Bibob-beleidsregel gemeente Noordoostpolder De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van Noordoostpolder, ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft; gelet op: de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (hierna: de wet); artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht; de artikelen 3, 27, 30a en 31 van de Alcoholwet; de artikelen 30b en 30h van de Wet op de Kansspelen; artikel 5.1, eerste lid, sub a (omgevingsplanactiviteit), juncto artikel 5.31 van de Omgevingswet (hierna: Ow); artikel 5.1, tweede lid, sub a (bouwactiviteit) en b (milieubelastende activiteit), juncto artikel 5.31 van de Ow; hoofdstuk 2, afdeling 3 (evenementen), hoofdstuk 2, afdeling 4 (exploitatie openbare inrichtingen), hoofdstuk 2, afdeling 7 (toezicht speelautomaten / speelautomatenhal) en artikel 3:4 (seksinrichtingen) Algemene plaatselijke verordening gemeente Noordoostpolder (hierna: Apv); hoofdstuk 5, paragraaf 5.2 (standplaatsen buiten de weekmarkt) van de Verordening fysieke leefomgeving (hierna: Vfl); het Inkoopbeleid van de gemeente Noordoostpolder; de Algemene subsidieverordening Noordoostpolder; overwegende, dat de wet hen beleidsruimte verschaft bij de besluitvorming over het toepassen van hun uit deze wet voortvloeiende bevoegdheden; besluiten vast te stellen de volgende: Beleidsregel voor de toepassing van de wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur gemeente Noordoostpolder Artikel1Begripsbepalingen 1.De definities in artikel 1, eerste lid juncto vierde lid van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op deze beleidsregel. 2.In deze beleidsregel wordt verstaan onder: aanvraag: de aanvraag om een beschikking, de inschrijving waarmee wordt deelgenomen aan een aanbestedingsproces dan wel de aanbieding van de betrokkene tot het sluiten van een overeenkomst betreffende een overheidsopdracht of een vastgoedtransactie; bestuursorgaan: de burgemeester onderscheidenlijk het college van burgemeester en wethouders alsmede degenen aan wie zij een mandaat hebben verleend tot het nemen van beschikkingen of het beslissen over het aangaan van overeenkomsten betreffende overheidsopdrachten en vastgoedtransacties; Bibob-onderzoek: een eigen onderzoek uitgevoerd krachtens de wet; Bibob-formulier: het vragenformulier dat is gebaseerd op de ministeriële Regeling Bibob formulieren; indicatorenlijst: de lijst bedoeld in bijlage 1 met indicatoren welke aanleiding kunnen zijn tot het toepassen van de wet; RIEC: Regionaal Informatie en Expertise Centrum. Artikel2Doel 1.De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders beogen met de toepassing van de wet te voorkomen dat zij criminele activiteiten faciliteren waardoor de veiligheid, de leefbaarheid of de rechtsorde worden aangetast. 2.Deze beleidsregel heeft tot doel duidelijkheid te verschaffen over de wijze waarop de bevoegde bestuursorganen de hen op basis van de wet toekomende bevoegdheid toepassen. Artikel3Toepassingsbereik bij nieuwe of gewijzigde beschikkingen 1.Uitvoering van een Bibob-onderzoek vindt in beginsel plaats bij elke aanvraag voor een beschikking als bedoeld in: artikel 3 Alcoholwet (Alcoholvergunning); paracommerciële horeca-inrichtingen als bedoeld in artikel 4 Alcoholwet waarvan de horeca in eigen beheer is en niet is verpacht, vallen in beginsel niet onder toepassing van dit artikel; artikel 30b en 30h Wet op de kansspelen (aanwezigheidsvergunning speelautomaten respectievelijk vergunning tot het exploiteren van speelautomaten); artikel 2:28 (exploitatie openbare inrichting) en 3:4 (seksinrichting) en hoofdstuk 2, afdeling 10 (toezicht op speelautomaten / speelautomatenhal) Apv; 2.Uitvoering van een Bibob-onderzoek kan bij onderstaande aanvragen voor een beschikking plaatsvinden en als zij vallen onder een daartoe aangewezen branche of gebied of vallen onder de indicatorenlijst: de aanvraag als bedoeld in artikel 5.1, lid 2, sub a Ow (bouwactiviteit); de aanvraag als bedoeld in artikel 5.1, lid 1, sub a Ow (omgevingsplanactiviteit); de aanvraag als bedoeld in artikel 5.1, lid 2, sub b Ow (milieubelastende activiteit). De toepassing blijft beperkt tot de risicocategorieën afval en vuurwerk; de aanvraag als bedoeld in artikel 2:25 van de Apv (evenementenvergunning). De toepassing van een Bibob-onderzoek wordt daarbij beperkt tot de bij afzonderlijk besluit van de burgemeester aangewezen evenementenvergunningen; de aanvraag als bedoeld in artikel 5.2.1 Vfl (standplaats). 3.Uitvoering van een Bibob-onderzoek vindt bij onderstaande aanvragen voor een beschikking in beginsel plaats als er sprake is van ambtelijke informatie of informatie afkomstig van een van de partners uit het samenwerkingsverband RIEC of is opgenomen in de indicatorenlijst, die een aanleiding vormen om te vermoeden dat de beschikking zal worden gebruikt als bedoeld in artikel 3 van de wet: de aanvraag als bedoeld in artikel 30a Alcoholwet (leidinggevende); de aanvraag als bedoeld in artikel 3 Alcoholwet (horecabedrijf en slijtersbedrijf) in het geval het een horecabedrijf betreft als bedoeld in artikel 4 (paracommercieel rechtspersoon) Alcoholwet. Artikel4Toepassingsbereik bij reeds verleende beschikkingen Het bestuursorgaan kan de wet toepassen met betrekking tot reeds verleende beschikkingen indien: de verstrekte beschikking betrekking heeft op een locatie, die gelegen is in een concreet bepaald gebied, dat op basis van een daartoe genomen besluit van het bestuursorgaan na de verstrekking van de beschikking, is aangewezen als risicogebied; de verstrekte beschikking onderdeel uitmaakt van een branche of onderdeel in deze branche, die op basis van een door het bestuursorgaan genomen besluit na de verstrekking van de beschikking is aangewezen voor een Bibob-onderzoek (zie bijlage 1 behorende bij deze beleidsregel); bekend wordt, dat tegen betrokkene, leidinggevende van betrokkene, zeggenschaphebbende over betrokkene, vermogensverschaffer van betrokkene, eventuele onderaannemer van betrokkene in een andere gemeente bij een Bibob-onderzoek een mate van gevaar, zoals is bedoeld in artikel 3 van de wet, is geconstateerd en aan betrokkene alhier een soortgelijke beschikking is verstrekt. In geval aan betrokkene in meerdere gemeenten eerder al een soortgelijke beschikking is verleend, verzoekt het bestuursorgaan het RIEC om coördinatie in een Bibob-onderzoek; een aangevraagde of verleende omgevingsvergunning zal gaan gelden voor een ander dan de aanvrager of vergunninghouder als bedoeld in artikel 5.37, tweede lid Ow. Artikel5Toepassingsbereik bij subsidies Het bestuursorgaan kan de wet toepassen met betrekking tot een aanvraag voor een subsidie of het vaststellen van een subsidie of de intrekking van een reeds verleende of vastgestelde subsidie. Artikel6Toepassingsbereik bij vastgoedtransacties 1.De rechtspersoon met een overheidstaak kan de wet toepassen met betrekking tot vastgoedtransacties, waarbij de gemeente partij of de beoogde partij is. Bij de start van onderhandelingen daartoe, zal de rechtspersoon met een overheidstaak de wederpartij er van in kennis stellen dat een Bibob-onderzoek deel kan uitmaken van de procedure. 2.In de overeenkomst wordt een integriteitsclausule opgenomen, op basis waarvan kan worden overgegaan tot ontbinding, opzegging, vernietiging of opschorting van de overeenkomst. 3.Indien de Bibob-procedure niet is afgerond voor het sluiten van de overeenkomst, wordt hieromtrent een ontbindende voorwaarde opgenomen. Artikel7Toepassingsbereik bij overheidsopdrachten De rechtspersoon met een overheidstaak kan het Bibob-onderzoek ten aanzien van een gegadigde of onderaannemer in de zin van de wet, uitvoeren bij elke overheidsopdracht. Artikel8Toepassingsbereik algemeen 1.Naast de in de artikelen 3 tot en met 7, genoemde gevallen, kan het bestuursorgaan tot een Bibob-onderzoek overgaan als er aanwijzingen zijn die het vermoeden rechtvaardigen, dat er sprake is van een ernstig gevaar als bedoeld in artikel 3 van de wet, bijvoorbeeld op grond van : op grond van de indicatorenlijst; vanuit eigen informatie; de omstandigheden van het geval daartoe aanleiding geven; vanuit informatie verkregen van het Landelijk Bureau Bibob (hierna: Bureau); vanuit informatie verkregen van een of meerdere partners binnen het samenwerkingsverband RIEC; vanuit het Openbaar Ministerie verkregen informatie als bedoeld in artikel 26 van de wet; vanuit het Bureau verkregen informatie als bedoeld in artikel 11 van de wet. 2.Naast de in het eerste lid genoemde gevallen kan een Bibob-onderzoek plaatsvinden als bij navraag door het bestuursorgaan bij het Bureau blijkt, dat tegen de aanvrager van een beschikking, in de afgelopen vijf jaar advies is uitgebracht of een adviesaanvraag in behandeling is genomen bij het Bureau. Artikel9Eigen onderzoek 1.In de in deze beleidslijn bepaalde gevallen, zal betrokkene, naast de gebruikelijke/vereiste documenten ten behoeve van de aanvraag, de Bibob-vragenformulieren dienen in te vullen en in te leveren bij het bestuursorgaan De Bibob-vragenformulieren bevatten in elk geval de in artikel 7a van de wet genoemde vragen en daarnaast aanvullende vragen die het bestuursorgaan zo goed mogelijk in staat stellen om het eigen onderzoek te verrichten. 2.Alvorens het eigen onderzoek wordt gestart, zal een aanvraag eerst beoordeeld worden conform de bepalingen van de primair van toepassing zijnde wet- en regelgeving, zoals de Algemene wet bestuursrecht en overige met de aanvraag samenhangende regelgeving. Het daarop aansluitende eigen onderzoek bestaat uit een tweetal stappen: Stap 1 Het onderzoek behelst in ieder geval de controle en analyse van: de door de betrokkene aangereikte informatie/documenten bij de Bibob-vragenformulier(en) (inclusief bijlagen) en de door hem/haar daarbij aangeleverde documenten; eventuele extra, op verzoek van het bestuursorgaan, door betrokkene overlegde documenten of informatie; open, half-open en gesloten bronnen onderzoek (zie bijlage 2 behorende bij deze beleidsregel). Stap 2 Aanvullend op de controle en analyse van de (extra) verstrekte informatie als hiervoor genoemd, kan een advies bij het Bureau worden gevraagd. Artikel10Intrekking oude beleidsregel Bibob gemeente Noordoostpolder De Beleidsregel Bibob gemeente Noordoostpolder, zoals die is vastgesteld op 29 juni 2021 en laatstelijk gewijzigd vastgesteld op 22 november 2022, wordt ingetrokken. Artikel11Inwerkingtreding. Deze beleidsregel treedt in werking op 1 juni
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.