← Nederland

Reglement van orde voor de commissievergaderingen, (hamer)raadsvergaderingen en themabijeenkomsten van de gemeente Goirle 2023 (Goirle)

Obsah (4)Artikel20Artikel40Artikel56Artikel79

Reglement van orde voor de commissievergaderingen, (hamer)raadsvergaderingen en themabijeenkomsten van de gemeente Goirle 2023De raad van de gemeente Goirle; gezien het voorstel van de burgemeester d.

Artikel20

Presentielijst Bij binnenkomst in de raadzaal tekenen de commissieleden de presentielijst. De commissievoorzitter en de commissiegriffier stellen de presentielijst, na de commissievergadering, vast door deze te ondertekenen. Artikel21Zitplaatsen

  1. De commissievoorzitter, de commissieleden en de commissiegriffier hebben een vaste zitplaats, door de voorzitter, bij aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van de raad, aangewezen.
  2. Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de voorzitter de indeling herzien na overleg met de fractievoorzitters.
  3. De commissievoorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de wethouders, de gemeentesecretaris, de leden van het managementteam en overige personen, die voor de commissievergadering zijn uitgenodigd. Artikel22Opening commissievergadering en quorum
  4. De commissievoorzitter opent de commissievergadering niet voordat meer dan de helft van de in de raad zitting hebbende fracties vertegenwoordigd zijn.
  5. Als de commissievoorzitter de commissievergadering niet kan openen op grond van de omstandigheid als bedoeld in het eerste lid, wordt opnieuw een commissievergadering gepland. Deze commissievergadering vindt ten minste vierentwintig uur na het versturen van de uitnodiging plaats.
  6. Op een commissievergadering, als bedoeld in het tweede lid, is het eerste lid niet van toepassing. Artikel23Advies; toezeggingen; stemmingen
  7. Als de commissie een advies aan de raad uitbrengt, beslissen de fracties op voorstel van de commissievoorzitter over het advies.
  8. Onderdeel van het advies van de commissie kan een verzoek aan het college zijn een aanvulling op het raadsvoorstel (novelle) te doen.
  9. Het advies bevat de standpunten van de aanwezige fracties.
  10. De commissieleden adviseren, namens hun fracties, een raadsvoorstel als hamerstuk (A-stuk) of bespreekstuk (B-stuk) te agenderen voor de raadsvergadering.
  11. Raadsvoorstellen worden als bespreekstuk (B-stuk) aangemerkt, wanneer één of meer fracties, dit adviseren aan de raad.
  12. De commissievoorzitter formuleert de gedane toezeggingen in de commissievergadering.
  13. In een commissievergadering vinden géén stemmingen plaats, met uitzondering van stemmingen (iedere fractie heeft één stem) over de orde van commissievergaderingen (zie artikel 29) en geheimhouding. Artikel24De beraadslaging: aantal spreektermijnen; woordvoerder per raadsvoorstel; aanwezigheid portefeuillehouders; deelname door anderen
  14. De beraadslaging over een raadsvoorstel/onderwerp vindt in ten hoogste twee termijnen plaats, tenzij de commissie anders beslist.
  15. De commissievoorzitter sluit elke spreektermijn af.
  16. Van elke fractie voert in de commissievergadering, bij voorkeur, één woordvoerder per raadsvoorstel/onderwerp het woord.
  17. De portefeuillehouders nemen deel aan de beraadslagingen over de raadsvoorstellen en kunnen een toelichting geven over de raadsvoorstellen.
  18. De portefeuillehouders kunnen zich tijdens de commissievergadering laten vergezellen door ambtelijke adviseurs.
  19. De commissie kan bepalen dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslagingen in de commissievergadering. Artikel25Spreekrecht inwoners
  20. Iedereen kan in een commissievergadering gebruik maken van het spreekrecht over onderwerpen, die de commissie aangaan.
  21. Iemand die gebruik wil maken van het spreekrecht, meldt dit uiterlijk 16.00 uur op de werkdag voorafgaand aan de dag van de commissievergadering aan de commissiegriffier. De inspreker vermeldt daarbij haar/zijn contactgegevens en het onderwerp waarover zij/hij het woord wil voeren.
  22. Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord in de commissievergadering.
  23. De spreker voert het woord, nadat de commissievoorzitter dit aan haar/hem heeft verleend. Een commissielid kan de inspreker een korte verhelderende vraag stellen. Er vindt géén discussie plaats tussen een inspreker en een commissielid. Artikel26Regionale samenwerking
  24. Tijdens dit agendapunt van de commissievergadering, kunnen portefeuillehouders én de vertegenwoordigers vanuit de raad voor de adviescommissie van de regio Hart van Brabant en BeNeGO, ontwikkelingen en/of actualiteiten over de regionale samenwerking (gemeenschappelijke regelingen en/of GHO-samenwerking) aan de commissieleden toelichten.
  25. Commissieleden kunnen in gesprek gaan met de portefeuillehouders en de vertegenwoordigers vanuit de raad voor de adviescommissie van de regio Hart van Brant en BeNeGo over ontwikkelingen en/of actualiteiten ten aanzien van de regionale samenwerking. Artikel27Rondvraag
  26. Tijdens de rondvraag kunnen maximaal twee vragen (géén technische vragen) door iedere fractie aan de portefeuillehouder(s) worden gesteld.
  27. Commissieleden, die vragen voor de rondvraag willen stellen, melden dit, bij voorkeur, onder aanduiding van het onderwerp, uiterlijk om 16.00 uur op de werkdag voorafgaand aan de dag van de commissievergadering via de commissiegriffier bij de commissievoorzitter. Artikel28Handhaving orde; schorsing
  28. De commissievoorzitter handhaaft de orde in de commissievergadering.
  29. De commissievoorzitter roept een commissielid tot de orde als zij/hij zich in beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen uitlaat, afwijkt van het in behandeling zijnde raadsvoorstel/onderwerp, andere sprekers herhaaldelijk interrumpeert dan wel of op een andere manier de orde verstoort. De commissievoorzitter kan het commissielid dat hieraan geen gevolg geeft het woord ontnemen over het in behandeling zijnde raadsvoorstel/onderwerp.
  30. De commissievoorzitter kan, ter handhaving van de orde, de commissievergadering voor een door haar/hem te bepalen tijd schorsen. Als de orde na heropening van de commissievergadering opnieuw wordt verstoord kan zij/hij de commissievergadering sluiten.
  31. De commissievoorzitter kan de commissie voorstellen een commissielid, dat door haar/zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de commissievergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Als de commissie het voorstel aanneemt verlaat het commissielid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig laat de commissievoorzitter haar/hem verwijderen. Bij herhaling van haar/zijn gedrag kan het commissielid door de commissievoorzitter voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de commissievergadering worden ontzegd. Artikel29Voorstellen van orde
  32. De commissievoorzitter en ieder commissielid kunnen tijdens de commissievergadering een voorstel van orde over de vergadering doen.
  33. Over een voorstel van orde vindt géén beraadslaging plaats; de commissie beslist meteen. Paragraaf3Verslaglegging Artikel30Verslag commissievergaderingen; videoverslag
  34. De commissiegriffier stelt een verslag op van de commissievergadering.
  35. Het verslag houdt tenminste het volgende in: a. de namen van de commissievoorzitter, de commissiegriffier, de portefeuillehouders, de aanwezige commissieleden, de insprekers en de overige personen die het woord hebben gevoerd; b. een vermelding van de fracties die niet vertegenwoordigd waren; c. een vermelding van de onderwerpen die aan de orde zijn geweest; d. het advies aan de raad; e. de gedane toezeggingen.
  36. Een conceptverslag wordt, gelijktijdig met de versturen van de concept-agenda, aan de commissieleden verzonden en aan de overige personen die het woord hebben gevoerd in de commissievergadering waarop het verslag betrekking heeft.
  37. Het videoverslag van een commissievergadering is, uiterlijk binnen drie werkdagen, voor iedereen te raadplegen via de website van de raad. Paragraaf4Besloten commissievergadering Artikel31Toepassing reglement op besloten commissievergadering Op een besloten commissievergadering zijn de bepalingen van dit reglement van overeenkomstige toepassing als dat niet strijdig is met het besloten karakter van de commissievergadering. Artikel32Verslag van de besloten commissievergadering
  38. Het verslag van een besloten commissievergadering berust bij de commissiegriffier.
  39. Conceptverslagen van besloten vergaderingen worden niet verspreid, maar uitsluitend voor de commissieleden ter inzage gelegd bij de raadsgriffier.
  40. Deze conceptverslagen, als bedoeld in het eerste lid, worden zo spoedig mogelijk in een commissievergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze commissievergadering neemt de commissie een besluit over opheffing van de geheimhouding op dit verslag.
  41. De commissievoorzitter en de commissiegriffier ondertekenen de vastgestelde verslagen van de besloten commissievergadering als bedoeld in het eerste lid. Artikel33Opheffing geheimhouding Als de commissie, op grond van artikel 86, derde lid van de wet, de geheimhouding van aan de commissie versterkte informatie wil opheffen, en het orgaan dat de geheimhouding heeft opgelegd overleg wenst, vindt dat overleg plaats in een besloten commissievergadering. Paragraaf5Toehoorders en pers Artikel34Toehoorders en pers
  42. Toehoorders (publiek) en vertegenwoordigers van de pers wonen de commissievergadering uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen.
  43. Van toehoorders en pers wordt verwacht dat zij in stilte de commissievergadering bijwonen. Zij geven ook géén tekenen van goed- of afkeuring en verstoren de orde van commissievergaderingen niet.
  44. De commissievoorzitter is bevoegd, wanneer de orde in de commissievergadering op enigerlei door toehoorders wordt verstoord, deze en zo nodig andere toehoorders te doen (laten) vertrekken.
  45. De commissievoorzitter is bevoegd toehoorders, die bij herhaling de orde in de commissievergadering verstoren, voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de commissievergadering te ontzeggen. Artikel35Geluid- en beeldregistraties Degene die tijdens een openbare commissievergadering geluid- of beeldregistraties wil maken, stelt de commissievoorzitter hiervan op de hoogte voordat de commissievergadering begint en gedraagt zich naar haar/zijn aanwijzingen. Hoofdstuk3Hamerraadsvergadering Paragraaf1Voorbereiding Artikel36Doel hamerraadsvergadering
  46. Voorafgaand aan de commissievergadering Fysiek op dinsdag, tijdens de eerste week van de zes-wekelijkse vergadercyclus, vindt een hamerraadsvergadering plaats.
  47. De hamerraadsvergadering duurt maximaal 30 minuten en bestaat alleen uit raadsvoorstellen, waarover géén beraadslagingen meer hoeven plaats te vinden en die geschikt zijn voor een snelle afhandeling door de raad, de zogenaamde hamerstukken (A-stukken).
  48. Het college heeft de bevoegdheid om ook stukken in te brengen, die direct worden geagendeerd voor een hamerraadsvergadering.
  49. Een meerderheid van de raad kan besluiten om een raadsvoorstel van de agenda van de hamerraadsvergadering te verwijderen, als er over dit raadsvoorstel beraadslagingen dienen plaats te vinden in een commissievergadering of raadsvergadering. Artikel37Oproep en agenda
  50. De voorzitter stuurt ten minste tien dagen voor een hamerraadsvergadering de raadsleden een uitnodiging en de conceptagenda met de daarbij behorende stukken.
  51. Raadsvoorstellen, die horen bij geagendeerde onderwerpen, dienen door het college tenminste twee werkdagen vóór de dag van een hamerraadsvergadering te worden gedeeld met de raadsleden.
  52. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter, na het verzenden van de uitnodiging, een aanvullende conceptagenda opstellen. Deze wordt, zo spoedig mogelijk, voor het begin van de hamerraadsvergadering verzonden.
  53. Op de stukken, bedoeld in het eerste en tweede lid, is artikel 38, vierde lid, van toepassing.
  54. De raad stelt bij het begin van de hamerraadsvergadering de agenda vast. Artikel38Beschikbaar stellen van stukken
  55. De raadsgriffier stelt de stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op de agenda staan, gelijktijdig met het versturen van de uitnodiging beschikbaar op het raadsinformatiesysteem en op de website van de raad.
  56. Als na het verzenden van de oproep stukken beschikbaar worden gesteld op het raadsinformatiesysteem en op de website van de raad, doet de raadsgriffier hiervan mededeling aan de raadsleden en zo mogelijk in een openbare kennisgeving.
  57. De stukken, bedoeld in het eerste en tweede lid worden op het gemeentehuis ter inzage gelegd.
  58. In afwijking van het eerste lid en tweede lid, berust informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie waarover op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, bij de raadsgriffier. Artikel39Openbare kennisgeving
  59. De raadsgriffier maakt de hamerraadsvergadering openbaar door aankondiging op de website van de raad en door tijdige en juiste publicatie in het Goirles Belang.
  60. In spoedeisende gevallen kan de openbare kennisgeving van een hamerraadsvergadering uitsluitend via de elektronische weg plaatsvinden.

Artikel40

Presentielijst Bij binnenkomst in de raadzaal tekenen de raadsleden de presentielijst. De voorzitter en de raadsgriffier stellen de presentielijst, na de hamerraadsvergadering vast, door deze te ondertekenen. Artikel41Zitplaatsen

  1. De voorzitter, de raadsleden en de raadsgriffier hebben een vaste zitplaats, door de voorzitter bij aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van de raad aangewezen.
  2. Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de voorzitter de indeling herzien na overleg met de fractievoorzitters.
  3. De voorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de wethouders, de gemeentesecretaris, de leden van het managementteam en overige personen, die voor de hamerraadsvergadering zijn uitgenodigd. Artikel42Opening hamerraadsvergadering; quorum en overdenking
  4. De voorzitter opent de hamerraadvergadering op het vastgestelde tijdstip, indien het daarvoor door de wet vereiste aantal raadsleden (meer dan de helft) blijkens de presentielijst aanwezig zijn.
  5. Als een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het vereiste aantal raadsleden aanwezig zijn, bepaalt de voorzitter, na voorlezing van de namen van de afwezige raadsleden, dag en uur van de volgende hamerraadsvergadering, met inachtneming van artikel 20 van de wet.
  6. De voorzitter opent en sluit de hamerraadsvergadering met het bieden van de mogelijkheid tot het houden van een korte persoonlijke overdenking. Artikel43Géén beraadslagingen Er vinden géén beraadslagingen plaats over de raadsvoorstellen, die op de agenda van de hamerraadsvergadering staan en er worden géén amendementen en/of moties ingediend. Artikel44Voorstellen van orde
  7. Raadsleden kunnen tijdens een hamerraadsvergadering een voorstel van orde over de hamerraadsvergadering doen.
  8. Over een voorstel van orde over de hamerraadsvergadering, vindt géén beraadslaging plaats; de raad beslist meteen. Paragraaf3Stemmingen Artikel45Stemverklaring Voordat de raad tot stemming overgaat, kunnen raadsleden hun voorgenomen stemgedrag kort toelichten. Artikel46Stemming De hamerstukken, zoals bedoeld in artikel 36, lid 2, worden per acclamatie vastgesteld. Paragraaf4Verslaglegging Artikel47Besluitenlijst; videoverslag
  9. De raadsgriffier draagt zorg voor het opstellen van de besluitenlijsten van de hamerraadsvergaderingen.
  10. De raadsgriffier stuurt de conceptbesluitenlijst van de hamerraadsvergadering, gelijktijdig met het versturen van de conceptagenda van de raadsvergadering, aan de raadsleden en aan de overige personen die het woord gevoerd hebben in de hamerraadsvergadering.
  11. De besluitenlijst bevat tenminste: a. dag en uur van de hamerraadsvergadering; b. de namen van de voorzitter, de aanwezige raadsleden, de raadsgriffier, de wethouders, de gemeentesecretaris, de afwezige raadsleden en overige personen die het woord gevoerd hebben; c. de onderwerpen, die aan de orde zijn geweest; d. een overzicht van de uitkomst van de besluitvorming inclusief de stemverklaringen.
  12. De raadsleden, de voorzitter en de wethouders hebben het recht een voorstel tot wijziging van de conceptbesluitenlijst aan de raad te doen, indien deze lijst onjuistheden bevat of niet duidelijk weergeeft hetgeen is besloten. Zij kunnen tot uiterlijk 16.00 uur op de werkdag voorafgaande aan de dag waarop de concept-besluitenlijst in de hamerraadsvergadering wordt behandeld, een voorstel tot wijziging doen aan de raadsgriffier.
  13. De voorzitter en de raadsgriffier ondertekenen de vastgestelde besluitenlijst.
  14. Tenzij de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen verzet, maakt de raadsgriffier de besluitenlijst openbaar.
  15. Het videoverslag van een hamerraadsvergadering is, uiterlijk binnen drie werkdagen, voor iedereen te raadplegen via de website van de raad. Paragraaf5Besloten hamerraadsvergaderingen Artikel48Toepassing reglement op besloten hamerraadsvergadering Op een besloten hamerraadsvergadering zijn de bepalingen van dit reglement van overeenkomstige toepassing als dat niet strijdig is met het besloten karakter van de hamerraadsvergadering. Artikel49Besluitenlijst besloten hamerraadsvergadering
  16. Het opstellen van een besluitenlijst van een besloten hamerraadsvergadering berust bij de raadsgriffier.
  17. Conceptbesluitenlijsten van besloten hamerraadsvergaderingen worden niet verspreid, maar berusten bij de raadsgriffier.
  18. Deze conceptbesluitenlijsten, als bedoeld in het eerste lid, worden zo spoedig mogelijk in een (hamer)raadsvergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze (hamer)raadsvergadering neemt de raad een besluit over opheffing van de geheimhouding op deze besluitenlijsten.
  19. De voorzitter en de raadsgriffier ondertekenen de vastgestelde besluitenlijst van de besloten hamerraadsvergadering als bedoeld in het eerste lid. Artikel50Opheffing geheimhouding Als de raad, op grond van artikel 86, derde lid van de wet, de geheimhouding van aan de raad verstrekte informatie wil opheffen, en het orgaan dat de geheimhouding heeft opgelegd overleg wenst, vindt dat overleg plaats in een besloten hamerraadsvergadering. Paragraaf6Toehoorders en pers Artikel51Toehoorders en pers
  20. Toehoorders (publiek) en vertegenwoordigers van de pers wonen de hamerraadsvergadering uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen.
  21. Van toehoorders en pers wordt verwacht dat zij in stilte de hamerraadsvergadering bijwonen. Zij geven ook géén tekenen van goed- of afkeuring en verstoren de orde niet van hamerraadsvergaderingen.
  22. De voorzitter is bevoegd, wanneer de orde in de hamerraadsvergadering op enigerlei wijze door toehoorders wordt verstoord, deze en zo nodig andere toehoorders te doen (laten) vertrekken.
  23. De voorzitter is bevoegd toehoorders, die bij herhaling de orde in de hamerraadsvergadering verstoren, voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de hamerraadsvergadering te ontzeggen. Artikel52Geluid- en beeldregistraties Degene die tijdens een openbare hamerraadsvergadering geluid- of beeldregistraties wil maken, stelt de voorzitter hiervan op de hoogte voordat de raadsvergadering begint en gedraagt zich naar haar/zijn aanwijzingen. Hoofdstuk4Raadsvergaderingen Paragraaf1Voorbereiding Artikel53Oproep en agenda
  24. De voorzitter stuurt ten minste tien dagen voor een raadsvergadering de raadsleden een uitnodiging en de conceptagenda met de daarbij behorende stukken.
  25. De agenda van de raadsvergadering bevat in ieder geval de volgende onderwerpen: vaststelling besluitenlijst(en) van vorige (hamer)raadsvergadering(en), vaststelling van de wijze van afdoening van de ingekomen stukken, de hamerstukken (A-stukken), de bespreekstukken (B-stukken), moties over onderwerpen die niet op de agenda staan, inlichtingen vanuit het college en vragen aan het college.
  26. Het onderwerp ‘inlichtingen vanuit het college’ biedt de portefeuillehouder(s) de mogelijkheid raadsleden te informeren over actualiteiten en/of ontwikkelingen, die hun portefeuille(s) betreffen.
  27. Raadsvoorstellen, die horen bij geagendeerde onderwerpen, dienen door het college tenminste twee werkdagen vóór de dag van een raadsvergadering te worden gedeeld met de raadsleden.
  28. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter, na het versturen van de uitnodiging, een aanvullende conceptagenda opstellen. Deze wordt, zo spoedig mogelijk, voor het begin van de raadsvergadering verzonden.
  29. Op de stukken, bedoeld in het eerste en tweede lid, is artikel 54, vierde lid, van toepassing.
  30. De raad stelt bij het begin van de raadsvergadering de agenda vast.
  31. Wanneer de agenda van een raadsvergadering niet in één avond kan worden afgerond, wordt deze raadsvergadering uiterlijk om 23.00 uur geschorst.
  32. In afwijking van het vorige lid is de voorzitter bevoegd deze raadsvergadering niet te schorsen, na consultatie van raadsleden, indien afhandeling van de agenda in een redelijk tijdsbestek mogelijk wordt geacht.
  33. Indien de agenda van een raadsvergadering niet is afgehandeld op het moment van het bereiken van het sluitingstijdstip van 23.00 uur, dan wordt de behandeling van de agenda voortgezet op de eerstvolgende werkdag, niet zijnde een vrijdag, om 19.30 uur. Deze raadsvergadering wordt gesloten nadat alle op de agenda voorkomende punten zijn behandeld. Artikel54Beschikbaar stellen van stukken
  34. De raadsgriffier stelt de stukken, die ter toelichting van de voorstellen of onderwerpen op de agenda staan, gelijktijdig met het versturen van de uitnodiging, beschikbaar op het raadsinformatiesysteem en op de website van de raad.
  35. Als na het versturen van de uitnodiging, aanvullende stukken beschikbaar worden gesteld op het raadsinformatiesysteem en op de website van de raad, doet de raadsgriffier hiervan mededeling aan de raadsleden en zo mogelijk in een openbare kennisgeving.
  36. De stukken, bedoeld in het eerste lid en tweede lid worden op het gemeentehuis ter inzage gelegd.
  37. In afwijking van het eerste lid en tweede lid, berust informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie waarover op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, bij de raadsgriffier. Artikel55Openbare kennisgeving
  38. De raadsgriffier maakt de raadsvergadering openbaar door aankondiging op de website van de raad en door tijdige en juiste publicatie in het Goirles Belang.
  39. In spoedeisende gevallen kan de openbare kennisgeving van een raadsvergadering uitsluitend via de elektronische weg plaatsvinden.

Artikel56

Presentielijst Bij binnenkomst in de raadzaal tekenen de raadsleden de presentielijst. De voorzitter en de raadsgriffier stellen de presentielijst, na de raadsvergadering, vast door deze te ondertekenen. Artikel57Zitplaatsen

  1. De voorzitter, de raadsleden en de raadsgriffier hebben een vaste zitplaats, door de voorzitter bij aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van de raad aangewezen.
  2. Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de voorzitter de indeling herzien na overleg met de fractievoorzitters.
  3. De voorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de wethouders, de gemeentesecretaris, de leden van het managementteam en overige personen, die voor de vergadering zijn uitgenodigd. Artikel58Opening raadsvergadering; quorum en overdenking
  4. De voorzitter opent de raadsvergadering op het vastgestelde tijdstip, indien het daarvoor door de wet vereiste aantal raadsleden (meer dan de helft) blijkens de presentielijst aanwezig zijn.
  5. Als een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het vereiste aantal raadsleden aanwezig zijn, bepaalt de voorzitter, na voorlezing van de namen van de afwezige raadsleden, dag en uur van de volgende raadsvergadering, met inachtneming van artikel 20 van de wet.
  6. De voorzitter opent en sluit de raadsvergadering met het bieden van de mogelijkheid tot het houden van een korte persoonlijke overdenking. Artikel59Aantal spreektermijnen
  7. Beraadslaging over een raadsvoorstel/onderwerp vindt in ten hoogste twee termijnen plaats, tenzij de raad anders beslist.
  8. Van elke fractie voert in de raadsvergadering, bij voorkeur, één woordvoerder per raadsvoorstel/onderwerp het woord.
  9. De voorzitter sluit een spreektermijn af. Artikel60Deelname aan de beraadslaging door anderen Onverminderd artikel 21, eerste en tweede lid, van de wet, kan de raad besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging. Artikel61Handhaving orde; schorsing
  10. De voorzitter handhaaft de orde in de raadsvergadering.
  11. De voorzitter roept een raadslid tot de orde als zij/hij zich in beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen uitlaat, afwijkt van het in behandeling zijnde raadsvoorstel/onderwerp, andere sprekers herhaaldelijk interrumpeert dan wel of op een andere manier de orde verstoort. De voorzitter kan het raadslid dat hieraan geen gevolg geeft het woord ontnemen over het in behandeling zijnde raadsvoorstel/onderwerp.
  12. De voorzitter kan, ter handhaving van de orde, de raadsvergadering voor een door haar/hem te bepalen tijd schorsen. Als de orde na heropening van de raadsvergadering opnieuw wordt verstoord kan zij/hij de raadsvergadering sluiten.
  13. De voorzitter kan de raad voorstellen een raadslid, dat door haar/zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de raadsvergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Als de raad het voorstel aanneemt verlaat het raadslid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig laat de voorzitter haar/hem verwijderen. Bij herhaling van haar/zijn gedrag kan het raadslid door de voorzitter voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de raadsvergadering worden ontzegd. Artikel62Voorstellen van orde
  14. Raadsleden kunnen tijdens een raadsvergadering een voorstel van orde over de raadsvergadering doen.
  15. Over een voorstel van orde over de raadsvergadering, vindt geen beraadslaging plaats; de raad beslist meteen. Paragraaf3Stemmingen Artikel63Stemverklaring Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming overgaat, kunnen raadsleden hun voorgenomen stemgedrag toelichten. Artikel64Beslissing
  16. Wanneer de voorzitter vaststelt dat een raadsvoorstel/onderwerp voldoende is toegelicht, sluit zij/hij de beraadslaging, tenzij de raad anders beslist.
  17. Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel over de te nemen beslissing. Artikel65Stemming
  18. De voorzitter vraagt of er behoefte is aan een stemming. Is dit niet het geval, dan stelt de voorzitter vast dat het raadsvoorstel zonder stemming (per acclamatie) is aangenomen.
  19. Als een raadsvoorstel zonder stemming (per acclamatie) wordt aangenomen, kunnen de in de raadsvergadering aanwezige raadsleden een aantekening in de besluitenlijst vragen. Hier kunnen zij in aangeven dat zij op grond van artikel 28 van de wet niet hebben deelgenomen aan de stemming.
  20. Als er door de raad wel behoefte is aan stemming, dan vindt digitale stemming plaats, tenzij er behoefte is aan een hoofdelijke stemming.
  21. Als een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt, deelt de voorzitter dat mee aan de raad.
  22. Bij digitale stemming, draagt de raadsgriffier zorg dat de raadsleden digitaal hun stem kunnen uitbrengen.
  23. Bij digitale stemming brengt ieder raadslid dat aanwezig is haar/zijn stem uit, tenzij zij/hij niet deelneemt aan de digitale stemming op grond van artikel 28 van de wet.
  24. De raadsleden brengen hun stem uit door ‘voor’ of ‘tegen’ op het touchscreen van hun vergaderpost in te toetsen.
  25. De voorzitter deelt de uitslag van de digitale stemming en de inhoud van het genomen besluit mee aan de raad.
  26. Bij hoofdelijke stemming roept de voorzitter de raadsleden bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij het raadslid dat daarvoor is aangewezen tijdens de start van de raadsvergadering en daarna met de klok mee naar de volgorde van de zitplaats.
  27. Bij een hoofdelijke stemming brengt ieder raadslid dat aanwezig is haar/zijn stem uit, tenzij zij/hij niet deelneemt aan de stemming op grond van artikel 28 van de wet;
  28. De raadsleden brengen hun stem uit door het woord ‘voor’ of ‘tegen’ uit te spreken, zonder enige toevoeging.
  29. Heeft een raadslid zich bij het uitbrengen van haar/zijn stem vergist, dan kan zij/hij deze vergissing herstellen voordat het volgende raadslid haar/zijn stem uitbrengt. Bemerkt het raadslid deze vergissing nadat het volgende raadslid een stem heeft uitgebracht dan kan zij/hij, nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt, een aantekening vragen van haar/zijn vergissing. Die aantekening leidt niet tot een wijziging van de uitslag van de stemming.
  30. De voorzitter deelt de uitslag van de hoofdelijke stemming en de inhoud van het genomen besluit mee aan de raad. Artikel66Volgorde stemming over amendementen en moties
  31. Amendementen en moties dienen, bij voorkeur, uiterlijk 16.00 uur op de werkdag voorafgaand aan de dag van de raadsvergadering te worden ingediend bij de griffie en te worden gedeeld met de raad.
  32. Als op een raadsvoorstel amendementen zijn ingediend, stemt de raad eerst over die amendementen en daarna over het raadsvoorstel zoals het dan luidt in zijn geheel.
  33. Als een subamendement is ingediend, dan stemt de raad eerst over het subamendement en daarna over het amendement waarop dat betrekking heeft.
  34. Als meerdere amendementen of subamendementen op éénzelfde gedeelte van een raadsvoorstel zijn ingediend brengt de voorzitter, onverminderd het eerste en tweede lid, als eerste het meest verstrekkende amendement of subamendement in stemming.
  35. Als over een voorstel een motie is ingediend, stemt de raad als eerste over het raadsvoorstel en daarna over de motie. Artikel67Stemming over personen
  36. Bij de stemming over personen voor benoemingen of het opstellen van voordrachten of aanbevelingen benoemt de voorzitter twee raadsleden tot stembureau.
  37. Ieder aanwezig raadslid levert een stembriefje in, tenzij een raadslid op grond van artikel 28 van de wet niet deelneemt aan de stemming.
  38. Er vinden zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op voorstel van de voorzitter beslissen dat bepaalde stemmingen worden samengevat op één briefje.
  39. In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist de raad, op voorstel van het stembureau.
  40. Indien de stemmen staken over personen tot wie de keuze door een voordracht of aanbeveling aan de orde is, wordt in diezelfde raadsvergadering een herstemming gehouden.
  41. Staken de stemmen opnieuw bij een herstemming, dan beslist het lot.
  42. Als het lot moet beslissen, worden de namen van de betrokken personen, door de voorzitter op afzonderlijke, geheel gelijke, briefjes geschreven.
  43. Deze briefjes worden, nadat zij door het stembureau zijn gecontroleerd, op gelijke wijze gevouwen, in een stembokaal gestopt en omgeschud door de raadsgriffier.
  44. Vervolgens neemt de voorzitter één van de briefjes uit de stembokaal. Degene wiens naam op dit briefje voorkomt is gekozen. Paragraaf4Verslaglegging; ingekomen stukken Artikel68Besluitenlijst; videoverslag
  45. De raadsgriffier draagt zorg voor het opstellen van de besluitenlijsten van raadsvergaderingen.
  46. De raadsgriffier stuurt de conceptbesluitenlijst, gelijktijdig met het versturen van de conceptagenda, aan de raadsleden en aan de overige personen die het woord gevoerd hebben in de raadsvergadering.
  47. De besluitenlijst bevat tenminste: a. dag en uur van de raadsvergadering; b. de namen van de voorzitter, de aanwezige raadsleden, de raadsgriffier, de wethouders, de gemeentesecretaris, de afwezige raadsleden en overige personen die het woord gevoerd hebben; c. de onderwerpen, die aan de orde zijn geweest; d. een overzicht van de uitkomst van elke stemming inclusief de namen van degene die een stemverklaring heeft afgelegd, met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de raadsleden, die voor of tegen stemden, onder aantekening van de namen van de raadsleden die niet hebben deelgenomen aan de stemming of zich bij het uitbrengen van hun stem hebben vergist; e. de ingediende initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, amendementen, subamendementen en moties; f. de naam en hoedanigheid van degene aan wie de raad heeft toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen; g. de gedane toezeggingen.
  48. De raadsleden, de voorzitter en de wethouders hebben het recht een voorstel tot wijziging van de concept-besluitenlijst aan de raad te doen, indien deze lijst onjuistheden bevat of niet duidelijk weergeeft hetgeen is toegezegd of besloten. Zij kunnen tot uiterlijk 16.00 uur op de werkdag voorafgaande aan de dag waarop de concept-besluitenlijst in de raadsvergadering wordt behandeld, een voorstel tot wijziging doen aan de raadsgriffier.
  49. De voorzitter en de raadsgriffier ondertekenen de vastgestelde besluitenlijst.
  50. Tenzij de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen verzet, maakt de raadsgriffier de besluitenlijst openbaar.
  51. Het videoverslag van een openbare raadsvergadering is, uiterlijk binnen drie werkdagen, voor iedereen te raadplegen via de website van de raad. Artikel69Ingekomen stukken
  52. De raadsgriffier draagt zorg dat, de stukken die bij de raad binnen komen, waaronder schriftelijke mededelingen van het college aan de raad, op het overzicht van ingekomen stukken worden geplaatst. Dit overzicht wordt kenbaar gemaakt aan de leden van de raad.
  53. Tijdens de raadsvergadering wordt aan de raadsleden gevraagd of zij akkoord zijn met de voorgestelde wijze van afdoening van de ingekomen stukken. Paragraaf5Besloten raadsvergaderingen Artikel70Toepassing reglement op besloten raadsvergadering Op een besloten raadsvergadering zijn de bepalingen van dit reglement van overeenkomstige toepassing als dat niet strijdig is met het besloten karakter van de raadsvergadering. Artikel71Besluitenlijst besloten raadsvergadering
  54. Het opstellen van een besluitenlijst van een besloten raadsvergadering berust bij de raadsgriffier.
  55. Conceptbesluitenlijsten van besloten raadsvergaderingen worden niet verspreid, maar berusten bij de raadsgriffier.
  56. De conceptbesluitenlijst, als bedoeld in het eerste lid, worden zo spoedig mogelijk in een raadsvergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze raadsvergadering neemt de raad een besluit over opheffing van de geheimhouding op de besluitenlijst.
  57. De voorzitter en de raadsgriffier ondertekenen de vastgestelde besluitenlijst van de besloten raadsvergadering als bedoeld in het eerste lid. Artikel72Opheffen geheimhouding Als de raad, op grond van artikel 86, derde lid van de wet, de geheimhouding van aan de raad versterkte informatie wil opheffen, en het orgaan dat de geheimhouding heeft opgelegd overleg wenst, vindt dat overleg plaats in een besloten raadsvergadering. Paragraaf6Toehoorders en pers Artikel73Toehoorders en pers
  58. Toehoorders (publiek) en vertegenwoordigers van de pers wonen de raadsvergadering uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen.
  59. Van toehoorders en pers wordt verwacht dat zij in stilte de raadsvergadering bijwonen. Zij geven ook géén tekenen van goed- of afkeuring en verstoren de orde niet van raadsvergaderingen.
  60. De voorzitter is bevoegd, wanneer de orde in de raadsvergadering op enigerlei door toehoorders wordt verstoord, deze en zo nodig andere toehoorders te doen (laten) vertrekken.
  61. De voorzitter is bevoegd toehoorders, die bij herhaling de orde in de raadsvergadering verstoren, voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de raadsvergadering te ontzeggen. Artikel74Geluid- en beeldregistraties Degene die tijdens een openbare raadsvergadering geluid- of beeldregistraties wil maken, stelt de voorzitter hiervan op de hoogte voordat de raadsvergadering begint en gedraagt zich naar haar/zijn aanwijzingen. Hoofdstuk5Themabijeenkomsten Paragraaf1Voorbereiding Artikel75Doel themabijeenkomsten
  62. Themabijeenkomsten zijn informatieve bijeenkomsten, die nadrukkelijk niet het karakter van een vergadering met spreekrondes kent.
  63. Themabijeenkomsten kunnen worden gepland op initiatief van onder meer verenigingen, ondernemers, raad, politieke partijen, college en regionale samenwerkingsverbanden.
  64. Themabijeenkomsten vinden, afhankelijk van het onderwerp, zoveel mogelijk op locatie plaats.
  65. Themabijeenkomsten zijn openbaar toegankelijk voor raadsleden, commissieleden, geïnteresseerde inwoners en vertegenwoordigers van de pers.
  66. De griffie draagt zorgt, indien van toepassing, voor de voorbereiding, organisatie en nazorg van themabijeenkomsten. Artikel76Oproep en agenda
  67. De voorzitter stuurt ten minste zeven dagen voor een themabijeenkomst de raadsleden/commissieleden een uitnodiging en de conceptagenda met de daarbij behorende stukken.
  68. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter, na het versturen van de uitnodiging, een aanvullende conceptagenda opstellen. Deze wordt, zo spoedig mogelijk, voor het begin van de themabijeenkomst verzonden.
  69. Op de stukken, bedoeld in het eerste en tweede lid, is artikel 77, derde lid, van toepassing. Artikel77Beschikbaar stellen van stukken
  70. De griffie stelt de stukken, die ter toelichting van de onderwerpen op de agenda staan, gelijktijdig met het versturen van de uitnodiging, beschikbaar op het raadsinformatiesysteem en op de website van de raad.
  71. Als na het versturen van de uitnodiging, stukken beschikbaar worden gesteld op het raadsinformatiesysteem en op de website van de raad, doet de griffie hiervan mededeling en zo mogelijk in een openbare kennisgeving.
  72. In afwijking van het eerste lid en het tweede lid, berust informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie waarover op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, bij de raadsgriffier. Artikel78Openbare kennisgeving
  73. De griffie maakt de themabijeenkomst openbaar door aankondiging op de website van de raad en door tijdige en juiste publicatie in het Goirles Belang.
  74. In spoedeisende gevallen kan de openbare kennisgeving van een themabijeenkomst uitsluitend via de elektronische weg plaatsvinden.

Artikel79Presentielijst Bij binnenkomst tekenen de aanwezigen de presentielijst.

Artikel80Zitplaatsen

  1. De voorzitter, de raadsleden, commissieleden en de griffier van de themabijeenkomst hebben een vaste zitplaats, door de voorzitter bij aanvang van iedere zittingsperiode van de raad aangewezen.
  2. De griffier van de themabijeenkomst draagt zorg voor een zitplaats voor de personen, die voor de themabijeenkomst zijn uitgenodigd. Paragraaf3Verslaglegging Artikel81Geen verslag en/of besluitenlijst; videoverslag
  3. De griffier van de themabijeenkomst stelt géén verslag en/of besluitenlijst van themabijeenkomsten op.
  4. Het videoverslag van een themabijeenkomst is, indien van toepassing, uiterlijk binnen drie werkdagen, voor iedereen te raadplegen via de website van de raad. Paragraaf4Toehoorders en pers Artikel82Toehoorders en pers
  5. Toehoorders (publiek) en vertegenwoordigers van de pers wonen de themabijeenkomsten uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen.
  6. Van toehoorders en pers mag verwacht worden dat zij de themabijeenkomsten in stilte bijwonen. Zij geven ook géén tekenen van goed- of afkeuring en verstoren de orde van de themabijeenkomsten niet.
  7. De voorzitter van een themabijeenkomst is bevoegd, wanneer de orde tijdens themabijeenkomsten op enigerlei door de toehoorders wordt verstoord, deze en zo nodig andere toehoorders te doen (laten) vertrekken. Artikel83Geluid- en beeldregistraties Degene die tijdens themabijeenkomsten geluid- of beeldregistraties wil maken, stelt de voorzitter hiervan op de hoogte voordat de themabijeenkomst begint en gedraagt zich naar haar/zijn aanwijzingen. Hoofdstuk6Bevoegdheden en instrumenten van raadsleden Artikel84Amendementen en subamendementen
  8. Raadsleden dienen (sub)amendementen voor het sluiten van de beraadslaging van het raadsvoorstel waarop deze betrekking hebben schriftelijk in bij de voorzitter, tenzij de voorzitter oordeelt dat mondelinge indiening volstaat.
  9. De indiener van het (sub)amendement kan dit intrekken, zolang daarover geen stemming heeft plaatsgevonden. Artikel85Moties
  10. Raadsleden dienen moties schriftelijk in bij de voorzitter, tenzij de voorzitter oordeelt dat mondelinge indiening volstaat.
  11. De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de beraadslaging over het raadsvoorstel/onderwerp waarop het betrekking heeft.
  12. De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende onderwerpen zijn behandeld.
  13. De indiener van de motie kan deze intrekken, zolang daarover geen stemming heeft plaatsgevonden. Artikel86Initiatiefvoorstel
  14. Raadsleden dienen initiatiefvoorstellen schriftelijk in bij de voorzitter. Deze brengt een ingediend voorstel ter kennis van het college.
  15. Het college kan binnen twee weken, nadat het kennis heeft genomen van een initiatiefvoorstel, schriftelijk wensen en bedenkingen over het voorstel ter kennis van de raad brengen.
  16. Het voorstel wordt op de agenda van de eerstvolgende raadsvergadering geplaatst als:
  17. het college wensen of bedenkingen ter kennis van de raad heeft gebracht;
  18. het college kenbaar heeft gemaakt géén wensen of bedenkingen ter kennis van de raad te brengen;
  19. de termijn als bedoeld in het tweede lid is verlopen.
  20. Als de schriftelijke oproep voor de raadsvergadering al is verstuurd, wordt het initiatiefvoorstel op de agenda van de daaropvolgende raadsvergadering geplaatst. Artikel87Raadsvoorstel afkomstig van het college
  21. Een raadsvoorstel, afkomstig van het college, dat op de conceptagenda van de (hamer)raadsvergadering staat, kan worden ingetrokken met instemming van de raad.
  22. Als de raad het nodig vindt een raadsvoorstel, als bedoeld in het eerste lid voor advies terug te zenden aan het college, bepaalt de raad, via tussenkomst van de agendacommissie, in welke (hamer)raadsvergadering het voorstel opnieuw wordt geagendeerd. Artikel88Technische vragen
  23. Commissieleden kunnen technische vragen aan het college stellen om meer informatie te verkrijgen over een raadsvoorstel/onderwerp. Dit zijn vragen zonder een politiek-bestuurlijke lading.
  24. De antwoorden op deze technische vragen kunnen de commissieleden betrekken bij de beraadslagingen over raadsvoorstellen/onderwerpen, die tijdens de commissievergadering aan de orde komen.
  25. Technische vragen worden bij de griffie ingediend.
  26. De antwoorden op de technische vragen worden door de griffie aan de raad beschikbaar gesteld via in ieder geval het raadsinformatiesysteem. Artikel89Schriftelijke vragen (artikel 89-vragen)
  27. Het raadslid/commissielid, dat schriftelijke vragen, de zogenaamde artikel 89-vragen, aan het college of de burgemeester stelt, formuleert deze kort en duidelijk. Dit zijn meestal vragen met een politiek-bestuurlijke lading.
  28. Het raadslid/commissielid dient de vragen in bij de raadsgriffier. Deze brengt de vragen ter kennis van het college of de burgemeester én de overige raadsleden.
  29. Het college of de burgemeester beantwoorden de vragen schriftelijk binnen 30 dagen. Als beantwoording niet binnen 30 dagen mogelijk is, stelt het college of de burgemeester de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn wordt aangegeven, waarbinnen beantwoording plaatsvindt.
  30. Het college of de burgemeester stuurt de antwoorden, via de griffie, aan de raad. Artikel90Vragen aan het college
  31. Bij elke raadsvergadering, niet zijnde een hamerraadvergadering, wordt het agendapunt ‘vragen aan het college’ opgenomen. Dit zijn actuele politieke vragen.
  32. Raadsleden, die vragen willen stellen aan het college, melden dit onder aanduiding van het onderwerp, uiterlijk om 16.00 uur op de werkdag voorafgaande aan de dag van de besluitvormende raadsvergadering via de raadsgriffier bij de voorzitter.
  33. De voorzitter stelt géén vraag aan het college, indien: a. de vraag gaat over een onderwerp dat binnen afzienbare tijd in een commissievergadering of raadsvergadering wordt geagendeerd; b. sprake is van een vraag over een zaak die nog onder de rechter is; c. sprake is van een vraag over een zaak of een verzoek om informatie die op grond van de Wet open overheid niet openbaar is; d. de vraag gaat over nog niet beantwoorde schriftelijke vragen als bedoeld in artikel
  34. De voorzitter bepaalt de volgorde waarin aangemelde onderwerpen tijdens dit agendapunt, zoals bedoeld in het eerste lid, aan de orde worden gesteld alsmede de spreektijd voor de vragensteller, de overige raadsleden, het college en de burgemeester.
  35. Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om in maximaal twee minuten één of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een toelichting daarop te geven. Daarna antwoordt het college respectievelijk de burgemeester in maximaal twee minuten. Na de beantwoording daarvan krijgt de vragensteller desgewenst maximaal één minuut het woord om aanvullende vragen te stellen.
  36. De voorzitter kan aan andere raadsleden het woord verlenen om aan de vragensteller, het college of de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde onderwerp.
  37. De voorzitter is gerechtigd om een betoog, dat de beschikbare tijd overschrijdt, af te breken.
  38. Tijdens het agendapunt ‘vragen aan het college’ worden geen moties ingediend en geen interrupties door de voorzitter toegelaten. Artikel91Inlichtingen
  39. Een raadslid dient verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid van de wet, schriftelijk in bij de raadsgriffier.
  40. De raadsgriffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van het college of de burgemeester en de overige raadsleden.
  41. Het college of de burgemeester verstrekt de verlangde inlichtingen zo spoedig mogelijk, maar in ieder geval binnen tien dagen nadat het verzoek is ingediend, aan de raad. Artikel92Interpellatie
  42. Een raadslid dient een verzoek tot het houden van een interpellatie schriftelijk in bij de voorzitter. Het verzoek bevat in ieder geval de te stellen vragen.
  43. De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek ter kennis van de raad en het college.
  44. De raad stemt in de eerstvolgende raadsvergadering over: a. verzoeken die ten minste 48 uur voor aanvang van een raadsvergadering zijn ingediend of b. naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende gevallen.
  45. In andere gevallen stemt de raad tijdens de daaropvolgende raadsvergadering.
  46. De interpellant voert ten hoogste tweemaal het woord. De overige raadsleden, de burgemeester en de wethouders niet meer dan éénmaal, tenzij de raad verlof verleent om meerdere malen het woord te voeren. Artikel93Raadsonderzoek (raadsenquête)
  47. De gemeenteraad heeft het recht om zelf onderzoek (enquête) te laten uitvoeren.
  48. Het onderzoek kan gaan over het gehele bestuur of een onderdeel van het door de burgemeester of het college gevoerde bestuur.
  49. Elk raadslid kan voorstellen om een onderzoek in te stellen.
  50. De raad besluit hierover bij gewone meerderheid.
  51. Als de raad besluit om een onderzoek in te stellen moet in het besluit worden opgenomen over welk onderwerp het onderzoek gaat. Zaken die buiten deze omschrijving vallen, mogen dus niet worden onderzocht met de dwangmiddelen die de wet mogelijk maakt. In elk geval worden in het besluit ook regels opgenomen over de wijze waarop ambtelijke bijstand wordt verleend aan de commissie.
  52. De uitvoering van het onderzoek gebeurt door een onderzoekscommissie van tenminste drie raadsleden.
  53. De onderzoekscommissie wordt ondersteund door een extern onderzoeksbureau.
  54. Het horen van getuigen en deskundigen vindt in beginsel in het openbaar plaats. Alleen om ‘gewichtige’ redenen kan een verhoor geheel of gedeeltelijk in beslotenheid plaatsvinden.
  55. Het aftreden van de raad als gevolg van gemeenteraadsverkiezingen heeft geen gevolgen voor het werk of de werkwijze van de commissie. Wel dient de nieuwe raad in dat geval nieuwe commissieleden uit haar midden te benoemen.
  56. De onderzoekscommissie legt het resultaat van haar werkzaamheden vast in een onderzoeksrapport met conclusies en aanbevelingen. De raad bepaalt op welke wijze het rapport wordt behandeld. Hoofdstuk7Slotbepalingen Artikel94Uitleg reglement In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel over de toepassing van dit reglement, beslist de commissie op voorstel van de commissievoorzitter c.q. de raad op voorstel van de voorzitter. Artikel95Intrekking oude reglementen Het Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Goirle 2021, zoals vastgesteld door de raad in de vergadering van 14 september 2021 en het Reglement beeldvormende en oordeelsvormende raadsbijeenkomsten gemeente Goirle 2021, zoals vastgesteld door de raad in de vergadering van 14 september 2021, worden ingetrokken. Artikel96Inwerkingtreding en citeertitel
  57. Dit reglement treedt in werking op de dag na de bekendmaking daarvan.
  58. Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement van orde voor de commissievergaderingen, (hamer)raadsvergaderingen en themabijeenkomsten van de gemeente Goirle
  59. Aldus vastgesteld in de besluitvormende raadsvergadering van dinsdag 12 december 2023.de raadsgriffier, de voorzitter,Frits Harteveld Mark van Stappershoef

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.