Treasurystatuut gemeente Zeewolde 2023De raad van de gemeente Zeewolde, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 17 januari 2023; gehoord de commissie Bestuur, Ruimte en Samenleving d.d. 9 februari 2023; gelet op de gemeentewet, art. 212, wet financiering decentrale overheden (Wet Fido), de regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo), de uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden (Ufdo), het besluit leningvoorwaarden decentrale overheden; gelet op de financiële verordening gemeente Zeewolde 2017; Besluit vast te stellen het treasurystatuut gemeente Zeewolde 2023 inclusief de bijlagen die onderdeel uitmaken van dit statuut. Visie Gemeente Zeewolde streeft naar regie op de gemeentelijke uitgaven en inkomsten resulterend in een optimale financiering (op korte en lange termijn) in geldstromen. Daarbij wordt geopereerd binnen de wettelijke en gemeentelijke vastgestelde kaders. Om de treasuryfunctie goed uit te voeren, wordt gekeken naar de meerjarige liquiditeitsontwikkeling van de gemeente en de renteontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt in Nederland. De treasuryfunctie wordt financieel risicomijdend uitgevoerd. Gemeente Zeewolde geeft waar het kan invulling aan duurzaam (ethisch) bankieren. Op het gebied van reputatie en imago stelt gemeente Zeewolde eisen aan de organisaties en instellingen, waarmee het zaken doet. Gemeente Zeewolde stelt bij de treasuryfunctie bestuurlijke en ambtelijke integriteit voorop. Doelstellingen en uitgangspunten Artikel1.Doelstellingen treasuryfunctie 1.Een risicomijdende uitvoering van de Treasuryfunctie binnen de kaders van de hiervoor, onder juridische samenhang, aangehaalde wet- en regelgeving; 2.Het hebben van regie op de gemeentelijke uitgaven en inkomsten; 3.Het verzekeren van een duurzame toegang tot de financiële markten tegen acceptabele condities; 4.Het tijdig aantrekken van voldoende financieringsmiddelen om het in de jaarlijkse begroting vastgelegde beleid te kunnen uitvoeren (beschikbaarheid); 5.Het beheersen van de risico’s verbonden aan de treasuryfunctie (risicominimalisatie); 6.Het beperken van de rentekosten van leningen en het bereiken van voldoende rendement op overtollige middelen (rente-optimalisatie); 7.Het beperken van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities (kostenminimalisatie). Artikel2.Algemene uitgangspunten deelnemingen Deelnemingen worden alleen aangegaan in het kader van de uitoefening van de publieke taak, passend binnen het gemeentelijk beleid. Artikel3.Algemene uitgangspunten verstrekken leningen en garanties Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten: Leningen en garanties worden uitsluitend verstrekt in het kader van de publieke taak, passend binnen het gemeentelijk beleid. Vooraf wordt onderzoek gedaan naar de financiële positie, de kredietwaardigheid en de reputatie van de betrokken partij; Leningen en garanties worden niet verstrekt voor het afdekken van exploitatietekorten; De gemeente verstrekt uitsluitend leningen en garanties na goedkeuring door de gemeenteraad en alleen wanneer er geen eigen waarborgfonds voor de betreffende categorie bestaat waarnaar doorverwezen kan worden; Een garantie heeft de voorkeur boven een lening; Bij het verstrekken van leningen en garanties in het kader van de publieke taak worden zoveel mogelijk zekerheden geëist. Voorkeur gaat daarbij uit naar zekerheidstelling in de vorm van 1e recht van hypotheek. Artikel4.Algemene uitgangspunten uitzetten van gelden en aantrekken van gelden 1.De gemeente kan middelen uitzetten uit hoofde van de treasuryfunctie indien deze uitzettingen een prudent karakter hebben en niet zijn gericht op het genereren van inkomen. Het prudente karakter van deze uitzettingen wordt gewaarborgd door middel van de richtlijnen en limieten van dit treasurystatuut; 2.Op het gebied van integriteit is evenals bij het Inkoopbeleid ISNV de “Handreiking integriteit 2021” (zie: https://vng.nl/nieuws/handreiking-en-modelgedragscodes-integriteit-2021) de leidraad. Aan deze gedragscode liggen de vier kernwaarden zakelijk fatsoen, deskundigheid en objectiviteit, vrije mededinging en duurzaamheid ten grondslag; 3.De gemeente hanteert het concept van integrale (of totaal-)financiering. Bij een beslissing tot (vaste) financiering wordt gekeken naar de financieringspositie van de gemeente in totaliteit; 4.Bij het risicobeheer wordt gestreefd naar beperking van het renterisico op de lange en korte schuld. De kasgeldlimiet en de renterisiconorm worden niet overschreden conform de Wet Fido (renterisico); 5.Om renterisico’s te beperken en het renteresultaat te optimaliseren wordt het aantrekken van externe financieringsmiddelen zoveel mogelijk beperkt, primair worden de beschikbare interne financieringsmiddelen aangewend (liquiditeitenrisico); 6.Uitzettingen worden alleen gedaan als de hoofdsom op einddatum is gegarandeerd (koersrisico); 7.De gemeente beperkt de koersrisico’s op uitzettingen door daarbij uitsluitend de volgende producten te hanteren: schatkistbankieren en onderhandse leningen (koersrisico); 8.Valutarisico’s worden uitgesloten door alleen financieringen en uitzettingen aan te gaan in euro’s (valutarisico); 9.Het gebruik van (financiële) derivaten is niet toegestaan; 10.De omvang en de looptijd van nieuwe financieringen en uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie, de liquiditeitsplanning en de rentevisie; 11.De rentevisie van de gemeente voor het aantrekken en uitzetten van gelden wordt gebaseerd op de rentevisie van enkele grote banken met een AA-rating, waaronder de BNG en een eigen inschatting van de renteontwikkeling voor de komende jaren. Voor het uitlenen van gelden wordt een marktconform tarief met opslag gehanteerd; 12.De gemeente streeft naar spreiding in de rentetypische looptijden van leningen en uitzettingen. Financiering Artikel5.Uitzetten van gelden (Tijdelijke) overtollige middelen worden in ’s Rijks schatkist aangehouden, op basis van de Wet financiering decentrale overheden; De gemeente mag gelden uitzetten bij andere decentrale overheden, mits er geen sprake is van een toezichtrelatie, eveneens op basis van de Wet financiering decentrale overheden (onderling lenen). Artikel6.Aantrekken van gelden Bij het aantrekken van financieringen gelden de volgende uitgangspunten: Toegestane instrumenten bij het aantrekken van financieringen zijn daggeldleningen, kasgeldleningen, krediet in rekening courant en onderhandse leningen; De gemeente vraagt offertes bij minimaal twee financiële instellingen alvorens een financiering wordt aangetrokken. Deze offertes worden door de gemeente schriftelijk vastgelegd; De gemeente doet alleen zaken met financiële instellingen, waarvan voor zover bekend reputatie, imago en ethisch handelen onbesproken goed zijn; Gekozen wordt voor de financiële instelling, waarbij de lening de laagste lasten oplevert; Als aan te trekken leningen gekoppeld kunnen worden aan investeringen met een sociaal of milieu karakter, wordt tevens een offerte gevraagd aan een financiële instelling met een ethische doelstelling. Als de offerte van laatstbedoelde instelling niet meer dan 5 basispunten (0,05%) nadeliger is, wordt de transactie gegund aan deze financiële instelling; Er worden geen leningen aangegaan met het doel te anticiperen op verwachte toekomstige rentestijgingen. Artikel7.Relatiebeheer De gemeente beoogt gunstige c.q. marktconforme condities voor af te nemen financiële diensten te realiseren. Hierbij gelden de volgende uitgangspunten: Financiële instellingen (krediet-, beleggings-, effecteninstellingen, verzekeraars en pensioenfondsen) dienen onder Nederlands toezicht of anderszins EER-toezicht te vallen, zoals De Nederlandsche Bank en de Verzekeringskamer; Tussenpersonen dienen geregistreerd te staan bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en daarvan een vergunning als makelaar te hebben ontvangen. Liquiditeitenbeheer Artikel8.Betalingsverkeer De gemeente beperkt de kosten van het geldstromenbeheer als volgt: De gemeentelijke liquiditeiten worden zoveel mogelijk geconcentreerd bij één bank, waarbij het betalingsverkeer zoveel mogelijk elektronisch uitgevoerd wordt; De liquiditeitspositie wordt afgestemd op de liquiditeitsplanning. Hierbij wordt erop toegezien dat de liquiditeitspositie voldoende is om tijdige nakoming van verplichtingen te kunnen garanderen. Organisatie van de treasury Artikel9.Uitgangspunten administratieve organisatie en interne controle Voor de treasuryfunctie gelden de volgende algemene uitgangspunten op het gebied van administratieve organisatie en interne controle: De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van treasury-activiteiten zijn op eenduidige wijze schriftelijk vastgelegd; Bevoegdheden zijn via mandaat nader schriftelijk vastgelegd; Bij de uit te voeren treasury-activiteiten is functiescheiding doorgevoerd met als belangrijkste voorwaarden: iedere transactie wordt door minimaal twee functionarissen geautoriseerd (het vier-ogen-principe); de uitvoering en de registratie in de financiële administratie geschieden door afzonderlijke functionarissen; de uitvoering en de controle geschieden door afzonderlijke functionarissen. Artikel10.Verantwoordelijkheden en bevoegdheden De verantwoordelijkheden en bevoegdheden met betrekking tot de treasuryfunctie van de gemeente staan in de onderstaande tabel gedefinieerd. Functie Verantwoordelijkheden Bevoegdheden De gemeenteraad Het vaststellen van het treasurystatuut en daarmee de kaders van het treasurybeleid bepalend; Het vaststellen van de paragraaf financiering in de begroting en de jaarrekening (en hiermee toezicht houden op de treasuryfunctie en de uitvoering hiervan). Het college van burgemeester en wethouders Het uitvoeren van het treasurybeleid; Het evalueren van en het (eventueel) doen van voorstellen voor het bijstellen van het treasurybeleid. Alle financieringsactiviteiten voortvloeiend uit dit treasurystatuut. De portefeuillehouder Financiën Politieke verantwoordelijkheid voor de uitvoering van het treasurybeleid. Meerinzicht, afdeling Financiën Adviseur voor de treasuryfunctie; Uitvoerder van de treasuryfunctie. Artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.