Verordening lijkbezorgingsrechten 2009 (9.8a) Nummer: Onderwerp: Verordening lijkbezorgingsrechten 2009 De Gemeenteraad van Haaksbergen; gelezen het voorstel van het college d.d. 18 november 2008 ; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet en het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht; besluit: vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2009 Begripsomschrijvingen Artikel 1 In deze verordening wordt verstaan onder: begraafplaats: de begraafplaatsen Het Waarveld en Enschedesestraat; eigen graf: een graf, een kindergraf daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: – het begraven en begraven houden van lijken; – het bijzetten en bijgezet houden van een asbus met of zonder urn; – het verstrooien van as; algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het begraven van lijken; eigen urnengraf: een graf, een kindergraf daaronder begrepen, waarvoor voor bepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot: – het bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; – het verstrooien van as; algemeen urnengraf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het bijzetten van asbussen met of zonder urnen; kindergraf : een graf voor het begraven (of bijzetten van een urn) van een stoffelijk overschot van een kind, dat de leeftijd van 12 jaar nog niet bereikt heeft of dat doodgeboren is; urnennis: een nis in het colombarium, waarvoor voor bepaalde tijd het recht is verkregen tot het bijzetten en bijgezet houden van asbussen of urnen; asbus: een bus ter berging van as van een overledene; urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; verstrooiingsplaats: een permanent daartoe bestemd terrein waarop as wordt verstrooid, dan wel een plaats waarvoor voor bepaalde tijd het recht is verleend om as te verstrooien. Belastbaar feit Artikel 2 Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Belastingplicht Artikel 3 De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Maatstaf van heffing en belastingtarief Artikel 4 De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Belastingjaar Artikel 5 Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Wijze van heffing Artikel 6 De rechten in de tarieventabel worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Ontstaan van de belastingschuld Artikel 7 De rechten zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen. Termijn van betaling Artikel 8 De rechten moeten worden betaald binnen 30 dagen na de dagtekening van het aanslagbiljet of de schriftelijke kennisgeving. Kwijtschelding Artikel 9 Bij de invordering van de lijkbezorgingsrechten wordt geen kwijtschelding verleend. Nadere regels door het college Artikel 10 Het college kan nadere regels geven over de heffing en invordering van de rechten. Inwerkingtreding en citeertitel Artikel 11 De Verordening lijkbezorgingsrechten 2007 van 20 december 2006, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking op de dag nadat zij bekend is gemaakt. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.