Beleidsregels briefadres gemeente Waterland 2023Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waterland, overwegende dat het wenselijk is om beleidsregels vast te stellen met betrekking tot de aangifte en registratie van een briefadres in de Basisregistratie personen (BRP), om deze op een rechtmatige manier toe te kennen en te voorkomen dat personen niet zijn geregistreerd in de BRP; gelet op de artikelen 1.1, 2.23, 2.38 tot en met 2.42, 2.45, 2.47, 2.49, 2.52 en 4.17 van de Wet Basisregistratie Personen (Wet BRP), artikel 29 van het Besluit BRP, de artikelen 17, 18 en 19 van de Regeling BRP en de artikelen 4:5 en 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht; gelet op de circulaire BRP en Briefadres (2016-0000656211) van de Ministerie van BZK van 18 oktober 2016 en het Protocol voor ondersteuning door burgerzaken aan achterblijvers in geval van vermissing (NVVB-2016); BESLUIT: Artikel1Begripsbepalingen In deze beleidsregels wordt verstaan onder: briefadres: adres waar voor betrokkene bestemde geschriften in ontvangst worden genomen (artikel 1.1, onder p, Wet BRP) en waar, indien het de post van de overheid betreft, zorg wordt gedragen dat geschriften of inlichtingen daarover, betrokkene bereiken (artikel 2.45, lid 3 Wet BRP); briefadresgever: de ingezetene in de Basisregistratie personen of rechtspersoon, aangewezen door het college van burgemeester en wethouders (artikel 2.42 onder b van de Wet BRP) bij wie het briefadres wordt gehouden (artikel 1.1 onder r Wet BRP) en die zich verplicht om te zorgen dat post de briefadreshouder bereikt; briefadreshouder: de ingezetene in de Basisregistratie personen die op een briefadres is ingeschreven in de Basisregistratie personen; BRP: Basisregistratie personen; college: college van burgemeester en wethouders van gemeente Waterland; gezinshuishouden: twee personen die volgens de BRP gehuwd zijn of een geregistreerd partnerschap zijn aangegaan, met of zonder kind(eren); twee personen die door het overleggen van een door een notaris opgemaakt samenlevingscontract hebben aangetoond, dat zij een gemeenschappelijke huishouding voeren, met of zonder kind(eren); een alleenstaande ouder met kind(eren); Wet BRP: Wet basisregistratie personen. woonadres: het adres waar betrokkene woont, waaronder begrepen het adres van een woning die zich in een voertuig of vaartuig bevindt, indien het voertuig of vaartuig een vaste stand- of ligplaats heeft, of indien betrokkene op meer dan één adres woont, het adres waar hij naar redelijke verwachting gedurende een half jaar de meeste malen zal overnachten; het adres waar, bij het ontbreken van een adres als bedoeld onder 1 a, betrokkene naar redelijke verwachting gedurende drie maanden ten minste twee derde van de tijd zal overnachten; Artikel2Redenen briefadres Redenen voor een briefadres zijn: Het ontbreken van een woonadres vanwege: dak- of thuisloosheid; korte overbrugging tussen twee woonadressen; de uitoefening van een ambulant beroep; kort verblijf in het buitenland voor minder dan acht maanden gedurende een jaar; verblijf in het buitenland voor korter dan twee jaar en beroepshalve varend op een schip dat de thuishaven in Nederland heeft; het behoren tot een kwetsbare groep personen; langdurig vermiste personen; verblijf in een tijdelijk onderkomen zonder vaste stand-of ligplaats; recente ontruiming van de woning op het adres waarop betrokkene in de BRP is ingeschreven. Verblijf in een instelling voor mannen- of vrouwenopvang (waaronder mede bedoeld blijf-van-mijn-lijfhuizen). Verblijf in een instelling als bedoeld in artikel 2.40, derde en vierde lid van de Wet BRP. Verblijf op een adres waarvan het opnemen van dat woonadres naar het oordeel van de burgemeester om veiligheidsredenen niet wenselijk is (artikel 2.41 Wet BRP). Artikel3Voorwaarden 1.De aangifte wordt gedaan in de gemeente waar het briefadres zich bevindt. 2.De aangever is verplicht om bij de aangifte van het briefadres alle benodigde stukken te overleggen. 3.Onder de benodigde stukken als bedoeld in het tweede lid wordt in ieder geval verstaan: een geldig identiteitsbewijs van de briefadreshouder en -gever; de schriftelijke verklaring van de aangever met de gemotiveerde reden voor het briefadres en te verwachten periode dat het briefadres noodzakelijk is; een schriftelijke toestemmingsverklaring van de briefadresgever waarin hij verklaart de post voor de briefadreshouder in ontvangst te nemen en aan de briefadreshouder af te geven; een ingevulde en ondertekende vragenlijst briefadres, als het briefadres wordt gevraagd op grond van artikel 2, eerste, tweede en derde lid; de stukken, vermeld in bijlage 2, wanneer de gemeente dit noodzakelijk acht; overige stukken die door de behandelend ambtenaar nodig worden geacht voor de beoordeling van de aangifte briefadres. 4.Als het briefadres wordt gevraagd op grond van artikel 2, vierde lid, is een schriftelijke verklaring van de burgemeester noodzakelijk waaruit blijkt dat opname van een woonadres niet wenselijk is. 5.Als het briefadres noodzakelijk is op grond van artikel 2, eerste lid onder f en g, moet de noodzakelijkheid blijken uit een onderliggend dossier. 6.De briefadresgever kan maximaal aan twee gezinshuishoudens, aan twee alleenstaanden of aan één gezinshuishouden en één alleenstaande persoon toestemming geven om een briefadres te houden. 7.Het zesde lid van dit artikel is niet van toepassing wanneer de briefadresgever het college van burgemeester en wethouders betreft of een door dit college aangewezen rechtspersoon, als bedoeld in artikel 2.42 onder b van de Wet BRP. 8.Het adres moet een bestaand fysiek adres zijn. Een leegstaand pand of bedrijfspand (m.u.v. opvanghuizen of aangewezen instellingen) zijn niet toegestaan. Artikel4Volledige aangifte 1.De aangifte is volledig indien alle benodigde gegevens, zoals bedoeld in artikel 3, derde en vierde lid zijn ingeleverd. 2.Als één of meer gegevens ontbreken, wordt de aangever in de gelegenheid gesteld binnen veertien dagen het verzuim te herstellen en de aangifte alsnog aan te vullen. 3.Wanneer de aangifte niet binnen de, in het vorige lid bepaalde termijn kan worden aangevuld, kan op verzoek van de aangever, de termijn eenmalig verlengd worden met veertien dagen. 4.Wanneer de aangifte niet binnen veertien dagen na aangifte wordt aangevuld of uitstel gevraagd wordt, dan wordt de aangifte buiten behandeling gesteld. Artikel5Weigeringsgronden Het is in ieder geval niet mogelijk om ingeschreven te worden op een briefadres, wanneer: de aangever een woonadres heeft, tenzij hij verblijft op een adres of instelling zoals beschreven in artikel 2, tweede en derde lid. de aangever langer dan acht maanden gedurende één jaar in het buitenland verblijft en niet beroepshalve varend is op een schip dat zijn thuishaven in Nederland heeft; de aangever beroepshalve varend is op een schip dat zijn thuishaven in Nederland heeft en langer dan twee jaar in het buitenland verblijft; er een onderzoek loopt naar de verblijfplaats van de briefadresgever; het briefadres een adres betreft, waarop al aan twee alleenstaanden of twee gezinshuishoudens of een alleenstaande en een gezinshuishouden een briefadres is verleend met inachtneming van de uitzonderingen als bedoeld in artikel 3, zevende lid; er niet wordt voldaan aan de voorwaarden bedoeld in artikel 3; de aanvrager geen rechtmatig verblijf heeft in Nederland; het briefadres wordt gevraagd op een niet bewoond adres. Artikel6Briefadres op een adres van de gemeente 1.Het college registreert van een persoon ambtshalve een briefadres in de BRP indien het woonadres ontbreekt, er geen aangifte van adreswijziging wordt gedaan waarbij een briefadres wordt gekozen en betrokkene voldoet aan de criteria voor inschrijving als ingezetene in de BRP. 2.Wanneer iemand geen briefadres kan krijgen bij particulieren en betrokkene komt op grond van deze regeling in aanmerking voor een briefadres, wordt betrokkene ingeschreven op het aangewezen briefadres door het college van burgemeester en wethouders. 3.Het college wijst een of meerdere rechtspersonen aan om als gemeentelijke briefadresgever op te treden, zoals bedoeld in artikel 2.23, derde lid van de Wet BRP. Artikel7Monitoring recht op een briefadres 1.Voor de monitoring recht op een briefadres zijn controletermijnen vastgesteld, zoals genoemd in bijlage
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.