Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oost Gelre over (pré)mantelzorg 2024Inleiding De huidige wetgeving biedt mogelijkheden voor het realiseren van mantelzorgwoningen om iemand die zorg behoeftig is te ondersteunen vanuit een huiselijke plek. Er is een landelijke trend naar preventieve mantelzorgwoningen om de grote dubbele vergrijzingsgolf op te vangen. Een prémantelzorgwoning is een levensloopbestendige, nul-tredenwoning met een tijdelijke woonbestemming. Het huidige mantelzorgbeleid van Oost Gelre staat alleen een mantelzorgwoning toe als er sprake is van mantelzorg die minimaal een aantal uur per week en (bijna) dagelijks geleverd wordt. Daarnaast moet er sprake zijn van langdurige beperkingen. De beoordeling wordt gedaan door het Sociaal Team. Als er sprake is van mantelzorg ontvang de inwoner de beoordeling op schrift (mantelzorgverklaring). Het huidige beleid van de gemeente Oost Gelre sluit niet meer aan bij de praktijk. Vandaar dat met de voorliggende beleidsregel het huidige beleid ten aanzien van mantelzorg wordt geactualiseerd. Vooruitlopend op de toekomstige zorgbehoefte wil de gemeente Oost Gelre het mogelijk maken om hier in het voorstadium op te anticiperen door middel van het toestaan van prémantelzorgwoningen. Dit omdat we als gemeente steeds vaker vragen krijgen van mensen die preventief willen investeren in het samen wonen van meerdere generaties en het verlenen van mantelzorg. In het kader van prémantelzorgbeleid is het van belang om de verbinding te zoeken met nationale en regionale demografische ontwikkelingen zoals uitgelicht wordt in de woonvisie. Er is behoefte aan groter aanbod woningen want Oost Gelre is geen krimp maar een groeiende gemeente geworden. Bovendien, heeft zowel de regio Achterhoek en de gemeente Oost Gelre te maken met dubbele vergrijzing. Deze ontwikkeling houdt in dat de gemiddelde leeftijd van onze inwoners toeneemt en dat de groei in onze gemeente voornamelijk bestaat uit nieuwkomers op relatieve leeftijd – dit zijn met name mensen uit het Westen die verhuizen naar een vrijstaande woning in ons mooie buitengebied – waardoor de leeftijd verder omhooggestuwd wordt. Deze ontwikkeling zorgt voor een extra impuls in de vergrijzing en die is extra voelbaar in het buitengebied. In de regionale woondeal is er daarom afgesproken dat van alle nieuwbouw er in ieder geval 50% levensloopgeschikt worden gebouwd. Toch vraagt dubbele vergrijzing en een stagnerende woningmarkt om extra maatregelen. En, in het belang van een vitaal buitengebied zijn prémantelzorgwoning een uitkomst want er wordt zodoende geanticipeerd op een beginnende zorgbehoefte van oudere inwoners in Oost Gelre, vooruitlopend op een situatie van intensievere mantelzorg. In deze zin onderschrijft Oost Gelre de landelijke trend om preventieve mantelzorgwoningen mogelijk te maken en wil initiatieven met het raakvlak wonen en preventieve zorg waar mogelijk ondersteunen. Dat sluit ook aan bij het Wmo-beleid van de gemeente. In onze gemeente is het belangrijk dat onze inwoners op leeftijd zo lang mogelijk zelf aan het roer kunnen staan wanneer er zorg om de hoek komt kijken. Dit sluit ook aan bij de wens van ouderen. Het sluit daarnaast aan bij het landelijk beleid waarbij ook langdurige zorg steeds meer in de thuissituatie geleverd zal worden. Daarnaast moeten steeds minder mantelzorgers steeds meer zorgtaken op zich nemen. In een prémantelzorgwoning kunnen inwoners in een vertrouwde omgeving blijven wonen, door de eerste kleine zorgtaken in de familiaire sfeer te borgen. De nabijheid kan er voor zorgen dat mantelzorgers hun taken met minder belasting kunnen uitvoeren. Een goede zorggeschikte woonsituatie kan tot uitstel van een Wmo ondersteuning leiden. Vanuit dit oogpunt wordt er ook geanticipeerd op toekomstige zorgtaken die zullen toenemen met ouderdom om die in de eerste sociale cirkel onder te brengen. De drempel voor kinderen om hun ouders te ondersteunen in bepaalde zorgbehoeftes wordt hierdoor verlaagd. En, vervolgens te anticiperen op de toenemende zorgbehoefte van ouders die ontegenzeggelijk gepaard gaat met ouder worden. Daarnaast, in het kader van de woonvisie, wordt er vanuit de stagnerende woningmarkt doorstroming gestimuleerd binnen relationele sfeer. Denk hierbij aan ouders die overstappen in een preventieve mantelzorgwoning op eigen terrein om ruimte te bieden aan hun kinderen zodat zij zich kunnen settelen in het buitengebied – vaak met partner en jonge kinderen. Bovendien willen we als gemeente aantrekkelijk zijn voor starters die terugkeren naar Oost Gelre omdat ze toe zijn aan de volgende stap. Wanneer een woningsplitsing geen uitkomst is kan, met het oog op toekomstige zorg voor hun ouders, een prémantelzorgwoning wel uitkomst bieden. Zo kan een prémantelzorgwoning effectieve doorstroming stimuleren om zo starters de kans te geven in het buitengebied te settelen. Om dit beleid te faciliteren laten we het vaststellen van een mantelzorgverklaring achterwege. In het kader van de voorafgaande opgesomde argumenten hebben wij de afweging gemaakt dat het stimuleren en bemoedigen van toekomstige mantelzorg niet samengaat met het vastleggen van een mantelzorgverklaring en om dit te vervangen door een intentieverklaring. Een intentieverklaring is een instrument om een verkennend gesprek op gang te brengen tussen de initiatiefnemer en de gemeente. Bij dit gesprek zijn zowel collega’s vanuit het Sociaal team als vanuit team Ruimtelijke Ordening aangesloten. Voor onze organisatie heeft dit twee effecten: het voor Oost Gelre een manier om 1) beleid overstijgend te werken en 2) inzicht te genereren in de lokale woon- en zorgbehoefte. Bij het afstemmen van de intentieverklaring wordt er uitgebreid stilgestaan bij de impact die het verlenen van mantelzorg heeft op de onderlinge relaties. Bij premantelzorg wordt ervanuit gegaan dat de sociale omgeving de eerste zorgtaken opvangt, zowel van de oudere die de prémantelzorgwoning betrekt als het kind dat de huidige woning overneemt. Het doel van de intentieverklaring is om de mantelzorgtaken in kaart te brengen van en om bewustwording van deze (toekomstige) zorgtaken te stimuleren. Dit heeft als effect dat het inwoners aanmoedigt om na te denken over de verantwoordelijkheden die om de hoek komen kijken bij het verlenen mantelzorg. Het is de bedoeling een bewustwording te creëren zónder af te schrikken; het is immers goed om te weten waar men voor aan de lat staat zodat er met vertrouwen een keuze gemaakt kan worden. Het wakkert hierdoor emancipatie van inwoners aan door na te denken over het opvangen van de toekomstige zorgvraag en hier maatregelen voor te treffen. Ook werkt een intentieverklaring door als een stimulus om de sociale kant in kaart te brengen en onderlinge relaties te bevorderen. Hierdoor wordt er ook proactief gewerkt aan tegengaan van eenzaamheid onder ouderen. Kortom, het premantelzorgbeleid heeft zes effecten die binnen de kaders van het woning- en zorgtekort positieve ontwikkelingen bieden: 1) het zorgt ervoor dat ouderen op een voor hun bekende plek kunnen blijven wonen; 2) het genereert doorstroming van huizen binnen de relationele sfeer; 3) het anticipeert op de toekomstige zorgbehoefte en het zorgtekort van reeds verouderende samenleving; 4) het stimuleert sociale constructies en welzijn; 5) het stimuleert en versterkt onderlinge band om toekomstige zwaardere zorg binnen relationele sfeer op te vangen en 6) het zorgt ervoor dat mantelzorgtaken dichtbij huis uitgevoerd kunnen worden om overbelasting van de mantelzorger te voorkomen. Regeling Artikel1Definities In deze beleidsregels wordt verstaan onder: Bewoning van de prémantelzorgwoning: de situatie waarin wordt geanticipeerd op een te verwachten zorgbehoefte waarbij de intentie is om op termijn de woning te benutten ten behoeve van een mantelzorgsituatie waardoor wel wordt voldaan aan de criteria voor huisvesting in een vergunningsvrije mantelzorgwoning. Deze intentie moet blijken uit een ondertekende intentieverklaring. Hoofdwoning: bestaand gebouw waar permanente bewoning op grond van het omgevingsplan toegestaan is. Per hoofdwoning is maximaal 1 (pre)mantelzorgwoning toegestaan. Huishouden: een of meer personen die in vast verband samenleven (eventueel met hun kinderen) waarbij het samenleven wordt gekenmerkt door continuïteit en een sociale relatie. Huisvesting in de prémantelzorgwoning: huisvesting in een zelfstandige wooneenheid bij een hoofdwoning, van maximaal twee personen, van wie ten minste één persoon in de toekomst mantelzorg gaat ontvangen van een bewoner van de hoofdwoning. Intentieverklaring: schriftelijke verklaring van de bij een vergunning voor prémantelzorg betrokken partijen waarin de intentie wordt uitgesproken dat mantelzorg verleend wordt door potentiële mantelzorgers aan potentiële mantelzorgontvangers. Mantelzorg: is zorg en ondersteuning die mensen vrijwillig en onbetaald verlenen aan mensen met fysieke, verstandelijke of (sociaal)psychische beperkingen in hun familie, huishouden of anderszins sociale netwerk. Het gaat om gebruikelijke hulp, die in redelijkheid verder gaat dan mag verwacht orden van partners, ouders, kinderen of andere huisgenoten. Mantelzorger: een persoon met die mantelzorg verleent aan de mantelzorgontvanger. Mantelzorgontvanger: een persoon die mantelzorg ontvangt van de mantelzorger. Mantelzorgwoning: zelfstandige wooneenheid binnen de bestaande bebouwing of in een woonunit waar huisvesting in verband met mantelzorg plaatsvindt, die kan worden aangemerkt als een bijbehorend bouwwerk (bij de hoofdwoning) in de zin van Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht. Mantelzorgverklaring: een door het bevoegd gezag af te geven verklaring op basis van informatie vanuit gesprekken met de aanvrager eventueel aangevuld met medische informatie dat sprake is van een mantelzorgsituatie. De mantelzorgverklaring kan afgegeven worden als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: De inwoner, ongeacht de leeftijd, heeft langdurige beperkingen of deze beperkingen worden door een diagnose binnen afzienbare tijd verwacht. Vaak zal het gaan om een progressief verlopend ziektebeeld. De mantelzorg die geboden gaat worden moet mantelzorg zijn die in nabijheid gegeven dient te worden. Het gaat dan vaak om niet planbare zorg. Er is sprake van dagelijkse zorg wanneer mantelzorger regelmatig (dagelijks of bijna dagelijks) zorg verleent en zaken die nabijheid vragen. Nul-tredenwoning: wooneenheid die geschikt is voor mensen met lichte lichamelijke functiebeperkingen. Uitgangspunt is dat de basisfuncties (woonkamer, keuken, douche, wc en minimaal één slaapmogelijkheid) gelijkvloers en rolstoel toe- en doorgankelijk zijn. Permanente bebouwing: bebouwing waarbij geen sprake is van een (tijdelijke) woonunit. Prémantelzorgwoning: zelfstandige wooneenheid binnen de bestaande bebouwing of in een woonunit, waar tijdelijke huisvesting plaatsvindt, die kan worden aangemerkt als een bijbehorend bouwwerk (bij de hoofdwoning) in de zin van bijlage I bij artikel 1.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving. Sociale relatie: de band tussen twee of meer mensen op maatschappelijk (sociaal) gebied, zijnde een familieband in de eerste en de tweede graad. Hieronder wordt verstaan de band tussen; grootouders en kleinkinderen; ouders en kinderen; schoonouders, schoondochter en schoonzoon; (half)broers en/of (half)zussen. Woonunit: een demontabele of verplaatsbare woning welke niet op een ‘vaste’ fundering geplaatst wordt, tenzij deze in bestaande bebouwing gerealiseerd wordt. Zelfstandige wooneenheid (met een eigen huisnummer en voordeur): een woonruimte welke een eigen toegang heeft (eventueel via een centrale hal) en welke door één huishouden kan worden bewoond en beschikt over de wezenlijke voorzieningen zoals sanitair, kookgelegenheid en wasgelegenheid. Artikel2Werkingsgebied en werkingsduur 1.Deze beleidsregel is van toepassing op aanvragen om een omgevingsvergunning voor het afwijken van het omgevingsplan ten behoeve van prémantelzorgwoningen en reguliere mantelzorgwoningen, binnen de gehele gemeente Oost Gelre. 2.De beleidsregel geldt voor de duur van twee jaar, gerekend vanaf het moment van inwerkingtreding. Artikel3De vergunning Algemeen De realisatie van de (pré)mantelzorgwoning kan op verschillende planologische manieren plaatsvinden. Het kan vergunningsvrij zijn of er moet juist wel een omgevingsvergunning voor het afwijken van het omgevingsplan aangevraagd worden. Afhankelijk van de omstandigheden van het specifieke geval kan worden beoordeeld welke route moet worden bewandeld. Na afloop van de persoonsgebonden omgevingsvergunning (als bedoeld onder de onderdelen B, eerste lid en C, eerste lid van dit artikel) dient de (pré)mantelzorgwoning binnen 6 maanden verwijderd te worden indien deze als vrijstaande unit is gerealiseerd. Is voor de (pre)mantelzorgwoning gebruik gemaakt van bestaande bebouwing dient de bewoning gestaakt te worden en teruggebracht te worden naar de vorige functie. Het gestelde in het tweede lid is niet van toepassing indien binnen 6 maanden na afloop van de persoonsgebonden omgevingsvergunning (als bedoeld onder de onderdelen B, eerste lid en C, eerste lid van dit artikel) opnieuw een aanvraag is ingediend waar positief op wordt beschikt. Bij voortzetting van een prémantelzorgwoning als mantelzorgwoning dient eveneens een nieuwe persoonsgebonden vergunning aangevraagd te worden. Het bevoegd gezag zal daarbij beoordelen of het verzoek voldoet aan de geldende eisen voor mantelzorg. Prémantelzorg De omgevingsvergunning voor een prémantelzorgwoning wordt in de vorm van een persoonsgebonden beschikking op naam van de (potentiële) mantelzorgontvangers verleend. Deze vergunning geldt voor de duur van 10 jaar na verlening. De vergunning voor een prémantelzorgwoning vervalt eerder dan de termijn in het eerste lid in het geval; alle bewoner (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.