Gemeenschappelijke Regeling GGD Zaanstreek-WaterlandDe colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Waterland, Wormerland en Zaanstad, elk voor zover zij voor de eigen gemeente bevoegd zijn; gelet op de Wet publieke gezondheid en de Wet gemeenschappelijke regelingen; gelet op de toestemming van de gemeenteraden Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Waterland, Wormerland en Zaanstad; overwegende dat ingevolge artikel 14 van de Wet publieke gezondheid de colleges zorgdragen voor de instelling en instandhouding van een regionale gezondheidsdienst; dat de Wet gemeenschappelijke regelingen om de democratische legitimiteit van gemeenschappelijke regelingen te versterken is aangepast( Stb.2022, nr 18) en deze gemeenschappelijke regeling daarmee in overeenstemming moet worden gebracht; b e s l u i t e n : vast te stellen de navolgende Gemeenschappelijke Regeling GGD Zaanstreek-Waterland. HOOFDSTUK1ALGEMENE BEPALINGEN ARTIKEL1Begripsbepalingen In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder: WGR: Wet gemeenschappelijke regelingen; de regeling: de gemeenschappelijke regeling GGD Zaanstreek-Waterland; Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Staten der Provincie Noord-Holland; het algemeen bestuur: het orgaan bedoeld in hoofdstuk 4; het dagelijks bestuur: het orgaan bedoeld in hoofdstuk 5; de voorzitter: het orgaan bedoeld in hoofdstuk 6; de GGD: de gemeenschappelijke gezondheidsdienst Zaanstreek-Waterland; een deelnemende gemeente: een aan deze regeling deelnemende gemeente. Wpg: Wet publieke gezondheid. het college: het college van burgemeester en wethouders van een deelnemende gemeente. de raad: de raad van een deelnemende gemeente. Waar in de regeling artikelen van de Gemeentewet of van enige andere wet of wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard, komen in die artikelen in de plaats van de gemeente, de raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester, onderscheidenlijk de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zaanstreek-Waterland (GGD), het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter. HOOFDSTUK2HET OPENBAAR LICHAAM ARTIKEL2Het openbaar lichaam Er is een rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam, genaamd: "Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) Zaanstreek-Waterland". Het lichaam is gevestigd te Zaanstad. Het rechtsgebied van het openbaar lichaam omvat het grondgebied van de deelnemende gemeenten. ARTIKEL3Het bestuur Het bestuur van het openbaar lichaam bestaat uit: het algemeen bestuur; het dagelijks bestuur; de voorzitter. HOOFDSTUK3HET BELANG EN DE TAKEN ARTIKEL4Het belang en de taken Doel van de samenwerking is het gezamenlijk behartigen en bevorderen van (de samenhang) binnen de publieke gezondheidzorg, ten behoeve van de gezondheid van de bevolking in het samenwerkingsgebied. Dit betreft de volgende belangen: het beschermen en bevorderen van de gezondheid van de bevolking of van specifieke groepen daarbinnen, in het rechtsgebied van het lichaam; het (doen) organiseren van preventieve zorg aan de bevolking; het voorkomen en vroegtijdig opsporen van ziekten onder de bevolking; alles wat met het bovenstaande in de ruimste zin van het woord verband houdt. De gemeenten dragen aan de GGD de uitvoering op van de gemeentelijke taken die de Wet publieke gezondheid noemt en van de toezichtstaken die de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen kinderopvang noemt. De taken van de GGD zijn ondergebracht in het basispakket en in de plustaken. Het basispakket vloeit voort uit wettelijke verplichtingen en uit de keuzes van het algemeen bestuur en vormt naar omvang een verplicht pakket. Het algemeen bestuur stelt het basispakket vast bij de vaststelling van de begroting. Het algemeen bestuur stelt de tarieven vast voor de plustaken. De afname van plustaken door een gemeente is optioneel. Bij de bepaling van het kwaliteitsniveau van de dienstverlening voor plustaken worden wettelijke uitgangspunten in acht genomen. Het algemeen bestuur besluit over de eventuele uitvoering van activiteiten voor derden. Hierbij stelt het algemeen bestuur minimaal kostendekkende tarieven en nadere voorwaarden vast voor deze werkzaamheden. De deelnemende gemeenten verbinden zich ertoe voor de uitvoering van locatie gebonden activiteiten voor eigen kosten geschikte ruimten beschikbaar te stellen. HOOFDSTUK4HET ALGEMEEN BESTUUR ARTIKEL5Samenstelling De colleges wijzen uit hun midden ieder één lid van het algemeen bestuur aan. De colleges kunnen voor ieder lid tevens één plaatsvervangend lid uit hun midden aanwijzen, dat het lid bij verhindering of ontstentenis vervangt. ARTIKEL6De zittingsduur De zittingsperiode van de leden van het algemeen bestuur is gelijk aan de zittingsduur van leden van een raad. ARTIKEL7Aftreden Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt op de dag waarop de nieuw aangewezen leden van het algemeen bestuur in functie treden. Het algemeen bestuur komt zo spoedig mogelijk bijeen na benoeming van de nieuwe leden, doch uiterlijk binnen twee maanden. ARTIKEL8Bevoegdheden De bevoegdheden die bij deze regeling worden overgedragen, berusten bij het algemeen bestuur, tenzij bij wet of in deze regeling anders is bepaald. Het algemeen bestuur stelt een reglement voor de orde en de huishouding van het openbaar lichaam vast voor zover daarvan bij deze regeling niet is afgeweken. Het algemeen bestuur is bevoegd tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen in het kader van het daarbij te behartigen openbaar belang. Het besluit genoemd in het derde lid van dit artikel wordt niet genomen dan nadat de raden een ontwerpbesluit is toegezonden en in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen kenbaar te maken aan het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur kan een lid van het dagelijks bestuur ontslag verlenen indien dit lid het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezit. ARTIKEL9Vergaderingen Het algemeen bestuur vergadert jaarlijks tenminste tweemaal en voorts zo dikwijls de voorzitter dit nodig oordeelt dan wel tenminste drie leden dit, onder opgaaf van redenen, schriftelijk verzoeken. De artikelen 19 en 20 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing. Een lid van het algemeen bestuur heeft in de vergadering van het algemeen bestuur één stem. Bij een gelijk aantal stemmen beslist de voorzitter. In het geval Zaanstad en/of Purmerend zwaarwegende bezwaren hebben/heeft tegen een voorstel en met het oog daarop aangeven/aangeeft tegen te willen stemmen, geschiedt die tegenstem uitsluitend op verzoek van het college van respectievelijk Zaanstad en/of Purmerend. Gelijktijdig met het verwerpen van het voorstel wordt een nieuwe vergadering van het algemeen bestuur uitgeschreven. De tussenliggende periode tussen de vergaderingen wordt gebruikt als een ‘afkoelperiode’ en heeft als doel het verzoek van het college/de colleges tot tegenstem te bespreken tussen deelnemende gemeenten en te bezien of het verzoek dan wel de verzoeken tot tegenstemmen kan/kunnen worden herzien. Blijft de tegenstem, dan wel blijven deze tegenstemmen gehandhaafd dan leidt dit tot verwerping van het voorstel. Het voorgaande is niet van toepassing op het voorstel tot vaststelling van de begroting en de jaarrekening van de GGD. Het algemeen bestuur stelt voor zijn vergaderingen een reglement van orde vast. Dit reglement, alsmede de daarin aangebrachte wijzigingen, wordt aan Gedeputeerde Staten meegedeeld. In afwijking van het derde en vierde lid besluit het Algemeen bestuur unaniem over het basispakket. Dit geldt ook voor wijzigingen van het basispakket. Bij het voorleggen van een voorstel tot wijziging van het basispakket wordt duidelijk gemaakt of het gaat om een wettelijke of niet-wettelijke taak. ARTIKEL10Openbaarheid Met betrekking tot de openbaarheid, beslotenheid en het opleggen van geheimhouding zijn de artikelen 22 en 23 van de WGR van toepassing. Inzake de beraadslaging en besluitvorming in een besloten vergadering is, is artikel 24 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing. HOOFDSTUK5HET DAGELIJKS BESTUUR ARTIKEL11Samenstelling, aanwijzing en aftreding Het aantal leden van het dagelijks bestuur mag nimmer de meerderheid van het algemeen bestuur uitmaken. Het dagelijks bestuur bestaat uit drie door het algemeen bestuur uit zijn midden gekozen leden, de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter inbegrepen. De in het vorige lid bedoelde verkiezing vindt plaats in de eerste vergadering van het algemeen bestuur in nieuwe samenstelling. De leden van Zaanstad en Purmerend hebben in elk geval zitting in het dagelijks bestuur. De leden treden af op de dag van aftreden van het algemeen bestuur. Het lid dat ophoudt lid te zijn van het algemeen bestuur, houdt tevens op lid te zijn van het dagelijks bestuur. Een lid van het dagelijks bestuur kan te allen tijde ontslag nemen, met dien verstande dat het lidmaatschap eindigt op het tijdstip waarop de opvolger in functie is getreden. De aanwijzing ter aanvulling van een plaats in het dagelijks bestuur geschiedt in de eerstvolgende vergadering van het algemeen bestuur na het openvallen van die plaats. ARTIKEL12Taken Tot het dagelijks beheer, opgedragen aan het dagelijks bestuur, behoort onder meer: de op grond van artikel 33b van de WGR genoemde bevoegdheden; het actief inlichtingen verstrekken aan het algemeen bestuur; het voorstaan van de belangen van het samenwerkingsorgaan bij andere overheden, instellingen, diensten of personen, waarmee contact van belang is; het verantwoordelijk zijn voor al wat de dienst aangaat. ARTIKEL13Vergaderwijze Het dagelijks bestuur vergadert zo dikwijls als de voorzitter dit nodig acht of twee zijner leden dit aan de voorzitter verzoeken. Voor de besluitvorming in het dagelijks bestuur is de wijze van stemmen, zoals deze in de Gemeentewet is bepaald voor het college van burgemeester en wethouders, van overeenkomstige toepassing. De vergaderingen van het dagelijks bestuur zijn niet openbaar. Het dagelijks bestuur kan zich in een vergadering door deskundigen doen bijstaan. HOOFDSTUK6DE VOORZITTER ARTIKEL14Bevoegdheden en werkwijze De voorzitter van het algemeen bestuur is tevens voorzitter van het dagelijks bestuur. De leden van Zaanstad en Purmerend bekleden bij toerbeurt het voorzitterschap en het plaatsvervangend voorzitterschap voor de duur van twee jaar. De wisseling gaat in per laatste vergadering van het algemeen bestuur voor het zomerreces van het betreffende jaar van wisseling. De voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur. De voorzitter ondertekent de stukken die van het algemeen en dagelijks bestuur uitgaan. De voorzitter of bij diens ontstentenis de plaatsvervangend voorzitter vertegenwoordigt het openbaar lichaam GGD in en buiten rechte. Indien de (plaatsvervangend) voorzitter behoort tot het bestuur van een gemeente die partij is in een rechtsgeding waarbij het openbaar lichaam GGD is betrokken, wordt het openbaar lichaam GGD door een ander, door het dagelijks bestuur aan te wijzen, lid van dat bestuur vertegenwoordigd. De (plaatsvervangend) voorzitter kan de vertegenwoordiging, onder goedkeuring van het dagelijks bestuur, overdragen aan een door hem aan te wijzen gemachtigde. HOOFDSTUK7INFORMATIE EN VERANTWOORDING ARTIKEL15Van bestuur naar gemeenten Het dagelijks bestuur verstrekt aan de raden van de deelnemende gemeenten alle informatie die door een of meer leden van die raden, de voorzitter inbegrepen, wordt verlangd, tenzij het algemeen belang zich daartegen verzet. Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter geven de raden alle inlichtingen die de raden van de deelnemende gemeenten nodig hebben voor de uitoefening van hun taken. Het algemeen bestuur doet de raden in ieder geval de volgende stukken, zodra die zijn vastgesteld, respectievelijk door het dagelijks bestuur zijn ontvangen, toekomen: de kadernota, de begroting en het jaarverslag; de reglementen als bedoeld in de artikelen 8, tweede lid en 9, vijfde lid, van deze regeling. Het algemeen bestuur zorgt ervoor dat de directeur van de GGD minimaal een keer per jaar in de raad van elke deelnemende gemeenten langskomt om de raad bij te praten over de GGD en de laatste ontwikkelingen. De agenda en de besluitenlijst van het algemeen bestuur zijn openbaar en zijn te raadplegen op de website van de GGD. ARTIKEL16Van AB-lid aan gemeenteraad Een lid van het algemeen bestuur geeft de gemeenteraad, alle inlichtingen die door de raad, of een of meer leden daarvan wordt verlangd op de in die gemeente gebruikelijke wijze. Een lid van het algemeen bestuur is aan de gemeenteraad, door wie hij/zij als vertegenwoordiger is aangewezen, verantwoording verschuldigd voor het door hem/haar in het algemeen bestuur gevoerde beleid. Het afleggen van verantwoording gebeurt op de in die gemeente gebruikelijke wijze. ARTIKEL17Verantwoording DB/voorzitter aan AB De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuur mondeling dan wel schriftelijk verantwoording verschuldigd voor het door het dagelijks bestuur gevoerde beleid en de door hem/haar uitgeoefende bevoegdheden en geven ten aanzien daarvan alle, tezamen en ieder afzonderlijk door het algemeen bestuur of door een of meer leden daarvan, gevraagde inlichtingen. Het vorige lid is van overeenkomstige toepassing op de verantwoordingsplicht van de voorzitter aan het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur voor het door hem/haar gevoerde bestuur en uitgeoefende bevoegdheden. In het reglement van orde bedoeld in artikel 8, tweede lid, van deze regeling, worden nadere regels gesteld omtrent de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het bepaalde in de voorgaande leden. HOOFDSTUK8HET AMBTELIJK APPARAAT ARTIKEL18De secretaris De directeur van de GGD is de secretaris van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur. De secretaris staat het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter met raad en daad bij in de vervulling van hun functie. De secretaris ondertekent mede de stukken die van het algemeen en dagelijks bestuur uitgaan. ARTIKEL19De directeur publieke gezondheid De directeur van de GGD wordt benoemd, geschorst en ontslagen door het algemeen bestuur in overeenstemming met het bestuur van de Veiligheidsregio. De directeur geeft zowel leiding aan de GGD-organisatie als aan de GHOR-organisatie. Het dagelijks bestuur dient voor elke benoeming een aanbeveling in van zo mogelijk twee personen. De directeur is bestuurder in de zin van de Wet op de ondernemingsraden. De eindverantwoordelijkheid over het beheer van de dienst berust bij de directeur, die daaromtrent verantwoording schuldig is aan het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur. Bij (langdurige) afwezigheid van de directeur wordt diens functie waargenomen door de plaatsvervangend directeur. Onverminderd het bepaalde in de vorige leden van dit artikel, benoemt, schorst en ontslaat het dagelijks bestuur het personeel van de GGD, de directeur gehoord. ARTIKEL20Rechtspositie Op het personeel van de GGD is de CAO SGO van toepassing. HOOFDSTUK9OVERIGE BEVOEGDHEDEN ARTIKEL21Overige bevoegdheden Het algemeen bestuur kan commissies instellen als bedoeld in de artikelen 24 en 25 van de WGR. Het algemeen bestuur is bevoegd tot het vaststellen van verordeningen in het kader van de uitvoering van zijn taak, als bedoeld in hoofdstuk
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.