← Nederland

Draaiboek evenementen (Diemen)

Draaiboek evenementen Beleid en voorschriften voor de organisatie van evenementen in Diemen VOORWOORD In Diemen worden jaarlijks vele activiteiten georganiseerd. Daarvan vallen zo’n dertig activiteiten onder het begrip ‘evenement’ zoals opgenomen in de Algemene Plaatselijke Verordening Diemen 2013 (APV). Van een klein straatfeest (waarvoor alleen een meldingsplicht geldt) tot de grotere evenementen Diemer Festijn en Loswalfestival. De gemeente staat positief tegenover het houden van evenementen. Daarbij wordt een divers aanbod nagestreefd. Evenementen dragen bij aan: de levendigheid en sfeer; een afwisselend cultureel aanbod; het verhogen de participatie van de bevolking; de lokale economie. Het draaiboek evenementen heeft als belangrijkste doelstelling het waarborgen van veiligheid en gezondheid voor bezoekers en het voorkomen van ernstige overlast. Dit draaiboek geeft de organisator van een evenement en de betrokkenen vanuit de overheid, waaronder de vergunningverlener en handhaver van de gemeente, voldoende informatie om een evenement op een goede en veilige wijze te organiseren en te laten plaatsvinden. In het draaiboek is daartoe een zo volledig mogelijk overzicht opgenomen van procedures en beleidsuitgangspunten en (in bijlage 2) van voorschriften die aan een vergunning kunnen worden verbonden. Uitgangspunt is dat vergunningen alleen worden voorzien van voorschriften waarvan gebleken is, dat ze voor het betreffende evenement noodzakelijk zijn. In bijzondere gevallen kunnen voorschriften worden toegevoegd die niet in dit draaiboek staan. Voorwaarden en voorschriften die wel in de paragrafen staan vermeld maar niet in bijlage 2, zijn in de paragrafen voorzien van een donkerrode kleur. Door het draaiboek ontstaat er voor omwonenden, die in meer of mindere mate overlast van het evenement kunnen ervaren, ook meer duidelijkheid over wat in beginsel wel en niet is toegestaan. Er is in Diemen in ieder geval ruimte voor toename van het aantal kleine en middelgrote evenementen bestemd voor de inwoners van Diemen. Om het gebruik van het Diemerbos te stimuleren kunnen daar middelgrote en grote evenementen worden georganiseerd waarbij de doelgroep ook bestaat uit inwoners van omliggende gemeenten. Evenementen in het Diemerbos zijn ook van belang om inkomsten te genereren voor het in stand houden van het Diemerbos. Inkomsten komen vooral ten goede aan het beheer. Ik hoop dat van deze ruimte voor een extra en divers aanbod van evenementen gebruik zal worden gemaakt. De burgemeester van Diemen, E. Boog. Verantwoording Dit draaiboek is op 7 juni 2016 vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van Diemen.De inhoud van het draaiboek is afgestemd met de politie, brandweer, GHOR, Groengebied Amstelland enStaatsbosbeheer. Bij het opstellen van het draaiboek is gebruik gemaakt van: het analysekader risico-inschatting voor gemeenten van de Inspectie voor de Gezondheidszorg en de InspectieOpenbare Orde en Veiligheid; in verordening, beleidsnota of draaiboek opgenomen evenementenbeleid van diverse (regio)gemeenten; Geneeskundige advisering bij Publieksevenementen van de GHOR, november 2014; de eisen van de brandweer Amsterdam Amstelland ‘brandveiligheidsvoorschriften evenementen april 2005’. De inhoud van het draaiboek wordt tweejaarlijks door de VERKLARING VAN AFKORTINGEN EN BEGRIPPEN ABRS: Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. AED: Automatische Externe Defibrillator (apparaat dat helpt bij het reanimeren van iemand met een hartstilstand). APV: Algemene Plaatselijke Verordening Diemen

  1. Awb: Algemene wet bestuursrecht. B&W: het college van Burgemeester en Wethouders van Diemen. BABW: Besluit Algemene Bepalingen Wegverkeer. Besloten feest: feest voor een specifieke doelgroep op basis van een persoonlijke uitnodiging (zoals: familiefeest; bruiloft; bedrijfsfeest; vrijwilligersfeest). Heeft een feest een ‘besloten karakter’ en worden er publiekelijk kaarten verkocht en/of wordt er reclame gemaakt, dan is er sprake van een vergunningsplichtig evenement. Betoging: een aantal personen die openlijk en in groepsverband optreden, al dan niet in beweging, en erop uit zijn een mening uit te dragen. Bewonersbrief: informatie aan omwonenden over de aard en duur van het evenement; de te treffen (verkeers)maatregelen (zoals: het afzetten van wegen; het instellen van een parkeerverbod; het veranderen van de toegestane rijrichting); de manier waarop de organisator probeert de overlast te beperken; de contactgegevens van de ter plaatse verantwoordelijken voor de handhaving van de vergunningvoorschriften. Big Wheels: voertuigen met zeer grote wielen. Bob: de persoon die geen alcohol drink als deze nog moet rijden. Braderie: feestelijke activiteit in de open lucht waarbij ‘vermaak’ centraal staat (er moet een duidelijk onderscheid zijn ten opzichte van een gewone warenmarkt). dB(A): het gewogen aantal decibels (eenheid voor het weergeven van een geluidsniveau). dB(C): eenheid voor het weergeven van muziekgeluid bij evenementen, waarbij extra aandacht wordt besteed aan lagere frequenties (bastonen). Drugs: middelen die staan vermeld op de lijsten I (harddrugs) en II (softdrugs) behorende bij de Opiumwet. EHBO: eerste hulp bij ongelukken. Evenement: elke publiek toegankelijke verrichting van vermaak (zie voor een verdere afbakening in paragraaf 1.1). Gebouw: gebouw als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder c, van de Woningwet. GGD: Gemeentelijke Geneeskundige Dienst. GHOR: Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio. GVB: Gemeentelijk vervoerbedrijf. Hulpdiensten: politie; brandweer; GHOR; andere diensten die betrokken zijn bij de hulpverlening. KEMA: NV tot Keuring van elektrotechnische materialen. KNMI: Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut. LCHV: Landelijk Centrum voor Hygiëne en Veiligheid. LVNL: Luchtverkeersleiding Nederland. NEN: Nederlandse norm. NEN-EN: Europese norm. Van toepassing is de norm zoals die geldt op de datum van verlening van de vergunning. NOC*NSF: Nederlands Olympisch Comité en Nederlandse Sport Federatie. NPR: Nederlandse praktijkrichtlijn. NVWA: Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. Openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn. Openbare plaats: een voor het publiek (al dan niet met enige beperking) toegankelijke plaats, zoals: wegen; stoepen; parkeerterreinen; pleinen; parken; plantsoenen; speelweiden; bossen en andere natuurterreinen; ijsvlakten; aanlegplaatsen voor vaartuigen. Organisator: degene die een evenement organiseert en daartoe een melding heeft gedaan die is geaccepteerd of een vergunning en/of ontheffing heeft aangevraagd en verkregen. RIEC AA: Regionaal Informatie en Expertise Centrum Amsterdam Amstelland. Vergunningverlener: degene die namens de burgemeester bevoegd is om meldingen te accepteren en vergunningen en ontheffingen te verlenen voor evenementen. VNCO: Vereniging van Nederlandse circusondernemingen. Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Wedstrijd: ontmoeting van partijen om elkaars krachten te meten; onder een wedstrijd met of zonder (motor)voertuigen wordt mede verstaan: prestatie; vermaak; show; en dergelijke. Wet bibob: Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. Zedelijkheid: wat iedereen fatsoenlijk en goed gedrag vindt, gericht op bijvoorbeeld menselijke waardigheid en dierenwelzijn. SAMENVATTING Het draaiboek evenementen heeft als belangrijkste doelstelling het waarborgen van veiligheid en gezondheid voor bezoekers en het voorkomen van ernstige overlast. hoofdstuk 1: afbakening begrip evenement Onder een evenement wordt verstaan ‘elke publiek toegankelijke verrichting van vermaak’. Hiermee worden activiteiten bedoeld die plaatsvinden in de open lucht en/of openbaar gebied of op plaatsen met een openbaar karakter. Voor een groot aantal activiteiten is de meldings- of vergunningsplicht voor evenementen niet van toepassing (zie paragraaf 1.2). De evenementen zijn in Diemen ingedeeld in drie categorieën, op basis van het aantal te verwachten tegelijkertijd aanwezige bezoekers (waaronder deelnemers): klein: maximaal 50 bezoekers (straat- en buurtniveau); middelgroot: 51 tot en met 499 bezoekers (met name gericht op bezoekers uit Diemen); groot: vanaf 500 bezoekers (trekt ook veel bezoekers van elders aan). Voor het doen van een melding of het aanvragen van een vergunning moet het formulier ‘Organiseren van een evenement (aanvraag/melding)’ ingevuld worden toegezonden aan de gemeente (zie bijlage 3). Via dit formulier wordt ook een ontheffing Drank- en horecawet aangevraagd. Voor kleine evenementen in de open lucht geldt, indien aan bepaalde voorwaarden is voldaan, een meldingsplicht. Voor middelgrote en grote evenementen geldt een vergunningsplicht. hoofdstuk 2: meldingsplicht kleine evenementen Voor kleine evenementen geldt een meldingsplicht indien aan alle onderstaande voorwaarden wordt voldaan: het is een eendaags evenement; het aantal bezoekers bedraagt niet meer dan 50 personen; het evenement vindt plaats tussen 9.00 en 23.30 uur in de bebouwde kom en tussen 9.00 uur en zonsondergang in het buitengebied; het evenement vindt plaats in de open lucht; indien gebruik wordt gemaakt van een weg dan is de weg van ondergeschikt belang (alleen bestemmingsverkeer) en geen route voor het openbaar vervoer; tijdens het evenement blijft tenminste 3,5 meter van de breedte van de rijbaan (waaronder verharding op een woonerf) beschikbaar voor hulpdiensten en er wordt te allen tijde doorgang voor de hulpdiensten verleend; er worden slechts kleine objecten geplaatst met een oppervlakte van minder dan 10 m² per object (zoals: partytent; barbecuetoestel; springkussen); de wegafzetting, indien van toepassing, is te allen tijde duidelijk zichtbaar. De organisator moet het evenement tenminste zeven werkdagen voorafgaand aan het evenement melden bij de burgemeester. De burgemeester kan een klein evenement verbieden in het belang van: de openbare orde; de openbare veiligheid; de volksgezondheid; de bescherming van het milieu. Aan het melden van een klein evenement en het in gebruik nemen van gemeentegrond voor een klein evenement zijn geen kosten verbonden. hoofdstuk 3: beleidsuitgangspunten vergunningsplicht Een vergunning voor een evenement kan worden geweigerd in het belang van: de openbare orde; de openbare veiligheid; de volksgezondheid; de bescherming van het milieu; en indien: de inhoud of uitstraling van het evenement niet past binnen de kwaliteit van de (woon)omgeving; tegen de organisator in de afgelopen drie jaar een bestuurlijke sanctie is genomen. Uiteraard wordt, voordat een vergunning wordt geweigerd, eerst geprobeerd om aan de vergunning zodanige voorschriften te verbinden dat de zes belangen in voldoende mate worden beschermd. Het aantal kleine, meldingsplichtige evenementen in de bebouwde kom wordt op voorhand niet beperkt. Voor andere evenementen geldt een maximum per locatie. In Diemen zijn onderstaande evenementen in beginsel verboden: kooigevecht (altijd verboden vanwege strijd met de goede zeden); vechtsportgala (vanwege gerede kans op verstoring van de openbare orde); al dan niet besloten bijeenkomsten van 1% motorclubs (vanwege gerede kans op verstoring van de openbare orde); evenementen waarbij dieren ter vermaak worden gebruikt en waarbij tevens de gezondheid van het dier gevaar kan lopen (wegens strijd met de zedelijkheid of gezondheid); wedstrijd met (motor)voertuigen op terreinen, zoals: auto- en motorcross (vanwege aantasting van natuurwaarden en/of verstoring door geluidsoverlast in het buitengebied); activiteiten met Big Wheels en dergelijke (gevaar voor omstanders); open vuur, zoals: oud/nieuwjaar- en paasvuur en kerstboomverbranding (vanwege luchtverontreiniging en het niet duurzaam zijn van deze wijze van verbranding). Op grond van de Legesverordening zijn aan het afgeven van een evenementenvergunning legeskosten verbonden. Op grond van de Verordening Precariobelasting kan precariobelasting worden geheven gedurende evenementen indien gebruik wordt gemaakt van voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond zoals de openbare weg. Op koningsdag wordt geen precario geheven. hoofdstuk 4: procedure voor vergunningverlening Wordt voor de eerste keer een vergunning aangevraagd of gaat het om een evenement met een grote impact (op de omgeving), dan wordt de organisator aangeraden om contact op te nemen met de vergunningverlener voor een (telefonisch) vooroverleg. Er gelden termijnen van orde voor het tijdig indienen van een aanvraag: alle evenementen: tenminste acht weken voorafgaand aan het evenement; grote evenementen met een verhoogd risico: tenminste twaalf weken voorafgaand aan het evenement; grote evenementen waar tegelijk meer dan 2.000 bezoekers komen: vóór 1 december van het jaar voorafgaande aan het jaar van het evenement (en tenminste twaalf weken voorafgaand aan het evenement); deze evenementen worden op de regionale evenementenkalender geplaatst. Uitgangspunt is dat de gemeente binnen acht weken op een aanvraag beslist. Mocht de gemeente niet tijdig beslissen, dan is er geen sprake van een positieve fictieve beslissing. Het is voor een goede en snelle beoordeling van de aanvraag van groot belang om het aanvraagformulier zo volledig mogelijk in te vullen en de bijlagen conform de gevraagde specificatie aan te leveren. Na een eerste beoordeling kan aan de organisator worden verzocht om voor onderdelen van het evenement aanvullende informatie aan te leveren, bijvoorbeeld een veiligheidsplan, natuuronderzoek of een ingevulde vragenlijst Bibob. Gedurende de behandeltermijn van acht weken wordt advies ingewonnen bij in ieder geval de politie en brandweer. De gegeven adviezen worden in beginsel door de gemeente opgevolgd. Derde belanghebbenden worden in de gelegenheid gesteld hun zienswijzen naar voren te brengen, als wordt verwacht dat zij tegen de vergunningverlening bedenkingen zullen hebben. Bij grote evenementen zal altijd sprake zijn van zo’n inspraakprocedure. hoofdstuk 5: aan vergunningen te verbinden voorschriften De burgemeester is bevoegd om voorschriften en beperkingen te stellen aan de vergunning. Deze worden afgestemd op de uitstralingseffecten. Soms zijn er standaard richtlijnen op basis van bijvoorbeeld het aantal te verwachten bezoekers. In andere gevallen zal sprake zijn van maatwerk. Tijdens het evenement moet de organisator of een door hem aangewezen leidinggevende altijd op het evenemententerrein aanwezig, bereikbaar en aanspreekbaar zijn. Hij is het aanspreekpunt voor aanwijzingen van de hulpdiensten. De organisator moet te allen tijde aanwijzingen van politie, brandweer,GHOR en gemeente opvolgen. De organisator van het evenement is in eerste instantie verantwoordelijk voor de orde en de veiligheid van de bezoekers op het evenemententerrein. Hij moet daarom zorgen voor voldoende toezicht. De norm is dat er één beveiliger en/of toezichthouder op 250 gelijktijdig aanwezige bezoekers moet zijn. Handel in drugs en het gebruik van harddrugs zijn verboden. Het gebruik van alcohol en softdrugs mag niet leiden tot overlast. De gemeente maakt gebruik van adviezen van de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR). Voor evenementen tot 5.000 gelijktijdig aanwezige bezoekers zonder verzwarende omstandigheden wordt gebruik gemaakt van het standaard advies van de GHOR. Zijn er wel verzwarende omstandigheden dan zal de gemeente een maatwerkadvies vragen aan de GHOR. Op het evenemententerrein moeten voldoende EHBO’ers, toiletten en afvalbakken aanwezig zijn. De organisator dient de dag voorafgaand aan het evenement en op de dag zelf te zorgen voor een oordeel over de vraag of het, gezien de (weers)omstandigheden, verantwoord is om het evenement te laten starten. Voor een meerdaags evenement geldt dit voor elke dag. De organisator van het evenement dient het publiek te informeren over bereikbaarheid met het openbaar vervoer. Ook moet het publiek gestimuleerd worden om lopend of met de fiets te komen. Bij activiteiten op de openbare weg waarbij het verkeer voor de veiligheid van de deelnemers en de weggebruikers geregeld moet worden, zijn verkeersregelaars vereist. Milieuzorg is belangrijk bij het organiseren van een evenement. Eventuele (geluids)overlast voor omwonenden en bedrijven moet zoveel mogelijk worden beperkt. Daarnaast is het beperken van afval en het gescheiden inzamelen van afval van belang. Het voldoen aan de geluidsvoorschriften in de evenementenvergunning (zoals het geluidsniveau en de eindtijden) is een taak van de organisator. De organisator van het evenement is verantwoordelijk voor het schoon opleveren van het evenemententerrein. De organisator moet het evenement bekendmaken aan bewoners, bedrijven en instellingen die mogelijk hinder ondervinden van het evenement. De direct omwonenden krijgen tenminste een week van te voren een bewonersbrief. Een kopie daarvan moet aan de gemeente worden verstrekt. Na afloop van in ieder geval grote evenementen evalueert de gemeente met de organisator en andere betrokkenen de voorbereiding en uitvoering van het evenement en de effectiviteit van de genomen maatregelen. De conclusies uit de evaluatie kunnen worden gebruikt bij de voorbereiding en vergunningverlening van toekomstige evenementen. HOOFDSTUK1AFBAKENING BEGRIP EVENEMENT In de Algemene Plaatselijke Verordening Diemen 2013 (APV) staan regels voor het houden van evenementen in Diemen (artikelen 2:24 en 2:25 APV). De burgemeester is binnen de kaders van de weigeringgronden bevoegd om nadere regels te stellen. Onder een evenement wordt verstaan ‘elke publiek toegankelijke verrichting van vermaak’. Hiermee worden activiteiten bedoeld die plaatsvinden in de open lucht en/of openbaar gebied of op plaatsen met een openbaar karakter. In paragraaf 1.1 staan evenementen vermeld, dit is geen volledige opsomming, waarvoor het draaiboek geldt. Op de definitie van evenement bestaan uitzonderingen die in paragraaf 1.2 staan vermeld. Staat een te organiseren evenement niet vermeld in deze paragrafen, neem dan voor uitsluitsel over de van toepassing zijnde regelgeving contact op met de vergunningverlener. 1.1Evenementen waarvoor dit draaiboek geldt De evenementen zijn in Diemen ingedeeld in drie categorieën, op basis van het aantal te verwachten tegelijkertijd aanwezige bezoekers (waaronder deelnemers): klein: maximaal 50 bezoekers (straat- en buurtniveau); middelgroot: 51 tot en met 499 bezoekers (met name gericht op bezoekers uit Diemen); groot: vanaf 500 bezoekers (trekt ook veel bezoekers van elders aan). In onderstaand schema zijn voorbeelden (dit is geen volledige opsomming) opgenomen van evenementen waarvoor het draaiboek geldt. Daarbij zijn de evenementen alvast ingedeeld naar te verwachten grootte (klein, middelgroot en groot) en ingedeeld naar binnen (in een gebouw of tent) of buiten (op eigen terrein of op een openbare plaats). Tevens staan evenementen vermeld die in beginsel niet worden toegestaan (dit wordt toegelicht in paragraaf 3.4). Onder een wedstrijd met of zonder (motor)voertuigen wordt tevens verstaan: prestatie; vermaak; show; en dergelijke. Let op: voor het tegen betaling verstrekken van (zwak)alcoholische drank tijdens een activiteit is altijd een ontheffing of vergunning op grond van de Drank- en horecawet vereist. Evenementen naar grootte in een niet daartoe bestemd gebouw of in een tent. Evenementen naar grootte op eigen terrein of een openbare plaats. ▼ Kleine evenementen (maximaal 50 bezoekers/deelnemers). Straat- en buurtfeest (zoals: buurtbarbecue). Andere feesten (al dan niet besloten) op een openbare plaats. Zie voor barbecue op grasvelden in het Groengebied Amstelland in paragraaf 1.
  2. Bedrijfs- of werkgebonden feest (zoals: slaan eerste paal; officiële opening). ▼ Middelgrote evenementen (51 tot en met 499 bezoekers). Circus. Wijkkermis Diemen Noord en Diemen Zuid. Gemeentedag in het gemeentehuis. Gemeentedag buiten het gemeentehuis. Popconcert. Braderie. Feest (al dan niet besloten) of muziekvoorstelling. Feest (al dan niet besloten) of muziekvoorstelling. Voorstelling EDOG (operette) in sporthal. Avondvierdaagse. Wedstrijd met (motor)voertuigen op of aan de weg. Er is ook een ontheffing nodig op grond van artikel 148 Wegenverkeerswet
  3. Wedstrijd zonder (motor)voertuigen op/aan de weg (zoals: hardlopen; fietsen; beddenrace; vossenjacht; dropping). Wedstrijd zonder (motor)voertuigen op terreinen of water (zoals: Diemer cross; veldlopen; veldrijden; harddraverij; hippisch concours; zwemmen; polsstokhoogspringen; boegsprietlopen over water; roeien). Bij het plaatsen van voorwerpen op, in of boven openbaar water is ook een vergunning van B&W nodig op grond van artikel 5:24 APV. Bij een evenement op of over water is ook een vergunning van de waterbeheerder vereist. Herdenkingsplechtigheid (zoals: nationale dodenherdenking). Zie ook hierna. Optocht (zoals: intocht Sint Nicolaas; stille tocht; lampionoptocht; carnavalsoptocht; optocht met oude (leger)voertuigen). ▼ Grote evenementen (vanaf 500 bezoekers). Diemer Festijn. Diemer Festijn met kermis Diemen Centrum en eventueel een vrijmarkt. Loswalfestival. Loswalfestival. Muziek/dance festival. Muziek/dance festival (in het Diemerbos). ▼ Middelgrote en grote evenementen die in beginsel niet worden toegestaan. Kooigevecht en vechtsportgala. Wedstrijd met (motor)voertuigen op terreinen (zoals: auto- en motorcross). Al dan niet besloten bijeenkomsten van de 1% motorclubs (clubs die zichzelf buiten de wet plaatsen). Activiteiten met Big Wheels en dergelijke. Evenementen waarbij dieren ter vermaak worden gebruikt en de gezondheid van het dier gevaar kan lopen. Open vuur (zoals: oud/nieuwjaar- en paasvuur; kerstboomverbranding). Herdenkingsplechtigheid Een herdenkingsplechtigheid is specifiek benoemd in de APV, juist omdat dit niet als vermaak kan worden aangemerkt maar wel voor publiek toegankelijk is. Voor meer informatie over het organiseren van een herdenkingsbijeenkomst, wordt verwezen naar de Handreiking Herdenken: http://www.burgemeesters.nl/node/
  4. 1.2Geen evenementen in de zin van dit draaiboek In onderstaand schema is aangegeven voor welke ‘verrichtingen van vermaak’ de meldings- of vergunningsplicht voor evenementen niet van toepassing is. In het schema is aangegeven of er op grond van andere regelgeving een meldings- of vergunningsplicht geldt. Let op: voor het tegen betaling verstrekken van (zwak)alcoholische drank tijdens een activiteit is altijd een ontheffing of vergunning op grond van de Drank- en horecawet vereist. Geen meldings- of vergunningsplicht voor evenementen van toepassing. Er geldt een meldings- of vergunningsplicht op grond van andere regelgeving. Barbecue met maximaal 50 deelnemers op grasvelden in het Groengebied Amstelland (Diemerpolder, Overdiemerpolder, PEN-bos en Diemerbos). Alleen indien auto’s in het groen komen en/of geluidshinder wordt veroorzaakt is een ontheffing nodig van Groengebied Amstelland. Bioscoop-, theater- en muziekvoorstellingen en sociaal-culturele activiteiten in daartoe bestemde gebouwen. Nee, toestemming maakt al onderdeel uit van eerder voor het gebouw door de gemeente verleende vergunning(en). Sportwedstrijden op of in daartoe bestemde terreinen of gebouwen, met uitzondering van vechtsportgala’s en kooigevechten. Nee, toestemming maakt al onderdeel uit van eerder voor het gebouw of terrein door de gemeente verleende vergunning(en). Sportdagen van scholen en dergelijke in het Groengebied Amstelland (Diemerpolder, Overdiemerpolder, PEN-bos en Diemerbos). Alleen indien auto’s in het groen komen en/of geluidshinder wordt veroorzaakt is een ontheffing nodig van Groengebied Amstelland. Feesten en recepties voor personeel en relaties in kantoor- en bedrijfsgebouwen en andere besloten feesten in gebouwen voor een specifieke doelgroep op basis van een persoonlijke uitnodiging (bijvoorbeeld: familie; lid of donateur van een organisatie). De 1% motorclubs (clubs die zichzelf buiten de wet plaatsen) zijn hiervan uitgezonderd. Er is geen ontheffing of vergunning van de drank- en horecawet nodig indien: a. sprake is van een besloten feest; en b. geen entree wordt gevraagd; en c. gratis alcohol wordt geschonken. Aan alle drie de voorwaarden moet worden voldaan. Bijeenkomsten (van persoonlijke aard voor de leden) in para commerciële inrichtingen Wet milieubeheer. Ja, melding aan de burgemeester op grond van artikel 3.2 Drank- en horecaverordening Diemen
  5. Festiviteiten in inrichtingen Wet milieubeheer. Ja, kennisgeving (melding) aan B&W op grond van artikel 4:3 APV voor ontheffing van de geluidsnorm en/of de verlichtingsnorm voor sportactiviteiten in de open lucht. Warenmarkten (weekmarkt, jaarmarkt). Ja, standplaatsvergunning van B&W op grond van artikel 5 Marktverordening Diemen
  6. Snuffelmarkt (verkoop van tweedehands en incourante goederen) in een gebouw, niet zijnde een winkelruimte. Ja, vergunning van de burgemeester op grond van artikel 5:23 APV. Snuffelmarkt (als boven) in een winkelruimte. Nee. Kansspel bij winkelweekactie. Ja, vergunning van de Kamer van Koophandel op grond van artikel 7b Wet op de kansspelen. Kansspelen (zoals: bingo; loterij). Ja, mededeling aan B&W op grond van artikel 7c Wet op de kansspelen. Kansspelautomaat. Ja, vergunning van de burgemeester op grond van artikel 30b Wet op de kansspelen. Speelgelegenheid bieden waarbij geld kan worden gewonnen of verloren. Ja, vergunning van de burgemeester op grond van artikel 2:39 APV. Betogingen, samenkomsten (tot het belijden van godsdienst of levensovertuiging, waaronder ook Kerstommegang en viering Allerzielen) en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties. Ja, kennisgeving (melding) aan de burgemeester op grond van artikel 2:3 APV. Open huizenroutes (zoals: kunstroute; open Nee. monumentendag; voor verkoop woningen). Optreden als straatartiest, straatfotograaf, tekenaar, filmoperateur of gids voor publiek. Ja, soms (op aangewezen dagen en locaties) ontheffing van de burgemeester op grond van artikel 2:9 APV. Vuurwerkshow (het bedrijf dat vuurwerk afsteekt moet beschikken over een bedrijfsvergunning). Ja, afhankelijk van de hoeveelheid twee weken van te voren melden of veertien weken van te voren vergunning aanvragen bij de provincie Noord-Holland. Tevens dient vijf dagen van te voren toestemming te worden gevraagd aan de Luchtverkeersleiding Nederland. Vrijmarkt koningsdag. Voor particulieren (niet bedrijfsmatig) is het toegestaan zonder vergunning een verkoopplaats in te nemen op bepaalde plaatsen en gedurende een bepaalde periode. Ja voor bedrijfsmatige verkoop, standplaatsvergunning van B&W op grond van artikel 5:18 APV. Wensballonnen In Diemen is het verboden (artikel 2:18A APV) om (al dan niet bij een evenement) zogenaamde wens- of ufoballonnen, door middel van hete lucht afkomstig van vuur op te laten stijgen. Onder een wens- of ufoballon wordt mede verstaan: herdenkingsballon, vuurballon, gelukslampion, Thaise wensballon, papierballon, geluksballon, enzovoort. Luchtballonnen De gemeente vindt het oplaten van luchtballonnen ongewenst. Ballonresten, linten en ventielen worden overal in de natuur teruggevonden. Ballonnen zijn schadelijk voor de natuur. Dieren raken verstrikt in de linten en zien de ballonnen voor voedsel aan, waardoor ze sterven. Het biologisch afbreekbare rubber van de ballon vergaat in principe wel, maar dat kan enkele jaren duren. Het oplaten van ballonnen is vergelijkbaar met dumpen van zwerfafval en draagt dus een verkeerde boodschap uit. 1.3Meldings- of vergunningsplicht Voor het doen van een melding of het aanvragen van een vergunning moet het formulier ‘Organiseren van een evenement (aanvraag/melding)’ ingevuld worden toegezonden aan de gemeente (zie bijlage 3). Indien op het formulier bij ‘
  7. Checklist’ alle vragen met ‘ja’ of ‘n.v.t.’ zijn beantwoord, is sprake van een meldingsplicht. Als het niet zeker is of het evenement valt onder de meldingsplicht, wordt aangeraden contact op te nemen met de vergunningverlener voor een (telefonisch) vooroverleg. Voor kleine evenementen in de open lucht geldt, indien aan bepaalde voorwaarden is voldaan, een meldingsplicht. Zie verder hoofdstuk
  8. Voor middelgrote en grote evenementen in de open lucht (op eigen terrein of op een openbare plaats) moet altijd een evenementenvergunning worden aangevraagd. Zie verder de hoofdstukken 3, 4 en
  9. Of in een gebouw een evenement is toegestaan, is afhankelijk van het bestemmingsplan en de gebruiks-, exploitatie-, drank- en horecavergunning die voor dat gebouw is afgegeven. Als het evenement niet past binnen het bestemmingsplan en/of de verleende vergunningen, moet een evenementenvergunning worden aangevraagd. Zie verder de hoofdstukken 3, 4 en
  10. HOOFDSTUK2MELDINGSPLICHT KLEINE EVENEMENTEN Voor kleine evenementen geldt een meldingsplicht indien aan alle onderstaande voorwaarden wordt voldaan: het is een eendaags evenement; het aantal bezoekers bedraagt niet meer dan 50 personen; het evenement vindt plaats tussen 9.00 en 23.30 uur in de bebouwde kom en tussen 9.00 uur en zonsondergang in het buitengebied; het evenement vindt plaats in de open lucht; indien gebruik wordt gemaakt van een weg dan is de weg van ondergeschikt belang (alleen bestemmingsverkeer) en geen route voor het openbaar vervoer; het evenement vindt niet plaats op de wegen, straten en pleinen die door B&W zijn aangewezen en hieronder in het kader staan vermeld; tijdens het evenement blijft tenminste 3,5 meter van de breedte van de rijbaan (waaronder verharding op een woonerf) beschikbaar voor hulpdiensten en er wordt te allen tijde doorgang voor de hulpdiensten verleend; er worden slechts kleine objecten geplaatst met een oppervlakte van minder dan 10 m² per object (zoals: partytent, barbecuetoestel en springkussen); de wegafzetting, indien van toepassing, is te allen tijde duidelijk zichtbaar. Aangewezen wegen die bij de meldingsplicht niet mogen worden gebruikt De onder punt 5 genoemde op 23 december 2014 door B&W aangewezen wegen, straten en pleinen die niet bij een meldingsplicht mogen worden gebruikt zijn: Diemen Noord: Diemerpolderweg, Buytenweg, Hofstedenweg, Zeezigt, Oude Waelweg, Vogelweg, Rietzangerweg, Meerkoet, Tureluurweg, Schepenweg, Botterweg, Fregat, Klipperweg, Vlinderweg, Distelvlinderweg, Hermelijnvlinder, Heivlinderweg, Landlust, Ouddiemerlaan; Diemen Centrum: Ouddiemerlaan, Rode Kruislaan, Willem de Zwijgerlaan, Prinses Beatrixlaan, Prins Bernhardlaan, Muiderstraatweg, Hartveldseweg, Burgemeester Bickerstraat, Arent Krijtsstraat, Wilhelminaplantsoen, Tobias Asserlaan, Martin Luther Kinglaan, Julianaplantsoen, Prins Mauritslaan, D.J. den Hartoglaan; Diemen Zuid: Beukenhorst, Boven Rijkersloot, P.J. ter Beekstraat, Weesperstraat, Bomenrijk, busbaan, Akkerland, Laagland, Diemerdreef, Gooiseweg, Biesbosch, Boschplaat; Bergwijkpark: Dalsteindreef, Diemerhof, Bergwijkdreef, Eekholt; Bedrijventerreinen en buitengebied: Muiderstraatweg, Weteringweg, Overdiemerweg, Kanaaldijk, Stammerdijk, Provincialeweg, Weesperstraat, Treubweg, Verrijn Stuartweg, Venserweg. Vrijgesteld van de meldingsplicht zijn barbecues met maximaal 50 deelnemers op grasvelden in het Groengebied Amstelland (Diemerpolder, Overdiemerpolder, PEN-bos en Diemerbos). Indien auto’s in het groen komen en/of geluidshinder wordt veroorzaakt is een ontheffing nodig van Groengebied Amstelland. De organisator moet het evenement tenminste zeven werkdagen voorafgaand aan het evenement melden bij de burgemeester. Dit vindt plaats door het invullen en aan de gemeente toezenden van het aanvraagformulier ‘Organiseren van een evenement (aanvraag/melding)’ met de daarbij behorende bijlage (zie bijlage 3). Op dit formulier moet naast deel ‘
  11. Checklist’ ook deel ‘
  12. Meldingsformulier klein evenement’ worden ingevuld. De op het formulier en in de bijlage te verstrekken informatie heeft betrekking op: gegevens van de organisator, waaronder mobiel telefoonnummer tijdens het evenement; gegevens van het evenement (reden, activiteiten, locatie, datum en tijdstippen, waaronder opbouwen en afbreken); het al dan niet afsluiten van straten en/of parkeerplaatsen; situatieschets, waarop is aangegeven waar het evenement exact plaatsvindt en welke objecten op welke locatie worden geplaatst. De burgemeester kan een klein evenement verbieden in het belang van: de openbare orde; de openbare veiligheid; de volksgezondheid; de bescherming van het milieu. Een verbod wordt door de vergunningverlener schriftelijk en gemotiveerd aan de organisator meegedeeld, onder vermelding van de mogelijkheid om een bezwaarschrift in te dienen. De vergunningverlener zal de organisator schriftelijk meedelen of de melding wordt geaccepteerd: het evenement wordt toegestaan. De toestemming houdt, indien van toepassing, ook onderstaande drie ontheffingen in: voor het tegen betaling verstrekken van (zwak)alcoholische drank tijdens een klein evenement is altijd een ontheffing van de burgemeester vereist (artikel 35 van de Drank- en horecawet); onder het ‘tegen betaling verstrekken’ valt ook het vragen en betalen van een vaste of vrijwillige bijdrage voor deelname aan het evenement; het is verboden om zonder ontheffing van B&W zich te bevinden in of op bij de gemeente in onderhoud zijnde parken, wandelplaatsen, plantsoenen, groenstroken of grasperken buiten de daarin gelegen wegen of paden (artikel 2:45 APV); voor het op zondag vanaf 13.00 uur produceren van geluid dat op een afstand van meer dan 200 meter van de geluidsbron hoorbaar is (artikel 3, lid 3 Zondagswet). Bij het organiseren van een klein evenement gelden de volgende regels. (DONKERRODE KLEUR>) Het gebruikte terrein dient direct na afloop van het evenement schoon te worden opgeleverd. Wordt dit nagelaten, dan maakt de gemeente het terrein schoon op kosten van de organisator. Alle nabij gelegen panden moeten altijd bereikbaar blijven voor de hulpdiensten. Alle redelijkerwijs te nemen maatregelen moeten worden getroffen om te voorkomen dat de gemeente of derden schade leiden als gevolg van het evenement. De organisator dient eventuele schade te vergoeden die op het gebruikte terrein aan gemeentelijke eigendommen is aangebracht. De omwonenden worden door de organisator tenminste twee dagen voorafgaand aan het evenement geïnformeerd over mogelijke overlast. Bij verstoring van de openbare orde en/of bovenmatige overlast voor de omwonenden of directe woonomgeving zijn de politie en de gemeentelijke handhavers bevoegd het evenement direct te beëindigen. De deelnemers zijn verplicht aanwijzingen en/of bevelen van politie en gemeentelijke handhavers direct op te volgen. Er moet worden voldaan aan relevante voorschriften die zijn opgenomen in bijlage 2, bijvoorbeeld de voorschriften die gelden voor: het produceren van (muziek)geluid, het gebruiken van een barbecue; het verstrekken van zwakalcoholhoudende dranken. (DONKERRODE KLEUR<) Indien voor het houden van het evenement hekwerk noodzakelijk is, kan dit tegen betaling van een borgsom worden geleend bij team Wijkbeheer van de gemeente. Bij schade of vermissing van geleende materialen worden de kosten daarvan in rekening gebracht bij de organisator. Wensballonnen In Diemen is het verboden (artikel 2:18A APV) om (al dan niet bij een evenement) zogenaamde wens- of ufoballonnen, door middel van hete lucht afkomstig van vuur op te laten stijgen. Onder een wens- of ufoballon wordt mede verstaan: herdenkingsballon, vuurballon, gelukslampion, Thaise wensballon, papierballon, geluksballon, enzovoort. Luchtballonnen De gemeente vindt het oplaten van luchtballonnen ongewenst. Ballonresten, linten en ventielen worden overal in de natuur teruggevonden. Ballonnen zijn schadelijk voor de natuur. Dieren raken verstrikt in de linten en zien de ballonnen voor voedsel aan, waardoor ze sterven. Het biologisch afbreekbare rubber van de ballon vergaat in principe wel, maar dat kan enkele jaren duren. Het oplaten van ballonnen is vergelijkbaar met dumpen van zwerfafval en draagt dus een verkeerde boodschap uit. Geen kosten Aan het melden van een klein evenement en het in gebruik nemen van gemeentegrond voor een klein evenement zijn geen kosten verbonden. Wel subsidie? Voor activiteiten en initiatieven die een bijdrage leveren aan de leefbaarheid en levendigheid in wijk, buurt of straat kan een subsidie (Bewoners Initiatief Gelden) worden toegekend van maximaal €
  13. Neem voor nadere informatie contact op met de betreffende wijkcoördinator van de gemeente. HOOFDSTUK3BELEIDSUITGANGSPUNTEN VERGUNNINGVERLENING Het draaiboek evenementen heeft als belangrijkste doelstelling het waarborgen van veiligheid en gezondheid voor bezoekers en het voorkomen van ernstige overlast. Bij middelgrote en grote evenementen is vooraf een vergunning noodzakelijk om de verschillende belangen goed tegen elkaar te kunnen afwegen. In dit hoofdstuk staan de criteria (weigeringgronden) waaraan aanvragen om vergunningen worden getoetst en wordt aandacht besteed aan het maximaal aantal evenementen op verschillende locaties. Hiernaast wordt nadere informatie verstrekt over de in beginsel verboden evenementen. Wensballonnen In Diemen is het verboden (artikel 2:18A APV) om (al dan niet bij een evenement) zogenaamde wens- of ufoballonnen, door middel van hete lucht afkomstig van vuur op te laten stijgen. Onder een wens- of ufoballon wordt mede verstaan: herdenkingsballon, vuurballon, gelukslampion, Thaise wensballon, papierballon, geluksballon, enzovoort. Luchtballonnen De gemeente vindt het oplaten van luchtballonnen ongewenst. Ballonresten, linten en ventielen worden overal in de natuur teruggevonden. Ballonnen zijn schadelijk voor de natuur. Dieren raken verstrikt in de linten en zien de ballonnen voor voedsel aan, waardoor ze sterven. Het biologisch afbreekbare rubber van de ballon vergaat in principe wel, maar dat kan enkele jaren duren. Het oplaten van ballonnen is vergelijkbaar met dumpen van zwerfafval en draagt dus een verkeerde boodschap uit. 3.1Weigeringgronden voor een vergunning In de Algemene Plaatselijke Verordening Diemen 2013 (APV) staat dat een vergunning voor een evenement in Diemen kan worden geweigerd in het belang van (artikel 1:8 APV): openbare orde (inclusief zedelijkheid, zoals menselijke waardigheid en dierenwelzijn); openbare veiligheid (inclusief verkeersveiligheid, brandveiligheid en veiligheid van personen en goederen); volksgezondheid (inclusief het voorkomen van letsel of schade door bijvoorbeeld het gebruik van alcohol en/of drugs); bescherming van het milieu (inclusief hinder of schade voor de omgeving, zoals verkeershinder, geluidhinder, (zwerf)afval en schade voor de natuur). Hiernaast kan een vergunning worden geweigerd indien (artikel 2:25 lid 3 APV): de inhoud of uitstraling van het evenement niet past binnen de kwaliteit, zoals het gebruik en uiterlijk aanzien, van de (woon)omgeving; tegen de organisator in de afgelopen drie jaar een bestuurlijke sanctie is genomen. Uiteraard wordt, voordat een vergunning wordt geweigerd, eerst geprobeerd om aan de vergunning zodanige voorschriften te verbinden dat de zes belangen in voldoende mate worden beschermd. De gangbare voorschriften staan in bijlage
  14. Ten opzichte van de afgelopen jaren zijn de twee laatstgenoemde weigeringgronden toegevoegd. De gemeente wil een woonomgeving met voldoende kwaliteit. Een aantrekkelijke leefomgeving afgestemd op het daarbij passende kwaliteitsbeeld. Inrichting en beheer zijn afgestemd op de gestelde ambities in het kwaliteitsplan openbare ruimte. Evenementen, zoals braderieën, zullen ook een hoogwaardige uitstraling moeten hebben. Te gebruiken materialen dienen heel en schoon te zijn en de aankleding dient een positieve uitstraling (kwaliteit) te geven, passend in de woonomgeving. 3.2Maximum aantal evenementen op verschillende locaties De evenementen zijn in Diemen ingedeeld in drie categorieën, op basis van het aantal te verwachten tegelijkertijd aanwezige bezoekers (waaronder deelnemers): klein: maximaal 50 bezoekers (straat- en buurtniveau); middelgroot: 51 tot en met 499 bezoekers (met name gericht op bezoekers uit Diemen); groot: vanaf 500 bezoekers (trekt ook veel bezoekers van elders aan). De gemeente vindt dat kleine, meldingsplichtige evenementen in de bebouwde kom niet of slechts in geringe mate planologisch relevant zijn. Deze evenementen worden daarom op voorhand niet tot een bepaalde locatie en ook niet tot een maximum aantal beperkt. De gemeente vindt dat middelgrote evenementen op alle locaties en kleine evenementen in het buitengebied, mits daaraan het maximum wordt gesteld zoals opgenomen in het schema, nog in geringe mate planologisch relevant zijn en derhalve in beginsel zijn toegestaan. Grote (een- of meerdaagse) evenementen vindt de gemeente wel planologisch relevant. Het medegebruik van de locatie als evenemententerrein moet daarom in het bestemmingsplan worden geregeld. Dit is al gebeurd voor de omgeving van het Diemerplein (Diemer Festijn) en het parkeerterrein Muiderstraatweg bij de ingang van het Diemerbos (locatie 9). Voor het Loswalfestival en grote evenementen in het Diemerbos moet de regeling in het bestemmingsplan nog plaatsvinden. Zolang dat nog niet is gebeurd, moet voor die grote evenementen eenmalig voor een periode van ten hoogste tien jaar (artikel 4 lid 11 van Bijlage II Besluit omgevingsrecht) een omgevingsvergunning worden aangevraagd voor het gebruik van het terrein in strijd met het bestemmingsplan (artikel 2.12 eerste lid onder a onder 2° Wabo). Voor het afgeven van deze omgevingsvergunning worden geen leges in rekening gebracht. Locaties bebouwde kom (1 tot en met 6) Een meerdaags middelgroot of groot evenement op de locaties 1 tot en met 6 duurt maximaal vijf opeenvolgende dagen, waarbij de twee voorgaande dagen gebruikt kunnen worden voor het opbouwen en de twee nakomende dagen gebruikt kunnen worden voor het afbreken van voorzieningen ten behoeve van het evenement (totaal maximaal negen dagen). Locaties buitengebied (7 tot en met 11) Een meerdaags middelgroot of groot evenement op de locaties 7 tot en met 9 duurt maximaal vier dagen, met na twee dagen een pauze van vijf dagen tot de volgende twee dagen, waarbij de vijf voorgaande dagen gebruikt kunnen worden voor het opbouwen en de vier nakomende dagen gebruikt kunnen worden voor het afbreken van voorzieningen ten behoeve van het evenement (totaal maximaal achttien dagen). Zie voor het maximum aantal toegestane evenementen per jaar het schema op de volgende bladzijde. De burgemeester mag op de locaties 10 en 11 een hoger aantal evenementen toestaan tot een maximum van zes per jaar per locatie, indien is gebleken dat de drie georganiseerde evenementen niet hebben geleid tot (geluids)overlast voor omwonenden of aantasting van natuurwaarden. Vooralsnog mag in het beheergebied van Groengebied Amstelland (Diemerpolder, Overdiemerpolder, PEN-bos en Diemerbos) onbeperkt worden gebarbecued op grasvelden met maximaal 50 deelnemers. Mochten er negatieve ontwikkelingen plaatsvinden (zoals: geluidsoverlast, zwerfafval of natuurschade) dan zal de gemeente opnieuw in overleg treden met Groengebied Amstelland en Staatsbosbeheer om te komen tot het aanwijzen en inrichten van een beperkt aantal plaatsen waar mag worden gebarbecued. Evenementenkalender Voor de inzet van de hulpdiensten is het belangrijk dat grote evenementen verspreid over het jaar plaatsvinden. Is er een te grote concentratie in een bepaalde periode, dan is er onvoldoende capaciteit om de veiligheid te garanderen. Daarom zal de vergunningverlener alle grote evenementen (die in beginsel worden toegestaan) aanmelden voor plaatsing op de regionale evenementenkalender. De vergunningverlener zal alle evenementen die in Diemen plaatsvinden aanmelden voor plaatsing op de gemeentelijk evenementenkalender: www.diemen.nl (actueel/evenementen). specifieke locatie maximum aantal evenementen per jaar klein max. 50 middelgroot, eendaags 51 t/m 499 middelgroot, meerdaags 51 t/m 499 groot, een- of meerdaags vanaf 500
  15. Rond winkelcentrum Gruttoplein in Diemen Noord. op voorhand geen beperkingen (deze evenementen komen sporadisch en zeer verspreid in de gemeente voor) 6x per jaar 1x kermis 2x overig niet toegestaan
  16. Omgeving Diemerplein in Diemen Centrum. 2x per maand 2x overig 1x Diemer Festijn, kermis, vrijmarkt, gemeentedag
  17. Parkeerterrein sporthal Prins Bernhardlaan in Diemen Centrum. 3x per jaar 1x circus 2x overig (mag nog 1x circus zijn) niet toegestaan
  18. Rond de loswal in Diemen Zuid. 3x per jaar 1x kermis 1x overig 1x Loswalfestival
  19. Rond Sportcentrum wethouder F.B. Duran in Diemen Zuid 3x per jaar 3x overig niet toegestaan
  20. Rond winkelcentrum Kruidenhof in Diemen Zuid. 6x per jaar 3x overig niet toegestaan Elke overige geschikte openbare locatie in de bebouwde kom. 3x per jaar niet toegestaan
  21. In het Diemerbos op terrein (muziekfestival) met oppervlakte 32.999 m
  22. één evenement tegelijk; 12x per jaar voor de drie terreinen tezamen één evenement tegelijk; 6x per jaar voor de drie terreinen tezamen één evenement tegelijk; 4x per jaar voor de drie terreinen tezamen met de standaard geluidsnormen 60 dB(A) en 60 dB(C); en 2x2 dagen muziek(festival) per jaar op uitsluitend terrein 7 met de hogere geluidsnormen 60 dB(A) en 79 dB(C) en 2x2 dagen met de nog hogere geluidsnormen 65 dB(A) en 83 dB(C).
  23. In het Diemerbos op terrein (achter zorgboerderij Landlust) met oppervlakte 23.314 m
  24. Parkeerterrein met bijbehorende strook grond Muiderstraatweg bij de ingang van het Diemerbos met oppervlakte 4.150 m
  25. In Diemerpolder op terrein met oppervlakte 9.500 m
  26. 3x per jaar 3x per jaar niet toegestaan
  27. In PEN-bos op terrein met oppervlakte 3.500 m
  28. 3x per jaar 3x per jaar niet toegestaan Elke overige geschikte locatie (barbecue alleen op grasvelden) in Groengebied Amstelland. onbeperkt barbecue tot 50 personen 1x Diemercross 2x overig niet toegestaan Elke overige openbare locatie buiten de bebouwde kom. niet toegestaan 3.3Huisregels op evenemententerreinen Voor grote evenementen wordt een evenemententerrein aangewezen dat in beginsel door middel van hekwerken moet worden afgesloten. Bij alle ingangen van het evenemententerrein moeten door middel van borden in beginsel tenminste onderstaande huisregels aan de bezoekers bekend worden gemaakt. Het is verboden bij een evenement de orde te verstoren (artikel 2:26 APV). Het is op door B&W aangewezen evenemententerreinen verboden om flesjes, blikjes, steenachtig materiaal en overige, in het kader van de handhaving van de openbare orde en veiligheid op het evenemententerrein, mogelijk gevaarlijke voorwerpen bij zich te dragen of voorhanden te hebben (artikel 2:43a APV). Hieronder vallen ook speelgoedwapens: messen, nepwapens, realistisch uitziende speelgoed- en luchtdrukwapens, stroomstootwapens, zelfverdedigingswapens en wapens behorende tot de categorieën I, II, III, en IV van de Wet wapens en munitie. Het is verboden om (steek)wapens en andere voorwerpen die geschikt zijn voor het toebrengen van lichamelijk letsel bij zich te dragen of voorhanden te hebben (artikelen 13 en 27 Wet wapens en munitie). Het is verboden om op hinderlijke wijze alcoholhoudende drank te nuttigen of softdrugs te gebruiken of openlijk voorhanden te hebben (artikel 2:48, lid 1 APV). Het is verboden harddrugs te gebruiken of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen of stoffen openlijk voorhanden te hebben (artikel 2:48a APV). Onverminderd het bepaalde in de Opiumwet is het verboden om zich op te houden met het kennelijke doel om middelen als bedoeld in artikel 2 en 3 van de Opiumwet, al dan niet tegen betaling af te leveren, aan te bieden of te verwerven, daarbij behulpzaam te zijn of daarin te bemiddelen (artikel 2:74 APV). Het is verboden op door B&W of de burgemeester aangewezen tijden zich met een fiets, bromfiets, of andersoortig voertuig te bevinden op een door B&W of de burgemeester aangewezen terrein waar een markt, kermis, uitvoering, bijeenkomst of plechtigheid gehouden wordt die publiek trekt, mits dit verbod kenbaar is gemaakt aan de bezoekers van dat terrein (artikel 2:52 APV). Het is op door B&W aangewezen plaatsen verboden een hond te laten verblijven of te laten lopen (artikel 2:57 APV). Dit verbod geldt niet voor de eigenaar of houder van een hond die zich vanwege zijn handicap door een geleidehond of sociale hulphond laat begeleiden. Overtreding van de regels die gelden bij evenementen wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie (artikel 6:1 APV). 3.4Nadere informatie over in beginsel verboden evenementen Dat onderstaande evenementen in beginsel zijn verboden wordt in deze paragraaf nader toegelicht. Van een op voorhand algeheel verbod is geen sprake. Een vergunningaanvraag dient immers altijd en uitsluitend te worden getoetst aan de zes weigeringgronden uit paragraaf 3.
  29. Kooigevecht en vechtsportgala Vechtsportgala’s komen nogal eens negatief in het nieuws omdat: de openbare orde wordt verstoord en/of sprake is van (financiële) betrokkenheid van de onderwereld. Een kooigevecht is geen sportwedstrijd en mag vanwege strijd met de goede zeden worden verboden (ABRS 25-08-2000). Een vechtsportgala vormt niet zondermeer een inbreuk op de openbare orde en zedelijkheid (Rechtbank Amsterdam 13-03-2003). In Diemen wordt een kooigevecht nooit en een vechtsportgala in beginsel niet toegestaan in verband met gerede kans op verstoring van de openbare orde. Er zal geen gemeentelijke accommodatie beschikbaar worden gesteld voor het houden van zo’n evenement. Mocht een vergunning worden aangevraagd dan zal altijd een onderzoek en toetsing plaatsvinden in het kader van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob). De organisator mag niet van slecht levensgedrag zijn. Door het Regionale Informatie- en Expertise Centrum Amsterdam Amstelland (RIEC AA) voor de aanpak van georganiseerde criminaliteit wordt geadviseerd om aan een vergunning voor een vechtsportgala extra voorschriften te verbinden, zoals: (DONKERRODE KLEUR>) de betaling van vip tafels dient twee weken van te voren te geschieden; kopers van vip tafels dienen geregistreerd te worden; contante betaling van vip tafels is niet toegestaan; het is niet toegestaan alcohol te nuttigen en te verkopen in de zaal waar de wedstrijd plaatsvindt; er wordt geen alcohol geschonken vóór 18.00 uur in de accommodatie waar het evenement plaatsvindt; de verkoop en het nuttigen van sterke dank is niet toegestaan; een leeftijdsadvies bij wedstrijden voor volwassenen; het gala dient plaats te vinden onder auspiciën van een bond die is erkend door NOC*NSF of over een keurmerk beschikt. (DONKERRODE KLEUR<) 1% motorclubs Het gaat hierbij om motorclubs die zichzelf buiten de wet plaatsen en eigen regels hanteren. De term verwijst naar de uitspraak dat 99% van de motorrijders zich aan de wet houdt. Tot de 1% motorclubs worden ondermeer Hells Angels, No Surrender, Satudarah, Red Devils en Bandidos gerekend. Spanningen tussen deze motorclubs kunnen leiden tot verstoring van de openbare orde. Wedstrijd met(motor)voertuigen op terreinen (zoals: auto- en motorcross) In Diemen zijn voor dergelijke wedstrijden (waaronder ook te verstaan: prestatie; vermaak; show; en dergelijke) geen terreinen aangewezen en naar verwachting ook niet beschikbaar. In het buitengebied van Diemen is overwegend sprake van natuur-, bos- en weidevogelleefgebied. Crossen met (motor)voertuigen kan daar onder meer leiden tot aantasting van de natuurwaarden en verstoring van dieren door geluidsoverlast. B&W kunnen een terrein aangeven waar crossen in natuurgebied is toegestaan (artikel 5:32 APV). Van deze bevoegdheid is geen gebruik gemaakt. Activiteiten met Big Wheels en dergelijke Onder Big Wheels worden voertuigen verstaan met zeer grote wielen. Daarmee worden onder andere stunts vertoond. Om de veiligheid voor het publiek te garanderen is een specifieke locatie met ruime afscherming tot het publiek vereist (bijvoorbeeld een stadion). Een dergelijke locatie is in Diemen niet aanwezig. Open vuur (zoals: oud/nieuwjaar- en paasvuur; kerstboomverbranding) Verbranding in de open lucht leidt tot luchtverontreiniging en is niet duurzaam. Kerstbomen, pallets en andere materialen kunnen op een milieuvriendelijke wijze worden verwerkt (bijvoorbeeld als brandstof dienen voor de opwekking van elektriciteit). B&W kunnen ontheffing verlenen van het verbod om vuur te stoken in de openlucht (artikel 5:34 APV). Groengebied Amstelland kan in haar werkgebied (Diemerpolder, Overdiemerpolder, PEN-bos en Diemerbos) ontheffing verlenen van het verbod om vuur te stoken (artikel 4.18 Algemene verordening Groengebied Amstelland). Gebruik dieren Evenementen waarbij dieren ter vermaak worden gebruikt en waarbij tevens de gezondheid van het dier gevaar kan lopen zijn in strijd met de goede zeden. De gemeente verleent alleen vergunningen aan circussen die zijn aangesloten bij de Vereniging van Nederlandse Circusondernemingen (VNCO). De regering heeft aangekondigd dat vanaf 15 september 2015 het optreden van wilde zoogdieren in circussen niet meer is toegestaan. 3.5Drank en Horeca Ontheffing Drank- en horecawet In de Drank- en horecawet staan regels voor het uitbaten van een horecagelegenheid en het verstrekken van alcoholhoudende dranken. Voor het verstrekken van alcoholhoudende dranken tijdens evenementen gelden aangepaste regels. In de Drank- en horecawet bestaat de mogelijkheid om onder bepaalde voorwaarden ontheffing te krijgen van een aantal bepalingen uit de Drank- en horecawet (artikel 35 Drank- en horecawet). De aanvraag voor de ontheffing Drank- en horecawet is opgenomen op het formulier ‘Organiseren van een evenement (aanvraag/melding)’. Alleen zwak alcoholhoudende dranken, dranken met 15 vol% of minder (inclusief port, sherry en vermout), mogen met de ontheffing worden geschonken. Sterke drank1Zelf gemixte dranken, bestaande uit een deel sterkte drank en een deel alcoholvrije drank, wordt aangemerkt als sterke drank. mag alleen verkocht worden met een drankvergunning vanuit een café of restaurant. De burgemeester kan de ontheffing verlenen voor een aaneengesloten periode van maximaal twaalf dagen. De aanvrager van de ontheffing is minimaal 21 jaar oud en mag niet van slecht levensgedrag zijn. Bovendien moet de aanvrager in het bezit zijn van het diploma Verklaring sociale hygiëne. De aanvrager moet toezien op een goede verstrekking van alcohol (bijvoorbeeld niet schenken aan jongeren onder de 18 jaar, hetgeen aangeduid moet zijn op de plaats waar de alcohol wordt versterkt). Voor het verlenen van een ontheffing worden leges in rekening gebracht. Voedselveiligheid De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) controleert tijdens evenementen (en daarbuiten) of professionele en particuliere aanbieders van bederfelijke eet- en drinkwaren2Voorbeelden van bederfelijke eet- en drinkwaren zijn: vis en visproducten (vers en gerookt/gestoomd), snacks en kokswaren (zoals saucijzenbroodjes), vlees en vleeswaren, melk en melkproducten, zachte kaas (zoals Brie en Camembert), verse kaas (kwark), slagroom- en crèmegebak, puddingbroodjes, salades en slaatjes, voorgesneden groenten en rauwkost, vers vruchtensap, tahoe en tempeh, beslag voor poffertjes en pannenkoeken. zich houden aan de regels uit de Warenwet. Bij constatering van een overtreding van deze wet kunnen zij de ondernemer beboeten. Indien de organisator nalatigheid kan worden verweten met betrekking tot de verkochte waren, kan de NVWA ook een boete opleggen. Particulieren en bedrijven die eet- en drinkwaren aanbieden tijdens evenementen moeten werken volgens een hygiënecode. De belangrijkste voorschriften voor het aanbieden van bederfelijke eet- en drinkwaren (uit de Warenwetregeling Hygiëne van Levensmiddelen) zijn opgenomen inbijlage
  30. De NVWA kan adviseren over het verstrekken van eet- en drinkwaren. Bij grote evenementen kan hierover vooroverleg plaatsvinden. 3.6Financiële zaken De gemeente kiest ervoor om (als eigenaar van de grond) geen afzonderlijke privaatrechtelijke toestemmingen te geven maar uitsluitend te werken met publiekrechtelijke regelingen. Groengebied Amstelland zal voor evenementen in haar werkgebied (Diemerpolder, Overdiemerpolder, PEN-bos en Diemerbos) met de organisator een tijdelijke gebruiksovereenkomst aangaan en al dan niet terreinhuur in rekening brengen en/of de organisator een waarborgsom laten betalen. Leges Aan het afgeven van een evenementenvergunning zijn legeskosten verbonden. De tarieven zijn te vinden in de onderdelen 1.26.1 en 3.2.1 van de tarieventabel behorende bij de Legesverordening Diemen. Deze tarieven worden jaarlijks aangepast. Precario Indien gebruik wordt gemaakt van voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond zoals de openbare weg kan gedurende evenementen precariobelasting worden geheven. Op koningsdag wordt geen precario geheven. De tarieven zijn te vinden in de tarieventabel behorende bij de Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting. Deze tarieven worden jaarlijks aangepast. Subsidie De gemeente Diemen kent de zogenaamde Bewoners Initiatief Gelden. Voor activiteiten en initiatieven die een bijdrage leveren aan de leefbaarheid en levendigheid in wijk, buurt of straat kan een subsidie worden toegekend van maximaal €
  31. Hierover kan contact worden opgenomen met de betreffende wijkcoördinator van de gemeente. Schade Indien door het gebruik van de vergunning schade ontstaat aan gemeente-eigendommen moet de organisator deze schade aan de gemeente vergoeden. De organisator moet het (evenementen)terrein in dezelfde staat opleveren als waarin het ter beschikking is gesteld. Voor grasvelden kan de gemeente hierop een uitzondering maken, voor zover de schade is veroorzaakt door normaal gebruik (lopen van bezoekers). Het gebruikte terrein dient direct na afloop van het evenement schoon te worden opgeleverd. Wordt dit nagelaten dan zorgt de gemeente voor opruim-, schoonmaak- en herstelwerkzaamheden op kosten van de organisator. Voor schadeclaims van derden (bijvoorbeeld Groengebied Amstelland), die voortvloeien uit het houden van het evenement is de organisator aansprakelijk: de gemeente aanvaardt hiervoor geen aansprakelijkheid. Als de organisator handelt in strijd met de bepalingen uit de vergunning kan dit leiden tot intrekking van de vergunning. De organisator kan in zo’n geval geen aanspraak maken op schadevergoeding. Doorberekening gemeentelijke kosten De door de gemeente te maken kosten voor het faciliteren van het evenement worden in beginsel in rekening gebracht bij de organisator. Bijvoorbeeld de kosten van: de huur van hekwerk en aggregaten; het plaatsen van parkeervoorzieningen voor fietsen; het plaatsen van tijdelijke afzettingsborden met verkeersomleidingen; benzinekosten. De organisator heeft de vrijheid om dergelijke diensten en maatregelen - op het door de vergunningverlener gedefinieerde niveau - zelf te organiseren. De gemeentelijke handhaver controleert of de maatregelen in kwalitatieve en kwantitatieve zin daadwerkelijk aanwezig zijn. Aansprakelijkheid en verzekering De organisator is ten opzichte van zowel de bezoekers als de gemeente verantwoordelijk voor een goed en ordelijk verloop van het evenement. In de vergunning neemt de vergunningverlener op dat de gemeente geen aansprakelijkheid aanvaardt van door derden geleden schade die het gevolg is van de feitelijke ingebruikname van openbare gemeentegrond en/of het plaatsen, hebben, gebruiken, onderhouden, verplaatsen en/of verwijderen van objecten. Dit betekent dat de organisator hiervoor aansprakelijk is. Om de aansprakelijkheid te dekken moet de organisator zelf een aansprakelijkheidsverzekering afsluiten. Een kopie van de polis moet hij voorafgaand aan het evenement aan de vergunningverlener overhandigen. HOOFDSTUK4PROCEDURE VOOR VERGUNNINGVERLENING Van belang voor de aanvraag van een evenementenvergunning zijn de APV en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Een vergunningenstelsel beoogt bepaalde belangen te beschermen. Wanneer één van deze belangen in het geding is en het verbinden van voorschriften aan de vergunning geen soelaas biedt, kan een vergunning worden geweigerd. 4.1Indienen aanvraag De aanvraag moet worden gedaan door het invullen en aan de gemeente toezenden van het aanvraagformulier ‘Organiseren van een evenement (aanvraag/melding)’ met de daarbij behorende bijlagen (zie bijlage 3). Vooroverleg Wordt voor de eerste keer een vergunning aangevraagd of gaat het om een evenement met een grote impact (op de omgeving), dan wordt de organisator aangeraden om contact op te nemen met de vergunningverlener voor een (telefonisch) vooroverleg. Termijnen Er gelden termijnen van orde voor het tijdig indienen van een aanvraag: alle evenementen: tenminste twaalf weken voorafgaand aan het evenement; grote evenementen waar meer dan 2.000 bezoekers komen: vóór 1 december van het jaar voorafgaande aan het jaar van het evenement (en tenminste twaalf weken voorafgaand aan het evenement); deze evenementen worden op de regionale evenementenkalender geplaatst. Na 1 december ingediende aanvragen voor grote evenementen waar meer dan 2.000 bezoekers komen worden alsnog getoetst aan de beschikbare ruimte op de regionale evenementenkalender. Het kan zijn dat de vergunning wordt geweigerd omdat er bij de hulpdiensten onvoldoende capaciteit is om het evenement in goede banen te leiden. Wanneer een aanvraag minder dan acht weken voorafgaand aan het evenement wordt ingediend, kan besloten worden om de aanvraag niet in behandeling te nemen (artikel 1:3 lid 1 en 3 APV). Financiële gevolgen van activiteiten die de organisator al verricht voordat een besluit op de aanvraag is genomen, zijn geheel voor eigen rekening en risico van de organisator. Uitgangspunt is dat de gemeente binnen acht weken op een aanvraag beslist (artikel 1:2 lid 1 APV). Als de aanvraag niet compleet is en aanvullende gegevens moeten worden verstrekt, dan schort dit de beslistermijn op. De gemeente kan de beslistermijn met acht weken verlengen (artikel 1:2 lid 2 APV). Mocht de gemeente niet tijdig beslissen, dan is er geen sprake van een positieve fictieve beslissing (artikel 2:25 lid 6 APV). Nadat de gemeente een beslissing heeft genomen, kunnen belanghebbenden gedurende een termijn van zes weken bezwaar maken. Verstrekken van volledige gegevens Het is voor een goede en snelle beoordeling van de aanvraag van groot belang om het aanvraagformulier zo volledig mogelijk in te vullen en de bijlagen conform de gevraagde specificatie aan te leveren. Is dit niet gedaan, dan moeten de gegevens later alsnog worden verstrekt. Dit leidt dan tot onnodige vertraging. De gemeente heeft voor de beoordeling de meest recente informatie nodig. Ook als al eerder voor een gelijksoortig evenement een vergunning is aangevraagd, moet daarom toch het volledige aanvraagformulier worden ingevuld. Natuurlijk kan de organisator de nog geldende gegevens van een voorgaande gelegenheid daarbij gebruiken. Op het aanvraagformulier moet naast deel ‘
  32. Checklist’ ook deel ‘
  33. Aanvraagformulier evenementenvergunning’ worden ingevuld. De op het formulier en in de bijlagen te verstrekken informatie heeft betrekking op: gegevens van de organisator, waaronder mobiel telefoonnummer tijdens het evenement; algemene gegevens van het evenement (activiteiten, locatie, datum, tijdstip); specifieke gegevens van het evenement (aantal bezoekers/deelnemers, inzet EHBO’ers en beveiliging, toiletvoorzieningen, omvang terrein, schoonmaken terrein, hygiënecode bakken/braden van etenswaren, afsteken van vuurwerk); gegevens brandveiligheid (gebruik tent/gebouw, aanwezigheid podium/tribune, indelingstekening tent/gebouw); gegevens muziek en geluid (binnen/buiten, versterkt, bandbreedte bronniveaus in dB(A) en dB(C), tijdstippen); gegevens verkeer en parkeren (treffen voorzieningen voor parkeren van voertuigen, beschikbaarheid parkeerplaatsen, tekst of kaart met beschrijving route/parcours, wedstrijd met voertuigen, wegafsluitingen, verkeersregelaars); verstrekken zwak alcoholhoudende drank (tijdstippen, gegevens leidinggevenden, kopieën verklaringen sociale hygiëne); situatieschets (exacte locatie, welke voorzieningen op welke locatie worden geplaatst, calamiteitenroutes en logistiek, vluchtroutes, parkeergelegenheid) met legenda; ontwerp bewonersbrief en voorstel verspreidingsgebied. Situatieschets van het evenemententerrein In de gemeente Diemen zijn geen terreinen gelegen die uitsluitend bestemd zijn voor het houden van evenementen. Per aanvraag zal daarom worden beoordeeld of de locatie uit een oogpunt van openbare orde en veiligheid geschikt is. De beoordeling door politie en brandweer vindt plaats op basis van de situatieschets (met de indeling van het terrein) die tegelijk met het aanvraagformulier aan de gemeente moet worden toegezonden. Deze situatieschets mag op zijn laatst twee weken (tien werkdagen) vóór de aanvang van het evenement nog worden gewijzigd. De situatieschets is een tekening van het evenemententerrein met legenda (schaal 1:100) waarop is aangegeven: waar verschillende objecten, voorzieningen (zoals EHBO-post), bakkramen, tenten en bouwwerken worden geplaatst (rekening houdend met een vrije doorgang voor hulpdiensten van 3,5 meter breed); waar de calamiteitenroutes en logistiek voor de hulpdiensten zich bevinden; waar de toe- en afvoer van bezoekersstromen gaat plaatsvinden en waar de vluchtroutes zijn; waar wordt voorzien in parkeergelegenheid. Uit de situatieschets moet blijken dat het evenement past op de betreffende locatie. Aanbevolen wordt om gebruik te maken van de voorbeeld tekening en voorbeeld legenda zoals opgenomen in de Leidraad opzetten veiligheidsplan evenementen gemeente Amsterdam d.d. mei
  34. Aanleveren aanvullende informatie Naast het ingevulde aanvraagformulier en de situatieschets van het evenemententerrein moet de organisator indien van toepassing nadere informatie verstrekken over: de constructie en indeling van te gebruiken tenten, podia en tribunes; certificaat van goedkeuring van kermisattracties en installatie voor bungeejumping; circus: een circus- of bouwboek en het speelschema van het afgelopen seizoen; braderie: het thema, het aanbod van waren binnen het thema en de omvang en wijze waarop amusement wordt aangeboden; veiligheidsplan indien in totaal (verdeeld over één of meer dagen) meer dan 2.000 bezoekers worden verwacht of uit een risicoanalyse is gebleken dat er kans bestaat dat (extra) inzet van de hulpdiensten nodig is; de wijze van beoordeling van de weersomstandigheden kan hiervan onderdeel uitmaken; natuuronderzoek: indien het evenement plaatsvindt in het buitengebied tijdens het broedseizoen (in ieder geval noodzakelijk tussen 15 maart en 15 juli). Hierna worden deze vijf onderwerpen nader toegelicht. Na een eerste beoordeling van de aanvraag kan aan de organisator worden verzocht (in verband met de aard en omvang van het evenement) om voor onderdelen van het evenement aanvullende informatie aan te leveren. Gaat het om de aanvraag voor een vechtsportevenement of zijn er andere omstandigheden dat de gemeente mag vermoeden dat sprake is van (financiële) betrokkenheid van de onderwereld, dan voert de gemeente een toetsing uit op grond van de Wet Bibob en dient de aanvrager een ingevulde vragenlijst Bibob aan te leveren. Ontbrekende en aanvullende gegevens worden altijd schriftelijk opgevraagd, onder vermelding van de maximale beantwoordingtermijn. Indien de gevraagde gegevens niet tijdig worden verstrekt, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen (artikel 4:5 lid 1 Awb). Gegevens van tenten, podia en tribunes Het is van belang dat tenten, podia en tribunes op de juiste wijze geconstrueerd zijn. Bij de constructieberekeningen wordt onder meer rekening gehouden met het aantal bezoekers, de ondergrond en de locatie van de te plaatsen objecten. Ook wordt gekeken naar de vluchtwegen. Tenten moeten voldoen aan NEN 8020-
  35. Als er gebruik wordt gemaakt van tenten, podia en/of tribunes moet de aanvrager altijd een indelingstekening van de tenten bij de aanvraag voegen. Op deze tekening (schaal 1:100) moet zijn aangegeven waar: objecten (zoals: tafels; stoelen; kramen; bars; decoratie) worden geplaatst; (nood)uitgangen te vinden zijn; veiligheidsvoorzieningen worden geplaatst, zoals: brandblussers; noodverlichting. De gemeente kan aanvullende informatie opvragen al naar gelang het evenement meer risico met zich meebrengt. Bijvoorbeeld een verklaring omtrent de constructie. In deze verklaring moet staan dat de constructie: van tenten waarin tijdens het evenement meer dan honderd personen verblijven; van tenten met een oppervlakte groter dan 100 m²; van tribunes; voldoet aan de norm NEN-EN 13782.3Er zijn normen om de veiligheid van tijdelijke constructies te garanderen. NEN-EN 13782 "Tijdelijke constructies - Tenten - Veiligheid" stelt eisen aan de constructie en beproeving van grotere tenten. Deze tenten worden onder meer gebruikt als circustent en voor muziekuitvoeringen, feesten, markten en manifestaties. Veiligheid met betrekking tot windbelasting en brandgevaar is dan van levensbelang. In de norm is vooral aandacht voor de stabiliteit onder invloed van windbelasting en zwaartekracht, de verankering aan de bodem en aan het toe te passen tentmateriaal. De norm geeft ook aan wanneer het bijhouden van een logboek is vereist en welke gegevens in dat logboek moeten worden bewaard. Daarnaast biedt NPR 8020-50 (en andere delen) richtlijnen voor verantwoordelijkheden rondom tijdelijke podiumconstructies. Iedere partij heeft zijn/haar eigen verantwoordelijkheid met betrekking tot het ontwerpen, bouwen, gebruiken en afbouwen van een tijdelijke podiumconstructie. In deze praktijkrichtlijn worden de verantwoordelijkheden en de verdeling daarvan beschreven. Wie bepaalt bijvoorbeeld wanneer een evenement wordt gestaakt? Bron: http://www.nen.nl/web/Normshop/Norm/Veiligheid-tijdelijke-constructies-waarborgen-metnormen.htm Kermisattracties en installatie voor bungeejumping Kermisattracties en/of een installatie voor bungeejumping op het evenemententerrein moet de exploitant aanmelden bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. Aan de vergunningverlener moet hij een Certificaat van Goedkeuring overleggen van de aangewezen keuringsinstantie. Circus In Diemen bestaat de mogelijkheid om twee keer per jaar op het parkeerterrein bij de sporthal Prins Bernhardlaan (met een oppervlakte van circa 1.900 m2) een circus te organiseren gedurende een periode van maximaal vijf dagen. Hiervoor gelden onderstaande aanvullende regels. Circussen mogen optreden wanneer er geen activiteiten plaatsvinden in de sporthal Prins Bernhardlaan, zodat het parkeerterrein beschikbaar is en bezet gehouden kan worden voor de tent en andere objecten van het circus (meestal aan het begin van de zomervakantie). Aangeraden wordt om een evenementenvergunning uiterlijk op 30 september van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de optredens plaatsvinden aan te vragen. Dan wordt voor 1 december de beslissing aan de circussen meegedeeld. De circussen zijn dan in staat om tournees voor te bereiden. Het aanvraagformulier voor de evenementenvergunning moet worden voorzien van een bijlage met een overzicht van plaatsen waar het afgelopen seizoen is gespeeld. Bij de keuze uit de aanvragen worden de volgende selectiecriteria gehanteerd: circussen die in de voorafgaande twee jaren een evenementenvergunning hebben gekregen, dingen voor het jaar daarop niet mee en worden terzijde gelegd, tenzij er onvoldoende aanvragen zijn ingediend; de periode waarvoor de aanvraag is ingediend is bepalend; circussen die een aanvraag voor de zomer schoolvakantie hebben ingediend, verdienen de voorkeur; beoordeling van het circus- of bouwboek en de andere gestelde eisen; het circus moet voldoen aan de gedragscode van de Vereniging Nederlandse Circus Ondernemingen (VNCO). De aanvrager moet altijd een zogenaamd circus- of bouwboek overleggen, waarin alle technische gegevens van de tent, installaties, stoelenplan, en dergelijke staan vermeld. Braderie Een braderie is een feestelijke activiteit in de open lucht waarbij ‘vermaak’ centraal staat. Deelnemende winkeliers, ambachtslieden, standwerkers en/of marktlui verkopen speciale waren die passen bij het thema. Er zijn spel-, circus- en/of kermisachtige attracties en/of er worden kunsten vertoond. Er kan door een (rondlopende) band live muziek ten gehore worden gebracht. Er moet derhalve een duidelijk onderscheid zijn ten opzichte van een gewone warenmarkt en sprake zijn van een hoogwaardige uitstraling. In een bijlage bij de aanvraag moet nadere informatie worden verstrekt over: het thema van de braderie (bijvoorbeeld gekoppeld aan een jaargetijde of feestperiode); het gevarieerde aanbod van speciale non-food goederen passend binnen het thema; de wijze waarop in voldoende mate (circa 30% van de verkoopoppervlakte) gratis amusement wordt aangeboden in de vorm van bijvoorbeeld ambachtslieden, standwerkers, spel-, circus- en/of kermisachtige attracties en/of (straat)artiesten. Blijkt uit de bijlage dat in onvoldoende mate aan deze eisen wordt voldaan, dan wordt de evenementenvergunning geweigerd in verband met onvoldoende kwaliteit van de woonomgeving (en kan de organisator bij B&W vergunning voor een warenmarkt aanvragen). Veiligheidsplan De organisator is primair verantwoordelijk voor de orde en de veiligheid van de bezoekers op het evenemententerrein en moet daarom zorgen voor voldoende toezicht. Als op basis van de risicoanalyse van de politie, brandweer, GHOR en/of organisator wordt verwacht dat de risico’s zodanig zijn, dat er kans bestaat dat (extra) inzet van de hulpdiensten nodig is, kan de burgemeester bepalen dat de organisator een veiligheidsplan moet opstellen. Voor de risicoanalyse kan gebruik worden gemaakt van de risicoanalysevragen die zijn opgenomen in de Handreiking veiligheid evenementen van de gemeente Amsterdam d.d. 19 mei
  36. Bij evenementen waar in totaal (verdeeld over één of meer dagen) meer dan 2.000 bezoekers worden verwacht is een goedgekeurd veiligheidsplan in beginsel altijd verplicht. In het veiligheidsplan staat welke maatregelen de organisator heeft genomen om de openbare orde, gezondheid en veiligheid tijdens het evenement te waarborgen en hoe wanordelijkheden en/of (voorzienbare) kleine incidenten worden bestreden. In het veiligheidsplan wordt geen uitputtende lijst van maatregelen opgenomen. De organisator blijft te allen tijde verantwoordelijk voor de veiligheid van de bezoekers en een ordelijk verloop van het evenement, ook als de gebeurtenis niet in het veiligheidsplan is voorzien. Bij grotere incidenten, waarbij de inzet van de hulpdiensten noodzakelijk is, treden de daarvoor bestemde plannen en procedures in werking en krijgt één van de hulpdiensten de leiding over het afhandelen van het incident. In het uiterste geval kan het gemeentelijk rampenplan in werking worden gesteld, in welk geval de burgemeester het opperbevel voert. Uiterlijk zes weken vóór het evenement moet de organisator, indien dit is vereist, het veiligheidsplan inleveren bij de vergunningverlener. Gebruik kan worden gemaakt van de Leidraad opzetten veiligheidsplan evenementen gemeente Amsterdam van mei
  37. Bij het opstellen van het plan kunnen de hulpdiensten adviseren. In dit veiligheidsplan geeft de organisator aan op welke wijze hij uitvoering heeft gegeven aan de voorschriften die betrekking hebben op de openbare orde, gezondheid en (brand)veiligheid en het voorkomen van wanordelijkheden. De vergunningverlener zal het veiligheidsplan om advies toezenden aan de politie, brandweer, GHOR en het team Bestuurlijke en Juridische Zaken van de gemeente. Mede op basis van de ingekomen adviezen kan de vergunningverlener aan de organisator opdracht geven om het veiligheidsplan aan te passen. Het vastgestelde veiligheidsplan maakt onderdeel uit van de evenementenvergunning. Voor het opstellen van het veiligheidsplan kan gebruik worden gemaakt van de Leidraad opzetten veiligheidsplan evenementen gemeente Amsterdam d.d. mei
  38. In het veiligheidsplan komen tenminste de volgende onderwerpen aan de orde: risicoanalyse en de inzet van medewerkers tijdens het evenement; de medische organisatie, technische hygiënezorg en alcohol- en drugspreventie; bereikbaarheid en mobiliteit (waaronder vervoermiddelen en parkeren); brandveiligheid; beveiliging en crowdmanagement (hoe om te gaan met aanvoer, verplaatsing en afvoer van grote bezoekersstromen en/of het aanwezig zijn van veel bezoekers op één plek); mogelijke crisisscenario’s (bijvoorbeeld: vechtpartij, paniek, ongeval, brand, bommelding, extreem weer) en ontruiming van het terrein; nauwkeurige tekening van het evenemententerrein (de schaal van de plattegrond kan afhankelijk van de omvang van het evenemententerrein variëren tussen 1:100 en 1:500). De vergunningverlener kan bepalen dat een ingehuurd beveiligingsbedrijf in samenspraak met de politie een beveiligingsplan opstelt. Dit beveiligingsplan maakt dan onderdeel uit van het veiligheidsplan. Weersomstandigheden De vergunningverlener beoordeelt of extreem weer voor een evenement een groot risico is en een grote impact heeft. Als dat zo is, wordt van de organisator verlangd: om in het veiligheidsplan een paragraaf op te nemen over weersextremen; om ruim vóór aanvang van het evenement een draaiboek weersextremen aan te leveren. In het draaiboek worden de volgende plichten van de organisator uitgewerkt: per weertype benoemen welke maatregelen er op welk moment genomen moeten worden en in hoeverre deze maatregelen voorbereid moeten worden (de hulpdiensten kunnen hun draaiboek hierop aanpassen); beschrijven hoe tot een oordeel wordt gekomen: een beoordelingsprocedure, waarbij in ieder geval wordt betrokken: wat een medische deskundige ervan vindt; zo nodig ook politie, brandweer en gemeente hierbij betrekken als in het kader van een bepaald scenario multidisciplinaire betrokkenheid gewenst of noodzakelijk is; de manier waarop, hoe vaak en door wie het weer in de gaten wordt gehouden; welke bron er wordt gebruikt (bijvoorbeeld: Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI), buienradar, weerstation van Schiphol). Natuuronderzoek In het buitengebied van Diemen is overwegend sprake van bos-, natuur- en weidevogelleefgebied. Uitgangspunt is dat de recreatieve waarde van het gebied moet worden versterkt. Dit kan ondermeer worden gerealiseerd door het toestaan van evenementen. Evenementen in het Diemerbos zijn ook van belang om inkomsten te genereren voor het in stand houden van het Diemerbos. Inkomsten komen vooral ten goede aan het beheer. De flora van een terrein, bijvoorbeeld een grasveld, kan ernstige schade oplopen bij intensief gebruik. De eigenaar van het terrein (dat zal in het buitengebied vrijwel altijd Staatsbosbeheer of Groengebied Amstelland zijn) zal het herstel van het terrein in de oorspronkelijke toestand moeten regelen met de organisator. In het buitengebied van Diemen komt de beschermde soort Rietorchis voor. Voorkomen moet worden dat deze plant wordt vertrapt. De fauna kan hinder ondervinden van de volgende activiteiten die gerelateerd zijn aan een (groot) muziek/dance festival: betreden van het evenemententerrein door bezoekers; geluid van activiteiten en optredens; verlichting van het evenemententerrein; verkeer van en naar het evenemententerrein; opbouw- en afbouwwerkzaamheden. In en rond het Diemerbos zijn diverse beschermde diersoorten aanwezig4Bureau Waardenburg bv d.d. 24 februari 2012, Natuuronderzoek voor windpark Diemen., zoals: kleine modderkruiper; rugstreeppad; ringslang; gewone en ruige dwergvleermuis (geen verblijf, alleen gebruik als foerageergebied); en circa veertig soorten broedvogels die deels op de rode lijst staan en die deels jaarrond beschermd zijn. Het broedseizoen (vanaf de paarvorming) verschilt per soort. Globaal duurt het broedseizoen van 15 maart tot 15 juli, maar soms vindt broeden ook eerder of later plaats. Staatsbosbeheer (voor de locaties 7, 8 en 9) en Groengebied Amstelland(voor de locaties 10 en 11) zorgen voor een basis natuurtoets (zie voor de ligging van deze locaties op bladzijde 18). Of aanvullend natuuronderzoek buiten de periode 15 maart tot 15 juli noodzakelijk is, blijft maatwerk. Op basis van de conclusies en aanbevelingen van (elders) uitgevoerd natuuronderzoek5Bureau Waardenburg bv d.d. 13 juli 2012, Effecten van dance festival Amsterdam Open Air op broedvogels. Oranjewoud d.d. 10 januari 2013, Toetsing deelgebieden Het Twiske. Van der Goes en Groot d.d. 2 mei 2014, Festival Chasing the Hihat in het Diemerbos, toetsing in het kader van de Flora- en faunawet. zijn in bijlage 2 algemene voorschriften opgenomen voor evenementen in het buitengebied. Deze algemene voorschriften zorgen voor een basisbescherming van flora en de fauna. Omdat er landelijk nog maar weinig onderzoek is uitgevoerd op de effecten van een muziek/dance festival op de natuur, kan het noodzakelijk zijn om de organisator te verplichten om een (aanvullend) natuuronderzoek te laten uitvoeren. In het rapport van het natuuronderzoek kan de deskundige (ecoloog) te treffen maatregelen voorstellen die afwijken van voornoemde algemene voorschriften en als maatwerkvoorschrift in de vergunning kunnen worden opgenomen. 4.2Beoordeling van de aanvraag De burgemeester toetst de aanvraag aan de weigeringgronden: openbare orde (inclusief zedelijkheid, zoals menselijke waardigheid en dierenwelzijn); openbare veiligheid (inclusief verkeersveiligheid, brandveiligheid en veiligheid van personen en goederen); volksgezondheid (inclusief het voorkomen van letsel of schade door bijvoorbeeld het gebruik van alcohol en/of drugs); bescherming van het milieu (inclusief hinder of schade voor de omgeving, zoals verkeershinder, geluidhinder, (zwerf)afval en schade voor de natuur). de inhoud of uitstraling van het evenement past niet binnen de kwaliteit, zoals het gebruik en uiterlijk aanzien, van de (woon)omgeving; tegen de organisator is in de afgelopen drie jaar een bestuurlijke sanctie genomen. Uiteraard wordt, voordat een vergunning wordt geweigerd, eerst geprobeerd om aan de vergunning zodanige voorschriften te verbinden dat deze zes belangen in voldoende mate worden beschermd. De gangbare voorschriften staan in bijlage
  39. Zedelijkheid of gezondheid Eén van de weigeringgronden is het belang van de zedelijkheid of gezondheid. Onder zedelijkheid wordt verstaan wat iedereen fatsoenlijk en goed gedrag vindt, gericht op bijvoorbeeld menselijke waardigheid en dierenwelzijn. Van sommige evenementen vindt de gemeente, dat ze vanwege hun karakter onder deze weigeringgrond vallen. De gemeente Diemen verleent daarom in beginsel geen vergunning voor: kooigevechten en daarmee vergelijkbare evenementen; zo’n evenement is geen sportwedstrijd en beschouwt de gemeente als een exponent van de verruwing van de maatschappij en daardoor in strijd met de goede zeden (ABRS 25-08-2000); evenementen waarbij dieren ter vermaak worden gebruikt en waarbij tevens de gezondheid van het dier gevaar kan lopen; de gemeente verleent alleen vergunningen aan circussen die zijn aangesloten bij de Vereniging van Nederlandse Circusondernemingen (VNCO). Advisering Gedurende de behandeltermijn van acht weken wordt door de vergunningverlener advies ingewonnen bij in ieder geval de politie en brandweer. Zij adviseren binnen twee weken na ontvangst van de adviesaanvraag. De gegeven adviezen worden in beginsel door de gemeente opgevolgd. Indien van toepassing vraagt de vergunningverlener ook advies aan: de verkeersmedewerker van team Ruimtelijk Beleid van de gemeente; het team Bestuurlijke en Juridische Zaken van de gemeente; het team Handhaving van de gemeente; het team Wijkbeheer van de gemeente; de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR); alle evenementen die vallen onder verzwarende omstandigheden (zie voor die criteria in paragraaf 5.1.2); de eigenaren van het perceel waarop het evenement gaat plaatsvinden, waaronder Staatsbosbeheer en Groengebied Amstelland; andere overheidsdiensten en/of buurgemeenten; de winkeliersvereniging indien de aanvraag een braderie bij het winkelcentrum betreft. Zienswijzen derde belanghebbenden De vergunningverlener moet derde belanghebbenden (zoals omwonenden en het bestuur van een winkeliersvereniging) in de gelegenheid stellen hun zienswijzen naar voren te brengen, als wordt verwacht dat zij tegen de vergunningverlening bedenkingen zullen hebben (artikel 4:8 Awb). De behoefte aan het volgen van zo’n inspraakprocedure zal in het algemeen toenemen naarmate de schaal van het evenement en de te verwachten effecten groter worden. Bij grote evenementen zal altijd sprake zijn van zo’n inspraakprocedure. Dan ligt de aanvraag gedurende vier weken ter inzage in het gemeentehuis. De belanghebbenden kunnen naar keuze schriftelijk of mondeling zienswijzen naar voren brengen. Indien nodig kan de termijn van vier weken worden verkort tot bijvoorbeeld twee weken. Voornemen tot weigering van een vergunning Voordat tot weigering van een evenementenvergunning kan worden besloten, wordt de organisator eerst in de gelegenheid gesteld om een zienswijze, schriftelijk of mondeling, naar voren te brengen (artikel 4:7 Awb). Dit gebeurt als de afwijzing gebaseerd is op gegevens over feiten en belangen, die de aanvrager betreffen en als deze afwijken van gegevens, die de aanvrager heeft verstrekt. Bij het uiteindelijke besluit wordt de zienswijze meegewogen. 4.3Besluit op de aanvraag en mogelijkheid van bezwaar Als een vergunning voor een evenement wordt verleend, wordt deze op de gebruikelijke wijze bekend gemaakt. Op dit moment worden gemeentelijke bekendmakingen geplaatst op de gemeentepagina in het Diemer Nieuws. De vergunning is in het gemeentehuis in te zien. De vergunningverlener stuurt een kopie van het besluit naar de indieners van zienswijzen en de adviserende diensten. De organisator is verplicht om omwonenden en belanghebbenden (zoals het bestuur van een winkeliersvereniging) tenminste een week van tevoren schriftelijk te informeren over het evenement. Omwonenden zijn in dit verband diegenen, waarvan redelijkerwijs mag worden aangenomen, dat ze hinder (zoals geluid- en parkeerhinder) kunnen ondervinden van het evenement. Een kopie van de informatie dient te worden toegezonden aan de vergunningverlener en team Communicatie van de gemeente. Als een vergunning voor een evenement wordt geweigerd, kan de aanvrager daar tot zes weken na bekendmaking bezwaar tegen maken bij de burgemeester. In het weigeringsbesluit wordt hierover nadere informatie verstrekt. Tegen een verleende vergunning kunnen belanghebbenden een bezwaarschrift indienen bij de burgemeester. Ook hier geldt een termijn van zes weken nadat het besluit op de voorgeschreven wijze bekend is gemaakt. Als in verband met de betrokken belangen spoed vereist is, kan - gelijktijdig met of na het indienen van een bezwaarschrift - aan de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam (Sector bestuursrecht) worden gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen. Met zo’n voorziening kunnen de gevolgen van de verleende vergunning worden opgeschort. De verzoeker is hiervoor griffierecht verschuldigd. 4.4Intrekking of wijziging van de vergunning De burgemeester kan de verleende vergunning intrekken of wijzigen (artikel 1:6 APV) indien: ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt; op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de vergunning intrekking of wijziging noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning of ontheffing is vereist; indien aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen; indien van de vergunning geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin gestelde termijn, dan wel, bij het ontbreken van een gestelde termijn, binnen een redelijke termijn; de vergunninghouder dit verzoekt. HOOFDSTUK5AAN VERGUNNINGEN TE VERBINDEN VOORSCHRIFTEN De burgemeester is bevoegd om de vergunning voor evenementen te weigeren of te verlenen en voorschriften en beperkingen te stellen aan de vergunning (artikel 174 Gemeentewet). De voorschriften en beperkingen worden afgestemd op de uitstralingseffecten. Soms zijn er standaard richtlijnen op basis van bijvoorbeeld het aantal te verwachten bezoekers. In andere gevallen zal sprake zijn van maatwerk. De organisator is eerstverantwoordelijk voor een veilig en ordelijk verloop van het evenement. De organisator moet: instaan voor de veiligheid van de bezoekers; de toestroom van het verkeer en het parkeren goed regelen; zorgen voor communicatie naar bezoekers, omwonenden en andere belanghebbenden; de overlast zoveel mogelijk beperken; bij de opbouw en afbouw en tijdens het evenement altijd aanwezig, bereikbaar en aanspreekbaar zijn (zelf of een door hem aangewezen leidinggevende vervanger). De organisator kan aansprakelijk worden gesteld voor tijdens het evenement veroorzaakte schade door onrechtmatige daad. In paragraaf 5.1 is de toelichting bij de algemene voorschriften verdeeld over de onderwerpen (de voorschriften zelf staan in bijlage 2): openbare orde en veiligheid; hygiëne en volksgezondheid; verkeer en vervoer; milieu: afval, geluid en natuur. Het hoofdstuk wordt afgesloten met de onderwerpen toezicht en handhaving, communicatie en evaluatie. 5.1Algemene voorschriften 5.1.1Openbare orde en veiligheid Het is verboden om bij een evenement de orde te verstoren (artikel 2:26 APV). De organisator van het evenement is in eerste instantie verantwoordelijk voor de orde en de veiligheid van de bezoekers op het evenemententerrein. Hij moet daarom zorgen voor voldoende toezicht (beveiligers en/of toezichthouders). De coördinator team Handhaving van de gemeente organiseert voorafgaand aan een groot evenement een uitvoeringsoverleg waar de taken en gebruik van bevoegdheden worden afgestemd tussen de verschillende partijen: de gemeentelijke handhavers, de politie, de organisator van het evenement en de door hem ingehuurde beveiligers en/of toezichthouders. In dit overleg worden ook de risicopunten besproken en hoe de vergunning wordt gehandhaafd. Tijdens het evenement moet de organisator of een door hem aangewezen leidinggevende altijd op het evenemententerrein aanwezig, bereikbaar en aanspreekbaar zijn. Hij is het aanspreekpunt voor aanwijzingen van de hulpdiensten. De organisator moet te allen tijde aanwijzingen van politie, brandweer, GHOR en gemeente opvolgen. Niet opvolgen van de aanwijzingen kan ertoe leiden dat de burgemeester het evenement stillegt (artikel 5.24 lid 5 Awb en artikel 175 Gemeentewet). Verlichting Voorafgaand aan een groot evenement wordt door team Wijkbeheer van de gemeente de openbare verlichting gecontroleerd en zo nodig in orde gebracht. De organisator kan worden verplicht om aanvullende verlichting aan te brengen. Indien de toegang tot een evenemententerrein en/of het evenemententerrein zelf onvoldoende is verlicht, wordt in de vergunning een begin- en/of eindtijdstip opgenomen dat overeenkomt met het tijdstip van zonsopgang en/of zonsondergang. Beveiliging/bewaking Afhankelijk van de aard van het evenement en de risicoanalyse kunnen vrijwilligers op het evenemententerrein het toezicht uitoefenen of huurt de organisator een (door de minister van Veiligheid en Justitie erkend) professioneel beveiligingsbedrijf in. Indien meer dan 2.000 bezoekers worden verwacht en/of een veiligheidsplan is opgesteld, worden in beginsel gecertificeerde beveiligers ingezet. De norm is dat er één beveiliger en/of toezichthouder op 250 gelijktijdig aanwezige bezoekers moet zijn. Op basis van ervaringsgegevens van het evenement (heeft het evenement wel of niet een verhoogd veiligheidsrisico?) kan de vergunningverlener hiervan afwijken. De bij de organisatie betrokken beveiligers, toezichthouders en andere vrijwilligers moeten goede instructie krijgen over de vluchtroutes vanaf het evenemententerrein, moeten bekend zijn met de aanrijroutes van de hulpdiensten en moeten zelf ook parkeren op de daartoe bestemde locaties. Brandveiligheid De algemene voorschriften in bijlage 2 worden in de evenementenvergunning opgenomen. Dit geldt alleen voor die voorschriften die van toepassing zijn op het evenement. Dus, als er geen tribunes zijn op een evenement, zijn de voorschriften voor tribunes uiteraard niet van toepassing. Bij sommige evenementen zal de brandweer specifieke voorschriften opstellen, die in de evenementenvergunning worden opgenomen. Als niet aan de voorschriften wordt voldaan, wordt er geen evenementenvergunning verstrekt of kan deze worden ingetrokken. Dan kan het evenement niet doorgaan. Het is daarom belangrijk dat de organisator van een evenement zich houdt aan de voorschriften. 5.1.2Hygiëne en volksgezondheid De gemeente maakt gebruik van adviezen van de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR). Voor evenementen tot 5.000 gelijktijdig aanwezige bezoekers zonder verzwarende omstandigheden wordt gebruik gemaakt van het standaard advies van de GHOR.6 Geneeskundige advisering bij Publieksevenementen, versie november 2014, van GHOR Amsterdam-Amstelland. Zijn er wel verzwarende omstandigheden dan zal de gemeente een maatwerkadvies vragen aan de GHOR. Verzwarende omstandigheden: maatwerkadvies Indien aan één of meer van onderstaande criteria wordt voldaan is sprake van verzwarende omstandigheden en wordt door de vergunningverlener een maatwerkadvies gevraagd aan de GHOR: er is sprake van een meerdaags evenement waarbij gebruik wordt gemaakt van tijdelijke huisvesting of tijdelijke kampeervoorziening; er wordt gebruik gemaakt van waterverneveling (bijvoorbeeld: douche; fontein; natmaken van bezoekers met een waterslang) of er worden zwem-, speel- of bubbelbaden op het evenemententerrein geplaatst; bij het evenement zijn (huis)dieren betrokken; tijdens het evenement worden tatoeages, inclusief permanente make-up, of piercings gezet (hiervoor is een vrijstelling van de vergunningsplicht nodig van de GGD); er wordt voedsel bereid buiten de reguliere horecavoorzieningen of in een uitbouw van een reguliere horecavoorziening; als het een Dance feest betreft of de verwachting bestaat dat sprake zal zijn van bovenmatig alcohol- en/of drugsgebruik; als bij het evenement veel mensen worden verwacht met een slechte mobiliteit; het evenement is gericht op mensen die een zware fysieke inspanning gaan leveren; omgevingsfactoren brengen extra risico’s met zich mee (bijvoorbeeld: activiteit voor kinderen bij open water; activiteit in de buurt van een risicobedrijf); het ruimtelijk profiel van het evenemententerrein brengt extra risico’s met zich mee (bijvoorbeeld: moeilijke toegankelijkheid; uitgestrektheid; meerdere podia); er ontstaat een beperking in de hulpverleningscapaciteit voor omwonenden (bijvoorbeeld door afsluiting van een aanrijroute); er worden meer dan 5.000 gelijktijdig aanwezige bezoekers verwacht. Standaardadvies Het standaardadvies bestaat uit vier onderdelen: in te zetten eerstehulpverleners; inrichting van een EHBO-post en de bereikbaarheid daarvan; hygiënezorg (drinkwater, toiletten, horeca, afval); weersomstandigheden. In te zetten eerstehulpverleners De algemene regel van één eerstehulpverlener per 1.000 gelijktijdig aanwezige bezoekers, met een minimum van twee eerstehulpverleners, is komen te vervallen. Van geval tot geval moet worden afgewogen of en zo ja, hoeveel eerstehulpverleners van een bepaald deskundigheidsniveau aanwezig moeten zijn. De drie deskundigheidsniveaus zijn: BLS (Basic Life Support) niveau betreft de reguliere hulpverlener die in staat is om generieke basishulp zonder specifieke hulpmiddelen te leveren. Een AED (Automatische Externe Defibrillator) dient standaard aanwezig te zijn. Voor de noodzakelijke expertise wordt gerefereerd aan het Oranje Kruisboekje. BLS+ (Basic Life Support+) niveau betreft hulpverleners die ook zicht hebben op het totale klinische beeld van de patiënt. Dit zijn basisartsen, verpleegkundigen met recente ervaring op spoedeisende hulpverlening, IC of CCU. De extra deskundigheid maakt het mogelijk om met dezelfde hulpmiddelen de handelingsvaardigheid te vergroten en/of specifieke klinische beelden te onderkennen. ALS (Advanced Life Support) niveau dient op basis van het Landelijk Protocol Ambulancezorg geboden te worden door bevoegd en bekwaam personeel van een zorginstelling met de beschikking over ALS instrumentarium. Dit niveau is aanwezig voor hoog complexe hulpvragen en zicht op het totale klinische beeld van de patiënt. Tevens dienen zij als professionele ondersteuners van de BLS hulpverleners. De eerstehulpverleners: dienen duidelijk herkenbaar te zijn; dienen met uitzondering van het ALS-personeel, allen in het bezit te zijn van een geldig E.H.B.O.-diploma, inclusief aantekening reanimatie en AED bediening; de GGD/GHOR heeft te allen tijde het recht om het medisch personeel te controleren; die ingezet worden als ALS-hulpverlener dienen ingeschreven te zijn in het BIG-register; de GGD/GHOR heeft te allen tijde het recht om het medisch personeel te controleren; die ingezet worden als ALS-hulpverleners dienen bevoegd en bekwaam te zijn om hulpverleningen uit te voeren op ALS-niveau (Advanced Life Support cf. LPA 8.0), onder de verantwoordelijkheid van een medisch manager; dienen een kopie van hun diploma’s en/of registratie bij zich te hebben en desgewenst te kunnen tonen; dienen bij dancefeesten gespecialiseerd te zijn in drugshulpverlening. Vanaf een half uur voor aanvang tot een uur na einde van het evenement dient de medische hulpverleningsorganisatie aanwezig en operationeel te zijn. Na afloop van het evenement dient de evenementorganisatie of de EHBO-organisatie de registratie van de hulpverlening ter beschikking te stellen aan de GHOR: evenementenadvies@ghorasd.nl inrichting van een EHBO-post en de bereikbaarheid daarvan Op het evenemententerrein dient in beginsel minimaal één EHBO-post aanwezig te zijn. Deze moet aan diverse voldoen die in de voorschriften in bijlage 2 zijn opgenomen. De organisator zorgt ervoor dat alle betrokkenen weten waar de EHBO-post geplaatst is. Voor ambulances dient de EHBO-post te allen tijde goed bereikbaar te zijn. Hierbij is van belang dat een vrije aan- en afvoerroute aanwezig blijft. Indien de ondergrond onverhard is, zijn aanpassingen (bijvoorbeeld met behulp van rijplaten) een voorwaarde. De aan- en afvoerroute van de EHBO-post dient tevens aan te sluiten op de calamiteitenroute. In het veiligheidsplan van de organisatie dient deze calamiteitenroute duidelijk te zijn aangegeven door middel van een tekening en een beschrijving van de route. De calamiteitenroute mag geen onderdeel zijn van een ontruimingsplan om tegengestelde verkeersstromen te voorkomen. De calamiteitenroute dient altijd vrij gehouden worden ten behoeve van de nood- en hulpdiensten. Bij medische spoed kan via het landelijke alarmnummer 112 ambulancehulpverlening aangevraagd worden. Voor intercollegiaal overleg of aanvragen van minder spoedeisend vervoer, kan gebeld worden met de Meldkamer Ambulancezorg (MKA) op 088-
  40. Voor aanvang van het evenement kan de leidinggevende van de medische hulpverleningsorganisatie zich tevens inmelden via dit nummer bij de MKA. hygiëne zorg (drinkwater, toiletten, horeca, afval) Tijdens het evenement bestaat het risico voor overdracht van infectieziekten ten gevolge van een slechte hygiëne. Ten aanzien van technische hygiënezorg worden door het LCHV te nemen maatregelen aanbevolen. (Tijdelijke) drinkwatervoorziening Sommige terreinen hebben bestaande voorzieningen, maar het kan ook voorkomen dat er tijdelijke drinkwatervoorzieningen geplaatst moeten worden die na het evenement weer verwijderd worden. De regels waaraan moet worden voldaan zijn opgenomen in de voorschriften in bijlage
  41. Sanitaire voorzieningen De algemene regel van één toilet per 150 gelijktijdig aanwezige bezoekers is komen te vervallen. Van geval tot geval moet worden afgewogen hoeveel toiletten aanwezig moeten zijn. Factoren die van belang zijn voor het bepalen van het benodigde aantal toiletten zijn: het aantal te verwachten bezoekers; de samenstelling van het publiek (mannen/vrouwen/jeugd); de gemiddelde verblijfstijd (dagevenement of meerdaags evenement); het soort evenement (vanwege het gedragspatroon); het type toiletten (toiletten op waterspoeling of mobiele toiletten) dat wordt gebruikt; de verwachte piekdrukte (bijvoorbeeld showpauzes); het consumptieve gedrag (wordt er veel gedronken?). In de voorschriften in bijlage 2 is opgenomen waaraan toiletten moeten voldoen. Horeca Op veel publieksevenementen zijn tijdelijke eetgelegenheden aanwezig. De organisator is vanuit het Warenwetbesluit wettelijk verplicht maatregelen te nemen die de kans verkleinen dat medewerkers en bezoekers ziek worden van bedorven eten en drinken. In hygiënecodes staan voedselveiligheidsmaatregelen die voor alle stadia van voedselverwerking gelden: van het kopen of ontvangen tot het bewaren, het bereiden en het serveren van eten en drinken. Hygiënecodes zijn een praktische uitwerking van de HACCP (Hazard Analysis Critical Control Points; een systeem om de voedselveiligheid te beheersen). Met behulp van een goedgekeurde hygiënecode kan de organisator voldoen aan de wettelijke voorschriften van voedselveiligheid. Voorbeelden van goedgekeurde en veelgebruikte hygiënecodes op evenementen zijn de Hygiënecode voor de horeca en de Hygiënecode voor de contract- en inflightcatering. Een overzicht van alle goedgekeurde hygiënecodes staat op de website van de toezichthouder, de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit: www.nvwa.nl. De hygiëneadviseur van de GGD heeft een signalerende functie. Bij de aanvraag om een evenementenvergunning moet worden vermeld welke hygiënecode tijdens het evenement wordt gebruikt. Bepaal volgens welke hygiënecode(s) er op uw locatie wordt gewerkt. Zorg dat de gekozen code alle voedselprocessen tijdens het evenement dekt. Zorg dat iedereen die betrokken is bij voedselprocessen volgens de gekozen hygiënecode werkt. Afval Afval kan een bron van ziektekiemen zijn. Bovendien trekt afval dierplagen aan. Daarom moet de opslag en afvoer van afval aan bepaalde eisen voldoen. Leeg afvalemmers voldoende vaak, maar minstens één keer per dag. Sluit de zakken goed en bewaar ze in gesloten afvalcontainers op een aparte afvalplaats. Houd de opslagplaats schoon, zodat er geen ratten of andere plaagdieren op af komen. Plaats geen afval naast afvalcontainers. Zorg dat het afval wordt opgehaald voordat de (laatste) container overvol is. Verschoon damesverbandcontainers in de damestoiletten dagelijks. Worden de containers geleegd door een leverancier? Spreek dan een geschikte termijn af. Verzamel dierlijke afvalstoffen, zoals mest, gescheiden van het overige afval en zorg dat bezoekers hier niet mee in aanraking komen. In de voorschriften in bijlage 2 zijn de eisen opgenomen. weersomstandigheden De organisator dient de dag voorafgaand aan het evenement en op de dag zelf te zorgen voor een oordeel over de vraag of het, gezien de (weers)omstandigheden, verantwoord is om het evenement te laten starten of voort te zetten. Voor een meerdaags evenement geldt dit voor elke dag. Indien van toepassing wordt gebruik gemaakt van de beoordelingsprocedure uit het draaiboek weersomstandigheden (zie paragraaf 4.1). Bij een dreigende situatie is het van belang dat de organisatie tijdig afstemt met de hulpdiensten over te nemen beslissingen. Denk hierbij aan het organiseren en bieden van handelingsperspectieven, het stilleggen, beëindigen of ontruimen van het evenement. De coördinator team Handhaving van de gemeente wijst iemand aan die namens de gemeente proactief het weer monitort. Indien de organisator geen maatregelen treft bij extreem weer, is de burgemeester bevoegd om het evenement stil te leggen. 5.1.3Verkeer en vervoer Evenementen hebben invloed op het verkeer vanwege parkeerdrukte maar ook omdat de locatie van een evenement doorgaande wegen kan betreffen die hiertoe afgezet moeten worden. Tijdens evenementen moeten belangrijke bestemmingen bereikbaar blijven. Parkeren Bij evenementen met veel toeschouwers kunnen auto’s zorgen voor parkeerproblemen. Per activiteit wordt nagegaan of en in hoeverre parkeeroverlast tot verkeershinderlijke of verkeersonveilige situaties leidt. Zo nodig moet een parkeerplan worden opgesteld. De organisator van een activiteit op het parkeerterrein Muiderstraatweg bij ingang Diemerbos dient voor voldoende (tijdelijke) parkeerplaatsen te zorgen. De organisator van een activiteit op een ander dan bovenstaand terrein dient het publiek te informeren over bereikbaarheid met het openbaar vervoer. Ook moet het publiek gestimuleerd worden om lopend of met de fiets te komen. In geval van ernstige overlast door fout geparkeerde fietsen kan de gemeente de organisator verplichten om vrijwilligers in te zetten om fietsers te verwijzen naar de fietsparkeergelegenheden. Afsluiten van wegen en overige verkeersmaatregelen Voor evenementen kunnen wegen of weggedeelten in sommige gevallen op verzoek van een organisator tijdelijk worden afgesloten. Afsluiting van een weg ten behoeve van een evenement kan in elk geval niet plaatsvinden, indien de verkeersveiligheid en/of doorstroming van het verkeer in het geding is, bijvoorbeeld: als gevolg van tijdelijke situaties (reconstructies wegen); als er geen redelijk alternatief is voor doorgaand verkeer, hulpdiensten of het openbaar vervoer. Bij de beslissing om al dan niet wegen af te sluiten worden uitdrukkelijk alle betrokken belangen meegewogen. Hieronder vallen zowel de belangen van de organisator van een evenement als die van aanwonenden, ondernemers en/of andere instanties uit de betreffende straat en/of de omgeving. Uitgangspunten zijn: afsluiten van straten met enige omvang met als gevolg een omleiding over straten die hiervoor niet geschikt zijn, is in verband met de verkeersveiligheid en overlast voor bewoners niet gewenst; alle locaties/panden in het af te sluiten gebied moeten voor de hulpdiensten voldoende bereikbaar zijn; grote verkeersaders en gebiedsontsluitingswegen zullen daarom in beginsel niet worden afgesloten, tenzij op andere wijze de bereikbaarheid voor de hulpdiensten is gegarandeerd; brandkranen en waterwinpunten dienen te allen tijde bereikbaar te zijn; in het geval van het bezet houden van het trottoir, waardoor voetgangers gedwongen zijn de weg over te steken of op het fietspad of de rijbaan te lopen, dienen er (oversteek) voorzieningen voor voetgangers te worden getroffen; verkeersveiligheid kan een reden zijn om de organisator een verkeersplan te laten opstellen; De organisator zorgt in ieder geval, dat: bewoners, bedrijven en instellingen tenminste een week voorafgaand op de hoogte worden gesteld van een afzetting (van een straat en/of parkeerterrein); de doorgaande routes voor hulpdiensten vrij zijn van auto’s, wegafzettingen en andere obstakels. Indien nodig worden voertuigen conform de Wegsleepverordening Diemen door de gemeente verwijderd. Verkeersregelaars Bij activiteiten op de openbare weg waarbij het verkeer voor de veiligheid van de deelnemers en de weggebruikers geregeld moet worden, zijn verkeersregelaars vereist. De Regeling Verkeersregelaars 2009 is hierop van toepassing. Er zijn drie soorten verkeersregelaars: (beroeps)verkeersregelaar; evenementenverkeersregelaar voor bepaalde tijd (art. 3, lid 5 regeling verkeersregelaars 2009); eenmalige evenementenverkeersregelaar (art. 3, lid 4 regeling verkeersregelaars 2009). Een eenmalige evenementenverkeersregelaar: wordt voor dat evenement aangesteld; moet door middel van e-learning een standaardinstructie hebben gevolgd bij de Stichting Verkeersregelaars Nederland; is tenminste 16 jaar7Let op de nadere voorwaarden van artikel 13 regeling verkeersregelaars ten aanzien van minderjarigen: zij worden slechts ingezet op wegen waar in het algemeen niet sneller wordt gereden dan 50 km per uur en indien ter plaatse bij duisternis of slecht zicht voldoende openbare straatverlichting aanwezig is. oud; is in het bezit van een instructieverklaring van de politie waaruit blijkt dat de standaard instructie is gevolgd. Per evenement kan worden volstaan met één algemeen aanstellingsbesluit met een groslijst met personalia. De eenmalige evenementenverkeersregelaar ontvangt dus geen aanstellingspas. Een evenementenverkeersregelaar voor bepaalde tijd wordt aangewezen voor een periode van maximaal twaalf maanden en kan worden ingezet bij evenementen die in die periode plaatsvinden. De evenementenverkeersregelaar voor bepaalde tijd heeft een uitgebreide theoretische instructie gevolgd en ontvangt een aanstellingscertificaat. Voor de duur van hun aanstelling dienen verkeersregelaars verzekerd te zijn tegen wettelijke aansprakelijkheid. Het bedrag waarvoor verzekerd is, moet ten minste even hoog zijn als de som waarvoor de wettelijke aansprakelijkheidsverzekering, bedoeld in de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen, ten minste moet zijn gesloten. Volgens het Burgerlijk Wetboek wordt de organisator beschouwd als werkgever met de daaraan verbonden verantwoordelijkheden zoals risicoaansprakelijkheid. Ook de verkeersregelaars vallen daaronder. Iedere organisator van een evenement wordt daarom geadviseerd zorg te dragen voor een evenementenverzekering waarin het regelen van het verkeer door verkeersregelaars expliciet is opgenomen. Bij de uitoefening van hun taak dienen verkeersregelaars duidelijk herkenbaar te zijn. Evenementenverkeersregelaars oefenen hun taak uit onder direct toezicht van de politie. Plaatsen van borden Voor het plaatsen van borden op de openbare weg is toestemming nodig van de wegbeheerder. Voor rijkswegen geeft Rijkswaterstaat de toestemming, voor provinciale wegen de provincie, en voor gemeentelijke wegen de gemeente. Het Besluit Algemene Bepalingen Wegverkeer (BABW) geeft regels over het plaatsen van borden. Er zijn twee soorten borden: verwijzingsborden en verbodsborden. In beginsel worden de borden door de gemeente geplaatst. De kosten van het plaatsen van de borden kan de wegbeheerder verhalen op de organisator van het evenement. De materialen die benodigd zijn voor het treffen van verkeersmaatregelen (zoals afzettingen) kunnen tegen betaling van een borgsom of vergoeding worden geleend bij het team Wijkbeheer van de gemeente. Wanneer er niet voldoende materialen beschikbaar zijn bij het team Wijkbeheer dient de organisator (op eigen kosten) zelf zorg te dragen van aanschaf of huur van materialen. Bij schade of vermissing van de geleende materialen worden de kosten daarvan in rekening gebracht bij de organisator. Indien nodig worden conform de Wegsleepverordening Diemen voertuigen door de gemeente verwijderd. 5.1.4Milieu: afval, geluid en natuur Milieuzorg is belangrijk bij het organiseren van een evenement. Eventuele overlast voor omwonenden, bedrijven en de natuur moet zoveel mogelijk worden beperkt. Daarnaast is het beperken van afval en het gescheiden inzamelen van afval van belang. Afval Tijdens een evenement in de buitenlucht of in een tent moeten dranken in kunststof (plastic) bekers worden verstrekt. In verband met de gescheiden inzameling en hergebruik van plastic verdient het aanbeveling om voor koude en warme dranken dezelfde soort beker te gebruiken. Indien het voorkomen van onnodig afval daartoe aanleiding geeft, kan de vergunningverlener voorschrijven dat voor te verstrekken bekers een statiegeld moet worden geheven. Tijdens het evenement dienen voldoende afvalbakken op het evenemententerrein aanwezig te zijn. De organisator van het evenement is verantwoordelijk voor het schoon opleveren van het evenemententerrein. Direct na afloop van het evenement moet het terrein worden schoongemaakt, waarbij het afval zoveel mogelijk moet worden gescheiden. Wordt dit nagelaten dan zorgt de gemeente voor opruim- en schoonmaakwerkzaamheden op kosten van de organisator. Geluid van inrichtingen (zoals horecabedrijven) Voor het geluid van type A en type B inrichtingen gelden de eisen die zijn opgenomen in het Activiteitenbesluit milieubeheer. Voor collectieve en maximaal zes incidentele festiviteiten kan van die normen worden afgeweken (artikelen 4.2 en 4.3 APV). Een aanvraag om een evenementenvergunning wordt, indien van toepassing, tevens aangemerkt als een kennisgeving van een incidentele festiviteit. Bij collectieve en gemelde incidentele festiviteiten zijn onderstaande, hogere geluidsnormen op grond van de APV toegestaan: het equivalente geluidsniveau LAeq veroorzaakt door de festiviteit bedraagt niet meer dan 70 dB(A) gemeten op de gevel van geluidsgevoelige gebouwen op een hoogte van 1,5 meter; bij collectieve festiviteiten geldt ook een maximaal geluidsniveau van 80 dB(A); deze geluidswaarden zijn inclusief onversterkte muziek en stemgeluid en exclusief 10 dB(A) toeslag vanwege de correctie voor duidelijk herkenbaar muziekgeluid; het ten gehore brengen van muziek dient te worden beëindigd op de hierna genoemde tijdstippen: zondag tot en met donderdag uiterlijk om 23.30 uur; vrijdag en zaterdag uiterlijk om 0.30 uur; feestdagen waarbij de volgende dag een gewone werkdag is uiterlijk om 23.30 uur; zondag en/of feestdagen waarbij de volgende dag geen werkdag is uiterlijk om 0.30 uur. Geluid bij evenementen in de open lucht Voor het geluid bij evenementen in de open lucht gelden speciale regels (artikel 4:6 leden 5, 6 en 7 APV). Bij evenementen als bedoeld in artikel 2:25 geldt een maximum geluidsniveau op de gevel van woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen van: in de bebouwde kom: voor kleine en middelgrote evenementen LAeq 60 dB(A) en 70 dB(C); voor middelgrote en grote evenementen waarbij het ten gehore brengen van muziek het hoofddoel is LAeq 70 dB(A) en 80 dB(C); in het buitengebied: voor kleine en middelgrote evenementen LAeq 60 dB(A) en 60 dB(C); voor middelgrote en grote evenementen waarbij het ten gehore brengen van muziek het hoofddoel is gedurende maximaal vier dagen, verdeeld over twee weekenden, LAeq 60 dB(A) en 79 dB(C) en gedurende maximaal vier dagen, verdeeld over twee weekenden, LAeq 65 dB(A) en 83 dB(C). Deze geluidswaarden zijn inclusief onversterkte muziek en stemgeluid. Metingen worden gedurende vijf minuten uitgevoerd volgens de Handleiding meten en rekenen industrielawaai; daarbij wordt het volgende buiten beschouwing gelaten: een bedrijfsduurcorrectie voor muziekgeluid (Cb); een meteocorrectie (Cm); de gebruikelijke meteoraamcondities; 10 dB(A) toeslag vanwege de correctie voor duidelijk herkenbaar muziekgeluid. De geluidsniveaus mogen worden voortgebracht vanaf 09.00 uur, op zondag vanaf 13.00 uur, tot uiterlijk 23.30 uur in de bebouwde kom en tot uiterlijk zonsondergang in het buitengebied. De burgemeester kan in bijzondere omstandigheden afwijken, waaronder nadere eisen stellen, van de geluidsnormen en de eindtijden. Toelichting In algemene zin geldt bij kleine en een deel van de middelgrote evenementen als norm 60 dB(A). Ter vergelijking: een normaal gesprek of de televisie komen uit op 50-55 dB(A) en rustig pianospel op 70 dB(A). Bebouwde kom De normen in de bebouwde kom voor middelgrote en grote evenementen waarbij het ten gehore brengen van muziek het hoofddoel is, komen overeen met de normen voor collectieve festiviteiten (uit artikel 4:2 APV). Voor de kleine en andere middelgrote evenementen in de bebouwde kom geldt een strengere norm om de hinder voor omwonenden te beperken. Buitengebied De norm voor het buitengebied is strenger omdat het geluid daar op veel grotere afstand hoorbaar en hinderlijk is voor zowel mens als dier. De organisator moet bij de aanvraag aangeven binnen welke bronvermogens het festival wordt georganiseerd. Wordt een te hoog bronvermogen aangevraagd om de norm te kunnen halen, dan zal de vergunning geweigerd moeten worden. Voor kleine en andere middelgrote evenementen in het buitengebied geldt een strengere norm voor de dB(C). Dit om een al te hoog bronvermogen, gegeven de vaak grote afstand tot woningen, te voorkomen. Zondag Voor evenementen die op zondag plaatsvinden geldt dat het nooit is toegestaan om voor 13.00 uur geluid te produceren dat op een afstand van meer dan 200 meter van de geluidsbron hoorbaar is. Voor de periode vanaf 13.00 uur geldt het verbod ook maar kan de burgemeester op grond van artikel 3, lid 3 van de Zondagswet ontheffing verlenen. Afwijken van de normen De burgemeester kan in bijzondere omstandigheden afwijken van de normen. Dit gebeurt al vele jaren voor het Diemer Festijn waar sprake is van een zeer korte afstand tussen de woningen en het evenemententerrein. Als daar geen hogere waarden worden vergund, kan het evenement niet plaatsvinden. De burgemeester kan ook nadere eisen stellen. Bijvoorbeeld het beperken van begin- en eindstippen en/of het beperken van het geluidsniveau op bepaalde locaties, dagen en tijdstippen. Handhaving geluidsnormen Het voldoen aan de geluidsvoorschriften in de evenementenvergunning (zoals het geluidsniveau en de eindtijden) is een taak van de organisator. Tijdens de schouw voorafgaande aan de start van het evenement wordt in het bijzonder aandacht besteed aan de opstelling van de geluidsbronnen; afhankelijk van de windrichting kan het bijstellen (andere richting of lager geluidsniveau) van de geluidsbronnen noodzakelijk zijn. Tijdens het evenement dient de organisator een logboek van het geluid bij te houden, waarin is opgenomen: het tijdstip, de plaats en met welk instrument de geluidmeting is uitgevoerd, de meetwaarden en of het volume van de geluidinstallatie is bijgesteld of niet. Het voldoen aan de geluidsvoorschriften wordt ook gecontroleerd door team Handhaving van de gemeente. Voorbeeld van toezicht en handhaving van geluidsnormen. Overschrijdingen van 1 of 2 dB(A) of dB(C) krijgen geen vervolg omdat de meetonzekerheid zodanig is dat bij deze waarden niet met zekerheid gesteld kan worden dat er daadwerkelijk sprake is van een overschrijding van de gestelde norm. Bij een overschrijding van 3 tot en met 5 dB(A) of dB(C) worden de organisator en geluidtechnicus gewaarschuwd zodat er direct maatregelen genomen moeten worden om het geluidsniveau te herstellen. Hierdoor wordt de organisator in de gelegenheid gesteld weer te voldoen aan de geluidsnormen. Mocht er tijdens een (meerdaags) evenement meer dan twee keer een dergelijke overschrijding plaatsvinden, dan zal de organisator een aanschrijving ontvangen van de geconstateerde overtreding. Hierin wordt aangegeven dat bij een volgend evenement en een zelfde soort overtreding door de burgemeester bestuursrechtelijk kan worden opgetreden, door middel van een last onder dwangsom of een bestuurlijke boete. Bij een overschrijding van 6 of meer dB(A) of dB(C) worden de organisator en geluidtechnicus gewaarschuwd zodat er direct maatregelen genomen moeten worden om het geluidsniveau te herstellen. Mocht er tijdens een (meerdaags) evenement meer dan twee keer een dergelijke overschrijding plaatsvinden, dan ontvangt de organisator van de gemeente een brief met een last onder dwangsom. Tegelijkertijd zal een proces-verbaal worden opgesteld door de buitengewoon opsporingsambtenaar van de gemeente of de politie. Natuur De algemene voorschriften in bijlage 2 voor een evenemen

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.