Beleidsregel permanent bewonen recreatiewoningen onder de Omgevingswet Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Coevorden; gelet op titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht; gelet op artikel 8.0a, tweede lid van het besluit kwaliteit Leefomgeving; overwegende dat: onder de Omgevingswet burgemeester en wethouders de mogelijkheid hebben om het permanent bewonen van een recreatiewoning toe te staan door een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit te verlenen burgemeester en wethouders aanvragers op voorhand meer duidelijkheid willen geven over een persoonsgebonden gedoogbeschikking, geven deze beleidsregels de wijze waarop de gemeente een afweging maakt voor de mogelijkheid om een omgevingsvergunning te verlenen of een persoonsgebonden gedoogbeschikking af te geven. de beleidsregel van toepassing is op zowel nieuwe situaties (lees: een aanvrager is van plan om permanent te gaan wonen in een recreatiewoning en vraagt daarvoor een omgevingsvergunning aan) als bestaande situaties (lees: een aanvrager woont al permanent in een recreatiewoning en vraagt een omgevingsvergunning aan om dit gebruik te legaliseren). voor het laatste geval geldt, dat burgemeester en wethouders in de regel verplicht zijn om door middel van handhavend optreden aan de overtreding een einde te maken. Voordat burgemeester en wethouders een handhavingsbesluit nemen, moeten zij op grond van vaste rechtspraak onderzoeken of er sprake is van concreet zicht op legalisatie. In het kader van het legalisatieonderzoek komt onder meer aan de orde of burgemeester en wethouders bereid zijn de overtreding door middel van een omgevingsvergunning voor planologisch strijdig gebruik te legaliseren. Burgemeester en wethouders zullen dit onderzoek onder andere aan de hand van deze beleidsregel uitvoeren. burgemeester en wethouders beleid hebben vastgesteld voor recreatiewoningen en clusters van recreatiewoningen enerzijds en voor solitair gelegen recreatiewoningen anderzijds B E S L U I T: vast te stellen de Beleidsregel permanent bewonen recreatiewoningen onder de Omgevingswet 1.1Begripsbepalingen In deze beleidsregel wordt verstaan onder: Vakantiepark: Een terrein met een verblijfsrecreatieve bestemming bestaande uit 2 of meer recreatiewoningen, of een cluster van 2 of meer recreatiewoningen. Cluster: Er is geen sprake van aansluitende verblijfsrecreatieve bestemmingen, maar er is samenhang tussen de recreatiewoningen doordat; de recreatiewoningen in eigendom zijn bij dezelfde (rechts)persoon, en/of de exploitatie van de recreatiewoningen bij één exploitant berust, en/of de recreatiewoningen gebruik maken van dezelfde infrastructuur, waarvan de eigendom en/of het beheer niet bij een overheidsinstantie berust, en/of de recreatiewoningen één of meer voorzieningen delen. Solitaire recreatiewoning: een recreatiewoning die niet op een vakantiepark is gelegen, geen deel uitmaakt van een cluster en geen bijbehorend bouwwerk is bij een hoofdgebouw met een niet-recreatieve bestemming. 1.2Aanleiding en doel In deze beleidsregels wordt vastgelegd in welke gevallen burgemeester en wethouders op basis van een daartoe strekkende vergunningaanvraag voor de permanente bewoning van een recreatiewoning een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit willen verlenen. 1.3Strekking Hiervoor is weergegeven in welke gevallen de Omgevingswet het mogelijk maakt om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit te verlenen voor het gebruik van een recreatiewoning voor permanente bewoning. Er geldt geen verplichting voor burgemeester en wethouders om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit te verlenen. De omgevingsvergunning wordt getoetst aan het vereiste van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Bij de beoordeling van de vraag of het vereiste van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties zich tegen vergunningverlening verzet, komt aan burgemeester en wethouders een ruime mate van beleidsruimte toe. In het algemeen geldt dat burgemeester en wethouders het onwenselijk vinden dat recreatiewoningen permanent bewoond worden. De Drentse gemeenten zetten zich in samenwerking met de Provincie Drenthe, het Recreatieschap Drenthe en de RECRON in om de verblijfsrecreatie vitaal te houden. Daarvoor hebben deze partijen het programma Vitale Vakantieparken Drenthe vastgesteld en daarop geënt gemeentelijk beleid geformuleerd. Door een vergunning voor het permanent bewonen van een recreatiewoning te verlenen, zou de gezamenlijke aanpak en het gemeentelijk beleid doorkruist worden. De inhoud van het programma en de uitgangspunten van het gemeentelijk beleid worden in de volgende paragrafen belicht. PARAGRAAF2 2.1Vakantieparken De gemeenschappelijke aanpak is er primair op gericht om een divers en kwalitatief goed aanbod van vakantieparken te realiseren dat een sterke schakel vormt in het gehele toeristisch recreatieve aanbod van Drenthe. Uitgangspunt is daarbij de recreatieve bestemming. Daar waar dat niet (meer) mogelijk, verantwoord of gewenst is, bestaat de mogelijkheid vakantieparken naar een andere functie te begeleiden, waaronder permanente bewoning. Dit is in alle gevallen een integrale aanpak die het vakantiepark als geheel betreft (‘één park, één plan’). De aanpak vraagt om samenwerking tussen vertegenwoordigers van het vakantiepark en de gemeente die dit traject gebruiken om goed na te denken over de toekomst van het park en gezamenlijk de maatregelen te treffen die daarbij passen. Met het verlenen van een omgevingsvergunning voor een individueel geval en het maken van een afweging op het niveau van een op zichzelf staande (individuele) woning ontstaat een ad hoc-aanpak die in strijd is met de ‘één park, één plan’ aanpak van het programma Vitale Vakantieparken Drenthe. Daarom wordt aan permanente bewoning van één of meer recreatiewoningen op een vakantiepark geen medewerking verleend, anders dan in het kader van de transformatie van het betreffende vakantiepark als geheel. Besluit de gemeente er (als onderdeel van de ‘één park, één plan’-benadering) voor om de recreatieve functie van vakantieparken definitief om te zetten in een woonfunctie, dan kan er wel een vergunning worden verleend voor het permanent bewonen van recreatiewoningen. 2.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.