← Nederland

Alvalstoffenverordening Rucphen2024 (Rucphen)

Alvalstoffenverordening Rucphen2024 Gelet op de opdracht die aan ons is verleend krachtens artikel 10.23 Wet milieubeheer, stelt de Gemeenteraad van de Gemeente Rucphen de volgende bepalingen vast: §

  1. Algemeen Artikel
  2. Definities In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: - inzamelen: de activiteiten gericht op het ophalen of innemen van afvalstoffen die binnen de gemeente ter inzameling worden aangeboden en het feitelijk ophalen en innemen daarvan; - ter inzameling aanbieden: de wijze van overdragen van afvalstoffen aan een inzamelende persoon of instantie, inclusief het achterlaten van afvalstoffen in daartoe door of vanwege de inzamelende persoon of instantie geplaatste inzamelmiddelen of –voorzieningen op een daartoe aangewezen plaats; - inzamelmiddel: voor de inzameling van afvalstoffen bestemd hulp- of bewaarmiddel, ten behoeve van één huishouden; - inzamelplaats: daartoe op grond van artikel 5 aangewezen plaats; - andere inzamelaars: de krachtens artikel 4 lid 1 sub a, b en c aangewezen personen en instanties, belast met het afzonderlijk inzamelen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen; - straatafval: huishoudelijke afvalstoffen van zeer beperkte omvang en gewicht, zoals proppen, papier, sigarettenpeuken, kauwgom, plastic bekertjes en blikjes, verpakkingsmateriaal, etenswaren, niet zijnde klein chemisch afval, ontstaan buiten een perceel; - inzamelvoorziening: voor de inzameling van afvalstoffen bestemd(e) bewaarmiddel of -plaats ten behoeve van meerdere huishoudens; - perceel: perceel waar geregeld huishoudelijke afvalstoffen kunnen ontstaan. Artikel
  3. Doelstelling De toepassing van deze verordening is gericht op de bescherming van het milieu, met inbegrip van een doelmatig beheer van afvalstoffen. §
  4. Huishoudelijke afvalstoffen ARTIKEL
  5. AANWIJZING VAN DE INZAMELDIENST
  6. Saver N.V. is als inzameldienst belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen.
  7. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over de wijze waarop de inzameldienst huishoudelijke afvalstoffen inzamelt. ARTIKEL
  8. REGULERING VAN ANDERE INZAMELAARS
  9. Het is voor anderen dan de inzameldienst verboden huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen, tenzij de inzamelaar: a. daartoe is aangewezen door burgemeester en wethouders; b. middels Uitvoeringsbesluit Afval 2024 van het verbod is vrijgesteld; of c. verplicht is tot inname, bedoeld in artikel 9.5.2, derde lid, aanhef en onderdeel b, of vierde lid, van de Wet milieubeheer.
  10. Burgemeester en wethouders kunnen aan een aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, onder a, voorschriften verbinden en beperkingen stellen. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing. Artikel
  11. Aanwijzing van inzamelplaats Burgemeester en wethouders dragen zorg voor ten minste één daartoe ter beschikking gestelde plaats, waar in voldoende mate gelegenheid wordt geboden om huishoudelijke afvalstoffen, met inbegrip van grof huishoudelijk afval, achter te laten. Artikel
  12. Algemene verboden Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen: a. ter inzameling aan te bieden aan een ander dan de inzameldienst of een inzamelaar als bedoeld in artikel 4, eerste lid; b. over te dragen aan een ander dan een inzamelaar als bedoeld in artikel 4, eerste lid; of c. achter te laten op een andere plaats dan de inzamelplaats, bedoeld in artikel
  13. ARTIKEL
  14. GESCHEIDEN AFVALINZAMELING
  15. Burgemeester en wethouders stellen regels over de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk door de inzameldienst worden ingezameld, over de frequentie van de inzameling van elk van deze bestanddelen, en over de locaties van deze inzameling bij of nabij elk perceel.
  16. In artikel 2 van het Uitvoeringsbesluit Afval 2024 worden de bestanddelen verder toegelicht. Artikel
  17. Gescheiden aanbieding
  18. Het is verboden de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen, bedoeld in artikel 1 van het Uitvoeringsbesluit Afval 2024, anders dan afzonderlijk: a. ter inzameling aan te bieden; b. achter te laten op een inzamelplaats als bedoeld in artikel
  19. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen. Deze regels kunnen voor categorieën van gevallen of personen een vrijstelling inhouden van het verbod, bedoeld in het eerste lid. Artikel
  20. Tijdstip van aanbieding Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan op de door burgemeester en wethouders daartoe bepaalde dagen en tijden. Deze kunnen voor verschillende bestanddelen verschillend worden vastgesteld. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen. Artikel
  21. Wijze en plaats van aanbieding
  22. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan in overeenstemming met de door burgemeester en wethouders te stellen regels in het Uitvoeringsbesluit Afval 2024 over het gebruik van: a. een inzamelmiddel voor het aanbieden ter inzameling bij een perceel; b. een inzamelvoorziening voor het aanbieden ter inzameling nabij een perceel; c. een inzamelvoorziening op wijkniveau; d. een brengdepot op lokaal of regionaal niveau.
  23. Het is verboden om een inzamelmiddel na afloop van de bepaalde dagen en tijden, bedoeld in artikel 9, buiten een perceel te laten staan.
  24. Burgemeester en wethouders hebben in het Uitvoeringsbesluit Afval 2024 voor categorieën van percelen regels gesteld. Deze regels kunnen een vrijstelling van het verbod inhouden.
  25. Degene die onzelfstandige woonruimte verhuurt, is verplicht er voor te zorgen dat uit die woonruimte afkomstige huishoudelijke stoffen volgens de voorschriften van deze verordening ter inzameling worden aangeboden. Aanbieding van afvalstoffen in strijd met dit artikel moet worden verwijderd. §
  26. Bedrijfsafvalstoffen Artikel
  27. Inzameling bedrijfsafvalstoffen door inzameldienst Burgemeester en wethouders kunnen bestanddelen van bedrijfsafvalstoffen aanwijzen die worden ingezameld door de inzameldienst die is aangewezen op grond van artikel 3 of 4, in gevallen waarin de voor deze inzameling krachtens de “Verordening afvalstoffenheffing 2022” verschuldigde heffing is voldaan. Artikel
  28. Aanbieding ter inzameling van bedrijfsafvalstoffen Het is verboden anders dan in overeenstemming met artikel 13 bedrijfsafvalstoffen ter inzameling door de inzameldienst aan te bieden of over te dragen, of bij een inzamelplaats als bedoeld in artikel 5, achter te laten. Artikel
  29. Regeling van inzameling van bedrijfsafvalstoffen
  30. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan in overeenstemming met de door burgemeester en wethouders te stellen regels over de dagen, tijden, wijzen en plaatsen van inzameling van de krachtens artikel 11 aangewezen bedrijfsafvalstoffen.
  31. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen voor het aanbieden, overdragen of achterlaten van bedrijfsafvalstoffen. Deze regels kunnen mede worden vastgesteld voor anderen dan de inzameldienst. Deze regels kunnen een vrijstelling van het verbod, bedoeld in het eerste lid, inhouden. §
  32. Zwerfafval en overige Artikel
  33. Dumpingsverbod
  34. Het is verboden zonder ontheffing van burgemeester en wethouders, buiten een inrichting, hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu te veroorzaken, door een afvalstof, een stof of een voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins daar te plaatsen.
  35. Het eerste lid is niet van toepassing op: a. het aanbieden, overdragen of achterlaten van huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen in overeenstemming met deze verordening; b. het composteren van huishoudelijk groente-, fruit- of tuinafval op het perceel waar dit is ontstaan; c. het laden, lossen of vervoeren van afvalstoffen, met inbegrip van daarbij niet te vermijden plaatsing van afvalstoffen, stoffen of voorwerpen op de weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994; d. handelingen die zijn verboden bij of krachtens de Wet bodembescherming, het Besluit bodemkwaliteit of de Omgevingswet.
  36. Indien de overtreder van dit artikel onbekend is, wordt de persoon tot wie de aangetroffen afvalstof, stof of voorwerp kan worden herleid, geacht te hebben gehandeld in strijd met dit artikel.
  37. Het bepaalde in lid 3 geldt niet indien deze persoon kan aantonen, dat door hem voldoende zorg voor het milieu in acht is genomen.
  38. De zorg, bedoeld in lid 4, houdt in ieder geval in dat een ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen voor het milieu kunnen worden veroorzaakt, verplicht is dergelijk handelen achterwege te laten voor zover in redelijkheid kan worden gevergd, dan wel alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd teneinde die gevolgen te voorkomen of, voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken. ARTIKEL
  39. ZWERFAFVAL IN DE OPENBARE RUIMTE
  40. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen van beperkte omvang en gewicht die zijn ontstaan buiten een perceel, achter te laten in de openbare ruimte, anders dan in daartoe bestemde afvalbakken of andere middelen ter inzameling van deze afvalstoffen.
  41. Reclamedrukwerk, ander promotiemateriaal en de verpakking daarvan, die in weerwil van het eerste lid in de openbare ruimte wordt weggeworpen of achtergelaten, wordt terstond opgeruimd door degene die het in de betreffende omgeving onder het publiek verspreidde.
  42. Het is verboden ter inzameling gereedstaande afvalstoffen of inzamelmiddelen te doorzoeken of te verspreiden, te stoten, te schoppen, omver te werpen of door deze anderszins te behandelen waardoor er zwerfaval ontstaat. Artikel
  43. Zwerfafval rondom inrichtingen
  44. Degene die een inrichting drijft waar eet- of drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, draagt zorg voor de aanwezigheid in of nabij de inrichting van een voor gebruik door het publiek beschikbare en tijdig geleegde afvalbak of soortgelijk middel voor het houden van afval.
  45. Degene die de inrichting drijft verwijdert zo vaak als nodig etenswaren, verpakkingen, afval of andere materialen, die kennelijk uit de inrichting afkomstig zijn of voor de inrichting zijn bestemd, binnen een straal van ten minste 25 meter van de inrichting.
  46. De vorige leden gelden niet voor situaties waarin wordt voorzien door de Omgevingswet. Artikel
  47. Afval en verontreiniging op de weg
  48. Het is verboden een weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994, te verontreinigen of het milieu nadelig te beïnvloeden door afvalstoffen, stoffen of voorwerpen te laden, te lossen of te vervoeren of andere werkzaamheden te verrichten.
  49. Degene die in strijd met het eerste lid de weg verontreinigt of het milieu nadelig beïnvloedt, of diens opdrachtgever, zorgt terstond na de beëindiging van de werkzaamheden van die dag voor het reinigen van de weg, of zoveel eerder als nodig is om de veiligheid van het verkeer of de bescherming van het wegdek te verzekeren. Artikel
  50. Geen opslag van afval in de open lucht Het is verboden afvalstoffen op een voor het publiek waarneembare plaats in de open lucht en buiten een inrichting als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer op te slaan of opgeslagen te hebben, anders dan door het in overeenstemming met paragraaf 2 van deze verordening aanbieden, achterlaten of overdragen van huishoudelijke afvalstoffen. Artikel
  51. Ontdoen van autowrakken Het is verboden zich te ontdoen van een autowrak dat afkomstig is van een perceel, anders dan door afgifte aan een inrichting als bedoeld in artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken. ARTIKEL
  52. KADAVERS VAN (GEZELSCHAPS-)DIEREN Kadavers van gezelschapsdieren kunnen aangemeld worden bij de daartoe bestemede instantie. Kadavers van dieren op de openbare weg kunnen gemeld worden bij de daartoe bestemde instantie. §
  53. Handhaving en toezicht Artikel
  54. Strafbare feiten Overtreding van het bij of krachtens de artikelen 4, 7, 8 tot en met 19 bepaalde en de daarbij gegeven voorschriften en beperkingen, is een strafbaar feit als bedoeld in artikel 1a, onderdeel 3, van de Wet op de economische delicten. Artikel
  55. Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de krachtens artikel 5.10, derde lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, danwel krachtens hoofdstuk 18 van de Omgevingswet, door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren. §
  56. Overgangs- en slotbepalingen ARTIKEL
  57. INTREKKING OUDE VERORDENING De Afvalstoffenverordening van de gemeente Rucphen 2013 wordt ingetrokken per 01 januari
  58. ARTIKEL
  59. INWERKINGTREDING EN CITEERTITEL
  60. Deze verordening treedt in werking op 1 januari
  61. Deze verordening wordt aangehaald als: Afvalstoffenverordening Rucphen
  62. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 27 september
  63. De griffier, J. Lahaije De voorzitter, M. van der Meer Mohr

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.