Beleidsregels Eenmalige energietoeslag Peelgemeenten 2023 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Laarbeek Gelet op: Artikel 160 van de Gemeentewet; titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht; artikel 35 Participatiewet; overwegende dat: het college het wenselijk vindt om aan te geven in welke situaties en onder welke voorwaarden huishoudens in aanmerking kunnen komen voor een eenmalige energietoeslag 2023; het daarom wenselijk is voor dit doel beleidsregels vast te stellen. Besluit: vast te stellen de Beleidsregels Eenmalige energietoeslag Peelgemeenten 2023 Artikel1:Begripsbepalingen 1.In deze beleidsregels wordt verstaan onder: Wet: Participatiewet; College: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Laarbeek; Huishouden: een eenpersoons huishouden of een meerpersoons huishouden; Eenpersoons huishouden: een alleenstaande die een zelfstandige woning bewoont, waarop hij/zij alleen staat ingeschreven in de basisadministratie van de gemeente Laarbeek (BRP); Meerpersoons huishouden: meerdere personen die samen een zelfstandige woning bewonen, waarop ze staan ingeschreven in de basisadministratie van de gemeente Laarbeek (BRP) en die woonruimten met elkaar delen; Hoofdbewoner: de houder van het energiecontract voor de levering van energie op het adres waar de bewoner staat ingeschreven in de basisadministratie van de gemeente Laarbeek (BRP); Zelfstandige woning: de woning welke een eigen toegang heeft en welke de bewoner kan bewonen zonder daarbij afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen buiten de woning, een en ander overeenkomstig het bepaalde in artikel 7:234 van het Burgerlijk Wetboek; Bijstandsnorm: de norm als bedoeld in de Participatiewet, zonder toepassing van de kostendelersnorm in artikel 19a en 22a van de wet en zonder vakantietoeslag; Voor de toepassing van deze regeling wordt de bijstandsnorm voor een alleenstaande ouder gesteld op 90% van de gehuwdennorm; Peildatum inkomen voor de ambtshalve toekenning: 1 oktober 2023; Referteperiode - inkomen voor nieuwe aanvragen: de periode van 1-1-2023 t/m 31-12-2023, waarbinnen de aanvrager zelf de maand kan kiezen waarin zijn inkomen getoetst wordt, met uitzondering van de aanvrager uit de doelgroep van artikel 2, lid 6 van deze beleidsregels; Laag inkomen: Een huishouden heeft een laag inkomen als het in aanmerking te nemen netto inkomen zonder vakantietoeslag van de hoofdbewoner, en bij een meerpersoonshuishouden waar sprake is van een gezamenlijke huishouding het netto inkomen zonder vakantietoeslag van de gezamenlijke huishouding, in een maand naar keuze in de referteperiode niet hoger is dan 120% van de toepasselijke bijstandsnorm zonder vakantietoeslag. 2.Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht. Artikel2:Doelgroep eenmalige energietoeslag 2023 1.De eenmalige energietoeslag 2023 bedraagt € 800,- per huishouden per jaar. 2.De toeslag is bedoeld voor huishoudens met een laag inkomen en wordt ambtshalve of op aanvraag als bijzondere bijstand verleend. 3.In een meerpersoonshuishouden wordt de hoofdbewoner aangemerkt als de gerechtigde tot de eenmalige energietoeslag. Als er meerdere bewoners in één huishouden wonen, worden de aanvragen van de tweede en volgende (hoofd)bewoners afgewezen. 4.Als er meerdere bewoners zijn in het huishouden die energiekosten verschuldigd zijn, draagt de hoofdbewoner die gerechtigd is tot de toeslag zorg voor een evenredige verdeling onder elkaar. 5.In afwijking van artikel 1, lid l het vijfde lid wordt voor het bepalen van het netto inkomen op de datum aanvraag bij ondernemers uitgegaan van de jaarwinst over het jaar 2022 of
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.