Verordening van de raad van de gemeente Zutphen houdende bepalingen over de gemeentelijke rekenkamer (Verordening rekenkamer gemeente Zutphen 2024)Ons kenmerk: zaaknummer 620237 De raad van de gemeente Zutphen, gelezen het advies van het presidium van 16 november 2023; gelezen het advies van rekenkamercommissie van 30 oktober 2023; gelet op artikel(en) 81a e.v. en 149 van de Gemeentewet; b e s l u i t : vast te stellen de: Verordening van de raad van de gemeente Zutphen houdende bepalingen over de gemeentelijke rekenkamer (Verordening rekenkamer gemeente Zutphen 2024) Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: CBP: Centraal Plan Bureau; college: het college van burgemeester en wethouders; rekenkamer: rekenkamer als bedoeld in artikel 81a van de wet; wet: Gemeentewet; voorzitter: voorzitter van de rekenkamer. Artikel2Rekenkamer Er is een rekenkamer. De rekenkamer bestaat uit tenminste 3 en maximaal 5 leden, waaronder een voorzitter. De leden hebben voor het rekenkamerlidmaatschap relevante en bij voorkeur complementaire profielen en expertise. Er bestaat binnen de rekenkamer in elk geval kennis op het gebied van beleidsevaluatie en ervaring met het Nederlands lokaal bestuur. Artikel3Voorzitterschap De raad benoemt één van de leden van de rekenkamer tot voorzitter. De rekenkamer benoemt uit haar midden een plaatsvervangend voorzitter die de voorzitter bij afwezigheid vervangt. Artikel4Benoeming en herbenoeming De raad benoemt de leden van de rekenkamer voor de wettelijke termijn van 6 jaar. De leden van de rekenkamer, waaronder de voorzitter, kunnen maximaal één keer voor een periode van zes jaar worden herbenoemd. De rekenkamer hanteert een rooster van aftreden, bedoeld om te zorgen voor continuïteit in de rekenkamer. Er vindt geen automatische herbenoeming plaats; aan het eind van een periode wordt getoetst of leden nog voldoen aan het opgestelde profiel. Artikel5Ontslag en non-activiteit De raad ontslaat de leden. De raad kan de voorzitter of een lid van de rekenkamer ontslaan op gronden van artikel 81c, zesde en zevende lid van de wet. De raad kan de voorzitter of een lid van de rekenkamer op non-actief stellen op gronden van artikel 81d, eerste en tweede lid van de wet. Artikel6Ambtelijke ondersteuning De rekenkamer heeft een ambtelijk secretaris. De ambtelijk secretaris kan vervangen worden door een op de griffie werkzame medewerker. De ambtelijk secretaris wordt op voordracht van de rekenkamer benoemd en ontslagen door de raad en wordt formatief ondergebracht bij de griffie. De ambtelijk secretaris is over de werkzaamheden uitsluitend verantwoording schuldig aan de rekenkamer. De ambtelijk secretaris wordt arbeidsrechtelijk aangestuurd door de griffier. Artikel7Budget De voorzitter van de rekenkamer is bevoegd binnen het door de raad voor de rekenkamer beschikbaar gestelde (onderzoeks)budget uitgaven te doen voor de uitvoering van de werkzaamheden van de rekenkamer. Als de raad van plan is het onderzoeksbudget voor het komende begrotingsjaar te verminderen, dan voert de raad hierover tijdig, maar tenminste drie maanden voor aanvang van het betreffende begrotingsjaar, overleg met de rekenkamer. Het onderzoeksbudget wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van de prijs- en loonindexatie van het CPB. Artikel8Vergoeding werkzaamheden en tegemoetkoming in de kosten De leden van de rekenkamer ontvangen voor hun werkzaamheden een vaste maandelijkse vergoeding. De vergoeding bedraagt voor de voorzitter 45% en voor de leden 40% van de klasse 10 van de tabel behorend bij artikel 2, eerste lid van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers per maand. De vergoeding voor leden die onderzoekswerkzaamheden uitvoeren, bedraagt € 75,- per onderzoeksuur waarbij een vast aantal uren per onderzoek van tevoren wordt vastgesteld. Hierbij wordt rekening gehouden met het beschikbare budget. De vergoeding wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van de prijs- en loonindexatie van het CPB. De leden van de rekenkamer ontvangen daarnaast een tegemoetkoming in de reiskosten. Dit is maximaal de belastingvrije kilometervergoeding. Kosten van openbaar vervoer worden geheel vergoed. Artikel9Afstemming met de raad De rekenkamer gaat jaarlijks in overleg met de fracties in de raad. Artikel10Rapportage en raadsbehandeling De rekenkamer rapporteert, in overeenstemming met artikel 185 van de wet, schriftelijk over de uitgevoerde onderzoeken, inclusief aanbevelingen aan de raad, het college indien van toepassing, aan de betrokken instelling. De definitieve rapporten worden door de rekenkamer voor behandeling aangeboden aan het college en de raad en openbaar gemaakt, met inachtneming van het bepaalde in de Wet open overheid. De raad agendeert het rapport voor behandeling. Artikel11Monitoring aanbevelingen De griffie verstrekt de raad elk jaar voor 1 april een overzicht van de door de rekenkamer aan de raad gedane aanbevelingen die de raad heeft overgenomen. De griffier verstrekt bij het in het eerste lid bedoelde overzicht informatie over de uitvoering van de aanbevelingen. Op grond van artikel 185a Gemeentewet zendt het college de raad jaarlijks voor 1 april een overzicht van de aan het college gedane aanbevelingen van de rekenkamer, vergezeld van zijn standpunt daaromtrent en van de wijze waarop aan de aanbevelingen uitvoering is gegeven. Artikel12Werkwijze De rekenkamer heeft als taak het uitvoeren van onderzoek naar de doeltreffendheid, doelmatigheid en rechtmatigheid van het beleid en beheer, het financiële beheer, van de organisatie en van het beleid van het gemeentebestuur, alsmede van de controle als bedoeld in artikel 213 van de wet. De uitvoering, begeleiding en sturing van het onderzoek vindt plaats volgens een door de rekenkamer vastgestelde onderzoeksopzet. De rekenkamer kan, met inachtneming van het beschikbare budget, één of meer leden mede belasten met het uitvoeren van onderzoek dan wel het onderzoek (deels) uitbesteden aan een extern bureau. De rekenkamer stelt een Reglement van Orde vast en brengt dit ter kennis van de raad en het college. Het Reglement van Orde wordt openbaar gemaakt op de pagina van de rekenkamer op de raadswebsite. De rekenkamer stelt een Onderzoeksprotocol vast en brengt deze ter kennis van de raad en het college. Het Onderzoeksprotocol wordt openbaar gemaakt op de webpagina van de rekenkamer op de raadswebsite. De rekenkamer formuleert voor elk onderzoek een onderzoeksopzet en stuurt deze ter kennisname naar het college en de raad. De raad kan een gemotiveerd verzoek doen tot het instellen van een onderzoek. De rekenkamer bericht ná de vergadering volgend op het verzoek of en in hoeverre aan het verzoek wordt voldaan. Als de rekenkamer niet aan het verzoek van de raad voldoet, wordt dit gemotiveerd kenbaar gemaakt. De rekenkamer stelt elk jaar voor 1 april een verslag op van haar werkzaamheden over het voorgaande jaar. Dit verslag bevat: een verantwoording over verrichtingen met toetsing aan het onderzoeksplan; een overzicht van het beschikbare budget en de gemaakte kosten minimaal gesplitst in salariskosten ondersteuning, kosten voorzitter en leden, externe onderzoeken en overige kosten; eventuele voorstellen voor aanpassingen in de werkwijze. Artikel13Onderzoeksprogrammering en onderwerpselectie De rekenkamer biedt de fracties in de raad jaarlijks gelegenheid om suggesties in te dienen voor onderwerpen van onderzoek. Mede op basis van de suggesties stelt de rekenkamer tweejaarlijks een onderzoeksprogramma op en informeert de raad en het college hierover. Artikel14Vergaderingen De rekenkamer vergadert in beslotenheid. De rekenkamer kan openbare, informatieve vergaderingen beleggen. Artikel15Intrekking oude regeling De Verordening op de rekenkamercommissie gemeente Zutphen 2016, zoals vastgesteld bij besluit van 10 oktober 2016, wordt ingetrokken. Artikel16Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.