Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Den Helder, houdende een koersdocument retail (Koersdocument retail Den Helder 2023)Koersdocument retail Den Helder 2023 Inhoudsopgave Voorwoord wethouder ........................................................... 3
- Inleiding ....................................................................................... 4
- Context detailhandel Den Helder .............................................................6
- Huidig beleid .................................................................................7
- Trends en ontwikkelingen ........................................................................10
- Koers voor retail in gemeente Den Helder ...........................................................11 Bijlage 1: Beleidslijn supermarkten Den Helder Bijlage 2: Retailbeleid gemeente Den Helder stand van zaken en actualiteit 2021 Voorwoord wethouder Voor u ligt het koersdocument retail. Een binnenstad of centrumgebied is alleen aantrekkelijk als het verblijf tot een belevenis kan worden gemaakt. Dit staat in alle studies en richtinggevende beleidstukken met betrekking tot retail. De werkelijkheid is echter weerbarstig. Het veranderende koopgedrag van de consument heeft veel onzeker gemaakt. “Den Helder” had in de doelstellingen voor de bestuursperiode 2018 -2022 staan dat een nieuwe detailhandelsnota moest worden opgesteld. Het proces daartoe is verstoord met name door de coronamaatregelen. Toen de draad weer opgepakt werd, bleek dat een aanscherping en samenvoeging van bestaand beleid eigenlijk voldoende was. In het koersdocument retail worden de belangrijkste bestaande beleidsstukken beschreven. Vanuit deze beleidsstukken wordt een koers voor de retail in Den Helder gegeven. Als gezegd betreft het hier geen nieuw beleid maar een bestendiging van het bestaande beleid. Eind 2025 willen we het beleid opnieuw tegen het licht houden. Hierbij wordt dan ook nadrukkelijk rekening gehouden met de ontwikkeling van nieuw regionaal retailbeleid. Het huidige regionale beleid loopt tot en met
- Daarnaast kan er ook rekening worden gehouden met de zich snel opvolgende ontwikkelingen in het retail landschap. Het doel blijft om de binnenstad van Den Helder en de perifere winkelgebieden elk op hun eigen wijze een “belevenis” te maken om er te zijn. Michiel Wouters, wethouder detailhandel en horeca 1.Inleiding In dit hoofdstuk beschrijven we de aanleiding en de achtergrond van het ontstaan van dit koersdocument. Daarnaast wordt ingegaan op de relatie met de andere stukken op het gebied van retail namelijk de horecavisie en de beleidslijn supermarkten. 1.1Aanleiding Het huidige detailhandelsbeleid van de gemeente Den Helder dateert in de basis van
- In 2011 is er een evaluatie geweest van het beleid en is er een aantal kleine aanpassingen gedaan. In 2021 heeft de gemeente Den Helder een inventarisatie laten maken van het huidige beleid op het gebied van retail (met inbegrip van detailhandel). Uit deze inventarisatie bleek dat met name op het gebied van horeca er gebrek is aan beleid. Om hieraan tegemoet te komen is er een horecavisie opgesteld. Ook een uitgewerkte beleidslijn voor de supermarkten ontbrak. Deze beleidslijn is inmiddels ook opgesteld en maakt als bijlage onderdeel uit van dit koersdocument. Als laatste bleek uit de inventarisatie dat het huidige detailhandelsbeleid van de gemeente Den Helder verouderd is met dien verstande dat de oorspronkelijke beleid nog steeds functioneert en op hoofdlijnen nog steeds van toepassing is. De keuze die ten aanzien van het detailhandelsbeleid voorlag was het opstellen van volledig nieuw beleid, of het in stand houden van de uitgangspunten van het bestaande beleid en dit updaten met nieuwe ontwikkelingen. Er is gekozen voor dit laatste. 1.2Achtergrond Alle commerciële publieksvoorzieningen samen heten ook wel retail. Denk aan detailhandel, horeca, vrijetijdsvoorzieningen en dienstverlening. Deze sector, die van nature al erg dynamisch is, bevindt zich momenteel in turbulente tijden. Online winkelen neemt al jaren toe, waardoor de uitgaven in de fysieke winkels afnemen, met een afnemende vraag aan winkels tot gevolg. Ook reisbureaus, uitzendbureaus en bankkantoren die ooit in groten getale in de winkelstraat te vinden waren zijn grotendeels overgenomen door de online varianten. Tegelijkertijd stijgen al jaren de uitgaven aan horeca en vrijetijdsvoorzieningen. In deze sector neemt het aanbod en de diversiteit juist toe. Omdat Den Helder al vanaf de tweede helft van de jaren tachtig met een bevolkingsafname te maken had, was de gemeente al vroeg voorbereid op een afnemende behoefte aan winkels. Den Helder liep voorop in Nederland met de aanpak van de binnenstad. Toen in andere gemeenten de focus nog lag op groei, werd in Den Helder al ingezet op een compactere en meer aantrekkelijke binnenstad. Het afgelopen decennium is hier veel in geïnvesteerd, zoals de herinrichting van de Beatrixstraat, ontwikkeling Halte Bellevue en de transformatie van de Koningstraat naar wonen. Ook in de andere clusters, zoals de wijkwinkelcentra, dorpscentrum van Julianadorp (De Riepel) en op Willemsoord is ingezet op versterking van het aanbod en de aantrekkelijkheid. De detailhandelsvisie van de gemeente Den Helder, daterend uit 2007 en aangevuld in 2011, is verouderd. Eerder is er al sprake geweest van actualisatie van het beleid maar is dit door uiteenlopende redenen niet gebeurd. Zoals eerder aangegeven is er eerst een inventarisatie gemaakt van wat er nodig is voor Den Helder. In onderstaande figuur is samengevat welke zaken binnen het bestaande beleid op orde zijn en waar er nog verbeteringen of aanvullingen nodig zijn: Bron: Sweco/BSP Van de bovenstaande punten waar onvoldoende houvast op is ligt de hoogste urgentie/ vraag op het gebied van horeca. Daarom is er gekozen deze op te pakken in een horecavisie. De andere punten zijn op dit moment minder urgent maar vraagt wel continue monitoring. Los van wat er op onderdelen ontbreekt was er ook behoefte aan meer overzicht. Met de analyse van het retailbeleid in het document 'Retailbeleid gemeente Den Helder - stand van zaken en actualiteit' is dit overzicht grotendeels gecreëerd. Door het doorvertalen van deze lijn in een integraal, samenhangend beleidsdocument worden alle lijnen in de verschillende documenten samengevoegd en ontstaat er voor iedereen een duidelijke en overzichtelijke visie. Dit zorgt voor de gewenste inzichtelijkheid en voorkomt verwarring. Daarbij wordt in deze visie de koers voor de komende jaren worden opgenomen. Niet alle functies en opgaven hoeven overigens een nieuwe beleidslijn te krijgen. Deels gaat het om het overnemen van bestaande beleidslijnen, deels gaat het om aanscherpingen. In dit koersdocument gaan we met name in op de reguliere detailhandel. De regels voor supermarkten worden vastgelegd in de nadere onderbouwing voor de beleidslijn supermarkten die als bijlage bij dit koersdocument is opgenomen. De richting voor de horeca in Den Helder wordt vastgelegd in de Horecavisie. Doel van dit koersdocument is het bestendigen van de ingezette lijn. 1.3Leeswijzer Dit koersdocument bestaat uit 5 hoofdstukken. In het eerste hoofdstuk is beschreven waarom dit koersdocument is opgesteld. In het tweede hoofdstuk wordt ingegaan op de context van de detailhandel in de Den Helder. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het bestaande beleid op verschillende niveaus. Het vierde hoofdstuk beschrijft een aantal trends en ontwikkelingen in de detailhandel. In hoofdstuk 5 wordt tenslotte de koers beschreven ten aanzien van detailhandel voor de komende jaren. 2.Context detailhandel Den Helder De structuur voor de Kop van Noord-Holland is vastgelegd in de regionale retailvisie
(2018). In deze visie worden de verschillende gebieden binnen de regio geduid. Deze verdeling hangt weer nauw samen met het provinciale detailhandelsbeleid. In hoofdstuk 3 wordt verder ingegaan op de inhoud van de verschillende beleidsstukken. 2.1Huidige structuur Figuur 1: Detailhandelstructuur Kop van Noord-Holland, bron: Regionale retailvisie kop van Noord-Holland, bewerking gemeente Den Helder Er zijn in de gemeente Den Helder en de regio verschillende winkelgebieden met elk hun eigen functie binnen de detailhandelsstructuur. In bovenstaande figuur geeft aan welke rol de verschillende gebieden hebben binnen de regionale retailvisie. Deze verdeling geeft ook aan welk type bewinkeling is te vinden in de verschillende gebieden. We kennen boodschappencentra in de lokale centra vooral gericht op cluster dagelijks. We kennen de regionale centra met meer niet-dagelijks (kleding), en het grootschalig PDV cluster met meubels, doe het zelf en andere grootschalige branches op het Ravelijncenter. Deze gebieden zijn voor de gemeente Den Helder in onderstaande kaart opgenomen. Per gebied is in de verschillende bestemmingsplannen het juridisch kader opgenomen. Voor de supermarkten is daarnaast specifiek een paraplu bestemmingsplan vastgesteld. Figuur 2: Detailhandelsstructuur gemeente Den Helder, bron Jutten in Den Helder/BSP 2.2Leegstand Den Helder In Den Helder staan op dit moment (Locatus Q1, 2023) in totaal 60 commerciële panden leeg met een totaal oppervlak van 13.050 m². Het overgrote deel hiervan bevindt zich in de binnenstad van Den Helder (circa 75%). Ook in winkelcentrum Marsdiepstraat staan 6 panden leeg. Het leegstandspercentage van het aantal verkooppunten in de gemeente is iets hoger dan het Nederlands gemiddelde. Het leegstandspercentage in m² wvo is met 8,7% relatief hoog ten opzichte van het Nederlands gemiddelde (5,4%). Dit is deels te verklaren door de transformatie naar wonen die in de binnenstad plaatsvindt, in combinatie met verbetering van het winkelaanbod en de uitstraling. 2.3Conclusie Voor de regio en de gemeente is duidelijk waar de winkelgebieden zich bevinden. Daarnaast is duidelijk welke rol de gebieden spelen binnen de huidige regionale en lokale detailhandelsstructuur. Er is op dit moment geen aanleiding om aan deze structuur te tornen. Gezien de leegstand blijft het wel zaak om kritisch te monitoren of de begrenzing van de gebieden nog de juiste is. 3.Huidig beleid In de analyse van Bureau Stedelijke Planning (Bijlage 2) is het relevante detailhandelsbeleid voor de gemeente Den Helder samengevat. Op zowel provinciaal, regionaal als gemeentelijk niveau zijn er voor Den Helder kaders vastgesteld die duidelijkheid moeten geven voor de toekomstrichting van de retailsector in Den Helder. Voor detailhandel in het algemeen geldt dat er veel is vastgelegd, en dat er zeker voor de binnenstad uitgebreide uitwerkingen zijn. Zo is duidelijk uitgewerkt waar het clusteren van het aanbod in de binnenstad plaats moet vinden en waar transformatie naar wonen gewenst is. Ook voor de twee warenmarkten is veel in beleid en kaders vastgelegd. Ook is duidelijk dat buiten de detailhandelsstructuur geen supermarkten gewenst zijn en is in 2023 een parapluplan supermarkten door de gemeenteraad vastgesteld die uitbreiding en nieuwvestiging van supermarkten buiten de winkelgebieden voorkomt. Het doel van compacte en aantrekkelijke clusters komt duidelijk in de beleidsdocumenten van Den Helder aan de orde. In dit hoofdstuk wordt kort de kern van het bestaande beleid weergegeven. 3.1Beleidskaders Provincie en regio We kennen verschillende beleidskaders voor de detailhandel; op provinciaal, regionaal en lokaal niveau. Beleid op een hoger schaalniveau staat daarbij ‘boven’ het lokale beleid, aangezien lokaal beleid moet passen binnen de provinciale en regionale beleidskaders. In de praktijk betekent dit dat we bij aanvragen die detailhandel betreffen we: eerst kijken of dit in het bestemmingsplan past; Mocht dit niet het geval zijn, kijken we of de ontwikkeling past in het regionale beleid; Daarna bekijken we of de ontwikkeling past in het lokale beleid: dit kan beperkender zijn dan het regionale beleid, maar in principe niet ruimer. 3.1.1Provinciaal beleid Het Provinciale beleid (Noord-Holland detailhandelsbeleid 2015-2020) is vastgesteld in 2014 (en met doorloop t/m 2020, dus niet meer vigerend, maar nog wel meest actuele) met als focus het bieden van ruimte aan de verdere ontwikkelingen van detailhandel om zodoende een vitale, kwalitatieve en concurrerende structuur te realiseren. Een detailhandelsstructuur die uitgaat van duurzaam ruimtegebruik, bijdraagt aan een vitale regionale economie en aan een aantrekkelijke woon- en leefomgeving zijn doelstellingen die hierbij worden gehanteerd. 3.1.2Regionale Retailvisie Kop Van Noord-Holland 2018 De regionale Retailvisie geeft aan wat de gewenste detailhandelsstructuur in de Kop van Noord Holland is (zie figuur 1). In de visie is beschreven waar de verschillende winkelgebieden zich in onderscheiden en hoe er tegen bepaalde ontwikkelingen wordt aangekeken. Het beleid is gericht op clustering van retail binnen de aangewezen gebieden van de gewenste retailstructuur. De focus in de visie ligt op het inspelen op de veranderende behoeften van de consument, ondernemerschap en samenwerking. Het centrale uitgangspunt is het creëren van een optimaal verblijfsklimaat. Op lokaal niveau wordt dit nader uitgewerkt (middels actieplannen en concrete verzoeken) en/of vormgegeven. Vanuit het bedienen van de consument zijn de belangrijkste aandachtspunten voor de gebieden: de basis op orde (schoon, heel en veilig); compact, compleet en comfortabel; kwaliteit boven kwantiteit; concentratie van het aanbod; aankleding openbare ruimte gericht op beleving consument; samenwerken als speerpunt voor de stakeholders 3.2Huidige beleid gemeente Den Helder 3.2.1Kadernota detailhandel 2007 Deze strategische visie is vastgesteld door de Raad in mei 2007 en focust zich op de gebieden Stadshart, Willemsoord en Haven waarbij de binnenstad van Den Helder wordt gezien als het centrummilieu waar het gehele spectrum van het koopgedrag actief is. De ambitie is het transformeren van het centrum van Den Helder tot een compacter centrumgebied met aanbod van verschillende winkels, horeca, dienstverlening, leisure en evenementen. Het beleid is daarom hoofdzakelijk gericht op de kwaliteitsverbetering en positieversterking van de binnenstad en ondergeschikt op de ondersteunende winkelgebieden. 3.2.2Nieuwe tijden, nieuwe kansen 2011, evaluatie kadernota detailhandel 2007 In dit stuk wordt de Kadernota Detailhandel 2007 door de gemeente Den Helder geëvalueerd met als belangrijkste ontwikkelingen de toegenomen kwaliteit van buurt- en wijkvoorzieningen, toeristisch beleid dat is opgezet en het centrummanagement draagt de verantwoordelijkheid voor de praktische invulling. De invoering van een nieuw regionaal kader heeft tot gevolg gehad dat de functie van de winkelplanningscommissie is komen te vervallen en de Regionale Advies Commissie (RAC) is ingesteld als om te adviseren over initiatieven groter dan 1.500m2 . Verder is het Retailplatform opgeheven en is deze functie vervangen door de ondernemers zelf opgerichte Federatie van Detailhandelsverenigingen Den Helder (momenteel is dit de DFD Detailhandelsfederatie Den Helder). 3.2.3Beleidsnotitie internetwinkels en ondergeschikte detailhandel In mei 2020 zijn alle regels rondom detailhandel, standplaatsen, markt en beroep aan huis opnieuw bekeken. In 2018 is de Regionale retailvisie Kop van Noord-Holland vastgesteld. Samen met de opgedane ervaringen van de laatste jaren was dit aanleiding om de uitgangspunten opnieuw tegen het licht te houden. Daartoe zijn een aantal wijzigingen in het nieuwe beleid doorgevoerd Verbod op afhaalpunten bij internetwinkels op de bedrijventerreinen en de toevoeging van het verbod van pick-up-points op de bedrijventerreinen. Binnen de huidige beleidsnotitie wordt er ruimte geboden aan ondergeschikte detailhandel in industriegebieden, zolang deze maar ondergeschikt is aan de hoofdfunctie. Daarbij wordt het volgende onderscheid gemaakt: Productie gebonden detailhandel: maximaal 5% van het bruto vloeroppervlak (bvo) met een maximum van 50 m² mag worden gebruikt als showroom. Deze detailhandel dient plaats te vinden in een afgeschermde ruimte en de overige ruimten mogen niet toegankelijk zijn voor de consument. De jaaromzet uit de detailhandel mag maximaal 5% bedragen. Daarnaast moeten de verkochte goederen in directe relatie staan met de aanwezige bedrijfsvoering. Detailhandel ondergeschikt aan nevenactiviteit van groothandel: hierbij mag maximaal 1x per jaar een verkoopdag worden gehouden voor de verkoop van restanten van de groothandel. 3.3Omgevingsvisie In de omgevingsvisie (vastgesteld d.d. 18-09-2023) wordt aansluitend op het al bestaande beleid ingegaan op de detailhandelstructuur van Den Helder. Den Helder kent een aantal duidelijke centra, waar detailhandel en voorzieningen zich concentreren. Hier kiezen we bewust voor, om op deze centrale locaties een sterk voorzieningenniveau te realiseren en te behouden. We werken aan het versterken van de kwaliteit en het optimaal gebruik van deze centrumlocaties. Het Stadshart van Den Helder vervult een centrumfunctie qua voorzieningen voor de gemeente en de regio. Willemsoord is hieraan complementair met voorzieningen op het gebied van cultuur en (nacht)horeca. Gezamenlijk vormt dit één samenhangend centrumgebied. Julianadorp heeft een eigen dorpshart en –voorzieningen in de vorm van het Loopuytpark en winkelcentrum de Riepel. De bestaande samenhang tussen beiden willen we verder versterken. In Huisduinen is geen sprake van een winkelcentrum, maar fungeert het Dorpsplein als centrumgebied voor het dorp qua kleinschalige voorzieningen. De wijkcentra in Nieuw Den Helder, De Schooten en Julianadorp-Zuid zijn ondersteunende winkelgebieden en vooral gericht op dagelijkse boodschappen. Grootschalige, volumineuze detailhandel wordt geconcentreerd op het Ravelijncentrum, dat hiermee een specifieke regionale functie vervult. 3.4Conclusie Wanneer we kijken naar het bestaande beleid richt zich dit zowel op provinciaal, regionaal en lokaal niveau op compacte en leefbare winkelgebieden. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de centra en de andere gebieden zoals wijkwinkelcentra en PDV locaties. Dit is ook door vertaald in de omgevingsvisie. Gezien de ontwikkelingen vanaf 2007 is het niet wenselijk om de uitgangspunten uit het staande beleid op de verschillende niveaus los te laten. Dit betekent effectief dat we de komende periode de ingeslagen weg vasthouden. Dit is ook in lijn met hetgeen in de Europese Dienstenrichtlijn (zie kader) wordt gesteld ten aanzien van consistent beleid. Essentie van de Europese diensten richtlijn In het vigerende beleid, bestemmingsplannen en lopende visies gelden regelmatig oppervlakte- of brancheringsbeperkingen. Deze branchering van met name detailhandel is in de toekomst lastiger te handhaven gezien de relevantie van de Europese dienstenrichtlijn. De dienstenrichtlijn vereist bij brancheringsregels in vigerend beleid de volgende 3 voorwaarden: Discriminatieverbod: de eisen maken geen direct of indirect onderscheid naar nationaliteit of, voor vennootschappen, de plaats van hun statutaire zetel; Noodzakelijkheid: de eisen zijn gerechtvaardigd om een dwingende reden van algemeen belang; Evenredigheid: de eisen moeten geschikt zijn om het nagestreefde doel te bereiken; zij gaan niet verder dan nodig is om dat doel te bereiken en dat doel kan niet met andere, minder beperkende maatregelen worden bereikt. Consistent beleid essentieel inzake dienstenrichtlijn Door de Europese Dienstenrichtlijn is de bewijslast omgedraaid. Gemeenten moeten nu zelf beargumenteren waarom beperkingen van bijvoorbeeld sommige branches bijdragen aan gesteld beleid. Essentieel daarin is dat er sprake is van consistent beleid. Dit wil zeggen dat de gemeente al een langere tijd een gelijke koers inzet met het zelfde beleidsdoel (bijvoorbeeld: een vitale en aantrekkelijke binnenstad met minder leegstand). 4.Trends en ontwikkelingen In dit hoofdstuk worden kort een aantal trends en ontwikkelingen geschetst in de retail. De afgelopen maanden laten zien dat er continue veranderingen zijn in het landschap. Zo zijn er weer verschillende ketens failliet gegaan en lopen de faillissementen ook in de detailhandel en de horeca langzamerhand op. 4.1Trends en ontwikkelingen Food wint aan belang Waar de niet-dagelijkse detailhandel door generieke ontwikkelingen onder druk staat, drukt de foodsector juist een steeds grotere stempel op winkelgebieden in de grote stad. De merendeels jonge en hoogopgeleide bevolking met grootstedelijke levensstijl identificeert zich sterk met zijn eetgedrag. Steeds meer is food ook belangrijker buiten de grote steden. Van place to buy naar place to be Consumenten hebben steeds hogere verwachtingen bij het bezoek van een (binnen)stad, het verblijf in een stad moet een beleving zijn. Steeds meer koopkracht vloeit af naar grotere en meer onderscheidende steden en winkelgebieden. Het Place To Be-gehalte wordt o.a. bepaald door onderscheidende horeca, evenementen en een divers winkelaanbod. Vers speciaalzaken onder druk Supermarkten worden steeds belangrijker in de distributie van levensmiddelen. Ruim 85% van de bestedingen in levensmiddelen wordt gedaan in de supermarkt. Supermarkten besteden daarnaast steeds meer aandacht aan hun versafdelingen. Het gevolg: versspeciaalzaken staan al jarenlang onder druk. Schaalvergroting Minder, maar grotere supermarkten. Naar de huidige maatstaven zijn fullservice supermarkten van minder dan 1.200 m² wvo te klein en hebben een te weinig gedifferentieerd aanbod om aantrekkelijk te blijven voor de consument. Er is sprake van enerzijds uitval aan de onderkant (de kleine reguliere, buurt- en dorpsverzorgende supermarkten) en anderzijds opwaardering aan de bovenkant (vergroting/relocatie). Sluitingen en faillissementen zetten centra onder druk Het detailhandelslandschap verandert. Met name de niet dagelijkse detailhandel staat onder druk. Verschillende formules sluiten (veel van hun) vestigingen. Anderen gaan failliet. De meeste klappen vallen in het middensegment. Grote impact e-commerce Het aandeel online aankopen groeit, nu ook voor de dagelijkse sector. Corona heeft deze trend nog eens versneld. Door deze ontwikkeling neemt de behoefte aan fysieke winkels af en zullen met name de ketenbedrijven kritisch zijn in welke plaats zij wel en niet willen zitten. Vernieuwing en blurring Horeca maakt meer en meer een onderdeel uit van andere sectoren. Bijvoorbeeld de boekhandel die ook koffie schenkt en een kledingwinkel met café. Anderzijds is er ook binnen de sector sprake van verandering. Horecagelegenheden veranderen hun concept bijvoorbeeld naar tijdstip (mits passend binnen Drank- en Horecawetgeving). Ambachtelijke diensten groeien De ambachtelijke dienstverleners groeien in aantallen en in types. O.a. de kappers, schoonheidssalons en kledingmakers doen het relatief goed. Ze variëren steeds meer in concept en richten zich op een bepaalde doelgroep. Doordat er sprake is van een ambacht ondervindt de sector geen negatieve invloed van internet. Financiële en particuliere diensten verdwijnen uit straatbeeld De verwachting is dat deze trend zich zal doorzetten. Daarbij geldt wel dat er, door mogelijke sluitingen als de financiële en particuliere dienstverleners (o.a. reisbureaus, banken) zich steeds meer naar het internet. De fysieke punten worden gesloten en veelal beperkt door een per plaats. 4.2Conclusie De bovenstaande trends en ontwikkelingen laten zien dat er voortdurende druk is op de winkelgebieden. Dit geeft geen aanleiding om de bestaande koers los te laten. Dat betekent effectief het blijven inzetten op compacte winkelgebieden en voorzichtig omgaan met uitbreidingsvragen. 5.Koers voor retail in gemeente Den Helder 5.1Uitgangspunt In dit koersdocument bouwen we voort op de beleidsuitgangspunten zoals deze in het ‘oude’ detailhandelsbeleid zijn vastgelegd en de recent vastgestelde omgevingsvisie Den Helder. Dit betekent dat we geen fundamenteel nieuwe zaken toevoegen aan de eerdere uitgangspunten. Wel zetten we de bestaande lijn duidelijk neer in een aantal basisuitgangspunten. 5.2Koers Zoals eerder in dit stuk beschreven wordt er geen nieuwe visie vastgelegd maar is het koersdocument een voortzetting van het beleid dat in 2007 is vastgesteld. Dit aangevuld met een uitgewerkte beleidslijn voor supermarkten als bijlage bij dit koersdocument en een horecavisie. Deze producten gezamenlijk vormen het retailbeleid van de gemeente Den Helder. Dit is ook de reden dat deze stukken gelijktijdig aan de raad zijn aangeboden. We kunnen concluderend stellen dat er in de gemeente Den Helder sprake is van voldoende aanbod aan winkels, en met name in de binnenstad zelfs sprake is van een overaanbod. Dit leidt al jaren tot problemen qua winkelleegstand die op een niveau boven het landelijk gemiddelde ligt. Op allerlei manieren proberen we te sturen op een compacte en levendige binnenstad en buurtwinkelcentra en leegstand terug te dringen. Zo werken we, samen met Zeestad en de Woningstichting Den Helder, in de binnenstad aan projecten waar winkels plaatsmaken voor wonen. We proberen, samen met eigenaren, de uitstraling van de winkelcentra te verbeteren. Los daarvan blijft de doorzettende krimp in de detailhandel een uitdaging, niet alleen in Den Helder maar heel Nederland. Daarom is blijvende inzet nodig om de leegstand (die niet wordt veroorzaakt door herontwikkeling of transformatie), terug te dringen en vast te houden aan ons bestaande beleid. Het bestaande beleid op de verschillende niveaus kunnen we vertalen we in een aantal belangrijke uitgangspunten. De uit het bestaande beleid gedistilleerde uitgangspunten zijn: Begrenzing winkelgebieden vasthouden; Voor de gemeente Den Helder is de begrenzing van de centrumgebieden reeds bepaald. Wij pleiten ervoor om deze begrenzing periodiek tegen het licht te houden en waar nodig te actualiseren. Alleen binnen de al vastgelegde begrenzing is vestiging en uitbreiding van detailhandel toegestaan. Buiten de begrenzing van de winkelgebieden is alleen de reeds aanwezige detailhandel toegestaan. Als een winkel sluit of hier vertrekt en niet wordt ingevuld heeft het de voorkeur de functie detailhandel te saneren. Uitbreiding van detailhandel buiten bestaande winkelgebieden niet toestaan; Gezien het relatief grote aanbod en de wens om de centrumgebieden zo sterk mogelijk te houden is het noodzakelijk om buiten de begrenzing van de huidige winkelgebieden geen verdere uitbreiding van detailhandel toe te staan. Waar op dit moment winkels gevestigd zijn kunnen ze uiteraard gevestigd blijven, maar het toevoegen van detailhandelsmeters op niet-gewenste locaties dient tegengegaan te worden. Terugdringen overaanbod; verder werken aan compacte winkelgebieden; In de gemeente is sprake van een fors aanbod aan winkelmeters. Om die reden is het niet gewenst dat er zonder onderbouwing kwantitatieve toevoegingen (van vierkante meters wvo) plaatsvinden, tenzij er sprake is van een duidelijke versterking van het aanbod en de winkelstructuur. In sommige plannen is wel sprake van toevoeging van meters. In die gevallen is er echter ook sprake van een versterking van het aanbod en/of van de winkelstructuur. Het is gewenst en noodzakelijk om zoveel mogelijk het aantal meters terug te dringen, zodat de leegstand op een acceptabel niveau blijft. Concentratie overige centrumvoorzieningen in huidige winkelgebieden; optimalisatie van leefbaarheid. Voor de bestaande winkelgebieden is het belangrijk dat de nadruk op de kwaliteit van het winkelgebied wordt gelegd, en niet op kwantiteit. Het winkelaanbod kan wel worden ondersteund met andere centrumfuncties. Dit zal de leefbaarheid en de toekomstbestendigheid ten goede komen. Andere centrumfuncties die consument c.q. bezoeker georiënteerd zijn kunnen de positie van een centrum versterken. Het aantrekkelijk houden van centra met overige centrumfuncties, zoals een bibliotheek, een buurtcentrum, of een medisch centrum biedt ondersteuning aan de ondernemers met een detailhandelszaak. In de nieuwe horecavisie van Den Helder wordt ook de aansluiting gezocht bij de bestaande centrumgebieden. Hierbij geldt ook dat solitaire vestiging geen voorkeur geniet. Handhaving versterken; Wanneer regels worden vastgesteld is het belangrijk om deze op de juiste wijze en zo snel mogelijk te handhaven. Op het moment dat een winkel zich op een (illegale en niet gewenste) plek buiten het aangewezen centrumgebied gaat vestigen is snelle actie gewenst. Hier gaat een signaalfunctie vanuit naar alle andere potentiële ondernemers. Bovendien ondersteunt het de aanwezige ondernemers met betrekking tot het creëren van een sterk compact centrum. Bovendien voorkomt het handhaven van de regels dat er op den duur sprake is van precedentwerking. Supermarkten concentreren; Supermarkten zien we als belangrijke economische dragers voor de winkelgebieden. Daarom willen we deze gevestigd zien in de aangewezen winkelgebieden en niet daarbuiten. Dit is vastgelegd in het paraplubestemmingsplan supermarkten. Waar nodig is schaalvergroting voor kwalitatieve verbetering van het aanbod toegestaan onder voorwaarden. Voor het huidige solitaire aanbod geldt dat de huidige rechten behouden blijven maar dat uitbreiding of verplaatsing buiten de winkelgebieden niet is toegestaan. Een nadere onderbouwing van deze lijn is opgenomen in de beleidslijn supermarkten (bijlage 1). Kernwinkelgebied geen wonen op de begane grond; Om goed functionerende winkelgebieden te behouden is wonen op de begane grond in het kernwinkelgebied niet toegestaan. Wonen op de etage is wel toegestaan. 5.3Afsluitend Het koersdocument retail dient als bestendiging van het eerder ingezette retailbeleid. De functie van het document is de uitgangspunten van het beleid nog eens duidelijk neer te zetten. Dit betekent dat het koersdocument geen nieuw beleid is en het oude beleid van kracht blijft. Dit geldt ook voor de als bijlage toegevoegde beleidslijn supermarkten. In de beleidslijn wordt het gevoerde beleid nader onderbouwd, aangevuld met een afwegingskader voor nieuwe plannen Gezien de snelle ontwikkelingen die op dit moment gaande zijn in het detailhandelslandschap is het verstandig om in de tweede helft van 2025 nogmaals te evalueren of het beleid nog voldoet. Hierbij kan dan ook aangesloten worden bij de actualisatie van de regionale retailvisie (de huidige retailvisie heeft een looptijd tot eind 2024.) Bij het opstellen van mogelijk nieuw beleid kunnen de huidige ontwikkelingen worden meegenomen en kan worden ingespeeld op het nieuwe regionale beleid. Bijlage1:Beleidslijn supermarkten Den Helder SWECO Nederland B.V. De Holle Bilt 22 Business unit Stedelijke Planning 3732 HM De Bilt www.sweco.nl Handelsregister 30129769 Onderwerp Beleidslijn supermarkten Den Helder Projectnummer 51015922 In opdracht van Gemeente Den Helder Datum 9 november 2023 Projectteam Aart Jan van Duren, Ellen Scholten & Floor Planken Voor meer informatie Ellen Scholten ellen.scholten@sweco.nl +31 6 82912347 Versie Definitief Inhoudsopgave Inleiding ……………………….. 4 Aanleiding ……………………….. 4 Vragen en doel ………………………… 4 Opbouw van het rapport ……………………….. 4 A. Beleidslijn supermarkten 5 1 Beleidslijn supermarkten Den Helder 6 1.1 Definitie supermarkt 6 1.2 De situatie in Den Helder, kiezen noodzakelijk én ruimte voor kwalitatieve versterking 6 1.3 De gewenste supermarktstructuur: supermarkten binnen de reguliere winkelstructuur 7 1.4 Omgang met supermarktinitiatieven 8 B. Context en analyses 11 2 Contextanalyse: Het supermarktaanbod in Den Helder in perspectief 12 2.1 Trends en ontwikkelingen in het supermarktlandschap 12 2.2 Detailhandels- en supermarktstructuur Den Helder 13 2.3 Bestaande beleidskaders Den Helder 15 2.4 Functioneren supermarktaanbod Den Helder 16 3 Toepassing Dienstenrichtlijn in Den Helder 20 3.1 Essentie dienstenrichtlijn 20 3.2 Casus Den Helder 20 3.3 Noodzakelijkheid: nagestreefde doelen 21 3.4 Evenredigheid: is maatregel geschikt 23 3.5 Evenredigheid: is maatregel minst beperkend? 26 C. Bijlagen 29 Bijlage 1: Overzicht beleidsstukken 30 Bijlage 2: Distributieve analyse 31 Bijlage 3: Begrippenlijst 32 Inleiding Aanleiding Omdat Den Helder al vanaf de tweede helft van de jaren tachtig met een bevolkingsafname te maken heeft, was de gemeente al vroeg voorbereid op een afnemende behoefte aan winkels. Den Helder liep in de aanpak van de binnenstad voorop in Nederland. Toen in andere gemeenten de focus nog lag op groei, werd in Den Helder al ingezet op een compactere en meer aantrekkelijke binnenstad. Het afgelopen decennium is hier veel in geïnvesteerd, zoals de herinrichting van de Beatrixstraat, de ontwikkeling van Halte Bellevue en de transformatie van de Koningstraat naar wonen. Ook in de andere clusters, zoals de wijkwinkelcentra, het dorpscentrum van Julianadorp (waaronder De Riepel) en op Willemsoord, is ingezet op versterking van de aantrekkelijkheid, zowel van het winkelaanbod als van de fysieke omgeving. Hoe op deze en andere (deels nu nog onbekende) ontwikkelingen kan worden ingespeeld is vastgelegd in beleidsdocumenten, verordeningen en/of bestemmingsplannen. Deze documenten bieden kaders voor de ontwikkeling van een sector of van een gebied, zelfs tot op perceelsniveau (het bestemmingsplan). De lokale detailhandelsvisie van de gemeente Den Helder, daterend uit 2007 en aangevuld in 2011, is echter verouderd. Er was een roep om nieuw detailhandelsbeleid te ontwikkelen. De gemeente koos om in 2021 geen nieuwe retailvisie op te stellen, maar een overzicht op te laten stellen van het lokale retailbeleid zoals dat in verschillende beleidsdocumenten en actieplannen is opgenomen. Bureau Stedelijke Planning, nu Business Unit Stedelijke Planning binnen Sweco, voerde in 2021 deze beleidsanalyse uit en vatte dit samen. Een van de conclusies was dat een advies over hoe om te gaan met supermarkten binnen de winkelgebieden wenselijk is. Deze voorliggende beleidslijn omvat dit advies. Vragen en doel Supermarkten proberen hun positie te versterken, enerzijds door bestaande vestigingen uit te breiden, anderzijds door hun wens nieuwe winkels te openen, zowel binnen de winkelgebieden als daarbuiten. Sinds het detailhandelsbeleid uit 2007 hebben veel supermarkten binnen de gemeente Den Helder een schaalsprong gemaakt. Ook nu zijn er supermarkten met optimalisatiewensen. Het paraplubestemmingsplan supermarkten is weliswaar actueel, maar geeft niet op alle vragen antwoord. Het plan geeft slechts antwoord op de vraag waar supermarkten niet geoorloofd zijn (buiten de reguliere winkelgebieden), maar geeft geen antwoord op de vraag naar aantal, omvang en locatie van de supermarkten binnen de winkelgebieden. Deze beleidslijn geeft antwoord op de volgende hoofdvraag: Hoe gaat de gemeente Den Helder om met supermarktinitiatieven? Deze vraag leggen we tweeledig uiteen. Enerzijds gaat het om nieuwvestiging versus uitbreiding van bestaande supermarkten. En anderzijds gaat het om initiatieven in de binnenstad van Den Helder en initiatieven binnen de andere reguliere clusters van Den Helder. Met het antwoord op de hoofdvraag ontstaat er een duidelijke ontwikkelrichting. Dit biedt houvast aan supermarkten én de gemeente Den Helder. Deze duidelijkheid draagt bij aan een toekomstbestendige en vitale detailhandelsstructuur. Opbouw van het rapport Het rapport is als volgt opgebouwd. Deel A omvat hoofdstuk 1 met de Beleidslijn supermarkten, waarin de gewenste supermarktstructuur en de omgang met initiatieven aan bod komen. Deel B bevat de context en analyses voor deze beleidslijn. In hoofdstuk 2 komen de trends en ontwikkelingen, het huidige aanbod, bestaande beleid en het kwantitatieve functioneren aan bod. In hoofdstuk 3 is de verdiepte onderbouwing aan de Europese Dienstenrichtlijn opgenomen. In deel C zijn de bijlagen opgenomen. Beleidslijn supermarkten 1Beleidslijn supermarkten Den Helder In dit hoofdstuk formuleren we de beleidslijn voor de supermarkten in de gemeente en beargumenteren we deze. Waar nodig verwijzen we naar specifieke onderbouwing in dit rapport. Voor een deel van de beleidslijn geldt dat deze in het omgevingsplan verwerkt dient te worden. 1.1Definitie supermarkt In het paraplubestemmingsplan supermarkten
(2022)is een supermarkt als volgt gedefinieerd: “een zelfbedieningswinkel, waar een breed assortiment algemene en verse levensmiddelen en voedingsmiddelen (waaronder verse groente, brood, vlees en huishoudelijke artikelen) worden verkocht, al dan niet met een additioneel assortiment non-food.” In deze beleidslijn scherpen we deze definitie aan op basis van de maatvoering. Een reguliere supermarkt is minimaal ongeveer 500 m² winkelvloeroppervlakte (m² wvo), maar meestal groter dan 800 m² wvo. Het reguliere supermarktaanbod heeft een veel grotere ruimtelijke impact dan de kleinschalige supermarkten. In onderstaande figuur vatten we dat samen. Figuur 1 Definitie supermarkten in de Beleidslijn supermarkten 1.2De situatie in Den Helder, kiezen noodzakelijk én ruimte voor kwalitatieve versterking Kiezen is noodzakelijk voor een toekomstbestendige supermarktstructuur De algemene boodschap is gezien de trends geen verrassende. Detailhandel staat landelijk onder druk door trends als online shoppen, het terugtrekken van retailers naar de grootste winkelgebieden en een (mede daardoor) steeds kritischer wordende consument als het gaat om ‘winkelen’. Specifiek voor supermarkten geldt dat deze sector weliswaar minder onder druk staat dan de recreatieve sector, maar dat de situatie in Den Helder anders is dan in grote delen van de rest van Nederland. De combinatie van een naar verwachting krimpend inwoneraantal en een momenteel al fors supermarktaanbod binnen de gemeente, maakt dat er voorzichtig om moet worden gegaan met de bestaande supermarktstructuur. Kiezen is dan ook noodzakelijk. Wij pleiten voor: kiezen voor de winkelgebieden; kiezen voor de bestaande (supermarkt)structuur; en kiezen voor kwaliteit. De ambitie: het behouden en waar nodig versterken van een vitale structuur Hoofdambitie van de gemeente Den Helder is het behouden en waar nodig versterken van een evenwichtige, vitale en hoogwaardige detailhandelsstructuur. Deze ambitie kunnen we onderverdelen in een drietal deelambities: Duurzame structuur en ruimtegebruik. De winkelcentra moeten in omvang en samenstelling passen bij het verzorgingsgebied en de functie van het cluster. Indien het (winkel)gebied te groot of te klein is voor deze functie, is optimalisering passend. Hetzelfde geldt voor de supermarkten. Optimalisering kan bijvoorbeeld door het zoeken naar een aantrekkelijke indeling en lay-out binnen de huidige contouren van het winkelgebied. Een winkelgebied functioneert het beste met aaneengesloten voorzieningen en een beperkte leegstand. Daarnaast is het essentieel om zorgvuldig om te gaan met de effecten voor onder meer verkeersstromen, parkeren en logistiek. Zo veel mogelijk clusteren van detailhandel (en andere publieksvoorzieningen). Dit geldt ook voor de supermarkten. Zij vormen de ankerpunten in de winkelgebieden en zorgen voor een frequente stroom aan klanten. Buiten de centrumgebieden zijn daarom ook geen mogelijkheden voor supermarkten1In lijn met paraplubestemmingsplan supermarkten
(2022). Het bieden van ruimte voor dynamiek binnen de detailhandelsstructuur. We bieden ruimte aan de bestaande supermarkten voor een kwalitatieve versterking. Ook als zij innovatieve ontwikkelingen als blurring concepts of een meer multifunctionele invulling wensen, staan we hier in beginsel positief tegenover. Daarbij is van belang dat deze ontwikkelingen een meerwaarde hebben voor de reguliere detailhandelsstructuur en geen afbreuk daaraan doen. Kwalitatieve versterking van de bestaande supermarkten binnen de structuur staat boven het toestaan van nieuwe ontwikkelingen binnen de clusters. 1.3De gewenste supermarktstructuur: supermarkten binnen de reguliere winkelstructuur Lijn paraplubestemmingsplan supermarkten: supermarkten binnen de structuur Om de ambities voor Den Helder te behalen, betekent dit dat primair wordt gestreefd naar optimalisering van voorzieningen in de reguliere winkelcentra. Dit zijn de binnenstad van Den Helder en de ondersteunende wijk- en buurtstructuur. Op basis van de Evaluatie Kadernota Detailhandel 2007 (Nieuwe tijden, nieuwe kansen d.d. 17 oktober 2011) en de Regionale Retailvisie Kop van Noord-Holland 2018 streeft de gemeente Den Helder naar concentratie van de supermarkten in deze bestaande reguliere winkelgebieden. Omdat het in een aantal bestemmingsplannen planologisch mogelijk was om supermarkten buiten de bestaande winkelgebieden te vestigen heeft de gemeente in 2022 het paraplubestemmingsplan supermarkten opgesteld. Dit paraplubestemmingsplan voor de gemeente Den Helder is een planologische regeling waarin het vestigen van supermarkten buiten de bestaande winkelgebieden wordt uitgesloten, daar waar ze op basis van het beleid niet gewenst zijn. Binnenstad heeft een andere functie dan de ondersteunende structuur We maken in deze beleidslijn het onderscheid tussen de binnenstad van Den Helder als hoofdwinkelgebied van de gemeente enerzijds en de ondersteunende structuur anderzijds. Tot deze ondersteunende structuur behoren de drie ondersteunende wijk- en buurtclusters in Den Helder (Marsdiepstraat, Duinpassage en Schootenplaza) en de twee clusters in Julianadorp (het centrum van Julianadorp bestaande uit de Riepel en het Loopuytpark, en Dorperweerth). De binnenstad van Den Helder is het recreatieve detailhandelscluster binnen de gemeente met een functie voor alle inwoners van de gemeente en daarbuiten. Die positie kan worden versterkt door nog meer dan nu het geval is een mix van publieksfuncties te creëren. Ook de kracht en positie van de supermarkten kan hier beter. Door in te zetten op supermarkten op de juiste plekken in de binnenstad kunnen deze hier goed functioneren én een impuls voor de binnenstad betekenen. De supermarkten kunnen aan de flanken van het centrumgebied als ankers voor de binnenstad fungeren, vaak in combinatie met de bijbehorende parkeerplaatsen. Met die functie van ankers komt een potentiële passantenstroom op gang waar andere stadsverzorgende winkels en voorzieningen van kunnen profiteren. De ondersteunende structuur heeft een andere functie en aanbod dan de binnenstad van Den Helder, meer gericht op de dagelijkse voorziening van de inwoners van de wijk. Hierbinnen zijn nog wel verschillen zichtbaar. Zo heeft het centrum van Julianadorp een groter niet-supermarktaanbod dan bijvoorbeeld de Duinpassage in Den Helder. Voor alle clusters geldt echter dat de supermarkten het belangrijkste bezoekdoel zijn en de centra dus voornamelijk een boodschappenfunctie hebben. In een context waarbij de supermarkt aangevuld wordt met ondersteunend dagelijks aanbod in de vorm van bijvoorbeeld een bakker en viswinkel en enkele niet-dagelijkse winkels. Dit zijn veelal winkels met frequent benodigde artikelen zoals de bloemenzaak en winkel met huishoudelijke artikelen. Daarnaast zijn er enkele diensten en soms wat horeca gevestigd. Door dit aanbod en ligging functioneren de centra vaak als ontmoetingsplek of hart van dorp of wijk. In Den Helder is het supermarktaanbod fijnmazig te noemen: de meeste bewoners van de gemeente kunnen binnen een straal van 750 meter kiezen uit een of meer supermarkten. Figuur 2 De reguliere detailhandelsstructuur van Den Helder en de gevestigde supermarkten (oktober 2023) Bron: PDOK, achtergrondkaart; Locatus september 2023; Detailhandelsbeleid Noord-Holland 2015-2020; Bewerking: Sweco Supermarkten buiten de structuur Naast de supermarkten binnen de reguliere detailhandelsstructuur van de gemeente Den Helder, zijn er ook nog twee supermarkten hierbuiten gevestigd. Het gaat om Vomar Vijzelstraat en Albert Heijn Meeuwenlaan. Beide hebben een functie binnen het supermarktlandschap van Den Helder. Door de solitaire ligging dragen zij echter niet bij aan een vitale detailhandelsstructuur binnen de gemeente. Uitbreidingen of nieuwvestiging van supermarkten buiten de reguliere detailhandelsstructuur zijn dan ook niet wenselijk. De twee bestaande supermarkten worden geconsolideerd in hun huidige omvang. 1.4Omgang met supermarktinitiatieven In lijn met de ambitie voor een vitale detailhandelsstructuur en de wens om ruimte te bieden voor dynamiek en een kwaliteitsslag binnen deze structuur, staat de gemeente positief tegenover de optimalisatiewensen van bestaande supermarkten binnen de structuur. Er zijn ook redenen waarom we niet kiezen voor het volledig loslaten van regels binnen de reguliere detailhandelsstructuur. De belangrijkste zijn: De gemeente Den Helder heeft te maken met krimp, waardoor het draagvlak en daarmee ook het bestedingspotentieel, voor de supermarkten afneemt; De gemeente kent momenteel al een fors supermarktaanbod dat in kwantitatieve zin al groter is dan de behoefte rechtvaardigt; Binnen de structuur is een divers en ook naar formule gedifferentieerd supermarktaanbod aanwezig, waardoor er voor bewoners en bezoekers aan de gemeente een ruime keuze is. In deze paragraaf omschrijven we aan welke voorwaarden de initiatieven moeten voldoen om positief beoordeeld te worden. Daarbij geldt steeds dat optimalisatie van reeds bestaande supermarkten boven nieuwvestiging gaat. Nieuwvestigingsmogelijkheden beperkt Omdat de gemeente Den Helder een fijnmazige detailhandelsstructuur kent en het supermarktaanbod in kwantitatief opzicht groter is dan de vraag rechtvaardigt, achten wij in beginsel nieuwvestiging van reguliere supermarkten niet gewenst in de ondersteunende structuur. De gemeente Den Helder wil zich primair inzetten op het bestaande aanbod en indien nodig optimalisatie van gevestigde supermarkten faciliteren. Kwalitatief kunnen er echter wel argumenten zijn om nieuwvestiging onder voorwaarden binnen de reguliere detailhandelsstructuur te faciliteren: Als het gaat om een verplaatsing van een supermarkt die momenteel buiten de reguliere detailhandelsstructuur gevestigd is. Deze meters kunnen dan opgepakt worden en een plek krijgen binnen de structuur, in de binnenstad of in de ondersteunende structuur. Zo hebben deze bestaande winkelmeters met een nieuwe vestiging binnen de detailhandelsstructuur een positief effect op het andere aanbod in de clusters. Voorwaarde is wel dat de huidige locatie van de solitaire supermarkt zijn bestemming verliest; Als het gaat om supermarktinitiatieven in de binnenstad, onder strikte voorwaarden. Deze lichten we hierna toe. Er wordt geen medewerking verleend aan supermarktinitiatieven buiten de reguliere detailhandelsstructuur. Initiatieven die voorzien in de realisering of uitbreiding van verspreid (of solitair) gevestigde supermarkten zijn niet mogelijk. Binnenstad Den Helder In de binnenstad van Den Helder hebben supermarkten op de juiste plek, aan de flanken van het centrumgebied, een functie als ankerpunt voor binnenstadsbezoek. Vaak is hiervoor de combinatie met de bijbehorende parkeerfaciliteiten essentieel. In de huidige situatie is dat in de binnenstad niet altijd het geval, maar nieuwe initiatieven voor reguliere supermarkten dienen hieraan wel getoetst te worden Initiatieven voor nieuwe supermarkten in de binnenstad van Den Helder dienen in ieder geval gewogen te worden aan de volgende randvoorwaarden: De locatie vormt een ankerpunt aan de rand van de binnenstad van Den Helder. Hier komt een potentiële passantenstroom op gang waar andere winkels en voorzieningen van kunnen profiteren; Op deze plek heeft de supermarkt een positief effect op het binnenstadsbezoek van Den Helder; Er is voldoende parkeergelegenheid beschikbaar; De ontwikkeling heeft geen leegstand binnen de reguliere detailhandelsstructuur als gevolg; Er zijn geen negatieve (ruimtelijke) effecten op de fysieke leefomgeving als gevolg van de ontwikkeling, denk hierbij aan verkeersveiligheid, verkeerstromen, parkeren en logistieke afwikkeling; De contouren van het centrumgebied worden met het initiatief niet opgerekt. Qua maatvoering leggen we in de binnenstad dan ook geen maximum metrage op per supermarkt. Het is aan de betreffende supermarktorganisatie zelf om tot een passende maat en invulling te komen voor de binnenstad van Den Helder. Ondersteunende structuur In de ondersteunende structuur van de wijk- en buurtcentra van Den Helder en Julianadorp hebben de supermarkten de functie als het hart van de wijk. Elke wijk heeft zo’n hart nodig en in de gemeente Den Helder is deze ruimtelijke spreiding momenteel goed op orde en in balans. Nagenoeg elke inwoner heeft binnen korte afstand (ca. 750 meter) toegang tot een winkelgebied met één of meer supermarkten. Binnen de clusters van de ondersteunende structuur zoeken de supermarkten vaak naar optimalisatie. Voor de bestaande supermarkten staat de gemeente hier in beginsel positief tegenover. Net als voor de binnenstad geldt dat het initiatief aan (ruimtelijke) randvoorwaarden moet voldoen, zoals op het gebied van verkeer, parkeren en logistiek. Daarnaast zijn er nog enkele extra randvoorwaarden die specifiek gelden voor de ondersteunende structuur: De individuele supermarkt is kleiner dan 2.000 m² wvo. Zo behouden de supermarkten hun functie binnen de ondersteunende structuur en krijgen zij geen wijkoverstijgende functie (ofwel kernverzorgend) die met de binnenstad van Den Helder concurreert. Grotere supermarkten zijn voorbehouden aan het hoofdwinkelgebied dat een stadsverzorgende functie vervult. Eens in de ca. vijf jaar heroverweegt de gemeente of de maat nog passend is gezien de trends en ontwikkelingen; Binnen het winkelgebied blijven er units beschikbaar voor aanvullende voorzieningen die profiteren van de aantrekkingskracht van de supermarkt. Voorkomen moet worden dat het centrum alleen maar uit supermarktaanbod bestaat. Afwegingskader in beeld Wanneer we uitgaan van het beginsel dat versterking van de gewenste structuur in de gemeente voorop staat bij de beoordeling van supermarktinitiatieven en dat nieuwe reguliere supermarkten alleen (onder strikte voorwaarden) wenselijk zijn in het centrumgebied en niet in de ondersteunende structuur, komen we tot het volgende afwegingskader. Figuur 3 Afwegingskader supermarktinitiatieven binnen de gemeente Den Helder Bron: Sweco Context en analyses 2Contextanalyse: Het supermarktaanbod in Den Helder in perspectief 2.1Trends en ontwikkelingen in het supermarktlandschap Detailhandel is een branche die altijd aan ontwikkelingen onderhevig is, denk momenteel bijvoorbeeld aan de toename van online en de effecten daarvan op de fysieke winkelstructuur. Hieronder behandelen we de belangrijkste trends en ontwikkelingen binnen de supermarktsector of die van invloed zijn op het supermarktlandschap. 2.2Detailhandels- en supermarktstructuur Den Helder Detailhandelsstructuur en situering supermarkten In totaal kent de gemeente Den Helder 17 supermarkten, waarvan 15 reguliere supermarkten betreffen. Het grootste deel hiervan is gevestigd in de kern Den Helder (12 supermarkten). In totaal omvat de supermarktsector in de gemeente een metrage van 19.408 m² wvo, waarvan 13.491 m² wvo is gevestigd in de kern Den Helder (12 vestigingen) en 5.917 m² wvo in Julianadorp (5 vestigingen). De meeste supermarkten zijn gevestigd binnen bestaande winkelclusters. Slechts twee (Albert Heijn Meeuwenstraat en Vomar Vijzelstraat) zijn solitair gevestigd. De gemeente Den Helder kent in totaal zes reguliere winkelclusters. Van deze zes reguliere winkelclusters zijn er vier gelegen in Den Helder en twee in Julianadorp. Van de zes clusters heeft het centrum van Den Helder een andere functie dan de overige gebieden. Binnenstad Den Helder (36.719 m² wvo). In het centrum van Den Helder zijn momenteel twee supermarkten gevestigd, waar dit er in het verleden vier waren. Naast de twee gevestigde supermarkten zal er zich bij herontwikkeling van de Kroonpassage een derde supermarkt vestigen in het gebied. Naast een centrumgebied voor boodschappen heeft het centrum ook een recreatieve functie en kent het de grootste concentratie Mode & Luxe in de gemeente. Wijkcentra. Den Helder kent naast het centrum nog drie wijkcentra waar de supermarkten de belangrijkste trekkers zijn. Alle centra kennen twee of meer supermarkten. Verschillende supermarkten in de wijkcentra zijn recentelijk verbouwd of hebben de wens om in de toekomst verder uit te breiden. Julianadorp. Julianadorp kent twee winkelclusters, het centrum Julianadorp (winkelcentrum de Riepel en het Loopuytpark) waar vier supermarkten gevestigd zijn en Dorperweerth. In winkelcentrum de Riepel zijn momenteel twee supermarkten gevestigd, daarnaast zijn aan de overzijde van de weg nog twee supermarkten gevestigd. Het centrum van Julianadorp is met De Riepel en het Loopuytpark het grootste winkelcluster in Julianadorp. Het deel De Riepel heeft hoofdzakelijk een boodschappenfunctie en het Loopuytpark meer dat als rand van het centrum (waar supermarkten uitgesloten zijn) met horeca, diensten en kleinschalige detailhandel. Het andere winkelcluster, Dorperweerth, kent een supermarkt met ondersteunend dagelijks aanbod. Figuur 4 Detailhandels- en supermarktstructuur gemeente Den Helder Bron: PDOK Achtergrondkaart; Detailhandelsbeleid Noord-Holland 2015-2020; Locatus September 2023 Nr. Formule Adres Kern M² wvo Cluster 1. Albert Heijn Julianaplein 9 Den Helder 1.067 Binnenstad Den Helder 2. Vomar Koningdwarsstraat 70 Den Helder 1.257 Binnenstad Den Helder 3. Albert Heijn Meeuwenstraat 2 Den Helder 1.680 Solitair / buiten structuur 4. Vomar Vijzelstraat 191 Den Helder 760 Solitair / buiten structuur 5. DekaMarkt Marsdiepstraat 260 Den Helder 1.185 Marsdiepstraat 6. Albert Heijn Marsdiepstraat 262 Den Helder 1.630 Marsdiepstraat 7. AAMO Market* Marsdiepstraat 303 Den Helder 165 Marsdiepstraat 8. Lidl Texelstroomlaan 128 Den Helder 1.140 Duinpassage 9. Vomar Texelstroomlaan 116 Den Helder 1.620 Duinpassage 10. DekaMarkt Vrede en Vrijheid 2 Den Helder 1.132 Schootenplaza 11. Albert Heijn Vrede en Vrijheid 19 Den Helder 1.220 Schootenplaza 12. Aldi Vrede en Vrijheid 12-16 Den Helder 635 Schootenplaza 13. Albert Heijn Schoolweg 15 Julianadorp 1.658 Centrum Julianadorp (in De Riepel) 14. Jumbo Schoolweg 63 Julianadorp 1.144 Centrum Julianadorp (in De Riepel) 15. Budget Food* Loopuytpark 2 Julianadorp 480 Centrum Julianadorp 16. Lidl Schoolweg 20 Julianadorp 1.150 Centrum Julianadorp 17. Vomar Drooghe Bol 1026 Julianadorp 1.485 Dorperweerth Tabel 1 Supermarkt aanbod Gemeente Den Helder - * Deze twee supermarkten kunnen binnen de definitie van hoofdstuk 1.1. worden gezien als kleinschalige supermarkten Bron: Locatus september 2023 Ontwikkelingen in het supermarktlandschap van Den Helder In de gemeente Den Helder spelen de volgende supermarktontwikkelingen: De Lidl in Julianadorp heeft een vergunning voor een inpandige uitbreiding in Julianadorp. Naast uitbreiding van de winkel zal ook uitbreiding van de parkeermogelijkheden plaatsvinden. Albert Heijn in Schootenplaza heeft een aanvraag ingediend voor uitbreiding en verplaatsing van het gangpad. Dit is momenteel rechtelijk gezien niet mogelijk door de beperkingen van de supermarktafbakeningen in het bestemmingsplan. In het geldende bestemmingsplan zijn de locaties van de supermarkten in Schootenplaza vastgelegd, de gewenste uitbreiding bevindt zich buiten de huidige supermarktafbakening In het centrum van Den Helder wenst een supermarkt te openen in de te herontwikkelen Kroonpassage. De supermarkt wenst hierbij de planologische meters van de voormalige Dekamarkt in de binnenstad in te zetten. Onlangs heeft Aldi getracht een supermarkt te vestigen op PDV-cluster Ravelijn. Deze is tot nog toe afgewezen op basis van de paraplubestemmingsplan en beleid, die vestiging van supermarkten op het PDV-cluster tegengaat. Vomar in de Dorperweerth onderzoekt de mogelijkheid om de supermarkt uit te breiden. Eerst werd onderzocht of zij aan de achterzijde konden uitbreiden, maar nu kijkt men naar de mogelijkheid voor het inpandig uitbreiden van de supermarkt. Daarnaast hebben recent de volgende ontwikkelingen plaatsgevonden: Lidl Duinpassage is vorig jaar uitgebreid, door het betrekken van oude winkelpanden bij de bestaande supermarkt. Ook is het parkeren uitgebreid. Dekamarkt in Schootenplaza is recentelijk intern verbouwd en uitgebreid binnen de bestaande kavel. Veel supermarkt(segment)en in de gemeente In de gemeente is een breed aanbod aan supermarkten te vinden, met zowel full service supermarkten (hoge service / minder voordelig) als winkels met een scherpe prijs en lager serviceniveau. Dit vergroot de keuzemogelijkheid voor de inwoners, ook binnen centra. In de centra waar meer dan één supermarkt gevestigd vullen de verschillende supermarkten elkaar aan op zowel het niveau van service als op prijsniveau vaak goed aan. Figuur 5 Positioneringsmatrix supermarkten op voordeel en service met groen omcirkeld de in Den Helder gevestigde formules Bron: GFK Supermarktrapport 2020 2.3Bestaande beleidskaders Den Helder De gemeente Den Helder kent een groot aantal beleidsstukken met betrekking tot detailhandel en centrumgebieden. In onderstaande tabel is een overzicht gecreëerd van de bestaande beleidskaders die een relatie hebben met de beleidslijn voor supermarkten in de gemeente Den Helder. De nummering in de tabel verwijst naar de beleidsstukken zoals deze zijn opgenomen in bijlage 1 Overzicht beleidsstukken. Vigerend beleid naar functie Vigerend beleid naar gebied 2.4Functioneren supermarktaanbod Den Helder De kwantitatieve beoordeling van het huidige en toekomstige functioneren van het supermarkt aanbod in de gemeente kan op twee verschillende manieren aangevlogen worden: Dichthedenanalyse Distributieve berekening Huidig functioneren supermarkten Den Helder kwantitatief onder Nederlands gemiddelde
(2023)De huidige supermarktdichtheid en een distributieve berekening geven inzicht in het huidige functioneren van het supermarktaanbod in de gemeente Den Helder ten opzichte van Nederlandse gemiddelden. Supermarktdichtheid ruim boven landelijk gemiddelde De supermarktdichtheid laat zien hoeveel m² wvo per inwoner aanwezig is in een onderzoeksgebied. Hiermee kunnen onderzoeksgebieden zowel met elkaar vergeleken worden als met het landelijk gemiddelde van 0,27 m² wvo per inwoner. Figuur 6 geeft de huidige situatie in de gemeente Den Helder en de twee kernen weer. Figuur 6 Dichtheden gemeente en uitgesplitst per kern Bron: Locatus september 2023; CBS Statline 2023; Bewerking: Sweco Het volgende valt op: De dichtheid in de gemeente Den Helder ligt met 0,34 m² wvo per inwoner 27% hoger dan het Nederlands gemiddelde. Dit wil zeggen dat de inwoners van de gemeente substantieel meer supermarktmeters tot hun beschikking hebben dan de gemiddelde Nederlander. Voor Julianadorp is dit verschil ten opzichte van landelijk nog groter dan voor de kern Den Helder. Dit valt deels te verklaren door de toeristische functie van Julianadorp, die groter is dan die van de kern Den Helder. Distributieve berekening: fors lagere vloerproductiviteit Door middel van een distributieve berekening kan voor zowel de huidige situatie als voor de toekomstige situatie een indicatieve uitspraak worden gedaan over het functioneren van het supermarktaanbod in de gemeente Den Helder (zie bijlage 2 voor volledige berekening). Dit aan de hand van kengetallen en onderzoeksuitkomsten, zoals koopkrachtbinding en -toevloeiing uit recent koopstromenonderzoek. Fors lagere vloerproductiviteit. De vloerproductiviteit laat zien wat de supermarkten in een bepaald gebied per m² wvo omzetten. Wanneer dit fors lager ligt dan het landelijk gemiddelde laat dit zien dat het supermarktaanbod kwetsbaar is. In de gemeente Den Helder ligt de vloerproductiviteit in de huidige situatie op € 6.250 per m² wvo. Landelijk ligt de gemiddelde vloerproductiviteit op € 8.589 per m² wvo. Dit betekent dat in de huidige situatie de vloerproductiviteit 27,2% lager ligt in Den Helder dan het landelijk gemiddelde. Er is om die reden geen kwantitatieve behoefte in de gemeente. Op basis van de distributieve berekening blijkt dat er in de huidige situatie geen kwantitatieve behoefte is voor uitbreiding van de supermarkten in de gemeente Den Helder. De DPO-berekening laat met de huidige kooporiëntaties een kwantitatief overschot zien van ca. 5.280 m² wvo. Figuur 7 Koopstromen en distributieve toets gemeente Den Helder (huidige situatie 2023) Bron: KSO2021; Locatus september 2023; CBS Statline 2023; Bewerking: Sweco Nuancering kwantitatieve behoefte De kwantitatieve behoefte op basis van dichtheden en een distributieve toets is een goede indicatie voor het functioneren van de supermarktsector in Den Helder. Voor een goede interpretatie van deze cijfers is echter wel een nuance op zijn plaats. Er zijn namelijk (lokale) factoren die eveneens van invloed zijn op het functioneren van het supermarktaanbod. De belangrijkste zijn: De kwantitatieve berekeningen zijn gebaseerd op meerdere aannames, denk aan bevolkingsontwikkeling. De toekomst laat zich nooit volledig voorspellen en ontwikkelingen kunnen anders verlopen dan verwacht. In de kwantitatieve methoden gaan uit van Nederlandse normgetallen. Dit biedt een basis, maar bijvoorbeeld de vloerproductiviteit die in de distributieve toets gebruikt wordt is niet per se noodzakelijk voor een gezonde exploitatie. Omdat de huurprijzen in een kern als Den Helder lager liggen kan een supermarkt ook met een lagere vloerproductiviteit nog goed rondkomen. In gebieden buiten de Randstad en grote steden zien we vaak dat de dichtheden hoger liggen dan landelijk. Dat komt ook omdat de druk op de ruimte kleiner is dan in de grote steden en dat uitbreidingen dus vaker en sneller gerealiseerd kunnen worden. Ervaring elders leert dat de toeristische toevloeiing in de koopstromenonderzoeken vaak niet volledig terugkomen. We verwachten dat ook voor de gemeente Den Helder de toevloeiing hoger zal liggen dan in het KSO2021 naar voren is gekomen. Dit is voornamelijk veroorzaakt door de toeristische functie van Julianadorp. Met een hogere toevloeiing zal de vloerproductiviteit hoger liggen dan nu uit de distributieve toets komt. Met deze nuancering in het achterhoofd is het belangrijk dat er bij initiatieven ook gekeken wordt naar een kwalitatieve behoefte en een impuls Toekomstig kwantitatief functioneren verder onder druk door bevolkingsafname Het functioneren van het supermarktaanbod in de toekomst is afhankelijk van een aantal verschillende factoren. Zo kan een positieve verandering in het functioneren voortkomen uit een toename van het aantal inwoners, door een bovengemiddeld functioneren van het huidige aanbod en/of door een groei in ambitie: een hogere maar wel te verantwoorden binding en toevloeiing. Andersom kunnen negatieve ontwikkelingsmogelijkheden worden veroorzaakt door een momenteel (al) matig functionerend aanbod, de toename van online bestedingen (en een afname van de fysieke bestedingen), een dalend bevolkingsdraagvlak en een toename van de afvloeiing naar elders (of een combinatie daarvan). In de gemeente Den Helder zien we naar de toekomst toe naar verwachting een afname van het aantal inwoners. Tot 2030 zal het gaan om een afname van ca. 1,6%, die naar 2040 verder doorzet. Het inwoneraantal zal in 2040 met 5,7% zijn afgenomen ten opzichte van de huidige situatie. Figuur 8 Bevolkingsprognose gemeente Den Helder Bron: Primos 2023 Figuur 9 Toekomstige distributieve ruimte in de gemeente Den Helder en vloerproductiviteit Bron: Primos 2023; KSO2021; Locatus september 2023; Bewerking Sweco Door de afname in inwoners binnen de gemeente Den Helder nemen zowel de vloerproductiviteit als de kwantitatieve uitbreidingsruimte verder af tot 2030 en 2040. Ook uit het Marktruimteonderzoek Noord Holland blijkt dat de gemeente Den Helder naar beneden uitschiet als het gaat om het functioneren van het dagelijkse aanbod2Marktruimteonderzoek Detailhandel 2022 Provincie Noord-Holland . Zelfs indien het inwonertal in de gemeente stabiel blijft of blijkt te groeien, is er nog steeds sprake van een kwantitatief ruim supermarktaanbod. De conclusies zullen op basis daarvan niet wijzigen. 3Toepassing Dienstenrichtlijn in Den Helder Het Europese Hof van Justitie heeft in januari 2018 geoordeeld dat detailhandel als een dienst moeten worden beschouwd, waarop de Dienstenrichtlijn van toepassing is. Voorheen werd algemeen aangenomen dat dit niet het geval was. Het van toepassing zijn van de Dienstenrichtlijn heeft grote gevolgen voor ruimtelijk detailhandelsbeleid en het ruimtelijk toewijzen van detailhandelsmogelijkheden in bestemmingsplannen. In dit hoofdstuk onderbouwen we de beleidslijn supermarkten aan de Europese Dienstenrichtlijn. 3.1Essentie dienstenrichtlijn Volgens het Hof is de Dienstenrichtlijn er niet op gericht om de vestigingslocatie van een dienst – en dus ook een winkel – afhankelijk te stellen van een geografische beperking. Simpel gezegd: daar waar in een bestemmingsplan gronden zijn bestemd voor diensten, mogen slechts onder specifieke voorwaarden nadere eisen worden gesteld ten aanzien van: Branchering, oftewel het uitsluiten van diensten. Omvang, oftewel het vasthouden aan een minimale of maximale maatvoering van de vestiging van een dienst. Aantal vestigingen van een dienst, oftewel het vasthouden aan een minimaal of maximaal aantal vestigingen. De Dienstenrichtlijn sluit deze beperkingen niet op voorhand volledig uit. Conform artikel 15 lid 3 zijn deze nog steeds wel mogelijk, mits wordt voldaan aan de eisen inzake: Non-discriminatie. Eisen die geen direct of indirect onderscheid maken naar nationaliteit of, voor vennootschappen de plaats van de statutaire zetel. Noodzakelijkheid. De door centrale overheden gestelde eisen aan dienstverleners zijn gerechtvaardigd vanwege een dwingende reden van algemeen belang. Evenredigheid. De door overheden gestelde beperking is geschikt om het nagestreefde doel – de dwingende reden van algemeen belang – te bereiken en gaat niet verder dan strikt genomen noodzakelijk is. Concreet gevolg van de Dienstenrichtlijn is het omkeren van de bewijslast. Voorheen konden gemeenten verwijzen naar bestemmingsplanregels om een (ongewenst) initiatief te weigeren. Het was aan de initiatiefnemer om per geval te onderbouwen dat afwijking van de bestemmingsplanregels niet zou leiden tot ongewenste effecten. Als gevolg van de Dienstenrichtlijn moeten (decentrale) overheden hun eigen regelgeving die betrekking heeft op een vestiging van een dienst toetsen aan de Dienstenrichtlijn. Het is dus aan de gemeente om te onderbouwen dat de maatregel (bestemmingsregeling) nodig is omwille van een dwingende reden van algemeen belang, geschikt is om dat doel te bereiken en dat het doel niet met andere, minder vergaande maatregelen bereikt kan worden. Casus Den Helder De gemeente Den Helder wil het vestigen van supermarkten buiten de bestaande structuur en centrumgebieden die aangewezen zijn voor reguliere detailhandel tegen gaan. Hiervoor is het paraplubestemmingsplan supermarkten opgesteld3Paraplubestemmingsplan supermarkten (21-11-2022) https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0400.BPSUPERMARKT2021-VST1/t_NL.IMRO.0400.BPSUPERMARKT2021-VST1.htm . Met de bestemmingsregeling in het paraplubestemmingsplan worden twee doelen nagestreefd: Het behouden en creëren van een vitale detailhandelsstructuur; Het voorkomen van perifere supermarktvestigingen. Verschillende supermarkten beroepen zich echter op de Dienstenrichtlijn om vestiging buiten de bestaande structuur en het paraplubestemmingsplan om mogelijk te maken. Zij stellen dat het paraplubestemmingsplan niet voldoet aan de Dienstenrichtlijn en dat aan de eisen van noodzakelijkheid en evenredigheid niet voldaan wordt met het bestemmingsplan. 3.3Noodzakelijkheid: nagestreefde doelen Op grond van de Dienstenrichtlijn dient voor eisen in bestemmingsplannen ten aanzien van diensten onderbouwd te worden dat de gehanteerde maatregel ook daadwerkelijk geschikt is om het daarmee beoogde doel te realiseren. De zogenaamde noodzakelijkheidstoets betreft de vraag of dat beoogde doel een dwingende reden van algemeen belang vormt overeenkomstig artikel 4 lid 8 van de Dienstenrichtlijn. In deze paragraaf is ingegaan op de dwingende reden van algemeen belang waarop de bestemmingsregeling in kwestie betrekking heeft. In paragrafen 3.4 en 3.5 wordt toegelicht dat de bestemmingsregeling geschikt is en tevens de minst beperkende maatregel is om dat doel te bereiken. Dwingende reden van algemeen belang Om te voldoen aan de Dienstenrichtlijn moet worden beargumenteerd en aangetoond dat er sprake is van noodzakelijkheid. Dat wil zeggen: de geldende bestemmingsregeling is gerechtvaardigd om een dwingende reden van algemeen belang, zijnde redenen die als zodanig zijn erkend in de rechtspraak van het Hof van Justitie. Overeenkomstig artikel 4 lid 8 van de Dienstenrichtlijn wordt onder andere het stedelijk milieu als dwingende reden van algemeen belang beschouwd. Uit overweging 40 van de Dienstenrichtlijn blijkt dat ook stedelijke ruimtelijke ordening onderdeel is van het stedelijk milieu. In jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ECLI:NL:RVS:2018:2062, Appingedam) wordt het bevorderen van een aantrekkelijk centrum/stedelijk milieu omwille van de leefbaarheid van het stadscentrum als algemene reden van dwingend belang beschouwd. Daarmee werd aan de noodzakelijkheids-eis voldaan. In het kader van voorliggende casus in Den Helder is bescherming van de stedelijke ruimtelijke ordening de primaire drijfveer achter de geldende bestemmingsregeling in het paraplubestemmingsplan supermarkten. Met die regeling wordt namelijk een aantal doelen nagestreefd: Het behouden en creëren van een vitale detailhandelsstructuur; Het voorkomen van perifere supermarktvestigingen. In onderstaande alinea’s is ingegaan op het belang en de achtergrond van deze twee doelen. Behouden en creëren van een vitale structuur In hoofdstuk 2 is de detailhandelsstructuur van de gemeente Den Helder toegelicht, en ook in het beleidsdeel is aan de hand van de huidige beleidslijn, aangetoond dat de gemeente streeft naar een duidelijke structuur in de verschillende winkelcentra die elk hun eigen functie hebben. Dit is het gevolg van beleidsvoering, waarbij nadrukkelijk is gekozen voor een fijnmazige hoofdwinkelstructuur bestaande uit zes reguliere winkelgebieden: Binnenstad Den Helder, vervult een functie voor de hele gemeente. Centrum Julianadorp (met de Riepel), vervult een boodschappenfunctie voor Julianadorp, evenals een belangrijke functie voor toeristen die (de omgeving van) Julianadorp bezoeken. Winkelcentrum Marsdiepstraat, vervult een boodschappenfunctie voor de wijk Nieuw Den Helder. Ook vindt hier wekelijks een markt plaats. Winkelcentrum Duinpassage, vervult eveneens een boodschappenfunctie voor de wijk Nieuw Den Helder. Winkelcentrum Schootenplaza, vervult een boodschappenfunctie voor de wijk De Schooten. Winkelcentrum Dorperweerth, vervult een boodschappenfunctie voor de buurten in het zuiden van Julianadorp (Wierbalg, Zwanenbalg, Boterzwin, Malzwin, Kruiszwin en Doorzwin). De hoofdwinkelstructuur wordt gecompleteerd door PDV-cluster Ravelijn, waar de verkoop van volumineuze goederen is toegestaan. Ondanks het huidige functioneren zijn de reguliere winkelgebieden in Den Helder kwetsbaar. Dit heeft verschillende oorzaken: Landelijk groeiend online aandeel aankopen in de detailhandel, in zowel de dagelijkse sector als de recreatieve sector. Hierdoor neemt de totale behoefte aan fysieke winkelmeters (naar verwachting) af, zeker in de recreatieve sector. De dagelijkse en recreatieve sector zijn bij uitstek sectoren die zijn gevestigd in de reguliere winkelgebieden van Den Helder. Beperkte omvang van verzorgingsgebieden van winkelcentra als die van Marsdiepstraat en de Duinpassage. Daarnaast ziet de gemeente als geheel zijn inwoneraantal en daarmee het economisch bestedingspotentieel voor de winkelcentra de komende jaren afnemen. In het centrum van Den Helder liep de leegstand tussen 2016 en 2021 op4KSO 2021, leegstand in 2016 bedroeg ca 5.300 m² wvo, in 2021 was dit toegenomen tot ca. 7.900 m² wvo . Als reactie hierop heeft de gemeente er sterk en vroeg voor gekozen om in te zetten op de binnenstad. Op deze manier wordt een aantrekkelijke en leefbare binnenstad gecreëerd voor de bewoners. In de laatste cijfers blijkt dat de leegstand sinds 2021 iets is teruggelopen.5Locatus september 2023, leegstand bedraagt momenteel ca. 6.200 m² wvo. Een belangrijk deel hiervan wordt gevormd door de voormalige V&D die momenteel herontwikkeld wordt. Een blijvende bescherming en stimulering van de hoofdwinkelstructuur in Den Helder is niet alleen wenselijk, maar ook noodzakelijk. De vestiging van reguliere detailhandel c.q. een supermarkt buiten de reguliere winkelgebieden past daar niet bij. Supermarkten vormen de ankerpunten voor het doen van de dagelijkse boodschappen. Uit onderzoek van DTNP blijkt dat supermarkten een cruciale publiekstrekker zijn in centrumgebieden. Ze zorgen de gehele week voor het aantrekken van klanten, waardoor ze in wijk- en dorpscentra ook klanten aantrekken voor andere winkels. Ook in de middelgrote stadscentra, die de laatste jaren onder druk staan, vervullen ze deze rol. Figuur 10 Combinatiebezoek supermarkt speciaalzaken Bron: DTNP
(2021)De kans op combinatiebezoek neemt af wanneer de afstand tussen supermarkten en ander detailhandelsaanbod toeneemt. Vestiging in een winkelgebied vergroot dus de kans op combinatiebezoek. Voor versspeciaalzaken en andere dagelijkse winkels geldt dat als zij direct naast een supermarkt liggen ca. 75% van de klanten van de supermarkt ook hun zaak bezoekt (onderzoek DTNP, zie ook Figuur 10). Ook als er een directe zichtrelatie is tussen de supermarkt(
- en)en het overige aanbod, is er een grotere kans op combinatiebezoek. Alleen als de (ingang van
- de)supermarkt op een zorgvuldige wijze is vormgegeven en gekoppeld aan de rest van het centrum kunnen andere winkels en voorzieningen echt profiteren van de aantrekkende werking. In Den Helder is het overgrote deel van de supermarkten binnen de bestaande winkelcentra gevestigd en is het aanvullende aanbod zichtbaar vanaf de entree van de supermarkten. Hiermee versterken de supermarkten de centrumgebieden. Wanneer de supermarkten uit de centrumgebieden vertrekken zullen de andere retailers hiermee een zeer groot deel van hun klanten verliezen, omdat het combinatiebezoek komt te vervallen. Voorkomen van supermarktvestigingen op perifere locaties Het tegengaan van supermarktvestigingen op perifere locaties komt voort vanuit de wens op de bestaande centrumgebieden vitaal te houden. Wanneer supermarkten zich op perifere locaties kunnen vestigen heeft dit effect op de bestaande centrumgebieden. Daarbij komt dat naast supermarkten ook andere winkels uit reguliere detailhandelsbranches de wens zullen hebben om zich in de periferie te vestigen. Dit geldt voornamelijk voor winkels in de branches in de zogenaamde “grijze gebieden” (dierenwinkels, sportwinkels en bruin & witgoed/elektronica), maar is ook mogelijk voor andere reguliere detailhandel (zoals supermarkten of modewinkels). Deze winkels zouden een beroep kunnen doen op dezelfde uitzonderingsclausule als supermarkten. Wanneer ook deze winkels zich kunnen vestigen op perifere locaties of bedrijventerreinen legt dit grote druk op de bestaande (reguliere) structuur van Den Helder. Evenredigheid: is maatregel geschikt Op grond van de Europese Dienstenrichtlijn dient in bestemmingsplannen, waarin eisen zijn opgenomen ten aanzien van diensten, te worden onderbouwd dat die eisen ook daadwerkelijk geschikt zijn om het daarmee beoogde doel te realiseren. In het kader van voorliggende casus in Den Helder is bescherming van de stedelijke ruimtelijke ordening de primaire drijfveer achter de geldende bestemmingsregeling in het paraplubestemmingsplan supermarkten. In deze paragraaf is op basis van controleerbare gegevens per doel onderzoek gedaan naar de geschiktheid van de bestemmingsregel voor Den Helder. We onderzoeken de gevolgen van vestiging van supermarkten buiten de structuur van Den Helder op leegstand en het gevestigde aanbod in de reguliere winkelcentra van Den Helder. In deze reguliere winkelgebieden zijn voornamelijk winkels uit de Dagelijkse en Mode & Luxe branches te vinden. Deze branches zijn in heel Nederland doorgaans in reguliere winkelgebieden gesitueerd (kernwinkelgebieden en ondersteunende winkelcentra zoals wijk- en buurtcentra). Verband regulier detailhandelsaanbod en supermarkten in reguliere centra Centrumbranches blijken in wisselende mate te zijn geconcentreerd in de reguliere winkelgebieden. In de ene woonplaats is die concentratie hoog, terwijl in een andere woonplaats juist veel Centrumbranches in winkelvloeroppervlakte buiten de structuur zijn gevestigd. Figuur 11Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. toont een negatief verband tussen het aandeel supermarkten dat buiten de structuur is gesitueerd en het gevestigde aanbod aan Centrumbranches in de reguliere winkelgebieden. Anders gezegd: hoe meer supermarkten op perifere detailhandelslocaties, bedrijventerreinen of solitair zijn gevestigd, des te lager is het aandeel van het aanbod Centrumbranches in de reguliere winkelgebieden. Den Helder kent 41.072 m² wvo aan winkels in de sectoren Dagelijks en Mode & Luxe. Hiervan is 90% gesitueerd in een regulier winkelgebied. Op PDV-cluster Ravelijn is ca. 30.000 m² wvo in gebruik door detailhandel in de branches in de volumineuze detailhandel6Het bedrijfsmatig te koop aanbieden van goederen waarvan redelijkerwijs mag worden aangenomen, dat deze gezien de aard en omvang niet passen in een winkelcentrum of woongebied. Hieronder vallen in ieder geval auto’s, boten , grove bouwmaterialen en grootschalige woninginrichtingszaken. Bestemmingsplan Westoever 2011 . Indien die bestemmingsregeling wordt opgeheven kunnen Centrumbranches zich hier vestigen. Met een volledige verkleuring van alleen al dit centrum kan zich hier in theorie ca. 30.000 m² wvo aan Centrumbranches vestigen buiten de bestaande structuur. Op basis van Figuur 11 mag verwacht worden dat dit ten koste gaat van het aantal winkelmeters in de reguliere winkelgebieden. Of winkels verplaatsen van de reguliere winkelgebieden naar de bedrijventerreinen (inclusief het PDV-cluster Ravelijn), óf er vestigen zich nieuwe spelers, waardoor winkels in de Centrumgebieden significant omzet verliezen en hun bestaansrecht verliezen. Of er treedt een combinatie van die twee ontwikkelingen op. Figuur 11 Aandeel Centrumbranches in reguliere winkelgebieden afgezet tegen het aandeel supermarkten buiten de reguliere structuur, per gemeente (landelijk) Bron: Locatus, Oktober 2023; Bewerking: Sweco Dat er een negatief verband bestaat tussen het aandeel supermarkten buiten de structuur en het aanbod Centrumbranches in de reguliere winkelgebieden is logisch. Immers, consumenten kunnen iedere euro maar één keer uitgeven. Doen zij dat in een winkel/supermarkt die buiten de reguliere structuur is gevestigd, dan komt die euro niet terecht bij een winkel/supermarkt in een winkelgebied dat deel uitmaakt van de fijnmazige en bewust beleidsmatig opgezette reguliere detailhandelsstructuur. In de kleinere centra bestaat het winkelaanbod voornamelijk uit winkels uit de dagelijkse sector. Eerder liet Figuur 10 het belang voor vestiging nabij supermarkten al zien voor deze sector. Dit blijkt ook uit Figuur 12, de dagelijkse sector in reguliere winkelgebieden is gevoelig voor de aanwezigheid van supermarkten buiten de structuur. Figuur 12 Aandeel dagelijkse sector in reguliere winkelgebieden, afgezet tegen het aandeel supermarkten buiten de reguliere structuur per gemeente (landelijk) Bron: Locatus oktober 2023; Bewerking Sweco Verband leegstand in reguliere detailhandelsstructuur en supermarkten buiten de structuur Naarmate het aandeel supermarkten buiten de reguliere detailhandelsstructuur hoger is, ligt ook de leegstand in de reguliere winkelgebieden gemiddeld op een hoger niveau. Wel loopt dit slechts gradueel op (Figuur 13). Figuur 13 Winkelleegstand in de reguliere winkelgebieden, afgezet tegen het aandeel supermarkten buiten de reguliere structuur, per gemeente (landelijk) Bron: Locatus oktober 2023; Bewerking Sweco Wanneer een vergelijking wordt gemaakt met het aandeel supermarkten dat gevestigd is in de reguliere winkelgebieden (Figuur 14) wordt duidelijk dat hoe groter het aandeel supermarkten in deze gebieden is, hoe kleiner de winkelleegstand in deze winkelgebieden is. Figuur 14 Winkelleegstand in de reguliere winkelgebieden, afgezet tegen het aandeel supermarkten in de reguliere winkelgebieden, per gemeente (landelijk) Bron: Locatus oktober 2023; Bewerking Sweco Effect van overaanbod Het toenemende overaanbod van supermarktmeters in Den Helder verhoogt de kans op leegstand in reguliere winkelgebieden. Uit de distributieve berekening (zie paragraaf 2.4 en bijlage 2) blijkt dat er momenteel sprake is van een overaanbod aan supermarktmeters en dat dit in de toekomst verder toe zal nemen. Hierdoor is het risico op een negatief vicieuze cirkel groot. De analyse hierboven laat zien dat er een positieve correlatie is tussen een hoge leegstand in het centrumgebied en het aandeel supermarkten dat buiten de reguliere structuur gevestigd is. Vervolgens zullen reguliere winkelgebieden minder aantrekkelijk worden wanneer de leegstandscijfers verder toenemen en vergroot dit de kans dat supermarkten zich buiten de structuur wensen te vestigen. Een toename van de leegstand gaat dan ten koste van een vitale supermarktstructuur, detailhandelsstructuur én leefklimaat. Conclusie: maatregel is geschikt Afschaffing van de paraplubestemming supermarkten leidt aantoonbaar tot de vestiging van supermarkten buiten de structuur. De zorgvuldig opgebouwde fijnmazige winkelstructuur komt onder druk te staan. Naarmate er relatief meer supermarkten en reguliere detailhandel buiten de reguliere detailhandelsstructuur is gevestigd leidt dit tot een hogere (winkel)leegstand in winkelgebieden binnen de reguliere structuur. Het belangrijkste doel van de paraplubestemming “het behouden en creëren van een vitale detailhandelsstructuur” kan niet gewaarborgd worden wanneer supermarkten zich buiten de reguliere winkelstructuur kunnen vestigen. 3.5Evenredigheid: is maatregel minst beperkend? In het vorige paragraaf is op basis van controleerbaar onderzoek aangetoond dat de maatregel – paraplubestemmingsplan supermarkten – in deze specifieke situatie (Den Helder) geschikt is om het beoogde doel (behoud en creëren van vitale centra, tegen gaan van perifere vestiging van detailhandel) te bereiken. In deze paragraaf onderzoeken we in hoeverre de bestemmingsregel de minst beperkende maatregel is om de gewenste doelen te bereiken. Dit doen we aan de hand van een beschrijving van welke andere maatregelen de gemeente Den Helder of andere stakeholders hebben getroffen om deze doelen te bereiken. Aanwijzen van detailhandelsstructuur De gemeente Den Helder heeft in zijn beleid7Vastgelegd in de detailhandelsvisie van de Kop van Noord-Holland duidelijke gebieden aangewezen die functioneren als reguliere winkelgebieden. Het doel van deze reguliere winkelgebieden is het clusteren van detailhandel, horeca en diensten in deze gebieden. Welke functies op welke locaties gewenst zijn is afhankelijk van het type regulier winkelgebied en is vastgelegd in de detailhandelsvisie van de gemeente Den Helder. Met het aanwijzen van specifieke winkelgebieden binnen de gemeente tracht de gemeente Den Helder de structuur die hiervoor al zichtbaar was te versterken. Daarnaast is er sinds aanwijzen van de structuur actief geïnvesteerd in de uitstraling van de reguliere winkelgebieden. Afwijzen en toewijzen van verzoeken tot vestiging overeenkomend met detailhandelsstructuur De gemeente Den Helder heeft de afgelopen jaren verschillende verzoeken van supermarktorganisaties gehad tot vestiging buiten de bestaande en gewenste detailhandelsstructuur. Hieronder een overzicht van de aanvragen van de afgelopen jaren: Aanvraag vestiging van een Lidl aan de Burgemeester Ritmeesterweg (2021/2022), aanvraag is door de gemeente afgewezen. De uitspraak heeft in beroep ook stand gehouden. Aanvraag vestiging van een Aldi op het Ravelijncenter
(2020); aanvraag is afgewezen door de gemeente. In een rechtszaak is de gemeente in gelijk gesteld. Naast aanvragen voor vestiging van supermarkten buiten de structuur zijn er ook aanvragen geweest voor uitbreiding en/of vestiging van supermarkten binnen de bestaande structuur. Deze verzoeken zijn door de gemeente toegewezen: Aanvraag tot uitbreiding van Lidl in Julianadorp (2019/2020); aanvraag is toegewezen, de Lidl is verplaatst binnen het centrumgebied waarbij uitbreiding van het bestaande metrage is toegestaan en de supermarktbestemming op de oude bestemming aan het Loopuytpark is wegbestemd. Aanvraag tot uitbreiding van Lidl in de Duinpassage
(2022); aanvraag is toegewezen. Lidl heeft binnen het winkelcentrum uitgebreid door andere panden bij de winkel te betrekken. Het winkelcentrum heeft een brede detailhandelsbestemming waardoor dit bestemmingsplantechnisch mogelijk was. Conclusie: minst beperkende maatregel De gemeente Den Helder hanteert een aantal verschillende maatregelen om de vestigingsmogelijkheden voor supermarkten binnen de bestaande reguliere detailhandelsstructuur te versterken. Zo is bijvoorbeeld een winkelstructuur aangewezen en is geïnvesteerd in zowel de uitstraling van de Duinpassage als in het centrum van Den Helder. Daarnaast zijn initiatieven die de aangeduide structuur zouden ondermijnen afgewezen en initiatieven die de structuur versterken mogelijk gemaakt. De gemeente Den Helder hanteert daarmee een coherent en systematisch beleid. Het loslaten van het paraplubestemmingsplan supermarkten zal desondanks leiden tot het vestigen van supermarkten buiten de bestaande structuur, en hiermee de bestaande structuur aantasten. Door betere bereikbaarheid en lagere huren op locaties buiten de reguliere detailhandelsstructuur zullen supermarkten op zoek gaan naar locaties hierbuiten. Concrete voorbeelden tonen aan dat dit niet alleen mogelijk is maar deze ontwikkeling ook daadwerkelijk optreedt. Sterker nog, in de laatste 3 jaar zijn er meerdere verzoeken gekomen van supermarkten die zich buiten de reguliere structuur van Den Helder wensten te vestigen. Vestiging van reguliere detailhandel en supermarkten buiten de reguliere detailhandelsstructuur vergroot de leegstand in deze clusters en tast daarmee op een negatieve manier de centrumgebieden aan. Ook is er minder sprake van combinatiebezoek met andere winkeliers. Dit alles terwijl de gemeente te maken krijgt met een afname in draagvlak en daarmee de behoefte voor detailhandel. Kortom, de bestemmingsregeling kan niet worden gemist om de nagestreefde doelen te bereiken. Het ondersteunende beleid zoals dat nu is vastgesteld zal niet voorkomen dat supermarkten zich buiten de bestaande structuur zullen vestigen. Als resultaat zal de bestaande (reguliere) detailhandelsstructuur onder druk komen te staan. Voordelen van concentratie verdwijnen waardoor de kans op leegstand toeneemt. De planregel beschermt effectief de leefbaarheid en vitaliteit van de reguliere detailhandelsstructuur van de gemeente Den Helder. C. Bijlagen Bijlage 1: Overzicht beleidsstukken Onderstaande (beleids)stukken zijn in ‘Retailbeleid gemeente Den Helder stand van Zaken en actualiteit’ geanalyseerd en samengevat. In paragraaf 2.3 zijn hieruit de belangrijkste regels met betrekking tot de supermarktstructuur in Den Helder opgenomen. In het overzicht hieronder wordt duidelijk uit welke stukken destijds zijn geanalyseerd. De schuingedrukte stukken betreffen geen stukken van of met medewerking van de overheid. Kadernota detailhandel, 17 september 2007 Evaluatie kadernota 2007, 17 oktober 2011 Regionale retailvisie Kop van Noord-Holland, december 2017 Paraplubestemmingsplan supermarkten, 21 november 2022 Jutten in Den Helder, gezamenlijk actieplan Helderse winkelgebieden 2017/2018 Memo ondernemersbijeenkomst voor nieuw detailhandelsbeleid, 9 augustus Aldiis anders, 9 januari 2020 Onderbouwing Aldi Den Helder,30 juni 2020 Beleidsregels detailhandel, memo raadscommissie, 18 mei 2020 Verweerschrift Weststraat BV, 17 augustus 2020 Tussenrapportage Vastgoedmanagers Den Helder, november 2020 Uitspraak beroep Weststraat, 23 november 2020 Monitor detailhandel Noord-Holland 2020-2021 Presentatie Kopgroep Schootenplaza, 2 februari 2021 Gespreksnotitie lokale retailvisie, 18 februari 2021 Presentatie Kopgroep Binnenstad, 23 februari 2021 Presentatie Kopgroep Marsdiepstraat, maart 2021 Evaluatie manager Winkelleegstand Den Helder, april 2021 Voorstel weekmarkten College van Burgemeester en Wethouders, 20 april 2020 Bestemmingsplan Stadshart centrum, 2010 Naast de bovengenoemde beleidsstukken die geanalyseerd zijn voor het ‘Retailbeleid gemeente Den Helder stand van Zaken en actualiteit’ is ook gekeken naar de volgende beleidsstukken. Omgevingsvisie NH2050, 19 november 2018 Omgevingsverordening NH2020, 10 juli 2023 Detailhandelsbeleid Noord-Holland 2015-2020, 26 mei 2016 Bijlage 2: Distributieve analyse Bij de distributieve berekeningen voor de supermarktsector zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: Draagvlak. Voor het draagvlak is uitgegaan van een inwoneraantal van 56.539 in de huidige situatie (CBS Statline). Op basis van de bevolkingsprognose van Primos
(2023)zal het inwonertal in de gemeente Den Helder zakken naar 55.630 inwoners in 2030 en 53.300 inwoners in 2040. Bestedingen per hoofd. Jaarlijks geldt een bestedingscijfer van € 2.183 per persoon in fysieke supermarkten (exclusief BTW). Deze cijfers zijn gebaseerd op de meest recente gegevens over bestedingen van INretail & Panteia (Omzetkengetallen, 2022). Het gemiddelde inkomen per persoon in de gemeente Den Helder ligt 9,2% onder het landelijk gemiddelde, waardoor het feitelijke bestedingsbedrag aan supermarkten van inwoners van Den Helder ook lager ligt. De bestedingen zijn hiervoor gecorrigeerd (met een prijselasticiteit van 0,4 voor de dagelijkse sector). De bestedingen worden constant verondersteld richting de toekomst. Koopkrachtbinding. De koopkrachtbinding betreft de mate waarin inwoners van Den Helder voor dagelijkse aankopen georiënteerd zijn op winkels in de eigen gemeente. Op basis van de koopstromen (KSO 2021) ligt de koopkrachtbinding op 94%. Wanneer dit bijgesteld wordt naar de online afvloeiing van 2%, komt de fysieke koopkrachtbinding uit op 96%. We veronderstellen dat de koopkrachtbinding naar de toekomst toe gelijk blijft. Koopkrachttoevloeiing. De toevloeiing bedraagt het deel van de winkelomzet van dagelijkse winkels in de gemeente Den Helder dat afkomstig is van inwoners buiten de gemeente. Op basis van het KSO 2021 ligt de koopkrachttoevloeiing op 6%. We veronderstellen dat de koopkrachttoevloeiing naar de toekomst toe gelijk blijft. Gevestigd aanbod. Het huidige aanbod supermarktmeters in de gemeente Den Helder betreft 19.408 m² wvo. We gaan er vanuit dat het aanbod naar de toekomst toe gelijk zal blijven. Parameter Huidige situatie
(2023)2030 2040 Inwoners 56.539 55.630 53.300 Bestedingen per hoofd in € € 2.183 € 2.183 € 2.183 Bestedingspotentieel in € mln. € 123 € 121 € 116 Bestedingspotentieel in € mln. inclusief inkomenscorrectie € 119 € 117 € 112 Koopkrachtbinding 96% 96% 96% Gebonden bestedingen in € mln. € 114 € 112 € 107 Koopkrachttoevloeiing 6% 6% 6% Omzet door toevloeiing in € mln. € 7 € 7 € 7 Totale bestedingen in € mln. € 121 € 119 € 114 Gemiddelde vloerproductiviteit in € per m² wvo € 8.589 € 8.589 € 8.589 Gerealiseerde vloerproductiviteit/functioneren € 6.250 € 6.150 € 5.892 Haalbaar aanbod in m² wvo 14.124 13.897 13.315 Supermarktaanbod in m² wvo huidige situatie 19.408 19.408 19.408 Uitbreidingsruimte in m² wvo -5.284 -5.511 -6.093 Tabel 2 Distributieve berekening Gemeente Den Helder Bron: Sweco Bijlage 3: Begrippenlijst Bruto vloeroppervlakte (bvo) Dit betreft de vloeroppervlakte van de ruimte, dan wel van meerdere ruimten van een vastgoedobject gemeten (volgens NEN 2580) op vloerniveau langs de buitenomtrek van de (buitenste) opgaande scheidingsconstructie, die de desbetreffende ruimte(
- n)omhullen. Distributieplanologisch onderzoek (DPO) Manier om de (extra) vraag naar detailhandel of winkelgebieden te becijferen. In het DPO wordt een vergelijking van de (ontwikkeling van
- de)vraag (inwoners in het verzorgingsgebied) met het bestaand aanbod gemaakt. Koopkrachtbinding Mate waarin inwoners van een bepaald gebied hun bestedingen verrichten bij winkels die in het gebied gevestigd zijn. Leegstand Een unit/verkooppunt/pand met een commerciële bestemming, zonder dat daar een functie is gevestigd. Een leegstaand pand kan in het verleden een winkel zijn geweest, maar ook een andere functie hebben gehad (zoals bijvoorbeeld een ambacht, horeca of dienstverlening). Ook bij eventuele invulling van het pand kunnen naast een winkel ook andere functies gevestigd worden. PDV cluster PDV cluster, een concentratie van perifere detailhandelsvestigingen van drie of meer verkooppunten in de branchegroep In/Om Huis met een ondergrens van 1.000 m² bvo per vestiging (samen minimaal 3.000 m² bvo) met een (boven)lokaal bereik (in beginsel minimaal 50.000 inwoners binnen 5 tot 10 kilometer). Supermarkt Zie paragraaf 1.1 voor de definitie die we in dit document hanteren en welk onderscheid er gemaakt kan worden. Verspreide bewinkeling Alle verkooppunten die niet tot een winkelconcentratie (volgens de indeling van Locatus) behoren. Hiertoe behoren solitaire verkooppunten en de concentraties van 4 verkooppunten of minder, of van 2 winkels inclusief een supermarkt. Binnen Verspreide bewinkeling is er een driedeling naar verkooppunten, namelijk 1) Binnen de bebouwde kom, 2) Buiten de bebouwde kom, en 3) op bedrijventereinen. Vloerproductiviteit Gemiddelde omzet in gevestigde winkels per m² verkoopvloeroppervlak (wvo) Winkelvloeroppervlak (wvo) Het winkelvloeroppervlak betreft het winkeloppervlakte wat in gebruik is voor de directe verkoop van goederen. Het betreft het voor de klant toegankelijke verkoopruimte van de winkel, oftewel het totale bedrijfsvloeroppervlakte minus eventueel kantoor-, personeels- en magazijnruimte, toiletten, etc.. Bijlage2:Retailbeleid gemeente Den Helder stand van zaken en actualiteit 2021 RETAILBELEID GEMEENTE DEN HELDER STAND VAN ZAKEN EN ACTUALITEIT 23 DECEMBER 2021 RETAILBELEID GEMEENTE DEN HELDER STAND VAN ZAKEN EN ACTUALITEIT 23 DECEMBER 2021 Status: Definitief Datum: 23 december 2021 Een product van: Bureau Stedelijke Planning bv Silodam 1E 1013 AL Amsterdam 020 - 625 42 67 www.stedplan.nl amsterdam@stedplan.nl Team Winkelen Ellen Scholten MSc Voor meer informatie: Dr. Aart Jan van Duren, ajvd@stedplan.nl Review: Dr. Aart Jan van Duren In opdracht van: Gemeente Den Helder De in dit document verstrekte informatie mag uitsluitend worden gebruikt in het kader van de opdracht waarvoor deze is opgesteld. Elk ander gebruik behoeft de voorafgaande schriftelijke toestemming van Bureau Stedelijke Planning BV©. Projectnummer: 20210138 Referentie: 20210138 Den Helder retailbeleid INLEIDING 7 SAMENVATTING EN ADVIES 9 OVERZICHTSTABEL – INZICHT IN DOCUMENTEN EN ACTUALITEIT 13 1 OVERZICHTSTABEL - INZICHT IN DOCUMENTEN EN ACTUALITEIT 14 1.1 OVERZICHT (BELEIDS)DOCUMENTEN ACHTERGROND 26 2 OVERZICHT DOCUMENTEN PER (TYPE) GEBIED 27 3 BELANGRIJKSTE TRENDS EN ONTWIKKELINGEN 29 4 CONSISTENT BELEID ESSENTIEEL INZAKE EUROPESE DIENSTENRICHTLIJN 32 5 SAMENVATTING BELEIDSDOCUMENTEN 34 5.1 KADERNOTA DETAILHANDEL 2007 5.2 NIEUWE TIJDEN, NIEUWE KANSEN 2011, EVALUATIE KADERNOTA DETAILHANDEL 2007 5.3 REGIONALE RETAILVISIE KOP VAN NOORD-HOLLAND 2018 5.4 PARAPLUBESTEMMINGSPLAN SUPERMARKTEN (ONTWERP 10 FEBRUARI 2021) 5.5 JUTTEN IN DEN HELDER 2017-2018 (NIET VASTGESTELD) 5.6 BELEIDSNOTITIE INTERNETWINKELS EN ONDERGESCHIKTE DETAILHANDEL (MEI 2021) 5.7 OVEREENKOMST VOOR HET HOUDEN VAN EEN WEEKMARKT OP WOENSDAG EN ZATERDAG TE DEN HELDER (JUNI 2021) 5.8 LEEGSTANDSVERORDENING (1 JUNI 2016) 5.9 STANDPLAATSEN IN ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING DEN HELDER 2019 5.10 UITWERKINGSPLAN STADSHART
(2008)5.11 COALITIEPROGRAMMA GEMEENTE DEN HELDER - HELDERS AKKOORD 2018 – 2022 – VOORWAARTS IN GEZAMENLIJKHEID 5.12 KADERNOTA 2022 – 2025 ( 7 JULI 2021) 5.13 STRUCTUURVISIE DEN HELDER 2025 (SEPTEMBER 2012) 5.14 OMGEVINGSVISIE HUISDUINEN (MAART 2018) 5.15 OMGEVINGSVISIE JULIANADORP (DECEMBER 2019) 5.16 BESTEMMINGSPLANNEN 5.17 PROVINCIAAL BELEID 5.18 DEN HELDER BRUIST! BELEIDSKADER TOERISME
(2017)6 SAMENVATTING INTERVIEWS. 52 7 BEGRIPPENLIJST 54 INLEIDING AANLEIDING De lokale detailhandelsvisie van de gemeente Den Helder, daterend uit 2007 en aangevuld in 2011, is verouderd. Er is een roep om nieuw detailhandelsbeleid te ontwikkelen, maar 2021 wordt niet als een geschikt moment beschouwd om dat nieuwe beleid op te stellen. De coronacrisis (onzekerheid over effecten, participatie als extra belasting voor ondernemers) speelt daarin een belangrijke rol. Ook het momenteel lopende Koopstromenonderzoek Randstad 2021, waarvan de uitkomsten pas begin 2022 beschikbaar zijn, weegt mee. De gemeente heeft er daarom voor gekozen dit jaar geen nieuwe retailvisie op te stellen, maar een overzicht op te stellen van het lokale retailbeleid zoals dat in verschillende beleidsdocumenten en actieplannen is opgenomen. FIGUUR 1 DETAILHANDELSTRUCTUUR GEMEENTE DEN HELDER Bron: Jutten in Den Helder 2017/2018; Bewerking Bureau Stedelijke Planning ACTUALISEREN, AANVULLEN OF OP ORDE? Bureau Stedelijke Planning is gevraagd deze inventarisatie op te stellen. Door middel van deskresearch en interviews (zie ook hoofdstuk 6) ontstaat er een duidelijk beeld van de vigerende beleidslijnen. De inventarisatie heeft tot doel de stakeholders in de gemeente (inwoners, ondernemers, eigenaren, college en raad) op een aanschouwelijke wijze inzicht te geven in het lokale retailbeleid in de gemeente Den Helder. Met de voorliggende uitkomsten heeft de gemeente Den Helder tevens een antwoord op de vraag welke accenten in een mogelijk toekomstig op te stellen retailvisie moeten worden aangebracht. Het document schetst een totaalbeeld van de koers die Den Helder vaart in een overzichtstabel (Hoofdstuk 1 en 2). Tevens brengt het focus aan: wat is op orde, en wat moet in de toekomst worden aangevuld en/of verder uitgewerkt? Ook geven de bijlagen inzicht in de trends en ontwikkelingen in het retaillandschap (Hoofdstuk 3), de essentie van de Europese Dienstenrichtlijn en de effecten voor het retailbeleid (Hoofdstuk 4), en een korte samenvatting van de verschillende documenten van Den Helder (Hoofdstuk 5). SAMENVATTING EN ADVIES TURBULENTE TIJDEN VOOR DE RETAIL Alle commerciële publieksvoorzieningen samen heten ook wel retail. Denk aan detailhandel, horeca, vrijetijdsvoorzieningen en dienstverlening. Deze sector, die van nature al erg dynamisch is, bevindt zich momenteel in turbulente tijden. Online winkelen neemt al jaren toe, waardoor de uitgaven in de fysieke winkels afnemen, met een afnemende vraag aan winkels tot gevolg. Ook reisbureaus, uitzendbureaus en bankkantoren die ooit in groten getale in de winkelstraat te vinden waren zijn grotendeels overgenomen door de online varianten. Tegelijkertijd stijgen al jaren de uitgaven aan horeca en vrijetijdsvoorzieningen. In deze sector neemt het aanbod en de diversiteit juist toe. Naast deze structurele trends, wordt de gehele sector geraakt door de huidige Coronacrisis. Door verplichte sluitingen, maar ook het gevoel van veiligheid tegen het virus met online winkelen, zorgen voor diepe dalen in de omzetten. Door steunmaatregelen vallen de zichtbare effecten in vorm van leegstand nog mee. De verwachting is dat met het stoppen van deze steun sinds 1 oktober 20211Peildatum 29 november 2021 – Momenteel onbekend of met de huidige aangescherpte maatregelen de steunmaatregelen mogelijk (deels) zullen terugkeren de effecten in de retailclusters snel te zien zijn. OOK IN DEN HELDER: WAAR STAAT DE GEMEENTE, EN WELKE ONTWIKKELINGEN ZIJN ER ACTUEEL? Omdat Den Helder al vanaf de tweede helft van de jaren tachtig met een bevolkingsafname te maken had, was de gemeente al vroeg voorbereid op een afnemende behoefte aan winkels. Den Helder liep voorop in Nederland met de aanpak van de binnenstad. Toen in andere gemeenten de focus nog lag op groei, werd in Den Helder al ingezet op een compactere en meer aantrekkelijke binnenstad. Het afgelopen decennium is hier veel in geïnvesteerd, zoals de herinrichting van de Beatrixstraat, ontwikkeling Halte Bellevue en de transformatie van de Koningstraat naar wonen. Ook in de andere clusters, zoals de wijkwinkelcentra, dorpscentrum van Julianadorp (De Riepel) en op Willemsoord, is ingezet op versterking van het aanbod en de aantrekkelijkheid. Ook al is er veel op orde in Den Helder, er spelen nog een aantal kwesties waar een antwoord op moet komen, onder andere: Supermarkten proberen hun positie te versterken, enerzijds door bestaande vestigingen uit te breiden, anderzijds door hun wens nieuwe winkels te openen, zowel binnen de winkelgebieden als daarbuiten; De horeca op de Koningstraat is grotendeels opgeheven en is Willemsoord de nieuwe belangrijkste locatie voor clustering van horeca, maar is het onduidelijk welke richting er voor de horeca hierbuiten geldt; Welke afbakeningen wenselijk zijn voor de verschillende gebieden (waar is clustering nodig en waar is eventueel nog uitbreiding mogelijk) en welke functies horen allemaal binnen deze afbakening. Hoe op deze en andere (deels nu nog onbekende) ontwikkelingen kan worden ingespeeld is vastgelegd in beleidsdocumenten, verordeningen en/of bestemmingsplannen.2n dit memo is een overzicht opgenomen van alle relevante documenten en plannen Deze documenten bieden kaders voor de ontwikkeling van een sector of van een gebied, zelfs tot op perceelsniveau (het bestemmingsplan). WELKE KADERS KENT DEN HELDER NU? Op zowel regionaal als gemeentelijk niveau zijn er voor Den Helder kaders vastgesteld die duidelijkheid moeten geven voor de toekomstrichting van de retailsector in Den Helder3Zie paragraaf 1.1 voor een overzicht.. Voor detailhandel in het algemeen geldt dat er veel is vastgelegd, en dat er zeker voor de binnenstad uitgebreide uitwerkingen zijn. Zo is duidelijk uitgewerkt waar het clusteren van het aanbod in de binnenstad plaats moet vinden en waar transformatie naar wonen gewenst is. Ook voor de twee warenmarkten is veel in beleid en kaders vastgelegd. Zo is duidelijk dat buiten de retailstructuur geen supermarkten gewenst zijn. Ook komt het doel van compacte en aantrekkelijke clusters duidelijk in de beleidsdocumenten van Den Helder aan de orde. Maar er zijn ook sectoren en locaties waarvoor de kaders wat minder duidelijkheid bieden. Zo figureren horeca en dienstverlening slechts in de beleidsdocumenten over Willemsoord en de binnenstad. Deze documenten geven weinig houvast waar welke type functies gewenst zijn. En ook niet hoe in te spelen op de belangrijkste opgaven voor deze sectoren (zoals de toename van ambachtelijke dienstverleners als kappers). Ook de ontwikkelrichting (als omvang, sectoren, ontwikkelmogelijkheden) voor de ondersteunende clusters is niet in beleidsdocumenten vastgelegd en is niet uitgewerkt of en hoe de dragers van deze gebieden, de supermarkten, zich mogen ontwikkelen. FIGUUR 2 OVERZICHT MATE VAN VOLLEDIGHEID BETREFT FUNCTIES EN OPGAVEN – CONCLUSIE VOLGT UIT HFST 1 OVERZICHTSTABEL WELKE KEUZE LIGT VOOR? Het bovenstaande leidt tot de conclusie dat er veel op orde is, maar dat er ook een aantal gaten in het beleid zitten. De vervolgvraag is hoe daarmee om te gaan. In de onderstaande tabel schetsen we de voor- en nadelen van de verschillende scenario’s, van doorgaan met de huidige kaders, via het aanvullen van de kaders met ontbrekende onderdelen, tot het volledig opstellen van nieuw retailbeleid. SCENARIO UITWERKING VOOR- EN NADELEN Doorgaan met huidige kaders Voor de retailsector zijn er door de jaren heen al duidelijke kaders opgesteld. Er vindt geen nadere uitwerking van het huidige beleid plaats. Belangrijk voordeel van dit scenario is dat er ambtelijk, politiek en onder de stakeholders geen tijd, geld en energie hoeft te worden gereserveerd voor nieuwe kaders. Met name de regionale retailvisie uit 2018 maakt op hoofdlijnen duidelijk welke detailhandelsontwikkelingen bij welk type cluster passen. Voor de andere sectoren binnen de retail en voor alle clusters in Den Helder niet zijnde de binnenstad geldt dat de retailvisie slechts beperkte kaders biedt. De gedeelde opvatting kan zijn dat deze kaders vanuit flexibiliteit en ondernemerschap gezien voldoende houvast bieden. Elk nieuw initiatief wordt beoordeeld op zijn betekenis tegen het licht (van een juiste interpretatie) van de huidige kaders. Tegenover het voordeel van flexibiliteit en ondernemerschap staat het risico van willekeur of subjectiviteit. Aanvullen kaders op missende/beperkt uitgewerkte onderdelen Aparte beleidsdocumenten opstellen voor essentiële onderdelen van de retailsector en voor de opgaven die momenteel niet of te beperkt aan de orde komen. Met de keuze voor dit scenario kunnen risico’s als ontwikkelingen op ongewenste plekken of overdimensionering (een te groot aanbod op een specifieke plek) vermeden worden. Als illustratie daarvan: in het ontwerp paraplubestemmingsplan supermarkten4Peildatum 10 februari. Parapulubestemmingsplan moet nog vastgesteld worden door de raad is weliswaar opgenomen dat er zich geen supermarkten buiten de clusters mogen vestigen, maar het geeft geen antwoord op de vraag welke ontwikkelingen binnen de clusters wel gewenst zijn. Door op dit thema het beleid aan te vullen ontstaat er duidelijkheid en volledigheid, en kan de groei van deze sector in de gewenste richting worden gestuurd. Belangrijk nadeel van het aanvullen van de kaders op enkele onderdelen, is dat de overzichtelijkheid van het retailbeleid verder onder druk komt te staan. Nieuw integraal retailbeleid In een nieuwe visie, die ook wordt doorvertaald in op te stellen omgevingsvisies en omgevingsplannen, komen alle sectoren en opgaven in één samenhangend beleidsdocument aan bod. Door in te zetten op integraal retailbeleid ontstaat duidelijkheid en investeringsbereidheid voor ondernemers en eigenaren, maar ook ambtelijk biedt het overzicht. Het verschaft duidelijkheid over de toekomstige ontwikkelingsmogelijkheden en beperkingen per functie, (type) deelgebied en locatie. De gemeente kan het beleid gebruiken als afwegingskader bij de beoordeling van nieuwe initiatieven. Op papier is het nadeel van dit scenario dat het voor verschillende functies en opgaven een herhaling van zetten lijkt te betekenen. Dit kan echter ondervangen worden door het nieuwe beleid een samenvoeging te laten zijn van beleid wat er al is (en wat goed werkt!) en nieuw te ontwikkelen beleid voor de opgaven en gebieden die nu onderbelicht zijn. TABEL 1 SCENARIO’S IN NIEUW RETAILBELEID De keuze is aan de gemeente Den Helder, in overleg met de stakeholders. Voor welk scenario ook wordt gekozen: het retailbeleid zal enerzijds duidelijke kaders (blijven) bieden waarbinnen een gezonde ruimtelijk-economische ontwikkeling zijn werk kan doen en anderzijds rechtszekerheid bieden aan bewoners en ondernemers. OVERZICHTSTABEL – INZICHT IN DOCUMENTEN EN ACTUALITEIT 1 OVERZICHTSTABEL - INZICHT IN DOCUMENTEN EN ACTUALITEIT OVERZICHT (BELEIDS)DOCUMENTEN Onderstaande (beleids)documenten zijn geanalyseerd en samengevat in Bijlage 1. In paragraaf 2.2 wordt er middels de nummers tussen haakjes verwezen naar het stuk waar de desbetreffende regel of visie in staat. Het nummer komt samen met een deel van de titel terug in de twee schema’s (tabel 1 en 2) en het blauwe deel is een korte toelichting van de essentie/inhoud van het stuk. Kadernota detailhandel, 17 september 2007 Detailhandelsvisie gemeente Den Helder die inzet op het versterken van de winkelstructuur door middel van een succesvolle locatiekeuze en vestigingsstrategie. Evaluatie kadernota detailhandel 2007, 17 oktober 2011 Evaluatie kadernota met als belangrijkste ontwikkelingen de toegenomen kwaliteit van buurt- en wijkvoorzieningen, toeristisch beleid dat is opgezet. Het centrummanagement draagt de verantwoordelijkheid voor de praktische invulling. Regionale retailvisie Kop van Noord-Holland, juni 2018 Regionaal retailbeleid volgend op Provinciaal beleid. De focus in de visie ligt op het inspelen op de veranderende behoeften van de consument, ondernemerschap en samenwerking. Het centrale uitgangspunt is het creëren van een optimaal verblijfsklimaat die lokaal uitgewerkt moeten worden naar actieplannen. Paraplubestemmingsplan supermarkten (ontwerp 10 februari 2021) Planologische regeling waarin vestigen van supermarkten buiten de bestaande winkelgebieden wordt uitgesloten. Jutten in Den Helder, gezamenlijk actieplan Helderse winkelgebieden, 2017/2018 (niet vastgesteld) Gezamenlijk actieplan voor de Helderse winkelgebieden, bestaande uit concrete aanbevelingen op het gebied van organisatie en marktwerking, marketing en promotie en ruimtelijk-functionele zaken. Beleidsnotitie Internetwinkels en ondergeschikte detailhandel (mei 2021) Notitie waarin regionaal beleid wordt overgenomen in lokaal beleid. De belangrijkste wijzigingen zijn de aanscherping van het verbod op afhaalpunten bij internetwinkels op de bedrijventerreinen en de toevoeging van het verbod van pick-up-points. Overeenkomst voor het houden van een weekmarkt op woensdag en zaterdag te DenHelder (Juni 2021) Overeenkomst waarin voorwaarden voor het houden van weekmarkten op de Beatrixstraat en Marsdiepstraat zijn vastgesteld. Leegstandsverordening (1 juni 2016) De leegstandsverordening heeft als doel dat eigenaren van panden in het centrum van Den Helder hun pand niet leeg kunnen laten staan. Standplaatsen in algemene plaatselijke verordening Den Helder (APV - 2019) De gemeente heeft geen standplaatsenbeleid. In de APV zijn wel de definitie, standplaatsvergunningseisen en weigeringsgronden opgenomen. Uitwerkingsplan Stadshart
(2008)Het Uitwerkingsplan Stadshart (ook wel UP) is een strategisch belangrijk document, waarmee de ambities voor het Stadshart centraal staan. Dit moet als het kloppende hart voor Den Helder gaan fungeren door o.a. de verbinding met de zee meer zichtbaar te laten worden in de stad. Coalitieprogramma gemeente Den Helder - Helders akkoord 2018 – 2022 – Voorwaarts in gezamenlijkheid In het coalitieprogramma komen retail en de centrumgebieden beperkt aan bod. Stedelijke vernieuwing (primair het Stadshart en Willemsoord) en versterken van detailhandelsstructuur zijn wel genoemd als ambities. Kadernota 2022 – 2025 (7 juli 2021) Betreft de verdeling van het gemeentegeld door College. Gevelrenovatie Stadshart en uitvoering plannen voor dit Stadshart en Willemsoord zijn hierin investeringsposten. Structuurvisie Den Helder 2025 Momenteel nog vigerende structuurvisie waarin wordt gesteld datvoorzieningen voor alle inwoners bereikbaar moet zijn en dat een goed functionerend Stadshart van belang zijn voor Den Helder. Omgevingsvisie Huisduinen (maart 2018) Omgevingsvisie voor het dorp Huisduinen, inclusief haar kleinschalige toeristische voorzieningen, en de natuurlijke omgeving. Omgevingsvisie Julianadorp (december 2019) Omgevingsvisie voor Julianadorp waarin de functie en toekomst van het Loopuytpark, De Riepel en Dorperweerth aan de orde komen. Belangrijkste bestemmingsplannen met door ons toegevoegd welke winkelcentra het betreft (weergegeven met afkorting BP): Bestemmingsplan Stadshart Centrum 2010; Dient o.a. om het ‘Uitwerkingsplan Stadshart Den Helder 2008’ tot uitvoering te kunnen brengen. Het bestemmingsplan heeft met name betrekking op het opknappen van het winkelhart door winkels te concentreren en te moderniseren. Willemsoord 2012; DE SCHOOTEN 2012; Bestemmingsplan Nieuw Den Helder Centrum 2013 (Marsdiepplein – en Duinpassage/Falga); Bestemmingsplan Julianadorp Oost 2011 (Loopuytpark / de Riepel); Julianadorp 2017 (Dorperweerth); Bestemmingsplan Westoever 2011 (Ravelijncentrum). Provinciaal beleid (Detailhandelsvisie 2015 – 2020, Wonen voor winkels
(2020), Omgevingsvisie NH2050 en Provinciale Ruimtelijke Verordening Provincie NoordHolland juni 2019). Beleid en verordeningen die op Provinciaal niveau zijn vastgesteld. Veelal zeer globaal. Den Helder Bruist! Beleidskader toerisme
(2017)Toeristisch kader waarin wordt ingezet op meer bezoekers die langer verblijven en meer uitgeven. De verbinding tussen het Stadshart en Willemsoord wordt als belangrijk gezien om dit te bereiken. LEESWIJZER OVERZICHTSTABEL In onderstaande tabellen is inzicht gegeven welke documenten er zijn, wat de actualiteit is voor Den Helder en welke conclusies we er aan kunnen verbinden. FUNCTIE/OPGAVE De overige kolommen worden uitgewerkt per functie of opgave: Functie (Rode eerste kolom). Uitwerking van de verschillende retailfuncties/ commerciële publieksvoorzieningen. Opgave (Blauwe eerste kolom). Door veranderingen in het retaillandschap en trends zijn er opgaven voor gemeenten op het gebied van retail. Deze geselecteerde opgaven zijn het belangrijkste, omdat zij een effect kunnen hebben voor het retaillandschap van Den Helder. Per opgave wordt gekeken of de huidige documenten hier al aandacht hebben besteed. BELEID, VISIES, BELANGRIJKE VERORDENINGEN EN BESTEMMINGSPLANNEN Onder de tweede kolom zijn de (afkortingen van de) bijbehorende documenten voor die desbetreffende functie of opgave opgenomen. In dit document wordt dan ingegaan op of gerefereerd aan deze functie of opgave. Door te klikken op het document wordt er gebladerd naar de samenvatting in hoofdstuk 5. ACTUALITEIT DEN HELDER Onder de kolom ‘Actualiteit’ zijn actuele thema’s, kwesties of belangrijke ontwikkelingen opgenomen die mogelijk effect kunnen hebben op de toegevoegde waarde en/of actualiteit van bestaande documenten. CONCLUSIE De conclusie bestaat uit twee onderdelen. Ten eerste of deze volledig en actueel is door middel voor kleurcodes: Groen. Voldoende op orde. Duidelijke kaders die voldoende houvast bieden voor deze functie of opgave. Geel. De functie is in verschillende documenten aan de orde gekomen. Echter is van volledige actualiteit, consistentie tussen verschillende stukken en/of volledigheid geen sprake. Rood. De functie komt nauwelijks in beleidsdocumenten aan orde en er zijn dan ook geen of nauwelijks duidelijke kaders. Deze kleurcodes worden opgevolgd door een toelichting met overwegingen. Hierin wordt meegegeven om welke redenen aanvullend beleid wenselijk kan zijn. TABEL 2 OVERZICHTSTABEL BELEIDSDOCUMENTEN PER FUNCTIE EN ACTUELE THEMA’S ACHTERGROND 2 OVERZICHT DOCUMENTEN PER (TYPE) GEBIED Naast inzicht in welke documenten in gaan op bepaalde functies en gebieden zoals in bovenstaande tabellen, geven we onderstaand inzicht in de hoofdlijn van het vigerende beleid. BELEID EN VISIES, BELANGRIJKE VERORDENINGEN EN BESTEMMINGSPLANNEN ACTUALITEIT GEBIED BINNENSTAD DEN HELDER Kadernota detailhandel Evaluatie kadernota Jutten in Den Helder Uitwerkingsplan Stadshart Coalitieprogramma Leegstandsverordening Stadshart Centrum Den Helder bruist! Diverse (gebieds)ontwikkelingen in de binnenstad zoals herontwikkeling V&D naar wonen met winkels in de plint, herontwikkeling Kroonpassage met nieuwe supermarkt. Hierdoor worden er meters detailhandel uit de markt genomen. WILLEMSOORD Kadernota detailhandel Regionale retailvisie Coalitieprogramma Willemsoord Den Helder bruist! E r is een initiatief op Willemsoord met nieuw hotel, short-stay en restaurants. Horeca ondernemers uit Den Helder laten op dit moment een second opinion uitvoeren betreft de behoefte hieraan. DORPSCENTRUM JULIANADORP (DE RIEPEL) Kadernota detailhandel Omgevingsvisie Julianadorp BP Julianadorp-Oost Deen wordt Albert Heijn door overname. Mogelijke herinvulling oude Aldi. WIJKWINKEL-CENTRA Kadernota detailhandel SCHOOTEN PLAZA Kadernota detailhandel BP DE SCHOOTEN Vastgoedmanager is in gesprek met eigenaren hoe het cluster toekomstbestendig te maken. Mogelijk intern schuiven en uitbreidingen vanuit retailers gewenst. Ook een fysieke upgrade van het winkelcentrum gewenst (eerste instantie zijde Baljuwstraat). MARSDIEPSTRAAT Kadernota detailhandel BP Nieuw Den Helder Vastgoedmanager is in gesprek met eigenaren over mogelijke fysieke upgrade van oostzijde centrum en het verplaatsen van retailers van buiten het cluster naar erbinnen. FALGA/ DUINPASSAGE BP Nieuw Den Helder Lidl wenst uit te breiden. DORPERWEERTH JULIANADORP Omgevingsvisie Julianadorp BP Julianadorp 2017 Eigenaar Hoorne vastgoed wil openbare ruimte en parkeren hier verbeteren en verfraaien. RAVELIJN-CENTRUM Kadernota detailhandel Evaluatie kadernota Regionale retailvisie Coalilitieprogramma BP Westoever Vervaging functies. Door eerdere toetreding van reguliere winkels (niet-PDV) willen ook andere reguliere winkels zich hier vestigen. Gebied is 25 jaar oud en wenst revitalisering t.b.v. toekomstbestendig maken van cluster. OVERIG Omgevingsvisie Huishuinen VERSPREID Kadernota detailhandel Paraplubestemmingsplan supermarkten Initiatieven buiten de retailstructuur O.a. Lidl wenst op Ritmeesterweg te vestigen. Wens vanuit gemeente om dit cluster op termijn op te heffen. TABEL 3 OVERZICHTSTABEL BELEIDSDOCUMENTEN PER GEBIED EN ACTUELE THEMA’S 3 BELANGRIJKSTE TRENDS EN ONTWIKKELINGEN 4 CONSISTENT BELEID ESSENTIEEL INZAKE EUROPESE DIENSTENRICHTLIJN Niet elke ruimtelijke trend of ontwikkeling is gewenst binnen de gemeente Den Helder, en andersom zijn er ook enkele ruimtelijke functionele trends die nog niet worden gefaciliteerd of die niet genoeg aandacht krijgen in het beleid (o.a. voor horeca). In dit hoofdstuk worden de in het vigerende beleid nog onderbelichte onderwerpen uitgelicht. ESSENTIE VAN DE EUROPESE DIENSTEN RICHTLIJN In het vigerende beleid, bestemmingsplannen en lopende visies gelden regelmatig oppervlakte- of brancheringsbeperkingen (bijvoorbeeld minimale maat voor vestiging op Ravelijncenter). Deze branchering van met name detailhandel is in de toekomst lastiger te handhaven gezien de relevantie van de Europese dienstenrichtlijn. De dienstenrichtlijn vereist bij brancheringsregels in vigerend beleid de volgende 3 voorwaarden: Discriminatieverbod: de eisen maken geen direct of indirect onderscheid naar nationaliteit of, voor vennootschappen, de plaats van hun statutaire zetel; Noodzakelijkheid: de eisen zijn gerechtvaardigd om een dwingende reden van algemeen belang; Evenredigheid: de eisen moeten geschikt zijn om het nagestreefde doel te bereiken; zij gaan niet verder dan nodig is om dat doel te bereiken en dat doel kan niet met andere, minder beperkende maatregelen worden bereikt Juiste toepassing van de Europese Dienstenrichtlijn Vooral in de Buitenstad gelden allerlei beperkingen ten aanzien van branchering, aantallen winkels, minimale en maximale maat van de winkels. Tot voor kort konden deze beperkingen worden opgelegd binnen de bestemming detailhandel met een verwijzing naar het beschermen van vitaliteit van binnensteden en centra. De tussenuitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State d.d. 20 juni 2018 inzake branchebeperking voor het Woonplein in Appingedam werpt een ander licht op de zaak. De Afdeling stelt dat de Europese Dienstenrichtlijn van toepassing is. Brancheringsregels worden hierin niet onmogelijk gemaakt, maar het moet wel noodzakelijk zijn en op een evenredige manier gebeuren. CONSISTENT BELEID ESSENTIEEL INZAKE DIENSTENRICHTLIJN Door de Europese Dienstenrichtlijn is de bewijslast omgedraaid. Gemeenten moeten nu zelf beargumenteren waarom beperkingen van bijvoorbeeld sommige branches bijdragen aan gesteld beleid. Essentieel daarin is dat er sprake is van consistent beleid. Dit wil zeggen dat de gemeente al een langere tijd een gelijke koers inzet met het zelfde beleidsd