Verordening geurhinder en veehouderijDe raad van de gemeente Someren; gelet op artikel 6 van de Wet geurhinder en veehouderij, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 2 oktober 2007 Gezien de resultaten van het overleg met de gemeente Helmond, Asten, Nederweert, Cranendonck, Heeze-Leende en Geldrop-Mierlo. Gelet op de door hem bij besluit van 31 oktober 2007 vastgestelde gebiedsvisie als bedoeld in artikel 8 van de Wet geurhinder en veehouderij BESLUIT: Vast te stellen de volgende verordening houdende regels met betrekking tot beslissingen inzake vergunningen krachtens de Wet milieubeheer voor veehouderijen, voor zover het betreft geurhinder vanwege tot die veehouderijen behorende dierverblijven: De verordening geurhinder en veehouderij Artikel 1 Begripsomschrijving In deze verordening wordt verstaan onder: Veehouderij: inrichting die tot een krachtens artikel 1.1, derde lid, van de Wet milieubeheer aangewezen categorie behoort en is bestemd voor het fokken, mesten, houden, verhandelen, verladen of wegen van dieren Wet: de Wet geurhinder en veehouderij Artikel 2 Aanwijzing gebieden Als gebieden als bedoeld in artikel 6 van de Wet worden aangewezen de volgende gebieden: Bebouwde kom; Waterdael III; Brim; Lierop-Zuid; Buitengebied Deze gebieden worden nader aangegeven op de bij deze verordening en als zodanig gewaarmerkte kaart. Artikel 3 Andere waarden voor de geurbelasting In gebied 1 als omschreven in artikel 2 van deze verordening, geldt de volgende andere waarde: Op grond van artikel 6, lid 1 van de Wet en in afwijking van artikel 3, lid 1 van de Wet bedraagt de maximale waarde voor de geurbelasting van een veehouderij voor zover het een geurgevoelig object binnen de bebouwde kom betreft 1,0 ouE/m3; In gebied 2 als omschreven in artikel 2 van deze verordening, geldt de volgende andere waarde: Op grond van artikel 6, lid 1 van de Wet en in afwijking van artikel 3, lid 1 van de Wet bedraagt de maximale waarde voor de geurbelasting van een veehouderij voor zover het een geurgevoelig object betreft 5 ouE/m3; In gebied 3 als omschreven in artikel 2 van deze verordening, geldt de volgende andere waard: Op grond van artikel 6, lid 1 van de Wet en in afwijking van artikel 3, lid 1 van de Wet bedraagt de maximale waarde voor de geurbelasting van een veehouderij voor zover het een geurgevoelig object betreft 6 ouE/m3; In gebied 4 als omschreven in artikel 2 van deze verordening, geldt de volgende andere waarde: Op grond van artikel 6, lid 1 van de Wet en in afwijking van artikel 3, lid 1 van de Wet bedraagt de maximale waarde voor de geurbelasting van een veehouderij voor zover het een geurgevoelig object betreft 3 ouE/m3; In gebied 5 als omschreven in artikel 2 van deze verordening, geldt de volgende andere waarde: Op grond van artikel 6, lid 1 van de Wet en in afwijking van artikel 3, lid 1 van de Wet bedraagt de maximale waarde voor de geurbelasting van een veehouderij voor zover het een geurgevoelig object betreft 14 ouE/m3; Artikel 4 Citeertitel en inwerkingtreding Deze verordening kan worden aangehaald als: “Verordening geurhinder en veehouderij”. Deze verordening treedt in werking op de dag na die waarop zij is bekendgemaakt. Aldus besloten in de vergadering van de raad van de gemeente Someren,-de raadsgriffier,- de voorzitter,-J. Laurens Janse-Oostdijk- A.P.M. Veltman
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.