Participatie- en inspraakverordening gemeente SliedrechtDe raad van de gemeente Sliedrecht; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 4 oktober 2022; gelet op de artikelen 149 en 150 van de Gemeentewet; gelezen het 'Participatiebeleid Sliedrecht' van het college van burgemeester en wethouders d.d. 15 november 2022; tevens gelet op de aanstaande invoering van de Omgevingswet; besluit vast te stellen de volgende verordening: Participatie- en inspraakverordening gemeente Sliedrecht Paragraaf1Algemene bepalingen Artikel1Definities De verordening verstaat onder: Belanghebbende: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit betrokken is; Beleidsvoornemen: voornemen van een bestuursorgaan tot het vaststellen of wijzigen van beleid; Ingezetene: ieder die met een adres in de gemeente Sliedrecht is ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens; Initiatief: een (ruimtelijk) plan van de gemeente dat geen beleidsvoornemens betreft; Inspraak: de finale mogelijkheid voor ingezetenen en belanghebbenden om – door het indienen van een zienswijze op een beleidsvoornemen – betrokken te worden bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid of initiatief; inspraakprocedure: de wijze waarop de inspraak gestalte wordt gegeven; Participatie: het in een vroeg stadium betrekken van ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering of evaluatie van gemeentelijk beleid of initiatief. Artikel2Reikwijdte verordening Deze verordening is van toepassing op de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van gemeentelijk beleid of initiatief. Artikel3Onderwerp van participatie of inspraak Elk bestuursorgaan besluit ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden of participatie of inspraak wordt toegepast. Cumulatie van participatie en inspraak wordt in beginsel vermeden. Participatie of inspraak wordt altijd toegepast als de wet daartoe verplicht. Er is geen participatie of inspraak mogelijk: Als participatie bij of krachtens wettelijk voorschrift is uitgesloten; Als sprake is van uitvoering van hogere regelgeving waarbij het bestuursorgaan geen of nauwelijks beleidsvrijheid heeft; Inzake de vaststelling van de kadernota, begroting, jaarrekening, rapportages, de tarieven voor gemeentelijke dienstverlening en belastingen bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet; Wanneer het een voornemen betreft dat betrekking heeft op intern organisatorische aangelegenheden van de gemeente. Het bestuursorgaan kan in de volgende gevallen ervan afzien om ten aanzien van beleidsvoornemens participatie toe te passen of inspraak te verlenen: Ten aanzien van ondergeschikte herzieningen van een eerder vastgesteld beleidsvoornemen; Als de uitvoering van een beleidsvoornemen of initiatief dermate spoedeisend is dat participatie niet kan worden afgewacht; Als het belang van participatie niet opweegt tegen het belang van de verantwoordelijkheid van de gemeente voor kwetsbare groepen in de samenleving; Het in het eerste lid bedoelde besluit is in de regel onderdeel van een collegevoorstel of raadsvoorstel over het inhoudelijk onderwerp waar de inspraak of participatie betrekking op heeft. Paragraaf2Participatie Artikel4Reikwijdte paragraaf Deze paragraaf is van toepassing op de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van gemeentelijke ruimtelijke initiatieven. Artikel5Procedure participatie Bij het volgen van een participatieproces wordt het Participatiebeleid Sliedrecht in acht genomen. Als een participatieproces wordt gestart, besteedt het bestuursorgaan, aanvullend op het gestelde in artikel 3, eerste lid, in het collegevoorstel of raadsvoorstel in ieder geval ook aandacht aan: Hoeveel tijd en ruimte er is voor het opzetten en uitvoeren van het participatieproces; Welke middelen beschikbaar zijn om het participatieproces uit te kunnen voeren; Wat de doelgroep is; Welk(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.