Besluit kwijtscheldingsregels 2024De Raad van de gemeente Oostzaan; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 21 november
- gelet op artikel 255 van de Gemeentewet, artikel 26 van de Invorderingswet 1990 en de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990, de Regeling kwijtschelding belastingen medeoverheden en de Leidraad Invordering Cocensus; overwegende dat het gewenst is om nadere regels te stellen voor het verlenen van kwijtschelding van gemeentelijke belastingen; Besluit: het volgende vast te stellen: Besluit kwijtscheldingsregels 2024 ARTIKEL1KWIJTSCHELDING Met toepassing van het in de artikelen 3, 4 en 5 bepaalde, wordt kwijtschelding verleend voor afvalstoffenheffing; ARTIKEL2UITGESLOTEN VAN KWIJTSCHELDING Bij de invordering van de volgende belastingen wordt geen kwijtschelding verleend: Onroerende Zaak belasting; Roerende Zaak belasting; Hondenbelasting; Precariobelasting; Lijkbezorgingsrechten; Rioolheffing; Leges. ARTIKEL3BEREKENINGSWIJZE KOSTEN VAN BESTAAN 1.Bij de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen wordt in afwijking van artikel 16, tweede lid, onderdelen a en b, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 het percentage voor de berekening van de kosten van bestaan gesteld op 100 procent. 2.Onverminderd het bepaalde in het eerste lid wordt overeenkomstig artikel 3 van de Regeling kwijtschelding belasting medeoverheden voor de vaststelling van de kosten van bestaan van pensioengerechtigden in plaats van de bijstandsnorm het netto-ouderdomspensioen gehanteerd. ARTIKEL4NETTO KOSTEN KINDEROPVANG Als uitgaven als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 worden mede in aanmerking genomen de in artikel 28, derde lid, van genoemde regeling bedoelde netto kosten van kinderopvang. ARTIKEL5KWIJTSCHELDING AAN ONDERNEMERS Met inachtneming van het overigens in dit besluit bepaalde, wordt een verzoek tot kwijtschelding van gemeentelijke belastingen en heffingen die geen verband houden met de uitoefening van het bedrijf of beroep, van een natuurlijk persoon die een bedrijf of zelfstandig beroep uitoefent, behandeld volgens de bepalingen van hoofdstuk II, afdelingen 1, 2 en 5 van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet
- ARTIKEL6EXTRA TOEGESTANE FINANCIELE MIDDELEN In afwijking van artikel 12, tweede lid, onderdeel d, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990, wordt het totale bedrag aan financiële middelen, bedoeld in dat onderdeel, verhoogd met: € 2.000 voor de belastingschuldige en zijn echtgenoot, 75% van het bedrag genoemd onder a voor een alleenstaande, en 90% van het bedrag genoemd onder a voor een alleenstaande ouder. ARTIKEL7INWERKINGTREDING EN CITEERTITEL 1.Het besluit ‘Besluit Kwijtscheldingsregels 2023 van 15 december 2022 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2.Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 3.De datum van ingang van dit besluit is 1 januari
- 4.Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit Kwijtscheldingsregels
- Vastgesteld in de raadsvergadering d.d. 14 december
- De Raad voornoemd,de raadsgriffier, Dhr. M. van Engelshoven-Huls de voorzitter,M.D. Polak
🔗 Naar officiële bron
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.