke afvalstoffen ontstaan vanwege een chronische ziekte of een handicap waarbij gebruik van stoma-, dialyse- of incontinentiemateriaal nodig is. 5.4 Voor de toepassing van de vermindering, bedoeld in de leden 2.3.1., 2.3.
  21. en 5.2.
  22. van deze tarieventabel is vereist dat de belastingplichtige een aanvraagformulier indient bij de heffingsambtenaar, waaruit blijkt dat binnen het huishouden sprake is van een chronische ziekte of een handicap waardoor extra huishoudelijk restafval ontstaat. Een medische verklaring (niet ouder dan 3 maanden) van de behandelend arts moet bij de aanvraag worden gevoegd. 5.5 De kosten voor de vervanging van een afvalpas/pasje voor een ondergrondse container bedraagt € 10,30 Hoofdstuk 2: Tarieven reinigingsrechten
  23. De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar € 161,11 2.
  24. Onverminderd het bepaalde in lid 1 van dit artikel, bedraagt de belasting per lediging van 2.
  25. een container van 240 liter, bestemd voor de overige huishoudelijke afvalstoffen € 9,48 2.
  26. een container van 140 liter, bestemd voor de overige huishoudelijke afvalstoffen € 7,60 Hoofdstuk 3: Diversen
  27. Wisseling van een mini-container per container 1 Afspraak met PreZero € 14,00 Hoofdstuk 4: Tarieven en acceptatiecriteria Afvalbrengstation (Arnhem- Noord) Westervoort Gratis afvalsoorten Acceptatiecriteria Tarief Opmerkingen Papier en karton Gratis - Geen plastics, sanitair papier, behang, foto's, koffiefilters e.d. Glas Gratis - Flessen en ander verpakkingsglas Vlakglas (schoon) Gratis - Venster-,dubbel-,draad-, gekleurd of gefigureerd glas Spiegelglas (schoon) Gratis - Spiegels, geen lijsten of andere materialen Afgedankte elektrische en elektronische apparaten Gratis - Complete apparaten Textiel Gratis - In gesloten zakken aanleveren Klein chemisch afval Gratis - Luiers Gratis - Grof tuinafval Gratis Takken en overig groenafval, geen graszoden Metaal Gratis - Geen autowrakken, vaten (mits leeg en schoon) Gasflessen Gratis - Max. kniehoogte Brandblussers Gratis - CO2, Poeder, Halon e.d. Asbest € 2,40 per strekkende meter inpakfolie Aanlevering met asbestformulier gemeente Westervoort, in daarvoor bestemde verpakkingsmaterialen Frituurvet Gratis - In de originele (plastic) verpakking, geen glazen verpakkingen PMD (verpakkingen van plastic, metaal en drankkartons) Gratis Autobanden zonder velg Gratis - Betreft standaard autoband Piepschuim/EPS Gratis - Harde plastics Gratis Gelimiteerde afvalsoorten Acceptatiecriteria € 6 per bezoek (max. 6 keer per jaar) plús: Tarief boven gratis hoeveelheid/ Vanaf het 7e bezoek * Opmerkingen Autobanden met velg Per band € 2,10 Per band € 2,10 Overige banden Per band € 53,- per band € 53,- vrachtwagenband, tractorband Geïmpregneerd hout Gratis tot ¼ m³ Per ¼ m³ € 15,75 Tuinhekken, speeltoestellen, tuinmeubelen Bielzen 2 stuks gratis Per biels € 8,50 Dakgrind Per ¼ m³ € 37,-- Per ¼ m³ € 37,-- Schoon dakgrind, geen resten van dakleer e.d. Dakbedekking mix. Per ¼ m³ € 63,25 Per ¼ m³ € 63,25 Teerhoudende dakbedekking, dakgrind, bitumen Gasbeton Gratis tot ¼ m³ Per ¼ m³ € 37,-- Gips Gratis tot ¼ m³ Per ¼ m³ € 37,-- Grond Gratis tot ¼ m³ Per ¼ m³ € 15,75 Niet verontreinigd, maximaal 10% puin Isolatiemateriaal Gratis tot ¼ m³ Per ¼ m³ € 15,75 Steenwol Puin (schoon) 2 emmers Per ¼ m³ € 5,25 Maximaal 5% vervuild, geen asbest, dakbedekkingsmaterialen e.d. Puin (vervuild) 2 emmers Per ¼ m³ € 15,75 Vervuiling groter dan 5%, geen asbest, dakbedekkingsmaterialen e.d. Grof restafval (brandbaar) Gratis tot 1 m³ Per ¼ m³ € 15,75 Hout-, bouw- en sloopafval Gratis tot ¼ m³ Per ¼ m³ € 5,25 Sloophout, houten kozijnen, pallets e.d. Hout huishoudelijk Gratis tot 1 m³ Per ¼ m³ € 15,75 Houten meubels (geen rotan), kasten e.d. Vloerbedekking Gratis tot 1 m³ Per ¼ m³ € 5,25 Kunstgras Gratis tot 1 m³ Per ¼ m³ 15,75 Zak met restafval Per zak € 3,50 Per zak € 3,50 * Vanaf het 7e bezoek per jaar betaalt u meteen de standaardtarieven, dus geen starttarief van € 6,-.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.