Nota Integraal Risicomanagement en Weerstandsvermogen 2023 verder De gemeenteraad van Kapelle; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 maart 2023, nummer D23.281072; b e s l u i t: in te stemmen met de doelstellingen en methode van het risicomanagement; in te stemmen met de methode van het berekenen weerstandscapaciteit; in te stemmen om risico’s met een risicoscore van € 100.000,- of hoger op te nemen in de benodigde weerstandscapaciteit; in te stemmen met de streefwaarde van het weerstandsvermogen ‘uitmuntend’ te houden (>2), in overeenstemming met onze ambitie waarbij we streven naar een uitstekende financiële positie. Inleiding Risico’s nemen hoort bij een gemeente. Vooruitgang, innovatie, en ambitie bestaan niet zonder risico’s. Vaak wordt over risico’s gedacht in termen van voorkomen of elimineren. Tot elke prijs risico’s uitsluiten is niet het doel van risicomanagement. Integraal risicomanagement is de nieuwe manier van denken over risico’s, kansen en onzekerheden. Het doel van deze integrale aanpak is het vergroten van het risicobewustzijn van organisatie en bestuur, zodat een goede en verantwoorde balans ontstaat tussen risico’s nemen en risico’s beheersen. Het continue organiseren van aandacht voor en het gesprek over risico’s vormt de basis van deze aanpak. Door regelmatig het gesprek te voeren, ontstaat een gezamenlijk beeld. Door te delen, te bespreken, en de dialoog aan te gaan. De risicodialoog is een open gesprek met als doel het gezamenlijk bepalen van een bruikbare risico-aanpak. Het gesprek en de communicatie over risico’s is een heel belangrijk onderdeel van risicomanagement. Transparantie is hierbij het uitgangspunt. Deze nota beperkt zich niet tot financiële risico’s, zoals in het voorgaande beleidsstuk. Maar gaat ook over bestuurlijke, juridische risico’s, imago en frauderisico’s. Deze hebben niet altijd direct een financiële impact, maar kunnen wel grote gevolgen hebben voor de gemeente. Naast risicomanagement zijn in deze nota ook de kaders opgenomen over het weerstandsvermogen. Met deze nota zetten we een belangrijke stap in het versterken van risicomanagement. Met als doel het bewust en verantwoord omgaan met risico’s door een open en transparante manier van samenwerken. 1.Samenvatting We bevinden ons in een dynamische omgeving., Waarbij het formuleren van ambities én beleid maken en uitvoeren samen gaat met het maken van keuzes en het bewust afwegen van risico’s. De toenemende wet- en regelgeving, uitbreidingen van maatschappelijke opgaven en de hogere verwachting van de inwoner zorgen hiervoor. Hierdoor neemt de kans op imago- en financiële schade toe en kan het gevolg groot zijn. We moeten daarom op gestructureerde en transparante wijze de risico’s beheersen. Daarbij kunnen we ook bewust kiezen om bepaalde risico’s te accepteren. Om vast te stellen dat een gemeente voldoende in staat is om risico’s op te vangen, wordt er een inschatting gemaakt van het zogenoemde benodigde weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen geeft inzicht in hoeverre de gemeente op langere termijn in staat is om risico’s op te vangen. Om het benodigde weerstandsvermogen te berekenen, is een goede risico-inventarisatie nodig. Met hierbij een inschatting van de kans dat het risico zich voordoet en het gevolg hiervan. Daarnaast voeren we een kansberekening uit, omdat het niet waarschijnlijk is dat er meerdere risico’s zich voordoen op eenzelfde moment én in de volle omvang. Deze kansberekening voeren we uit met een Monte Carlo-analyse. Met deze nota geven we uitgebreide uitleg aan de doorontwikkeling van risicomanagement naar een integrale wijze. Integraal risicomanagement leidt tot breed inzicht in de activiteiten binnen de gemeente. Hierdoor zijn we voorbereid op onverwachte zaken en zien we op tijd wat er misgaat, of dreigt te gaan. Risicomanagement is geen afzonderlijke activiteit, maar maakt deel uit van alle (management)processen, programma’s en projecten. En zorgt ervoor dat bewustwording en het beheersen van risico’s doorlopend aandacht heeft. Om op integrale wijze inzicht te krijgen in de risico’s, bekijken we de risico’s tijdens de risico identificatie vanuit verschillende invalshoeken. We richten ons daarbij op zowel de risico’s zonder als mét financiële gevolgen. Risico’s zonder financiële gevolgen zijn bijvoorbeeld imago-, fraude-, juridische en bestuurlijke risico’s. 2.Weerstandsvermogen, relevante wetgeving en beleidskaders Deze nota vloeit voort uit twee aspecten. Aan de ene kant is dat de wettelijke regelgeving. Er is een formele aanleiding vanuit regelgeving en kaderstelling. Maar ook is er een directe relatie tussen de inhoud van deze nota en de ambitie tot kwaliteitsverbetering van de interne bedrijfsvoering (transparantie, verantwoording en bedrijfsmatig werken). Tenslotte is risicomanagement één van de onderdelen om te komen tot een rechtmatigheidsverantwoording. Als gemeente mogen we zelf kiezen op welke manier we weerstandsvermogen en risicobeheersing invullen. 2.1Geldende wetgeving en beleidskaders We moeten volgens het Besluit begroting en verantwoording (BBV) aantonen dat we de gevolgen van risico’s kunnen opvangen, zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt. Dit doen we met het weerstandsvermogen. In artikel 9 van het Besluit begroting en verantwoording is bepaald dat de begroting een paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing moet bevatten. In artikel 11 is over de inhoud van deze paragraaf het volgende opgenomen: 2.2Financieel toezichtkader De toezichthouder de provincie Zeeland hanteert het nieuwe gemeenschappelijk financieel toezichtkader. Daarbij geeft de provincie een waarderingsratio mee voor de weerstandsnorm. Deze waardering sluit ook aan bij onze waardering. Zie paragraaf over ratio weerstandsvermogen (paragraaf 2.3). 2.3Weerstandsvermogen Om het weerstandsvermogen te beoordelen, zetten we de benodigde weerstandscapaciteit af tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. Deze berekening leidt tot het ratio weerstandsvermogen. Onder weerstandscapaciteit verstaan we de middelen en mogelijkheden die de gemeente heeft om onverwachte, niet-begrote kosten of tegenvallende inkomsten te kunnen dekken. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit. Benodigde weerstandscapaciteit De benodigde weerstandscapaciteit wordt bepaald door de geïdentificeerde risico’s uit te drukken in euro’s. Op deze manier zien we welke weerstandscapaciteit we nodig hebben om de financiële gevolgen van risico’s op te vangen. De kans dat alle risico’s zich tegelijkertijd voordoen, is zeer beperkt. Daarom passen we een Monte Carlo-analyse toe. Bij deze techniek doen we vele malen het optreden van de verschillende risico’s na, in diverse scenario’s. Door deze methode hebben we een beeld van het benodigde weerstandsvermogen in bijna alle denkbare scenario’s. We gaan daarbij uit van een berekening op basis van een zekerheidspercentage van 90%. Beschikbare weerstandscapaciteit Nadat we de benodigde weerstandscapaciteit in beeld hebben gebracht, beoordelen we of we in staat is zijn om risico’s op te vangen. Hierbij maken we onderscheid tussen incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Incidentele weerstandscapaciteit Als incidentele weerstandscapaciteit beschouwen we dat deel van de reservepositie dat als reserve vrij te besteden is, (inclusief de begrotingsruimte en het rekeningresultaat na resultaatbestemming). Het betrekken van de post ‘onvoorzien1Op dit moment hebben we in de begroting geen post onvoorzien.’ is toegestaan. Deze post moeten we als gemeente wettelijk aanhouden (de hoogte is niet bepaald). Als we deze middelen gebruiken, dan moeten we deze jaarlijks weer aanvullen. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de post onvoorzien incidenteel en de post onvoorzien structureel. Daarom beschouwen we de post onvoorzien als zowel incidentele en structurele weerstandscapaciteit. De stille reserve rekenen we mee in de berekening van de incidentele weerstandscapaciteit. Stille reserves zijn de meerwaarde van activa die te laag of tegen nul zijn gewaardeerd, maar die wel direct verkoopbaar zijn als we dat willen. Structurele weerstandscapaciteit In de paragraaf incidentele weerstandscapaciteit is toegelicht dat we de post onvoorzien berekenen als weerstandscapaciteit. Daarbij maken we onderscheid tussen de incidentele en structurele post onvoorzien. Voorgeschreven is dat de gemeentelijke leges en heffingen voor maximaal 100% kostendekkend zijn. Bij onze gemeente is dat ook het uitgangspunt voor de belangrijkste tarieven. Behalve als een risico zich laat zien in deze tarieftaken, biedt dit geen ruimte aan structurele weerstandscapaciteit. Wanneer een structureel risico optreedt, is het niet altijd mogelijk de financiële gevolgen op korte termijn in de begroting op te vangen. In dat geval kan een gemeente onder zeer strikte voorwaarden een beroep doen op extra financiering van het Rijk (artikel 12 Financiële verhoudingswet). Eén van de voorwaarden is dat de gemeente gebruikmaakt van de volledige belastingcapaciteit . Dat kan uiteraard niet oneindig. Daarom is door het Rijk een norm gesteld tot welk niveau we de lokale lasten minimaal moeten verhogen, de zogenaamde artikel 12 norm. Het verschil tussen de werkelijke hoogte van de lokale belastingen en de aanvaardbare hoogte van de artikel 12 norm noemen we de onbenutte belastingcapaciteit en betreft de structurele weerstandscapaciteit. Ratio weerstandsvermogen De ratio van het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in een getal. Dit geeft aan hoe stevig het weerstandsvermogen is om ook in de komende jaren risico’s op te vangen, zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt. Op basis van de ratio bepalen we of het weerstandsvermogen op het gewenste niveau is. Als de ratio weerstandsvermogen hoger of lager is dan gewenst, is er een mogelijkheid om deze bij te stellen. Dit kan aan de ene kant door extra maatregelen te nemen op risico’s, waardoor de benodigde weerstandscapaciteit lager wordt. Aan de andere kant kunnen we de beschikbare weerstandscapaciteit verhogen. Bijvoorbeeld door de algemene reserve op een hoger niveau te brengen. In de begroting en jaarverantwoording laten we ieder jaar een actuele stand van zaken zien (de ratio) van het weerstandsvermogen in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. In deze paragraaf komen de volgende zaken aan bod: het beleid van het weerstandsvermogen en de risico’s; de belangrijkste risico’s voor onze gemeente; de beschikbare weerstandscapaciteit; de benodigde weerstandscapaciteit; de ratio weerstandsvermogen inclusief een kwalificatie en toelichting. 3.Integraal risicomanagement Onder risico verstaan we de kans op optreden van een gebeurtenis met negatieve gevolgen voor onze gemeente. Het beheren van risico’s noemen we risicomanagement. De risico’s brengen we in kaart, zodat we de juiste beheersmaatregel kunnen nemen of dat we bewust kunnen kiezen het risico te accepteren. Onder integraal risicomanagement verstaan we het breed invullen van risicomanagement. Waarbij we niet alleen de (wettelijke) kaders volgen, maar ook het risicobewustzijn (zowel hard als soft controls) stimuleren. Integraal risicomanagement leidt tot breed inzicht in de activiteiten op managementprocessen, programma’s en projecten binnen de gemeente. Hierdoor zijn we voorbereid op onverwachte zaken en is op tijd in beeld wat er misgaat, of dreigt te gaan. Risicomanagement is geen afzonderlijke activiteit en zorgt ervoor dat bewustwording en het beheersen van risico’s doorlopend aandacht heeft. De stappen van de risicomanagementcyclus kunnen in de vorm van een cyclus worden weergegeven, gebaseerd op het COSO-model. Het is een proces dat om een roulerend karakter vraagt. In het proces worden de volgende stappen onderscheiden: 3.1.Risico identificatie De identificatie van risico’s voeren we uit op alle niveaus binnen de organisatie. Hierbij maken we onderscheid tussen 3 typen risico’s: Strategische risico’s Strategische risico’s spelen een rol binnen het besluitvormingsproces en zijn gerelateerd aan de strategie. Op basis van de gekozen strategie, nemen en accepteren we deze risico’s bewust. Daarnaast voeren we jaarlijks een self-assessment in Naris uit voor het in beeld brengen van de strategische risico’s, waaronder verbonden partijen. Waarbij zelf het risicoprofiel inzichtelijk wordt gemaakt. Dit gebeurt wel of niet in samenwerking met andere gemeenten en de verbonden partijen. Verdere uitwerking in hoofdstuk 3 paragraaf 2 (figuur 3.2). Externe risico’s Niet beïnvloedbare en van buiten de organisatie komende risico’s noemen we externe risico’s. De invloed op de kans dat deze risico’s optreden is klein. Maar door beheersing kunnen we het effect verlagen. Operationele risico’s De operationele risico’s zijn gericht op de uitvoering van de kernprocessen en doen zich voor op operationeel niveau. Het zijn risico’s die we met interne beheersmaatregelen kunnen beheersen en op die manier kunnen voorkomen. De kernprocessen stellen we binnen onze gemeente vast en lopen dwars door de programma’s heen. De risico identificatie richt zich op de processen die in deze programma’s vermeld staan. Daarmee ondervangen we alle kernprocessen en thema’s. Om een integraal beeld te krijgen, brengen we de risico’s tijdens de risico identificatie vanuit verschillende invalshoeken in kaart. We richten ons daarbij zowel op risico’s zonder als (op de verplichte wettelijke verplichte risico’s) met financiële gevolgen. Risico’s zonder direct financiële gevolgen zijn bijvoorbeeld imago-, fraude-, juridisch- en bestuurlijke risico’s. Het financiële gevolg, reputatie gevolg en de kans drukken we uit in klassen. Deze klassen vermenigvuldigen we en de uitkomst toont de verwachtingswaarde van het risico, verdeeld tussen significantie 1 en
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.