← Nederland

Legesverordening gemeente Utrecht 2025 (Utrecht)

Obsah (5)Artikel 15Artikel 17Artikel 19Artikel 20Artikel 21

lege van burgemeester en wethouders van 10 september 2024 met kenmerk 12516371; gelet op de artikelen 216, 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b,

Artikel 15. Verstrekkingen: legaliseren handtekening 1.

Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het legaliseren van een handtekening welke de aanvrager aan de balie aanvraagt en aldaar betaald bedraagt: € 20,75

  1. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het legaliseren van een handtekening welke de aanvrager schriftelijk aanvraagt en per toegestuurde acceptgiro voldoet bedraagt: € 26,55 Artikel
  2. Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart
  3. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven van de documenten, inclusief de spoedaanvragen, genoemd in artikel 6, tweede lid, van het Besluit paspoortgelden, bedraagt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden:

Artikel 17. Reisdocumenten: gewaarmerkt kopie 1.

Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een gewaarmerkte kopie van een door een Nederlandse autoriteit afgegeven reisdocument bedraagt: € 20,75 Artikel

  1. Reisdocumenten: toeslag spoedprocedure
  2. Indien bij het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een reisdocument als bedoeld onder II.16.
  3. de spoedprocedure toepassing vindt, wordt een toeslag in rekening gebracht van het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden:

Artikel 19. Reisdocumenten: Thuisbezorgen 1.

Het tarief ter zake van het thuisbezorgen van een reisdocument als bedoeld onder II.16.1. bedraagt:

Artikel 20. Rijbewijzen: rijbewijs 1.

Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven van een rijbewijs bedraagt het tarief zoals dat is opgenomen in het Reglement rijbewijzen artikel 104b vermeerderd met de rijkskostencomponent zijnde het bedrag dat de gemeenten moeten afdragen aan de Dienst Wegverkeer als vergoeding van de productiekosten van het rijbewijs, afgerond naar beneden op vijf cent:

Artikel 21. Rijbewijzen: toeslag spoedprocedure 1.

Indien bij het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven van een rijbewijs als bedoeld onder II.20.1. de spoedprocedure toepassing vindt, wordt een toeslag in rekening gebracht conform de door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat goedgekeurde RDW-rijbewijstarieven, afgerond naar beneden op vijf cent:

Paragraaf

  1. Programma Duurzame bereikbaarheid Artikel
  2. Wegenverkeerswetgeving
  3. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een ontheffing, als bedoeld in artikel 16 van de Beleidsregels verkeersontheffingen gemeente Utrecht per dag waarvoor deze geldig is: € 117,80 a. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een ontheffing, als bedoeld in artikel 17 van de Beleidsregels verkeersontheffingen gemeente Utrecht: € 104,55 b. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een ontheffing, als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en/of artikel 9.1 van de Regeling voertuigen en/of de Beleidsregels verkeersontheffingen gemeente Utrecht, met uitzondering van artikel 16 en 17 van de beleidsregels verkeersontheffingen: € 313,50 c. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het kenteken in de ontheffing als bedoeld onder 1.1 onder b. en onder c van de Beleidsregel verkeersontheffingen gemeente Utrecht of het verstrekken van een kopie van een ontheffing: € 37,05 Artikel
  4. Gehandicaptenparkeerkaart en -plaats
  5. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer, dan wel een aanvraag tot het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerplaats bij het woon-, werk- of studieadres bedraagt: € 39,95
  6. Het tarief voor de medische keuring, noodzakelijk voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een gehandicaptenparkeerkaart en/of een gehandicaptenparkeerplaats, bedraagt: € 66,05
  7. Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor wijziging van het kenteken behorende bij de gehandicaptenparkeerplaats bedraagt: € 66,05
  8. Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het aanbrengen van markering, paal en bebording ter aanduiding van een gehandicaptenparkeerplaats bedraagt: € 309,15 Artikel
  9. Milieuzone
  10. Het tarief voor het verkrijgen van een incidentele dagontheffing voor de milieuzone zoals bedoeld in artikel 17 van de Beleidsregel Ontheffingenbeleid nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto's en milieuzone voor personenauto's en autobussen Gemeente Utrecht 2025 bedraagt: € 34,05
  11. Het tarief voor het verkrijgen van een langdurige ontheffing voor de milieuzone zoals bedoeld in artikel 18 van de Beleidsregel Ontheffingenbeleid nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto's en milieuzone voor personenauto's en autobussen Gemeente Utrecht 2025 bedraagt: € 96,05 Artikel
  12. Ontheffingen van de nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto's a. Een langdurige ontheffing als bedoeld in § 1 van het Ontheffingenbeleid nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto’s en milieuzones voor personenauto’s en autobussen Gemeente Utrecht 2025, met uitzondering van de ontheffing voor particuliere bedrijfs- en vrachtauto's als bedoeld in artikel 7: € 100,00 b. Een langdurige ontheffing voor particuliere bedrijfs- of vrachtauto's als bedoeld in artikel 7 van het Ontheffingenbeleid nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto's en milieuzones voor personenauto’s en autobussen Gemeente Utrecht 2025: € 60,00 c. Dagontheffing als bedoeld in § 2 van het Ontheffingenbeleid nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto's en milieuzones voor personenauto’s en autobussen Gemeente Utrecht 2025: € 30,00 d. Ontheffing in verband met bedrijfseconomische omstandigheden als bedoeld in artikel 12 van het Ontheffingenbeleid nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto's en milieuzones voor personenauto’s en autobussen Gemeente Utrecht 2025: € 250,00 e. Ontheffing waarbij toepassing wordt gegeven aan de afwijkingsbevoegdheid als bedoeld in artikel 13 van het Ontheffingenbeleid nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto’s en milieuzones voor personenauto’s en autobussen Gemeente Utrecht 2025: € 250,00 Artikel
  13. Verkrijgen van een ontheffing conform artikel 5:3, 5:6, 5:7 of 5:10 APV a. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 5:3 Algemene plaatselijke verordening Utrecht ( te koop aanbieden van voertuigen), artikel 5:6 (plaatsen voertuig voor recreatie), artikel 5:7 (parkeren grote voertuigen) of 5:10 (rijden of doen of laten staan van voertuigen in groenvoorzieningen), dan wel tot het aanbrengen van een wijziging in de ontheffing dan wel een verlenging daarvan bedraagt: € 104,55 Artikel
  14. Taxivergunning a. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 2 van de Taxiverordening Utrecht 2018, bedraagt: € 310,95 b. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het aanbrengen van een wijziging in de vergunning als bedoeld onder 6.1, bedraagt: € 110,90 c. Het tarief voor het afleggen dan wel opnieuw afleggen van de volledige Utrechtse kwaliteitstoets taxivervoer (bestaande uit 2 modules), noodzakelijk voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning als bedoeld onder 6.1, bedraagt: € 180,00 d. Het tarief voor het opnieuw afleggen van de gedeeltelijke Utrechtse kwaliteitstoets taxivervoer (bestaande uit 1 module), noodzakelijk voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning als bedoeld onder 6.1, bedraagt: € 90,00 Artikel
  15. Vergunningplicht commercieel aanbieden voertuigen a. Het tarief voor het verstrekken van een vergunning als bedoeld in artikel 5:14a ‘Vergunningplicht commercieel aanbieden voertuigen’ in de Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010 bedraagt: € 2.732,75 Paragraaf
  16. Programma Aantrekkelijke, groene leefomgeving en erfgoed Artikel
  17. APV artikel 2:9: inname openbare grond
  18. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:9 Algemene plaatselijke verordening Utrecht bedragen: a. voor steigers, keten, loodsen, bouwwerktuigen, waaronder begrepen bouwrails en bouwkranen en dergelijke, per object: € 134,05 b. voor het innemen van ruimte door laden, lossen en opslaan van goederen, bouwmaterialen en grond: € 134,05
  19. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag om toestemming te verkrijgen tot afwijking van een eerder verleende vergunning als bedoeld onder IV.1.
  20. bedragen: € 64,80 Artikel
  21. APV artikel 2:9: vergunning om mededelingen en andere objecten aan te brengen in de openbare ruimte
  22. Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor het plaatsen, aanbrengen, hebben of storten van voorwerpen of stoffen aan, op, in, of boven de weg zoals bedoeld in artikel 2:9 APV bedraagt: € 275,85 Artikel
  23. Film- en televisieopnames
  24. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:9 Algemene plaatselijke verordening Utrecht bedraagt voor: a. het maken van film- of televisieopnames met een commercieel doel: € 88,05 b. het maken van film- of televisieopnames in verband waarmee een voor openbare dienst bestemde (water)weg tijdelijk voor het verkeer wordt afgesloten of andere maatregelen van verkeerstechnische aard worden getroffen, ongeacht het in beslag genomen tijdsbestek: € 482,15 Artikel
  25. Telecommunicatiewet
  26. Het tarief ter zake van het verkrijgen van instemming omtrent tijdstip, plaats en wijze van uitvoering van de werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid Telecommunicatiewet bedraagt per aaneengesloten tracé: a. vanaf 0 tot 25 meter: € 176,35 b. vanaf 25 tot 100 meter: € 1.617,35 c. vanaf 100 tot 500 meter: € 1.965,35 d. vanaf 500 tot 1.000 meter: € 2.394,15 e. vanaf 1.000 meter: € 2.823,35 vermeerderd met een bedrag van 0,60 euro per meter voor elke meter vanaf 2.000 meter.
  27. Indien de werkzaamheden (deels) bestaan uit het verrichten van boringen of persingen, wordt voor de bepaling van de lengte van het tracé (voor het deel dat ondergronds wordt aangebracht) uitgegaan van de lengte van het tracé dat ondergronds wordt aangebracht, met een minimum van 26 meter.
  28. Indien bij de werkzaamheden een nieuwe handhole wordt geplaatst, wordt voor de bepaling van de lengte van het tracé (voor het deel dat ondergronds wordt aangebracht) uitgegaan van de lengte van het tracé dat ondergronds wordt aangebracht, met een minimum van 26 meter.
  29. Het tarief voor het verkrijgen van instemming voor de plaatsing van een bovengrondse kast, wordt bepaald door de lengte van het tracé (voor het deel dat ondergronds wordt aangebracht, wordt uitgegaan van de lengte van het tracé dat ondergronds wordt aangebracht, met een minimum van 26 meter.
  30. Indien er naar aanleiding van een melding vooroverleg tussen het college en de melder (of zijn vertegenwoordiger) plaatsvindt, of er naar het oordeel van het college nader onderzoek nodig is, wordt het op grond van 4.1 verschuldigde bedrag verhoogd met het bedrag dat het college, voorafgaand aan het in behandeling nemen van de melding, aan de melder meedeelt (schriftelijk of per email), door toezending van een begroting van die kosten. De melding wordt in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de melder is toegezonden, tenzij de melding voor deze vijfde werkdag (schriftelijk of per email) door de melder is ingetrokken.
  31. Het tarief voor het in behandeling nemen van een verzoek toestemming te verkrijgen tot afwijking van een eerder verleende instemming als bedoeld onder 4.1, bedraagt: € 176,35 Artikel
  32. Vergunning in het kader van de havenverordening
  33. Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in de Havenverordening Utrecht: € 108,65 Artikel
  34. Opbreekvergunning kabels en leidingen
  35. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 6 van de Verordening ondergrond: kabels, leidingen en boomwortels gemeente Utrecht, bedraagt per aaneengesloten tracé: a. vanaf 0 tot 25 meter: € 176,35 b. vanaf 25 tot 100 meter: € 1.617,35 c. vanaf 100 tot 500 meter: € 1.965,35 d. vanaf 500 tot 1.000 meter: € 2.394,15 e. vanaf 1.000 meter tot 2000 meter: € 2.823,35 vermeerderd met een bedrag van 0,60 euro per meter voor elke meter vanaf 2.000 meter.
  36. Indien de werkzaamheden (deels) bestaan uit het verrichten van boringen of persingen, wordt voor de bepaling van de lengte van het tracé (voor het deel dat ondergronds wordt aangebracht) uitgegaan van de lengte van het tracé dat ondergronds wordt aangebracht, met een minimum van 26 meter.
  37. Indien bij de werkzaamheden een nieuwe handhole wordt geplaatst, wordt voor de bepaling van de lengte van het tracé (voor het deel dat ondergronds wordt aangebracht) uitgegaan van de lengte van het tracé dat ondergronds wordt aangebracht, met een minimum van 26 meter.
  38. Het tarief voor het verkrijgen van instemming voor de plaatsing van een bovengrondse kast, wordt bepaald door de lengte van het tracé (voor het deel dat ondergronds wordt aangebracht, wordt uitgegaan van de lengte van het tracé dat ondergronds wordt aangebracht, met een minimum van 26 meter.
  39. Indien er naar aanleiding van een melding vooroverleg tussen het college en de melder (of zijn vertegenwoordiger) plaatsvindt, of er naar het oordeel van het college nader onderzoek nodig is, wordt het op grond van 6.1 verschuldigde bedrag verhoogd met het bedrag dat het college, voorafgaand aan het in behandeling nemen van de melding, aan de melder meedeelt (schriftelijk of per email), door toezending van een begroting van die kosten. De melding wordt in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de melder is toegezonden, tenzij de melding voor deze vijfde werkdag (schriftelijk of per email) door de melder is ingetrokken.
  40. Het tarief voor het in behandeling nemen van een verzoek toestemming te verkrijgen tot afwijking van een eerder verleende instemming als bedoeld onder 6.1, bedraagt: € 176,35 Artikel
  41. Opbreekvergunning overig
  42. Het tarief terzake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:11 Algemene plaatselijk verordening Utrecht 2010 (opbreekvergunning) voor zover de werkzaamheden waarvoor vergunning wordt aangevraagd niet vallen onder paragraaf IV.4 (Telecommunicatiewet) of paragraaf IV.6 (Verordening ondergrond: kabels, leidingen en boomwortels gemeente Utrecht) bedraagt: € 277,80 Artikel
  43. Buitenevenementen
  44. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in Artikel 5:31 Algemene plaatselijke verordening (voor het houden van een evenement op of aan een openbare plaats of het openbaar water) bedraagt voor: a. een klein evenement: € 241,60 b. een middelgroot evenement: € 1.080,65 c. een groot evenement: € 5.453,55 d. een zeer grootschalig evenement: € 11.880,60
  45. Indien voor het verlenen van de vergunningen genoemd in deze paragraaf een geluidsmeting plaats vindt, worden de in deze paragraaf genoemde tarieven verhoogd met € 314,70 Artikel
  46. Evenementen: bijzondere locatie
  47. Indien het verkrijgen van een vergunning genoemd in paragraaf IV.8.
  48. en paragraaf V.18.1 betrekking heeft op een bijzondere locatie (waarbij als bijzondere locatie wordt aangemerkt een locatie die voor het eerst als evenementenlocatie wordt aangevraagd voor dat specifieke evenement) worden de in paragraaf IV.8.
  49. en paragraaf V.18.1 genoemde tarieven verhoogd met: € 6.806,30 Artikel
  50. Standplaats: incidentele standplaats binnenstad commercieel, incidentele standplaats buiten binnenstad en mobiel verkooppunt Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 5:13 Algemene plaatselijke verordening Utrecht voor een incidentele standplaats binnenstad commercieel, incidentele standplaats buiten binnenstad of mobiel verkooppunt bedraagt: € 174,45 Artikel
  51. Standplaats: incidentele standplaats buiten binnenstad niet commercieel
  52. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 5:13 Algemene plaatselijke verordening Utrecht voor incidentele standplaats buiten binnenstad niet commercieel bedraagt: € 120,25 Artikel
  53. Standplaats: dag standplaats of seizoenstandplaats
  54. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 5:13 Algemene plaatselijke verordening Utrecht bedraagt: a. voor een dag standplaats of seizoenstandplaats: € 564,05 b. voor het, voor de duur van de geldigheidstermijn van de vigerende vergunning, overschrijven van de tenaamstelling van een in artikel 5:13 van de Algemene plaatselijke verordening Utrecht genoemde vergunning: € 40,30 Artikel
  55. Ontheffing bedrijfsmatige bouw- of sloopwerkzaamheden buiten reguliere werktijden of ontheffing geluidhinder
  56. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 8, derde lid van het Bouwbesluit 2012 dan wel als bedoeld in artikel 4:1 lid 2 van de APV, bedraagt: € 792,45 Artikel
  57. Algemeen: tarief indien niet elders een tarief
  58. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, een ontheffing, een vrijstelling of een andere beschikking, alsmede de leges voor het niet verder in behandeling nemen van een niet-ontvankelijke aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, een ontheffing, een vrijstelling of een andere beschikking voor zover daarvoor niet elders in dit hoofdstuk een tarief is opgenomen, bedragen: € 187,60 Paragraaf
  59. Veilige stad Artikel
  60. Kansspelen: aanwezigheidsvergunning speelautomaten
  61. Het tarief ter zake van het op aanvraag verkrijgen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b Wet op de kansspelen voor de periode van twaalf maanden bedraagt: € 34,00
  62. vermeerderd met een bedrag van per speelautomaat: € 16,50
  63. De subonderdelen V.1.
  64. en V.1.2 zijn van overeenkomstige toepassing, indien de vergunning geldt voor een tijdvak langer dan 12 maanden maar ten hoogste vier jaar, met dien verstande dat de daar genoemde bedragen naar evenredigheid van het verschil in looptijd van de vergunning verhoogd worden. Artikel
  65. Kansspelen: vergunningen vestigen of exploiteren speelautomatenhallen
  66. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor het vestigen of exploiteren van een speelautomatenhal als bedoeld in artikel 2 Verordening op de speelautomatenhallen bedraagt: € 1.963,95
  67. Indien publicatie plaatsvindt, wordt het onder V.2.
  68. genoemde bedrag verhoogd met: € 114,55 Artikel
  69. Kansspelen: loterijvergunning
  70. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3, eerste lid Wet op de kansspelen (loterijvergunning met een prijzenpakket van maximaal € 4.500,00) bedraagt: € 268,85 Artikel
  71. Kansspelen: bingo en rad van avontuur
  72. Het tarief ter zake van het op aanvraag verlenen van diensten in verband met het waarmerken van formulieren voor maximaal vier bingoavonden of maximaal vier Rad van Avontuur avonden bedraagt: € 181,05 Artikel
  73. Drank en horeca: vergunning horeca of slijterbedrijf
  74. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor de uitoefening van het horecabedrijf of slijterbedrijf als bedoeld in Artikel 3 van de Alcoholwet bedraagt: € 2.638,00 Artikel
  75. Drank en horeca: melding wijziging inrichting
  76. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een melding wijziging inrichting als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet en artikel 2 tweede lid Horecaverordening Utrecht bedraagt: € 1.006,95 Artikel
  77. Drank en horeca: tijdelijke ontheffing verstrekken zwak-alcoholhoudende drank ('tapontheffing')
  78. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet ("tapontheffing") bedraagt: € 241,55 Artikel
  79. Drank en horeca: exploitatievergunning horecabedrijf
  80. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor de exploitatie van het horecabedrijf als bedoeld in artikel 2, eerste lid Horecaverordening Utrecht bedraagt: a. zonder terras: € 1.844,30 b. met terras: € 2.161,85 Artikel
  81. Drank en horeca: horecabedrijf en exploitatievergunning horecabedrijf
  82. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een combinatie van de vergunningen voor de uitoefening/exploitatie van het horecabedrijf als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet en artikel 2, eerste lid Horecaverordening Utrecht bedraagt: a. zonder terras: € 2.558,70 b. met terras: € 2.876,10 Artikel
  83. Drank en horeca: melding wijziging leidinggevende
  84. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van één leidinggevende (wijziging van het aanhangsel) als bedoeld in artikel 30a, tweede lid van de Alcoholwet en artikel 12a, tweede lid Horecaverordening Utrecht bedraagt: € 328,40
  85. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging leidinggevende (wijziging van het aanhangsel) als bedoeld in artikel 30a. tweede lid van de Alcoholwet en artikel 12a, tweede lid Horecaverordening Utrecht, bedraagt voor de tweede en volgende leidinggevende per leidinggevende: € 218,80 Artikel
  86. Drank en horeca: ontheffing alcoholverstrekking para-commerciële rechtspersonen
  87. Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid van de Alcoholwet en artikel 23, eerste lid Horecavergunning Utrecht bedraagt: € 265,20 Artikel
  88. Drank en horeca: leges voor publicatie
  89. Indien bij het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een vergunning als bedoeld in de paragrafen V.5., V.
  90. en V.8 en V
  91. publicatie plaats vindt worden de aldaar genoemde tarieven verhoogd met: € 114,55 Artikel
  92. APV artikel 2:17: vergunning betaald voetbalwedstrijd
  93. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:17 Algemene plaatselijke verordening Utrecht bedraagt per in de vergunning opgenomen wedstrijd: € 2.473,50 Artikel
  94. APV artikel 3:4: seksinrichting en escortbedrijf
  95. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3:4 Algemene Plaatselijke Verordening Utrecht bedraagt: € 5.412,75
  96. Indien ter zake van de onder V.14.
  97. genoemde aanvraag publicatie plaatsvindt, wordt het tarief op grond van dit artikel verhoogd met € 114,55 Artikel
  98. APV artikel 3:8: seksinrichting en escortbedrijf: wijziging beheerder
  99. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging als bedoeld in artikel 3:8 (wijziging beheerder van een seksinrichting of escortbedrijf) Algemene plaatselijke verordening Utrecht voor één of meerdere bestaande inrichtingen bedraagt per beheerder: € 457,50 Artikel
  100. APV artikel 3.16: registratie raamprostituees
  101. Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot Registratie als raamprostituee, zoals bedoeld in artikel 3.16 (registratieplicht raamprostituees) Algemene plaatselijke verordening Utrecht bedraagt: € 522,10 Artikel
  102. APV artikel 5.13: ventvergunning
  103. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 5.11b Algemene plaatselijke verordening Utrecht voor het venten bedraagt: € 172,55 Artikel
  104. APV artikel 5:21: vergunningen evenement in een gebouw
  105. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 5:21 Algemene plaatselijke verordening Utrecht (vergunning voor het houden van een evenement in een gebouw) bedraagt: € 12.060,50 Artikel
  106. Winkeltijden: ontheffing winkeltijden
  107. Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een verzoek tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in de Winkeltijdenwet, het Vrijstellingsbesluit Winkeltijdenwet of de Winkeltijdenverordening Utrecht 2015 bedraagt: € 157,55 Artikel
  108. Algemeen: tarief indien niet elders een tarief
  109. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, een ontheffing, een vrijstelling of een andere beschikking, alsmede de leges voor het niet verder in behandeling nemen van een niet-ontvankelijke aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, een ontheffing, een vrijstelling of een andere beschikking voor zover daarvoor niet elders in dit hoofdstuk een tarief is opgenomen bedragen: € 187,60 Paragraaf
  110. Ontwikkelen en wonen voor iedereen Artikel
  111. Begripsomschrijving
  112. Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder: a. investeringskosten: de investeringskosten als genoemd in het normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Indien het inrichten geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt, wordt in dit hoofdstuk onder investering nodig voor de uitvoering verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het uitvoeren van het werk waarop de aanvraag betrekking heeft. Artikel
  113. Algemeen: bescheiden betreffende beschikt bouwwerk
  114. De leges voor het op aanvraag ter inzage geven van bescheiden betreffende een beschikt bouwwerk bedragen per bouwdossier: € 11,90 Artikel
  115. Algemeen: kopieën bouwplannen en aanverwante stukken
  116. De leges voor het op aanvraag verstrekken van meer dan vijftien fotokopieën van bescheiden betreffende een beschikt bouwwerk, van bestemmingsplanvoorschriften of bestemmingsplankaarten en van in behandeling zijnde bouwplannen bedragen per fotokopie: a. op A4-formaat: € 0,65 b. op A3-formaat: € 0,90 Artikel
  117. Algemeen: verstrekken huisnummerkaart
  118. De leges voor het verstrekken van een uit de huisnummerkaart of grootschalige basiskaart vervaardigd uittreksel bedragen: € 10,10
  119. De leges voor elk gelijktijdig aan de verstrekking bedoeld in VI.4.
  120. verstrekt gelijkluidend exemplaar bedragen: € 1,60 Artikel
  121. Algemeen: BAG plus
  122. De leges voor het schriftelijk verstrekken van gegevens uit de BAG plus bedragen per perceelskaart: € 6,15 Artikel
  123. Algemeen: verklaring bestemming en gebruik
  124. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een schriftelijke verklaring omtrent de bestemming en het gebruik van gebouwen/terreinen bedragen per adres: € 190,05 Artikel
  125. Algemeen: principestandpunt projectuitvoeringsbesluit en/of projectbesluit
  126. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag van een principestandpunt over een wijziging van een respectievelijk het nemen van een projectuitvoeringsbesluit bedragen: € 611,00 Artikel
  127. Projectuitvoeringsbesluit
  128. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een projectuitvoeringsbesluit voor een project (Crisis- en herstelwet): de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en de tarieventabel van de verordening leges omgevingsvergunning. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd. Artikel
  129. Samenloop met privaatrecht
  130. Het bepaalde in de paragrafen VI.
  131. en VI.
  132. vindt geen toepassing voor zover de betreffende vergoeding op grond van een privaatrechtelijke regeling is verschuldigd dan wel voor zover deze vergoeding op een andere wijze (grondexploitatie/gemeentelijke exploitatieverordening) wordt voldaan. Artikel
  133. Huisvesting: splitsing
  134. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een splitsingsvergunning als bedoeld in artikel 22 Huisvestingswet bedragen per appartementsrecht dat door de splitsing zal ontstaan € 2.326,65
  135. Het verschuldigde bedrag op grond van artikel VI.12.1 kent een maximum per aanvraag van: € 46.533,00 Artikel
  136. Huisvesting: onttrekking
  137. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning tot geheel of gedeeltelijke onttrekking van woonruimte aan de bestemming tot bewoning als bedoeld in artikel 21, onderdeel a Huisvestingswet bedragen per woning die verloren gaat: € 2.911,45
  138. Het verschuldigde bedrag op grond van artikel VI.13.
  139. kent een maximum per aanvraag van: € 14.557,25 Artikel
  140. Huisvesting: samenvoeging
  141. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning tot samenvoeging van woonruimte met andere woonruimte als bedoeld in artikel 21, onderdeel b Huisvestingswet bedragen per woning die verloren gaat: € 2.911,45 Artikel
  142. Huisvesting: omzetting en woning vorming
  143. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning tot omzetting van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte als bedoeld in artikel 21, onderdeel c Huisvestingswet bedragen per woning die verloren gaat: € 3.675,35
  144. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning tot woningvorming als bedoeld in artikel 21, onderdeel d Huisvestingswet bedragen per woonruimte: € 2.911,45 Artikel
  145. Huisvestingswet: opkoopbescherming
  146. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 41 Huisvestingswet (opkoopbescherming) bedragen: € 418,90 Artikel
  147. Huisvestingswet: vergunning betaalbare nieuwbouw koop
  148. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 7 Huisvestingswet (vergunning betaalbare nieuwbouw koop) bedragen: € 55,46 Artikel
  149. Teruggaaf: intrekken aanvraag, weigering vergunning Huisvestingswet
  150. Indien na het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning op grond van de Huisvestingswet maar voor het verlenen van de vergunning, deze aanvraag wordt ingetrokken of indien de gevraagde vergunning niet wordt verleend, wordt ambtshalve teruggaaf verleend die een percentage is van de geheven leges, welk percentage bedraagt: 40%
  151. Indien na het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning op grond van de Huisvestingswet doch voor het verlenen van de opname 'staat van onderhoud en gebreken', deze aanvraag wordt ingetrokken wordt ambtshalve teruggaaf verleend die een percentage is van de geheven leges, welk percentage bedraagt: 70% Artikel
  152. Leegstandwet: vergunning tijdelijke verhuur
  153. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet: € 124,15
  154. Tot verlenging van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte als bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van de Leegstandwet: € 52,05 Artikel
  155. Algemeen: tarief indien niet elders een tarief
  156. De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, een ontheffing, een vrijstelling of een andere beschikking, alsmede de leges voor het niet verder in behandeling nemen van een niet ontvankelijk aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, een ontheffing, een vrijstelling of een andere beschikking voor zover daarvoor niet elders in dit hoofdstuk een tarief is opgenomen bedragen: € 192,95 Artikel
  157. Raadpleging bodemarchief
  158. Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot Informatieverstrekking uit het bodemarchief van de gemeente Utrecht bedraagt per half arbeidsuur: € 49,10

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.