← Nederland

Uitvoeringsprogramma vergunningverlening, toezicht en handhaving Omgevingsrecht 2023 (Bergen (L))

Uitvoeringsprogramma vergunningverlening, toezicht en handhaving Omgevingsrecht 2023Hoofdstuk1:Algemeen 1.1.Inleiding In 2016 is de Wet Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (Wet VTH) in werking getreden. De wet is geïntegreerd in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Doel van de Wet VTH is om de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving van het omgevingsrecht beter te organiseren. Gemeenten moeten zorgen voor een goede kwaliteit van de taken op het gebied van uitvoering en handhaving. Ze moeten daarom, onder andere, beleid vaststellen op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. In het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de Ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor) is vandaag de dag de verplichting opgenomen om jaarlijks een programma voor de uitvoering van VTH-taken vast te stellen (art. 7.3 Bor). Dit programma moet door het college van burgemeester en wethouders worden vastgesteld en ter informatie aan de gemeenteraad worden aangeboden. Daarnaast dient dit programma het kader van het Interbestuurlijk Toezicht (IBT) dient het uitvoeringsprogramma voor 2023 en het jaarverslag over 2022 ter kennisgeving toegezonden te worden aan het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Limburg. Met de vaststelling van een nieuw VTH-beleidsplan en VTH-uitvoeringsprogramma 2021 werd in de gemeente Bergen (L) voor het eerst tegemoet gekomen aan de wettelijke verplichtingen en provinciale aanbevelingen. Begin 2023 is het tweede VTH-uitvoeringsprogramma ambtelijk geëvalueerd. Aan de hand van de inzichten die hierbij verkregen zijn is dit uitvoeringsprogramma vormgegeven en is beschreven waar we in 2023 mee aan de slag gaan. Het onderhavige programma beschrijft hoe vergunningverlening, toezicht en handhaving georganiseerd zijn bij verschillende onderwerpen. Het beschrijft de reguliere taken, de projecten en de activiteiten die op het gebied van het omgevingsrecht worden opgepakt. Het gaat hier onder andere om de gemeentelijke taken op het gebied van bouwen, slopen, kappen, milieurechtelijk relevante activiteiten, brandveilig- en bestemmingsplanconform gebruik en openbare orde. In het kader van dit VTH-uitvoeringsprogramma wordt ervan uitgegaan dat de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) op 1 januari 2024 in werking zullen treden. Onder de vigeur van de Omgevingswet is het vaststellen van uitvoerings- en handhavingsbeleid wettelijk verplicht (artikel 18.19 van de Omgevingswet in samenhang met artikelen 13.5 en 13.6 van het Omgevingsbesluit). In artikel 13.8 van het Omgevingsbesluit zal de verplichting worden opgenomen om een jaarlijks uitvoeringsprogramma vast te stellen. Voor de gemeentelijke taken op basis van de Algemene plaatselijke verordening, de Verordening fysieke leefomgeving en de bijzondere wetten is en wordt het niet wettelijk verplicht om een VTH-beleid en VTH-uitvoeringsprogramma vast te stellen, maar wordt er in de gemeente Bergen wel voor gekozen om ook deze taakvelden in het VTH-beleid en VTH-uitvoeringsprogramma mee te nemen. Een jaarlijks uitvoeringsprogramma waar de verschillende beleidsvelden samenkomen versterkt immers de gewenste samenhang (meer integraal werken). 1.2Overzicht van de taakvelden die het VTH-uitvoeringsprogramma omvat In het kader van het afhandelen van vergunningaanvragen en het houden van toezicht op grond van de regels van de Omgevingswet/Wabo en Apv, zijn de volgende wetten en (beleids)documenten relevant (toekomstige regelgeving is schuin gedrukt): Landelijk: Omgevingswet Besluit kwaliteit leefomgeving Besluit activiteiten leefomgeving Besluit bouwwerken leefomgeving (Bouwbesluit 2012) Omgevingsregeling (Mor) Omgevingsbesluit Algemene wet bestuursrecht (Awb) Asbestverwijderingsbesluit 2005 Besluit brandveilig gebruik bouwwerken Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen Erfgoedwet Monumentenwet Gemeentewet Huisvestingswet 2014 Alcoholwet (Aw) Wet Bibob Opiumwet Vuurwerkbesluit Wet basisregistratie personen (BRP) Wegenverkeerswet 1994 Wet op de kansspelen (WOK) Woningwet Wet milieubeheer Wet geluidhinder Wet bodembescherming Wet inzake de luchtverontreiniging Visserijwet Binnenvaartpolitiereglement Wegenverkeerswet 1994 en Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 Gemeentelijk: Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Bergen (L) Verordening fysieke leefomgeving gemeente Bergen (L) Bestemmingsplannen / Omgevingsplan Welstandsbeleid Erfgoedverordening Damoclesbeleid Handhavingsarrangement horeca In het ‘Beleidsplan leefomgeving – vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht’ van de gemeente Bergen zijn de volgende vijf doelen die met vergunningverlening worden nagestreefde opgenomen: Servicegerichte besluitvorming binnen wettelijke beslistermijnen Rechtszekerheid – Er worden integrale en correcte besluiten genomen Beschermen en verbeteren van de leefomgeving Redeneren vanuit oplossingen en leveren van maatwerk Goede en tijdige participatie van burgers en bedrijven bij besluitvorming De gemeentelijke taken op het gebied van vergunningverlening waar dit programma betrekking op heeft zijn de volgende: Het beoordelen en afhandelen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen of slopen van bouwwerken; Het beoordelen en afhandelen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor uitweg-, inrit-, kap- en reclameactiviteiten; Het beoordelen en afhandelen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor monumenten; Het beoordelen en afhandelen van een aanvraag om een omgevingsvergunning of melding met betrekking tot milieuactiviteiten; Het beoordelen en afhandelen van een aanvraag om een omgevingsvergunning of melding brandveilig gebruik; Het beoordelen en afhandelen van een aanvraag om een exploitatievergunning, standplaatsvergunning, evenementenvergunning, melding kleinschalig evenement en Drank- en horecawetvergunning; Het beoordelen en afhandelen van een aanvraag omgevingsvergunning voor tijdelijke ontheffingen, binnenplanse ontheffingen en buitenplanse ontheffingen (art. 2.12 lid 1a en b: kruimelgevallen); Het inhoudelijk beoordelen van de aanvraag om een projectbesluit; Het beoordelen van legalisatieverzoeken, voortkomend uit een handhavingszaak; Het beoordelen en afhandelen van informatieverzoeken/vooroverleg/schetsplan, inclusief het juridisch beoordelen van vergunningsvrije bouwwerken; Het uitvoeren van een quickscan op basis van de Wet Bibob; Het leveren van input bij de behandeling van legesbezwaren; Het ambtshalve beoordelen of een bepaalde vergunning ingetrokken dient te worden. De werkzaamheden die benoemd zijn onder punt 4 zijn nagenoeg geheel bij de medewerkers van de Regionale uitvoeringsdienst Limburg-Noord (RUDLN) ondergebracht en de werkzaamheden als bedoeld onder punt 5 zijn grotendeels belegd bij de medewerkers van de Veiligheidsregio Limburg-Noord (VRLN). De overige werkzaamheden worden verricht door de medewerkers van de gemeente Bergen. 1.3Ontwikkelingen In deze paragraaf worden de voor 2023 meest relevante ontwikkelingen op het gebied van regelgeving en jurisprudentie beschreven waar bij de uitvoering van VTH-gerelateerde werkzaamheden rekening mee gehouden dient te worden. Wereldwijd Financiële problemen in bredere lagen van de bevolking Een van de gevolgen van de lockdowns in coronatijd was dat in brede lagen van de bevolking in 2020 en 2021 veel gespaard werd. Als gevolg hiervan werden er in het wereldwijde bancaire systeem historisch gezien extreem hoge spaartegoeden aangehouden. Issues in de wereldwijde bevoorradingsketen als gevolg coronamaatregelen en de het uitbreken van de oorlog in de Oekraïne zorgden voor een dusdanig hoge prijsverhoging van energie en producten dat de inflatiecijfers opliepen tot een hoogte die na de jaren 70 van de vorige eeuw niet meer waren bereikt in Nederland. Het gevolg van deze recordhoge inflatie is dat de recordhoge spaartegoeden in het bancaire systeem in iets meer dan 1 jaar tijd zijn verdampt tot een niveau dat lager ligt dan de afgelopen 30 jaren het geval is (zie de hiernaast opgenomen afbeelding van het aggregaat aan bancaire spaartegoeden). Ofschoon in financieel zwaar weer verkerende bedrijven momenteel sinds de coronatijd nog veelal met financiële steunpakketten van de overheid en belastinguitstel de hand boven het hoofd wordt gehouden en grote faillissementsgolven tot nog toe zijn uitgebleven, worden er met name op kampeerterreinen in de gemeente in 2021 en 2022 steeds meer mensen gesignaleerd die hier illegaal wonen omdat ze geen reguliere huurwoning meer kunnen betalen. Omdat de marges van het bedrijfsleven en de koopkracht van de huishoudens in de loop van 2022 sterk uitgehold zijn, is de kans dat de Nederlandse economie in 2023 in een economische recessie terecht komt reëel. In dat geval kunnen de volgende gevolgen verwacht worden. Stijging ontslagen en werkloosheid Daling van (consumptie-)uitgaven houdt aan/versnelt Stijging van faillissementen Sombere vooruitzichten houden investeringen tegen Recessies zorgen voor negatieve sociale en maatschappelijke gevolgen Indien deze gevolgen intreden zullen deze een aanzienlijke impact hebben op de hoeveelheid omgevingsvergunningen die aangevraagd worden (deze hoeveelheid daalt) en de lengte van de termijnen waarbinnen overtredingen rekening houdend met de financiële mogelijkheden van betrokkenen beëindigd kunnen worden. Het is echter te prematuur om in het kader van dit uitvoeringsprogramma te speculeren op verlichting van de werkdruk door een afname van vergunningaanvragen door recessieperikelen. Landelijk Invoering Omgevingswet De invoering van de Omgevingswet is volgens de laatste berichtgeving uitgesteld naar 1 januari 2024 Deze wet is één van de belangrijkste ontwikkelingen voor de werkzaamheden van de werkateliers VTH en Gebiedsontwikkeling en planologie (GOeP). Door de komst van de Omgevingswet zullen de uitvoeringstaken van deze twee werkateliers dichter bij elkaar komen te liggen. In 2022 is met het oog op de introductie van de Omgevingswet de Verordening fysieke leefomgeving vastgesteld. De juridisch-bestuurlijke aspecten van de uitvoering van de Omgevingswet, zoals delegatie, raadsadvies, burgerparticipatie en het instellen van de commissie kwaliteit leefomgeving zijn in 2022 ook onderzocht. Daarnaast zijn ook de gemeentelijke legesverordening en de verordening VTH onder de loep genomen. Een advies hoe met burgerparticipatie onder de vigeur van de Omgevingswet om te gaan leggen wordt in 2023 aan de gemeenteraad voorgelegd. Bij de Rijksoverheid lopen momenteel voorbereidingswerkzaamheden voor de invoering van de nieuwe digitale informatievoorziening die bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet nodig is. De introductie van deze informatievoorziening heeft ook invloed op onze eigen werkprocessen en de vormgeving van onze omgevingsplannen (inclusief de bruidschatregelgeving). In 2023 is het mitsdien noodzakelijk om de ontwikkelingen met betrekking tot de introductie van het landelijk Digitaal Systeem Omgevingswet (DSO) te blijven volgen en te zorgen dat noodzakelijke actie ondernomen wordt om onze eigen werkprocessen en systemen hierop aan te kunnen haken. De introductie van de Omgevingswet vergt dat medewerkers van het team VTH ook in 2023 opleidingen en trainingen (zowel op inhoud als op feitelijke afloop van processen) dienen te volgen om goed voorbereid met de nieuwe wet- en regelgeving en systemen te kunnen werken. Eisen aan VTH-uitvoeringsprogramma na introductie Omgevingswet Naar verwachting zullen de volgende wettelijke verplichting tot het opstellen van uitvoerings- en handhavingsbeleid opgenomen worden in de artikelen 13.5 en 13.6 van het Omgevingsbesluit: De uitvoerings- en handhavingsstrategie biedt in ieder geval inzicht in: de prioriteitenstelling voor het verrichten van de werkzaamheden; de methode die wordt gebruikt om te bepalen of de doelen, uit het beleid worden bereikt; de criteria die worden gebruikt bij het beoordelen van en beslissen op aanvragen om omgevingsvergunningen en het beoordelen van meldingen; de werkwijze bij het verlenen van omgevingsvergunningen en het beoordelen van meldingen. De handhavingsstrategie biedt ook inzicht in: de afspraken die door bestuursorganen onderling en met de instanties die zijn belast met de strafrechtelijke handhaving zijn gemaakt over samenwerking bij en afstemming van werkzaamheden; de wijze waarop toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de wet wordt gehouden; de wijze waarop wordt gerapporteerd over bevindingen over de naleving van het bepaalde bij of krachtens de wet en eventueel daaraan verbonden consequenties; de wijze waarop bestuurlijke sancties en termijnen die bij het opleggen en ten uitvoer leggen daarvan worden gehanteerd en de strafrechtelijke handhaving onderling worden afgestemd; de wijze waarop wordt gehandeld na geconstateerde overtredingen die zijn begaan door of in naam van een bestuursorgaan of een andere tot de overheid behorende instantie. Wet kwaliteitsborging De Wet kwaliteitsborging (Wkb) treedt naar verwachting tegelijk met de Omgevingswet op 1 januari 2024 in werking. De Wkb heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborgers. Daarnaast wordt de aansprakelijkheid van aannemers ten opzichte van particuliere en professionele opdrachtgevers uitgebreid. De Wet Kwaliteitsborging heeft drie doelen, te weten: verbeterde (borging van

  1. de)bouwkwaliteit; verbeterde positie van de consument; stimuleren van kwaliteitsverbetering en faalkostenvermindering. Om de doelen van de Wkb te bewerkstelligen wordt het proces voor vergunningverlening in tweeën opgeknipt: De ruimtelijke component (toets aan omgevingsplan en -veiligheid): deze wordt beoordeeld door de gemeente. De bouwtechnische component: hiervoor wordt de check van het bouwplan vooraf vervangen door toetsing in de praktijk op het bouwwerk zoals gebouwd. De gemeente voert dan ook geen bouwtechnische toets meer uit voor de ingediende aanvragen of meldingen. Wel toetsen we of de ingeschakelde kwaliteitsborger voldoet aan de eisen uit de Wkb. De eerste fase die in 2023 in werking treedt is gericht op de lichtste categorieën (gevolgklasse 1) uit het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL). De initiatiefnemer (opdrachtgever) wordt verplicht een onafhankelijke kwaliteitsborger in te schakelen die tijdens de bouw toetst op conformiteit met de bouwtechnische voorschriften uit het BBL en verklaart of de getoetste onderdelen aan de voorschriften voldoen. Dit wordt bij private partijen belegd. Het bouw- en woningtoezicht, zoals gemeenten dat nu uitvoeren, wordt een taak van marktpartijen. Een verklaring van de kwaliteitsborger zal bij oplevering voorwaarde zijn voor ingebruikname. Dit betekent dat de rol van de gemeente in het bouwproces anders wordt. Aan de ene kant gaan er taken weg, de bouwtechnische toets vooraf en de eindcontrole achteraf. Aan de andere kant komen er taken bij want van de gemeente wordt verwacht dat die onder andere het werk van de kwaliteitsborger gaan controleren. Voldoet deze aan de eisen die de wet stelt hierover, bijvoorbeeld of het een gecertificeerde kwaliteitsborger is. Daarnaast moet de gemeente toetsen of alle risico’s voor dat specifieke bouwwerk goed worden geborgd en vastgelegd in het borgingsplan met risicobeoordeling. Eventueel kan de gemeente controle- en stopmomenten opleggen. Ook zal bij het toezicht de rol anders worden ten gevolge van deze wet. Voor bestaande bouw blijven we bevoegd gezag de verandering zit met name bij het toezicht op nieuwbouw. Wanneer we onder de nieuwe wetgeving van de kwaliteitsborger een gereed melding ontvangen dan kan binnen tien werkdagen daarna (zoals vermeld in de wet Kwaliteitsborging, sectie ‘Ingebruikname bouwwerk) bij het ontbreken van de voor gereed melding van belang zijnde gegevens besloten worden dat het bouwwerk niet in gebruik mag worden genomen. Een controle door de gemeente zal dan toch nog plaats vinden. Naast de preventieve toets van het bouwplan aan de bouwregelgeving vooraf wordt ook het toezicht tijdens en na realisatie van de bouw vervangen door toezicht door private kwaliteitsborgers. Hierdoor verschuift het toezicht van de voorkant van het proces naar handhaving achteraf. Bij het vervullen van deze nieuwe rol, biedt de Wkb ruimte aan gemeenten om in beleid specifieke keuzes te maken. Het betreft keuzes over: Bij welk type bouwwerk of onderwerp wil de gemeente (wanneer) wel/niet betrokken worden? Artikel 2.20 van het Bbl biedt de gemeente de mogelijkheid om voor specifieke bouwwerkzaamheden en de momenten waarop deze worden uitgevoerd gegevens en bescheiden op te vragen met het oog op het voorkomen en of beperken van risico’s die van invloed kunnen zijn op het voldoen van het te bouwen bouwwerk aan de regels. Indien er sprake is van een strijdigheid met de bouwregelgeving moet de kwaliteitsborger de gemeente hierover informeren. Een gemeente kan zelf bepalen hoe zij vanuit haar handhavende rol met de verstrekte informatie omgaat. Dat kan bijvoorbeeld door middel van het aanschrijven van de indiener waarin een verbod op gebruik wordt opgelegd totdat er informatie wordt overlegd waaruit blijkt dat het probleem is opgelost. Of inhoudelijk door middel van een fysieke controle door de toezichthouder. De gemeente kan kiezen hoe zij met de gereedmelding bouwen omgaat. Bij de gereedmelding wordt een ‘As build’ dossier aan het bevoegd gezag verstrekt. Een gemeente kan vervolgens - net als bij de bouwmelding - kiezen om het dossier inhoudelijk te beoordelen met als doel eventueel nog zelf een controle uit te voeren. Het is ook mogelijk om deze stukken – zonder verdere inhoudelijke beoordeling – te archiveren voor toekomstig gebruik. Onder de Wkb ziet een onafhankelijke (gecertificeerde) kwaliteitsborger erop toe dat het bouwwerk daadwerkelijk aan de eisen uit het Bbl (Bouwbesluit 2012) voldoet. Het is ook de kwaliteitsborger die aan de vergunninghouder een verklaring afgeeft op het moment dat er een gerechtvaardigd vertrouwen bestaat dat het bouwwerk voldoet aan het Bbl (Bouwbesluit 2012). Het bevoegd gezag, de gemeente, vertrouwd (en mag in beginsel vertrouwen) op de deskundigheid van de kwaliteitsborger en laat de verantwoordelijkheid voor het voldoen van het bouwwerk aan wet- en regelgeving daar waar deze hoort. Uiteindelijke dienen er op voornoemde punten keuzes gemaakt te worden door de gemeente. Momenteel worden er landelijk grote vraagtekens gezet bij de praktische uitvoerbaarheid van de controle van de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht door private kwaliteitsborgers vlak na de introductie van de Wkb. De vrees is dat er na de introductie van deze wet maandenlang landelijk niet voldoende private kwaliteitsborgers actief zullen om al het noodzakelijke toezichtwerk te kunnen verrichten. Met het oog hierop wordt daarom voor 2023 nog niet verwacht dat bouwplantoetsers en toezichthouders bouwzaken minder werk dan gewoonlijk zullen hebben. De gemeente Bergen wenst de ontwikkelingen op dit punt eerst af te wachten alvorens keuzes omtrent voornoemde punten in beleid vast te leggen. Wet elektronische publicaties (WEP) Op 1 juli 2021 is de Wet elektronische publicaties (WEP) in werking getreden. Deze wet verplicht ook gemeentelijke bestuursorganen om alle officiële publicaties online te zetten via de website officielebekendmakingen.nl. Gemeente bergen publiceert sinds 2022 al volledig via deze weg. Tegelijkertijd met de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt het op grond van deze wet ook verplicht om de vergunning zelf (met de bijlagen) digitaal ter inzage te leggen. Hiervoor zijn aanpassingen noodzakelijk zodat de digitale stukken, met in acht name van de AVG (algemene verordening gegevensbescherming), online ter inzage kunnen worden gelegd. Deze omstandigheid vergt in 2023 extra aandacht en training van VTH-medewerkers. Stikstofproblematiek (PAS) en problematiek grondafvoer (PFAS) Naar aanleiding van een uitspraak van de Raad van State in 2019 is komen vast te staan dat het landelijke Programma Aanpak Stikstof (PAS) strijdig is met Europese regelgeving. Daardoor kan het PAS geen juridische grondslag meer bieden voor vergunningverlening en heeft dit grote gevolgen voor met name de vergunningverlening voor de agrarische sector en de bouwsector. PFAS is een afkorting van poly- en perfluoralkylstoffen. Op veel (bouw)locaties zitten deze in de grond. Bij grondafgravingen (o.a. in verband met bouwactiviteiten) dient aan deze regels te worden voldaan, maar dit levert in de praktijk vaak problemen op. In 2020 heeft de gemeente Bergen een nieuw bodembeleid vastgesteld waardoor de belemmeringen voor grondverzet die veroorzaakt werden door problemen rondom landelijke PFAS-regelgeving op het grondgebied van de gemeente Bergen zijn weggenomen. Op 1 juli 2021 is de Wet stikstofreductie en natuurverbetering in werking getreden. De Wet stikstofreductie en natuurverbetering regelt onder meer drie resultaatsverplichtingen voor stikstofreductie: in 2025 moet minimaal 40% van het areaal van de stikstofgevoelige natuur in beschermde Natura 2000-gebieden een gezond stikstofniveau hebben; in 2030 minimaal de helft en in 2035 minimaal 74%. De wet geeft de opdracht voor een programma van maatregelen om die reductie te bereiken en de natuur te herstellen. De bouwfase is in de nieuwe wetgeving vrijgesteld van de omgevingsvergunning natuur onderdeel stikstof (waarvoor het college van Gedeputeerde Staten het bevoegd gezag is). In oktober 2022 heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State geoordeeld dat de bouwvrijstelling ten aanzien van stikstofregels niet gebruikt mag worden bij bouwprojecten. Een bouwvrijstelling houdt in dat voor de tijdelijke stikstofuitstoot die tijdens de bouw ontstaat geen vergunning nodig is. De Raad van State vindt dit niet juist, omdat het niet is uit te sluiten dat de natuur hierdoor schade oploopt. De bouwvrijstelling voldoet daarmee niet aan het Europees natuurbeschermingsrecht volgens de Afdeling. Deze omstandigheid heeft er in het laatste kwartaal van 2022 voor gezorgd dat er bij iedere bouwaanvraag een extra toets plaats moet vinden om te bezien of er eventueel een Wet natuurbeschermingsvergunning vereist is wegens de overschrijding van stikstofdepositie-voorschriften ten aanzien van bouwprojecten. Gelet op de complexiteit van deze materie heeft deze uitspraak geleid tot wachtrijen voor adviezen hieromtrent bij RO-bureaus die hieromtrent adviseren. Voor 2023 wordt bezien of er specifiek op dit onderdeel extra kennis in de eigen organisatie geborgd kan worden om de voortgang van vergunningtoetsen te kunnen blijven waarborgen. Regionaal en lokaal Vaststelling Coalitieprogramma CDA/PK/VVD 2022-2026 In 2022 is het Coalitieprogramma CDA/PK/VVD 2022-2026 (https://www.bergen.nl/coalitieprogramma) vastgesteld. In dit coalitieprogramma is ten aanzien van het uitvoeren van VTH-taken het volgende geschreven: “Handhaving door de gemeente is primair gericht op het in overleg bereiken van oplossingen. Deze handhaving houden we op een hoog niveau door de inzet van bijzondere opsporingsambtenaren (boa’
  2. s)en intensieve samenwerking met de wijkagenten. Ook in onze gemeente speelt het risico van ondermijning, georganiseerde criminaliteit waarbij de onderwereld en bovenwereld met elkaar zijn verweven. Wij besteden duurzaam aandacht aan het bestrijden van ondermijning.” Deze insteek en aandachtspunten dienen in het onderhavige VTH-uitvoeringsprogramma 2023 geborgd te worden. Het uitgangspunt van dit programma is dat er altijd eerst overwogen wordt of problemen kunnen worden opgelost zonder dat er formele stappen worden gezet. Alleen wanneer minnelijk overleg, of het interveniëren niet leidt tot beëindiging van de overtreding worden er handhavingsinstrumenten ingezet. Verordening kwaliteit VTH In 2018 heeft de gemeenteraad de Verordening kwaliteit VTH omgevingsrecht vastgesteld. Deze verordening vormt een uitwerking van de kwaliteitscriteria zoals die zijn opgenomen in het BOR. Met de vaststelling hiervan heeft de gemeente Bergen zich geconformeerd aan het voldoen aan deze criteria op minimaal het bodemniveau zoals opgenomen in de verordening. In 2019 heeft een extern bureau een assessment van iedere VTH-medewerker uitgevoerd en getoetst of de medewerkers voldoen aan de kwaliteitscriteria. De indruk bestond dat de gemeentelijke organisatie beschikte over voldoende gekwalificeerd personeel in de diverse voor de werkpraktijk meest noodzakelijke deskundigheidsgebieden binnen het werkveld van VTH. Voor enkele specifieke deskundigheidsgebieden ontbreekt het aan personeel dat aan de VTH-kwaliteitscriteria voldoet en is de gemeente afhankelijk van adviezen van externe medewerkers van de RUD of inhuurkrachten. Met de komst van de Omgevingswet komt de Wabo (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) te vervallen. Daarmee vervalt tegelijkertijd de wettelijke grondslag voor de Verordening kwaliteit VTH. In de artikelen 18.20 en 18.23 van de Omgevingswet wordt de nieuwe grondslag gegeven. Met het oog op deze grondslagwijziging is in 2022 al een wijziging van de Verordening kwaliteit VTH voorbereid die hierop anticipeert en ervoor zorgt dat deze verordening op basis van de nieuwe wettelijke grondslag tegelijkertijd met de inwerkingtreding van de Omgevingswet van kracht wordt. Deze verordening wordt tegelijk met het in werking treden van de Omgevingswet vastgesteld. Bibob-beleid Op grond van artikel 7 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (wet Bibob) kunnen het college en de burgemeester bij de behandeling van een aanvraag om vergunning, een advies vragen aan het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen op basis waarvan de vergunning mogelijk geweigerd kan worden. Om te komen tot een eenduidige en effectieve uitvoering van de bevoegdheden van de wet Bibob is eind 2021 het gemeentelijke Bibob-beleid vastgesteld. Het is net als 2022 de bedoeling om vergunningaanvragen in 2023 conform dit beleid te beoordelen. Herijking Damoclesbeleid en voorbereiding Politie-handhavingsarrangement Een gedeelte van de geplande uren bij toezicht en juridische handhaving is gericht op de uitvoering van het Damoclesbeleid, voorkomen van overlast en ondermijning. Dit zijn uiteenlopende taken zoals opvolging meldingen, opvolging bestuurlijke rapportages van de politie, opvolging van klachten maar ook het daadwerkelijk sluiten van panden, houden van toezicht en overgaan tot bestuurlijke handhaving. Het thema ondermijning heeft een hoge prioriteit. Bij reguliere controles (milieu, bouwen, ruimtelijke ordening, BRP, BAG), klachten en meldingen worden signalen voor ondermijnende criminaliteit altijd in een lokaal informatieoverleg besproken. Ondermijning gaat verder dan alleen drugs maar bestaat uit diverse activiteiten. In verband met de aanpak zijn diverse afspraken vastgelegd. Dit om mogelijke terechte signalen in vroeg stadium te kunnen volgen of actie op uit te zetten. Dat kan via de verschillende strategieën en is natuurlijk afhankelijk van de aanpak. Integraal en daadkrachtig optreden tegen ondermijning gaat in samenwerking met de politie, Openbaar Ministerie, Belastingdienst, het RIEC en overige overheidspartners. Ook in 2023 zal een van onze BOA’s deelnemen aan het intergemeentelijk opererende ACT!-team dat als doel heeft om ondermijningsignalen te onderzoeken. Daarnaast hebben zich de laatste jaren ontwikkelingen in de jurisprudentie voorgedaan met betrekking tot het vraagstuk van de evenredigheid van het sluiten van een woning na de ontdekking van een verboden handelshoeveelheid drugs. Het huidige Damoclesbeleid van de gemeente voorziet momenteel niet in alle nuances met betrekking tot noodzakelijke maatwerkoplossingen zoals deze voortvloeien uit de meest recente jurisprudentie. Dit beleid dient mitsdien in 2023 herzien te worden. Tenslotte moet vastgesteld worden dat het in de praktijk niet altijd duidelijk is welke diensten en inzet gemeentelijke BOA’s van de politie kunnen verwachten. In 2022 is gebleken dat het niet goed tussen de BOA’s en de politie geregeld is hoe er in de praktijk gehandeld dient te worden wanneer BOA’s een verdachte van een strafbaar feit aangehouden hebben. Afspraken met de politie over onder andere het vervoeren van deze persoon naar het politiebureau zijn noodzakelijk. Door een politie-arrangement op te stellen en te laten accorderen over en weer kan duidelijkheid geschapen worden over de verwachtingen die BOA’s en politieagenten onderling mogen hebben. Hier ligt voor 2023 een opgave voor het VTH-team. Wet politiegegevens-Audit en verbeterplan Eind december 2022 werd het rapport opgeleverd met betrekking tot de externe Audit omtrent de registratie van politiegegevens die in de gemeentelijke organisatie worden verwerkt (WPG-audit). Dit is een nieuwe wettelijke verplichting waar in 2022 voor het eerst in onze organisatie naar gekeken is door een externe Auditor. Net zoals bij 95% van alle andere gemeenten in Nederland het geval is, ontbreekt het ook in de gemeente Bergen aan op schrift vastgestelde werkprocessen en aangewezen personen om aan al de criteria van de Audit te voldoen. In 2023 dient hiervoor een verbeterplan opgesteld te worden. Inspectieview milieu, Squit2020 en RXmission Inspectieview Milieu is een informatieportaal dat vooral toezichthouders, maar ook vergunningverleners in staat stelt informatie over (toezichts)objecten te raadplegen die afkomstig is van de databases van andere inspectie- en omgevingsdiensten. De wetgever ziet deze samenwerking tussen verschillende toezichthoudende organen en het delen van (inspectie)informatie namelijk als een belangrijke voorwaarde om meer risicogericht en informatie-gestuurd te kunnen handhaven en om de handhaving efficiënter en effectiever in te richten. Het aansluiten op Inspectieview is voor omgevingsdiensten verplicht. Deze wettelijke verplichting bestaat al langer, maar vanwege technische problemen bij de ontwikkeling van informatiesystemen afgestemd op de nieuwe omgevingswet, is uitstel verleend. Inmiddels zijn de technische problemen overwonnen en zijn per 1 juli 2022 zijn alle andere omgevingsdiensten aangesloten. De RUD LN is technisch en administratief klaar voor de aansluiting op Inspectieview, maar deze kan pas aansluiten als er ook data worden geleverd door alle deelnemers in de RUD LN. Dat is nu nog niet het geval. Hiervoor moeten de medewerkers van uw gemeente de (bij de RUD ingebrachte) de toezichtsinformatie gaan vastleggen in de werkomgeving die daarvoor bij de RUD LN is ingericht. Alleen dan kan gewerkt worden zoals iedere andere omgevingsdienst dit doet en kan voldaan worden aan de wettelijke verplichting. De VTH-applicatie Squit20/20 ondersteunt de koppeling met Inspectieview niet (goed). Vandaar dat in december van 2022 de overstap gemaakt is van Squit20/20 naar RXmission. Laatstgenoemd zaaksysteem kent wel een goed werkende koppeling met Inspectieview milieu (de koppeling met Djuma werkt media februari 2023 echter nog niet). VTH-medewerkers worden in 2023 geacht met dit programma te werken. Servicenormen In 2022 heeft de gemeente Bergen in het kader van het project omtrent de verbetering van de dienstverlening de volgende servicenormen vastgesteld, waar ook de medewerkers van het VTH-team zich aan zullen conformeren. Wij staan u vriendelijk en deskundig te woord; Wij informeren u correct en volledig. We leggen graag uit hoe zaken werken en waarom; Wij waken over uw privacy. Informatie en kennis met een vertrouwelijk karakter blijven vertrouwelijk en worden alleen gebruikt voor de doelen waarvoor ze bestemd zijn; Wij spreken en schrijven in een taal die voor u begrijpelijk is. Soms is dat lastig, omdat de materie ingewikkeld is. Snapt u iets niet? Laat het ons weten en wij helpen u graag verder; Wij staan open voor uw ideeën en suggesties om het een volgende keer (nog) beter te kunnen doen; Wij nemen klachten serieus en nemen deze binnen 2 werkdagen in behandeling; Wij handelen uw bezwaarschrift, indien mogelijk, in overleg met u op een alternatieve wijze af; In principe werken we op afspraak. Loopt u spontaan binnen, dan proberen we u zo snel mogelijk te helpen: U kunt 24 uur per dag, 7 dagen per week terecht op bergen.nl; Wij houden de informatie op onze website correct, actueel, begrijpelijk, gemakkelijk vindbaar en goed toegankelijk. Kunt u iets niet vinden? Laat het ons weten en wij helpen u graag verder. Richtlijnen voor externe communicatie In 2022 heeft de gemeente Bergen in het kader van het project omtrent de verbetering van de dienstverlening de volgende richtlijnen voor externe communicatie vastgesteld, waar ook de medewerkers van het VTH-team zich aan zullen conformeren. Je bezoekt mensen die een zaak bij de gemeente hebben aangekaart, als: Zij daar zelf behoefte aan hebben; Dit bezoek van meerwaarde kan zijn. Je rondt je werk af binnen de wettelijke termijnen. Lukt dat niet? Stuur dan een verdagingsbrief met redenen waarom het niet gaat lukken. Bij signalering van een termijnoverschrijding of bij het versturen van een verdagingsbrief wijs je de aanvrager erop dat er wettelijke mogelijkheden zijn om dwangsommen te claimen wegens het niet-tijdig beslissen op een aanvraag. Bij beschikkingen die worden uitgevaardigd, wordt de naam van de behandelaar van de zaak duidelijk vermeld. Ook wordt zijn of haar directe telefoonnummer, inclusief tijden waarop hij of zij doordeweeks telefonisch bereikbaar is, benoemd. Uitzondering zijn beschikkingen omtrent criminele activiteiten zoals Opiumwetbeschikkingen. In alle andere uitgaande brieven wordt het algemene telefoonnummer en e-mailadres van de gemeente gebruikt:

(0485)34 83 83 en info@bergen.nl. Afwijzende besluiten worden met de grootst mogelijke zorgvuldigheid gemotiveerd. Waar mogelijk neem je telefonisch contact op met de aanvrager om het besluit persoonlijk toe te lichten. Slechtnieuwsgesprekken en weigeringsbesluiten worden zoveel mogelijk persoonlijk in het bijzijn van de betrokkenen gevoerd. Brieven met een negatieve boodschap worden niet verstuurd op dagen die gevolgd worden door één of meerdere dagen waarop de behandelaar niet aanwezig is. Zo heeft de ontvanger de mogelijkheid om contact met de behandelaar op te nemen. In omgevingsrecht gerelateerde besluiten benoem je niet dat er aan de zijde van de aanvrager een gebrek aan relativiteit is. Je houdt je zoveel mogelijk aan de schrijfafspraken. Ontwikkelingen binnen de RUD Limburg-Noord In 2022 heeft het Rijk in het kader van de Regeling THE SPUK-gelden aan de RUD Limburg-Noord ter beschikking gesteld om meerjarig additioneel toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht te realiseren. Het plan van de RUD is dat er 5 medewerkers binnen de RUD worden aangesteld om vanaf 2023 controles uit te gaan voeren op de regels van het omgevingsrecht die zien op het meer efficient gebruiken van energie. Het gaat hier onder andere om toezichthoudende capaciteit die ook de gemeente Bergen kan benutten om controles uit te laten voeren op de naleving van de verplichting dat kantoren vanaf 2023 moeten voldoen aan minimaal Energielabel C. Per 1 januari 2023 is de RUD Limburg-Noord gestart met vier werkverdelers voor de specialismen externe veiligheid, luchtkwaliteit, geluid en bodemtoezicht. In 2023 wordt er proefgedraaid met een centrale werkverdeling. De bedoeling hiervan is dat de RUD-specialisten goed gevonden en gepositioneerd worden, waardoor ze de taken op het gewenste kwaliteitsniveau (kwaliteitscriteria) kunnen uitvoeren. Deze werkverdelers moeten anders dan in voorgaande jaren het werk zelf gaan organiseren (zorgen dat het werk uit het uitvoeringsprogramma bij de juiste personen terecht komt). 1.4Terugblik op 2022 en verbeterpunten voor 2023 In het navolgende zal aan de hand van de bevindingen uit het VTH-jaarverslag over 2022, de voorziene ontwikkelingen op het gebied van wet- en regelgeving en binnen de organisatie bezien worden welke accenten en inspanningen behouden moet blijven en welke extra prioriteit vergen. De belangrijkste conclusie uit het VTH-jaarverslag over 2022 is dat er in 2022 ruimschoots binnen de daarvoor gereserveerde budgetten en met het daarvoor beschikbare personeel op uitvoering is gegeven aan bijna alle doelstellingen en ambities die in het VTH-uitvoeringsprogramma voor 2022 zijn geformuleerd. Voor 2023 dient verder zoveel mogelijk op dezelfde voet uitvoering aan de werkzaamheden gegeven te worden als in 2022 gedaan is. In VTH-jaarverslag over 2022 zijn de volgende aandachts-, actie- en verbeterpunten voor 2023 genoemd: In 2022 is een geactualiseerde verordening Kwaliteitscriteria voorbereid en heeft de gemeenteraad ook een nieuw evenementenbeleid, festiviteitenbesluit en terrassenbeleid vastgesteld. Het is wellicht verstandig om alle horeca-ondernemers in de gemeente in het eerste kwartaal van 2023 schriftelijk op de meest relevante (gewijzigde) regels van deze beleidstukken te wijzen, zodat we zeker weten dat ze op de hoogte zijn van de laatste regelgeving. In kader van de RUD-samenwerking is er in 2022 door leden van het VTH-team een wezenlijke bijdrage geleverd aan het redigeren van het VTH-beleid van de RUD. Dit VTH-beleid zal in 2023 gereed gemaakt dienen te worden. De inbreng van het VTH-team van Bergen is hiervoor ook in 2023 noodzakelijk. Er is in 2022 gewerkt aan een nieuwe participatieverordening en handreiking hoe hiermee zal worden omgegaan onder de Omgevingswet. Deze participatieverordening dient in de loop van 2023 gereed te worden gesteld. Een beperkte inbreng van het VTH-team van Bergen is hiervoor in 2023 noodzakelijk. In 2022 was de werkdruk in verband met de behandeling van meldingen evenals vergunning- en ontheffingsaanvragen op het gebied van bouw, APV- en bijzondere wetten hoog in verband met buiten verwachting veel of complexe aanvragen en een toegenomen administratieve werkdruk door gebruikmaking van nieuwe zaaksystemen. Daarnaast is de gemeentelijke organisatie afhankelijk van 1 medewerker die op jaarbasis meer dan 250 ontheffings- en vergunningaanvragen behandeld die noodzakelijk zijn om allerlei evenementen doorgang te kunnen laten vinden. De organisatie en daarmee ook het verenigingsleven van de gemeente is kwetsbaar zonder (gedeeltelijke) achtervang voor deze functie. Het verdient aanbeveling om de functie van een (deeltijd) administratief ondersteunende kracht in 2023 vast in de gemeentelijke begroting op te nemen en deze medewerker ook te begeleiden zodat deze ondersteuning kan bieden bij de inhoudelijke voorbereiding van de beslissingen op deze vergunningaanvragen. In het VTH-jaarverslag over 2022 is aangegeven dat voor 2023 dient te worden bezien of er specifiek op het onderdeel stikstofperikelen aangaande bouwactiviteiten bij vergunningverlening extra kennis in de eigen organisatie geborgd kan worden om de voortgang van vergunningtoetsen te kunnen blijven waarborgen. Het vullen van Djuma met allerhande standaardbrieven op het vlak van handhaving is in 2022 nog niet (volledig) uitgevoerd. Hier ligt nog een opgave voor
  1. Eind december 2022 werd het rapport opgeleverd met betrekking tot de externe Audit omtrent de registratie van politiegegevens die in de gemeentelijke organisatie worden verwerkt (WPG-audit). Dit is een nieuwe wettelijke verplichting waar in 2022 voor het eerst in onze organisatie naar gekeken is door een externe Auditor. Net zoals bij 95% van alle andere gemeenten in Nederland het geval is, ontbreekt het ook in de gemeente Bergen aan op schrift vastgestelde werkprocessen en aangewezen personen om aan al de criteria van de Audit te voldoen. Het toezicht op drankverkoop aan minderjarigen is in 2022 lastig gebleken om effectief uit te laten voeren door de eigen BOA’s, wiens gezichten inmiddels bij de drankverkopers bekend zijn. Voor 2023 dient er budget gereserveerd te worden om inhuur te kunnen plegen op dit onderdeel. Mede als gevolg van enkele incidenten is heeft het BOA-team in 2022 voor het eerst aan trainingen deelgenomen om in 2023 eventueel met een wapenstok en handboeien uitgerust te kunnen worden. In 2023 dienen de formaliteiten rondom het mogen werken met deze geweldsmiddelen en eventueel een bodycam geregeld te worden met de korpschef politietaken en dienen de BOA’s met succes een examen RTGB af te ronden om bevoegdelijk uitgerust te kunnen worden met handboeien en een korte wapenstok. Op basis van de paragraaf 1.2 beschreven ontwikkelingen dienen daarnaast de volgende onderwerpen aandacht te krijgen in 2023: Een advies hoe met burgerparticipatie onder de vigeur van de Omgevingswet om te gaan leggen wordt in 2023 aan de gemeenteraad voorgelegd. In 2023 is het mitsdien noodzakelijk om de ontwikkelingen met betrekking tot de introductie van het landelijk Digitaal Systeem Omgevingswet (DSO) te blijven volgen en te zorgen dat noodzakelijke actie ondernomen wordt om onze eigen werkprocessen en systemen hierop aan te kunnen haken. De introductie van de Omgevingswet vergt dat medewerkers van het team VTH ook in 2023 opleidingen en trainingen (zowel op inhoud als op feitelijke afloop van processen) dienen te volgen om goed voorbereid met de nieuwe wet- en regelgeving en systemen te kunnen werken. Het VTH-uitvoeringsprogramma 2023 dient te voldoen aan de in de artikelen 13.5 en 13.6 van het Omgevingsbesluit genoemde voorwaarden. In 2023 dient beschreven te worden op welke wijze bouwplannen in de praktijk onder de vigeur van de Omgevingswet getoetst zullen worden. Correcte publicatie van besluiten (met name vergunningen onder de vigeur van de Omgevingswet) via de website officielebekendmakingen.nl verdient in 2023 extra aandacht bij VTH-medewerkers. Ontwikkelingen in de jurisprudentie en literatuur vergen dat het gemeentelijke Damoclesbeleid herijkt wordt. Om duidelijkheid te verkrijgen welke verwachtingen politie-agenten en BOA’s van elkaar mogen hebben is het noodzakelijk om een handhavingsarrangement met de politie af te sluiten. Een voorzet hiervoor dient in 2023 door het team VTH geleverd te worden. VTH-medewerkers (met uitzondering van handhavingsjuristen die Djuma blijven gebruiken) worden in 2023 geacht met het programma RXmission te werken. Tenslotte dienen er nog diverse gemeentelijke verordeningen geactualiseerd te worden om daarmee te kunnen werken onder de Omgevingswet. In 2022 zijn deze wijzigingen al grotendeels in beeld gebracht en voorbereid. In dit VTH-programma zal ervoor gezorgd worden dat al deze aandachts- en verbeterpunten actiepunten worden voor
  2. 1.5Beleidstechnische en organisatorische doelstellingen VTH-taken 2023 Hieronder volgt een overzicht van de beleidstechnische en organisatorische doelstellingen op het gebied van VTH-taken voor
  3. Beleidstechnische en organisatorische doelstellingen VTH-taken 2023 Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging zijn we in ieder geval klaar om vergunningaanvragen te kunnen ontvangen en te beoordelen en nemen onze klanten mee door informatie hierover op onze website actueel te houden (we zijn dan Omgevingswet- en Wkb-proof). Binnen 3 dagen dient op meldingen omtrent ergernissen, overtredingen of opmerkelijke zaken die via post, telefoon, e-mail of Reppido bij de gemeente binnenkomen gereageerd te worden. VTH-medewerkers (met uitzondering van handhavingsjuristen die Djuma blijven gebruiken) dienen in 2023 met het programma RXmission te werken. Alle BOA-werkzaamheden gerelateerde zaken die in het BOA-registratiesysteem (BRS) bijgehouden kunnen worden, dienen hierin geregistreerd te worden. De verordening kwaliteit VTH, de VFL en de gemeentelijke legesverordening moeten gelijktijdig met de inwerkingtreding van de Omgevingswet worden gewijzigd. Er wordt wekelijks een gezamenlijk overleg tussen toezichthouders, BOA’s en handhavingsjuristen gehouden over de voortgang van lopende zaken en de beoogde werkzaamheden voor de week. Er wordt wekelijks een initiatievenoverleg gehouden waaraan alle vergunningtoetsers van de gemeente aan deelnemen. Tijdens deze overleggen worden voor alle nieuwe verzoeken / aanvragen beoordeeld wie vanuit zijn of haar discipline een oordeel hieromtrent moet geven en wordt werk verdeeld. In 2023 wordt het Damoclesbeleid conform de nuances in de meest recente jurisprudentie herzien. Het welstandsexcessenbeleid wordt in 2023 geactualiseerd. In 2023 wordt de gemeentelijke Participatieverordening vastgesteld. In 2023 wordt ervoor gezorgd dat er binnen de eigen organisatie voldoende expertise en personele capaciteit beschikbaar is om het onderdeel stikstofperikelen aangaande bouwactiviteiten bij vergunningverlening zonder vertraging van meer dan 2 weken te kunnen beoordelen. In 2023 wordt een Wegsleepbeleid voor fietsen en autowrakken vastgesteld. In 2023 wordt een Handhavingsarrangement met de politie vastgesteld. In 2023 wordt er beleid omtrent de beoordeling van slecht levensgedrag vastgesteld. In 2023 worden er werkafspraken gemaakt omtrent de wijze waarop er in de praktijk uitvoering wordt gegeven aan de in 2022 geïntroduceerde ondermandaatbevoegdheden uit het gemeentelijke mandaatregister. Uiterlijk vóór 1 mei 2023 wordt een verbeterrapport naar aanleiding van de in 2022 uitgevoerde WPG-audit vastgesteld. In 2023 wordt een start gemaakt met de verbetering van de managementtools, zodat op basis van een geautomatiseerd proces via de gemeentelijke zaaksystemen doorgaand een actueel beeld van de voortgang ten aanzien van de uitvoering van ambities in dit VTH-uitvoeringsprogramma verkregen. In 2023 wordt een start gemaakt met het actualiseren van de Zelfevaluatie naar de kwaliteit van de organisatie en de medewerkers met het oog op de Kwaliteitscriteria 2.
  4. Medewerkers van het VTH-team geven in 2023 uitvoering aan de in 2022 vastgestelde gemeentelijke servicenormen (zie paragraaf 1.3). In 2023 wordt de behandeling van minimaal 70% van de bezwaarzaken tegen verleende omgevingsvergunningen verricht door de medewerkers van het Team van Juridisch adviseurs (buiten het VTH-team). Alle BOA’s slagen in 2023 voor hun RTGB-examens voor de toepassing van de geweldsmiddelen handboeien en korte wapenstok. In 2023 wordt besloten of de gemeentelijke BOA’s met een bodycam worden uitgerust. In 2023 wordt of er vóór de introductie van de Omgevingswet besloten moet worden of er al beleid omtrent de wijze van toetsen van aanvragen voor vergunningen voor bouwactiviteiten vastgesteld moet worden met het oog op de nieuwe regels die bij of krachtens de Omgevingswet worden gesteld en gebroken moet worden met de huidige werkwijze die neergelegd is in de Landelijke Toetsmatrix Bouwbesluit
  5. In 2023 worden alle standplaatsen op alle grote vakantieparken in de gemeente Bergen in de Bag-registratie opgenomen in het kader van het BAG project dat onderdeel is van de Landelijke Actie-agenda Vakantieparken 2021-2022 die door het Rijk en de VNG is geïnitieerd. Toelichting Door de introductie van de omgevingswet zal er in meer gevallen dan nu het geval is een reguliere vergunningsprocedure gevolgd kunnen worden waarvoor in beginsel een beslistermijn van acht weken geldt. Deze termijn kan eenmalig met zes weken worden verdaagd. Indien niet binnen de door de wetgever gestelde termijn wordt beslist ontstaat onder de Omgevingswet (Ow) geen vergunning van rechtswege meer. Als de beslistermijn verstreken is, maar er is nog geen besluit genomen kan een gevolg zijn dat de gemeente op grond van Algemene wet bestuursrecht een dwangsom moet betalen aan de aanvrager. De verwachting is dat de werkdruk hierdoor toeneemt. Voor sommige activiteiten betekent deze verandering (ten opzichte van de Wabo) dat veel sneller duidelijk wordt of een vergunning al dan niet wordt verleend (van zes maanden naar acht weken). De bedoeling van de wetgever is dat onder de Ow de voorbereiding van de omgevingsvergunning zoveel mogelijk in de informele voorfase (dus voor het indienen van de officiële aanvraag) plaatsvindt. Op die manier kan met een kortere beslistermijn worden volstaan. Wel bepaalt de Ow dat de uitgebreide procedure van toepassing is, op verzoek of met instemming van de aanvrager. Daarnaast kan het college bij activiteiten die aanzienlijke gevolgen voor de omgeving kunnen hebben en waarvan de verwachting is dat verschillende belanghebbenden bedenkingen zullen hebben, na het horen van de aanvrager, eenzijdig besluiten dat de uitgebreide procedure van toepassing is. De Omgevingswet vraagt om een integrale afweging, met als uitgangspunt: ‘Hoe kunnen we dit initiatief mogelijk maken?’ Dit vraagt om een zorgvuldig proces. Een proces van overleg over het initiatief met bestuurlijke partners, ketenpartners en belanghebbenden. Een proces dat (ruimschoots) start voordat een aanvraag om omgevingsvergunning formeel ingediend wordt bij de gemeente. Dit alles krijgt vorm in het vooroverleg. Echter in het geval van een zeer complex plan, is een regulier vooroverleg mogelijk niet afdoende om vervolgens de behandeltermijn van acht werken te halen. Het in 2022 in het team geïntroduceerde initiatievenoverleg strekt er mede toe om deze gevallen vroegtijdig te duiden en te bepalen wat er in dit gevallen het beste gedaan kan worden, om termijnoverschrijdingen te voorkomen. Ook is onder de Ow een nieuw aanvraagvereiste geïntroduceerd. Het betreft participatie bij een vergunningaanvraag. Dit nieuwe vereiste stimuleert initiatiefnemers om informatie te verschaffen over de wijze waarop de belangen van belanghebbenden zijn gehoord en hoe het resultaat daarvan is verwerkt in het plan. Een initiatiefnemer is namelijk niet (altijd) verplicht om daadwerkelijk aan participatie te doen. Het niet betrekken van de omgeving en/of daarover geen gegevens overleggen, is geen grond voor het buiten behandeling laten of het weigeren van een vergunningsaanvraag. Deze vrijblijvendheid werd bezwaarlijk gevonden in de gevallen waarin wordt afgeweken van het omgevingsplan, een zogeheten ‘buitenplanse omgevingsplanactiviteit’. Dit heeft geresulteerd in een toegevoegde bepaling aan de Ow. In deze bepaling is aan de gemeenteraad de bevoegdheid gegeven om gevallen van buitenplanse activiteiten aan te wijzen, waarbij het wel verplicht is te participeren met de omgeving vóórdat een aanvraag om een omgevingsvergunning kan worden ingediend. Voor die gevallen moet de aanvrager aantonen dat hij aan participatie heeft gedaan. Als hij dit niet doet, kan de aanvraag buiten behandeling worden gelaten. In welke gevallen het verplicht is te participeren en hoe de gemeente de aangeleverde participatiegegevens beoordeeld, zal in 2023 vastgesteld worden in de gemeentelijke Participatieverordening. Hoofdstuk2:Programma vergunningverlening Wabo 2.1Centrale doelen en operationele uitgangspunten In dit uitvoeringsprogramma zijn de algemene doelen uitgewerkt naar de volgende concrete operationele doelen en uitgangspunten: Algemene operationele doelen en uitgangspunten in 2023 m.b.t. het verlenen van vergunningen / beoordeling meldingen Er worden kwalitatief goede vergunningsbesluiten genomen. In een zeer gering aantal gevallen (gesteld op maximaal 5% van het totaal aantal verleende vergunningen) kan het nog voorkomen dat een bezwaarschrift gegrond is en geen stand houdt bij de rechtbank. 90% van de aanvragen worden binnen de wettelijke termijn (al dan niet na een met redenen omklede rechtsgeldige verlenging) afgehandeld. Indien hiervoor goede redenen zijn kan de wettelijke beslistermijn met opgave van redenen worden verlengd. Er wordt 100% voorkomen dat dwangsommen moeten worden betaald wegens het niet tijdig beslissen op een vergunningaanvraag. Van rechtswege verleende vergunningen worden 100% voorkomen. Aanvragen waarbij de lex silencio positivo van toepassing is, worden – indien nodig – met voorrang behandeld. De voortgang van het vergunningverleningsproces wordt dagelijks geactualiseerd via het RXmission-systeem. Alle velden die ingevuld behoren te worden dienen ook gevuld te worden. Mededelingen aan de balie / via de mail die betrekking hebben op vragen omtrent het vergunningsvrij bouwen van bouwwerken worden geregistreerd in het RXmission-systeem. Bouwaanvragen (met uitzondering van bouwwerken geen gebouw zijnde) worden 100% getoetst aan de regels van het bestemmingsplan, de (bouwconstructieve) veiligheidseisen en de redelijke eisen van welstand (indien van toepassing). Niet-gebruikte vergunningen worden ambtshalve ingetrokken na het verstrijken van 3 jaren. De monitoring van deze termijnen wordt systematisch gewaarborgd. Voor bouw- en aanlegactiviteiten geldt alleen dat als met de uitvoering van de werkzaamheden is gestart, en deze tussentijds zijn gestaakt, de wettelijke termijn van 26 weken wordt gehanteerd. Aanvullende voorwaarde voor uitstel van de reguliere intrekkingstermijn is dat het te realiseren plan zal voldoen aan de op dat moment geldende eisen (waaronder die van het Bouwbesluit) en dan actuele planologische inzichten. Meldingen Activiteitenbesluit Milieubeheer worden binnen 3 weken afgehandeld. Meldingen voor nieuwe of veranderde / te veranderen uitwegen worden binnen 3 weken afgehandeld. De gemeente bevordert duurzaamheid door middel van volledige controle op de energieprestatie-eisen en andere voorschriften omtrent duurzaam bouwen bij het beoordelen van bouwaanvragen. Toetsing van aanvragen voor omgevingsvergunningen voor bouwactiviteiten vinden onder de vigeur van de Wabo plaats conform de Landelijke Toetsmatrix Bouwbesluit 2012 die als bijlage 1 bij dit programma is opgenomen. Een nog aan te wijzen vaste contactpersoon van de Veiligheidsregio – brandweer zal in 2023 wekelijks de agenda ontvangen van het afstemmingsoverleg en dient uitgenodigd te worden om bij dit overleg aan te schuiven, wanneer deze daar aanleiding voor ziet. Toelichting Met het oog op de introductie van de Omgevingswet dient ervoor gezorgd te worden dat er voldoende tijd beschikbaar is om ervoor te zorgen dat het werk op een goede wijze uitgevoerd kan worden onder de vigeur van de nieuwe wetgeving. De primaire opgave voor 2023 is dat er na de introductie van de Omgevingswet conform de nieuwe voorschriften en eisen wordt gewerkt en vergunningaanvragen op basis hiervan conform de voorschriften die hier dan voor gelden binnen de voorgeschreven termijnen kunnen worden afgehandeld. 2.2Risico-analyse en prioriteitenmatrix vergunningverlening In dit deel wordt het algemene uitgangspunt van risicogestuurd werken, zoals toegelicht in het beleid, uitgewerkt. De vertaling van beleid naar uitvoering bepaalt de gemeente aan de hand van risico’s. Daar waar de grootste risico’s liggen, worden vergunningaanvragen het meest intensief getoetst. Indien aan de activiteiten waarop de vergunningaanvraag ziet grote risico’s kleven, wordt die aanvraag met meer diepgang beoordeeld dan te vergunnen activiteiten die minder risico’s met zich meebrengen. Dit hoeven niet altijd fysieke (veiligheids)risico’s te zijn. Ook belangen van natuur en milieu evenals rechtszekerheid en bestuurlijke risico’s worden hierin meegewogen. Uiteindelijk resulteert vergunningverlening in een goed afgewogen besluit dat handhaafbaar is en waarbij alle relevante aspecten in de besluitvorming zijn betrokken. Fysieke veiligheid Volksgezondheid Natuur / milieu Financieel-economisch Leefomgeving Bestuurlijke risico’s / rechtszekerheid Gemiddeld Effect Kans op volledige / goede aanvraag Risicogetal Risicowaardering Omgevingsvergunning bouwen en RO Woongebouwen, appartementen, kamerverhuur 5 3 2 3 4 3 2,5 2 2,3 M Logiesgebouw, café, restaurant, winkel 5 3 3 4 4 4 3,5 2 2,8 H Maatschappelijke gebouwen (scholen, Fitnessruimtes, dagverblijven) 5 4 3 4 4 4 4 2 3 H Uitbouwen / aanbouwen 1 3 3 1 2 5 4 2 3 H Bouwwerken geen gebouw zijnde 1 2 1 1 2 1 1,3 2 1,7 L Omgevingsvergunning slopen monument 4 1 3 4 5 1 1,2 2 1,6 L Aanvraag omgevingsvergunning wijzigen monument 3 3 2 3 4 4 3,8 2 2,9 H Aanvraag omgevingsvergunning in afwijking van ruimtelijke regels 1 3 3 2 4 5 3,3 2 2,7 M Melding slopen 4 4 3 3 4 3 3,3 1 2,4 M Melding slopen met asbest 4 5 2 2 4 3 2,8 1 2,8 M Omgevingsvergunning activiteit brandveilig gebruik Aanvraag omgevingsvergunning brandveilig gebruik 5 5 2 3 3 3 3,5 2 2,8 H Melding brandveilig gebruik 5 5 2 3 3 3 3,5 2 2,8 H Omgevingsvergunning op basis APV Aanvraag aanleg inrit / uitweg 4 1 1 1 3 2 2 2 2 M Aanvraag vergunning vellen houtopstand 1 1 4 2 4 3 2,5 2 2,3 M Aanvraag exploitatievergunning APV 2 2 1 3 5 4 2,8 3 2,9 H Vergunningaanvraag evenement 3 3 1 3 4 4 3 3 3 H Melding kleinschalig evenement 2 2 1 1 2 2 1,7 3 2,4 M Aanvraag standplaatsvergunning 2 1 2 1 3 3 2 2 2 M Melding incidentele activiteiten / festiviteiten 1 2 1 1 3 1 1,5 1 1,3 L Drank- en horecawet Aanvraag Drank- en horecawetvergunning 2 5 2 3 4 4 3,3 3 3,2 H Wijzigen Drank- en horecawetvergunning 2 5 2 3 4 4 3,3 3 3,2 H De uitkomst van deze risico-analyse dient als richtlijn gebruikt worden om voor een gehele vergunningscategorie te bepalen hoe intensief deze in relatie tot alle andere vergunningen getoetst dient te worden. Binnen ieder van deze vergunningscategorieën behoort vervolgens voor individuele vergunningen aan de hand van een inschatting van de technisch-inhoudelijke complexiteit en de sociaal-maatschappelijke complexiteit beoordeeld te worden tot welke van de volgende 4 categorieën de concrete aanvraag toebehoort om de uiteindelijke diepgang van toetsing en aandacht voor maatwerk te duiden: Vergunning eenvoudig: Een vergunning voor een situatie met geringe technische en sociaal-maatschappelijke complexiteit bestaat vooral uit standaardvoorschriften. Vergunning eenvoudig+: Is de situatie technisch-inhoudelijk niet complex maar sociaal-maatschappelijk wel, dan bestaat een vergunning vooral uit standaardvoorschriften en geven we extra aandacht aan afstemming, overleg en samenwerking tussen betrokken partijen. Vergunning specifiek: Bij een technisch-inhoudelijk complexe situatie met een geringe sociaal-maatschappelijke complexiteit bestaat de vergunning vooral uit specifieke voorschriften. Vergunning specifiek+: De situatie is technisch-inhoudelijk en sociaal-maatschappelijk gezien complex. Dit vraagt om specifieke voorschriften in een vergunning en een zorgvuldige afstemming, samenwerking en overleg tussen betrokken partijen. 2.3.Prestatiedoelstellingen en toetsingsprotocol bouwen en ruimtelijke ordening In het volgende overzicht wordt per taak van het team vergunningverlening bouw een inschatting gemaakt van de hoeveelheid tijd die er nodig is om deze werkzaamheden (gelet op de te verwachten aantallen vergunningaanvragen) naar behoren te kunnen vervullen: Soort vergunning / werkzaamheden Aantallen Kengetallen (uren per vergunning gebaseerd op toets vóór introductie Wkb) Inschatting van benodigde uren Bouwen Wonen – Categorie I – Dakkapel 6 Wonen – Categorie I (<100.000) eenvoudig 23 Wonen – Categorie I (<100.000) complex 7 Wonen – Categorie II (100.000-1.000.000) 21 Wonen – Categorie III (>1.000.000) 1 Publiek – Categorie I (<100.000) 3 Publiek – Categorie II (100.000-1.000.000) 5 Publiek – Categorie III (>1.000.000) 0 Bedrijf – Categorie I (<100.000) 11 Bedrijf – Categorie II (100.000-1.000.000) 7 Bedrijf – Categorie III (>1.000.000) 0 Integraal – Categorie II-III 0 Overig – Categorie I+II+III 6 5 10 14 24 38 20 35 50 19 26 31 - 16 1600 uur Soort vergunning / werkzaamheden Aantallen Kengetallen (uren per vergunning) Benodigde uren Aanlegactiviteiten 10 3,5 35 Monumenten 5 15 75 Melding brandveilig gebruik 15 9 135 Sloopmelding 65 3,75 245 Intrekken vergunningen 10 5 50 Huisnummerbesluiten 10 3 30 Casemanagement Verrekend met uren onder ‘Bouwen’ Informatievoorziening balie 80 1 80 Telefonisch advies asbest / subsidies en advies en nazorg bij (asbest)brand / incidenten 100 Beoordeling schetsplannen en vooroverleg 300 Voorbereidend werk Omgevingswet 100 Bijhouden van Squit2020 200 Kwaliteitscriteria VTH 50 Afronden onderzoek consequenties Wet private Kwaliteitsborging in de bouw (Wkb) 250 Opleidingen / actualiteitencursussen 150 Afstemmingsoverleg 100 TOTAAL (inclusief 1500 uren voor de behandeling van bouwaanvragen) 3.600 uur Toelichting In totaal wordt becijferd dat er zo’n 3.600 uren benodigd zijn om het aantal vergunningaanvragen dat in 2023 wordt verwacht te kunnen behandelen en daarnaast ook de noodzakelijke andere werkzaamheden te verrichten. Er wordt ingeschat dat er in de praktijk zo’n 3.600 uur aan personele uren beschikbaar zijn (inclusief 350 uur van de nieuwe administratieve deeltijd kracht) om al dit werk uit te voeren bij de medewerkers die blijkens hun functie-omschrijving een rol toebedeeld gekregen hebben bij deze vergunningsverleningstaken. Het is de verwachting dat de introductie van de Wkb op termijn tot gevolg zal hebben dat de medewerkers die vergunningsaanvragen beoordelen hier minder werk aan zullen hebben. Omdat er verwacht wordt dat er nog veel bouwaanvragen vóór de introductie van de Omgevingswet worden ingediend om op de vertrouwde wijze getoetst te kunnen worden, wordt ingeschat dat het aantal uren om bouwaanvragen te toetsen in 2023 slechts in beperkte mate minder zal zijn dan de afgelopen jaren. Toetsingsprotocol bouwaanvragen Aanvragen om een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen worden getoetst aan de voorschriften uit het bestemmingsplan, de redelijke eisen van welstand, de gemeentelijke bouwverordening en het Bouwbesluit
  6. Dit toetsingsprotocol heeft betrekking op de voorschriften uit het Bouwbesluit
  7. De wetgever heeft de technische voorschriften uit het Bouwbesluit niet gedifferentieerd naar zwaarte. Net als voor alle andere gemeenten is het ook voor de gemeente Bergen praktisch niet mogelijk en gewenst om alle voorschriften even uitputtend te toetsen. Hiervoor ontbreken de financiële middelen en capaciteit. Ook vraagt niet elk gebouw/bouwwerk om dezelfde mate van controle en lopen bouwplannen zeer uiteen. De overheid kan zich, gemotiveerd, beperken tot het toetsen van die aspecten die zij het risicovolst acht en dus prioriteit wil geven. Dit kan, omdat de verantwoordelijkheid voor de naleving van de regelgeving sinds 2007 in de Woningwet expliciet bij de marktpartijen is neergelegd. Burgers en ondernemers worden geacht op de hoogte te zijn van de wet- en regelgeving en hebben de primaire verantwoordelijkheid zich hieraan te houden. De opdrachtgever van een bouwproject is ervoor verantwoordelijk dat de bouwwerkzaamheden goed en veilig worden uitgevoerd. Een gebouw moet altijd voldoen aan de voorschriften die staan in het Bouwbesluit. De aanvrager van een vergunning is verantwoordelijk voor het indienen van een correcte aanvraag. De gemeente beoordeelt of de bij de aanvraag om een omgevingsvergunning overgelegde gegevens aannemelijk maken dat de bouwactiviteit voldoet aan de voorschriften van het Bouwbesluit. Door dit aannemelijkheidcriterium te hanteren kan de diepgang van de toetsing van een bouwplan variëren. Deze eigen verantwoordelijkheid van de marktpartijen legitimeert de gemeente om zich te beperken tot het toetsen van die onderdelen van het bouwbesluit die zij belangrijk acht. Met dit toetsingsprotocol wordt weloverwogen en herleidbaar aangegeven welke aspecten welke aandacht verdienen. Met het vastleggen van de toetsniveaus: worden bouwplannen eenduidig, consequent, transparant en adequaat getoetst; worden keuzes en prioriteiten gemotiveerd en bestuurlijk vastgelegd; kan naar burgers en de gemeenteraad toe herleidbaar worden aangegeven aan welke voorschriften uit het Bouwbesluit 2012 is getoetst en met welke intensiteit. Het toetsingsprotocol dat in Bijlage 1 bij dit uitvoeringsprogramma is opgenomen bestaat uit een matrix. In deze matrix worden verticaal de aspecten per hoofdstuk uit het Bouwbesluit 2012 weergegeven, zoals veiligheid (constructie van het bouwwerk, gebruik), gezondheid (geluid, licht, ventilatie), bruikbaarheid (toegankelijkheid, vrije doorgang) en energiezuinigheid (isolatie, terugdringen gebruik gas en elektriciteit). Horizontaal zijn de gebruiksfuncties weergegeven die het Bouwbesluit onderscheidt, zoals woon-, industrie- en winkelfunctie. Per combinatie wordt weergegeven hoe intensief een bouwplan moet worden getoetst. Er is voor gekozen om de Landelijke Toetsmatrix Bouwbesluit 2012 te hanteren. Hierin is een groter belang gegeven aan veiligheid- en gezondheidsaspecten. Bovendien worden bouwwerken die worden gebruikt voor gevoelige gebruiksfuncties intensiever getoetst. Een voorbeeld daarvan is een verzorgingstehuis. Bouwwerken die door hun gebruik of omvang een groter risico vormen voor de brandveiligheid hebben een hoge prioriteit gekregen. De diepgang van de toets kan variëren van “geen toets” tot “volledig toetsen”: Niveau
  8. Geen toets. Er wordt verwacht dat in de toekomst in de Woningwet wordt geregeld dat de aanvrager van een vergunning kan kiezen tussen de huidige Bouwbesluittoetsing door de gemeente of een Bouwbesluittoetsing door een gecertificeerde, private partij. De toets moet dan door de gemeente worden geaccepteerd en hoeft de gemeente de aanvraag niet te toetsen. Niveau
  9. Uitgangspuntentoets. Getoetst wordt of alle stukken beschikbaar zijn om de uitgangspunten van de aanvraag te kunnen beoordelen. De toets beperkt zich tot de aangeleverde stukken („ontvankelijkheidtoets‟). Dit niveau is de minimale invulling. Niveau 1 wordt toegepast wanneer de kans en de gevolgen zeer gering zijn. In het Bouwbesluit 2012 is het aantal voorschriften met 30% teruggebracht in vergelijking met de vorige versie. De resterende voorschriften zijn in principe dermate relevant dat het toekennen van niveau 1 alleen nog uitzonderingen betreft. Niveau
  10. Visueel toetsen. Getoetst wordt of de uitgangspunten op de aangeleverde stukken in de juiste vorm zijn. Per te toetsen aspect wordt nagegaan of de uitgangspunten juist zijn en of de uitkomsten plausibel zijn. Niveau 2 is het basisniveau. Niveau
  11. Representatief toetsen. Per te toetsen aspect wordt nagegaan of de uitgangspunten juist zijn en of de uitkomsten plausibel zijn. Op basis van de visuele toets wordt bepaald welke aspecten moeten worden nagerekend. Het bepalen van de belangrijkste berekeningen blijft een taak van de toetser. Niveau
  12. Volledig toetsen. Getoetst wordt of de uitgangspunten van de aangeleverde stukken in de juiste vorm zijn en of van elk te toetsen aspect de uitgangspunten juist zijn. Van elk te toetsen aspect worden de uitkomsten gecontroleerd of nagerekend. Niveau 4 komt in de matrix alleen voor met betrekking tot het toepassen van gelijkwaardige oplossingen. Elke toets begint met toetsniveau 1 om vast te stellen of alle voor de inhoudelijke beoordeling noodzakelijke gegevens ook daadwerkelijk zijn ingediend en zo nodig aanvullende gegevens op te vragen. Hierbij ligt de focus op de gegevens die nodig zijn om het bouwplan adequaat te kunnen beoordelen. Geeft de matrix aan dat met toetsen op niveau 1 kan worden volstaan, dan gaat de toetser alleen verder als de stukken daartoe aanleiding geven. Hetzelfde geldt voor de andere toetsniveaus zoals aangegeven in de matrix. Vanaf toetsniveau 2 wordt beoordeeld of een uitkomst aannemelijk is. Indien vergunningaanvragen conform de niveaus als bedoeld in de bijgevoegde Landelijke Toetsmatrix Bouwbesluit 2012 wordt getoetst moeten de grootste risico’s adequaat kunnen worden ondervangen. 2.4.Prioriteiten en prestatiedoelstellingen APV en bijzondere wetten Doelstellingen 2023 Ambtshalve worden in 2023 de vergunningen en meldingen van 5 drank- en horecabedrijven geïnventariseerd en geactualiseerd. Er worden 20 vergunningaanvragen conform het gemeentelijke Wet BIBOB-beleid gescreend en behandeld. Het evenementen- en terrassenbeleid wordt dat in 2022 is vastgesteld dient per 1 april 2023 bekend gemaakt te worden en in werking te treden. In 2023 wordt het Damoclesbeleid conform de nuances in de meest recente jurisprudentie herzien. In 2023 wordt er beleid omtrent de beoordeling van slecht levensgedrag vastgesteld. In 2023 worden alle horeca-ondernemers schriftelijk vóór 1 april 2023 op de hoogte gesteld van de wijzingen in het nieuwe terrassen-, festiviteiten en evenementenbeleid. Zij worden tevens uitgenodigd om de noodzakelijke (wijzigings)vergunningen en ontheffingen aan te vragen, indien de gewijzigd regelgeving hier aanleiding toe geeft. Er wordt gewerkt met RXmission en er worden vaste sjablonen en voorbeeldbrieven gebruikt. Binnen 5 werkdagen na ontvangst van een aanvraag wordt een eerste ontvankelijkheidstoets uitgevoerd. Initiatiefnemers krijgen in beginsel 1 keer de mogelijkheid om een onvolledige aanvraag aan te vullen. Daarna wordt de aanvraag buiten behandeling gesteld. Er vindt minimaal eens per 5 weken overleg met de burgemeester plaats over aangevraagde vergunningen en ontheffingen op basis van de APV- en bijzondere wetten. Nieuw verleende vergunningen/ontheffingen worden altijd toegestuurd aan de VTH-coördinator en de toezichthouders die de naleving van deze besluiten dienen te controleren. In het volgende overzicht wordt per taak van het team vergunningverlening APV en bijzondere wetten een inschatting gemaakt van de hoeveelheid tijd die er in 2023 nodig is om deze werkzaamheden (gelet op de te verwachten aantallen vergunningaanvragen) naar behoren te kunnen vervullen. Soort vergunning / werkzaamheden Geschatte aantallen Kengetallen (uren per vergunning gebruik SquitXO) Geschatte benodigde uren (gebruik RXmission) Exploitatievergunningen 15 2 35 Alcoholwetvergunningen 7 2 18 Evenementenvergunningen 70 4,5 360 Meldingen kleine evenementen, festiviteiten en aankondigingsborden 50 1,5 75 Kampeerontheffingen 10 2 25 Tapontheffeingen 35 2 70 Kansspelen 11 2 24 Kapvergunningen 60 3 218 Meldingen aanleggen / veranderen uitwegen 10 3 35 Standplaatsen (incidenteel / markt) 15 2 45 Volledige toetsen Wet BIBOB (aanvragen / transacties) 5 36 180 Wet BIBOB quickscans 15 7 105 Informatievoorziening balie 50 Actualiseren exploitatie en Drank- en horecavergunningen 60 Actualiseren van beleid 50 Testen en inrichten RXmission 100 Opleidingen / actualiteitencursussen 50 TOTAAL 1.495 Toelichting Er wordt ingeschat dat er in 2023 feitelijk zo’n 1500 uur (inclusief 250 uur van de administratieve medewerker) beschikbaar is voor het uitvoeren van voornoemde taken. In 2022 heeft de gemeenteraad een nieuw evenementen- en terassenbeleid vastgesteld dat 1 april 2023 van kracht zal worden. Er wordt op ingestoken om ondernemers van de belangrijkste wijzigingen in dit beleid op de hoogte te brengen. Verwacht wordt dat diverse horecazaken als gevolg van de beleidswijziging een gewijzigde vergunning of aanvullende terrassenvergunning dienen aan te vragen. Op dit vlak worden mitsdien in 2023 meer aanvragen verwacht dan de afgelopen jaren zijn ingediend. Het bestand van drank- en horecabedrijven is nog niet volledig geïnventariseerd en geactualiseerd. Niet alle horecaondernemers beschikken over een adequate Alcoholwet-vergunning. Hier dient de komende jaren actie op ondernomen te worden, zodat alle ondernemers over adequate en actuele vergunningen komen te beschikken. Evenementen zijn belangrijk in de gemeente Bergen. Deze dragen bij aan de saamhorigheid en vergroten de maatschappelijke cohesie. In het in 2022 vastgestelde gemeentelijke evenementenbeleid zijn kaders vastgelegd die duidelijkheid verschaffen voor welke activiteiten en op welke wijze een evenementenvergunning aangevraagd dient te worden. Daarnaast bevat het nieuwe beleid ook kaders die aangeven op welke wijze evenementen prettig, beheersbaar en vooral veilig moeten verlopen. Het vergunningentraject is een belangrijke schakel in het gehele proces. Het is daarbij van belang dat organisatoren een vergunningaanvraag tijdig indienen. Bij een niet tijdige indiening spreken we de organisatoren daarop aan en wijzen hen op het belang van tijdig indienen en hun eigen verantwoordelijkheid hierin. Afhankelijk van het soort evenement en de complexiteit maken we een afweging of de vergunningaanvraag alsnog kan worden behandeld. Indien een aanvraag buiten behandeling wordt gesteld of als er om moverende redenen een voornemen tot weigeren is, wordt altijd vooraf de burgemeester geïnformeerd. 2.5.Prioriteiten en prestatiedoelstellingen omgevingsvergunningen milieuactiviteiten Sinds 2017 zijn alle milieu gerelateerde Wabo-taken bij de GR-RUD Limburg Noord (RUDLN) belegd. Ten behoeve van de programmering van de werkzaamheden stelt de RUDLN jaarlijks een uitvoeringsprogramma op. De werkafspraak binnen de RUDLN is dat eerst de afzonderlijke partners voor de onder hun bevoegdheid vallende taken een lokaal uitvoeringsprogramma vaststellen. Door het samenvoegen van de uitvoeringsprogramma’s van de afzonderlijke partners ontstaat het werkprogramma van de RUDLN. Het RUDLN-uitvoeringprogramma voor de gemeente Bergen (UP-2023) komt op hoofdlijnen overeen met het UP het voor 2022 en is op de volgende afbeeldingen zichtbaar gemaakt. De programmering is gebaseerd op het gemeentelijke inrichtingenbestand en kengetallen die een relatie leggen tussen de bedrijvigheid (activiteiten) in onze gemeente en de daarmee verband houdende werkzaamheden op het gebied van vergunningverlening toezicht en handhaving (VTH). Het is de inschatting dat we 819 uur nodig hebben om de hoeveelheid aanvragen voor vergunningen en meldingen m.b.t. milieuactiviteiten te kunnen behandelen. Een deel van onze gemeentelijke taken wordt structureel buiten onze organisatie belegd. Het uitvoeringsprogramma geeft inzicht in de benodigde capaciteit en middelen. Met het oog op de verwachte introductie van de Omgevingswet in 2024 zal het bestaande inrichtingenbestand geconverteerd dienen te worden naar de nieuwe categorieën van milieu-activiteiten die de Omgevingswet onderscheid. Met het oog op deze conversie is het opportuun om te bezien welke bestaande vergunningen ingetrokken kunnen worden. Alle vergunningen van inrichtingen die ingetrokken worden voor de introductie van de Omgevingswet hoeven immers niet actief geconverteerd dienen te worden. Verwacht wordt dat 100 uur werk gepaard gaat met deze conversie. Hoofdstuk3:Programma toezicht en handhaving 3.1.Operationele uitgangspunten en beleidstechnische en organisatorische doelstellingen Zie paragraaf 1.
  13. In aanvulling hierop gelden in 2023 de volgende uitgangspunten en ambities. Beleidstechnische en organisatorische doelstellingen toezicht en handhaving 2023 Alle nieuwe en (nieuwe stukken m.b.t.) lopende handhavingszaken worden in het zaaksysteem Djuma geregistreerd. Er dient een adequate verantwoording en (integraal) jaarverslag over de toezicht- en handhavingsinspanningen over 2022 gegeven te worden. Vóór 1 maart 2023 dient met de Veiligheidsregio afgestemd te worden welke concrete geplande controles in 2023 door de medewerkers van de Veiligheidsregio voor de gemeente Bergen worden verricht. Tijdens de wekelijkse briefing vindt minstens vier keer per jaar voor ieder taakveld een inventarisatie plaats van voortgang van het uitvoeren van de ambities in het VTH uitvoeringsprogramma 2023 Indien problemen ten aanzien van de uitvoering gesignaleerd worden wordt zo snel mogelijk bezien of deze op te lossen te zijn binnen de voorhanden zijnde budgetten. Gedurende het gehele jaar worden ten minste 2 MBO-stagiaires een stageplaats aangeboden op het gebied van toezicht en veiligheid (BOA-taken). Ten tijde van de inwerkingtreding van de Wkb zijn de toezichts- en handhavingsprocessen bij bouwactiviteiten aangepast aan de Wet kwaliteitsborging bouw (Wkb). Dit omvat de inrichting van processen, de informatievoorziening, de afspraken met uitvoeringsdiensten en private partijen en juridische/inhoudelijke aspecten. Er wordt het gehele jaar door 1 gemeentelijke BOA deelgenomen aan de acties van het Regionaal uitvoeringsteam (ACT) en het Flexibel regionaal uitvoeringsteam (FRIT), het eerste team heeft ten doel ondermijning tegen te gaan, het tweede team heeft ten doel overtredingen met betrekking tot de huisvesting van arbeidsmigranten tegen te gaan. Voor het team van BOA’s worden in 2023 3 portofoons met 3 verschillende roepnummers geregeld. In 2023 worden de formaliteiten en hulpmiddelen geregeld en benodigde examens behaald om de gemeentelijke BOA’s gebruik te kunnen laten maken van bodycams, handboeien en de korte wapenstok. Vóór het einde van 2023 zijn de verbeterpunten uit het voor 1 mei 2023 vast te stellen Wpg-verbeterplan in de praktijk geïmplementeerd (tenzij in dit verbeterplan aangegeven is dat de implementatie hiervan pas later volgt). Operationele uitgangspunten toezicht en handhaving 2023 De bestrijding van ondermijnende criminaliteit heeft prioriteit. Alle toezichthouders dienen doorlopend aandacht te blijven houden voor de signalen die hierop kunnen duiden en personen en bedrijven die een mogelijke rol vervullen bij ondermijnende activiteiten. Iedere toezichthouder heeft bij het surveilleren aandacht voor gevaarzettende / spoedeisende situaties (en onderneemt actie om de ongewenste situatie te beëindigen). Meldingen worden altijd opgevolgd. Door de toezichthouder wordt altijd gecontroleerd na een ontvangen melding. Na de controle wordt indien gewenst contact opgenomen met de melder. De meest voorkomende publieke ergernissen hebben dagelijks aandacht. Tegen alle geconstateerde gevaarlijke en/of spoedeisende situaties wordt meteen opgetreden. RIEC / ACT (regionaal informatie en expertisecentrum) en SIOM (signalerings- en interventieoverleg mensenhandel) casussen zijn altijd spoedeisend. Alle handhavingsverzoeken worden behandeld en afgewikkeld binnen de wettelijke termijnen. Alle panden waarin drugs wordt aangetroffen worden conform Damoclesbeleid gesloten, tenzij er in de jurisprudentie erkende omstandigheden zijn die zich hiertegen verzetten. Tegen ernstige overtredingen wordt altijd meteen opgetreden. Er wordt naar gestreefd iedere dag ten minste één gemeentelijke BOA buiten in het veld aan het werk te hebben die goed zichtbaar is voor de buitenwereld. Constructieve problemen in de bouw worden zo spoedig mogelijk opgespoord. Derhalve wordt er meermaals vóórdat de wezenlijke constructieve bouwwerkzaamheden plaatsvinden in het veld gecontroleerd. De controlebelasting voor burgers en bedrijven wordt zo minimaal mogelijk gehouden. Hiervoor dient er wekelijks met het team toezichthouders, BOA’s en handhavingsjuristen doorgenomen worden welke locaties er op de agenda staan om gecontroleerd te worden. Er worden wekelijks werkoverleggen geagendeerd tussen alle toezichthouders, BOA’s en handhavingsjuristen om de voorgenomen werkzaamheden en voortgang van lopende toezicht- en handhavingszaken te bespreken. Tussen de burgemeester en handhavingsjuristen vindt iedere vier weken een portefeuillehoudersoverleg plaats om informatie en adviezen omtrent lopende handhavingszaken uit te wisselen. Er wordt door de administratieve medewerker van het VTH-team geïnventariseerd welke omgevingsvergunning er voor het kappen van bomen de laatste 5 jaar zijn verleend waaraan een herplantplicht is gekoppeld. Een groene BOA zal samen met een medewerker van de gemeente die gespecialiseerd is in groenplannen (geen lid van VTH-team) in 2023 bij 35 van deze vergunningen nagaan of geheel uitvoering aan de herplantplicht is gegeven. Deze actie wordt aan gekondigd via de gemeentepagina en social media. In 2023 worden 20 landschappelijke inpassingsplannen door een gemeentelijke toezichthouder in samenwerking met de medewerker van de gemeente die gespecialiseerd is in groenplannen (geen lid van VTH-team) gecontroleerd. De medewerker die gespecialiseerd is in groenplannen zal in gevallen waarin afwijkingen worden geconstateerd in samenspraak met betrokkenen en via minnelijk overleg bezien hoe de tekortkomingen kunnen worden opgeheven. 3.2.Doelstellingen toezichttaken 3.2.1 Toezichttaken paars kleurspoor A.Taken en prioriteiten Controles op vergunningen, ontheffingen, meldingen en overeenkomsten bouw en ruimtelijke ordening Bouwen in afwijking van de verleende vergunning Openbaar toegankelijke bouwwerken Hoog Inspectie wordt qua controlefrequentie en nauwkeurigheid meer intensief, indien het gaat om bouwkosten groter dan € 100.000,- en € 1.000.000,- Bedrijfsmatig te gebruiken gebouwen Hoog Nieuwbouw woningen Hoog Aan- , uitbouwen en bijgebouwen Hoog Verbouwing van gebouwen Gemiddeld Bouwwerken geen gebouwen zijnde Gemiddeld Wijzigen monument in afwijking van verleende monumentenvergunning Gemiddeld Slopen in afwijking van de sloopvergunning / sloopmelding Met asbest Hoog Zonder asbest Gemiddeld Gebruik in strijd met verleende vrijstelling / ontheffing / aanlegvergunning Gemiddeld Gebruik van gemeentegronden in afwijking van gebruiks- / pachtovereenkomst Hoog Gebruik van locatie in afwijking van landschappelijk inpassingsplan Hoog Overschrijden termijn tijdelijke vergunningen / gemeentelijke overeenkomsten BOM+ Gemiddeld B.Benodigde en beschikbare toezichtcapaciteit Om structureel toezicht uit te kunnen oefenen op de taken die op het vlak van het paarse kleurspoor in de hoge risicoklasse zijn ingeschaald en ook excessen met betrekking tot de taken die ingeschaald zijn in een gemiddelde risicoklasse, wordt ingeschat dat de volgende toezichtcapaciteit benodigd zal zijn. De inschatting is dat er voor adequaat toezicht op al de voornoemde taken van het paarse kleurpoort 1400 uur benodigd zijn. Verdeeld over drie van de eigen medewerkers is er in de praktijk ook ongeveer 1400 uur aan toezichthoudende capaciteit beschikbaar. C. Welke doelstellingen en kwaliteitseisen worden gesteld? Doelstellingen en kwaliteitseisen controles op vergunningen, ontheffingen, meldingen en overeenkomsten bouw- en ruimtelijke ordening Bij verbouwingen van gebouwen waar geen constructie-technische ingrepen plaatsgevonden hebben wordt in principe alleen een eindcontrole verricht. Er worden 100 omgevingsvergunningen volgens het toezichtprotocol gecontroleerd. De controles op gebruiksveiligheid, constructieve veiligheid en brandveiligheid, duurzaamheid en energiezuinigheid hebben hierbij prioriteit. De inspectie van openbare toegankelijke bouwwerken, bedrijfsmatig te gebruiken gebouwen, nieuwe woningen en aan- en uitbouwen en bijgebouwen worden conform de inspectiematrix die bijgevoegd is uitgevoerd. Bij bouwwerken geen gebouw zijnde wordt de constructie steekproefsgewijs gecontroleerd en een eindcontrole verricht. Alle omgevingsvergunningen voor (de wijziging) monumenten worden gecontroleerd. Vergunningen/toestemmingen voor meldingen van risicovolle sloopactiviteiten (met asbest) worden steekproefsgewijs gecontroleerd. Niet risicovolle (zonder asbest) vergunde / gemelde sloopactiviteiten worden slechts steekproefsgewijs gecontroleerd. Bij afwijking van de verleende sloopvergunningen / sloopmeldingen worden de sloopwerkzaamheden stilgelegd en wordt de arbeidsinspectie dan wel de politie ingeschakeld om eventueel strafrechtelijk te kunnen beboeten. Verleende aanlegvergunningen worden na uitvoering gecontroleerd door de uitvoering van een eindcontrole. Binnen een termijn van uiterlijk 1 week vóór het verstrijken van de termijn waarbinnen een landschappelijk inpassingsplan volgens de vergunning / ontheffing / melding uitgevoerd dient te zijn wordt bij nieuwe besluiten altijd gecontroleerd of er uitvoering aan gegeven is. De bewaking van deze termijnen dient via een systeem geborgd te worden. Binnen een termijn van 1 maand na het verstrijken van de instandhoudingstermijn voor tijdelijke bouw- c.q. omgevingsvergunningen voor bouwactiviteiten, tijdelijke vrijstellingsbesluiten en andere tijdelijke toestemmingen wordt er voor nieuwe besluiten altijd gecontroleerd of de tijdelijk toegestane situatie beëindigd is. Binnen een termijn van 6 maanden na het verlenen van de vergunning c.q. de gereedmelding van het bouwwerk dient gecontroleerd te worden of het bouwwerk conform de verleende vergunning is gerealiseerd. Voor iedere vergunning dient minimaal eenmaal per 6 maanden gecontroleerd te worden of er al gestart is met de uitvoering. Eén grote camping worden geïnspecteerd op overtredingen van bouw- en bestemmingsplanregelgeving conform aanwijzingen van de regionale werkgroep. Steekproefsgewijs worden 5 gevallen onderzocht waarin het verzoek om een bepaald bouwwerk te mogen bouwen is afgewezen. De doelstelling is vast te stellen of toch niet in afwijking van de afwijkende beslissing gebouwd is. Steekproefsgewijs wordt in 5 gevallen onderzocht of er in de praktijk daadwerkelijk vergunningsvrij gebouwd is, nadat men aan de telefoon of aan de balie te horen kreeg hoe vergunningsvrij gebouwd kon worden. Er worden minimaal 10 controles uitgevoerd n.a.v. meldingen omtrent slopen waarbij asbest verwijderd wordt. 100% van de tijdelijke afwijkingsbesluiten waarvan de termijn in 2022 of 2023 afliep worden gecontroleerd. In 2023 wordt bij minimaal 20 kantoren gecontroleerd of ze daadwerkelijk voldoen aan de voorwaarden voor het hebben van minimaal Energielabel C. 3.2.
  14. Geel kleurspoor: Stelselmatige controles op de naleving van milieu-inrichtingen Doelstellingen 2023 Het milieu-inrichtingenbestand wordt geactualiseerd om aan te sluiten bij de milieu-activiteitcategorieën van de Omgevingswet. In 2023 worden de volgende milieucontroles conform het onderstaande schema uit het RUDLN Uitvoeringprogramma 2023 uitgevoerd: 20 controles bij de onderstaande meldingplichtige BTP-inrichtingen 20 controles bij de onderstaande niet meldingplichtige BTP-inrichtingen 5 controles bij agrarische IPPC-inrichtingen 5 controles bij overige vergunning-plichtige inrichtingen 15 hercontroles In de praktijk dienen 1549 uren aan milieutoezicht besteed te worden in 2023 Tenminste 75% van de 1549 uren aan milieutoezicht wordt door het eigen personeel en door de gemeente Bergen gecontracteerde milieumedewerkers uitgevoerd. Geluidsklachten worden in 2023 tijdig in behandeling genomen conform het afgesproken proces (er dienen minimaal 2 verschillende mensen onafhankelijk van elkaar vanaf 2 verschillende adressen te klagen over geluidsoverlast, voordat een toezichthouder in actie komt) met als uiteindelijk doel het aantal klachten te verminderen. In 2023 worden er tenminste 3 geluidscontroles door een extern deskundig bureau uitgevoerd bij horeca-gelegenheden. 3.2.
  15. Rood kleurspoor: Stelselmatige controles op de naleving van brandveiligheidsregelgeving A.Taken en prioriteiten Vergunninggerichte controletaken Gebruik van bouwwerk met bijeenkomstfunctie (horeca, ouderen- en kinderopvang, onderwijs) in afwijking van de benodigde vergunning brandveiligheid Hoog Gebruik van bouwwerk met overige functies in afwijking van de benodigde melding / vergunning brandveiligheid Hoog Gebruik van inrichting in afwijking van vergunning Brandbeveiligingsverordening Zeer hoog Objectgerichte controletaken Gebruik bouwwerk met bijeenkomstfunctie (horeca, ouderen- en kinderopvang, onderwijs) zonder de benodigde vergunning brandveiligheid Hoog Gebruik bouwwerk overige functies zonder de benodigde vergunning brandveiligheid Hoog Gebruik van bouwwerk met bijeenkomstfunctie (horeca, ouderen- en kinderopvang, onderwijs) in afwijking van de benodigde vergunning brandveiligheid Hoog Gebruik van inrichting zonder vergunning Brandbeveiligingsverordening Zeer hoog Staat van brandveiligheidsinstallaties en vluchtrouteaanduidingen Hoog Gebruik in strijd met Besluit brandveilig gebruik bouwwerken Hoog Evenementen of festiviteiten zonder benodigde vergunning Hoog B.Beschikbare toezichtcapaciteit Er zal bij de Veiligheidsregio Limburg Noord – Brandweerdistrict Venray zo’n 300 uur beschikbaar zijn om toezicht te houden op de bovenstaande taken. C.Hoe verdelen we de beschikbare toezichtcapaciteit over de diverse taken met prioriteit? Toezicht Brandweer Benodigde uren op jaarbasis Controle brandveilig gebruik bouwwerken in afwijking van vergunning / ontheffing 170 Gebruik van inrichting in afwijking van vergunning Brandbeveiligingsverordening 50 Gebiedsgerichte controles - Themagerichte inspectiecontroles - Controles n.a.v. klachten, meldingen en handhavingsverzoeken 20 Hercontroles om voortgang handhavingszaken te controleren 60 TOTAAL 300 uur D.Welke doelstellingen en kwaliteitseisen worden gesteld? Melding / Vergunninggerichte controletaken Gebruik van bouwwerk met bijeenkomstfunctie (horeca, ouderen- en kinderopvang, onderwijs) in afwijking van de benodigde vergunning brandveiligheid Iedere melding / vergunning altijd volledig controleren Gebruik van bouwwerk met overige functies in afwijking van de benodigde melding / vergunning brandveiligheid Iedere melding / vergunning altijd volledig controleren Gebruik van inrichting in afwijking van vergunning Brandbeveiligingsverordening Iedere vergunning altijd volledig controleren Objectgerichte controletaken Controles van bouwwerken / inrichtingen van bestaande voorraad Er worden minimaal 35 verschillende brandveiligheidscontroles uitgevoerd m.b.t. de bouwwerken / inrichtingen uit de bestaande voorraad Controles op evenementen Er wordt capaciteit ingeruimd door de Veiligheidsregio om 5 evenementen op brandveiligheid te kunnen controleren Hercontroles Er wordt capaciteit ingeruimd door de Veiligheidsregio om 5 hercontroles uit te kunnen laten voeren Het streven van de VRLN is erop gericht om met name de probleemgevallen meer aandacht met hercontroles te geven. 3.2.
  16. Blauw kleurspoor: Gebiedsgerichte inspecties Blauwe BOA A. Taken en prioriteiten Vergunninggerelateerde controletaken bijzondere wetten (Blauwe BOA) Gebruik inrichting in afwijking van de Drank- en horecavergunning Gemiddeld Gebruik kansspelen in afwijking van de vergunning Laag Verbod om seksinrichting in afwijking van verleende vergunning te exploiteren Hoog Verbod om evenement in afwijking van verleende vergunning plaats te laten vinden Gemiddeld Verbod om horecabedrijf in afwijking van exploitatievergunning te exploiteren Laag Verbod op vuurwerk in afwijking van verleende vergunning te verkopen Laag Gebiedsgerichte inspectietaken bijzondere wetten (Blauwe BOA) Voorwerpen op of aan de weg Laag Hinderlijke beplanting of gevaarlijk voorwerp Laag Rookverbod in bossen en natuurterreinen Laag Plakken en kladden Laag Hinderlijk gedrag (openbare ruimte / drankgebruik) Gemiddeld Hondenoverlast (loslopen en verontreiniging) Gemiddeld Vuurwerk (alleen rond oudjaar) Laag Drugsoverlast Laag Verkeer in natuurgebieden Laag Vuur stoken Laag Kamperen buiten kampeerterrein Laag Standplaats innemen buiten de aangewezen gebieden Laag Kappen van houtbestanden Laag Parkeerexcessen (auto’s) Laag Parkeerexcessen (kampeermiddelen en grote voertuigen) Gemiddeld Nachtregister controleren op volledigheid en actualiteit Gemiddeld Gebruik inrichting zonder vergunning Laag Gebruik kansspelen zonder vergunning Laag Opsporing van excessen op het gebied van overtreding van de regels van het bestemmingsplan-, bouw-, brandveiligheid-, welstands-, monumenten- en milieuregelgeving. Zeer hoog Zonder melding uitrit realiseren Laag Asbestverontreinigingen Hoog De primaire functie van de Blauwe BOA is om uitvoering te geven aan de ambitie om gebiedsgericht programmatisch toezicht op de regels van het Omgevingsrecht plaats te kunnen laten vinden. De Blauwe BOA heeft de volgende standaard aandachtspunten: het dumpen van afval/afvalstoffen; vuurwerk/paasvuren, overlast van honden (bijtincidenten, loslopende honden, hondenpoep); parkeren van voer- en vaartuigen (op de openbare weg, op fietspaden, bij scholen, voor inritten) en neerzetten van containers en andere obstakels; wrakken; reclame-uitingen en spandoeken; uitstallingen bij winkels; overlast van jeugd. Daarnaast wordt de blauwe BOA ingezet bij het sluiten van panden waar Opiumwet delicten zijn begaan en tijdens evenementen voor het toezien op de naleving van de verleende evenementenvergunning en/of ontheffing en vervullen zij een rol bij de aanpak van ondermijning en jeugdoverlast. Zij leveren daarmee (net als de bouwtoezichthouders) een bijdrage aan de veiligheidsaanpak. Tenslotte zorgt de blauwe BOA voor (her)controles met betrekking tot handhavingszaken die geen specialistische kennis op het gebied van bouw-, brandveiligheid- of milieuregelgeving vergen. Bij uitzondering kan de blauwe BOA na goedkeuring van de coördinator VTH ingezet worden bij het uitoefenen van adequaat toezicht op de juistheid van de adresgegevens na een daartoe strekkend verzoek van het team Burgerzaken. Wanneer er twijfel bestaat over de juistheid van het adres wordt een adresonderzoek opgestart. Dit kan zowel een administratieve controle als een fysieke adrescontrole zijn. Het doel van het adresonderzoek is om de feitelijke bewoningssituatie op een adres vast te stellen en deze, voor zover de aangetroffen personen langer dan 4 maanden in Nederland (gaan) verblijven, in de BRP te registreren. Veelal is een schriftelijk uitgevoerd adresonderzoek toereikend om te komen tot een juiste BRP- registratie. Indien dit niet het geval is volgt een fysieke adrescontrole. B. Beschikbare en benodigde toezichtscapaciteit Er wordt ingeschat dat er ongeveer 1250 uur aan beschikbare toezichthoudende capaciteit voorhanden is in 2023 en dat al deze uren benodigd zijn voor het uitvoeren van de hierna genoemde taken en ambities. Ook zullen er 50 uren van de gemeentelijke BOA Domein I dienen worden besteed aan toezicht op de naleving van de regels van de Alcoholwet en op basis hiervan verleende vergunningen (grijze kleurspoor). De verwachting is dat er daarnaast nog 200 uur inhuur van een externe BOA Domein I noodzakelijk is om gedurende de vakantieperiodes van de gemeentelijke BOA Domein I en in de weekenden te kunnen garanderen dat er voldoende doorlopend toezicht door BOA’s op het grondgebied van de gemeente plaatsvindt. C. Welke doelstellingen en kwaliteitseisen worden gesteld? Doelstellingen en kwaliteitseisen gebiedsgericht toezicht in 2023 De blauwe BOA is 70% van zijn werkzame tijd buiten in het veld actief. Boa-meldingen openbare ruimte worden bij spoed direct in behandeling genomen. BOA’s hebben al de voor hun functie noodzakelijke bijscholingstrajecten met goed gevolg afgesloten en dragen geen geweldsmiddelen tenzij alle bevoegdheden en behaalde examens hiervoor aanwezig zijn. Na het signaleren van beboetbare overtredingen van lichte ernst worden personen bij wie de eerste keer wordt gesignaleerd dat ze zich hier schuldig aan maken volstaan met het geven van een waarschuwing. Bij beboetbare overtredingen van zware ernst wordt er in beginsel direct een boete uitgeschreven. Voorbeelden van deze categorie zijn misbruik van gehandicaptenparkeerplaatsen, het blokkeren van wegen voor doorgaand verkeer en verkeersonveilige situaties. Van de 5 gebieden die in het buitengebied onderscheiden worden dient het kwadrant ter hoogte van Well (zie kaart van bijlage 2) uitgebreid gecontroleerd op de in de vastgestelde schema’s benoemde aandachtspunten (met behulp van luchtfoto’s dient opsporing plaats te vinden van overtredingen die niet zichtbaar kunnen zijn vanaf de openbare weg). De keuze voor het kwadrant Well is gelegen in het feit dat de afgelopen jaren de andere kwadranten al gecontroleerd zijn. In al de woonkernen van de gemeente Bergen worden conform het vastgestelde inspectieprofiel gecontroleerd. Uiterlijk binnen 2 werkdagen wordt een bezoek ter plaatse gebracht op die locaties op het grondgebied van de gemeente Bergen waarover geklaagd wordt of waarover meldingen worden ingediend Parkeerexcessen in het centrum van Nieuw Bergen worden meermaals per week actief opgespoord. Gedurende de laatste 2 weken van december 2023 is er dagelijks een BOA actief om te ageren tegen vuurwerkoverlast. Alle geconstateerde afvaldumpingen worden op sporen van de dader onderzocht. Indien een dader kan worden geïdentificeerd wordt een proces-verbaal opgemaakt en maximaal beboet. Daarnaast worden de kosten van bestuursdwang verhaald. Eén blauwe BOA neemt 1 dag in de week (maximaal 8 uur) deel aan intergemeentelijke controles van het Regionale interventieteam. Er is actief aandacht voor eventuele verkoop van alcohol in supermarkten en slijterijen aan jongeren <18 jaar. Gebruik van alcohol door jongeren <18 jaar op hotspot locaties in de openbare ruimte. Daarnaast is er doorlopend toezicht op het gebruik van lachgas en drugs in de openbare ruimte. Eén blauwe BOA neemt in 2023 deel aan het project Project Rode en Groene Spoor van de Regiodeal Limburg-Noord. Mensen die gemeentelijke bermen die bedoeld zijn om bloemen en kruiden in te laten floreren zonder toestemming maaien worden hier mondeling op aangesproken en krijgen uitgelegd waarom het belangrijk is om deze bermen niet te maaien voordat zaden geproduceerd zijn. Alle op last van de burgermeester te sluiten woningen en lokalen worden door de blauwe BOA (in samenwerking met een slotenmaker) gesloten. In 2023 wordt minimaal 2 keer in burger door de blauwe BOA gecontroleerd op hondenoverlast-overtredingen. Gebiedsgerichte controles: Voortdurende controles buitengebied Arrangement Patrouille met de auto en opsporing aan de hand van luchtfoto’s Gebiedsindeling Het gehele grondgebied van de gemeente Toezichtsgebied en -frequentie 1 dagdeel (4 uur) per week onderzoek aan de hand van luchtfoto’s en daarnaast tijdens iedere autorit Urentotaal voor controles 400 uur Bedreigingen Illegale bouwsels (containers, onderkomens (zuipketen), schuilgelegenheden en hekwerken) Overtredingen van de Opiumwet en verkoop drank aan minderjarigen Illegaal gebruik bebouwing voor hennepteelt, opslagdoeleinden of illegale bewoning Evenementen of festiviteiten zonder benodigde vergunning Vervuiling oppervlaktewater of riool (lozingen & stortingen) Geluid- en trillingshinder Stankoverlast (Luchtkwaliteit, stookinstallaties, geur- en stofhinder) Illegale opslag (rommelige buitenopslag) Aanleg van werken (geen bouwwerken) zonder vergunning (aarden wal, verstoring oorspronkelijk reliëf) Illegale zanddepots Illegale sloop (slopen zonder sloopvergunning) met asbest Gebiedsgerichte controles: Inspectieprofiel gedetailleerde controles buitengebied zuidelijk kwadrant Arrangement Patrouille (rijden over de hoofdwegen en situaties waarin bedreigingen verondersteld worden concreet inventariseren) Gebiedsindeling 5 landelijke agrarische gebieden inclusief de daarin gelegen bos- en natuurgebied zoals deze op de bijgevoegde kaartuitsnede zijn weergegeven. Toezichtsgebied en -frequentie In 2023 is het kwadrant ter hoogte van Well aan de beurt om geïnspecteerd te worden (de contouren van deze kwadranten zijn op de bijgevoegde kaartuitsnede weergegeven). Urentotaal voor controles 300 uur Waarden Bossen en open gebied evenals recreatief en agrarisch Bedreigingen Illegale bouwsels (containers, onderkomens (zuipketen), schuilgelegenheden en hekwerken) Gebruik van bouwwerk met bijeenkomstfunctie (horeca, ouderen- en kinderopvang, onderwijs) in afwijking van de benodigde vergunning brandveiligheid Staat van brandveiligheidsinstallaties en vluchtrouteaanduidingen Gebruik in strijd met Besluit brandveilig gebruik bouwwerken Illegaal gebruik voormalige agrarische bebouwing (hennepteelt, opslagdoeleinden en ambachtelijke bedrijvigheid) Evenementen of festiviteiten zonder benodigde vergunning Gebruik bouwwerk overige functies zonder de benodigde vergunning brandveiligheid Vervuiling oppervlaktewater of riool (lozingen & stortingen) Geluid- en trillingshinder bedrijven (niet-zijnde horecabedrijven) Bouw zonder vergunning categorie gemiddelde overtreding (woon- of recreatieve onderkomens, containers, schuilhutten of schuurtjes, aan- of uitbouwen tot 50 m2, kassen, silo’s en gastanks) Illegale opslag (rommelige buitenopslag) Aanleg van werken (geen bouwwerken) zonder vergunning (aarden wal, verstoring oorspronkelijk reliëf) Illegaal gebruik van gronden met de bestemming Aln en natuurgebied voor agrarische doeleinden Nieuwe inrichtingen / wijzigingen bestaande inrichtingen zonder vergunning / ontheffing / melding Geluidhinder van horecagelegenheden Gebruik als tuin / bedrijfsterrein in strijd met bestemming Illegale sloop (slopen zonder sloopvergunning) met asbest Illegaal gebruik locatie voor verblijfsrecreatie Bouw zonder vergunning categorie ernstige overtreding (zoals de bouw van een woning, bedrijfsgebouw, aan- / bijgebouwen groter dan 50 m2, openbaar toegankelijk bouwwerk, loods) Geluid- en lichthinder bij festiviteiten en evenementen Stankoverlast (Luchtkwaliteit, stookinstallaties, geur- en stofhinder) Geluid- en lichthinder bij festiviteiten en evenementen Opslag (opslag van stoffen, opslag in tanks) Gebruik van agrarische bedrijfswoningen als burgerwoningen Gebiedsgerichte controles: Inspectieprofiel woongebieden Arrangement Patrouille (rijden over de hoofdwegen en situaties waarin bedreigingen verondersteld worden concreet inventariseren) Aantal kwadranten 9 woongebieden Urentotaal voor controles 350 uur Waarden Cultuurhistorische, architectonische en stedenbouwkundige waarden Grote diversiteit aan bouwwerken en -vormen Rust Bedreigingen Gebruik van inrichting zonder vergunning Brandbeveiligingsverordening (Externe) veiligheid Onderkomens (caravans, containers, dierenverblijven) Gebruik van bouwwerk met bijeenkomstfunctie in afwijking van de benodigde vergunning brandveiligheid Staat van brandveiligheidsinstallaties en vluchtrouteaanduidingen Gebruik in strijd met Besluit brandveilig gebruik bouwwerken Evenementen of festiviteiten zonder benodigde vergunning Gebruik bouwwerk overige functies zonder de benodigde vergunning brandveiligheid Vervuiling oppervlaktewater of riool (lozingen & stortingen) Geluid- en trillingshinder bedrijven (niet-zijnde horecabedrijven) Illegale opslag (rommelige buitenopslag) Aanleg van werken (geen bouwwerken) zonder vergunning (aarden wal, verstoring oorspronkelijk reliëf) Nieuwe inrichtingen / wijzigingen bestaande inrichtingen zonder vergunning / ontheffing / melding Geluidhinder van horecagelegenheden Gebruik als tuin / bedrijfsterrein in strijd met bestemming Illegale sloop (slopen zonder sloopvergunning) met asbest Illegaal gebruik locatie voor verblijfsrecreatie Bouw zonder vergunning categorie ernstige overtreding (zoals woning, aan- / bijgebouwen groter dan 50 m2, openbaar bouwwerk, loods) Geluid- en lichthinder bij festiviteiten en evenementen Stankoverlast (Luchtkwaliteit, stookinstallaties, geur- en stofhinder) Geluid- en lichthinder bij festiviteiten en evenementen (Rommelige) opslag (opslag van stoffen, opslag in tanks) Afval (illegale stortingen / zwerfafval) Verstoring straatbeeld (o.a. ook Illegale reclamebebording) Staat van onderhoud bouwwerken, erven en terreinen (verwaarloosde / leegstaande panden) Aantasten kwaliteit specifieke panden (monumenten) Gebiedsgerichte controles: Inspectieprofiel recreatiegebieden Arrangement Controle op terrein Deelgebieden 9 recreatiegebieden (zonder mini-campings) Toezichtfrequentie Er wordt 1 grote camping gecontroleerd Urentotaal voor controles 300 uur Waarden Rust Diversiteit Natuurbeleving Cultuurhistorische waarden Bedreigingen Gebruik van inrichting zonder vergunning Brandveilig gebruik Overtredingen van de Opiumwet en verkoop drank aan minderjarigen Illegale huisvesting Illegale en te grote onderkomens (caravans, containers, dierenverblijven) en provisorische bebouwing in strijd met (brand)veiligheidseisen Gebruik van bouwwerk met bijeenkomstfunctie (horeca, ouderen- en kinderopvang, onderwijs) in afwijking van de benodigde vergunning brandveiligheid Staat van brandveiligheidsinstallaties en vluchtrouteaanduidingen Gebruik in strijd met Besluit brandveilig gebruik bouwwerken Evenementen of festiviteiten zonder benodigde vergunning Gebruik bouwwerk overige functies zonder de benodigde vergunning brandveiligheid Vervuiling oppervlaktewater of riool (lozingen & stortingen) Geluid- en trillingshinder bedrijven (niet-zijnde horecabedrijven) Illegale opslag (rommelige buitenopslag) Aanleg van werken (geen bouwwerken) zonder vergunning (aarden wal, verstoring oorspronkelijk reliëf) Nieuwe inrichtingen / wijzigingen bestaande inrichtingen zonder vergunning / ontheffing / melding Geluidhinder van horecagelegenheden Gebruik als tuin / bedrijfsterrein in strijd met bestemming Illegale sloop (slopen zonder sloopvergunning) met asbest Bouw zonder vergunning categorie ernstige overtreding (zoals de bouw van een woning, bedrijfsgebouw, aan- / bijgebouwen groter dan 50 m2, openbaar toegankelijk bouwwerk, loods) Geluid- en lichthinder bij festiviteiten en evenementen Stankoverlast (Luchtkwaliteit, stookinstallaties, geur- en stofhinder) Geluid- en lichthinder bij festiviteiten en evenementen Opslag (opslag van stoffen, opslag in tanks) Afval (illegale stortingen / zwerfafval) Gebruik kleuren, materialen, details bij onderhoud in ernstige strijd met welstand 3.2.
  17. Grijskleurspoor: Inspectietaken Alcoholwet en exploitatievergunningen horeca A.Taken en prioriteiten Gebiedsgerichte inspectietaken Alcoholwet Inrichtingseisen horecabedrijf Gemiddeld Leeftijdsgrenzencontrole drankverkoop jongeren Laag Controle reclame alcoholhoudende drank Laag B.Welke doelstellingen en kwaliteitseisen worden gesteld? Themagerichte controles Alcoholwet Arrangement Gerichte inzet op afroep Gebied Geheel grondgebied Bedreigingen Gebruik kansspelen zonder vergunning Geluid- en lichthinder Leeftijdsgrenzencontrole drankverkoop jongeren Controle reclame alcoholhoudende drank Verbod om horecabedrijf in afwijking van exploitatievergunning te exploiteren Taken voor BOA die op Alcoholwet controleert De volgende controles moeten uitgevoerd worden in 2023: Controle op leeftijdsgrenzen drankverkoop: Extern bedrijf controleert undercover bij 10 verschillende inrichtingen. Controle naleving vergunning / ontheffing paracommerciële inrichtingen: 10 controles Controle naleving vergunning / ontheffing horeca inrichtingen: 20 controles Controle naleving vergunning / ontheffing evenementen: 5 evenementen De controles op de naleving van de Drank- en horecavergunning worden voor 1/5 deel uitgevoerd door de gemeentelijke blauwe BOA en voor 4 / 5 deel door externe inhuur van gespecialiseerde toezichthouders. 3.2.
  18. Groen kleurspoor: Inspectieprofielen gebiedsgericht toezicht Groene BOA’s A. Taken en prioriteiten Vergunninggerichte controletaken Het innemen van een ligplaats op de openbare wateren van de gemeente in afwijking van de vergunning op basis van de Verordening Leukermeer Gemiddeld Gebruik in afwijking van ontheffing op basis van de Boswet Laag Omgevingsvergunningen voor de kap van bomen en herplantverplichtingen Gemiddeld Gebiedsgerichte inspectietaken Het innemen van een ligplaats op de openbare wateren van de gemeente zonder vergunning Laag Het verbod om watersportvoorzieningen te realiseren binnen bepaalde in de verordening aangewezen gebieden Laag Het verbod om waterscooters te gebruiken binnen toepassingsgebied Gemiddeld Kappen van houtbestanden waarop Boswet van toepassing is Hoog Gebruik van natuurgebieden als crossterrein door motoren Hoog Handelen zonder benodigde ontheffing (Flora en fauna) Gemiddeld Vuur stoken zonder de benodigde ontheffing / in strijd met verboden Gemiddeld Op basis van de dataset van het SSIL (meest complete recente is uit 2021) zijn dit de meest voorkomende overtredingen in Limburg: Meest voorkomende overtredingen) Dumpen afval (2021: 10.000 +) Loslopende honden (aantal 2021: 370) Betreden (aantal 2021: 331) Aantasting overige Natuur (aantasting natuurelementen) (aantal 2021: 294) Aantasting flora fauna (aantal 2021: 218) Stroperij vis (aantal 2021: 172) Crossen (aantal 2021: 146) Stroperij Landbodem (aantal 2021: 142) Dumpen afval synthetisch (aantal 2021: 61) Lozing op oppervlakte water (aantal 2021: 29) Lozing op/in de bodem (aantal 2021: 27) B. Beschikbare toezichtcapaciteit Er is naar verwachting 2400 uur aan Groene BOA-capaciteit voorhanden in
  19. Geheel 2023 heeft de gemeente de beschikking over 2 Fulltime groene BOA’s (Domein II) die hun noodzakelijke diploma’s behaald hebben. C. Hoe verdelen we de beschikbare toezichtcapaciteit over de diverse taken met prioriteit? Inspectieprofiel watergebieden Maas, Voorhaven, Leukermeer en Reindersmeer Arrangement Patrouillemodel Deelgebieden Maas, Voorhaven, Leukermeer en Reindersmeer Toezichtfrequentie Gedurende vakantieseizoen dagelijkse inspecties / buiten vakantieseizoen maandelijkse inspecties Urentotaal voor controles 1000 uren Waarden Rust Diversiteit Natuurbeleving Cultuurhistorische waarden Bedreigingen en punten van aandacht voor toezicht Geldig vaarbewijs (snelle motorboot) Negeren in- en uitvaartverbod Brandblusser/reddingsvest aan boord Gebruik deugdelijke dodemansknop/koord Toegestane max. snelheid overschrijden (Leukermeer) Bestuurder snelle motorboot < 18 jaar. Registratienummer goed lees/zichtbaar op snelle motorboot Toezicht op openbare orde en veiligheid op en rondom het water Controle inname ligplaatsen zonder of in afwijking van vergunning Toezicht op verbod om waterscooters te gebruiken Toezicht op verbod watersportvoorzieningen te realiseren Toezicht op visserijwet Toezicht op illegaal kamperen / overnachten Overtredingen van de Opiumwet en gebruik alcohol door minderjarigen Inspectieprofiel buitengebied en recreatiegebieden v.w.b. overtredingen opgenomen in de APV van de gemeente Bergen Arrangement Patrouillemodel Gebied Buitengebied Toezichtfrequentie Doorlopende controle van het gebied. Bij aanwezigheid in de gebieden oog hebben voor eventuele overtredingen. Urentotaal voor controles 400 uren Bedreigingen Overtredingen van de Opiumwet en gebruik alcohol door minderjarigen Plukverbod paddenstoelen Vuur stoken Parkeerexcessen/overlast Voor recreatief nachtverblijf zonder toestemming rechthebbende overnachten Overtredingen afvalstoffenverordening Art. uit Verordening Leukermeer e.o. Illegale kap Stroperij Inspectieprofiel visvijvers en oevers langs de Maas, beken, recreatiegebied het Leukermeer en Kampergeul Arrangement Patrouillemodel Gebied Rondom de watergebieden Toezichtfrequentie Doorlopende controle van het gebied. Bij aanwezigheid in de gebieden oog hebben voor eventuele overtredingen. Urentotaal voor controles 400 uren Bedreigingen Visserijwet Overtredingen van de Opiumwet en gebruik alcohol door minderjarigen Stroperij Milieufeiten (o.a. vuur stoken, afval) Illegale visserij Illegaal kamperen Afval achterlaten/dumpen afval Wet dieren (WED) Verordening Leukermeer e.o. ( o.a. aanlegplaatsen, gebruik steigers, verbod waterscooters, innemen ligplaatsen) Toezicht en handhaving in de bossen en natuurterreinen waarvoor toegangsbepalingen gelden (overtreding Art. 461 W.v.Str) Arrangement Patrouillemodel Gebied In en rondom de natuur- en recreatiegebieden van de gemeente Bergen Toezichtfrequentie Doorlopende controle van het gebied. Bij aanwezigheid in de gebieden oog hebben voor eventuele overtredingen. Urentotaal voor controles 600 uren Waarden Bebossing en open gebied Recreatief en agrarisch Bedreigingen Zwemmers in natuurgebieden (Reindersmeer) Aan de oevers recreërende mensen Loslopende hond(en) Ruiters buiten aangegeven ruiterroute ATB’ers op gemarkeerde wandelroutes Met gemotoriseerd verkeer (crossmotoren/quads/auto’s) Het zich begeven buiten wegen en paden In gebied begeven tussen zonsondergang en zonsopgang Achterlaten afval en illegale stort van afval Vernielingen aanbrengen Stroperij Vuur stoken Illegale kap Overtredingen van de Opiumwet en gebruik alcohol door minderjarigen D. Welke doelstellingen en kwaliteitseisen worden gesteld? Doelstellingen Groene Kleurspoor Er wordt gedurende het gehele jaar conform de vastgestelde inspectieprofielen gecontroleerd (in totaal 2400 uur aan patrouilles). De groene BOA’s zijn 70% van hun werkzame tijd buiten in het veld actief. We zijn een gemeente met veel natuur waar veel in wordt gerecreëerd. Naarmate de gebieden drukker bezocht worden wordt hier ook meer actief en structureel gecontroleerd op de naleving van regelgeving. In de regel is er in de winter iedere dag altijd 1 groene of blauwe BOA in het veld actief. In de drukke weekenden gedurende de zomerperiodes kan het noodzakelijk worden geoordeeld dat er 2 of zelfs 3 BOA’s actief moeten zijn. Op jaarbasis wordt als richtlijn gehanteerd dat minstens 70 processen-verbaal worden uitgeschreven. In 2023 vindt er rondom natuurgebieden stelselmatige opsporing plaats van illegale gronddepots, kappen van bomen, nieuwe ongemelde uitwegen, oneigenlijk gebruik van recreatiegebieden en hondenoverlast. In 2023 zal het meest intensief door de groene BOA’s gecontroleerd worden op de volgende plekken: Het Eendenmeer, het Reindersmeer,het Leukermeer, de Baand (zuidelijke hoogwatergeul) evenals de bekende drukke plekken langs de Maas. Er worden 6 grootschalige acties gepland om in samenwerking met BOA’s die aangesloten zijn bij het regionale handhavingsconvenant te controleren op onder andere illegale mountainbike-, motorcross- en stroperij-activiteiten. Tijdens deze acties wordt ook gecontroleerd op onder andere overtredingen. In 2023 zal één van de groene BOA’s een projectleidersrol vervullen om met collega BOA’s van het SBB, het Limburgs Landschap en de Provincie (ongeveer 4 a 6 personen) twee kleinschalige acties organiseren op het gebied om de illegale cross- en mountenbike-prakijken aan te pakken. Iedere groene BOA heeft minstens 1 keer per maand weekenddienst. Daarnaast is er voor die weekenden dat er geen groene BOA in het veld actief is gewaarborgd dat één groene BOA piketdienst heeft en bereikbaar en voor inzet paraat is, indien zich calamiteiten voordoen of er bijzondere meldingen binnenkomen. Tijdens Nederlandse en Duitse feestdagen evenals vakanties is er in 2023 altijd een groene BOA op Bergen grondgebied actief. Per kwartaal worden geanonimiseerde overzichten van alle overtredingen die de BOA’s op het grondgebied van de gemeente Bergen gesignaleerd hebben aan SSiL aangeleverd om deze voor intern gebruik op een interactieve kaart zichtbaar te maken. In 2023 heeft de controle op het correct gebruik van routes door de diverse doelgroepen (wandelaars, mountainbikers, ruiters) prioriteit. Met name het gebruik van intensieve wandelroutes door mountainbikers dient daar waar dit niet is toegestaan aangepakt te worden. Indien het nieuwe Verkeerscirculatieplan in 2023 wordt vastgesteld zorgen gemeentelijke BOA’s ervoor dat zij tijdens de dagen waarop met mobiele units wordt bepaald dat bepaalde parkeergebieden vol zijn conform de aanwijzingen van het college op parkeerexcessen wordt gehandhaafd. 3.3.Juridische handhavingstaken A. Taken en prioriteiten Het is de primaire insteek van het handhavingsbeleid om te bezien of er in onderling overleg goede structurele oplossingen gevonden kunnen worden voor activiteiten die overtredingen opleveren. Voor die zaken die niet in goed overleg opgelost kunnen worden en waar een handhavingsprocedure voor gestart worden, geldt het volgende. Indien er sprake is van een werkvoorraad van nieuwe handhavingszaken dienen de zaken die op basis van de het onderstaande schema de hoogste score hebben gekregen het eerste opgepakt te worden. Score-onderdelen die de prioriteit van de op te pakken zaken uitmaken Punten De ernst van het concrete feitencomplex en de negatieve gevolgen voor de leefomgeving bij niet handhaven. Voorbeeld: Is er sprake van een constructieve wijziging ten opzichte van de vergunde situatie of gaat het om “cosmetische” wijzigingen aan het pand. Ander voorbeeld: De aard van de doeleinden waarvoor de bouwwerken gebruikt worden en de kans dat daarbij ongelukken ontstaan. Te denken is aan de opslag van gevaarlijke stoffen, giftige dampen in onvoldoende geventileerde gebouwen etc.
(20)Lengte termijn dat overtreding al voortduurt (recente overtredingen behoren meer prioriteit te hebben dan lang bestaande) / actualiteit van regels op basis waarvan gehandhaafd wordt (indien ze ten gunste van de overtreder zullen wijzigen is handhaving minder dringend)
(10)Rendement van handhaving (kans op succes optreden afgezet tegen de kosten en tijd)
(10)Legaliseerbaarheid van de situatie. Zaken die legaliseerbaar zijn worden niet op het spits gedreven.
(5)Overtreding visueel waarneembaar voor derden al dan niet vanaf openbare weg
(5)Verwachte duur overtreding zonder maatregelen (hoe korter hoe minder punten)
(5)Financieel voordeel overtreder bij overtreding
(5)Individuele belangen andere burgers in gedrang
(5)Ontstaat er een negatief precedent bij het nalaten maatregelen te treffen?
(5)Werkt situatie andere overtredingen in de hand
(5)Heeft de overtreder zich eerder aan (een vergelijkbare) overtreding schuldig gemaakt
(5)Imago gemeente (hoe beter hoe meer punten)
(5)Verwijtbaarheid en verschoonbaarheid overtreder
(5)Wordt de overtreding daadwerkelijk beëindigd door handhavend op te treden of is het waarschijnlijk dat de overtreding zich verplaatst naar een andere locatie, of handhaving tot andere problemen leidt
(5)Spelen er op het terrein van andere disciplines zaken die met de overtreding samenhangen (integrale handhaving: gebiedaspecten, milieuaspecten etc.)
(5)Lopende projecten, gevallen van dezelfde aard die projectmatig worden aangepakt worden eerder behandeld.
(5)De hoogte van de leges en tijd die het kost om de noodzakelijke procedures te doorlopen zijn voor mensen ook belangrijke argumenten om te overwegen of zij wel of niet bereid zijn om de geplande activiteiten te laten vergunnen.
(5)Persoonlijke omstandigheden en financiële draagkracht van de overtreder.
(5)Gelijkheidsbeginsel (leidt het treffen van handhavingsmaatregelen ertoe dat er capaciteitsproblemen kunnen ontstaan door precedentenwerking omdat er veel soortgelijke gevallen in de gemeente spelen). Kun je het maken om er niet-projectmatig tegen op te treden?
(5)TOTAAL B. Benodigde en beschikbare personele capaciteit Juridische / beleidstechnische handhavingstaken uitgevoerd door vast personeel Benodigde uren op jaarbasis bij vast personeel Aanschrijvingen vervaardigen en juridische procedures begeleiden m.b.t. overtredingen RO/bouw/APV/Brandveiligheid 1500 uur Aanschrijvingen vervaardigen en juridische procedures begeleiden m.b.t. overtredingen milieu 100 uur Handhavingscoördinatie en begeleiding van stagiaires (toezicht op programmatische aansturing) en inrichting van zaaksystemen 200 uur Opstellen van jaarprogramma, -jaarverslag (inclusief BOA-jaarverslag voor politie), aanpassen beleidstukken 300 uur Juridisch advieswerk en werkzaamheden in verband met voorbereiding op inwerkingtreding Omgevingswet, wijzigingen van systeem rondom Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen en Wet kwaliteitsborging 200 uur TOTAAL 2300 uur Er is naar schatting ongeveer 2300 uur aan juridische personele capaciteit benodigd om alle werkzaamheden die verwacht worden te verrichten die voortvloeit uit voornoemde taken. Er is ongeveer 2300 uur aan juridische personele capaciteit beschikbaar. Deze feitelijk beschikbare capaciteit is zo’n 300 uur minder dan vorige jaren. Dit komt enerzijds doordat een juridisch medewerker iets minder is gaan werken en de andere juridische medewerker taken in het kader van de RUD LN over zal nemen van een collega, waardoor er minder uren overblijven voor voornoemde taken. C. Welke doelstellingen en kwaliteitseisen worden gesteld? Doelstellingen (juridische) handhavingsinspanningen Er wordt gestreefd om tenminste 55 nieuwe handhavingszaken op jaarbasis op te pakken Er wordt naar gestreefd om zoveel mogelijk maar minimaal 25% van de zaken in de informele fase via goed overleg en onderzoek naar toelaatbare alternatieven op te lossen Er wordt naar gestreefd om tenminste 55 handhavingszaken op jaarbasis op te lossen en af te ronden Minstens 80% van de handhavingsbeschikkingen hebben standgehouden op het moment dat ze onherroepelijk worden. In 100% van de gevallen waarin dwangsommen verbeurd zijn of kosten bestuursdwang zijn gemaakt op basis van handhavingsbesluiten worden invorderingsinspanningen verricht om verbeurde dwangsommen of de kosten van bestuursdwang geheel te verhalen. Hoofdstuk4:Wijze van uitvoering controles 4.1Wordt er aangekondigd of onaangekondigd gecontroleerd? Het toezicht gebeurt normaal gesproken aangekondigd, tenzij de inschatting is dat door een onaangekondigde controle plaats

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.