Grondprijzenbrief Gemeente Hardinxveld-Giessendam1.Inleiding 1.1Inleiding In 2023 is het Kader Strategisch Grondbeleid 2023 – 2026 vastgesteld. Een onderdeel van de instrumenten van het grondbeleid is de gronduitgifte. Het gemeentelijk grondbeleid stelt de kaders voor de vaststelling van de uitgifteprijzen van grond door de gemeente. De uitvoering hiervan is een bevoegdheid van het college. Ter uitvoering van het grondprijsbeleid wordt door het college prijzen opgesteld. De reden van voorliggende Grondprijzenbrief is het ontbreken van een vaste methode voor het bepalen van grondprijzen in de huidige situatie. De prijzen in deze nota zijn aangepast op de huidige marktontwikkelingen. Via voorliggende nota wordt inzichtelijk gemaakt tegen welke prijzen gronden voor bebouwing worden uitgegeven. 1.2Inwerkingstreding De genoemde prijzen in deze grondprijzenbrief worden gehanteerd zodra de grondprijzenbrief is vastgesteld door de raad. 1.3Herziening De Grondprijzenbrief gemeente Hardinxveld-Giessendam wordt in beginsel elke twee jaar herzien. Op die manier kan rekening gehouden worden met actuele economische en maatschappelijke ontwikkelingen. Als ontwikkelingen hiertoe aanleiding geven zal worden overwogen de herziening eerder of later te laten plaatsvinden. Een eventuele herziening van de Grondprijzenbrief heeft nooit als doel om actief bestaande contracten te beëindigen om zo de (huur)opbrengsten te verhogen. 2.Grondprijzen 2.1Algemeen 2.1.1Grondprijsbeleid per functie Het bepalen van een grondprijs kan via verschillende methodieken: residueel, comparatief en via de kostprijsbenadering. 2.1.2Residuele grondprijsbepaling De residuele grondwaardemethode is een top-down benadering. Hierbij is de gronduitgifteprijs het residu dat overblijft, nadat van de bruto opbrengsten (VON-prijs of gekapitaliseerde huurwaarde) van de onroerende zaken de totale productiekosten (bouwkosten, bijkomende kosten en winst- en risicomarge) zijn afgetrokken. Deze methode wordt vooral gehanteerd bij woningbouw- , commerciële ontwikkelingen en soms bij bedrijfsontwikkelingen. 2.1.3Comparatieve grondprijsbepaling Bij de comparatieve berekeningsmethodiek wordt de grondprijs vastgelegd aan de hand van de waarde van vergelijkbare objecten. Deze methodiek wordt veelal als aanvulling op andere methodieken of als toets gebruikt. Belangrijke referenties zijn vaak gepasseerde transacties. Deze methode wordt vooral aanvullend toegepast bij courant onroerend goed, waarin veel transacties plaatsvinden. Voor maatschappelijk vastgoed (en soms bedrijventerreinen) wordt wel vaak teruggevallen op de comparatieve methode, omdat de grondprijs bij maatschappelijk vastgoed vaak weinig schommelt. 2.1.4Kostprijs grondprijsbepaling Bij de kostprijsbenadering speelt de vervangingswaarde een belangrijke rol. Deze waarde heeft de functie van minimale uitgifteprijs. Alle (historische) productiekosten en lasten (ook kostenverhaal) worden als het ware omgeslagen over het aantal uit te geven vierkante meters grond. Hierdoor ontstaat een (gemiddelde) kostprijs voor de grond. Deze methode wordt gehanteerd bij incourant onroerend goed, waarbij een waarde in het economisch verkeer moeilijk vast te stellen is. De kostprijsbenadering wordt in beginsel in de gemeente Hardinxveld-Giessendam niet toegepast. 2.2Woningbouw De grondprijzen in de actieve grondexploitaties werden de afgelopen jaren vooral bepaald door de residuele methode. Bijvoorbeeld: sinds 2011 worden voor woningbouwontwikkeling De Blauwe Zoom met regelmaat taxaties uitgevoerd waarbij de opbrengstpotentie wordt bepaald. Dit is in 2022 nog gebeurd om de gestegen bouwkosten en schommelende VON prijzen goed in te kunnen schatten. Het hanteren van een waarderingssysteem in plaats van vaste prijzen heeft als grote voordeel het maatwerk en inzicht in de haalbaarheid van het totale project. Hiermee wordt het instrument grondprijzenbeleid daadwerkelijk een instrument om ruimtelijke ontwikkelingen te sturen en geen doel op zichzelf. Bij het bepalen van een grondprijs is het uit “concurrentieoverwegingen” ook van belang om voeling te houden met prijzen, zoals die gehanteerd worden in de omliggende en/of vergelijkbare gemeenten. In de onderhandelingen wordt de gemeente daar in de praktijk regelmatig mee geconfronteerd. Daarnaast zijn de juridische begrippen als staatssteun en marktconformiteit als randvoorwaarden vanzelfsprekend ook van belang bij het bepalen van een grondprijs. Omdat het grondprijzenbeleid in het Kader strategisch grondbeleid dienstbaar is aan verschillende andere beleidsterreinen blijft de categorisering van woningen in het grondprijzenbeleid in stand. De categorisering van woningen is opgenomen in de Lokale Paragraaf Bouwen. 2.3Bedrijfsterreinen en kantoren Momenteel heeft de gemeente 1 bedrijventerrein in uitvoering: Westpunt ’t Oog. Per project wordt bezien of de prijzen residueel of comparatief worden bepaald. In het geval van Westpunt ’t Oog is een comparatieve, geïndexeerde grondprijs gehanteerd. De prijzen voor bedrijventerrein zijn weinig volatiel en op het moment van openen van de grondexploitatie waren er genoeg referenties beschikbaar om een prijs te kunnen stellen. Bij een volgend bedrijventerrein zal college opnieuw bepalen of de residuele of comparatieve grondprijsbenadering wordt gehanteerd. Kantorenlocaties worden in beginsel residueel bepaald. Er zijn verder geen projecten ten behoeve van nieuwe kantoren en andere bedrijventerreinen 2.4Retail en horeca (commercieel vastgoed) De gemeente heeft geen uitgeefbare gronden specifiek voor retail- en horecadoeleinden beschikbaar. Voor het uitgeven van gronden voor retail en horeca wordt altijd een taxatie gedaan. Verhuur van grond voor minimale, bijbehorende gronden van winkels en horeca (tot en met 50 vierkante meter), zoals voor het stallen van winkelwagentjes, worden residueel bepaald. Het uitgeven van bijbehorende gronden groter dan 50 vierkante meter is niet mogelijk, tenzij er maatschappelijke overwegingen zijn. In dat geval worden deze gronden gezien als onderdeel van de winkel of horeca en gelden daarbij de volgende prijzen: Verhuur commerciële voorzieningen per m² Commerciële voorzieningen Tot en met 50m² € 50,00 Meer dan 50m² Nee, tenzij. 2.5Maatschappelijk vastgoed Maatschappelijk vastgoed gaat om terreinen of gebouwen met een publieke functie. Hierbij kan gedacht worden aan functies op het gebied van onderwijs, welzijn, zorg, sport en cultuur. Voor verhuur gaat het met name om gemeentelijk vastgoed dat gebruikt wordt door stichtingen of verenigingen. Het bepalen van een marktconforme verkoopgrondprijs voor deze functies is vaak niet mogelijk doordat deze functies niet commercieel te exploiteren zijn. Om die reden wordt veelal een vaste, comparatief bepaalde grondprijs gehanteerd. Voor de indexatie wordt een inflatiecorrectie toegepast. De vaste grondprijs voor maatschappelijk vastgoed is € 150,00 per vierkante meter grond. De gestelde grondprijs is ontstaan uit een vergelijking met omliggende gemeenten. De prijs voor verhuur van maatschappelijk vastgoed komt tot stand op basis van taxatie, waarbij in beginsel het onderhoudsplan en de WOZ-waarde van het object worden gebruikt. Verkoop maatschappelijke grond per m² Maatschappelijke grond € 150,00 Verhuur maatschappelijk vastgoed per m² Maatschappelijk vastgoed Taxatie 2.6Snippergroen en restpercelen Bij de gemeente Hardinxveld-Giessendam komen frequent aanvragen binnen om koop of huur van groenstroken of restpercelen gemeentegrond nabij particulier eigendom. Het beleid Snippergroen en restpercelen is opgenomen in het Kader strategisch grondbeleid 2023-
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.