← Nederland

Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting gemeente Coevorden 2025 (Coevorden)

Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting gemeente Coevorden 2025De raad van de gemeente Coevorden; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders, bijlagenr. 1933; gelet op artikel 224 van de Gemeentewet; besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting gemeente Coevorden

  1. (Verordening toeristenbelasting Coevorden) Artikel1Belastbaar feit Onder de naam ‘toeristenbelasting’ wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven. Artikel2Belastingplicht 1.Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel
  2. 2.De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel
  3. 3.Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel
  4. Artikel3Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven voor het verblijf: van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 4 van de Wet toetreding zorgaanbieders; van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor wiens verblijf forensenbelasting is verschuldigd; van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers. Artikel4Maatstaf van heffing De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingjaar. Het aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten dat zij verblijf houden. Artikel5Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing 1.Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder: mobiele kampeeronderkomen: tent, vouwwagen, kampeerauto, toercaravan of een soortgelijk onderkomen of ander voertuig of gewezen voertuig of een gedeelte daarvan, één en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht of worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf; vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het gedurende een seizoen of een jaar plaatsen van hetzelfde mobiele kampeeronderkomen of stacaravan. 2.Voor mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen kan het aantal overnachtingen op een bij de aangifte gedaan verzoek van de belastingplichtige forfaitair worden vastgesteld. Bij de forfaitaire vaststelling wordt het aantal overnachtingen gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten, overeenkomstig het bepaalde in het derde lid. 3.Bij de forfaitaire berekening voor mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen wordt per standplaats: a. het aantal overnachtende personen gesteld op 3 personen; b. het aantal nachten gesteld op: als een kampeermiddel in het belastingjaar geschikt is voor gebruik of alleen mag worden gebruikt gedurende: meer dan maar niet meer dan 1° 30 nachten - 3 maanden 2° 50 nachten 3 maanden 6 maanden 3° 70 nachten 6 maanden 12 maanden Artikel6Belastingtarief Het tarief bedraagt per overnachting € 1,
  5. Artikel7Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel8Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel9Aanslaggrens Een belastingaanslag wordt niet opgelegd als het aantal overnachtingen, waartoe gelegenheid wordt of is gegeven, tijdens het belastingjaar minder dan tien zal of heeft belopen. Artikel10Termijn van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de aanslag worden betaald in twee gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede termijn één maand later. 2.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel11Kwijtschelding Bij de invordering van de toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel12Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van toeristenbelasting. Artikel13Aanmeldingsplicht 1.De belastingplichtige bedoeld in artikel 2, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening gelegenheid tot overnachten verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaar, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d van de Gemeentewet. 2.De verplichting als bedoeld in het eerste lid geldt niet voor de belastingplichtige die met betrekking tot het jaar voorafgaand aan het belastingjaar in de heffing van de toeristenbelasting betrokken is. Artikel14Registratieplicht 1.De belastingplichtige, bedoeld in artikel 2, eerste lid, is gehouden verblijf houdende(n) te registreren in een daarvoor bestemd en door gemeente verstrekt nachtverblijfregister. 2.Het college van burgemeester en wethouders stelt genoemd nachtverblijfregister kosteloos beschikbaar. 3.De verplichting als bedoeld in het eerste lid geldt niet als de belastingplichtige alleen gebruik maakt van de forfaitaire berekeningswijze van de heffingsmaatstaf als bedoeld in artikel
  6. 4.De verplichting als bedoeld in het eerste lid, geldt niet zover de belastingplichtige een registratie voert waaruit het nachtverblijf van verblijf houdende(n) kan worden vastgesteld. 5.Het college van burgemeester en wethouders geven nadere regels omtrent de inrichting en gebruik van het nachtverblijfregister als bedoeld in lid 1 en de registratie als bedoeld in lid 4, in de “Uitvoeringsregeling gemeentelijke belastingen Coevorden”. Artikel15Aangifte Het uitnodigen tot het doen van aangifte kan naast de op de in artikel 237, eerste lid, van de Gemeentewet aangegeven wijze geschieden door het uitreiken, toezenden of elektronisch verzenden van een aangiftebrief waaruit blijkt de wijze van het doen van elektronische aangifte, een omschrijving van de gevraagde gegevens of bescheiden en de termijn waarbinnen aangifte moet worden gedaan. In dat geval geschiedt, in afwijking van de in artikel 237, tweede lid, van de Gemeentewet aangegeven wijze, de aangifte langs elektronische weg door het inleveren of toezenden van de gevraagde gegevens of bescheiden via een daarvoor aangewezen en beschikbaar gestelde digitale voorziening. Artikel16Overgangsrecht, Inwerkingtreding en citeertitel 1.De ‘Verordening toeristenbelasting Coevorden’ vastgesteld bij raadsbesluit van 14 september 2021 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2.Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari
  7. 3.De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  8. 4.Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening toeristenbelasting Coevorden’. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 18 juni
  9. De raad voornoemd,voorzitter, R. Bergsma. griffier,M. Lucassen.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.