← Nederland

Besluit Ondermandaten Rijnland 2024 (Hoogheemraadschap van Rijnland)

Besluit Ondermandaten Rijnland 2024Bekendmaking De secretaris-algemeen directeur van het hoogheemraadschap van Rijnland heeft op 21 december 2023 het Besluit Ondermandaten Rijnland 2024 vastgesteld. Met het besluit worden publiekrechtelijke en privaatrechtelijke bevoegdheden door de secretaris-algemeen directeur aan medewerkers in de organisatie toegekend. Besluit De secretaris-algemeen directeur van het hoogheemraadschap van Rijnland, gelet op afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht en het Mandaat- en Volmachtbesluit Rijnland 2024, besluit: vast te stellen het navolgende Besluit Ondermandaten Rijnland

  1. Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsomschrijvingen In dit besluit wordt verstaan onder: bestuursorgaan: de verenigde vergadering, dijkgraaf en hoogheemraden of de dijkgraaf; college: dijkgraaf en hoogheemraden van Rijnland, oftewel het dagelijks bestuur van Rijnland, bedoeld in artikel 8 van het Reglement van bestuur voor het hoogheemraadschap van Rijnland; mandaat: de bevoegdheid om namens het college onder verantwoordelijkheid van het college en met inachtneming van aanwijzingen en richtlijnen van het college besluiten te nemen, stukken van het college vast te leggen en te ondertekenen; ondermandaat: een door de secretaris-algemeen directeur aan een daartoe aangewezen medewerker gegeven bevoegdheid om namens het college onder verantwoordelijkheid van het college en met inachtneming van aanwijzingen en richtlijnen van het college besluiten te nemen, stukken van het college vast te leggen en te ondertekenen; Rijnland: het hoogheemraadschap van Rijnland; secretaris-algemeen directeur: de secretaris, bedoeld in artikel 53 Waterschapswet, tevens algemeen directeur van Rijnland, zoals omschreven in het Organisatiestatuut van Rijnland; verenigde vergadering: het algemeen bestuur van Rijnland, bedoeld in artikel 8 van het Reglement van bestuur voor het hoogheemraadschap van Rijnland. Artikel2Ondermandaat De in hoofdstuk 2 van dit besluit opgenomen bevoegdheden verleent de secretaris-algemeen directeur via de directeuren en waar mogelijk via de betreffende lijnmanager en indien van toepassing via de betreffende resultaatmanager of opdrachtgever. Alle in het eerste lid bedoelde medewerkers kunnen het hen verleende ondermandaat, tenzij dat expliciet is toegestaan, niet door middel van ondermandaat opdragen aan door hen aan te wijzen andere medewerkers. De secretaris-algemeen directeur kan aan het ondermandaat nadere voorschriften verbinden. De medewerker aan wie ondermandaat is verleend brengt op verzoek van de mandaatgever verslag uit over de wijze waarop gebruik is gemaakt van het ondermandaat. Artikel3Plaatsvervanging Bij afwezigheid van de medewerker aan wie ondermandaat is verleend wordt zijn bevoegdheid uitgeoefend door een medewerker met dezelfde rol zoals omschreven in het Organisatiestatuut (horizontale vervanging). Bij afwezigheid hiervan of in bijzondere gevallen wordt zijn bevoegdheid uitgeoefend door zijn leidinggevende. Onder afwezigheid wordt verstaan: afwezigheid wegens verlof of wegens ziekte. Artikel4Financieel ondermandaat Indien de uitoefening van een ondermandaat tevens het beslissen over de besteding van budgetten met zich meebrengt, geschiedt dit met inachtneming van het bepaalde in de Verordening beleids- en verantwoordingsfunctie van het hoogheemraadschap van Rijnland en de Budgethoudersregeling Rijnland. Artikel5Uitzonderingen op ondermandaat Een ondermandaat geldt niet voor: zaken die een bestuurlijke afweging vereisen, waaronder wordt begrepen zaken die leiden tot afwijking of aanvulling van een eerder vastgestelde beleidslijn, afdoening van die zaken niet voorziene financiële of andere belangrijke consequenties hebben of indien dit door het college kenbaar is gemaakt; gevallen waarin Rijnland aan zichzelf een vergunning verleent en daarbij tevens sprake is van een afwijking van de ter zake gestelde beleidskaders. Artikel6Wijziging wetten en regelingen De in hoofdstuk 2 van dit besluit opgenomen ondermandaten worden geacht te zijn gewijzigd voor zoveel en op het tijdstip dat de hierin genoemde wetten en regelingen zijn gewijzigd. Hoofdstuk2Ondermandaten Artikel7Financiën De directeur Bedrijfsvoering heeft de volgende ondermandaten: Het aangaan van langgeldleningen tot een bedrag als aangegeven in de vastgestelde begroting van het hoogheemraadschap van het desbetreffende jaar. Het aangaan van rekening-courantovereenkomsten tot een kredietlimiet als aangegeven in de vastgestelde begroting van Rijnland van het desbetreffende jaar. Het uitlenen, beleggen of herbeleggen van kasgelden. De teamleider Juridische Zaken en Vastgoed heeft het volgende ondermandaat: Het aantekenen van bezwaar tegen en/of akkoord gaan met door gemeenten afgegeven beschikkingen met betrekking tot de vastgestelde WOZ-waarde van Rijnlandse eigendommen (gebouwen, woningen en installaties). De teamleider Financiën, Inkoop en Subsidies heeft de volgende ondermandaten: Het bepalen van voorschotten en afrekeningen van kosten van wateronttrekkingen aan en waterlozingen op Rijnlands boezem. Het bepalen van voorschotten en afrekeningen grensoverschrijdend afvalwater. Het doen van aangiften omzetbelasting, vennootschapsbelasting en verhuurdersheffing. Het doen van af- en overschrijvingen per waterschapstaak, voor zover het budget onvoorzien in de exploitatiebegroting niet wordt aangesproken en het niet ten koste gaat van de (afgesproken) prestaties. Het verlenen van vermindering of kwijtschelding aan hen die hebben aangenomen ten behoeve van het hoogheemraadschap iets te doen of te leveren voor zover een en ander een bedrag van € 25.000 niet te boven gaat. De teamleider Handhaving en de teamleider Financiën, Inkoop en Subsidies hebben het volgende ondermandaat: Het doen uitgaan van dwangbevelen. De teamleider Human Resources heeft het volgende ondermandaat: Het doen van aangiften loonheffing. De teamleider Zuiveren heeft het volgende ondermandaat: Het verrichten van handelingen die noodzakelijk zijn om voor een bepaald tijdvak en voor een bepaalde hoeveelheid een energieprijs vast te kunnen leggen. Artikel8Onroerende goederen De teamleider Juridische Zaken & Vastgoed heeft de volgende ondermandaten: Het kopen, ruilen en vervreemden van onroerende goederen; het aangaan en verlenen, wijzigen en beëindigen van persoonlijke en zakelijke gebruiks- en genotsrechten en het aangaan, wijzigen en beëindigen van verhuringen, verpachtingen en ingebruikgevingen tot een maximumbedrag van € 25.000 per geval per jaar; het kwijtschelden van vorderingen wegens huur, pacht en gebruik van onroerende eigendommen van het hoogheemraadschap; alles voor zover nodig een passend krediet is verleend en bij koop tot een koopprijs van ten hoogste € 100.000 per geval per jaar en bij verkoop tot een verkoopprijs van ten hoogste € 350.000 per geval per jaar. Deze beperking geldt niet voor de verkoop van aangewezen dienstwoningen. Artikel9(Buiten) Gerechtelijke procedures De teamleider Juridische Zaken & Vastgoed heeft de volgende ondermandaten: Het nemen van procesbesluiten inzake tegen het hoogheemraadschap of een besluit van een bestuursorgaan van het hoogheemraadschap ingestelde rechtsgedingen voor burgerlijke en administratieve gerechten. Het nemen van procesbesluiten inzake rechtsgedingen voor burgerlijke of administratieve gerechten, waarbij het hoogheemraadschap of een bestuursorgaan van het hoogheemraadschap als belanghebbende als bedoeld in artikel 8:26 Algemene wet bestuursrecht kan worden aangemerkt. Het nemen van procesbesluiten ter zake van het voeren van rechtsgedingen voor burgerlijke en administratieve gerechten, waaronder begrepen het indienen van bezwaar of het instellen van beroep, indien deze rechtsgedingen strekken of mede strekken tot uitvoering van door een bestuursorgaan van het hoogheemraadschap genomen besluiten. Het aangaan van dadingen en het sluiten van andere schriftelijke overeenkomsten, waarbij door tegemoetkoming van beide zijden een publiekrechtelijke, privaatrechtelijke of strafrechtelijke procedure kan worden voorkomen of beëindigd. Artikel10Verlenging of verdaging van de beslistermijn De teamleider Vergunningverlening heeft het volgende ondermandaat: Het verlengen van de beslistermijn als bedoeld in artikel 3:18 en 4:14 van de Algemene wet bestuursrecht ter zake van aanvragen om een vergunning of maatwerkbesluit. De teamleider Handhaving heeft het volgende ondermandaat: Het verlengen van de beslistermijn als bedoeld in artikel 3:18 en 4:14 van de Algemene wet bestuursrecht ter zake van verzoeken tot handhaving. De teamleider Juridische Zaken & Vastgoed heeft de volgende ondermandaten: Het verdagen van een beslissing als bedoeld in artikel 4.4 van de Wet open overheid. Het verdagen van een beslissing op bezwaar als bedoeld in artikel 7:10 van de Algemene wet bestuursrecht. Het verdagen van de afhandeling van een klacht als bedoeld in artikel 9:11 van de Algemene wet bestuursrecht. Artikel11Gedoogplicht De resultaatmanagers en de manager projectencentrum hebben het volgende ondermandaat: Het nemen van besluiten over het opleggen van een gedoogplicht als bedoeld in artikel 10.13 en 10.17 van de Omgevingswet. Artikel12Nadeelcompensatie De teamleider Juridische Zaken & Vastgoed heeft het volgende Ondermandaat: Het krachtens artikel 15.1 van de Omgevingswet en de Nadeelcompensatieverordening Rijnland of krachtens titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht toekennen van nadeelcompensatie tot een bedrag van maximaal €25.000 per verzoek. Het krachtens artikel 15.1 van de Omgevingswet en de Nadeelcompensatieverordening Rijnland of krachtens titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht afwijzen van een verzoek om nadeelcompensatie. Artikel13Budgetten (Contracten) De directeuren, lijnmanagers, teamleiders, resultaatmanagers, opdrachtgever en concerncontroller hebben het volgende ondermandaat: Het met inachtneming van de Budgethoudersregeling Rijnland geven van opdrachten, doen van bestellingen van goederen en diensten en het goedkeuren van facturen zonder verplichting. De bevoegdheid tot het verlenen van ondermandaat van de bevoegdheden als bedoeld in het eerste lid, is geregeld in de Budgethoudersregeling Rijnland. Artikel14Personeel De medewerkers die een leidinggevende functie vervullen, hebben het volgende ondermandaat: Het - met inachtneming van de ter zake geldende regelingen - ten aanzien van hun medewerkers uitvoering geven aan de bepalingen van de cao Werken voor waterschappen, met uitzondering van: de in artikel 23, eerste en tweede lid, van het Mandaat- en Volmachtbesluit Rijnland bedoelde onderwerpen; en de volgende bepalingen uit de cao Werken voor waterschappen: artikel 3.1.1: het toekennen van een extra structurele beloning wegens buitengewone toewijding of bijzondere vervulling van (een deel van) de functie; artikel 3.3.9: het toekennen van een arbeidsmarkttoelage; artikel 3.4.11: het toekennen van schadevergoeding; De in het eerste lid uitgezonderde bevoegdheden berusten bij de secretaris–algemeen directeur. Artikel15Correspondentie De directeuren hebben de volgende ondermandaten: Het voeren van correspondentie van beleidsgevoelige aard. Het besluiten tot het inwinnen van extern advies, alsmede het selecteren van en het voeren van correspondentie met deze adviseurs, voor zover het de resultaatgebieden overstijgt. Het voeren van correspondentie ter voorbereiding en uitvoering van besluiten van de verenigde vergadering. De lijnmanagers, teamleiders, resultaatmanagers, opdrachtgever en concerncontroller, hebben de volgende ondermandaten: Het besluiten tot het inwinnen van extern advies, alsmede het selecteren van en het voeren van correspondentie met deze adviseurs, binnen het betreffende resultaatgebied/ team. Het voeren van correspondentie ter voorbereiding of uitvoering van door dijkgraaf en hoogheemraden te nemen of genomen besluiten. De in het tweede lid genoemde medewerkers hebben, met de bevoegdheid tot het verlenen van ondermandaat, het volgende ondermandaat: Het voeren van correspondentie van niet-beleidsgevoelige aard en standaardbrieven binnen het betreffende resultaatgebied/team. De projectmanagers hebben het volgende ondermandaat: Het voeren van correspondentie van niet-beleidsgevoelige aard ter zake van de projecten. Artikel16Plantoetsing, Vergunningverlening & Handhaving De teamleider Vergunningverlening heeft het volgende ondermandaat: Plantoetsing Het afstemmen van taken en bevoegdheden op die van andere bestuursorganen zoals bedoeld in de artikelen 2.2 en 2.3 van de Omgevingswet. Vergunningverlening Het stellen van maatwerkvoorschriften of het verbinden van voorschriften aan een omgevingsvergunning voor een wateractiviteit zoals bedoeld in artikel 4.5 van de Omgevingswet. Het verlenen van toestemming voor het op aanvraag treffen van een gelijkwaardige maatregel zoals bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet. Het met inachtneming van afdeling 16.5 van de Omgevingswet en paragraaf 3.3.1 van de Waterschapsverordening beslissen op een vergunningaanvraag voor een wateractiviteit zoals bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, en artikel 5.3 van de Omgevingswet. Het actualiseren, wijzigen, intrekken en reviseren van een omgevingsvergunning voor een wateractiviteit zoals bedoeld in paragraaf 5.1.
  2. van de Omgevingswet. Het vaststellen van een m.e.r.-beoordelingsbesluit zoals bedoeld in artikel 16.43, derde lid, van de Omgevingswet. Het indienen van een zienswijze op plannen, besluiten en beleidsvoornemens van andere bestuursorganen die met toepassing van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht ter inzage zijn gelegd. Het uitbrengen van adviezen over en het instemmen met besluiten van andere bestuursorganen zoals bedoeld in artikel 16.15 rep. 16.16 van de Omgevingswet. Het verlenen van vaarvergunningen zoals bedoeld in artikel 3 van de Vaarwegenverordening Rijnland
  3. Het vaststellen van verkeersbesluiten op grond van artikel 5 van de Scheepvaartverkeerswet. Het op grond van artikel 7 van de Scheepvaartverkeerswet verlenen van ontheffingen van een gebod of verbod, aangegeven met een verkeersteken. Het verzoek afwijken van de datum waarop onderhoud moet zijn uitgevoerd zoals bedoeld in artikel 3.1, tweede lid, van de Onderhoudsverordening van Rijnland. De teamleider Handhaving heeft de volgende ondermandaten: Het op grond van artikel 61 van de Waterschapswet uitvoering geven aan hoofdstuk 18 van de Omgevingswet en de Waterschapsverordening van Rijnland in samenhang met afdeling 5.3 van de Algemene wet bestuursrecht. Het uitvoering geven aan artikel 257ba Wetboek van Strafvordering juncto artikel 4.2 sub b Besluit OM-afdoening. Het nemen van besluiten op grond van artikel 1 van de Wrakkenwet. Van het mandaat zijn de bevoegdheden betreffende bezwaar en beroep uitgezonderd. Artikel17Subsidieregelingen De teamleiders hebben de volgende ondermandaten, met inachtneming van de Budgethoudersregeling Rijnland: Het uitvoeren van subsidieregelingen van Rijnland. Het toekennen van bijdragen aan derdenter hoogte van maximaal 25% van de begrote kosten van incidentele activiteiten indien deze activiteiten: binnen het gebied van Rijnland worden ontplooid of daarop betrekking hebben; en aan water, de taken van Rijnland of Rijnland als organisatie zijn gerelateerd. Het aanvragen van subsidies bij andere bestuursorganen. Artikel18Archivering De teamleider Documentaire & Historische Informatievoorziening heeft de volgende ondermandaten: Het vervangen van archiefbescheiden door reproducties, teneinde de aldus vervangen bescheiden te vernietigen, overeenkomstig artikel 7 van de Archiefwet 1995 en artikel 6, eerste en tweede lid van het Archiefbesluit
  4. Het opmaken van een verklaring van vervanging van archiefbescheiden door reproducties, overeenkomstig artikel 8 van het Archiefbesluit
  5. Het vervreemden van archiefbescheiden overeenkomstig artikel 8, eerste en tweede lid van de Archiefwet 1995 en artikel 7, eerste en tweede lid, en artikel 8 van het Archiefbesluit
  6. Het opmaken van een verklaring van vervreemding van archiefbescheiden, overeenkomstig artikel 8 van het Archiefbesluit
  7. Het overbrengen van archiefbescheiden naar de archiefbewaarplaats, overeenkomstig artikel 12 eerste lid van de Archiefwet 1995 en artikel 9, eerste, tweede en derde lid van het Archiefbesluit
  8. Het vervroegd overbrengen van archiefbescheiden naar de archiefbewaarplaats, overeenkomstig artikel 13, eerste lid van de Archiefwet
  9. Het verzoeken om het verlenen van een machtiging door Gedeputeerde Staten tot opschorting van de overbrenging van archiefbescheiden naar de archiefbewaarplaats, overeenkomstig artikel 13 derde en vierde lid van de Archiefwet
  10. Het opmaken van een verklaring van overbrenging van archiefbescheiden naar de archiefbewaarplaats, overeenkomstig artikel 8 van het Archiefbesluit
  11. Het opmaken van een verklaring van vernietiging van archiefbescheiden, overeenkomstig artikel 8 van het Archiefbesluit
  12. Het stellen of opheffen van beperkingen aan de openbaarheid van archiefbescheiden, overeenkomstig artikel 15 eerste tot en met derde lid en artikel 16, tweede lid, van de Archiefwet 1995 en artikel 10 van het Archiefbesluit
  13. Het opmaken van een verklaring van conversie of migratie, overeenkomstig artikel 25, tweede lid van de Archiefregeling. De teamleider Facilitaire Dienstverlening heeft het volgende ondermandaat: Het nemen van besluiten over de uitleen van kunstvoorwerpen. De medewerker die is aangewezen als waterschapsarchivaris als genoemd in artikel 37 van de Archiefwet heeft het volgende ondermandaat: Het op verzoek buiten toepassing laten van de in lid 1 sub j gestelde beperkingen, indien het belang van de gestelde beperking niet opweegt tegen het belang van de verzoeker tot raadpleging of gebruik van de archiefbescheiden, overeenkomstig artikel 15, derde lid van de Archiefwet
  14. Artikel19Besluiten op verzoeken op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming en de Wet Politiegegevens De teamleider Juridische Zaken & Vastgoed heeft het volgende ondermandaat: Het nemen van besluiten op verzoeken op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Het nemen van besluiten op grond van de Wet Politiegegevens. Artikel20Besluiten op verzoeken op grond van de Wet open overheid De teamleider Juridische Zaken & Vastgoed heeft het volgende ondermandaat: Het nemen van besluiten op verzoeken op grond van de Wet open overheid. Hoofdstuk3Inwerkingtreding Artikel21Inwerkingtreding Dit Besluit Ondermandaten Rijnland 2024 treedt in werking op 1 januari
  15. Met de inwerkingtreding van dit besluit wordt het Besluit Ondermandaten Rijnland 2022 ingetrokken. Leiden, 21 december 2023M. Middendorp, secretaris

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.