Verordening Amsterdamse culturele infrastructuur, hoofdlijnen en kunstenplan 2023De raad van de gemeente Amsterdam, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 10 oktober 2023, gelet op artikel 149 van de Gemeentewet, besluit de volgende verordening vast te stellen: Verordening Amsterdamse culturele infrastructuur, hoofdlijnen en kunstenplan 2023 1Algemene bepalingen Artikel1Begripsomschrijvingen In deze subsidieverordening wordt verstaan onder: a. AFK Amsterdams Fonds voor de Kunst; b. kunstraad Amsterdamse Kunstraad; c. college college van burgemeester en wethouders van Amsterdam; d. Contouren de vooruitblik op een komende Kunstenplanperiode met een korte beschrijving van de beleidsdoelstellingen die de basis vormt voor gesprekken met de cultuursector; e. Amsterdamse culturele infrastructuur het samenhangend geheel van door de gemeente Amsterdam en het AFK gesubsidieerde instellingen die samen een belangrijk deel van het culturele leven van Amsterdam bepalen; f. gemeenteraad gemeenteraad van Amsterdam; g. Hoofdlijnen de door de gemeenteraad vastgestelde nota waarin het inhoudelijke beleid ten aanzien van de kunst en cultuur, de cultuurpolitieke doelen en het financiële kader voor een periode van vier jaar uiteen is gezet; h. inrichtingseisen de door de gemeenteraad vastgestelde eisen behorende bij de Hoofdlijnen over de wijze waarop een aanvraag wordt ingediend en welke informatie door een culturele instelling dient te worden verstrekt bij de aanvraag; i. Kunstenplan de door de gemeenteraad ter uitwerking van de Hoofdlijnen vastgestelde nota over het gemeentelijk beleid en een overzicht van de door het college en door het AFK te subsidiëren instellingen; j. culturele instelling professionele instelling met rechtspersoonlijkheid gevestigd in Amsterdam die binnen de gemeente Amsterdam activiteiten uitvoert op het gebied van kunst en cultuur; k. Kunstenplanperiode vierjaarlijkse periode waarbinnen subsidie kan worden verstrekt aan culturele instellingen door het college en het AFK; l. Verkenning het door de kunstraad halverwege de kunstenplanperiode geschetst beeld van het culturele landschap, aanwezige functies en hun spreiding binnen de stad, een overzicht van de sterkten en zwakten binnen de cultuursector, de relatie met andere portefeuilles en stadsdelen. Hoofdstuk2Totstandkoming van het Kunstenplan en de rolverdeling tussen de verschillende hierbij betrokken partijen Artikel2Verkenning, Contouren en Hoofdlijnen 1.Op grond van de Verordening op de Amsterdamse Kunstraad stelt de kunstraad halverwege de Kunstenplanperiode de Verkenning op. 2.Het college heeft, volgend op de Verkenning, tot taak om de Contouren op te stellen. 3.Het college stelt uiterlijk twee maanden voorafgaand aan de termijn waarin de vierjarige Kunstenplansubsidies kunnen worden aangevraagd met inachtneming van de Verkenning en de Contouren, de Hoofdlijnen op en legt deze ter vaststelling voor aan de gemeenteraad. 4.De Hoofdlijnen bevatten in ieder geval: de beleidsdoelstellingen binnen de culturele infrastructuur ter realisatie waarvan activiteiten voor subsidie in aanmerking komen; een lijst van de culturele instellingen die een aanvraag kunnen doen voor een begrotingspost subsidie in de zin van artikel 4:23 lid 3 onder c van de Awb; in het kader van het Kunstenplan bij de gemeente; de criteria en de uitwerking daarvan die bij de beoordeling van de subsidieaanvragen gehanteerd worden; het financieel kader waarbinnen de subsidieverstrekking geschiedt en de subsidieregelingen en op basis waarvan subsidies in het kader van het Kunstenplan worden verstrekt. 5.Voorafgaand aan het eerste jaar van de Kunstenplanperiode informeert het college de gemeenteraad ter kennisname over de subsidies die het college aan culturele instellingen verstrekt en over de subsidies die het AFK op grond van de Hoofdlijnen en de daarbij behorende regelingen verstrekt. 6.Het college kan de termijn als bedoeld in het derde lid, met ten hoogste een maand verlengen. Artikel3De kunstraad 1.De kunstraad is een adviescommissie ingesteld op grond van artikel 84 van de Gemeentewet, die het college en de gemeenteraad adviseert op verzoek of uit eigen beweging, over het te voeren beleid op het gebied van kunst en cultuur en over wet- en regelgeving. 2.De Verordening op de Amsterdamse Kunstraad is op de taken, de bevoegdheden, de samenstelling en de werkwijze van de kunstraad van toepassing. 3.De kunstraad adviseert het college over de subsidieaanvragen van de culturele instellingen die onder verantwoordelijkheid vallen van de gemeente. Artikel4Het AFK 1.Het AFK is bevoegd om, binnen het kader van de Hoofdlijnen, te besluiten over het verstrekken van subsidies ingevolge de regelingen die het college op grond van het tweede lid vaststelt. 2.Het college is bevoegd subsidieregelingen, binnen het kader van de Hoofdlijnen, vast te stellen. Het AFK doet hiervoor een voordracht. Deze regelingen maken onderdeel uit van de Hoofdlijnen. 3.Het college stelt het subsidieplafond vast voor de regelingen als bedoeld in het tweede lid. Het AFK is bevoegd om deelplafonds vast te stellen. 4.Na de besluitvorming over de subsidieaanvragen informeert het college de gemeenteraad ter kennisname over de door het AFK gehonoreerde en afgewezen subsidieaanvragen. Artikel5Advies kunstraad 1.De kunstraad beoordeelt de aanvragen van de instellingen die worden genoemd in de Hoofdlijnen aan de hand van de criteria zoals genoemd in de Hoofdlijnen en adviseert het college over de mate waarin een instelling voldoet aan de criteria en over de hoogte van de subsidieverlening. 2.Het college verstrekt de kunstraad in verband met zijn adviestaak informatie betreffende de zakelijke kwaliteit van een aanvrager, financiële aandachtspunten en de aangevraagde subsidie voor het meerjarenonderhoudsplan aan de hand van door de aanvrager overgelegde jaarrekeningen, meerjarenbegrotingen en meerjarenonderhoudsplan. 3.Mocht de aanvraag naar de mening van de kunstraad inhoudelijk niet aan een of meerdere van de gestelde eisen voldoen, dan wordt de aanvrager door de kunstraad een redelijke termijn gegund om de aanvraag aan te passen. Hoofdstuk3Slotbepaling Artikel6Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van publicatie in het Gemeenteblad. 2.De eerste Kunstenplanperiode waarop deze verordening van toepassing is, vangt aan op 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.