Meerssen op Maat: Beleidsplan Wet maatschappelijke ondersteuning 2008 - 2011Meerssen op Maat Beleidsplan Wet maatschappelijke ondersteuning 2008 -2011 Versie :20-10-2007 Status :vastgesteld Advies Wmo platform :23-10-2007 Imput andere beleidsterreinen :0110-2007 MT :30-10-2007 B&W :06-11-2007 Cie :20-11-2007 Raad :13-12-2007 Voorwoord Voor u ligt het concept vierjaren beleidsplan "Meerssen op Maat', Beleidsplan Wmo 2008 - 2011" Dit beleidsplan vloert voort uit de Wet maatschappelijke ondersteuning (hierna Wmo), de nieuwe wet die per 1 januan 2007 in werking is getreden Een belangrijk doel van de Wmo is, dat mensen, oud en jong, met of zonder beperkingen, naar eigen vermogen mee kunnen doen aan de maatschappij Het beleidsplan geeft richting aan hoe we maatschappelijke ondersteuning de komende vierjaren verder vorm willen geven De Wmo stimuleert de gemeenten om maatwerk in wonen, welzijn en zorg te leveren aan de inwoners Het voorliggende vierjaren Wmo beleidsplan nodigt u uit om mee te denken over hoe we in Meerssen willen komen tot een Meerssen op Maat U ziet immers het beste wat er nodig is De Wet maatschappelijke ondersteuning zie ik als een kans voor de gemeente om er samen met de inwoners en instellingen nog beter voor te zorgen dat iedereen in Meerssen meedoet en meetelt Wie een bijdrage levert aan de maatschappij, bijvoorbeeld in de vorm van werk, een opleiding, vrijwilligerswerk of mantelzorg, ontmoet andere mensen, heeft iets om trots op te zijn en over te vertellen en krijgt de kans om zich te ontplooien Het is voor ons een uitdaging om naar maatwerk toe te werken door middel van samenspel met u, als inwoner of vertegenwoordiger van het maatschappelijk middenveld De afgelopen jaren is ook gewerkt aan maatschappelijke ondersteuning, echter de Wmo geeft een sterke prikkel af om ons beleid vooral te bekijken op samenhang De komende jaren willen wij het accent leggen op houdbaar beleid, samenhang in beleid en een gedegen en verantwoorde urtvoenngsrealisatie Bij het voorliggende beleidsplan is gebruik gemaakt van het concept Wmo beleidsplan van de gemeente Maastricht Dit gezien het gemeenteoverstijgende karakter van een aantal doelstellingen in verband met de Wet maatschappelijke ondersteuning Bij dit moet u met name denken aan prestatieveld 7, 8 en 9 Dit laat onverlet dat in het concept "Meerssen op Maat', Beleidsplan Wmo 2008 - 2011" ambities geformuleerd zijn, afgestemd op de gemeente Meerssen Hier, aan het begin van het Wmo beleidsplan, een speciaal woord van dank voor de leden van het Wmo - platform van onze gemeente Het Wmo - platform van de gemeente Meerssen heeft van het begin af aan een belangrijke rol gespeeld bij de totstandkoming van het concept "Meerssen op Maat, Beleidsplan Wmo 2008 - 2011" De leden hebben vanuit hun deskundigheid en waardevolle ervaring met de doelgroep waar ieder lid voor staat, kritisch meegedacht Na vaststelling van het beleidsplan, stopt hun inbreng uiteraard met Bij de uitvoering van het voorliggende beleidsplan zal hun inbreng net zo belangrijk zijn. Hoogachtend, J Dejong Portefeuillehouder Welzijn en Zorg Inleiding Het beleidsplan 'Wet maatschappelijke ondersteuning 2008 - 2011, Meerssen op Maat' is te beschouwen als een kader voor de gemeente Meerssen Er is vanwege de financiële beperkte mogelijkheden en het gegeven dat zowel in 2007 als in 2008 een forse donatie van autonome gemeentelijke gelden heeft plaatsgevonden, door de gemeente noodzakelijkerwijs gekozen om niet het accent te leggen op nieuw beleid, maar op houdbaar beleid, op gedegen en verantwoorde uitvoeringsrealisatie, verbetering, vernieuwing en samenhang van bestaand beleid In deze context moeten de ambities in het voorliggende beleidsplan, gelezen worden houdbaar beleid met daarbinnen ambities Ondanks deze redenering, zullen toch nog keuzes gemaakt moeten worden uit gestelde ambities Dit proces van keuzes maken zal dit jaar nog in gang gezet worden Het zal een intensief proces worden, omdat vooral ook gezocht moet worden naar de belangrijke samenhang tussen de verschillende beleidsterreinen De beleidsdoelstellingen 2008 - 2011 zullen binnen de gestelde financiële kaders nader uitgewerkt worden De eerste evaluatie van de beleidsdoelstelling zal m oktober 2008 zijn Hoofdstuk 1 De Wet maatschappelijke ondersteuning Inleiding Per 1 januan is de Wet maatschappelijke ondersteuning van kracht Deze wet maakt deel uit van de vernieuwing van het zorgstelsel, waarbij de verschillende soorten zorg anders verdeeld worden De Wmo omvat de ex- Welzijnswet, de ex - Wet voorzieningen gehandicapten (WVG), delen van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) namelijk de huishoudelijke verzorging Daarnaast gaat een aantal subsidieregelingen over naar de Wmo De Openbare Geestelijke Gezondheidszorg gaat uit de Wet Collectieve Preventie Volksgezondheid (WCPV) ook over naar de Wmo 1.1 Waarom de Wmo De aanleiding voor de invoering van de Wmo is tweeledig van aard AWBZ weer terugbrengen tot de onverzekerbare risico's - De Wmo heeft tot doel grip te krijgen op de almaar oplopende kosten van de AWBZ -onder andere door de (dubbele) vergrijzing, door delen hiervan over te hevelen naar de Wmo en door de AWBZ alleen nog te reserveren voor de zware en langdurige onverzekerbare medische zorg Het Rijk verwacht dat gemeenten meer samenhang gaan realiseren tussen wonen, zorg en welzijn en daardoor deze taken efficiënter kunnen uitvoeren. Beheersbaarheid van de A WBZ - In de loop der tijd is de AWBZ uitgegroeid tot een onsamenhangend geheel van voorzieningen en diensten die op basis van deze wet worden vergoed Het Rijk hecht eraan de AWBZ weer terug te brengen tot datgene waarvoor zij ooit in het leven is geroepen de onverzekerbare risico's (ofwel zorg aan mensen met een ernstige, zeer langdurige hulpvraag) 1.2 De toekomst van de Wmo De Wmo is een zogenaamde aanbouwwet Dat wil zeggen dat na 1 januari 2007 nog andere functies overgeheveld kunnen worden naar de Wmo Oorspronkelijk werd gedacht aan andere functies uit de AWBZ, met als eerste optie de ondersteunende begeleiding Dit is begeleiding bij activiteiten in het dagelijkse leven als er sprake is van structurele belemmeringen om zelf de regie te voeren Ook overweegt men de verantwoordelijkheid voor de MEE-organisaties over te hevelen naar gemeenten MEE informeert, adviseert en begeleidt burgers met een handicap, beperking of chronische ziekte bij vragen die men heeft op het terrein van wonen, werken, opvoeden, onderwijs, sociale voorzieningen, inkomen, vervoer en vrije tijd Besloten is hierover eerst een landelijke evaluatie af te wachten, alvorens te beslissen Realisatie zal op zijn vroegst in 2009 plaatsvinden In het regeerakkoord is het voornemen geformuleerd om de (T)BU¹ - de regeling op basis waarvan bijzondere uitgaven aan zorg bij de belasting mogen worden afgetrokken van het inkomen - over te hevelen van het ministerie voor Financien naar gemeenten Gemeenten ageren hiertegen, omdat een enorm financieel risico wordt voorzien zonder redelijke mogelijkheden op inhoudelijke winst 1.3 Doelen van de Wmo Met de komst van de Wmo wil het kabinet een aantal (samenhangende) doelen bereiken Hieronder worden deze 5 doelen samengevat 1. Zelfredzaamheid en participatie Het mogelijk maken van de zelfredzaamheid en participatie van alle burgers en deze zelfredzaamheid en participatie te bevorderen Participatie over de volle breedte van de Nederlandse bevolking oud en jong, gehandicapt en met - gehandicapt, met en zonder problemen Enerzijds is dit te bereiken doordat burgers, meer dan zij nu doen, voor zichzelf zorgen en elkaar ondersteunen Anderzijds door ondersteuning te bieden aan de mensen bij wie dat op eigen kracht onvoldoende lukt Ondersteuning door middel van ondersteuningsarrangementen (in de Wmo beschreven in de vorm van negen prestatievelden) Zo wordt in prestatieveld 6 het regelen van individuele voorzieningen aan mensen met een beperking of een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem georganiseerd, waardoor de beperkingen in de zelfredzaamheid en deelname aan het maatschappelijke verkeer worden gecompenseerd 2. Verminderen (remmen groei) kosten AWBZ Met dit doel hangt samen, het willen beheersen van de groei van de kosten van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) Het kabinet wil dat de zorg die via de AWBZ verzekerd is, beperkt blijft tot zware chronische en continue zorg, die onverzekerbare risico's voor individuen met zich meebrengt Hulp bij het huishouden past hier niet meer bij zij kunnen zich eerst wenden tot het eigen netwerk (waardoor ook de vraag naar dure professionele zorg wordt verkleind) en als het netwerk onvoldoende aanwezig is, dan dient men zich te wenden tot de gemeente 3. Samenhang in maatschappelijke ondersteuningsvoorziemngen Als derde doel van de Wmo moet genoemd worden het creëren van samenhang in maatschappelijke ondersteuningsvoorzieningen Het kabinet spreekt van een onoverzichtelijke lappendeken van allerlei voorzieningen in de AWBZ, Wet voorzieningen gehandicapten, Welzijnswet en de openbare (geestelijke) gezondheidszorg Door een overzichtelijke Wmo te maken, kunnen op termijn ook andere voorzieningen, zoals op het terrein van werk, inkomen en bijstand in verband worden gebracht met de maatschappelijke ondersteuning 4. Lokale verantwoordelijkheid Het vierde doel hangt nauw samen met het derde doel De samenhang wordt een verantwoordelijkheid op lokaal niveau de gemeente kan zorg dragen voor een sluitende keten van zorg en ondersteuning Door goede ondersteuningsarrangementen zal naar verwachting van het kabinet, de groei van de AWBZ kosten geremd worden 5. Kwaliteit van leven van mensen met beperkingen Als fundament hiervoor ligt de benadering, waarin voorop staat dat iemand altijd burger is en soms ook patiënt of cliënt Als burger participeert iemand met beperkingen naar eigen vermogen in de samenleving De samenleving moet daarvoor toegankelijk, bruikbaar en bereikbaar zijn Er zijn een aantal sterke maatschappelijke ontwikkelingen te noemen, die haaks staan op deze gedachten prestatiedrang, streven naar efficiency en hoge arbeidsproductiviteit Deze ontwikkelingen maken dat bijvoorbeeld bushaltes worden opgeheven en dat mensen met beperkingen een financieel risico vormen voor werkgevers Voor mensen met beperkingen worden daarom telkens opnieuw afzonderlijke zaken geregeld, bijvoorbeeld aangepast vervoer en beschermde werkplekken Er wordt niet "includerend" gedacht De gemeente heeft een compensatieplicht wat wil zeggen dat de gemeente voorzieningen treft op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, ter compensatie van de beperking die een persoon ondervindt in zijn zelfredzaamheid en zijn maatschappelijke participatie De voorzieningen stellen deze persoon in staat om: - een huishouden te voeren - zich te verplaatsen in en om de woning - zich lokaal te verplaatsen per vervoermiddel - medemensen te ontmoeten en op basis daarvan sociale verbanden aan te gaan 1.4 Maatregelen Het Rijk heeft maatregelen genomen om de Wmo te introduceren en goed te laten gedijen In dit opzicht zijn de maatregelen ook te zien als voorwaarden om de Wmo goed in te voeren Deze maatregelen hebben gevolgen voor de werkwijze van de gemeenten • Eerste maatregel Bij de Wmo is de kader-, wet- en regelgeving zodanig gemaakt, dat er sprake zal zijn van meer horizontale verantwoording in plaats van verticale verantwoording Dit betekent dat de gemeente samen met andere actoren vorm geeft aan de maatschappelijke ondersteuning en niet de nationale overheid Hiermee hangt dan samen dat de gemeente zijn prestaties op lokaal niveau openbaar maakt en de lokale partijen sterke inbreng hebben in de gemeentelijke beleidsvoering Het hoogste doel dat de gemeente uiteindelijk kan bereiken is een klimaat van permanente verbetering Het Rijk blijft echter verantwoordelijk voor het functioneren van de wet (= vastleggen wettelijke kader onderhouden van de werking van de wet) Dit vraagt een continue inspanning van het Rijk en wel als volgt het beschikbaar stellen van voldoende geld terugkerende evaluatiemomenten, toezien op de kwaliteit van de maatschappelijke ondersteuning en het tijdelijk instellen van een zorgplicht (voorzieningen welke de gemeenten in ieder geval dient te verlenen) • Tweede maatregel De implementatiemaatregei is de tweede maatregel waarbij het Rijk de gemeenten ondersteunt bij de invoering van de Wmo, onder andere door praktische handreikingen 1.5 Wettelijke taken van de gemeenten De Wmo is een kaderwet. Dat wil zeggen dat de wet niet gedetailleerd voorschrijft hoe gemeenten de wet dienen uit te voeren In de wet zijn 9 prestatievelden benoemd en een aantal procesverplichtingen Om aan de doelstellingen van de Wmo tegemoet te komen is de gemeente verplicht voor 1 januari 2008 een vierjaren Wmo beleidsplan vastte stellen waarin wordt aangegeven: wat de gemeentelijke doelstellingen zijn op de negen prestatievelden hoe de gemeente het beleid samenhangend uitvoert op welke wijze de momtoring plaatsvindt welke resultaten de gemeente wenst te behalen hoe de kwaliteit van de maatschappelijke ondersteuning in de gaten wordt gehouden hoe de gemeente ervoor zorgt dat de gebruikers van de individuele voorzieningen keuzevrijheid hebben op welke wijze de gemeente rekening houdt met de behoeften van kleine doelgroepen Naast deze inhoudelijke opdrachten kent de Wmo de volgende procesverplichtingen: de vierjaarlijkse Wmo beleidsnota participatie van de burger bij de totstandkoming van beleid formeel adviesrecht over het conceptplan opstellen van een Wmo - verordening de horizontale verantwoordingsverplichting (dus aan de burger in plaats van aan het Rijk) jaarlijkse rapportage omtrent de klanttevredenheid de verplichting informatie aan te leveren aan het Rijk Hoofdstuk 2 Zicht op Meerssen 2.1 Trends en demografische ontwikkelingen Om te bepalen welke vraag om ondersteuning de gemeente Meerssen kan verwachten is inzicht nodig in de bevolkingssamenstelling, de te verwachten ontwikkeling van de bevolkingssamenstelling omvang doelgroepen en gegevens over zelfredzaamheid en participatie Gebleken is dat de gemeente vrij weinig gegevens beschikbaar heeft, welke gebruikt kunnen worden bij het ontwikkelen van beleid Bevolkingsgegevens zijn vaak geen probleem maar inzicht in overige gegevens is lastiger en moeten voorzichtig geïnterpreteerd worden 2.1.1 Bevolkingssamenstelling- en prognose gemeente MeerssenBevolkingsomvang De Meerssense bevolkingsomvang zal de komende jaren iets afnemen van 19 981 m 2004 naar 19 624 in 2010³ Om een beeld te krijgen van deze afname, volgt hier een tussenstand' het aantal inwoners van Meerssen is op 1 januari 2007 19 739 inwoners Tabel 1 Verandering in de bevolking 20054 Meerssen Limburg Nederland Aantal inwoners op 1 januari 2005 19 857 1 136 695 16 305 526 Geboorte 178 10 051 187 910 Sterfte 200 10 629 136 402 Geboorteoverschot -22 -578 57 508 Vestiging 781 39905 642089 Vertrek 787 41 326 642 089 Binnenlands miqratieoverschot -6 -1421 Immigratie 56 5 888 92 297 Emiqratie 113 7298 83 399 Migratieoverschot -57 -1410 8 898 Aantal inwoners op 31 december 2005 19 762 1 131 938 16 334 210 Bevolkingsgroei (na saldo correcties) -95 -4 757 28 684 Gemiddeld aantal inwoners 19 809 5 1 134 316,5 16 319 868,0 Aandeel per leeftijdscategorie In tabel 2 staat het percentage aandeel van de bevolking, per leeftijdscategorie Tevens is vergelijking mogelijk tussen Meerssen, Limburg en Nederland Tabel 2: Bevolking naar leeftijd, 1 januari 20055 Meerssen Abs. Meerssen % Limburg Abs. Limburg % Nederland Abs. Nederland % Bevolking 19 857 1 135 695 16 305 526 0-4 jaar 987 5,0 58 207 5,1 1 010 626 6,2 5-9 jaar 1157 5,8 62 309 5,5 987 916 6,1 10-14 jaar 1222 6,2 67 892 6,0 1 010 032 6,2 15-19 jaar 1102 5,5 66 780 5,9 979 383 6,0 20-24 jaar 797 4,0 60 067 5,3 969 352 5,9 25-44 jaar 5050 25,4 311 635 27,4 4 806196 29,5 45-64 laar 6166 31,1 328 550 28,9 4 253 351 26,1 65-79 laar 2706 13,6 141 012 12,4 1 715 097 10,5 80 jaar en ouder 670 3,4 40 243 3,5 573 573 3,5 Toename aandeel ouderen Het aandeel ouderen van de bevolking in Meerssen, zal de komende jaren alleen maar toenemen in 2005 was het percentage ouderen (65 jaar en ouder) 17% In 2007 is het percentage 65 jaar en ouder 17,9% Buurten en ouderen De gemeente Meerssen kent veertien buurten, inclusief twee gebieden met verspreide huizen Uit de gegevens van 'Gemeente op Maat' blijkt dat in een gebied waar gespreide huizen liggen, het percentage ouderen (65 jaar en ouder) hoger is, dan in de overige buurten. Eenpersoonshuishoudens in Meerssen Het aantal eenpersoonsgezinnen is in Nederland van 1995 tot 2005 gegroeid met 16%6 Het aantal eenpersoonsgezinnen ligt met in Meerssen onder het landelijk gemiddelde (Meerssen 25%, Nederland 34%) De verwachting is dat dit gemiddelde zal groeien. Eenoudergezinnen in Meerssen Deze groep is in Nederland de laatste jaren sterk gegroeid ten opzichte van 1995 met ruim 23% In 2005 ligt in Meerssen het aantal eenoudergezinnen net even boven het landelijk gemiddelde (Meerssen 37%, Nederland 35%). Niet - westerse allochtonen mensen in Meerssen Tabel 3: Niet-Westerse allochtonen, 1 januari 20057 Meerssen Abs. Meerssen % Limburg Abs. Limburg % Nederland Abs. Nederland % Niet-westerse allochtonen 421 2,1 58 637 5,2 1 699 042 10,4 Marokkanen 31 0,2 16 294 1,4 315 812 1,9 Surinamers / Antilhanen en Arubanen 29 0,1 6 518 0,6 459 968 2,8 Turken 28 01 11 570 1,0 358 846 2,2 Overige niet-westerse allochtonen 333 1,7 24 255 2,1 564 407 3,5 Het hoogste percentage niet westerse allochtonen woont in de buurt Weert van de gemeente Meerssen De hoogste percentages Westerse allochtonen wonen in de buurten Raar, Kasen en Geulle8 Conclusies over de bevolkingssamenstelling- en prognose van de gemeente Meerssen In Nederland groeit het aantal inwoners nog steeds, maar het neemt steeds minder snel toe In Meerssen neemt het aantal inwoners al af in 2005 met —4,8%. Ouderen vormen in Nederland de snelst groeiende leeftijdsgroep, zowel in absolute aantallen als percentage van de bevolking In Meerssen is de grijze druk (= het aantal 65 jarigen en ouder per 100 inwoners ten opzichte van de productieve leeftijdsgroep 20 tot 65 jaar) m 2005 28,1° Dit is hoger dan de landelijke grijze druk (22,8) en hoger dan de Limburgse grijze druk (25,9) Deze trend zal zich in de toekomst voortzetten Kort na 2010 is een versnelling in de toename van het aantal ouderen te verwachten Dan bereiken de babyboomers van de naoorlogse geboortegeneratie de pensioengerechtigde leeftijd. De afgelopen 40 jaar is de groene druk (= het aantal personen van 0 tot 20 jaar per 100 inwoners ten opzichte van de productieve leeftijdsgroep 20 tot 65 jaar), behoorlijk afgenomen Sinds de jaren negentig is de groene druk echter aan het stabiliseren Hierdoor daalt het aantal werkenden ten opzichte van het aantal niet (meer) werkenden en stijgen de lasten voor de zorg, die door de werkenden moet worden opgebracht Solidariteit tussen generaties en de draagkracht om zelf problemen op te lossen, kunnen hierdoor onder druk komen te staan Denk aan het tekort aan arbeidskrachten, onder andere in de zorg. Ook het aantal allochtone Meerssenaren zal toenemen Vergeleken met andere middelgrote gemeenten is het aantal niet hoog Echter vanuit de Wmo, is het toch noodzakelijk om ook aan deze ontwikkeling aandacht te besteden, vanwege de specifieke behoeften op het gebied van mantelzorg, mate van beperkingen en mate van zelfredzaamheid Denk aan bijkomende problemen als het niet (goed) beheersen van de Nederlandse taal. 2.1.2 Kwetsbare inwonersDe Wmo heeft als doel de hele Nederlandse bevolking mee te laten doen aan de samenleving Naar schatting heeft 10% van de Nederlandse bevolking (dus circa 1,6 miljoen mensen), een min of meer structurele ondersteuningsbehoefte vanuit de Wmo Ongeveer 5% (800 000 mensen) heeft die ondersteuningsbehoefte incidenteel of kortdurend nodig Het totale percentage van de bevolking dat ondersteuning nodig heeft vanuit de Wmo bedraagt dus ongeveer 15% (2,4 miljoen mensen) Als deze cijfers op Meerssen worden toegepast, komen we tot de volgende aantallen (uitgaande van ongeveer 20 000 inwoners) 10% structureel is 2000 mensen, 5% incidenteel of kortdurend is 1000 personen Een deel van de inwoners zal, hoewel hulpbehoevend, geen aanspraak maken op Wmo voorzieningen De totale groep 'kwetsbare inwoners' is dus groter Naar schatting gaat het in Nederland om ongeveer 3,3 miljoen mensen Deze 'kwetsbare inwoners' kunnen worden ingedeeld in mensen met lichamelijke beperkingen, psychosociale of materiele problemen, opvoed- en opgroeiproblemen, mensen die betrokken zijn bij huiselijk geweld en personen met een meervoudige problematiek Schatting kwetsbare personen In onderstaande tabel wordt een schatting gegeven van het aantal kwetsbare personen in Nederland Hierbij is geen rekening gehouden met overlap tussen doelgroepen In werkelijkheid is er logischerwijs wel overlap Daarom kan niet worden geconcludeerd dat de genoemde cijfers het exact aantal kwetsbare personen weergeeft. Tabel 4: Schatting kewtsbare personen in Nederland 11 Aantal personen % van de totale bevolkinq Aantal 65 plussers % van de 65 plussers Lichamelijke beperkingen 1 500 000 9 2% 730 000 33 2% Chronisch psychische problemen 120 000 0 7% 100 000 4 5% Verstandelijk gehandicapten 112 000 0 7% 3 700 0 2% Psychosociale of materiële problemen 500 000 3 1% 50 000 2 3% Lichte opvoed-opgroeiproblemen 525 000 3 2% Nvt - Slachtoffer van huiseluk geweld 500 000 3 1% Onbekend - Meervoudige problematiek 100 000 0 6% Onbekend - Totaal aantal kwetsbare personen 3 357 000 20,6% 883 700 40,2% Totaal aantal inwoners 16 300 000 = 100% 2 200 000 = 100% Tabel 5: Schatting kwetsbare personen in Meerssen Aantal personen % van de totale bevolkinq Aantal 65 plussers % van de 65 plussers Lichamelijke beperkingen 1 838 9 2% 1092 33 2% Chronisch psychische problemen 140 0 7% 148 4 5% Verstandelijk gehandicapten 140 0 7% 7 0 2% Psychosociale of materiele problemen 619 3 1% 76 2 3% Lichte opvoed-opgroeiproblemen 639 3 2% Nvt - Slachtoffer van huiselijk geweld 619 3 1% Onbekend - Meervoudige problematiek 120 0 6% Onbekend - Totaal aantal kwetsbare personen 4116 20,6% 1323 40,2% Totaal aantal inwoners 19 982 = 100% 3289 = 100% Schatting kwetsbare personen in Meerssen In tabel 5 zijn de gegevens uit bovenstaand schema gebruikt om een beeld te krijgen van de mogelijke situatie in Meerssen (uitgaande van het totale inwonersaantal van Meerssen in 2004) Onderstaande cijfers geven slechts een indicatie en kan enkel als zodanig gebruikt worden in de verdere beleidskeuzes Deze dienen met andere bronnen en documentatie verder onderbouwd te worden Het totaal aantal kwetsbare personen is exclusief de slachtoffers van huiselijk geweld en exclusief mensen met meervoudige problematiek Per kern De verdeling van het totaal inwoneraantal over de kernen en uitgesplitst per kern in ouderen (55 plussers) (ex-) GGZ- cliënten (GGZ) en verstandelijk gehandicapten (VG) is als volgt12 Tabel 6: Ouderen per kern Kern Totale Bevolking 2004 Ouderen GGZ VG Totale Bevolking 2010 Ouderen GGZ VG Meerssen/ Rothem 7 815 2 550 32 6% 263 3 4% 34 0 4% 7 674 2 827 36 8% 242 3 2% 32 0 4% Bunde 6 120 1 711 28,0% 220 3 6% 29 0,5% 6 010 1 933 32 2% 204 3,4% 27 0,5% Geuite 2 744 914 33 3% 92 3 4% 12 0,4% 2 695 1 011 37 5% 84 3,1% 11 0 4% UIestraten 3 302 1 114 33 7% 109 3 3% 14 0 5% 3 243 1230 379% 101 3 7% 13 0 4% Totaal 19 981 6 289 31 5% 684 3 4% 89 0 5% 19 624 7 001 35,7% 631 3,2% 83 0,4% Het aantal lichamelijk gehandicapten onder de 55 jaar is met bekend Opvallend is dat het percentage ouderen in de kern Bunde lager is dan in de andere kernen De verwachting is dat de omvang van ouderen (ex-) GGZ cliënten en verstandelijk gehandicapten de komende jaren toe zal nemen van 35 3% naar 39 3%13 van de totale bevolking in Meerssen Vereenzaming Vereenzaming is momenteel al een groot probleem en zal alleen maar toenemen Van de Meerssense inwoners ervaart 9% eenzaamheid14 Zelfstandig wonen van zorgbehoevenden Steeds meer zorgbehoevenden wonen langer zelfstandig en moeten zich met ondersteuning redden Cijfers hierover ontbreken Conclusie over kwetsbare personen Mensen die zorg nodig hebben, wonen steeds minder in een instelling en steeds meer en langer zelfstandig in hun eigen, of in een aangepaste woning Op dit terrein zijn twee grote ontwikkelingen zichtbaar Gehandicapten wonen steeds minder in grote afgezonderde instellingen, maar meer en meer in wijken, in een woning of in kleine zorgvoorzieningen in de wijk Ouderen met (voortschrijdende) ouderdomsproblemen worden blijven zo lang mogelijk zelfstandig wonen Een deel van de zorgcentra en verpleeghuizen verandert daarbij van een grote instelling in een kleine wijkgebonden intra- en extramurale voorziening De vermaatschappelijking van de zorg vraagt van wijkbewoners en de lokale overheid, dat ze medeverantwoordelijkheid nemen voor deze wijkbewoners Voor het behoud en herwinnen van zelfredzaamheid zijn voorzieningen nodig Een groter aantal mensen zal dus een beroep gaan doen op gemeentelijke Wmo voorzieningen Door de vermaatschappelijking is er wel risico op vereenzaming, met name voor zeer kwetsbare groepen die een zeer beperkte mobiliteit hebben of problemen met de sociale redzaamheid en bij groepen, die minder geaccepteerd worden door hun (woon) omgeving Tenslotte moet niet uit het oog verloren worden dat er altijd groepen zeer kwetsbare mensen blijven, die aangewezen zijn op intramurale voorzieningen, zoals dementerende ouderen en mensen met ernstige handicaps De groep dementerende ouderen neemt daarbij snel in omvang toe 2.2 De gemeentebrede kaders De meest actuele kaders voor de invoering van de Wmo, zijn de Toekomstvisie 'Meerssen mag (me)erzijn in 2015, het Coalitieakkoord en het Uitvoeringsprogramma WWZ Maastricht en Mergelland, editie II 2006 - 2010 Naast deze drie kaders, zijn nog andere, reeds vastgestelde kaders te noemen welke te maken hebben met maatschappelijke ondersteuning Ook de met genoemde blijven belangrijk in het kader van de Wmo In de "Hoofdlijnen Toekomstvisie Gemeente Meerssen"" wordt Meerssen gepositioneerd tussen verstedelijkte gebieden (Maastricht, Sittard - Geleen en Heerlen) en getypeerd als rustige, landelijke en groene gemeente met verschillenden kernen Immers de gemeente Meerssen is gevormd in 1982 door samenvoeging van de kernen Bunde, Geulle, Meerssen / Rothem en Ulestraten ledere kern heeft zijn eigen geografische kenmerken Niet alleen deze kenmerken maar ook het verenigingsleven, onder andere op het gebied van sport en amateurkunst, maakt dat elke kern een eigen identiteit heeft welke van veel betekenis is voor de sociale samenhang In de toekomstvisie staat de missie als volgt geformuleerd "Meerssen streeft naar een kwalitatieve versterking van het woon- en leefklimaat, respectievelijk van het landelijk karakter van de gemeente Selectief wordt ingespeeld op de hoogdynamische ontwikkeling op de Noord - Zuid as" De burgers hebben en houden het gevoel dat zij in Meerssen goed en veilig kunnen wonen Er is sprake van een sfeer waarin burgers zich verantwoordelijk voelen voor de woonomgeving Er is voldoende sociale controle om het veiligheidsgevoel te vergroten Onder leefbaarheid in de kernen wordt in de Toekomstvisie verstaan Schone en openbare ruimte Mogelijkheden om te voorzien in de dagelijkse levensbehoeften Bereikbaarheid van de zorgvoorzieningen Een vorm van openbaar vervoer Mogelijkheden om te recreeren en deel te nemen aan het verenigingsleven en sociale activiteiten Die leefbaarheid in de kernen staat echter onder druk Er wordt daarom aandacht besteed aan een aantal ontwikkelingen, welke in het beleid voor het realiseren van leefbaarheid, vertaald moeten worden Hieronder worden de ontwikkelingen in de Toekomstvisie opgenomen, genoemd De bevolking groeit niet meer en vergrijst De bestaande woningmarkt biedt onvoldoende mogelijkheden voor jongeren om betaalbare woonruimte te vinden Veel jongeren trekken bovendien uit de gemeente weg om in de stad te studeren en keren niet terug Deze beide trends leiden tot een ontgroening (in demografisch opzicht) van de kernen De vergrijzing en ontgroening zullen hun effect gaan krijgen op de participatie aan het verenigingsleven Winkelvoorzieningen, filialen van postkantoren en banken verdwijnen Mensen kiezen voor of zijn aangewezen op gebruikmaking van voorzieningen in andere kernen of de grote steden Het openbaar vervoer van en naar de kernen is niet optimaal en komt naar het zich laat aanzien verder onder druk te staan De ontwikkelingen rond Maastricht Aachen Airport en op het gebied van het verkeer hebben een negatieve invloed op het (woon) milieu in een aantal kernen De sociale structuur van de kernen verandert door de komst van mensen die van oorsprong niet uit de kern afkomstig zijn en door de veranderende leefpatronen (meer mobiliteit, tweeverdieners, 24 - uurs economie) De leefbaarheid van de kernen kan alleen meegroeien als de ontwikkelingen een beleidsmatige vertaling krijgen en er creatief op wordt ingespeeld In de Toekomstvisie wordt kort ingegaan wat er gedaan moet worden om de adequaat in te kunnen spelen op de ontwikkelingen Dit door het voorzieningenniveau in de kernen op het gebied van zorg, sport en welzijn te onderzoeken en te verbeteren, evenals de volkshuisvesting. Ook wat Meerssen wil in de regionale samenwerking, staat beschreven in de Toekomstvisie Meerssen kiest voor een intensieve samenwerking binnen de regio De inhoud van de thema's en de mate van gemeenschappelijkheid die daarbinnen te onderkennen is, zijn daarbij bepalend voor de meerwaarde en leidend bij de partnerkeuze In de samenwerking stelt Meerssen in de Toekomstvisie dus een meersporenbeleid voor. Het "coalitieakkoord 2006 - 2010" is ook (onder andere) gericht op leefbaarheid van de kernen en het versterken van de woonkwaliteit, onder andere door het aan kunnen bieden van verschillende typen woningen als zorgwoningen Ook wordt in het coalitieakkoord ingegaan op het aan kunnen bieden van klantgerichte zorg vanwege de Wmo, door onder andere te investeren in de woonzorg-zones. In het kader tot nu toe beschreven, is het Uitvoenngsprogramma WWZ Maastricht en Mergelland, editie II 2006-2010 eveneens een pijler voor de Wmo Door gezamenlijke inspanning wordt gestreefd naar samenhangende voorzieningen, producten en diensten om burgers, binnen ieders mogelijkheden, in staat te stellen om zelfstandig te blijven en te wonen in de omgeving van hun keuze Binnen de integrale aanpak WWZ vormen geschikte woonruimten het vertrekpunt Daarbij staat voor zowel de woonvormen als ook voor het welzijnsaanbod de levensloopbenadenng centraal Bij welzijn is de bevordering van participatie ("meedoen") cruciaal Andere belangrijke functies zijn informatie, advies, activering, hulpverlening alsmede begeleiding en ondersteuning Om dit uitvoeringsprogramma te realiseren werken 7 gemeenten (regio Maastricht en Heuvelland) met zorgvragers, woningcorporaties, welzijnsondernemingen en zorgaanbieders samen op het terrein van wonen, welzijn en zorg (WWZ) voor diverse doelgroepen Wat betreft de zorg, is er sprake van een verschuiving van intramuraal naar extramuraal Maatwerk en zorg op afroep worden daarbij steeds belangrijker WWZ wordt gepositioneerd binnen het kader van leefbaarheid van buurten en kernen op basis van integraal en inclusief beleid Het uitvoenngsprogramma wordt op dit moment vertaald in een beleidsnota Wonen, Welzijn en Zorg in de gemeente Meerssen Onder andere het uitvoeringsprogramma WWZ, is een van de uitgangspunten voor het vormgeven van de prestatievelden De prestatievelden beogen immers doelen die met deze te maken hebben Maar zoals al eerder vermeld, ook andere reeds vastgestelde kaders bepalen mede de inhoud van de prestatievelden. Er wordt door de gemeente voor gekozen om niet het accent te leggen op nieuw beleid, maar het accent te leggen op uitvoenngsrealisatie, verbetering, vernieuwing en samenhang. 3 Waar Meerssen voor staat De Wmo heeft als ambitie dat alle mensen kunnen meedoen aan de maatschappij, naar eigen vermogen Meerssen onderstreept deze ambitie De taak van de gemeente is hierbij vooral voorwaardenscheppend Het Wmo meerjarenbeleid begint bij een gemeentelijke visie, van waaruit de gemeente het beleid inzake maatschappelijke ondersteuning vorm wil geven De beleidsuitgangspunten zijn daarbij opgenomen in deze paragraaf 3.1 De visie op maatschappelijke ondersteuning De gemeente Meerssen acht het van groot belang dat iedereen binnen de gemeente naar eigen vermogen kan meedoen in de samenleving en zoveel als mogelijk zelfredzaam kan zijn Het gaat daarbij niet alleen om jonge en gezonde mensen, maar ook om bijvoorbeeld ouderen en mensen met een beperking Uitgangspunt is dat de burger in eerste instantie zoveel mogelijk eigen verantwoordelijkheid neemt om voor zichzelf te zorgen en zorgen voor zijn naaste omgeving Wanneer dit zorgen met lukt en met kan worden teruggevallen op de eigen omgeving, kan de burger een beroep doen op maatschappelijke ondersteuning De gemeente wil voorwaardenscheppend werken met als doel dat elke burger kan werken aan toename van kwaliteit van leven, ook in zijn omgeving Nadrukkelijk kiezen we voor een brede invulling van het begrip 'kwaliteit van leven" Het gaat om de reële mogelijkheid van een persoon iets te doen of te zijn, met andere woorden de ontplooungs- of realisatiemogelijkheden die een persoon in zich heeft16 Dit is dus breder dan de beschikbaarheid van voldoende materiele middelen en ook breder dan "lekker in het vel zitten" Voorbeelden van persoonlijke ontplooungs- of realisatiemogelijkheden zijn gezond zijn, kunnen praten met iemand, een hobby mogen hebben, verplichtingen kunnen hebben, kunnen werken enzovoort Elke persoon kan zelf beslissen of en in welke mate hij zich ontplooit en de persoonlijke kwaliteiten wil inzetten voor de omgeving Ook voor Meerssen is dan de opdracht om de ontplooungs- of realisatiemogelijkheden van de burger m de directe omgeving te laten toenemen Daarbij verdienen twee groepen onze bijzondere aandacht Burgers met ontplooungs- of realisatiemogelijkheden worden uitgedaagd tot het inzetten van deze persoonlijke kwaliteiten voor de directe omgeving, Burgers (die een deel van) deze relevantie kwaliteiten (tijdelijk) ontberen gaan we adequate ondersteuning bieden. 3.2 Beleidsuitgangspunten Beleidsuitgangspunten die de basis vormen bu de verdere ontwikkeling van het Wmo beleidin de gemeente Meerssen Het hebben van sterke kernen met zorgzame inwoners in de gemeente Meerssen is een belangrijke basis om vergrijzing goed het hoofd te kunnen bieden Een sterke en zorgzame samenleving kan tegen een stootje en maakt het met elkaar leven ook fijner. Beleid voor alle inwoners van de gemeente Meerssen, dus met of zonder beperkingen bij het maken van beleid wordt gekeken naar de mogelijkheden en onmogelijkheden van mensen met beperkingen en meegenomen in de uitvoering van het beleid Dit met als doel dat iedereen kan meedoen De gemeente hanteert hierbij gemeentelijk facetbeleid (over de beleidsterreinen heen kijken) en integraal beleid. Compenseren van beperkingen in zelfredzaamheid is een belangrijke taak van de gemeente, zodat mensen met beperkingen toch zoveel als mogelijk kunnen meedoen (participeren). Preventie waar mogelijk het doel van de Wmo is, dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen deelnemen aan de samenleving, waarmee maatschappelijke uitval (bijvoorbeeld zware zorgbehoevendheid, dakloosheid, verslaving) wordt voorkomen Dit houdt o a m dat Algemeen beleid gevoerd wordt op oorzakelijke factoren waardoor de kans op uitval wordt verklein; Tijdig signaleren van risicogroepen en beginnende problematiek Tevens het voeren van risicogericht beleid. Beleid voeren waardoor toename van het probleem wordt tegengegaan. Houdbaar beleid de gemeente wil doelmatig met de beschikbare financiële middelen omgaan Dit betekent dat er telkens gekeken zal worden naar een goede kwaliteit en pnjsverhouding Het moet passen binnen de financiële ruimte die de gemeente heeft en continuïteit in het beleid moet zoveel als mogelijk gewaarborgd zijn. De visie wordt in Meerssen vormgegeven door de volgende 2 leidende processen Kerngencht werken en Persoons Gerichte Aanpak Ad 1 Kernqencht werken In Meerssen zijn vier kernen gedefinieerd Bunde, centrum Meerssen, Geulle en Ulestraten Elke kern heeft typische (geografische) kenmerken Kerngencht werken is een methode om de leefbaarheid in een kern te bevorderen, maar ook om samenwerking en een integrale aanpak te bevorderen Een ander doel is het vergroten van de betrokkenheid van de burger bij het beleid Kerngencht en leefbaarheid betekenen met hetzelfde De vraag wat leefbaarheid is kan uiteindelijk alleen beantwoord worden door de bewoners van een kern of wijk zelf Zij geven aan op welke wijze de leefbaarheid van een kern bevorderd wordt De gemeente moet aangeven welke verantwoordelijkheid zij wil dragen voor bevordering en behoud van de leefbaarheid De kaders betreffen zowel de inhoud als de financiële middelen Belangrijke thema's voor de burgers en de gemeente zijn Beheer openbare ruimte Veiligheidsbeleid Woningbouw De mate van spreiding van voorzieningen, zoals winkels, scholen, welzijnsinstellingen, 1st" lijns gezondheidsvoorzieningen, verenigingen, bibliotheek. Concept Beleidsplan Wmo 2008 - 2011 Samen Maastncht juni 2007 De thema's kunnen voor de kernen divers zijn Dit mag ook kernen mogen verschillend zijn Door middel van buurtnetwerken en buurtverenigingen, blijft de gemeente geïnformeerd over de onderwerpen die leven bij de inwoners van de kernen Ad 2 Persoons Gerichte Aanpak fPGAl Een aantal burgers heeft meervoudige problemen Vaak gaan lichamelijke en geestelijke problemen samen met sociale en materiele problemen De hulpverlening moet aan al deze gebieden aandacht besteden Dat vraagt een integrale benadering, bij het opstellen van beleid maar ook in de uitvoering Wanneer problemen niet tijdig worden gesignaleerd of niet in samenhang worden opgepakt, dreigen de problemen van mensen onopgemerkt te blijven of stapelen deze zich alleen maar verder op Een ander gevaar is dat mensen in geen van de beleidscategorieën vallen, zoals mensen met psychische en verslavingsproblemen Zij vallen tussen wal en schip Dit probleem wordt deels veroorzaakt doordat de beleidsverantwoordelijkheid voor de doelgroepen met een kwetsbare positie sterk versnipperd is Diverse onderdelen zijn ondergebracht bij óf het rijk, of de provincie óf gemeenten Ook in de praktijk is een veelheid van partijen nodig als politie, maatschappelijk werk, woningcorporaties en organisaties op het gebied van werk en inkomen Momenteel wordt in de uitvoering veel samengewerkt, maar nog onvoldoende vanuit een gemeenschappelijk doel in een keten waarbij partijen de verantwoordelijkheid delen De afzonderlijke financieringsstromen en bijbehorende opdrachten en verantwoordingseisen dragen hieraan bij In Meerssen is men begonnen met deelname aan het Veiligheidshuis Hiermee wordt in 2007 en 2008 een bepaald aantal veel- en meerplegers begeleid door middel van een Persoons Gerichte Aanpak De inhoud van het hulpverleningsplan bestaat uit een combinatie van bouwstenen of trajecten op een of meer van onderstaande leefgebieden Psychische toestand Financien Wonen / huishouden Werk / scholing / dagbesteding Sociaal netwerk / vrije tijd / sociale relaties Maatschappelijke aanpassing De aanpak gebeurt volgens een gezamenlijk hulpverleningsplan op casusniveau Meerssen werkt samen 4.1 Samen maar toch apart Meerssen werkt in het kader van de Wmo zoveel mogelijk samen met de overige gemeenten in Heuvelland, zowel bestuurlijk als ambtelijk, afhankelijk van het thema Samenwerking is ook noodzakelijk, als relatief kleine gemeente Gemeente Maastricht fungeerde bij bepaalde thema's als kartrekker en leverde input vanwege zijn deelname in de G27 en deelname in de samenwerking tussen de 3 grote steden in Zuid - Limburg, eveneens bestuurlijk en ambtelijk Maastricht heeft tevens als aanbestedende dienst het aanbestedingstraject voor 19 gemeenten samen met Sittard-Geleen en Heerlen vormgegeven Momenteel wordt onderzocht of het haalbaar is om een zelfde aanpak te doorlopen voor de aanbesteding van hulpmiddelen Dit alles wil niet zeggen dat Meerssen klakkeloos volgend is geweest Zowel de gemeente zelf als de centrumgemeente zijn gebaat bij een kritische houding van de regiogemeenten om een klimaat te creëren van continue verbetering Tevens heeft elke gemeente zijn eigen kenmerken, die vertaald moeten worden naar de Wmo In de samenwerking lag bij bepaalde thema's met name het accent op kennis delen, onder andere bij het opstellen van de "Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning" Om het eigene van Meerssen te houden, is het belangrijk dat naast samenwerking, Meerssen telkens zelf kleur bepaalt De samenwerking op het gebied van (clienten)participatie is een aandachtspunt Er kan namelijk risico ontstaan op het gaan overvragen van bestuurders van (clienten)organisaties het zijn namelijk vaak dezelfde personen die daadwerkelijk zitting moeten nemen in de verschillende Wmo platforms Niet vergeten moet worden, dat bestuurders veelal vnjwilligers zijn, die met veel inzet hun bestuurstaken vervullen Het is zinvol om te onderzoeken of de gemeenten en (clienten)organisaties mogelijkheden zien om hierin samen te werken, om overbelasting te voorkomen Ook eventueel meer samenwerking tussen de verschillende afdelingen van een (clienten)orgamsatie, kan voorkomen dat bestuurders overbelast worden in hun taken 4.2 Continuering subsidieregelingen Een aantal regelingen is sinds de invoering van de Wmo overgeheveld naar de Wmo, waardoor de gemeenten deze middelen naar eigen inzicht mogen inzetten Indien hier geen duidelijke afspraken over worden gemaakt tussen de gemeenten, bestaat de kans dat door versnippering de dienstverlenende organisaties het niet gaan redden Voor Meerssen gaat het om de volgende regelingen die overgeheveld zijn vanuit de AWBZ naar de Wmo Coördinatie vrijwillige thuiszorg en mantelzorg (CVTM) Collectieve preventie geestelijke gezondheidszorg (CPGGZ) Diensten bij Wonen met Zorg (DbWmZ) Zorgvernieuwingsprojecten geestelijke gezondheidszorg (ZVP) Vorming, training en advies (VTA) De regeling Besluit bijdrage AWBZ-gemeenten (BBAG) geldt met voor de gemeente Meerssen De gemeenten mogen deze middelen naar eigen inzicht inzetten, maar het gevolg is dat dan de geboden dienstverlening met overeind kan blijven vanwege deze versnippering Aan de hand van de dienstverlening in 2007 en de organisaties die de dienstverlening leveren, hebben we inzichtelijk gekregen aan welke maatschappelijke problemen de Awbz-regelingen een bijdrage leverden aan de oplossing ervan In onderstaand overzicht is te lezen hoe elke regeling besteed is17 Overzicht subsidieregelingen regeling Organisatie functionaliteit werkgebied Toehchtinq/prestatieveld CVTM Steunpunt Mantelzorg Rode Kruis ZZL Ondersteuning mantelzorg en vrijwillige thuiszorg Respijtzorg Eijsden, Gulpen-Wittem, Maastricht, Meerssen, Valkenburg, Vaals (M&H) Nieuwe wettelijke taak (prestatieveld 4) Professionalisenngsslag in 2007 (CAO- beloning conform landelijke richtlijnen MEZZO) Voorstel continueren, regierol bij centrumgemeente Maastricht CVTM St Horizon Maatjesproject ex-psychiatrische patiënten/voorkomen sociaal isolement Zuid-Limburg Prestatieveld 4 Ontvangt reeds ook reguliere financiering van Maastricht Voorstel continueren, regierol bij centrumgemeente Maastricht Voorwaarde Sittard - Geleen en Heerlen ook rol als centrumgemeente CVTM STAT buddyzorg Buddyproject voor chronisch zieken Limburg Prestatieveld 4 Kleine, kwetsbare organisatie Op deze schaalgrootte moeilijk afspraken te maken Voorstel besluitvorming in 4* kwartaal 2007 op Zuid-Limburgse schaal met rol voor 3 centrumgemeenten in Zuid - Limburg CVTM St Radar Vrijwillige thuiszorg tbv gezinnen met kind met verstandelijke beperking M&H Prestatieveld 4 Voorstel met organisaties onderzoeken of dienstverlening kan worden gebundeld met Steunpunt Regierol bij centrumgemeente Maastricht CPGGZ GGD/RIAGG Hulpverlening, betreft financiële bijdrage aan vangnet OGGZ M&H Prestatieveld 8 Voorstel continueren DbWmZ RIBW Bijdrage aan maaltijdvoorzienmg = eetpunten, sociaal-culturele activiteiten, individuele clientzorg Heuvelland en Maasvallei Prestatieveld 5 Voorstel in 2008 producten in kader WWZ afstemmen op overige welzijnsproducten ZVP St Horizon Zie hierboven Voorstel continueren, zie verder hierboven Vrouwengezond-heidscentrum Signalering, preventie, hulpverlening, nazorg en zelfredzaamheid m n wat betreft gezondheidsvraagstukken M&H Prestatieveld 5 Voorstel doelgroepenbereik analyseren in relatie tot Time-Out, GGD Regierol bij centrumqemeente Maastricht Time-Out Weerbaarheid, lotgenoten contact, zelfhulp, sociaal isolement Zuid-Limburg Prestatieveld 5 Kleine, kwetsbare organisatie Voorstel doelgroepenbereik analyseren in relatie tot Vrouwengezondheidscentrum Cliëntencentrum Limburg Ze;fhulpgroepen GGZ (autisme, borderline, stemmen horen, angst) Limburg Prestatieveld 5 Kleine. kwetsbare organisatie Op deze schaalgrootte moeilijk afspraken te maken Voorstel: besluitvorming in 4de kwartaal 2007 op Zuid-Limburgse schaal met rol voor 3 centrumgemeente Nederlandse vereniging voor autisme Autistisch informatiecentrum, Lotgenotencontact tbv ouders, gezinnen, partners Limburg, onderdeel van landelijk netwerk Prestatieveld 5 Bijdrage via gemeente Heerlen Voorstel: belsuitvorming in 4de kwartaal 2007 op Zuid-Limburgse schaal met rol voor Heerlen als centrumgemeente Om de dienstverlening te behouden, die geleverd wordt binnen de regelingen CVTM en ZVP is al m een vroeg stadium met de portefeuillehouders van Srttard-Geleen, Heerlen en de overige regiogemeenten afgesproken, de volgende uitgangspunten ter besluitvorming aan de gemeenteraden voor te leggen We gaan voor regionale samenwerking en afstemming op het relevante schaalniveau van deels Zuid-Limburg en deels Maastricht en Heuvelland Centrumsteden trekken de kar De samenwerkingsafspraken worden gemaakt voor een looptijd van de Wmo-planperiode 2008-2011 (4 jaar) Het budget dat beschikbaar komt ten gevolge van de subsidieregelingen wordt voor datzelfde doel gereserveerd Het beschikbare budget wordt omgerekend naar het inwoneraantal van het gebied waarin een organisatie opereert, opdat ongeacht de wijze waarop de middelen naar de regio of gemeente komen er altijd een formule kan worden gehanteerd Dit betekent dat de gemeente Meerssen het budget dat beschikbaar komt ten gevolge van de subsidieregelingen voor datzelfde doel dient te reserveren en daarmee structureel toe te voegen aan de middelen voor betreffende prestatievelden Onderzocht zal moeten worden wat te doen met de overige regelingen Maastricht stelt in deze voor Voor de looptijd van deze Wmo-planpenode 2008 - 2011 (4 jaar) samen te werken Dat zij als centrumgemeente het voortouw nemen Het budget dat beschikbaar komt ten gevolge van de subsidieregelingen voor datzelfde doel te reserveren en daarmee structureel toe te voegen aan de middelen voor betreffende prestatievelden Dat de regiogemeenten, waaronder Meerssen, hetzelfde doen De regiogemeenten de mogelijkheid te bieden de middelen naar Maastricht over te maken en daarmee de administratieve afhandeling van de subsidiering te delegeren aan Maastricht De gemeente Meerssen zal de organisaties die de subsidies ontvangen, volgen in de te behalen resultaten 5 Meer horizontaal 'Meedoen' is het uitgangspunt van de Wmo Deelname aan de samenleving, ook voor kwetsbare burgers, moet de basis van beleid zijn Er moet dus aansluiting gezocht worden kort bij de mensen, bij de burgers Het is dan ook logisch om het beleid niet bij het Rijk neer te leggen, maar bij de gemeenten Immers dat is de plaats waar mensen wonen en zonodig zorg ontvangen Daarom legt de Wmo meer dan voorheen verantwoordelijkheden en taken bij gemeenten neer Kenmerkend voor de Wmo is het sturingsmodel van honzontalisering Daarbij wordt ervan uitgegaan, dat het Rijk randvoorwaarden stelt, waarbinnen gemeenten hun beleid mogen inrichten Bij de Wmo betekent dit dan binnen de njkskaders is het vervolgens aan gemeenten om de ondersteuning optimaal af te stemmen op de behoefte van de burgers, samen met de burgers, zorginstellingen en andere lokale partijen Dit houdt concreet m dat de Wmo eisen stelt aan gemeenten, namelijk participatie en verantwoording Hieronder worden deze twee eisen uitgewerkt voor Meerssen Participatie in Meerssen Meerssen is ambitieus genoeg om de vereiste participatie volgens de Wmo tot een succes te maken Het begrip 'participatie' wordt in de Wmo in drie vormen onderscheiden Participeren in allerlei activiteiten (bijvoorbeeld betaald werk hebben, lid zijn van verenigingen) Meehelpen als vrijwilliger of als mantelzorger Mede vormgeven aan beleid via inspraak of actief burgerschap Het accent in deze paragraaf ligt op de derde vorm om de hierboven genoemde eerste twee vormen binnen geformuleerde kaders optimaal vorm te geven, zal Meerssen de burgers betrekken bij de beleidsvorming Net als vele andere gemeenten, heeft Meerssen ervaring met burgerparticipatie en chentenparticipatie op de terreinen van maatschappelijke ondersteuning (zorg- en welzijnsterrein) De Gehandicapten Organisatie Meerssen (GOM) heeft al 27 jaar als belangrijk adviesorgaan gefunctioneerd Zij heeft gevraagd en ongevraagd adviezen gegeven aan de gemeente Meerssen, i c de portefeuillehouder Welzijn Vooral in het kader van het Collectief Vraaggestuurd Vervoer (CW), Wvg en bij de voorbereidingen van de invoering van de Wmo, heeft zij een cruciale rol vervuld Ook heeft Meerssen ervaring opgedaan in het interactief consulteren en inspraakbijeenkomsten Zo bekeken is participatie geen nieuw fenomeen voor Meerssen. De volgende definitie is te geven aan participatie - We spreken van participatie als de burgers (ook cliënten) bij de beleidsvoorbereiding, vormgeving, bepaling en/of uitvoering van het beleid worden betrokken Het doel van participatie moet zijn - Het optimaal afstemmen van maatschappelijke ondersteuning voor burgers op de specifieke behoefte van de burgers (cliënten) Meerssen heeft een adviesorgaan ten behoeve van het College van B&W, dat bij het Wmo beleid is betrokken, namelijk het Wmo platform Het Wmo - platform bestaat uit vertegenwoordigers van de volgende doelgroepen van de Wmo, namelijk Mensen met een lichamelijke handicap (Stichting Gehandicapten Organisatie Meerssen) Mensen met een lichamelijke handicap (Cliëntenraad Louise Marie Jaminhof) Mensen met een verstandelijke handicap Mantelzorg (Steunpunt Mantelzorg Rode Kruis Zuidelijk Zuid Limburg) Ouderen (Semorenplatform gemeente Meerssen) Vrouwen (Stichting Emancipatieraad Meerssen) Vrijwilligers (Zonnebloem Groot Meerssen Groot Meerssen) Dit adviesorgaan heeft de bevoegdheid om gevraagd en ongevraagd te adviseren Het Wmo -platform wordt via een subsidie gefaciliteerd door de gemeente Zowel de gemeente Meerssen als het Wmo - platform van de gemeente Meerssen is nog lerende in het raadplegen en adviseren Echter bij het tot stand komen van voorliggende beleidsplan, is al de meerwaarde gebleken van deze vorm van participatie 5.1.1 Functies van cliënt- / burgerparticipatieClient / burgerparticipatie heeft de volgende functies Beïnvloeding van beleid en uitvoering De mogelijkheid van belanghebbenden om op een collectief niveau meningen, inzichten en ervaringen kenbaar te maken over de praktijk van maatschappelijke ondersteuning Immers een van de uitgangspunten van de Wmo is de eigen verantwoordelijkheid en de verantwoordelijkheid voor de (sociale) omgeving Juist vanuit die verantwoordelijkheid moet de burger ook invloed op het gemeentelijke beleid kunnen uitoefenen Kwaliteitsinstrument, waar het gaat om voortdurende verbetering van dienstverlening Burgers en cliënten worden erkend als ervaringsdeskundigen en dus is hun mening en de mate van tevredenheid over beleid en uitvoering graadmeter Legrtimenng van beleid en uitvoering Hierbij gaat het om meting van het draagvlak voor het beleid en de uitvoering Maatschappelijke ondersteuning betreft immers aanwending van publieke middelen en is als zodanig een politiek onderwerp Betrokkenheid kan leiden tot het zelf verbeteren van de eigen situatie en een maatschappelijke rol spelen (bij jongeren, ex-psychiatnsohe patiënten en dak- of thuislozen) 5.2 Meerssen verantwoord Naast het realiseren van betrokkenheid van burgers en cliënten bij het beleid Wmo, moet het beleid op een horizontale manier worden verantwoord aan burgers en de lokale instellingen Dit zal op verschillende manieren gebeuren De gemeente Meerssen volgt de kwaliteit van zowel de eigen diensten en producten als van de uitvoerende organisaties Het gaat dan om het toepassen van een continu proces van kwaliteitsverbetering Het formuleren van (kwaliteits-) indicatoren wordt steeds belangrijker De gemeente Meerssen gaat periodiek een kernpeiling uitvoeren De resultaten van de peiling wordt teruggekoppeld naar de inwoners evenals de acties die voortvloeien uit de peiling Conform de wet zal Meerssen jaarlijks de prestaties op het gebied van maatschappelijke ondersteuning betreffende het voorgaande kalenderjaar publiceren Tevens zal Meerssen jaarlijks, conform de wet Wmo, een klanttevredenheidsonderzoek laten uitvoeren en voor 1 juli publiceren Het College van B&W van Meerssen heeft ervoor gekozen om in 2007 mee te doen aan de basisbenchmark gecombineerd met het tevredenheidsonderzoek cliënten Deze benchmark richt zich met name op de invoering en implementatie van de Wmo en vergelijkt de gemeenten onderling hierin Op deze manier knjgen burgers en cliënten inzicht in het beleid van hun gemeente en kunnen de gemeenteraad ter verantwoording roepen Het streven zal zijn deze benchmark verder uit te breiden naar de overige prestatievelden en meer de diepte in te gaan De Inspectie voor de Gezondheidszorg zal ook meer verantwoording vragen aan de gemeente over onder andere het gezondheidsbeleid dat de gemeente Meerssen voert 6 Financiën Bij het vaststellen van de verordening Wmo in december 2006, zijn voor de Wmo de financiële kaders vastgesteld met als insteek budgettaire neutraliteit voor de gemeente Meerssen Reeds bij de start m 2007 bleek deze insteek niet haalbaar en is de gemeente geconfronteerd met tekorten in zowel de uitvoenngs- als invoeringskosten In 2008 wordt de gemeente wederom met substantiële en structurele financiële tegenvallers geconfronteerd De oorzaken hiervoor zijn De overgang van een historische berekening van de rijksbijdrage naar zogenaamde objectieve maatstaven Het niet meer toekennen van een incidentele rijksbijdrage in 2008 Het structureel maken, vanaf 2008, van de extra gemeentelijke donatie in 2007 Het mag duidelijk zijn dat dergelijke tegenvallers in zo'n kort tijdsbestek de exploitatie van de gemeentelijke begroting zwaar onder druk zetten Het is dan ook vanuit dat gegeven dat de ambities binnen de Wmo niet gezocht worden m de sfeer van nieuw beleid, doch nadrukkelijk gericht zijn op houdbaar beleid, samenhang en op een gedegen en verantwoorde uitvoenngsrealisatie De uitvoering van de Wmo is een dynamisch proces met veel financiële onzekerheden De vertaling van de in voorliggend beleidsplan gestelde ambities naar financiële voorwaarden, moet zorgvuldig gebeuren en zal enige tijd in beslag nemen In dit hoofdstuk zullen wij ons daarom beperken tot een onderdeel van de Wmo, namelijk de 'Hulp bij het huishouden' en de subsidieregelingen, temeer daar hier ook de financiële risico's liggen Opgemerkt moet worden dat het bij de overige beleidsonderwerpen voor een belangrijk deel gaat om regulier beleid, dat voorheen viel onder de Welzijnswet en de Wet voorzieningen gehandicapten 6.1 Rijksbudget De beschikbare middelen zijn opgebouwd uit de volgende inkomstenbronnen Algemene middelen vanuit het gemeentefonds Doeluitkeringen van het Rijk met geoormerkte middelen (het Rijk bepaalt waar het geld aan besteed mag worden) Bij het invullen van deze tabel is gebruik gemaakt van de septembercirculaire 200718 en er wordt uitgegaan van het Rijksbudget Bij de hulp bij het huishouden gaat het om netto bedragen dit wil zeggen dat bij het bepalen van de hoogte van Rijksbudget wat betreft hulp bij het huishouden, rekening is gehouden met de eigen bijdragen die de gemeenten gaan ontvangen Tabel 7: Beschikbare Rijksbudget Wmo Beschikbare budgetten op basis informatie juni 2007 Rijksbudget 2007 Rijksbudget 2008 Verschil Hulp bij het huishouden (netto) 1 474 707,- 1 301 316,- -173 391,- Hulp bij het huishouden persoonsgebonden budget (netto) 195 359,- 172 428,- - 22 931 ,- Subsidieregeling DbWmz, CVTM, VTA, CPGGZ 174 584,- 174 584,- Uitvoennq Wmo 86 608,- 86 608,- Totaal 1.844 650,- 1.648.328,- -196 322,- 6.2 Onzekerheden en risico's Er zijn nog een aantal ontwikkelingen waarvan we de uitkomsten nog niet kunnen overzien Dit zijn De werkelijke kosten in 2007 voor uitvoering van de individuele verstrekkingen (open eindfinancienng) De grote toename van de vraag naar hulp bij het huishouden in Meerssen hoe ontwikkelt zich dit verder Een stijging van de vraag naar ondersteunende diensten door demografische ontwikkelingen en extramuralisering (meer zorgbehoevende ouderen, meer mensen met beperkingen en meer mensen met zwaardere problematiek)19 De nieuwe taak van de gemeente en wel het bieden van advies, informatie en clientondersteumng (loketfunctie) De Wmo kent een aantal procesverplichtingen waarvoor de gemeente geen extra middelen ontvangt Zo dient de gemeente verantwoording af te leggen middels een Wmo monitor, waarbij is inbegrepen het houden van klanttevredenheidsonderzoeken, het realiseren van burgerparticipatie en het communiceren met inwoners over burgerzaken De bijdragen van het Rijk voor de uitvoering van nieuwe taken in de verschillende prestatievelden van de Wmo en bovengenoemde procesverplichtingen zijn voor Meerssen, evenals voor de rest van Nederland, te laag om de Wmo-taken naar behoren te kunnen uitvoeren Dure woningaanpassingen komen met ingang van 1 januari 2007 volledig voor rekening van de gemeente Het ministerie van VWS is bezig de huidige verdeelsystematiek van de doeluitkering Maatschappelijke opvang en verslavingszorg te herzien (prestatievelden 7, 8, 9) Via de G27 en VNG wordt een lobby gevoerd naar het Rijk om aandacht te vragen voor dit landelijk tekort aan uitvoenngsmiddelen Zaak is de uitvoeringskosten na 1 januari 2007 nauwgezet te volgen, omdat achteraf door een onafhankelijke derde nog onderzoek gedaan zal worden naar de feitelijke hoogte van de uitvoeringskosten 6.3 Financiële (gevolgen van) beleidskeuzen Dekking voor de structureel hogere kosten wordt vooralsnog gezocht in de vorm van lobby naar het Rijk en het benutten van mogelijke aanbestedingsvoordelen Op dit moment is het nog niet mogelijk een verantwoorde prognose te geven van de kosten / baten 2007 Een probleem is gelegen in het feit dat het door VWS aangestuurde en ingehuurde CAK nog niet in staat is het niveau van de eigen bijdrage te duiden Desalniettemin wordt op dit moment gezocht naar een mogelijke "knop" (beleidskeuze / beleidskeuzen), waaraan te draaien om de uitgaven te verminderen Beleidskeuze Uitbreiding naar alphahulp door meer indicaties af te geven voor hulp bij het huishouden basis in plaats van hulp bij het huishouden plus Dit door het stellen van een scherpe indicatie en daarop afgestemd zorgplan bii de cliënt Uitgangspunt bliifl de imste hulp toekennen Bij deze beleidskeuze wordt uitgegaan dat op dit moment een bepaald percentage zorgvragers ten onrechte hulp bij het huishouden plus ontvangt terwijl er in het verleden (voor 1 januari 2007) een indicatie voor hulp bij het huishouden basis is afgegeven Het gaat hier niet om verandering in de hulpvraag ten gevolge van bijvoorbeeld verslechtering van de situatie van de zorgvrager, waardoor basis hulp niet meer voldoende is bij Concept beleidsplan Wmo 2008 - 2011 Kerngegevens 7 Communicatie Bij de communicatie over de Wmo wordt, net als bij andere thema's, rekening gehouden met de doelgroep, het moment en de doelstelling van de communicatie Deze drie bepalen het communicatiemiddel De doelgroep is grofweg in twee groepen in te delen interne doelgroepen als collega ambtenaren en raadsleden externe doelgroepen als inwoners en professionals Er worden zoveel mogelijk reguliere communicatiemiddelen ingezet Het clusteroverleg en intranet zijn twee voorbeelden wat betreft de interne doelgroepen Voor de externe doelgroepen zijn onder andere de volgende communicatiemiddelen ingezet wijkbezoeken door de wethouders, overleggen (onder andere projectteam Wmo, bilaterale afstemmmgsoverleggen met de zorgaanbieders, overleg met de huisartsen), schriftelijk (onder andere flyer voor professionals, flyer voor de cliënten) en digitaal (intemetpagina) Het ZorgLoket neemt een belangrijke plaats in als communicatiemiddel vanuit het ZorgLoket kunnen inwoners zowel persoonlijk, schriftelijk als digitaal informatie vragen over de Wmo De gemeente Meerssen wil in de communicatie over de Wmo extra aandacht voor het volgende Een belangrijk aandachtspunt bij de communicatie en wat vaak vergeten wordt, is het toepassen van een woordgebruik, dat voor de meeste inwoners begrijpelijk is Dit kan betekenen dat in een zo vroeg mogelijk stadium, beleidsplannen als bijvoorbeeld het Wmo beleidsplan, waarin toch veel vaktermen gebruikt worden, vertaald dienen te worden naar een versie die voor iedereen in Meerssen goed te begrijpen is Bij het voorliggende eerste Wmo beleidsplan is dit niet in een vroeg stadium gelukt Dit is dus een verbeterpunt Vanwege de cliëntenparticipatie zal er periodiek overlegd worden met de vertegenwoordigers van de prestatievelden, namelijk het Wmo - platform In dit overleg worden alle relevante zaken met betrekking tot de Wmo voorgelegd De hierboven genoemde wijkbijeenkomsten met de burgers en buurtnetwerken, ziet de gemeente Meerssen als een belangrijk middel om met alle inwoners of bepaalde doelgroepen, te praten over de Wmo Deze bijeenkomsten kunnen eventueel per kern georganiseerd worden, afhankelijk van het onderwerp Tijdens de consultatie wordt de burger of doelgroep geïnformeerd en geconsulteerd over onderwerpen die te maken hebben met de Wmo Wat vaak vergeten wordt in de communicatie, is een terugkoppeling naar de burger of doelgroep, bijvoorbeeld over de bereikte resultaten of waarom een bepaald verzoek niet gehonoreerd kan worden Ook de communicatie met organisaties (bijvoorbeeld de zorgaanbieders) en professionals (bijvoorbeeld huisartsen), wordt door de gemeente Meerssen als een belangrijk onderdeel gezien in de communicatie over de Wmo Ook zullen er periodieke kempeilingen gehouden worden De schriftelijke kernpeilingen kunnen eventueel aangevuld worden met een gesprek met een afvaardiging van de doelgroep, waar het onderwerp in de peiling over gaat Dit om meer te weten te komen, waarom bepaalde antwoorden worden gegeven Bijlage A bij Concept beleidsplan Wmo 2008 - 2011 Kerngegevens Totaal aantal inwoners 01-01-2007 0-4 jaar 934 5-19 jaar 3 468 20-24 jaar 747 25-29 jaar 752 30-49 jaar 5 704 50-64 jaar 4 598 65 jaar en ouder 3 536 (waarvan 75 jaar en ouder 1420) Buurtnetwerken 6 buurtnetwerken Woningstichting Meerssen Woonpunt Adviesorganen 8 Bijlage B1 - Prestatieveld 1 Wettekst: Het bevorderen van de sociale samenhang en leefbaarheid van dorpen, wijken en buurten. 1 Hoe past dit prestatieveld in Meerssen Dit prestatieveld is in wezen het algemene prestatieveld van de Wmo Alles op het vlak van welzijn in de volle breedte valt onder dit prestatieveld, tenzij er in een van de andere prestatievelden iets specifieks voor wordt georganiseerd Denk daarbij aan onder andere ouderenadviseur, jongerenwerk en de ontmoetings- en bewegingsactiviteiten voor ouderen Maar ook weer niet alles Zo valt het preventieve jeugdbeleid onder prestatieveld 2, wordt informatie en advies in prestatieveld 3 geregeld, doen we aan bijvoorbeeld werving en deskundigheidsbevordering van vrijwilligers en ondersteuning van mantelzorgers in prestatieveld 4 en zorgen we via prestatievelden 5 tot en met 9 dat allerlei kwetsbare groepen een (individueel) vangnet hebben om toch aan de maatschappij deel te kunnen nemen Het bevorderen van sociale samenhang en leefbaarheid raakt andere sectoren als wonen zorg en gezondheidszorg, diversiteitsbeleid, beheer van de openbare ruimte, ruimtelijke ordening, verkeer, veiligheid enzovoort AI deze sectoren gaan we in dit prestatieveld niet beschrijven Waar het nu om gaat is de (maatschappelijke) participatie van alle inwoners van Meerssen en daarvoor zullen we de sociale en culturele infrastructuur en het sociale en culturele klimaat in stand moeten houden en zonodig verder inrichten 2 Hoe staan we ervoor Om te kunnen werken aan de sociale samenhang en leefbaarheid van de vier kernen in de gemeente Meerssen, is inzicht nodig in de sociale samenhang en leefbaarheid van de kernen Op dit moment wordt informatie over de sociale samenhang en leefbaarheid van de kernen met name gehaald uit de bijeenkomsten van de buurtnetwerken per kern en uit de voorbereidingen en realisatie van het uitvoeringsprogramma WWZ Echter sociale samenhang en leefbaarheid zijn alle twee samenhangende en veelomvattende begnppen Wanneer we deze twee begrippen samenvatten, dan gaat het om de woonsituatie, de woonomgeving en het sociale klimaat Men vat het ook wel samen als 'schoon, heel en veilig' Voldoende informatie over de sociale samenhang en leefbaarheid per kern, is van belang bij het bepalen van beleid om de sociale samenhang en de leefbaarheid te bewaken en daar waar nodig te verbeteren OntwikkelingenIn de "Hoofdlijnen Toekomstvisie Gemeente Meerssen, Meerssen mag (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.