Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2025De raad van de gemeente Best; gezien het voorstel van Burgemeester en wethouders; gelet op artikel 229, eerste lid aanhef en onderdelen a en b van de Gemeentewet; besluit vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2025 (‘Verordening lijkbezorgingsrechten 2025’). Artikel1Definities Deze verordening verstaat onder: Begraafplaats: de algemene begraafplaats in onderhoud bij de gemeente Best. Graf: een zandgraf of keldergraf. Eigen graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen begraven en begraven houden van lijken. Asbus: een bus ter berging van as van een overledene. Urn: een voorwerp ter berging van een of meerdere asbussen. Columbarium/ urnenmuur: een muur waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen. Grafbedekking: gedenkteken of grafbeplanting op een graf, gedenkplaats of verstrooiingsplaats. Artikel2Belastbaar feit Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door of vanwege de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Artikel3Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel4Maatstaf van heffing en belastingtarief 1.De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2.Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel5Belastingjaar Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel6Wijze van heffing De rechten worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Artikel7Ontstaan van de belastingschuld 1.De rechten zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen. 2.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt (door het overlijden van de belastingplichtige of schriftelijke opzegging), bestaat aanspraak op ontheffing voor de rechten bedoeld in 1.7 van de tarieventabel van de voor de 10-jaarsperiode verschuldigde rechten als er in deze periode, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalenderjaren overblijven. Artikel8Termijnen van betaling In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten binnen 14 dagen na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving worden betaald. Artikel9Kwijtschelding Bij de invordering van de lijkbezorgingsrechten wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel10Overdracht van bevoegdheden Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen: van zuiver redactionele aard zijn; tariefswijziging(en) betreffen met een maximumverhoging van 2%; Artikel11Overgangsrecht, inwerkingtreding en citeertitel 1.De ‘Verordening lijkbezorgingsrechten 2024’ van 6 november 2023 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2.Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 3.De datum van ingang van de heffing is 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.