Referendumverordening Gemeente Katwijk 2023De raad van de gemeente Katwijk, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 19 september 2023 gelet op de artikelen 84, 149 en 154 van de Gemeentewet, Gelet op artikel 5 van de Grondwet besluit de volgende verordening vast te stellen: de Referendumverordening Gemeente Katwijk 2023 Artikel1:Definities In deze verordening wordt verstaan onder: college: het college van burgemeester en wethouders van Katwijk; raad: de gemeenteraad van Katwijk; kiesgerechtigd: stemrecht hebben voor de verkiezing van de leden van de raad van Katwijk; raadsbesluit: een besluit over een aangelegenheid, die onder de bevoegdheid van de raad valt; initiatiefnemers: de initiatiefnemers van een referendum, alternatief burgervoorstel of volksinitiatief; referendum: volksraadpleging over een ontwerp raadsbesluit. Het is een advies van burgers en niet bindend. alternatief burgervoorstel: een voorstel ingediend door burgers als alternatief voor een ontwerp raadsbesluit, als bedoeld in sub d; referendum alternatief burgervoorstel: volksraadpleging waarin verschillende keuzemogelijkheden kunnen worden voorgelegd, aangedragen door de raad of door burgers als bedoeld onder g; volksinitiatief: een zelfstandig voorstel van burgers; alternatief raadsvoorstel: een alternatief voorstel van de raad op een volksinitiatief; referendum op volksinitiatief: volksraadpleging over een volksinitiatief, als bedoeld in sub i; centraal stembureau: het centraal stembureau van de Gemeente Katwijk. Artikel2:Initiatief, referenda, onderwerpen 1.Een referendum als genoemd in artikel 1 leden g en i, vindt plaats op initiatief van kiesgerechtigden. 2.Drie vormen van referenda zijn mogelijk: referendum over een ontwerp raadsbesluit referendum alternatief burgervoorstel referendum op volksinitiatief 3.Een referendum, alternatief burgervoorstel of volksinitiatief is mogelijk over aangelegenheden die onder de bevoegdheid van de raad vallen. 4.Van referenda, alternatief burgervoorstellen of volksinitiatieven zijn uitgezonderd besluiten: van de raad op bezwaar, bedoeld in artikel 6:4, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, dan wel inzake het voeren van rechtsgedingen; in individuele kwesties, zoals benoemingen, ontslagen, schorsingen en geldelijke voorzieningen voor ambtsdragers of hun nabestaanden; over de vaststelling, wijziging of intrekking van de arbeidsvoorwaardenregeling en daaruit voortvloeiende besluiten met betrekking tot de griffier en de medewerkers van de griffie; over het voor kennisgeving aannemen van nota’s en rapporten; in het kader van deze verordening; over het vaststellen van de gemeentelijke begroting en de rekening; tot het vaststellen van gemeentelijke tarieven en belastingen; ter uitvoering van een besluit van een hoger bestuursorgaan of de wetgever waaromtrent het gemeentebestuur geen beleidsvrijheid heeft; over een voorgenomen raadsbesluit of een ander onderwerp dat niet de hele gemeente aangaat; tot de vaststelling, de herziening of de intrekking van een omgevingsplan. die naar het oordeel van de raad hun grondslag vinden in een eerder genomen besluit waarover in een periode van twee jaar een referendum is gehouden of kon worden gehouden. waarvan de raad van mening is dat dringende redenen aanleiding zijn om geen referendum te houden. Artikel3:Termijnen In het geval een in deze verordening genoemde termijn valt op een zaterdag, zondag of erkende feestdag, wordt de termijn verlengd tot de eerstvolgende werkdag. Hoofdstuk2:De referendumcommissie Artikel4:Samenstelling 1.De raad stelt een referendumcommissie in en benoemt haar leden. 2.De commissie bestaat uit een voorzitter en vier leden. De benoeming van de voorzitter en de leden geschiedt voor zes jaar, met de mogelijkheid van eenmalige herbenoeming voor zes jaar. 3.Een lid van de commissie is niet tevens: burgemeester van de gemeente; lid van de raad van de gemeente; wethouder van de gemeente; ambtenaar door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt. Artikel5:Taken 1.De referendumcommissie heeft tot taak de raad te adviseren over: of een volksinitiatief of een referendumverzoek of een alternatief burgervoorstel voldoet aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 2; of een alternatief burgervoorstel of een volksinitiatief voldoet aan de vormvereisten, genoemd in artikel 11, tweede lid, respectievelijk artikel 17, tweede lid; de formulering van de vraagstelling bij een referendum; de formulering van de antwoordmogelijkheden van het referendum; de datum van het referendum; wijzigingen van deze verordening. 2.De commissie houdt toezicht op de correcte uitvoering van deze verordening en een eerlijk verloop van het referendum, en adviseert de raad gevraagd en ongevraagd dienaangaande. 3.De commissie is belast met de behandeling van klachten over besluiten van de raad inzake referenda, alternatieve burgervoorstellen en volksinitiatieven, de informatievoorziening en de wijze waarop campagnes worden gevoerd. Deze behandeling kan leiden tot openbaarmaking van het oordeel van de commissie. 4.De commissie stelt een reglement vast ten behoeve van haar vergaderingen en werkwijze. 5.De referendumcommissie vergadert in beslotenheid. 6.De adviezen van de referendumcommissie zijn openbaar. Hoofdstuk3:Referendum over een ontwerp raadsbesluit Artikel6:Inleidend verzoek 1.Een inleidend verzoek bevat een aanduiding van het ontwerp raadsbesluit waarop het betrekking heeft, evenals de voornamen, achternamen, adressen en geboortedata van minimaal drie en maximaal zeven Katwijkse initiatiefnemers die gerechtigd zijn het initiatief te vertegenwoordigen. 2.Het inleidend verzoek om een referendum te houden wordt ondersteund door ten minste driehonderd ondersteuningsverklaringen van personen die kiesgerechtigd zijn op de dag dat het formulier, bedoeld in het vijfde lid, wordt verstrekt. 3.Een inleidend verzoek aan de raad wordt uiterlijk zeven dagen voor de raadsvergadering waarin het ontwerp raadsbesluit wordt besproken, ingediend. 4.Een ondersteuningsverklaring voor het inleidend verzoek wordt gedaan door opgave van naam, adres, woonplaats en geboortedatum. 5.Ondersteuningsverklaringen worden geplaatst op een daartoe door de raad verstrekt formulier waarop de titel van het ontwerp raadsbesluit wordt vermeld. In aanvulling hierop voorziet de gemeentelijke website in de mogelijkheid om digitale ondersteuningsverklaringen in te dienen. Deze digitale mogelijkheid komt zoveel mogelijk overeen met het papieren formulier voor de ondersteuningsverklaringen. 6.De voorzitter van de raad controleert de ondersteuningsverklaringen op naam, adres, woonplaats, geboortedatum en kiesgerechtigdheid als bedoeld in het tweede lid. Hierbij kan hij de methode van een steekproef gebruiken. 7.Op basis van het advies van de referendumcommissie als bedoeld in artikel 5, eerste lid, beslist de raad, artikel 2 in aanmerking nemend, of het inleidend verzoek wordt ingewilligd. Artikel7:Opschortende werking 1.Als het inleidend verzoek wordt ingewilligd, wordt het ontwerpbesluit zoals dat luidt na verwerking van eventuele aangenomen amendementen waarop het verzoek zich richt, aangehouden tot de eerstvolgende vergadering na de dag waarop de uitslag van het referendum wordt bekendgemaakt, dan wel tot onherroepelijk vaststaat dat geen referendum wordt gehouden. 2.Indien een ontwerpbesluit wegens spoedeisendheid geen uitstel kan lijden, kan de raad het besluit toch nemen, onverminderd de mogelijkheid om over het oorspronkelijke ontwerpbesluit een referendum te houden. Artikel8:Definitief verzoek 1.Het definitief verzoek om een referendum te houden wordt ondersteund door ten minste duizend ondersteuningsverklaringen van personen die kiesgerechtigd zijn op de dag dat het formulier, bedoeld in de vierde lid, wordt verstrekt. 2.Een definitief verzoek wordt ingediend bij de voorzitter van de raad binnen tien weken na de dag dat de raad heeft besloten dat het inleidend verzoek wordt ingewilligd. De termijn voor indiening eindigt op de dag waarop bekend wordt, zoals bedoeld in het zesde lid, dat het definitieve verzoek met ten minste duizend geldige ondersteuningsverklaringen is ingediend. 3.Een ondersteuningsverklaring voor het definitief verzoek wordt gedaan door opgave van naam, adres, woonplaats en geboortedatum. 4.Ondersteuningsverklaringen worden geplaatst op een daartoe door de raad verstrekt formulier waarop de titel van het ontwerp raadsbesluit wordt vermeld. In aanvulling hierop voorziet de gemeentelijke website in de mogelijkheid om digitale ondersteuningsverklaringen in te dienen. Deze digitale mogelijkheid komt zoveel mogelijk overeen met het papieren formulier voor de ondersteuningsverklaringen. 5.De voorzitter van de raad controleert de ondersteuningsverklaringen op naam, adres, woonplaats, geboortedatum en kiesgerechtigdheid als bedoeld in het eerste lid. Hierbij kan hij de methode van een steekproef gebruiken. 6.De raad maakt wekelijks bekend hoeveel geldige ondersteuningsverklaringen zijn ingediend. 7.De voor het inleidend verzoek verzamelde ondersteuningsverklaringen tellen niet mee voor het definitief verzoek. 8.In de eerstvolgende vergadering van de raad na afloop van de termijn, bedoeld in het tweede lid, neemt de raad een besluit over het houden van het referendum. Indien voldoende geldige ondersteuningsverklaringen zijn ingediend, wijst zij het referendumverzoek toe. Artikel9:Vraagstelling De vraagstelling dient kort en helder te zijn en luidt: Bent u voor of tegen het ontwerp raadsbesluit (titel van het ontwerp raadsbesluit). Artikel10:Vaststelling van de uitslag 1.De uitslag wordt bepaald bij gewone meerderheid van het totaal uitgebrachte aantal geldige stemmen. Het centraal stembureau berekent de uitslag van het referendum en geeft aan hoeveel stemmen er voor elke keuzemogelijkheid zijn uitgebracht, alsmede het aantal blanco en ongeldige stemmen en het aantal stemmen bij volmacht. Het centraal stembureau stelt vast of een meerderheid voor een keuzemogelijkheid heeft gestemd, waarbij blanco en ongeldige stemmen buiten beschouwing worden gelaten. 2.Het centraal stembureau brengt de uitslag ten spoedigste over aan de raad en maakt deze onverwijld bekend op een algemeen toegankelijke wijze. Hoofdstuk4:Alternatief burgervoorstel en referendum alternatief burgervoorstel Artikel11:Inleidend verzoek 1.Een inleidend verzoek voor agendering van een alternatief burgervoorstel bestaat uit een aanduiding van het ontwerp raadsbesluit waarop het verzoek betrekking heeft en alternatieve keuzemogelijkheden voor dit raadsbesluit bestaande uit een titel, een samenvatting, een uitwerking en de voornamen, achternamen, adressen en geboortedata van minimaal drie en maximaal zeven initiatiefnemers die gerechtigd zijn het initiatief te vertegenwoordigen. 2.Voor het alternatieve burgervoorstel gelden de volgende vormvereisten: de titel is kort en bondig, vat het voorstel kernachtig samen en is niet misleidend; de samenvatting bedraagt maximaal 200 woorden; de uitwerking bedraagt maximaal 2.500 woorden; het mag niet meerdere onderwerpen bevatten die geheel losstaan van elkaar. 3.Bij het uitwerken van het alternatief burgervoorstel kunnen burgers aanspraak maken op ambtelijke ondersteuning. 4.Het inleidend verzoek wordt ondersteund door ten minste driehonderd ondersteuningsverklaringen van personen die kiesgerechtigd zijn op de dag dat het formulier, bedoeld in het zevende lid, wordt verstrekt. 5.Een inleidend verzoek wordt schriftelijk ingediend bij de voorzitter van de raad, uiterlijk zeven dagen voor de raadsvergadering waarin het ontwerp raadsbesluit wordt besproken. 6.Een ondersteuningsverklaring voor het inleidend verzoek wordt gedaan door opgave van naam, adres, woonplaats en geboortedatum. 7.Ondersteuningsverklaringen worden geplaatst op een daartoe door de raad verstrekt formulier waarop de titel van het ontwerp raadsbesluit wordt vermeld evenals titel en samenvatting van het alternatief burgervoorstel. In aanvulling hierop voorziet de gemeentelijke website in de mogelijkheid om digitale ondersteuningsverklaringen in te dienen. Deze digitale mogelijkheid komt zoveel mogelijk overeen met het papieren formulier voor de ondersteuningsverklaringen. 8.De voorzitter van de raad controleert de ondersteuningsverklaringen op naam, adres, woonplaats, geboortedatum en kiesgerechtigdheid als bedoeld in het eerste lid. Hierbij kan hij de methode van een steekproef gebruiken. 9.Bij strijdigheid met de vormvereisten als bedoeld in het tweede lid krijgen de initiatiefnemers eenmalig gelegenheid hun alternatief burgervoorstel aan te passen, waarbij de termijn zoals bedoeld in lid 5 onverkort geldt. 10.Op basis van het advies van de referendumcommissie zoals bedoeld in artikel 5, eerste lid, beslist de raad, artikel 2 in aanmerking nemend, of het inleidend verzoek wordt toegelaten. Artikel12:Opschortende werking 1.Als het inleidend verzoek wordt ingewilligd, wordt het ontwerp besluit zoals dat luidt na verwerking van eventuele aangenomen amendementen waarop het verzoek zich richt, aangehouden tot de eerstvolgende vergadering na de dag waarop de uitslag van het referendum wordt bekendgemaakt, dan wel tot onherroepelijk vaststaat dat geen referendum wordt gehouden. 2.Indien een ontwerpbesluit wegens spoedeisendheid geen uitstel kan lijden, kan de raad het besluit toch nemen, onverminderd de mogelijkheid om over het oorspronkelijke ontwerpbesluit een referendum te houden. Artikel13:Raadsbehandeling en overleg met initiatiefnemers 1.De raad plaatst een toegelaten alternatief burgervoorstel binnen twee maanden op de agenda van zijn vergadering. Deze termijn wordt met een maand verlengd, wanneer deze tijdens het zomerreces valt. Tijdens deze vergadering worden de initiatiefnemers als bedoeld in artikel 11, eerste lid gehoord. 2.Indien de raad het alternatief burgervoorstel goedkeurt, eindigen de in deze verordening vastgelegde procedures. 3.Een afvaardiging van de raad kan namens de raad in overleg treden met de initiatiefnemers om een compromis te bereiken. Indien de raad en de initiatiefnemers tot overeenstemming komen, trekken de initiatiefnemers hun inleidend verzoek in. De initiatiefnemers besluiten bij absolute meerderheid. 4.Indien de raad het alternatief burgervoorstel niet goedkeurt, dan wel niet tot overeenstemming komt met de initiatiefnemers, dan kunnen de initiatiefnemers een definitief verzoek tot het houden van een referendum indienen. Artikel14:Definitief verzoek 1.Het definitief verzoek om een referendum te houden wordt ondersteund door ten minste duizend ondersteuningsverklaringen van personen die kiesgerechtigd zijn op de dag dat het formulier, bedoeld in het vierde lid, wordt verstrekt. 2.Een definitief verzoek wordt ingediend bij de voorzitter van de raad binnen tien weken na de dag dat de raad heeft besloten dat het inleidend verzoek wordt ingewilligd. 3.Een ondersteuningsverklaring voor het definitief verzoek wordt gedaan door opgave van naam, adres, woonplaats en geboortedatum. 4.Ondersteuningsverklaringen worden geplaatst op een daartoe door de raad verstrekt formulier waarop de titel van het ontwerp raadsbesluit wordt vermeld evenals titel en samenvatting van het alternatief burgervoorstel. In aanvulling hierop voorziet de gemeentelijke website in de mogelijkheid om digitale ondersteuningsverklaringen in te dienen. Deze digitale mogelijkheid komt zoveel mogelijk overeen met het papieren formulier voor de ondersteuningsverklaringen. 5.De voorzitter van de raad controleert de ondersteuningsverklaringen op naam, adres, woonplaats, geboortedatum en kiesgerechtigdheid als bedoeld in het eerste lid. Hierbij kan hij de methode van een steekproef gebruiken. 6.De raad maakt wekelijks bekend hoeveel geldige ondersteuningsverklaringen zijn ingediend. 7.De voor het inleidend verzoek verzamelde ondersteuningsverklaringen tellen niet mee voor het definitief verzoek. 8.In de eerstvolgende vergadering van de raad na afloop van de termijn, bedoeld in het tweede lid, neemt de raad een besluit over het houden van het referendum. Indien voldoende geldige ondersteuningsverklaringen zijn ingediend, wijst zij het referendumverzoek toe. Artikel15:Vraagstelling De vraagstelling dient kort en helder te zijn en luidt: Bent u voor (eerste keuzemogelijkheid); Bent u voor (tweede keuzemogelijkheid) Bent u voor (derde, vierde, etc. keuzemogelijkheid) Geen van allen. Artikel16:Vaststelling van de uitslag 1.Het centraal stembureau berekent de uitslag van het referendum en geeft aan hoeveel stemmen er voor elke keuzemogelijkheid zijn uitgebracht, alsmede het aantal blanco en ongeldige stemmen en het aantal stemmen bij volmacht. Het centraal stembureau stelt vast of een meerderheid voor een keuzemogelijkheid heeft gestemd, waarbij blanco en ongeldige stemmen buiten beschouwing worden gelaten. Indien geen van de keuzemogelijkheden meerderheid krijgt, wordt het referendum verworpen. 2.Het centraal stembureau brengt de uitslag ten spoedigste over aan de raad en maakt deze onverwijld bekend op een algemeen toegankelijke wijze. Hoofdstuk5:Volksinitiatief en referendum op volksinitiatief Artikel17:Inleidend verzoek 1.Een inleidend verzoek voor agendering van een volksinitiatief bestaat uit een titel, een samenvatting, een uitwerking en de voornamen, achternamen, adressen en geboortedata van minimaal drie en maximaal zeven initiatiefnemers die gerechtigd zijn het initiatief te vertegenwoordigen. 2.Voor het volksinitiatief gelden de volgende vormvereisten: de titel is kort en bondig, vat het voorstel kernachtig samen en is niet misleidend; de samenvatting bedraagt maximaal 200 woorden; de uitwerking bedraagt maximaal 2.500 woorden; het mag niet meerdere onderwerpen bevatten die geheel losstaan van elkaar. 3.Bij het uitwerken van het volksinitiatief kunnen burgers aanspraak maken op ambtelijke ondersteuning. 4.Het inleidend verzoek wordt ondersteund door ten minste driehonderd ondersteuningsverklaringen van personen die kiesgerechtigd zijn op de dag dat het formulier, bedoeld in het zevende lid, wordt verstrekt. 5.Een inleidend verzoek wordt schriftelijk ingediend bij de voorzitter van de raad. 6.Een ondersteuningsverklaring voor het inleidend verzoek wordt gedaan door opgave van naam, adres, woonplaats en geboortedatum. 7.Ondersteuningsverklaringen worden geplaatst op een daartoe door de raad verstrekt formulier waarop de titel en samenvatting van het volksinitiatief worden vermeld. In aanvulling hierop voorziet de gemeentelijke website in de mogelijkheid om digitale ondersteuningsverklaringen in te dienen. Deze digitale mogelijkheid komt zoveel mogelijk overeen met het papieren formulier voor de ondersteuningsverklaringen. 8.De voorzitter van de raad controleert de ondersteuningsverklaringen op naam, adres, woonplaats, geboortedatum en kiesgerechtigdheid als bedoeld in het vierde lid. Hierbij kan hij de methode van een steekproef gebruiken. 9.Bij strijdigheid met de vormvereisten als bedoeld in het tweede lid krijgen de initiatiefnemers eenmalig gelegenheid hun volksinitiatief aan te passen. 10.Op basis van het advies van de referendumcommissie als bedoeld in artikel 5, eerste lid, beslist de raad, artikel 2 in aanmerking nemend, of het inleidend verzoek wordt toegelaten. Artikel18:Raadsbehandeling en overleg met initiatiefnemers 1.De raad plaatst een toegelaten volksinitiatief binnen twee maanden op de agenda van zijn vergadering. Deze termijn wordt met een maand verlengd, wanneer deze tijdens het zomerreces valt. Tijdens deze vergadering worden de initiatiefnemers als bedoeld in artikel 17, eerste lid gehoord. 2.Indien de raad het volksinitiatief goedkeurt, eindigen de in deze verordening vastgelegde procedures. 3.Een afvaardiging van de raad kan namens de raad in overleg treden met de initiatiefnemers om een compromis te bereiken. Indien de raad en de initiatiefnemers tot overeenstemming komen, trekken de initiatiefnemers hun inleidend verzoek in. De initiatiefnemers besluiten bij absolute meerderheid. 4.Indien de raad het volksinitiatief niet goedkeurt, dan wel niet tot overeenstemming komt met de initiatiefnemers, dan kunnen de initiatiefnemers een definitief verzoek tot het houden van een referendum indienen. Artikel19:Definitief verzoek 1.Het definitief verzoek om een referendum te houden wordt ondersteund door ten minste duizend ondersteuningsverklaringen van personen die kiesgerechtigd zijn op de dag dat het formulier, bedoeld in het vierde lid, wordt verstrekt. 2.Een definitief verzoek wordt ingediend bij de voorzitter van de raad binnen tien weken na de dag dat de raad heeft besloten dat het inleidend verzoek wordt ingewilligd. 3.Een ondersteuningsverklaring voor het definitief verzoek wordt gedaan door opgave van naam, adres, woonplaats en geboortedatum. 4.Ondersteuningsverklaringen worden geplaatst op een daartoe door de raad verstrekt formulier waarop de titel en samenvatting van het volksinitiatief worden vermeld. In aanvulling hierop voorziet de gemeentelijke website in de mogelijkheid om digitale ondersteuningsverklaringen in te dienen. Deze digitale mogelijkheid komt zoveel mogelijk overeen met het papieren formulier voor de ondersteuningsverklaringen. 5.De raad controleert de ondersteuningsverklaringen op naam, adres, woonplaats, geboortedatum en kiesgerechtigdheid als bedoeld in het eerste lid. Hierbij kan zij de methode van een steekproef gebruiken. 6.De raad maakt wekelijks bekend hoeveel geldige ondersteuningsverklaringen zijn ingediend. 7.De voor het inleidend verzoek verzamelde ondersteuningsverklaringen tellen niet mee voor het definitief verzoek. 8.In de eerstvolgende vergadering van de raad na afloop van de termijn, bedoeld in het eerste lid, neemt de raad een besluit over het houden van het referendum. Indien voldoende geldige ondersteuningsverklaringen zijn ingediend, wijst zij het referendumverzoek toe. Artikel20:Referendum op volksinitiatief 1.De raad kan meer keuzemogelijkheden formuleren, welke tegelijk met het volksinitiatief ter stemming worden gebracht. 2.Voor het alternatief raadsvoorstel gelden de volgende vormvereisten: de titel is kort en bondig, vat het voorstel kernachtig samen en is niet misleidend; de samenvatting bedraagt maximaal 200 woorden; de uitwerking bedraagt maximaal 2.500 woorden; het mag niet meerdere onderwerpen bevatten die geheel losstaan van elkaar. Artikel21:Vraagstelling 1.De naamgeving van het onderwerp dient duidelijk te zijn. 2.Indien de raad geen alternatief raadsvoorstel heeft geformuleerd als bedoeld in artikel 20, luidt de vraagstelling: Bent u voor (eerste keuzemogelijkheid); Bent u voor (tweede keuzemogelijkheid); Bent u voor (derde, vierde, etc. keuzemogelijkheid) Geen van allen. 3.Indien de raad een alternatief raadsvoorstel heeft geformuleerd als bedoeld in artikel 20, luidt de vraagstelling hetzelfde als bij lid 2, maar dan zijn de keuzemogelijkheden van de raad toegevoegd: Artikel22:Vaststelling van de uitslag 1.De uitslag van het referendum op het volksinitiatief, wordt bepaald bij gewone meerderheid van het totaal uitgebrachte aantal geldige stemmen. Het centraal stembureau berekent de uitslag van het referendum en geeft aan hoeveel stemmen er voor elke keuzemogelijkheid zijn uitgebracht, alsmede het aantal blanco en ongeldige stemmen en het aantal stemmen bij volmacht. Het centraal stembureau stelt vast of een meerderheid voor een keuzemogelijkheid heeft gestemd, waarbij blanco en ongeldige stemmen buiten beschouwing worden gelaten. Indien geen van de keuzemogelijkheden meerderheid krijgt, wordt het referendum verworpen. 2.Het centraal stembureau brengt de uitslag ten spoedigste over aan de raad en maakt deze onverwijld bekend op een algemeen toegankelijke wijze. Hoofdstuk6:Nadere regels voor referenda Artikel23:Datum referendum 1.De stemming over het referendum vindt plaats in combinatie met de eerstvolgende reguliere verkiezing van de raad, Provinciale Staten, de Tweede Kamer of het Europees Parlement. 2.In afwijking van het vorige lid, kan de raad wegens spoedeisendheid besluiten dat de stemming over het referendum eerder plaatsvindt dan de eerstvolgende reguliere verkiezing. Artikel24:Organisatie van de stemming 1.De stemming wordt zoveel mogelijk op dezelfde manier georganiseerd als de verkiezingen voor de leden van de raad. 2.Kiesgerechtigd zijn burgers die op de dag van de verkiezingen 18 jaar of ouder zijn. Artikel24a:Procedure stemming Op de procedure ter voorbereiding, stemming, en de vaststelling en bekendmaking van de uitslag van het referendum zijn de hoofdstukken E, paragrafen 2 en 4, J, L, N, paragraaf 1, en P, paragrafen 1 en 4, van de Kieswet van overeenkomstige toepassing, voor zover bij deze verordening niet anders is bepaald. Artikel25:Budget Onmiddellijk nadat is besloten tot het houden van een referendum, stelt de raad een budget vast voor de organisatie van het referendum. Artikel26:Gevolgen van de uitslag Binnen vier weken na het houden van het referendum neemt de raad een besluit met betrekking tot het onderwerp van het referendum. Hoofdstuk7:Slotbepalingen Artikel27:Strafbepalingen Met een hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie wordt gestraft degene die: Stembiljetten, volmachtbewijzen of stempassen namaakt of vervalst met het oogmerk deze als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken; Stembiljetten, volmachtbewijzen of stempassen die hij zelf heeft nagemaakt of vervalst of waarvan de valsheid of vervalsing hem, toen hij deze ontving, bekend was, opzettelijk als echt en onvervalst gebruikt of door anderen doet gebruiken; Stembiljetten, volmachtbewijzen of stempassen voorhanden heeft met het oogmerk om deze wederrechtelijk te gebruiken of door anderen te doen gebruiken; Als gemachtigde stemt voor een persoon, wetende dat deze is overleden; Bij een referendum door gift of belofte een kiesgerechtigde omkoopt om volmacht te geven tot het uitbrengen van zijn stem; Stelselmatig personen aanspreekt of anderszins persoonlijk benadert ten einde hen te bewegen het formulier op hun oproepingskaart, bestemd voor het stemmen bij volmacht, te ondertekenen en deze kaart af te geven. Artikel28:Evaluatie Deze verordening wordt drie jaar na de inwerkingtreding hiervan geëvalueerd op de werkwijze en de resultaten op de beoogde doelstelling. Artikel29:Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 februari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.