← Nederland

Verordening op de heffing en de invordering van staangeld 2024 (Maashorst)

Verordening op de heffing en de invordering van staangeld 2024De Raad van de gemeente Maashorst; gelezen het voorstel van het College van burgemeester en wethouders van 7 november 2023; gelet op artikel 156, eerste en tweede lid, onderdeel h Gemeentewet en artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a en b van de Gemeentewet; b e s l u i t vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van staangeld 2024 Artikel1.Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: woonwagen: een woonwagen als bedoeld in artikel 1, onderdeel I, van de Wet op de Huurtoeslag; standplaats: een standplaats op een centrum als bedoeld in artikel 1, onderdeel j, van de Wet op de Huurtoeslag; maand: een kalendermaand; huurovereenkomst: de overeenkomst tussen de huurder en de verhuurder van de standplaats met toebehoren, waarin de huurbepalingen voor de standplaats zijn geregeld. Artikel2.Belastbaar feit Onder de naam 'staangeld' wordt een recht geheven voor het hebben van een standplaats voor een woonwagen, daaronder begrepen de diensten die met de standplaats verband houden. Artikel3.Belastingplicht Het recht, als bedoeld in artikel 2, wordt geheven van degene die de standplaats heeft. Als degene die de standplaats heeft wordt aangemerkt de hoofdbewoner van de woonwagen. Wie als hoofdbewoner wordt aangemerkt wordt naar de omstandigheden beoordeeld. Artikel4.Vrijstelling Het recht als bedoeld in artikel 2 wordt niet geheven zolang voor de standplaats een huurovereenkomst geldt. Artikel5.Maatstaf van heffing en tarief Het recht als bedoeld in artikel 2, bedraagt per standplaats per maand of gedeelte daarvan voor: woonwagenkamp Berkendonk Uden € 168,83; woonwagenkamp Oliemeulen Schaijk € 168,

  1. Artikel6.Wijze van heffing Het recht wordt geheven bij wege van aanslag geheven. Artikel7.Ontstaan van de belastingschuld Het recht, als bedoeld in artikel 2, wordt verschuldigd op het moment dat een standplaats wordt ingenomen. Artikel8.Termijnen van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moet het recht worden betaald binnen 14 dagen na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving. 2.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het voorgaande lid gestelde termijn. Artikel9.Kwijtschelding Bij de invordering van staangeld wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel10.Nadere regels door het College van burgemeester en wethouders Het College van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van staangeld. Artikel11.Inwerkingtreding en citeerartikel 1.De Verordening staangeld Maashorst 2023 van 22 december 2022 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2.Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 3.De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  2. 4.Deze verordening kan worden aangehaald als 'Verordening staangeld Maashorst 2024'. Vastgesteld in de openbare vergadering van 14 december 2023De Raad voornoemdde griffier mr. N.E. Gradisen de voorzitterM.J.D. Donders-de Leest (wnd.)

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.