Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders Berg en Dal 2023Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Berg en Dal, gelet op de artikelen 44 en 66 van de Gemeentewet en de artikelen 3.2.9, 3.3.2 en 3.3.3 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers; overwegende dat de Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders Berg en Dal moet aansluiten bij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers; besluit vast te stellen de volgende regeling: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders Berg en Dal 2023 Artikel1.Definitiebepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: college: college van burgemeester en wethouders. burgemeester: voorzitter van het college van burgemeester en wethouders. secretaris: de secretaris bedoeld in artikel 102 van de Gemeentewet. wethouder: lid van het college van burgemeester en wethouders. Artikel2.Reis- en verblijfkosten De burgemeester en de wethouders hebben ten laste van de gemeente aanspraak op vergoeding: Voor woon-werkverkeer en voor reizen, gemaakt voor de uitoefening van het ambt, worden of wordt aan de burgemeester of wethouder vergoed: de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; bij gebruik van een eigen vervoermiddel het maximumbedrag dat door een werkgever onbelast per afgelegde kilometer aan een werknemer kan worden verstrekt. bij gebruik van een eigen auto kan de burgemeester, op zijn verzoek, een vaste vergoeding worden toegekend voor reizen gemaakt voor de uitoefening van het ambt binnen de gemeente in plaats van op declaratiebasis. Voor woon-werkverkeer en voor reizen, gemaakt voor de uitoefening van het ambt, worden aan de burgemeester of wethouder bij het gebruik van een eigen vervoermiddel tevens de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten vergoed. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. Indien de burgemeester of de wethouder een functionele beperking heeft, kan incidenteel voor woon-werkverkeer en voor reizen, gemaakt voor de uitoefening van het ambt, een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld. Aan de burgemeester of wethouder wordt vergoeding van kosten van woon-werkverkeer uitsluitend toegekend: indien hij in de basisregistratie personen is ingeschreven op een woonadres binnen de gemeente, waarin hij is benoemd, of indien hij nog niet in de basisregistratie personen is ingeschreven op een woonadres binnen de gemeente, waarin hij is benoemd, voor zolang hem ontheffing is verleend van de verplichting om zijn werkelijke woonplaats in de gemeente te hebben. De noodzakelijkerwijs en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfskosten die de burgemeester of de wethouder maakt in verband met dienstreizen, gemaakt voor de uitoefening van het ambt, worden ten laste van de gemeente vergoed. Artikel3.Buitenlandse dienstreis 1.Als de burgemeester of wethouder in het gemeentelijk belang een reis buiten Nederland maken, worden de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reis- en verblijfkosten op declaratiebasis vergoed. 2.Voor een reis in het gemeentelijk belang buiten Nederland, niet zijnde een reis naar een Europese instelling, is vooraf toestemming van het college vereist. De gemeenteraad wordt door het collegeschriftelijk in kennis gesteld van de reis. Artikel4.Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing 1.De burgemeester of wethouder die willen deelnemen aan niet-partijpolitieke georiënteerde scholing als bedoeld in artikel 3.3.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.