Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2004De raad van de gemeente Houten; Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 28 oktober 2003; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; besluit vast te stellen de volgende: VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN LIJKBEZORGINGSRECHTEN 2004 Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: begraafplaats: de begraafplaatsen aan de Prinses Ireneweg en de Oud Wulfseweg; eigen graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: ·het doen begraven en begraven houden van lijken; ·het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder die binding heeft met de gemeente Houten gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; eigen urnengraf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: ·het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; algemeen urnengraf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder die binding heeft met de gemeente Houten gelegenheid wordt geboden tot het doen bijzetten van asbussen met of zonder urnen; eigen urnennis: een nis, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het recht is verkregen tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen of urnen; asbus: een bus ter berging van as van een overledene; urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; verstrooiingsplaats: een permanent daartoe bestemd terrein waarop as wordt verstrooid, dan wel een plaats waarvoor, voor bepaalde of onbepaalde tijd het recht is verleend om as te doen verstrooien. Artikel2Belastbaar feit Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Artikel 3 Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht, of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel4Vrijstellingen De rechten worden niet geheven voor: a.het lichten van een lijk of een asbus op rechterlijk gezag; b.het begraven van doodgeboren kinderen of van zuigelingen die tegelijk met de overleden moeder in één kist worden begraven; Artikel5Maatstaf van heffing en belastingtarief 1.De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2.Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel6Belastingjaar Voorzover in de bij deze verordening behorende tarieventabel tarieven zijn opgenomen die per jaar worden geheven, is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel7Wijze van heffing De rechten worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld voor de rechten De rechten zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen. Artikel9Termijnen van betaling De rechten moeten worden voldaan binnen één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet of de schriftelijke kennisgeving. Artikel10Kwijtschelding Bij de invordering van de lijkbezorgingsrechten wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de rechten. Artikel 12 Inwerkingtreding en citeertitel 1.De ‘Achtste verordening tot wijziging van de verordening lijkbezorgingsrechten 2004' treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 2.De datum van ingang van de heffing is 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.