Verordening brandveiligheid en hulpverlening 2003De raad van de gemeente Hilvarenbeek; Gelet op artikel 1, tweede lid, en artikel 12 van de Brandweerwet 1985, artikel 8, tweede lid, van de Woningwet, artikel 8:11, derde lid, en 8.40 van de Wet milieubeheer en artikel 149 van de Gemeentewet; Gezien het advies van de Regionale Brandweer Midden-Brabant; Gelezen het voorstel van het college van 21 oktober
- Overwegende dat: Burgemeester en wethouders de zorg hebben voor:a.het voorkomen, beperken en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar, het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand en al hetgeen daarmee verband houdt;b.het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand; de uitvoering van de werkzaamheden ter zake van het beperken en bestrijden van rampen, als bedoeld in artikel 1 van de WRZO (Wet Rampen en Zware Ongevallen) tot de taak van de brandweer behoort; burgemeester en wethouders andere werkzaamheden, dan hierboven bedoeld, kunnen aanwijzen die de gemeentelijke brandweer verricht; de brandveiligingsverordening voorschriften bevat omtrent het gebruik van inrichtingen voor zover dit geen bouwwerken zijn als bedoeld in de Woningwet en de Bouwverordening; de Bouwverordening voorschriften bevat omtrent het gebruik van woningen, woonketen, woonwagens, andere gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde, en standplaatsen, waaronder in elk geval zijn begrepen voorschriften met betrekking tot onder meer brandveiligheid; de Wet milieubeheer beoogt het milieu te beschermen, onder meer door de brandveiligheid te bevorderen; het wenselijk is de voorzieningen voor brandveiligheid en hulpverlening in samenhang te treffen, besluit vast te stellen de: Verordening brandveiligheid en hulpverlening
- Artikel1Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: repressieve taken:1e het beperken en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar, het beperken van ongevallen bij brand en al hetgeen daarmee verband houdt;2e het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand;3e de uitvoering van werkzaamheden ter zake van het beperken en bestrijden van rampen, als bedoeld in artikel 1 van de WRZO; preventieve taken:1e het voorkomen en beperken van brand, het beperken van brandgevaar, het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand en al hetgeen daarmee verband houdt;2e de uitvoering van werkzaamheden ter zake van het beperken van rampen, als bedoeld in artikel 1 van de WRZO;3e de uitvoering van de voorschriften met betrekking tot het brandveilig gebruik van woningen, woonketen, woonwagens, andere gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde, en standplaatsen;4e de uitvoering van de brandbeveiligingsverordening. Artikel2Brandweer Burgemeester en wethouders beschikken over een gemeentelijke brandweer. Artikel3Taken brandweer De taken van de gemeentelijke brandweer bestaan, behoudens de in de Brandweerwet 1985 aan de regionale brandweer opgedragen taken, uit: de feitelijke uitvoering van de preventieve en repressieve taken; andere dan de onder 1 genoemde werkzaamheden, voor zover deze niet te maken hebben met het wegnemen van onmiddellijk gevaar voor mens en dier, te weten:a.het beperken en bestrijden van milieu-incidenten;b.het reinigen van wegen en terreinen bij ongevallen;c.het verhelpen van liftopsluitingen;d.het uitvoeren van wachtdiensten bij grote evenementen met een risico ten aanzien van openbare orde en veiligheid. Artikel4Beleidsplan brandveiligheid en hulpverlening Burgemeester en wethouders leggen de gemeenteraad eenmaal per vier jaar een plan voor op welke wijze aan de inhoud van in artikel 3 omschreven taken uitvoering zal worden gegeven (beleidsplan brandveiligheid en hulpverlening).Dit plan omvat in elk geval een omschrijving van de financiële en personele middelen die beschikbaar moeten zijn voor de uitvoering van de preventieve en repressieve taken. Artikel5Regionale taken De aan de Regionale Brandweer overgedragen taken bestaan uit: alle uit de artikel 3, tweede lid, van de Brandweerwet 1985 opgedragen taken; alle taken die voortvloeien uit de tussen Hilvarenbeek en de Regionale Brandweer afgesloten convenanten; alle taken zoals vastgelegd in het Regionaal Dekkingsplan. Artikel6Personeel Het personeel van de gemeentelijke brandweer met preventieve en repressieve taken bestaat tenminste uit: één commandant; één plaatsvervangend commandant; en tenminste:a. 7 onderofficieren;b. 29 brandwachten;c. 1 preventiefunctionaris. Artikel7Opleiding en oefening Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de opleiding en oefening van het brandweerpersoneel, die voor de taakuitoefening noodzakelijk zijn. Artikel8Instructie commandant De commandant heeft de algemene leiding en het bevel over de brandweer, overeenkomstig de voor hem door burgemeester en wethouders vastgestelde instructies. Artikel9Materieel 1Het materieel van de gemeentelijke brandweer bestaat tenminste uit: 2 tankautospuiten; 2 personeel/materiaalwagens; 1 regionaal hulpverleningsvoertuig; daarnaast al het materieel waarop op grond van de gemeenschappelijke regeling van de Regionale Brandweer Midden Brabant een beroep kan worden gedaan. 2Burgemeester en wethouders bepalen de plaats waar en de wijze waarop het materieel en de overige goederen van de brandweer worden ondergebracht. Artikel10Bluswatervoorziening Burgemeester en wethouders dragen zorg voor zodanige bluswatervoorziening en de bereikbaarheid daarvan, dat de brandbestrijding te allen tijde zoveel mogelijk gewaarborgd is. Artikel11Citeertitel en inwerkingtreding 1Deze verordening kan worden aangehaald als:Verordening brandveiligheid en hulpverlening
- 2Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag van bekendmaking. 3Op de in het tweede lid genoemde datum vervalt de “Verordening betreffende de organisatie, het beheer en de taak van de gemeentelijke brandweer Hilvarenbeek 1988”. Aldus vastgesteld in de openbare vergaderingvan de raad van 27 november 2003.De raad voornoemd,de griffier, de voorzitter, drs. G.J. de Ruiter mr.drs. S.W.Th. Huisman