Verordening op de heffing en invordering van havengeld 2011 (1e wijziging) Corsaregistratienummer: 10.54358 De Raad van de gemeente Hoorn; gelezen het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders d.d. 16 november 2010; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a van de Gemeentewet; Besluit vast te stellen de: VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN HAVENGELD 2011(VERORDENING HAVENGELD 2011) Artikel 1 Begripsomschrijvingen In deze verordening en de daarop rustende bepalingen wordt, voorzover niet anders bepaald, verstaan onder: vaartuig: een drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt gebezigd dan wel bestemd of geschikt is voor vervoer te water van personen of goederen of voor het dragen of vervoeren van al dan niet met het drijvende lichaam een geheel uitmakende goederen; meetbrief: het document als bedoeld in artikel 782, vierde lid, van het Wetboek van Koophandel juncto het besluit van 24 oktober 1983, Stb.548 (Besluit binnenschependocumenten); schip: een binnenschip of een vissersschip; bedrijfsvaartuig: een schip dat in hoofdzaak voor de uitoefening van een beroep wordt gebruikt en/of bedrijfsmatig wordt geëxploiteerd; varend monument: een vaartuig dat geregistreerd staat onder klasse A en B in het Nationaal Register Varende Monumenten van de Federatie Oud Nederlandse Vaartuigen. aanhorigheden: die zaken die aan de oorspronkelijke staat van het vaartuig zijn verbonden en voorheen geen vast onderdeel van het schip uitmaakten; termijn: een in de tabel genoemd tijdvak waarin het gebruik als bedoeld in artikel 2 plaatsvindt: dag: een aaneengesloten tijdvak van 24 uur; maand: een kalendermaand; jaar: een kalenderjaar. Artikel 2 Belastbaar feit Onder de naam "havengeld" worden rechten geheven ter zake van het gebruik overeenkomstig de bestemming van voor de openbare dienst bestemde gemeentewateren of van andere voor de openbare dienst bestemde werken of inrichtingen, die in beheer of onderhoud zijn bij de gemeente. Artikel 3 Belastingplicht Belastingplichtig is de schipper, de reder, de eigenaar van het vaartuig, degene, die het schip heeft gecharterd of degene die als vertegenwoordiger van één van dezen optreedt. Artikel 4 Vrijstellingen Geen havengeld wordt geheven voor: vaartuigen van het rijk, de provincie Noord Holland, waterschappen en de gemeente; vaartuigen, die in opdracht van de gemeente worden gebruikt voor werkzaamheden ten behoeve van de in artikel 2 bedoelde wateren, werken en inrichtingen; open roeiboten en kano's; woonschepen als bedoeld in de Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting; reddingsvaartuigen; hospitaalschepen, bedoeld in de wet van 30 december 1905, Stb.383; vaartuigen waarvan de lengte niet groter is dan 6 strekkende meters; vaartuigen die, ten gevolge van storm, ijsgang of andere weersomstandigheden, e.e.a. ter beoordeling van de havenmeester, gedwongen zijn gebruik te maken of te blijven maken van de openbare gemeentelijke wateren, gedurende het tijdvak van dat gebruik; bedrijfsvaartuigen die, zonder te lossen of te laden, gebruik maken van de openbare gemeentelijke wateren ter verkrijging van geneeskundige behandeling voor zich aan boord bevindende zieken, mits het gebruik niet langer duurt dan voor het e.e.a. noodzakelijk is en de duur van één maand per jaar niet te boven gaat; opleidingsvaartuigen voor zee- en binnenvaart voor zolang zij voor dit doel gebruikt worden; vaartuigen welke niet laden of lossen en gebruik van de haven maken tussen 10.00 uur en 16.00 uur. Artikel 5 Maatstaf van heffing Grondslag voor de berekening van het havengeld wordt bepaald aan de hand van de lengte inclusief aanhorigheden van het vaartuig, uitgedrukt in meters; zoals deze blijken uit de meetbrief of ambtshalve worden vastgesteld. Excl. BTW Incl. BTW 1 Het havengeld bedraagt voor vaartuigen, niet zijnde vrachtschepen, met een vaste ligplaats, per meter lengte per jaar € 81,34 € 96,80 2.1 Het havengeld bedraagt voor vaartuigen, niet zijnde bedrijfsvaartuigen, zonder vaste ligplaats, per meter lengte per dag € 0,88 € 1,05 2.2 Het havengeld bedraagt voor bedrijfsvaartuigen, zonder vaste ligplaats, per meter lengte per dag € 1,08 € 1,30 3 Het havengeld bedraagt voor vaartuigen, zonder vaste ligplaats, bij abonnement in de maanden oktober tot en met april: per meter lengte per maand € 4,73 € 5,65 4 Het havengeld voor meerrompschepen bedraagt anderhalf maal het nder 3 aangegeven tarief. 5 Het havengeld bedraagt voor een varend monument de helft van het tarief zoals bepaald in 1 tot en met
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.