Besluit maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Berkelland 2023Burgemeester en wethouders van de gemeente Berkelland; Gelet op het bepaalde in het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, artikel 5.5.2 eerste lid en artikel 8.3.3 achtste lid van de Verordening sociaal domein Berkelland 2023, de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Berkelland 2023 en haar rechtsopvolger; Gelet op het wettelijk minimumloon; Gelet op de Inkoopdocumenten Jeugd en Wmo 2022 Sociaal domein Achterhoek en het Inkoopdocument Huishoudelijke Ondersteuning 2023; Besluiten vast te stellen: Besluit maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Berkelland 2023 Inleiding De regels in dit besluit vullen de wettelijke regels en de regels uit de Verordening sociaal domein Berkelland 2023 aan. Het zijn regels waarin bepaalde zaken uit de verordening zijn uitgewerkt en die door het college zijn vastgesteld. In onderstaande tabel is toegelicht welke type documenten er zijn, wat er in deze documenten is geregeld en wie deze documenten vaststelt. Artikel1.Begripsbepalingen De begrippen die in dit Besluit gehanteerd worden hebben, tenzij anders aangegeven, de betekenis zoals omschreven in de Wmo 2015 en de Jeugdwet, alsmede de daarop gebaseerde gemeentelijke verordeningen en beleidsregels op het terrein van de Wmo en Jeugdhulp en de Inkoopdocumenten Jeugd en Wmo 2022 Sociaal domein Achterhoek en het Inkoopdocument Huishoudelijke Ondersteuning 2023; Artikel2.Zorg in natura tarieven De tarieven voor zorg in natura gaan uit van een taakgerichte bekostiging met ‘lumpsum financiering’, waarbij de budgetten zijn vastgesteld op basis van ingediende offertes van aanbieders. Daarmee voldoen de tarieven aan artikel 5.4 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. Artikel3.Hoogte persoonsgebonden budget of financiële tegemoetkoming maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp voor professionele hulp Burgemeester en wethouders leggen de berekeningswijze van de budgetten voor de te verstrekken hulp-op-maat in de vorm van een persoonsgebonden budget voor maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp vast op basis van de in artikel 8.3.3 lid 4 van de Verordening sociaal domein Berkelland 2023 vastgelegde regels. De bedragen zijn opgenomen in bijlage 1. Daarnaast zijn in de verordening de mogelijkheden opgenomen voor het in aanmerking komen voor een financiële tegemoetkoming in noodzakelijke kosten. Artikel3.1Vaststellen hoogte persoonsgebonden budget maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp voor niet professionele hulp, met uitzondering van logeren Burgemeester en wethouders leggen de berekeningswijze van de budgetten voor de te verstrekken hulp-op-maat in de vorm van een persoonsgebonden budget maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp vast op basis van de in artikel 8.3.3 lid 5. van de Verordening sociaal domein Berkelland 2023 vastgelegde regels. De bedragen zijn opgenomen in bijlage 1. Het persoonsgebonden tarief voor niet professionele hulp wordt berekend op basis van het minimum (uur)loon bij een 36-urige werkweek per 1 januari van het jaar waarin het persoonsgebonden budget wordt verstrekt en is inclusief vakantiegeld, vakantie-uren en inclusief een vergoeding voor een vrijwillige verzekering voor ziekte, arbeidsongeschikt-heid en werkeloosheid. Artikel3.2Vergoeding logeren voor niet professionele hulp Wmo en Jeugd Voor logeren kan een symbolische vergoeding worden toegekend van maximaal € 141,- per maand. Er kan geen vergoeding sociaal netwerk voor een etmaal of dagdeel worden verstrekt. Dit op basis van artikel 8.3.3. lid 6 van de Verordening. Let op! Pgb en een symbolische vergoeding kunnen op cliëntniveau niet gezamenlijk worden verstrekt. (artikel 2ab Uitvoeringsregeling Wmo 2015) Artikel3.3Financiële tegemoetkomingen In de verordening is voor een aantal zaken de mogelijkheid opgenomen om in aanmerking te komen voor een financiële tegemoetkoming in de kosten. Deze tegemoetkoming is per definitie niet kostendekkend en bedraagt voor: verhuizing en inrichtingskosten: € 2.500,00 (artikel 5.2.1. lid 2) bezoekbaar maken van de woning: € 2.500,00 (artikel 5.2.1. lid 1) sportvoorziening 1x in de 3 jaar : € 3.250,00 (artikel 3.6.5 lid 3) Voor deze tegemoetkomingen is geen eigen bijdrage verschuldigd. Artikel4.Maximumhoogte pgb overige hulp-op-maat Bij het verstrekken van hulp-op-maat wordt uitgegaan van de goedkoopst compenserende voorziening. Dit betreft altijd maatwerk. Artikel5.Afschrijvingstermijnen hulp-op-maat 1.Voor een kind-, douchevoorziening en autoaanpassing geldt een technische levensduur van 5 jaar, voor trapliften geldt een technische levensduur van 10 jaar en voor overige Wmo-hulpmiddelen geldt een technische levensduur van 7 jaar. Elk hulpmiddel, dat met behulp van een persoonsgebonden budget of in natura is verstrekt, heeft een afschrijvingstermijn van respectievelijk 5, 7 of 10 jaar en dient dus in principe respectievelijk 5,7 of 10 of 7 jaar mee te gaan. Is een hulpmiddel afgeschreven dan ontstaat niet automatisch het recht op een nieuw of gebruikt hulpmiddel. Zolang het verstrekte hulpmiddel of het via een persoonsgebonden budget aangeschafte hulpmiddel technisch nog voldoet, bestaat geen recht op vervanging van het hulpmiddel. Dit tenzij een medische noodzaak wordt aangetoond. 2.Indien met een persoonsgebonden budget een voorziening als genoemd in de beschikking tweedehands wordt aangeschaft, dan wordt verwacht dat deze minimaal nog de in lid 1 genoemde periode mee gaat. Het pgb wordt geacht te zijn verstrekt voor de duur van respectievelijk 5, 7 of 10jaar en er bestaat geen recht op vervanging binnen deze afschrijvingstermijn. 3.Het pgb voor het onderhoud en de service van een voorziening kan na afloop van de afschrijvingstermijn van de voorziening doorlopen indien de voorziening nog adequaat en passend is. De inwoner dient de nota(‘
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.