Verordening Bl-zone Centrum Bladel voor gebruikers 2023-2027De raad van de gemeente Bladel; gelezen het voorstel R22.073 van burgemeester en wethouders van 1 november 2022; gelet op de Wet op de Bedrijveninvesteringszones; gelet op de tussen de gemeente Bladel en de Vereniging Vastgoedeigenaren BIZ centrum Bladel en de Stichting BIZ Ondernemers Centrum Bladel gesloten Uitvoeringsovereenkomsten; overwegende dat het economisch functioneren van het centrum van Bladel nog verder kan worden versterkt door de Stichting Centrummanagement te financieren middels het instrument Bedrijveninvesteringszone; besluit: De Verordening Bl-zone Centrum Bladel voor gebruikers 2023-2027 vast te stellen onder gelijktijdige intrekking van de Verordening BI-zone Centrum Bladel 2018-2022 voor gebruikers. De Verordening Bl-zone Centrum Bladel voor eigenaren 2023-2027 vast te stellen onder gelijktijdige intrekking van de Verordening BI-zone Centrum Bladel 2018-2022 voor eigenaren. Het document “Visie op doorontwikkeling Centrummanagement Bladel Meerjarenplan 2023 – 2027” vast te stellen. De jaarlijkse gemeentelijke bijdrage aan de Stichting Centrum Management Bladel m.i.v. het jaar 2023 te verhogen van € 17.500,- naar € 35.000,- en deze verhoging alsmede de financiële mutaties m.b.t. de BIZ-bijdragen voor vastgoedeigenaren te verwerken in de Perspectiefnota 2023. Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: BI-zone: het bij deze verordening aangewezen gebied in de gemeente waarbinnen de BI-bijdrage wordt geheven. De BI-zone is het gebied van het centrum van Bladel. Het aangewezen gebied is vermeld op de bij deze verordening behorende en daarvan deeluitmakende kaart; De Wet BIZ: Wet op de Bedrijveninvesteringszones; Het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bladel; Uitvoeringsovereenkomst: de tussen de gemeente Bladel en de Stichting BIZ Ondernemers Centrum Bladel gesloten Uitvoeringsovereenkomst. Artikel2Aanwijzing Stichting De Stichting BIZ Ondernemers Centrum Bladel (hierna: de Stichting) wordt aangewezen als de stichting bedoeld in artikel 7 van de Wet BIZ, waarmee een overeenkomst als bedoeld in artikel 4:36 van de Algemene wet bestuursrecht is gesloten, waarin is bepaald dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt verplicht moeten worden verricht. Hoofdstuk2Belastingbepalingen Artikel3Aard van de belasting 1.Onder de naam ‘BIZ-bijdrage’ wordt jaarlijks een directe belasting geheven ter zake van binnen de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaken die op grond van artikel 220a Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dienen. 2.De BIZ-bijdrage wordt geheven ter bestrijding van de kosten die zijn verbonden aan activiteiten in de openbare ruimte en op internet, die zijn gericht op het bevorderen van de leefbaarheid of de veilig-heid in de bedrijveninvesteringszone of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de bedrijveninvesteringszone. Artikel4Belastbaar feit en belastingplicht 1.De BIZ-bijdrage wordt gedurende een periode van 5 jaar jaarlijks geheven ter zake van binnen de BI-zone gelegen onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen. 2.De BIZ-bijdrage wordt geheven van degenen die bij het begin van het kalenderjaar in de BI-zone gelegen onroerende zaken al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht, gebruiken. 3.Voor de toepassing van het tweede lid wordt: gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die die onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie die zaak ter beschikking is gesteld. Artikel5Belastingobject 1.Onder ‘onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient’ wordt het volgende verstaan: Een onroerende zaak als bedoeld in hoofdstuk III van de Wet waardering onroerende zaken, welke niet in hoofdzaak tot woning dient en bovendien niet wordt genoemd in artikel 220d, eerste lid, van de Gemeentewet. 2.Een onroerende zaak dient niet in hoofdzaak tot woning indien de waarde die op grond van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken is vastgesteld voor die onroerende zaak niet in hoofdzaak kan worden toegerekend aan delen van die onroerende zaak die dienen tot woning dan wel volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel6Maatstaf van heffing 1.De BIZ-bijdrage wordt geheven naar de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor het belastingobject vastgestelde waarde voor het eerste jaar
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.